Mannelijke gastbloggers, Michael recenseert Smokey Goodness 2.

Het is weer tijd voor een mannelijke gastblogger. Vandaag vertelt Michael Neffgen over zijn passie voor BBQ en recenseert Smokey Goodness 2 van Jord Althuizen. Maar laten we starten met Michael zelf en zijn blogactiviteiten.

  foto: Grillfun’s Michael met Jord Althuizen.

Wie is Michael Neffgen?

Voordat ik begin met de review van Smokey Goodness zal ik eerst meer vertellen over wie Grillfun, BBQ recepten voor iedereen, eigenlijk is en waar ik voor sta. Mijn naam is Michael Neffgen, vader van Daemian, Justin en Elodie, getrouwd met Sonali en werkzaam als consultant machineveiligheid. Naast mijn fulltime baan en mijn gezin ben ik sinds anderhalf jaar ook nog eens BBQ-blogger. Ik blog over het bereiden van gerechten, maar ook over het testen van producten. Ik schrijf recensies over bijvoorbeeld kookboeken, restaurants of producten die ik graag gebruik. “Grillfun staat voor plezier in buiten koken met mooie producten”

Het barbecueën gebeurt natuurlijk allemaal buiten in mijn tuin en ik maak gebruik van diverse soorten barbecues, zoals een Weber master touch, offset-smoker, hout gestookte oven (pizzaoven) en boven open vuur in een Dutch Oven.  Online kun je me overal vinden onder de naam Grillfun: op mijn website www.grillfun.nl, op Instagram, Facebook en zelfs op YouTube en Pinterest. Op al deze sociale media betrek ik mijn volgers bij het buiten koken van heerlijke gerechten. Mijn doel is om gerechten te maken die voor iedereen toegankelijk zijn. Alles wordt zelf gemaakt: vleesgerechten, recepten met gevogelte tot aan bijgerechten, sauzen en dry rubs. Je kunt het allemaal vinden op mijn website.

    foto’s: campfire duck uit een Dutch oven.

De review.

Het barbecueboek Smokey Goodness 2, het next level. BBQ boek zegt eigenlijk al direct dat enige voorkennis vereist is van het barbecueën. Het boek is lekker robuust met harde kaft en dat is iets waar ik persoonlijk van houd, omdat het dan ook mooi staat in de boekenkast. De vormgeving is in het tweede deel net zo rauw en stoer als in het eerste deel met mooie foto’s van alle barbecuegerechten en -avonturen, die zijn beleefd tijdens de reizen naar Latijns-Amerika. Je leest direct in het eerste hoofdstuk “Firestarter” waar het boek ons gaat brengen en misschien is wel het belangrijkste dat het boek verder gaat dan alleen het barbecueën zoals we gewend zijn. We gaan de oerkeuken beleven en lekker aan de slag met vuur. Dat klinkt voor mij direct als muziek in de oren, gezien ik dat het allerliefst doe, lekker klooien met vuur.

De volgende hoofdstukken brengen ons bij Latin Lingo, dat gaat over de terminologie die gebruikt wordt in het boek en hoort bij deze manier van barbecueën. Daarnaast de “Want to Haves” en de “Need to Knows” waarin heel kort wordt beschreven wat je nodig hebt en welke technieken of bereidingsmanieren er zijn. Met kort bedoel ik ook echt kort gezien dit al in Smokey Goodness 1 werd behandeld. Persoonlijk vind ik het niet noodzakelijk om de technieken uitgebreid te behandelen, maar als je het boek krijgt als barbecue beginner kan ik me voorstellen dat je soms even Google moet raadplegen. Of koop gewoon het eerste boek. Hierna gaan we gelijk verder met de recepten en wat ik super vindt is dat je ook advies krijgt over de bieren en wijnen die je kunt drinken bij de gerechten. Ik als wijnliefhebber vind dat helemaal top. Bij mijn gerechten op mijn website voeg ik ook altijd een wijnadvies toe, omdat je net dat extraatje geeft aan je lezers. (dat vind ik van Gereons keuken thuis ook heel belangrijk)

 foto: golden ribs.

In het boek vind je ook een mooi reisverslag over de landen en locaties waar Jord Althuizen precies is geweest voor inspiratie. Het leuke is als je nu bijvoorbeeld op vakantie gaat naar Santiago in Chili dat er een aantal leuke restaurants instaan waar je zelf kunt proeven wat Jord heeft ervaren. Daarna gaan we dan echt starten met als eerste wat streetfood recepten zoals de wel bekende “Anticuchos de Corazon” een spiesje met runderharten en groene Peruaanse saus. Orgaanvlees is in Nederland toch wel erg ondergewaardeerd en misschien dat dit soort gerechten helpt om het meer onder de mensen te krijgen. Verder staan er als streetfood een aantal burgers of broodjes die super smaakvol eruit zien en waar ik er zeker een aantal van ga maken zoals de “Smoked Beef Cheek Focaccia”. Na het streetfood gaat het echte werk beginnen en vertrekken we naar Argentinië met weer mooie recepten voor orgaanvlees zoals de kleine darm, zwezerik en nier maar natuurlijk ook rund, varken, gevogelte en vis. De bereiding is echt super gezien je te maken krijgt met diverse stijlen uit de oerkeuken maar natuurlijk ook gewoon voor op de barbecue. Een gerecht wat echt leuk is om eens te maken is de lamsschouder in een ondergrondse oven. Zelf heb ik dit al eens gedaan toen ik op cursus was in Engeland bij Hunter Gather Cook met een hertenpoot. Als afsluiting staan er een aantal desserts in het boek, die je kunt bereiden op de barbecue boven vuur. De “Campfire Cannoli” is erg leuk om te maken in de zomer met de kinderen lekker naast een warm kampvuur.

  foto: zeebaars met citrus, je vreet je vingers erbij op.

