Don Q, de rum van Puerto Rico.

 foto: piña colada met Don Q.

Don Q, de rum van Puerto Rico, de enige echte rum voor de befaamde piña colada cocktail. Niet het bekende rum merk B uit San Juan is puur Puertoricaans (komt van Cuba), maar de rum van familie Serrallés uit Ponce, die al ruim 150 jaar rum maken op dit eiland. Roberto Serrallés, zesde generatie was speciaal naar Nederland gekomen voor de introductie van Don Q en om over zijn ideeën over duurzaamheid te vertellen. Serrallés verruilde zo’n twaalf jaar geleden Seattle, waar hij milieuwetenschapper was, voor zijn geboorte-eiland. Hij ging aan de slag in de stokerij van zijn ouders en grootouders.

Sinds 1861 maakt de familie Serrallés rum van suikerriet. Zij teelden dat riet tot aan de jaren 80 van de vorige eeuw zelf. Heden ten dage importeren zij suikerriet melasse voor hun product, overigens een onderwerp, waar Roberto hard aan werkt. Want de melasse moet van de beste kwaliteit zijn. Het water voor de fermentatie wordt betrokken uit een eigen bron.

 foto: een stukje geschiedenis.

De naam van de rum Don Q verwijst naar de held van Spaanse schrijver Cervantes, de onverzettelijke Don Quijote de la Mancha. De streek waar ook de familie Serrallés haar roots heeft liggen. Quijote symboleert voor de familie de standvastigheid van hun product en Puerto Rico als laatste bolwerk in het Spaanse Rijk. Tot zover de geschiedenis.

 foto: lunch van Instock.  

De rum wordt gemaakt van suikerriet en vijf maal gedestilleerd. Daarna begint het rijpingsproces op verschillende houten vaten. Daardoor krijgt elke rum van deze stokerij zijn eigen boeket en kleur. Roberto Serrallés liet ons verschillende blends en soleras proeven tijdens een lunch Bij restaurant Instock in de Czaar Peterstraat serveerden ze op basis van hun #nowaste principe een lunch van paprikasoep met rijstpapier, vis met diverse groentebereidingen en een croissant met homemade ijs. Allemaal hergebruikte producten, die anders in de afvalcontainers van de blauwe grootgrutter waren beland. Dit sloot prachtig aan bij het streven van Roberto Serrallés om ook van zijn rumproductie een gesloten keten te maken. Het restwater van de fermentatie is zeer vervuilend en slecht voor de flora en fauna van  de Caraibische Zee. Don Q investeerde in een grote waterzuiveringsinstallatie, zonnepanelen voor stroom en om de bodegas te koelen, zodat er minder rum verloren gaat (zo’n 30% vervliegt). Daarnaast gebruikt Don Q de biogas, dat vrijkomt, om de alambics te stoken. De sky is the limit. Wie weet gaat Serrallés ooit nog weer riet telen, om zo import en vrachtbewegingen te minimaliseren. Wat een project!  Ik begrijp wel dat deze destillateur in 2014 een milieu award voor zijn groene maatregelen kreeg.

 foto: ron puro.

Don Q kent vele varianten, de cristál, een ron blanco, gold 1½ tot 5 jaar gerijpt, rums met smaakjes en de Gran Añejo, een solera van 9 tot 12 jaar oud. De Gran Añejo drink je puur, slokje voor slokje. Van de laatste rum gaf  Roberto Gereons Keuken Thuis een met -happy birthday- gesigneerde fles cadeau. ¡Gracias! Het was een bijzondere middag.

 foto: Don Q gran añejo.

 
Noot: In Nederland wordt Don Q rum gedistribueerd door De Kuyper

De Franse wereldkeuken.

 foto: cover Franse wereldkeuken.

De Franse wereldkeuken, van de Provence tot Pondicherry. Als een echte Jules Verne maakte schrijfster Tessa Kiros een reis door de perfecte zeshoek en haar overzeese gebiedsdelen. Want overal waar de Fransen neerstreken lieten ze een stukje gastronomie achter, dat later werd aangevuld door de lokale bevolking met eigen trouvailles. De reis van Kiros start in de Provence, van waar vele schepen naar de Oriënt voeren om met de mooiste specerijen en kleurrijke stoffen terug te komen. Nog steeds te zien in de mooie, door Lodewijk XIV verboden, Provençaalse patronen, die zijn gebaseerd op Indiase stoffen. De Provence, voor Kiros om de hoek, betekent voor haar bouillabaisse, socca en vele andere gerechten, die perfect bij elkaar passen. Je zou ze geblinddoekt kunnen uitkiezen. Kruiden als basis, rozemarijn, die je gewoon langs de weg plukt. De geuren en kleuren van deze zonnige streek. Pistou, pan bagnat, tapenade, aioli en tot slot daubes. Op deze zonnige ochtend in mei krijg ik instant zin in dit soort eten.

Maar we moeten verder naar het eiland Guadeloupe, West Indië, een eiland vol suiker, rum, bananen en bloemen. Eén van de subtropische departementen in de Caraïbische Zee. Fruit in overvloed, waar veel mee wordt gekookt, zoals acras de morue, beignets van kabeljauw een echte delicatesse. Langoesten geflambeerd, in hoe kan het ook anders, rum. Kiros leerde van madame Clotilde een visbouillon maken. De basis van het eten op Guadeloupe. Creools eten dus op dit zonovergoten eiland. Rataouille créole, een gerecht net als de eilandbewoners, vol geur en kleur.

We maken een tijdreis en belanden in Vietnam, Indochina. Een kolonie vol rijst, koffie, thee, vissaus, peper en tropische vruchten. De Fransen legden in dit land plantages aan, mijnen en lieten een bepaalde stijl achter. Deze stijl is terug te zien in de gerechten. Het geeft een zekere elegantie aan de Vietnamese cuisine. Zoals geroosterde gemarineerde kwartel. Nems, de Vietnamese loempia´s, Bo sot vang, rundvlees in rode wijn gegaard of kippenleverpaté, in dit land geserveerd met daikon. En vooral niet te missen, in Vietnam weten ze alles van baguettes en hoe deze te vullen.