Om een goede mening te geven over een kookboek vond ik dat een aantal recepten getest moeten worden. Ik ben aan de slag gegaan met Grilled Steak Arepa’s (blz 69); Smokey’s Golden Ribs (blz 127); Campfire Duck (blz 149) en Grilled Citrus Sea Bass (blz 173).

Voor de afwisseling heb ik me eens precies gehouden aan het recept en moet zeggen dat alle gerechten goed te maken zijn en erg lekker waren. Het top gerecht uit de gerechten die ik gemaakt heb is toch wel de Campfire Duck, lekker met een rustiek brood. Heerlijk spelen met vuur en een Dutch Oven en alles rustig vier uur laten stoven. Het was echt genieten en zeker het proberen waard ook voor een grotere groep mensen. Mijn zoon was helemaal weg van de Grilled Citrus Sea Bass. Deze was verrukkelijk en gewoon te lekker om met mes en vork te eten. Gewoon lekker met je handen eten want dan is het pas genieten en maakt de beleving veel groter.

Wat vind ik nu persoonlijk van Smokey Goodness 2?

Ik kan hier heel kort in zijn het is een top boek dat zeker een perfecte aanvulling is op de collectie van kookboeken die ik al heb. Er staan mooie gerechten in met mooie verhalen die je zeker zullen inspireren. Niet alle ingrediënten zijn even makkelijk te verkrijgen. Dus ga eerst na of je bepaalde ingrediënten moet bestellen. Verder is er wat voorkennis vereist bij het bereiden van gerechten maar dat is helemaal niet erg. Ik kan nu al niet wachten op deel 3, dat in april uitkomt.

  foto: cover Smokey Goodness 2.

Smokey Goodness 2, Jord Althuizen (ISBN 9789021564746) is een uitgave van Kosmos en is te koop voor € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken met Kleur, Joke Boon.

 foto: cover Koken met Kleur.

Het is de eerste zaterdag van de lente! We gaan koken met kleur, tenminste als het aan mijn vriendin en Bonen! diva Joke ligt. Een regenboog, een heus palet, Pantone is er niets bij, aan kleuren en smaken. Dat stond Joke Boon voor ogen toen ze aan haar nieuwe boek begon. Koken met Kleur, 100 recepten aan de hand van een kleurenschema. Want kleurrijke voedselproducten kunnen een grote rol spelen voor je gezondheid. In landen waar mensen heel oud worden vind je in het dieet opmerkelijk veel kleurrijk voedsel. Joke bedoelt  dan niet de kunstmatig roze gekleurde frambozenvla of extra geel gemaakte bananensnoepjes. Nee, koken met kleur gaat over het inzetten van de eigenschappen van de specifieke kleur van ingrediënten, die ieder zo hun eigen hoeveelheid ziektewerende eigenschappen hebben. Voor Joke al jaren een groot aandachtsveld.  Uit haar inleiding blijkt dat ze niet over één nacht ijs is gegaan. Joke Boon vertelde mij eens tijdens een talk&table  lunch over haar werkwijze. Zij zorgt ervoor dat ze altijd extra ingrediënten in huis heeft. Want als zij ’s nachts wakker wordt met een idee voor een gerecht of recept, springt zij uit de echtelijke sponde en gaat aan de slag. Ik zie  helemaal voor me hoe Koken met Kleur beetje bij beetje vorm kreeg.

 foto: een regenboog aan smaken en kleur.

We gaan koken. Het boek is ingedeeld op en dat is heel logisch kleur. Rood, de kleur van de hartstocht, stimuleert de bloedsomloop en je afweersysteem. Eigenschappen, die joke vertaalt in een langzame rode uiensoep met supersnelle kaastoast. Niet vreemd als je weet dat deze schrijfster een tosti-fan is. Of linke soep met duivelse aardbeien. Vrolijk word je ervan. Oranje is een levenskrachtige kleur vol energie, die ook nog zorgt voor onze behoefte aan bètacaroteen. En oranje voedingstoffen zijn goed voor je ogen. Doe Gereons Keuken Thuis maar een beschuitje met papaja-ananasjam of als bijgerecht geroosterde wortel met vadouvan.

Ik maak een stap via geel en groen naar paars en blauw. Paarse voedingsmiddelen suggereren spiritualiteit, mentale kracht en adeldom en bevatten veel vitaminen, vezels en mineralen. Joke Boon verwerkt ze in een auberginesalade met szechuanpeper. En ze geeft een recept voor een cheffy gerecht van Nout Schram, werkzaam bij Jonnie Boer.  Zij ontmoette Nout op Cyprus. Om het zicht te beschermen tegen de zonlichtweerkaatsing op smartphone lieten de twee elkaar hun foto’s van eten zien onder hun badlakens. Een vriendschap was geboren.

Via regenboogeten gaan we naar GOUD, de kleur van verlangen. Joke verwerkt deze kleur in vruchtenreepjes van zoete socca. Roze is een matigende kleur, het gaat agressie tegen. Joke vertelt dat het een mengkleur is, die zij te mooi vond om niet op te nemen in Koken met Kleur. Haar recept voor roze kippensoep, voor mij dan zonder de eiermimosa, vind ik een trouvaille. Via bruin, natuurlijk met veel chocolade, zwart, dat voor Japanners een heilige kleur is belanden we bij WIT, eigenlijk geen kleur, maar o zo geschikt voor prachtige gerechten. En zo zijn we door het hele vrolijke nieuwe boek van bonendiva en nu ook kleurenkook”ster” Joke gestruind. Dwars door de regenboog, waar aan het einde een pot vol goud, ik bedoel gezondheid staat.

Wat ik geweldig vind aan Koken met Kleur zijn het empirisch onderzoek en de verhaallijn. Joke, je weet dat ik daar van houd, geen recept zonder achterliggend verhaal! De indeling in kleuren vind ik een vondst. En tenslotte heb je net als in Bonen! een onderwerp aangeboord, dat je van alpha tot omega doorzet. Heerlijk!

Koken met Kleur, Joke Boon (ISBN 9789046823590) is een uitgave van NwADAM en is liever lokaal te koop voor €24,99

 foto: #momentje met Joke, onze pasatiempo.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Worst maken met Meneer Wateetons.

foto: cover Worstbijbel.

Worst maken met Meneer Wateetons. Al heel wat jaartjes geleden maakte Gereons Keuken Thuis kennis met de kunsten van Joost in Hilversum. Toen nog getooid met baard, als een echte Vinex jager, legde hij in kookwinkel Oldenhof uit hoe je zelf worst maakte. Hij vertelde over vlees, het malen met een ouderwetse vleesmolen, het kneden, het vullen van de darm, het slingeren en knopen en nog veel meer. Het was me allemaal een beetje ontschoten tot de boekpresentatie vorige week donderdag onder de rook van Ransdorp. Daar in idyllisch landelijk Noord ligt de heerlijke stek van Boergondineren, waar Meneer Wateetons regelmatig zijn kunsten con brio vertoont. Want hij weet er alles vanaf, van ambachtelijk met eten en technieken omgaan. Uit zijn boeken blijkt dat Joost nooit over één nacht ijs gaat. Dat deed hij in Over Rook en Over Rot. Hij onderzoekt, probeert uit, kookt, knutselt en onderwijst. Met humor. En hij doet dat nu opnieuw met de Worstbijbel. Eén van de delen uit de serie culinaire bijbels, uitgegeven door Carrera Culinair.

 foto’s:  het malen van het vlees.

Worst maken gingen we dus. Verse worst van varkensvlees met kruiden in een darmpje. Het is zo simpel, mits je de juiste dingen aanschaft. En het is heerlijk om te doen. Mits je niet bang bent om de mouwen op te stropen en vette handen te krijgen. Het aanwezige gezelschap werd in teams van drie verdeeld om aan de slag te gaan met het koude, de temperatuur is belangrijk, vacuüm verpakte vlees. Grafisch ontwerper Tijs, Carrera uitgever Arjan en ik maakten de vleesmolen vast aan de tafel en begonnen met het rustig malen van het vlees tot dikke spaghetti-achtige slierten. Dat is doorwerken, want het malen vergt wat spierkracht. Ondertussen vijzelden we de gereed staande kruiden, zout en specerijen. Het kneden kon beginnen, niet zoals je deeg kneed voor koekjes of brood (dat lees je in een andere kookbijbel), maar lekker stevig. De vetten en eiwitten van  het worstvlees moeten er goed van langs krijgen. Dus aan de slag met slaan, stompen en kneden van de massa. Bij het maken van worst krijg je een gratis work out erbij.  Goed voor de bi- en triceps. En je kunt een stukje ergernis kwijt. Tenminste als je dat kwijt moet.
Het opzetstuk werd van de vleesmolen gehaald en voor een ander vulstuk vervangen.  Meneer Wateetons legde uit dat je deze ook met van een lege kitspuit kunt maken. Staat allemaal in de Worstbijbel beschreven. Het worstjes maken kon beginnen. De sfeer werd een beetje lacherig en het schuiven van de darm over de tuit en het vullen leverde nogal wat plastische opmerkingen op. Enfin, er werd weer gedraaid met de slinger en voor wij het wisten lag er zo’n anderhalve meter zelf gemaakte worst. Het verdelen in kleine  worstjes kon beginnen. Daar leerde Meneer Wateetons de techniek voor. Het eind resultaat werd dichtgeknoopt en klaar is Kees.

 foto: het eindresultaat.

Wat een leuke en leerzame bezigheid. Eén van de nuttige workshops, die je ook kunt volgen bij Joost. Maar dat is nog niet alles, na de workshop toog Gereons Keuken Thuis weer huiswaarts met in zijn tas de zelfgemaakte worstjes, de 496 pagina’s tellende Worstbijbel en een starterspakket om het alles thuis nog eens fijntjes over te doen, niet met verse, maar eens met droge worst. Laat ik eerst maar eens starten met het doorgronden van de materie van deze Worstbijbel.

 Worstbijbel, van malen tot knopen en van drogen tot roken, Meneer Wateetons (ISBN 9789048842261) is een uitgave van Carrera en is te koop voor € 29,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

VET van Bas Robben.

 foto: cover VET.