Volgende halte in de Franse wereldkeuken is Pondicherry, zuidoost India, een havenstad waar je de intensiteit van dit land met al je zintuigen ervaart. In een schaakbord patroon ontworpen in de 18e eeuw. Verdeeld in een Frans en een Tamil deel. Nu een hectische Indiase stad vol geur en kleur. Van sari´s en eten. Vadavam, wij kennen het als vadouvan, de bekende smaakmaker in de gerechten uit Pondicherry. Raita met een Franse twist, mosselen met masala, spinaziecurry of aardappel dosa.

We steken de Indische Oceaan over naar vanille eiland Bourbon, dat na de revolutie Réunion werd gedoopt. Een vulkaan, een melting pot, bevolkt door Indiërs, Fransen, Arabieren en Chinezen. Bekend geworden doordat de Fransen hier de door hen in Mexico ontdekte en fel begeerde vanille cultiveerden. Wat zou Franse patisserie zijn zonder. De keuken van Réunion is ook een smeltkroes van samosa´s, zoet chilisaus, tamarinde chutney en vele bonengerechten. Of wat te denken van aardappelpuree met vanille. Laten we zeggen dat alles kan op dit eiland.

We varen om de Kaap terug naar Frankrijk en belanden in Normandië, thuishaven van vele Franse zeevaarders. Zij vertrokken vanuit hier naar Lousiana, Canada en Saint Pierre en Miquelon. Dit laatste departement had Tessa Kiros nog best toe mogen voegen, net als Tahiti. Dan was de wereldreis echt compleet geweest. Wie weet moet ze er nog eens naar toe? Enfin, de Franse wereldkeuken eindigt hier in het groene land aan het Kanaal. Land van koeien met bril, cider van appels en alles wat de zee geeft. Een vrolijke en rijke keuken. Gebakken Jakobsschelpen, tong van Dieppe en de poulet Vallée d’Auge, met veel room natuurlijk.

Hier eindigt de reis langs Franse gerechten, overal ter wereld gemaakt met bijzondere lokale producten. Tessa verzamelde voor de Franse wereldkeuken recepten uit alle hoeken en gaten en geeft deze een touch, die we kennen uit haar eerdere boeken. Prachtig gefotografeerd en voorzien van achtergronden. Je krijgt instant zin om op pad te gaan. Bijvoorbeeld naar Normandië of laat ik beginnen in Parijs, waar al deze smaken ook zijn te beleven.

De Franse wereldkeuken, Tessa Kiros (ISBN 9789089897282) is een uitgave van Terra en is on- en offline te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Vélochef van Henrik Orre.

 foto: cover Vélochef.

Vélochef, krachtvoer voor trainingen en wedstrijden. Het verhaal van Henrik Orre, zijn ode aan de wielersport en eten. Want dat loopt als een rode draad door het leven van deze kok. Fietsen is een gezonde bezigheid (zwemmen en lopen trouwens ook), een mooie vorm van bewegen, maar vergt ook de nodige energie. Met name profwielrenners zijn voor hun prestaties afhankelijk van goed gedoseerd en energierijk voedsel. De basis van de samenwerking van Henrik met Nigel Mitchell, hoofd voeding van de Britse wielerunie en het team Sky. Je prestatie begint op je bord schrijft de laatste in zijn voorwoord op Vélochef.

Klaar voor de start. Vélochef begint met het verhaal van de Noor Orre, afkomstig uit Tønsberg in Zuid Noorwegen. Vader Orre fietste op Olympisch niveau en broer Orre werd nationaal kampioen. Henrik Orre groeide op in een wielrennersgezin, echter geen gastronomisch. Dat kwam later. Hij ging naar de koksschool, werkte bij de lokale golfclub als kok. Maar zijn ambities reikten verder. Tønsberg werd te klein en hij belandde in een restaurantkeuken met razendsnelle doorlooptijden en waanzinnig creatieve kookkunst. De kiem was gelegd en in 2002 verhuisde Henrik naar Stockholm, waar hij uiteindelijk zou blijven. Tussentijds werd hij verkozen tot culinair talent, dat Noorwegen vertegenwoordigde in de Culinary World Cup. De groei ging door, Orre kookte twee Michelinsterren bij elkaar in Stockholm, een droombaan! In 2011 startte hij een eigen bedrijf Kocken Henrik en één van zijn eerste opdrachten was koken voor het Noorse wielerteam tijdens de WK. Een nieuwe carrière was geboren en tot op heden kookt en bedenkt Henrik gerechten voor wielrenners. Vandaar dit boek.

Vélochef start met een hoofdstuk belangrijke ingrediënten, Altijd goed om in huis te hebben. Henrik Orre vermijdt zoveel mogelijk witte suikers en witte bloem en gaat voor minder geraffineerde varianten vol vezels.

PréVelo, het ontbijt van de koersdag is voor veel wielrenners en sporters de belangrijkste maaltijd. Veel beroepswielrenners nemen deze maaltijd heel serieus. Hoeveel je eet hangt ervan af hoe lang en hard je gaat trainen. Als je rustig gaat sporten of wat fietsen heb je genoeg aan wat pap, maar een wedstrijddag vraagt om meer. Dat is precies wat Henrik mij antwoordde op mijn vraag op Facebook of zijn recepten ook voor huis-, tuin- en keukensporters geschikt zijn? Het antwoord was een volmondig JA! En de interesse was gewekt in Gereons Keuken Thuis. Maagvriendelijke muesli als ontbijt, scones van roggebloem en hazelnoten, een bron van eiwit, vezels en koolhydraten of ontbijten met een broccolisalade met bruine rijst. Ik was een beetje door mijn gezonde ontbijtrepertoire heen, maar dit opent nieuwe perspectieven.