VET! Het zat er gewoon aan te komen, jeune premier kun je Bas Robben inmiddels niet meer noemen. Met zijn eersteling ZUUR won hij de publieksprijs voor het kookboek van het jaar 2016. Maar Bas wilde verder, een nieuw thema, dat hij lang stil wist te houden. Het werd VET, niet direct het meest favoriete onderwerp van veel kookboekenlezers en -kopers. Dankzij jarenlange informatie van onder andere het voedingscentrum en margarinefabrikanten heeft vet een wat verdachte bijsmaak.  En…. je wordt er dik van!  Robben is het hier totaal niet mee eens en hij startte een queeste naar wat hij de zesde smaak noemt. Move over umami, VET komt eraan. Het boek staat vol met fantastische, gulzige en decadente kookavonturen. Wat hij eerder met ZUUR deed doet Bas nu met inderdaad VET.

Het mooi vormgegeven kookboek start met een uiteenzetting van de functie en de smaak van vet. Waarom vet wel en niet gezond is, het verschil tussen on- en verzadigde vetten, boter, olijfolie, plantaardige en dierlijke vetten. Autodidact Robben laat in het eerste deel zien dat hij gedegen onderzoek pleegt alvorens los te gaan in de keuken. Dat was in zijn begintijd wel anders toen hij een varkenspoot trachtte te koken in de magnetron.

 foto: bitterballen van confit met Beerenburg

Na deze beschouwing gaan we koken, volgens het procedé van Robben. Een mix van traditioneel VET met Taiwanese invloeden meegebracht door zijn partner. Bas weet er altijd een mooie draai aan te geven in bijzondere recepten. VET is een uitstekend middel om voedsel te conserveren, net als zout en zuur. In het hoofdstuk over conserveren gaan we aan de slag met een leuke zaterdagmiddagbesteding, boter maken. Boter, die je trouwens ook kunt roken. Schmaltz van kippenvel en reuzel staan op het menu. Deze vetten geven je gerecht net dat vollere mondgevoel. En dan de homemade lardo (Italiaans of Taiwanees), need I say more? Voor een aardappel rogge pizza met rozemarijn.

Frituren, het geeft zo’n heerlijke odeur aan je interieur. Bas frituurt daarom altijd buiten. Hij vertelt over frituurvet, maakt groentetempura met nori-eendenvetmayo. Wat een spannende snack. En hij onthult zijn friet voor luie mensen zoals hij. Konfijten mag natuurlijk niet ontbreken. Het is een van de mildste manieren om eten te garen. Anders dan frituren geeft deze methode een andere structuur aan je eten. Bas Robben legt het allemaal duidelijk uit. Gekonfijte tomaten, makkelijke rillettes en natuurlijk confit de canard, die we verderop terug zullen zien als basis voor bitterballen met Beerenburg. Van het laatste drankje heb ik nog een fles staan, dus aan de slag. Infusies & emulsies, voor olieën met smaak. Zoals decadente chili-olie of gebrande coquille met verbrande prei-olie. Wow factor gegarandeerd.

 foto: decadent vet dessert.

VET kan je gebak maken of breken, het is een onderdeel van de structuur. In Bakken & IJs geeft Robben mooie voorbeelden. Doe je dure Lancaster handcrème de deur uit en maak spritsen of Bretonse kouign-amann, het voluptueuze zusje van de croissant au beurre. Mascarpone softijs of het decadente burrata met tonkameringue, karnemelkgranité en geroosterde perensap.

Blijven de drankjes over en wat is het leven van Bas zonder cocktails. Net als in ZUUR maakt hij VET lekkere cocktails, zoals een mescal sour met hibiscus en venkelzaadolie. Daring net als zijn pornstar martini uit ZUUR.

Het laatste wat ik wil zeggen is dat VET een geweldig pleidooi is om je schroom voor deze smaakmaker te laten varen. Bas Robben en alleen die aan dit boek hebben meegewerkt zijn hierin geweldig geslaagd. Gereons Keuken Thuis is al benieuwd naar de volgende uitdaging. Maar eerst is er nu VET. Een mooie opvolger van ZUUR, alhoewel deze smaken natuurlijk ook complementair zijn. Homemade pickles bij de vette rillettes van Bas zijn niet te versmaden.

 foto: luxe chili-olie.


VET, Bas Robben (ISBN 9789461431837) is een uitgave van GoodCook en is on- en offline te verkrijgen voor € 24,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Zes seizoenen van Joshua McFadden.

 foto: cover Zes seizoenen.

Zes seizoenen, Joshua McFadden. Een nieuwe kijk op koken met groenten van deze groentetovenaar. Het is vleesloze week in Nederland, een week zonder lapje varkensvlees, kippenpootje of runderworstje. Gelukkig is het helemaal 2018 en hip om wat meer groenten te eten. Fijn voor je lijf, maar ook voor het milieu en de grap is dat dit niet beperkt blijft tot onze landsgrenzen. Ook in de VS worden mooie boeken gemaakt rond het koken met groenten. In Gereons Keuken Thuis ligt nu het boek van kok en groenteteler Joshua McFadden, bijgestaan door Martha Holmberg. Chef McFadden verruilde de Big Apple voor het rurale bestaan in Maine. Op de Four Season Farm, real farming & real food,  leerde hij de fijne kneepjes van biologische teelt en tuinieren. Hij kreeg de leiding over de tuin en startte direct met koken. Hij werd door vies te worden een betere kok, aldus McFadden. Hij verruilde Maine voor Rome. Deze twee ervaringen veranderden zijn kookstijl voor altijd. Hij leerde met de seizoenen koken. Tegenwoordig bestiert hij het populaire “Roman inspired” restaurant Ava Gene’s in Portland, Oregon.

Zes seizoenen? We kennen er toch maar vier? Inderdaad, maar de schrijver vindt dat je daarmee jezelf tekort doet. Met name de zomer kent volgens hem drie gezichten. (weet niet of dat voor ons klimaat opgaat?)  Reden voor McFadden om zijn 225 recepten met groenten te verdelen over zes seizoenen.

 foto’s: zomerse groenten

McFadden heeft de lat hoog gelegd, zo blijkt uit het eerste hoofdstuk. Hij wil van iedereen, op welk niveau dan ook, een betere kok maken. Het boek start met aanwijzingen bij het koken. Eigenlijk niet vreemd als je bedenkt dat dit een kookboek is, dat is verschenen in de VS, de wieg van het grab&go, dat je hipsters in steden tegenwoordig ziet doen. Dus als tegenwicht wat DIY is helemaal niet zo slecht.

Hierna volgen de voorraadkast en standaardrecepten voor krokant, romig, sauzen, dips en dressing. Brood, taartdeeg en granen. En nog wat andere basistechnieken en -recepten.

Seizoen no. 1, de lente, komt voor de schrijver altijd precies op het moment dat hij verveeld raakt van wintereten. Voorjaarsgroenten passeren de revue. Een salade van rauwe artisjok, kruiden amandelen en Parmezaanse kaas. Alleen te maken met hele jonge artisjokken. Asperges lonken, gegrild met tuinbonen en broodkruim. Geen overdadige ingrediëntenlijst bij de recepten. Tot slot een pasta carbonara met verse erwtjes. Ik zou de lente van McFadden “lightness of being”willen noemen. De vroege zomer, seizoenen gaan nooit netjes in elkaar over. Vroege bietjes om te stomen, worteltjes om te grillen en lamsragout als verdwaald gerecht, overigens wel vol verse groenten. Joshua McFadden gaat wel met mate aan het vlees.

 foto: geroosterde broccoli met tonnato.

Midsummer, broccoli komt voorbij in een rigatoni met broccoli en worst. Of geroosterd met tonnato. Een bloemkoolbiefstuk met provolone of courgette met tonijn uit de oven. Ik krijg nu al zin in het al fresco gebeuren op mijn balkon. Lekker licht eten en een mooie stimulans voor mij om meer met groenten te doen op het buitengrilletje. De nazomer met mais, aubergine en een keur aan tomaten. Voor gegrilde mais met alla diavolaboter of de pasta alla Norma en Toscaanse panzanella.

 foto: crostata met snijbiet!

Zes seizoenen gaat verder met de herfst, een crostata van snijbiet, boerenkool en palmkool komen voorbij (persoonlijk vind ik dat wintergroenten)voor zoetzure palmkool als bijgerecht of een Ierse calcannon met waterkersboter. De winter dient zich aan knolselderij en sluitkolen. Voor Mcfadden betekent het  aardse smaken, winterharde groenten met natuurlijk antivries in de vorm van opgebouwde suikers. Voor een recept van gefrituurde kool met zaden en citroen of wat te denken van een koolrabibrandade?

En hiermee is het jaar rond. Joshua McFadden verdeelde het in zes seizoenen. Ik sluit me aan bij de eigenaren van Four Season Farm in het voorwoord, die van mening zijn dat een jaar 365 seizoen heeft. Zes seizoenen van Joshua McFadden is een ware uitdaging voor Gereons Keuken Thuis om meer met groenten te doen. Ik ga hier nog veel lees- en  kookplezier aan beleven.

 foto’s winter, brandade gemaakt van koolrabi

Zes seizoenen, een nieuwe kijk op koken met groenten, Joshua McFadden & Martha Holmberg  (ISBN 9789000359653) is een uitgave van Spectrum en is “liever” lokaal te koop voor € 35,00

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Brood is GOUD.

 foto: cover Brood is GOUD.

Brood is GOUD. In Gereons Keuken Thuis ligt nu een kook- of beter gezegd verhalenboek. Een in sobere stijl, op gewoon papier gedrukt kookboek met een prachtig verhaal en dito gerechten. Chefkok Massimo Bottura stelde zich ten doel om met 50 bevriende chefkoks te koken van wat er overbleef tijdens de Expo van Milaan in 2015. Zoals in het citaat op de eerste bladzijde staat:

Dit boek is opgedragen aan de strijd tegen voedselverspilling. Alle royalty’s worden gedoneerd aan FOOD FOR SOUL, een non-profit organisatie, die wereldwijd gemeenschapskeukens opzet en ondersteunt. (www.foodforsoul.it)

Het startte al in de jeugd van de inmiddels wereldberoemde chef Bottura. Bij het ontbijt aten hij en zijn broers graag “zuppa di latte” Een manier van zijn moeder om het brood van de vorige dag te hergebruiken voor ontbijt. Massimo Bottura at deze traktatie met veel suiker. Zijn moeder herinnerde hem er steeds aan. Wereldberoemd of niet. Deze smaak werd een ware obsessie voor de kok. Broodkruim en karamel werden geliefde ingrediënten in zijn restaurant in Modena, Osteria Francescana 

Het thema van de Expo van Milaan was “Voedsel voor de planeet, energie voor het leven” Het inspireerde Bottura om te starten met een gemeenschapskeuken, de Refettorio Ambrosiano. Mooie naam, een refter genoemd naar de kerkgeleerde uit Milaan. Massimo Bottura stelde zich ten doel te koken met de leftovers van de expo en wat hij nog aantrof in verscheidene ijskasten. Maar dat niet alleen. Hij nodigde bevriende chefkoks, Italiaans en van over de hele wereld uit om samen met hem in de refter te komen koken.

 foto’s: vrienden Redzepi en broers Adrià aan de kook in de Refettorio.