Via een intermezzo over een fietsframe bouwer, Passoni, gaat Vélochef verder met Vélo, gerechten, drankjes en snacks voor onderweg. Henrik stelde zich tot doel goede en goedkope snacks te maken. Wars als hij is van hysterisch gedoe over sportgels en energierepen. Onzin! Een lichte doch stevige snack is prima als je gaat sporten. In dit hoofdstuk dus praktische zaken, makkelijk mee te nemen. Homemade mueslirepen, stevige rijstrepen, boekweitwafels, ananassap of een sandwich met omelet. Bij de laatste een tip om de korsten eraf te snijden, omdat kauwen lastig kan zijn bij een verhoogde hartslag.

Na een portret van één van de Sky renners en zijn voedingspatroon en een kijkje in de werkdag van Orre belanden we bij Après Vélo, dinnertime, nieuwe reserves opdoen. Een lekkere stevige maaltijd als beloning, snel klaar en met het oog op uitrusten. Mosselen in bier, stevig groentesap, geglaceerde varkensnek of kip in tomatensaus met knolselderij en mango. Vrolijke en makkelijke gerechten, zout en zoet door elkaar, zodat je eindeloos kunt combineren. Zo is de finish bereikt!

Ik vind Vélochef een inspirerend boek. Niet omdat ik zo een geweldige topsporter of fanaat ben, maar omdat de schrijver laat zien hoe makkelijk je gezond kunt eten. Iets waar ik de laatste tijd meer oog voor krijg. Ideeën voor een gezond ontbijt, een lekkere snack na mijn matineuze zwemsessie en gebalanceerd eten. Daarnaast geeft Orre een kijkje in zijn dagelijkse routine en dat van topsporters. Storytelling met foto’s van Patrik Engström, fotograaf en tevens wielerfanaat. Vélochef steekt met kop en schouders uit boven alle andere “gezondheids” boeken van de laatste tijd. Nergens gepreek noch een drammerige toon over gezond. Zo hoort het. Gereons Keuken Thuis gaat ermee aan de slag.

 

Vélochef, Henrik Orre (ISBN 9789038803982) is een uitgave van Nijgh & van Ditmar en is te koop in de (online) boekhandel voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Seafood Boil met langoustine.

 foto: on top of the Seafood Boil

Seafood Boil met langoustines. De Z van zee, zilt en zalig zat in het programma verankerd van Gereons Keuken en Route. Daags na mijn bezoek aan de visafslag van IJmuiden, was ik te gast in de kas van boerderij Langerlust aan de Gaasperplas, waar het Nederlands Visbureau de aanwezigen trakteerde op een echte Seafood Boil. Gemaakt van het oer Nederlandse product, de langoustine, die zo’n dertig kilometer boven de Waddeneilanden wordt gevangen. Visserman Dirk Kraak vist samen met zijn broers en zwager op twee eurokotters van 24 meter naar deze zeemieren, zoals hij ze noemt. En met succes! Dirk nam een dagje vrij van de kotter en vertelde ons alles over de langoustine. De visserij op duurzame wijze, met minder brandstofverbruik en minder bijvangst. Inmiddels mogen de Noordzeevissers zo’n 44% meer langoustines vangen. De populatie groeit nog steeds. Naast langoustines vist Dirk Kraak ook op garnalen, schol, kabeljauw, tong en tarbot. Direct na de vangst gaan de langoustines in een bubbelbad. Hierdoor verdwijnt een enzym uit hun darmkanaal dat de langoustine zwart kleurt en blijven ze mooi oranjeroze en appetijtelijk uitzien.

 foto: voor en na het bereiden.

Langoustines of Noorse kreeften zijn kleine zeekreeften, geen garnalen, die met hun witte buikje zo’n 20 cm groot kunnen worden. Hun oranje kleur verkrijgen ze niet door koken, wat bij garnalen en andere kreeftsoorten wel het geval is. Ze zijn herkenbaar aan hun lange en smalle scharen. De langoustine bevindt zich steeds vaker in de wateren voor de Nederlandse kust. Het beestje leeft van dode vis. Een echte opruimer dus. In 25 jaar is de langoustine sector behoorlijk gegroeid. Totaal wordt er in de EU 20.000 ton gevangen, waarvan de Nederlandse visserij zo’n 1500 ton vangt. Hiervan verdwijnt 95 procent naar het buitenland, met name naar Frankrijk en Spanje. In Nederland vindt de consumptie vooral plaats in de horeca. Wij zien het nog steeds als luxeproduct. Ondanks dat langoustines helemaal niet duur hoeven te zijn, zo voegt Kraak er aan meteen aan toe. Maar onbekend etc…..! Pellen, zo demonstreerde hij is ook een fluitje van een cent. De langoustine kan koud en warm worden gepeld. Draai het koppie eraf,  daarna de staart ( met als effect, dat je ook het darmkanaaltje wegneemt) en gebruik beide duimen, om het pantser te verwijderen. Let hierbij wel op de haakjes. Wat je overhoudt is licht zoetig kreeftenvlees. Waarom Nederlanders dan nog steeds gaan voor die gekweekte tijgergarnaal is mij een raadsel.

 foto: de crémants uit de Elzas.