Het Brood is GOUD boek was geboren. Cijfers liegen er niet om. Dagelijks wordt één derde van al het voedsel, dat wereldwijd wordt geproduceerd verspild. Terwijl 1 miljard mensen ondervoed zijn! Food for thought en reden voor actie in de Refettorio Ambrosiano. Recepten voor restjes werden in deze keuken geboren. Het leek de meest revolutionaire daad van de dag te zijn voor de genodigde koks.

Laten we eens naar wat vondsten gaan kijken. Om alles op te sommen uit dit dikke boek zou een onmogelijke klus zijn, want 50 chefs maal evenveel ideeën en creativiteit nopen mij tot cherry picking. Wat te denken van aardappelnestjes met een gepocheerd ei en geitenkaas, gevolgd door vanillevla met broodroomijs? Creaties van Mauro Colagreco.

 foto: aardappelnestjes met gepocheerd ei.

René Redzepi tekende voor een verbrande limoensoep, een pasta met popcorn-pesto (wow!) en hamburgers met aubergine en homemade ketchup. Allemaal gerechten van restjes. #nowaste De gele post-it blijf nog even bij deze pagina hangen, totdat ik dit moois van Redzepi allemaal heb geproduceerd in Gereons Keuken Thuis. Een stuk verderop in Brood is GOUD gaat de divo uit Lima Gastón Aucurio aan de slag. Hij is de grondlegger van de moderne Peruaanse keuken. Een arroz chaufa en Spaanse tortilla met Nikkei saus maakt hij tijdens de Expo. Fusion galore zal ik maar zeggen. En de tres leches-sponscake is hemels.

 foto: de creatie van Gastón Aucurio.

Via het Refetorio zuurdesembrood belanden we bij maitre Alain Ducasse. Hij tekende voor een crème van gemengde granen met gepofte rijst en geitenmelk royale. Verbluffend hoe je met zulke simpele basics zo een chique gerecht kunt maken. De Italiaanse koksopleiding ALMA ging voor een risotto met witlof, sinaasappelsap en mosterd. Tot slot wil ik de creaties van broers Ferran en Albert Adrià nog vermelden. Zij kwamen direct in jeans en sneakers gestoken van het vliegveld naar de Refettorio om een bijdrage te leveren aan deze uitdaging. Het werden een ragù van alles, een kipkroket, die ervan droomt een saus te worden en heel gewoontjes rijstebrij met appel-honingijs.

 foto: een verbluffend chique gerecht van Alain Ducasse.

En dan heb ik pas een handjevol gehad van alle koks, die Massimo Bottura’s uitdaging oppakten.

Brood is GOUD is een mooi sober vormgegeven boek zonder al te veel visueel geweld. Een verademing in dit visueel ingestelde Facetwitinstabooktergram tijdsgewricht. Recepten worden stap voor stap uitgelegd en zijn voorzien van smakelijke verhalen. Want behalve créateur van mooie gerechten, bedenker van nieuwe ideeën toont Massimo Bottura zich een waar verhalenverteller. Dat doet hij ook in Brood is GOUD. Zijn visie en manier van koken verandert je perceptie van voedsel. Gereons Keuken Thuis heeft nog heel wat te lezen en…. koken.

Brood is GOUD, Massimo Bottura & friends (ISBN 9789089897619) is een uitgave van Terra en is te koop voor € 39,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Recepten uit WENEN.

 foto: cover recepten uit WENEN.

Recepten uit WENEN, eine Spaziergang durch die Stadt an der schönen blauen Donau. Veel Weners zullen beamen, dat wandelen door deze romantische en veelzijdige stad al een belevenis an sich is, maar een culinaire wandeling laat een smakelijk Wenen zien. De stad van de Kaffeehäuser, Heuriegen en Backhendler. Stad van de onovertroffen schnitzel Wiener Art, Sachertorte en Kaiserschmarren. Eten is het lust en leven van de Wener. De hoffelijke en tegelijk bucolische stad. Dat is Wenen op de scheidslijn van West en Oost. Klassiek & hoffelijk mengt met avant-garde & rebels. Eten langs het Donaukanaal, district 1 rond de Stephansdom verkennen en nassen op de Naschmarkt. De laatste stek heet niet voor niets zo.

Antonia Kögl, van oorsprong Beierse, verpandde haar hart aan deze stad en maakte samen met Arnold Poschl een kookboek vol klassieke en moderne recepten uit Wenen. Gestyled in een mooie strakke Jugendstil typografie. Kögl en Poschl startten in het centrum van de hoofdstad, waar veel klassiekers zijn te vinden. Het traditionele Wenen, met snacks als Käferbonensalat, Aufstriche (belegjes) in vele soorten en kleuren en bij zur Herknerin, gevestigd in een oude garage, proefden ze Spinatknödel en zult met pompoenpitolie. Deze olie is trouwens in vele varianten te verkrijgen op de Naschmarkt.

 foto’s: voorgerechten uit Wenen

Recepten uit Wenen gaat verder met voorgerechten, Frittatensuppn of een Altwiener Suppntopf, een bezoek aan het traditionele Oostenrijkse restaurant Lugeck geeft het recept voor Wiener Erdäpfelsuppn mit Steinpfilzen en het recept voor hun onvoltroffen Wiener, ja daar is ie, schnitzel. De Wiener Tafelspitz mit Rösti mag ook niet worden vergeten.