Naast aandacht voor de langoustine was er deze middag ook aandacht voor alle mooie wijnen en diverse smaken uit de Elzas. Joke van den Bogert van de Utrechtse vestiging van Henri Bloem presenteerde een range aan pinot gris, pinot blanc, riesling en tenslotte gewürztraminer voor bij de Seafood Boil. Allemaal cépagewijnen. De Elzasser AOP’s zijn de enige in Frankrijk, die hun naam aan de druif ontlenen. Een ontdekking aan smaken. Een pinot blanc uit het warme jaar 2015, een lichtzure Riesling uit 2014 en een blend van pinots met de welluidende naam points cardineaux. (een anagram van pinots met zijn kardinale kenmerken)

 

filmpje: Seafood Boil met langoustines

Al dat gepraat over eten maakt hongerig en de koks van The Colour Kitchen gingen aan de slag met een heuse Seafood Boil. Een smakelijk traditie uit de zuidelijke staten rond de Golf van Mexico. Van de Carolina’s tot Louisiana. Een grote cooking pot vol vers gevangen vis, schaaldieren, mais, aardappels, clams, schelpen en nog veel maar. Een feestmaal, dat je in de zomer makkelijk buiten kunt doen. Ook met langoustines. Met een grote pan op een brander. Een nieuwe liefhebberij lonkte, want het #alfresco seizoen is inmiddels gestart op mijn Amsterdamse balkon. En het mooie is dat a.s. juli de langoustine de ster van de maand is bij het Nederlands Visbureau. Zomerser kan het haast niet. Behalve deze Seafood Boil maak je met langoustines ook andere smakelijke gerechten. Rooster ze in de oven met kruidenolie of misschien wel rauw à la René Redzepi.

Recept Seafood Boil 

Nodig:

250 g langoustines p.p.

10 kokkels of Venusschelpen per p.p.

1 krabbenpoot p.p.

3 à 4 aardappels p.p.

2 mini maiskolfjes p.p.

1 rode ui p.p.

1/2 citroen p.p.

4 Jalapeño pepers

1 tl cayennepeper

1 tl tijm

1 tl paprikapoeder of pimentón de  la Vera

2 tl zout

1 tl oregano

laurierblad

zeekraal

Additioneel zou je nog chorizo, paprika, selderij kunnen toevoegen. Het is een easy zomergerecht. Anything goes!

Bereiding:

Mix alle kruiden. Voeg de gehalveerde vastkokende aardappels, uien en gehalveerde citroenen toe aan de grote diepe pan. Vul de pan met water totdat alles onderstaat. Voeg de kruidenmix toe, breng aan de kook en laat 20 minuten garen. Voeg de maiskolfjes en Jalapeños toe en kook deze 5 minuten mee. Voeg de langoustines, kokkels, krabbenpoten en chorizo toe. Laat enkele minuten koken, want het zeebanket is zo gaar. Serveer de Seafood Boil direct op het midden van de tafel met garnering van zeekraal en citroenen. De bedoeling is dat iedereen met zijn handen pakt, wat van zijn of haar gading is. Geef er brood en kruidenboter bij. (ook lekker bij de aardappel) Enjoy!

 foto: aan tafel! © Nederlands Visbureau.

Zeelust, van Texel tot Zeeland.

 foto: cover Zeelust.

Zeelust van Texel tot Zeeland. Maandag 1 mei bij het krieken van de dag vertrok ik vanuit Gereons SeaSpot naar de Halkade in IJmuiden, voor een rondleiding over de grootste visafslag van het land en de boekpresentatie van Zeelust, de nieuwe culinaire kustgids geschreven door Cijn Prins en Jonah Freud. De dames, moeder en dochter, schreven al eerder een culinaire gids over de stad, maar nu was het tijd voor iets geheel anders. Tweeënhalve week op pad van eiland Texel totaan Cadzand, op ontdekkingstocht langs de Noordzeekust. Precies wat Gereons Keuken en Route ook had gedaan vanuit SeaSpot de week voor deze presentatie. Hoe leuk is dat, het verkennen op culigebied van onze kust? Ik als ervaringsdeskundige kan het alleen maar beamen. Dus verzamelden alle aanwezigen zich in het nieuwe etablissement van René Pluijm, Base Cooking Store voor een matineus visafslag bezoek en een ontbijt verzorgd door René, bakker Oscar en kaasdiva Betty Koster. (allemaal adressen uit deze gids)

Want wat heeft de kust veel te beiden aan de reiziger. Zoals gezegd is Zeelust een reisgids, niet compleet, maar wel een mooie culinaire tocht met dito adressen, voorzien van uitleg en allerlei categorieën. De dames starten in of moet ik zeggen op Texel, met biologisch restaurant de Luwte, Texels Bier en Jef natuurlijk. Het is heerlijk vertoeven op dit veelzijdige eiland. En is het nu Texel, Teksel of Tessel? De dames zochten het uit. Via marinestad Den Helder eindigt deze eerste etappe in Callantsoog.We zakken verder af van Sint Maartenszee, via de tegenwoordig Hondsbossche Duinen naar Castricum, met wederom leuke adressen om te bezoeken als je er verblijft of passeert.

Zeelust belandt in de IJmond, van Wijk aan Zee, via de vissershaven van IJmuiden naar Zandvoort. Met adressen als Imko’s Puur aan Zee, Timboektoe, een strandtent in volkomen surrealistische omgeving aan de Noordpier, de Halkade in IJmuiden met steeds meer culinaire adressen naast de bekende vishandels en tenslotte Zandvoort.

foto’s: visafslag IJmuiden na de handel.

Noordwijk met Huis ter Duin en chocopaleis van Wely, Katwijk voor vis. We belanden in Scheveningen, waar de pier is verbouwd tot foodhall en het goed toeven is in de haven met zijn vele visrestaurants. En wat is vlaggetjesdag? Hoek van Holland, ook zo’n aparte badplaats of moet ik zeggen haven met leuke tips van Jonah en Cijn.

Zeelust verlaat de beide Hollanden voor de laatste twee etappes door Zeeland. Via Stellendam naar Neeltje Jans. Op bezoek in de wijngaarden van Dreischor, bier van de Gekroonde Suikerbiet en smullen bij de Oosterscheldedam, Proef Zeeland, vol vis, oesters en kreeft. De laatste etappe brengt ons van Veere naar Cadzand. Oesters in Yerseke, de mooi gelegen stad Vlissingen, strandtent Westkaap en als eindpunt Pure C in Cadzand.

Wat een heerlijke tocht hebben Jonah Freud en Cijn Prins gemaakt, vol ontdekkingen met in de hoofdrol natuurlijk vis, maar ook ander culinaire belevenissen. Zeelust, van Texel tot Zeeland, is een boek om bij de hand te houden als je een tocht maakt langs de Noordzee. De zomer staat voor de deur. Het krijgt in Gereons SeaSpot in ieder geval een prominent plekje.