Weense hoofdegerechten, pasta met witte kool, Spätzle met kaas of gevulde paprika’s. Wenen heeft het grootste areaal aan wijnbouw van alle Europese steden binnen haar stadsgrenzen. Weinhaus Arlt, een voorstedelijke Heurige serveert een tartaar van cantharellen met ei en lavas en als dessert Schokolade Rübe Kren, een taart van rode biet, chocola en mierikswortel (foto). Wat een smaken. Glas nieuwe wijn erbij en je merkt dat het goed toeven is in het Weense. Via nog meer smakelijke hoofd- en nagerechten, waaronder buikspek met karwij en de wereldberoemde Kaiserschmarren belanden we bij het instituut Sacher, een klassiek en statig adres, bekend van de taart , maar de ravioli met geitenkaas en rabarber (foto) of gemarineerde karper met rode bieten zijn ook niet te versmaden. Exit klassiek Wenen. Er lonkt een tweede deel in dit boek.

 foto’s: traditionele hoofdgerechten.

Want in Recepten uit Wenen willen Antonia Kögl en Arnold Poschl ook het hedendaagse tijdsgewricht laten zien. Het verkennende. Wenen mag dan een bonk nostalgie zijn, de 21e eeuwse restaurateurs timmeren ook aan de weg. Labstelle in het hart van Wenen combineert traditie met stedelijke verfijning, met een recept voor Matjes von der Forelle mit Kartoffellangos. De laatste zijn van oorsprong een Hongaarse snack. Delicatessenwinkel Lingenhel, kaasmakers, serveren een homemade burrata met komkommer en vlierbessensaus (foto). Gereons Keuken en Route wandelt verder naar Neni am Nachmarkt, waar een kokkin met Israëlisch-oosterse roots vernieuwende gerechten serveert, zoals hamshuka of geplette zoete aardappel met zure room.

 foto’s: moderne en klassieke Nachtisch.

Aan de westelijk stadsrand openden de broers Pilchmailer opnieuw het voorheen traditionele Weense restaurant Zum Herkner. Hun menu’s zijn een combinatie van oud en nieuw Wenen. Spinatschaumsuppe met wijngaardslakken, gemarineerde zult met rivierkreeftjes & bonen of Griesschmarren, inderdaad een variatie op. Hier eindigt mijn culinärische Spaziergang.

Ik kan uren bladeren door het kookboek Recepten uit Wenen en genieten van al het lekkers, dat Kögl en Poschl je voorschotelen in tekst en beeld. Ik krijg direct zin om de stad aan de Donau onveilig te gaan maken en te gaan nassen bij alle genoemde adressen. Wien bleibt, of moet ik zeggen, ist Wien.

Recepten uit Wenen, Antonia Kögl (ISBN 9789461431820) is een uitgave van Goodcook en is te koop voor € 24,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Cuisine du terroir, de nieuwe Franse keuken.

 foto: cover Nieuwe Franse keuken.



Cuisine du terroir is een kookboek uit 1984, dat ik regelmatig ter hand neem, om te speuren naar spannende recepten uit de perfecte zeshoek. Want, sorry Bel Paese adepten, ik vind nog steeds mijn basis de Franse keuken en kookboeken. Lezers van mijn blog weten dat ik graag streekgerechten maak uit boekjes, vergaard bij een benzinestation, uit een vintage Elle kookboek uit 1952 en uit het kookboek van de gebroeders Troisgros uit Roanne. Daarnaast doen ook koks als Alain CaronJohn Gerdsen en mijn all time favoriet Stéphane Reynaud een duit in het zakje. Maar nu heb ik een nieuwe, ik moet eigenlijk zeggen, tweedehandse aanwinst, De Nieuwe Franse Keuken van wijlen Paul Bocuse. Nieuw is dit boek niet voor mij, want in de kookboekenhoek in het Brabantse huis van mijn ouders stond dit kookboek jarenlang te prijken. En behalve de pompoensoep, een noviteit in de seventies, werd er soms de truffelsoep Elysée met een dakje van bladerdeeg uit gemaakt. Met het verscheiden van de maitre vond ik het tijd voor een hernieuwde kennismaking. Met de destijds nieuwe Franse keuken. Nouvelle cuisine, zonder zware sauzen, gerechten en desserts. Een cuisine equilibrée. Tja de fotografie is zeker naar de standaard van het huidige Instagram tijdsgewricht wat ouderwets te noemen. De recepten daarentegen zijn universeel en tijdloos en zo in te zetten in de 21e eeuw. Dat deed Bocuse ook in Collonges au Mont d’Or aan de Saône.

De Nieuwe Franse Keuken is een compleet kookboek, dat start, en dat vind ik altijd leuk, met uitleg en culinaire regels. Eén van de goede voornemens in Gereons keuken Thuis is namelijk mij meer te verdiepen in basis culinaire zaken. Een recept is zo op je blog geknald. Leren van oude en jonge meesters geeft je blog net iets meer schwung. Eigenlijk zou elke blogger een boek als de Nieuwe Franse Keuken in zijn of haar repertoire/boekenkast moeten hebben. Zo kom ik in dit boek een riviervisgerecht tegen uit de Beaujolais, pochouse, de quénelles de brochet, pasteitjes uit de Bresse, samengestelde boters, kikkerbillen en tournedos met merg. Ik kan blijven opsommen, zoveel mooie dingen staan erin. Een kookboek dat het Gallische hart, wat sneller doet kloppen.