Zeelust, van Texel tot Zeeland, Cijn Prins en Jonah Freud (ISBN 9789059567351) is een uitgave van Fontaine en is te koop, ook in de kookboekenwinkel van Jonah zelf, voor € 18,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

In de pan van de Middeleeuwen, het Hanze kookboek.

 foto: cover Hanze kookboek.

In de pan van de Middeleeuwen. Nee dit is geen tikfout. Het Hanze kookboek dat hier in Gereons Keuken Thuis ligt gaat over een kijkje in de pannen en keukens van de Hanzesteden. Karen Groeneveld verzamelde allerlei recepten, die in de gloriedagen van dit handelsverbond, werden gekookt en gegeten. Onder andere van culinaire historici als Ria Jansen-Sieben, Marleen van der Molen-Willebrands en Christianne Muusers, waarvan ik onlangs Het verleden op je bord recenseerde.

Maar nu over het Hanzeverbond, opgericht door handelaars en handelssteden om samen te werken, bescherming te vinden, in- en verkopen en de handel te ontwikkelen. De Hanze was vanaf halverwege de 12e eeuw tot aan de helft van de 17e eeuw een geducht handelsblok in het Heilige Roomse Rijk van de Duitse Natie. (want dat was een voorwaarde voor deelname) De grootste en bekendste Hanzesteden waren naast Lübeck, de hoofdplaats waar het begon, Rostock, Kiel, Bremen en Hamburg. Dit is bijvoorbeeld de reden, dat auto’s uit Hamburg nog steeds HH op het kenteken hebben staan, voor Hansestadt Hamburg.

In Nederland liggen de bekendste Hanzesteden langs de IJssel en aan de Zuiderzee. Van Kampen tot Harderwijk en van Zwolle tot Doesburg, elk met zijn specifieke handelsproducten en gerechten. De keuken van de Hanze is er eentje van de late Middeleeuwen en vroege Renaissance. In het boekje wordt uitgelegd welke methoden men gebruikte bij het koken, welke smaken er waren en of men tafelmanieren had? Jazeker, de laatstgenoemde waren er al.

Hoofdstuk 1 gaat over ketelkost. De meeste huizen hadden open vuur met een ketel erboven om soep te maken of te stoven, zoals gortenstoof en Swolse runderstoof met wijn en kruiden uit Italië. Of wat te denken van Harderwijker hutsepot, een voorloper van onze boerenkoolstamppot. Aardappels deden pas hun intrede in de 18e eeuw.

Als intermezzo wordt tussen de hoofdstukken gekozen voor stadsverhalen en beschrijvingen van de huidige Hanzesteden en wat er is te zien, over Zutphen, Hattem, Doesburg enzovoort. Leuk om dit boekje eens mee te nemen als je een tocht gaat maken langs al deze mooie plaatsen. In de pan van de Middeleeuwen gaat verder met vlees. Dit was vooral populair bij de adel en gegoede burgerij. In de Middeleeuwen werd vlees vooral gekookt, want roosteren was duur, het kostte veel brandstof. Bij tijd en wijle konden alleen rijke handelaren zich dit veroorloven. Orgaanvlees werd veel gegeten, alhoewel er nog maar weinig recepten van over zijn, zoals bijvoorbeeld de kippenlevers op zijn Arabisch. En vlees kan niet zonder mosterd, de Doesburgse wel te verstaan. Mosterd was een belangrijk condiment. En wildzwijn ging er ook wel in, in een mooie rode wijnsaus.

Pasteien, een mooie manier van restverwerking. Je kon ze met alles vullen en dan in de nog hete oven van de bakker afbakken. Ideaal voor tijdens lange reizen, want dat deden de Hanze- handelaren veel. Er waren zelfs speciale pannen op pootjes voor. De vastentijd speelde een belangrijke rol in het dagelijks leven. Met allerlei spijsregels en even zovele dagen. Een voorbeeld van een vastengerecht is Kamper steur, waaraan een mooie legende is verbonden. En stokvis uit het hoge Noorden. Brood was belangrijk volksvoedsel, net als tarwebrij. Naast graan werd er ook veel boekweitmeel gebruikt voor pannenkoeken. Brood werd vaak gemaakt met biergist, iets wat ik onlangs nog zag in de TV serie Brood van Robèrt van Beckhoven, die in een aflevering Vikingenbrood bakte. Het boekje besluit met zoete spijs en zeg nu zelf wie kent niet de befaamde Deventer koek?

Hanze kookboek, in de pan van de Middeleeuwen is een handzaam lees- kook en reisboekje, dat je in kort bestek laat kennismaken met de specialiteiten van de IJssel- en  Zuiderzeesteden. Recepten vertaald naar onze tijd om je eens echt de Hanzetijd te laten beleven. Dat zouden meer plaatsen in Nederland moeten doen, zodat we meer en meer kunnen genieten van ons eigen “terroir“. Daar houdt Gereons Keuken Thuis namelijk van.

In de pan van de Middeleeuwen, Karen Groeneveld en anderen (ISBN 9789082347555) is een uitgave van Het Zwarte Schaap, Hanzesteden Marketing en SmaakRoutes en is te koop in de boekhandel of online voor € 9,95.

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Souq, tafels vol mezze.

 foto: cover Souq, tafels vol mezze.

Souq, tafels vol mezze. Stel je voor een zondagmiddag in een klein stadje in de Bekaavallei in Libanon. Streek van het goede leven en de fonkelrode wijnen van Chateau Musar. En….. mezze! Op deze middag trekken vaders, moeders, grootouders kinderen en andere aanwaaiers erop uit, om zich te laven aan al het moois dat Libanon aan eten biedt. Tafels vol mezze. Het feest kan beginnen. Merijn Tol en Nadia Zerouali zijn al jaren geleden verslaafd geraakt aan de Levantijnse gastvrijheid en gulheid van de typische mezze. Een eetcultuur ontstaan tijdens het Ottomaanse Rijk, te vinden van Griekenland in het westen via Turkije, totaan Syrië en Palestina. Met als centraal middelpunt Libanon. Dit is de geboorteplaats van de mezze. Schenk een glas arak (of raki) in en doe je te goed aan alles wat ter tafel komt. Let op dat je niet te veel van het heerlijke verse brood eet, want er komt nog meer. Voorheen in Arabische christelijke en joodse kringen. Tegenwoordig voor iedereen. Buiten de deur, dat wel. Mezze eet je niet thuis, maar de tientallen koude gerechten worden geserveerd op speciale tafels rond het obligate glas arak. (het doet me denken aan de maaltijden in ouzeria in Griekenland) Merijn en Nadia popelden om dit fenomeen met de lezer te delen. In een nieuw kookboek. Laten we eens kijken wat Souq heeft te bieden.

Het begint met de voorraadkast, een soort souq vol smaken, producten, geuren en kleuren. Van Iraanse specerijen (Ga eens een keer kijken bij de Volkskruidentuin in de Amsterdamse Kinkerstraat), arganolie uit Marokko, Libanese granaatappelmelasse, halloumi, rozenwater tot tamarinde en za’atar , een magisch kruidenmengsel uit het Midden Oosten.

De mezzetafel begint in Souq met dranken. Merijn vindt de Libanese arak niet te evenaren en een uitstekende basis voor allerlei drankjes. Maar niet alleen dit anijs-destillaat kan worden geschonken. Wat te denken van citroengeraniumlimonade, siroop van granaatappelmelasse of zuur kersensap. Pimp je gin eens op met wat Midden Oosterse kruiden. Of, oh la la, geniet van de groene fee, absinthe.

 foto: rakakat en parelcouscous.

Mezzekaarten in restaurants zijn vaak hele encyclopedieën vol gerechten. Er is zoveel te kiezen. Nadia en Merijn starten met de koude mezze. Te beginnen met Libanese hummus, waarover je een flinke boom op kunt zetten, want iedereen doet het anders. Eén ding is een must: een keukenmachine met vlijmscherpe messen voor de perfecte consistentie. Klassieke tabouleh van bulgur of aardappelpuree zonder boter, melk en eigeel, maar toch zalvend, volgt. Tussendoor vertellen de dames over hun inspiratiebronnen, reizen en kookboeken. Souq is inmiddels hun zesde boek en ze zijn nog steeds niet uitgekookt. Hun passie voor de rijkdom aan smaken nog lang niet uitgeblust. Kibbeh naye volgt, van geit met munt en seven spice. Of parelcouscous, die werd gemaakt en geserveerd tijdens de kookworkshop ter gelegenheid van de boekpresentatie. Gereons Keuken Thuis kan nog wel even doorgaan, zoveel koude mezze zijn er. Het was leuk te leren, dat dolma’s gevulde groenten zijn en sarma’s de rolletjes zijn, die ik ken als dolma’s (dolmades) gemaakt van wijnbladeren

Warme mezze. Gereons Keuken Thuis ging tijdens de Souq workshop aan de slag met rolletjes van halloumi, feta en peterselie in filodeeg. Gefrituurd. Rakakat, en de k’s in het woord spreek je niet uit. Rah-ah-at wordt het dus. Beetje vettig maar wel een heerlijke mezze. De Armeense gemeenschap heeft veel bijgedragen aan de mezze cultuur, zoals Armeens gevulde wortel. In Beiroet zijn zelfs vermaarde Armeense mezze restaurants te vinden met eigen smaken. Hoezo is de Levant een smeltkroes? Vele heerlijke warme gerechten volgen en dito verhalen, opgetekend door de dames.

Na de mezze volgt de grill, van vlees tot vis, van schaaldieren tot gevogelte. Direct van het vuur of in de winter van de elektrische grillplaat. Improviseren is een must in veel Arabisch-mediterrane landen. Kruidige geitenbout, zo van de barbecue. Het is jammer dat we dat in Nederland niet kennen, maar geitenvlees is heerlijk en een prima gerecht voor de BBQ en wordt steeds hipper. Een knoflook sumak kip, platgeslagen en gegrild. Goed gevulde aubergine zonder vlees of dorade in druivenbladeren. Het wordt een nieuw soort barbecue seizoen dit jaar op mijn Amsterdamse balkon.

We gaan naar het dessert, sluiten af met Arabische koffie met kardemom of witte koffie van rozenwater, een opkikker. (aan de tweede variant hebben in de toekomst gespecialiseerde koffiedik-kijksters weinig denk ik) en zoetigheden, zoals sorbet van zure kersen-olijfolie, een spannende osmalieh met pistachenoten en oranjebloesemsiroop of een rijstdessert met kurkuma, tahina en pijnboompitten. De tafel is compleet. De gasten vol mezze en zoals het gezegde luid: Na de middagmaaltijd is het heerlijk dromen, na het diner heerlijk lopen… Daar sluit ik me bij aan. Souq, tafels vol mezze is een bom van smaak en sfeer.

 foto: #fotomomentje met Nadia en Merijn.

Souq, tafels vol mezze, Merijn Tol en Nadia Zerouali (ISBN 9789059567221) is een uitgave van Fontaine en is in de boekhandel of online te koop voor € 29,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gastreview: De Sjanghai Keuken.

  foto: gastreviewer Natasja Borgman.

Het is weer tijd voor een gastreview van een kookboek. Deze keer geeft Gereons Keuken Thuis het woord aan Natasja Borgman, culi uit Utrecht, die met veel plezier voor mijn blog grasduinde door het boek van Fuchsia Dunlop. De Sanghai Keuken, met recepten uit Zuidoost China. Chinese keukenexpert Dunlop verzamelde recepten uit de water en visrijke streek achter de megalopool Sjanghai, met typische kookmethodes. Een boek vol uitdagingen voor de liefhebber van de Chinese keuken. Natasja Borgman ging deze challenge aan.