Vandaag ga ik voor het recept van pochouse, dat ik al eerder op Gereons Keuken Thuis plaatste, een stoofpot van riviervis in Beaujolais wijn. Vanaf de heuvels van de Beaujolais kijk je uit op de vlakte van de Saône, les Dombes, met zijn rivier, beken en kreken vol zoetwatervis. Een koele (rode) Beaujolais Villages gaat hand in hand met dit gerecht.


Nodig 4 personen:

1,5 kg riviervis in stukken
(snoek, karper, paling en baars)
125 g gerookte spekblokjes
20 zilveruitjes afgespoeld
4 knoflooktenen
2 rode uien
70 g boter
1 fles Beaujolais Villages
1 glas cognac of marc
2 el bloem
1 laurierblad
2 takjes tijm
takje rozemarijn
zout peper
croutons

Bereiding:

Vraag je vishandelaar de verschillende vissoorten schoon te maken en in stukken et snijden. Verwarm in een pan de rode wijn en cognac. Maak van 50 g boter en bloem een beurre manié en zet apart. Verhit de rest van de boter in een pan. Bak hierin de spekblokjes, uien, zilveruitjes en knoflooktenen aan. Voeg hierna de stukken vis toe, bak kort mee. Zet het vuur laag en voeg de warme wijn toe tot vis onderstaat. Voeg de tijm, laurierblad, rozemarijn, peper en zout toe. Laat het geheel ongeveer tien minuten koken. Als de vis gaar is, haal deze dan uit de pan en houd de vis warm onder aluminium folie. Verwijder de kruiden. Kook de saus tenminste één derde in. Voor het serveren leg je de vis terug in de saus en verwarm je deze nog even. Serveer de vis op een schaal. Bind de saus met wat beurre manié en giet over de vis. Garneer het gerecht met de croutons.

Oogstkoken, het complete Seasons kookboek.

 foto: cover Oogstkoken.

Oogstkoken, het complete Seasons kookboek. Al is het nu nog hartje winter, Gereons Keuken Thuis kijkt al reikhalzend uit naar het voorjaar. Dat doet het 25 jarige magazine Seasons ook. Van de hand van de makers van dit tijdschrift verscheen een vrolijk kookboek, dat je mee op pad neemt langs de dreven van je moestuin direct de keuken in. Oogstkoken, puur oogsten, koken en inmaken. Iedereen met een eigen moestuin kent het fenomeen. De verbluffende opbrengst van dat stukje met je eigen knuisten bewerkte grond. Vol groenten en fruitsoorten, die vragen om bewerking. Nu geeft het tijdschrift zelf daar altijd leuke recepten en tips voor, maar nu is eer ook een bundeling van deze mooie Seasons recepten. Een feest, dat mag ook met je 25 jarig bestaan, voor ogen en smaakpapillen. En geheel aansluitend bij de botanische trend van voorjaar 2018. Telen, zien groeien en zelf koken.

Het boek is verdeeld in hoofdstukken per groente- of fruitsoort. Kruiden komen aan bod en op het eind technieken. Voorzien van planttips, goede en slechte buren en oogstadviezen. Oogstkoken start met de tuinboon. altijd een voorbode van de lente. dubbel gedopt of niet, voor in een tuinbonensoep met pancetta of wat te denken van gestoofde tuinboonpeulen met tomaat. verder gaat het met de lentegroentekoningin asperge, wat mij niet zo’n moestuingroente lijkt, door de specifieke teelt en steekmethode. Gewoon kopen bij een Brabantse of Limburgse teler zou ik zeggen. De asperges worden gegrild of verdwijnen in de soep.

Radijs, in Oogstkoken, is een alleskunner en kan worden geteeld bijna het hele jaar door. Voor een homemade radijsjes-pickle.  Of geroosterd in de salade. Ik maak een sprong door het boek, via de erwt, lentegroente rabarber naar kruiden. Hieraan wijdt Oogstkoken een flink stuk. Van munt tot basilicum. Ook handig voor de micro stadstuinier zoals ik. Kruiden zijn prima te doen op mijn Amsterdamse balkon.

Het voorjaar betekent ook zacht fruit, de aardbei, aalbes en andere vruchten. Lekker voor uit het vuistje of in een van de recepten.Bladmosterd, nooit eerder van gehoord, is een veelzijdig blaadje. Het boek weet er wel raad mee.in een pesto of in rijstrolletjes met bladmosterd. Bloemen, naast de botanische trend ook  een hot item in 2018, komen aan bod. Voor bloemenazijn of viooltjes ijs. Leuk voor als het #alfresco seizoen weer start.

Tot slot wil ik de ui nog noemen, met name de ingemaakte banaansjalotten, die op de cover staan. Ga ik zeker proberen. Fervente lezers van mijn blog weten dat ik graag dingen in de pot hak en Oogstkoken geeft je hiervoor leuke handvatten. Heb je daar per se een moestuin voor nodig? Welnee een goede groenteman op de markt voldoet ook. En de prachtige fotografie en lekkere recepten wijzen je direct de weg. Het voorjaar kan beginnen in Gereons Keuken Thuis. En Seasons! Van harte met jullie 25 jaar en nu op naar de 50!

Oogstkoken, het complete Seasons kookboek. (ISBN 9789059568372) is een uitgave van Fontaine en is “liever lokaal” te