Een half jaar geleden had ik nooit gedacht dat ik een review zou schrijven over een Aziatisch kookboek. Het is niet dat ik niet van Aziatisch eten hou, in tegendeel. I love it! Het is alleen veel stappen en veel ingrediënten. Iets waar je echt tijd voor moet maken. November afgelopen jaar, mijn vriend moest voor zaken naar China en kwam met de meest fantastische verhalen thuis over het eten in Shanghai.

Hij was zo onder de indruk van alle smaken en verschillende gerechten die hij daar gegeten had. Dit maakte mij nieuwsgierig. Als foodlover probeerde ik de smaken in te beelden terwijl mijn vriend aan het vertellen was. Maar dat ging toch niet zoals ik gehoopt had.Toen kwam de kans om een review te schrijven over het boek De Shanghai Keuken van Fuchsia Dunlop. Die kans greep ik met beide handen aan. Eindelijk kon ik de authentieke smaken namaken uit de Aziatische keuken.

  foto: cover De Sjanghai Keuken.

Toen ik het boek kreeg begon ik er meteen door te bladeren, ik voelde mij een beetje als een kind in een snoepwinkel, zoveel te lezen, zoveel te zien! Eenmaal thuis gekomen heb ik het boek opengeslagen en ben ik gaan lezen. Het boek begint met een uitleg over de Aziatische keuken en de verschillende gebieden rondom Shanghai. Een mooi en interessant stuk in te lezen, alleen vond ik het moeilijk doorheen te komen door de schrijfstijl. Het boek is vertaald van het Engels naar Nederlands en dat merk ik wel, het leest wat minder makkelijk weg dan ik gehoopt had. Maar dat heeft mij er niet van weerhouden om het boek verder te lezen.

Het boek heeft een duidelijke indeling en alles in in categorieën verdeeld, dit maakt het zoeken een stuk aangenamer en makkelijker. Bij de meeste recepten staat ook een pagina vullende afbeelding waar het water van in je mond loopt, zo heerlijk ziet het eruit!   Bij de meeste gerechten staat ook een kleine omschrijving van het gerecht, waar het vandaan komt en soms ook wat de gedachten achter het gerecht of de naam is.

Persoonlijk hou ik daar altijd wel van, wat is de oorsprong van het gerecht en waarom zijn bepaalde keuzes gemaakt. Eén gerecht is daar een mooi voorbeeld van : groentes uit de lotusvijver. Dit was één van de gerechten die mijn vriend uit Shanghai herkende.Het gerecht zag er smakelijk en aantrekkelijk uit. Terwijl ik aan het lezen was zag ik de gekste ingrediënten voorbijkomen waar ik überhaupt nog nooit van gehoord had. Met een beetje research heb ik kunnen ontdekken wat het was. Dus op naar de toko en inkopen doen.

Ik had nog steeds geen idee hoe het zou smaken en of het überhaupt wel lekker zou zijn. Daarop moest ik dan maar op mijn vriend vertrouwen. Vol goede moed begin ik met het schoonmaken van de verschillende Aziatische groentes en begin aan het gerecht. Er word niet veel aan toegevoegd voor extra smaak, ik durfde tussendoor ook niet te proeven omdat ik geen idee had wat er op me te wachten stond.

Maar wauw, wat een heerlijk gerecht, zo puur, zo simpel maar oh zo lekker. Het bracht mijn vriend even terug naar Shanghai. Dit gerecht en het boek hebben mij overgehaald om vaker Aziatisch te gaan koken. Ook al is het soms veel werk, de gerechten die je daarvoor terugkrijgt zijn overheerlijk! Dit is een kookboek wat bij mij in de keuken veelvoudig gebruikt wordt en dat zal ook voor een lange periode zo blijven. Er staan nog teveel gerechten in het boek die ik graag wil proberen te maken om er vervolgens weer volop van te kunnen genieten.

De Sanghai Keuken, Fuchsia Dunlop (ISBN 9789045208978) is een uitgave van Karakter en is in de boekhandel of online te koop voor € 29,95.

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

 

De Smaak van Sicilië.

 foto: cover Smaak van Sicilië.

De smaak van Sicilië. Wat is dat voor een smaak? Dit grote eiland in het centrum van de Middellandse Zee is een smeltkroes te noemen van invloeden. Het startte met de oude Grieken, gevolgd door de Romeinen, Arabieren deden een duit in het zakje, Noormannen uit Normandië en de Spaanse Bourbons tijdens hun koninkrijk. Dit alles onder het toeziend oog van de machtige vulkaan Etna, die zorgde voor vruchtbare grond. en de altijd vrolijk schijnende zon. Een kleurrijke melting pot van geuren en smaken, van land en uit zee. Met de smaak van al het aanwezige citrus. De antipasti, pasta’s en soepen, de secondi en zoetigheden. Daar weten de Sicilianen wel raad mee. En na haar reis wist Ursula Ferrigno, een populaire Italiaanse kok en schrijfster van het boek, dit ook.  De in Londen wonende Ferrigno dook in het heden en verleden van de Siciliaanse keuken. De Smaak van Sicilië. Laten we eens gaan kijken, wat dat is. Andiamo!

Het boek start met antipasti, zoals gebakken kikkererwten met kruiden. Panelle, dat ik ken als socca of farinata. Lekker om op te knabbelen bij de aperitivo. Kroketjes, gefrituurde courgettebloemen en de emblematische arancini di riso. De snack van het eiland. Ferrigno geeft tips voor een aperitivo, kleine gerechtjes bij je drankje. Dat doen ze graag aan het einde van dag op Sicilië. Erbij spiesjes met asperge, provolone en munt, in Marsala gebakken uien uit de oven of een sinaasappelsalade. Gebruik voor deze laatste eens bloedsinaasappels! De schrijfster neemt ons mee naar de citrustuinen, ooit meegebracht tijdens de Arabische overheersing van het eiland. De Siciliaanse keuken weet er wel raad mee.

Soep en pasta, de eilandbewoners kunnen niet zonder. Een soep van courgetteloof passeert de revue. Alles wordt gebruikt. Het is nu lente, tijd voor een tuinbonensoep. we gaan aan de pasta, met kreeftensaus, van lichtzoet vlees. dat hebben de kreeften uit de wateren rond het eiland. De befaamde rigatoni alla Norma uit Catania, pasta met sardines en pistache pesto i.p.v. de Ligurische gemaakt van basilicum. Wijnen spelen een hoofdrol op het eiland. het is leuk te lezen, dat de schrijfster de moeite neemt om zich in dit product te verdiepen en de lezer mee op sjouw te nemen door de wijngaarden van het eiland. De secondi, van het land en uit de omringende knalblauwe zee. Lamsvlees met kruiden en ansjovissaus en kalfsvlees met artisjokken en tuinbonen. Palermitaanse heek uit de oven of wat te denken van een couscous alla Trapanese. De beroemde visstoof. Het hoofdstuk besluit met een verhaal over de vis en Siciliaanse vissers.

Het dagelijks brood komt aan de orde. Siciliaanse bakkers beheersen de fijne kneepjes van het vak, zoals griesmeelbergbrood met sesamzaad, een calzone met peterselie of minibroodjes met ansjovis. Ze maken er altijd wat mooisvan net als de barokke Paaszoetigheden. Hiermee belanden we direct bij het laatste hoofdstuk de dolci en patisserie van Sicilië. Die is schier eindeloos. Kaneelbroodjes, abrikozen-custardbeignets of chocoladetaart met vijgen en noten. Zoet zoeter zoetst. En laten we vooral de gevulde cannoli (ook te koop in de Foodhallen in Amsterdam West) en klassieke cassata niet vergeten. Die maken het Siciliaanse festa compleet. Een klein watermeloen ijsje toe en dan uitbuiken in de schaduw. #alfresco. Want daarvoor is dit boek van Ursula Ferrigno bij uitstek geschikt. Zomers eten en daarna je laven in zachte sogni (dromen) over dit zoete oord.

De Smaak van Sicilië, Ursula Ferrigno (ISBN 9789492500090) is een uitgave van Edicola Publishing en is te koop voor € 24,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Bakken met haver.

foto: cover Bakken met haver.

Bakken met haver, ik moet zeggen, dat ik er tot voor kort nooit over had nagedacht. Over het bakken niet en al helemaal niet met haver. Dus ging Gereons Keuken Thuis op een zonnige donderdagmiddag op pad naar Amsterdam Noord. Naar boekhandel Van der Plas aan het Buikslotermeerplein. Voor de presentatie van Bakken met haver en om te proeven hoe zoiets uitpakt. Een culinaire ontdekkingsreis. Schrijfster Natascha van der Stelt ontdekte enkele jaren geleden de negatieve invloed van suikers en tarwe op haar welbevinden en gezondheid. Ze schrapte direct deze snelle koolhydraten. Er ontstond direct een probleem voor deze zoetekauw. Wat doe je als je ad fundum een bakadept en snoeperd bent? Dan moet je alternatieven gaan zoeken. Een nieuwe uitdaging was geboren. Wel blijven bakken, maar met andere ingrediënten. Haver was het antwoord voor Natascha. Gewoon uit een zak van de super en aan de slag. Malen met een koffiemolen die vlokken en je hebt meel om mee te bakken! Trial and error werd het. Formules vinden voor klassieke recepten. Het gezin en vrienden van Natascha moesten er ook aan geloven. Zij vormden het kritische proefpanel. Een boek werd geboren, vol haverrecepten. Een persoonlijk relaas en gestimuleerd door TV chef Danny Jansen (hij ontving het eerste exemplaar), ging ze voortvarend aan de slag. En hoe! Het is geen “zwartekousen” boek of  gezondheidsbijbel geworden.

 foto: uitreiking eerste exemplaar.

Het boek start met een korte uitleg over haver, -langzame versus snelle- koolhydraten en gluten. Technische kennis. Hierna gaan we bakken. We starten met koeken en koekjes, zoals chocoladekoekjes en speculaas van haver. Alle hoofdstukken sluiten af met tips en tricks. Je leert tenslotte een nieuwe wijze van bakken. Scones volgen, met kaas en met pompoen. Ook voor smaakmakers koos van der Stelt alternatieven en geeft hierover gedegen uitleg. Muffins in alle vormen en maten. Cake, kruidkoek, gevolgd door taarten. Alles gedocumenteerd en door de schrijfster zelf vastgelegd op de gevoelige plaat. Appel- , wortel- en pompoentaart. Niets is onmogelijk of moet ik zeggen anything goes met haver.

Natascha gaat op de hartige toer met quiches. Persoonlijk vind ik het hartige deel het leukst, omdat ik hierin nog duidelijker de eigenschappen van haver tegenkom. Of ik ben gewoon niet zo’n taartjesman? Pasteien, haverpizza, bastilla, samosa’s met ghee. Je kunt een hele maaltijd aan elkaar breien, ik bedoel bakken. Pannenkoeken en socca van haver met kikkererwtenmeel. Mooie bronnen van vezels. Het boek besluit met varia, waaronder pasteís de nata, een favoriet van mij uit Portugal. Natascha zelf schrijft: “The sky is the limit” Elke dag verzint ze nog nieuwe ideeën voor bakken met haver. Wat een vondst om één ingrediënt te verwerken in zoveel baksels en in dit geslaagde boek. Een aanwinst voor elke bakadept of de dare devil kok.

Voor meer bakken met haver kijk je op de site van Natascha.

Bakken met haver, door Natascha van der Stelt (ISBN 9789402601732) is een uitgave van Aerial Media en is te koop bij boekhandels als Van der Plas voor € 22,50

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten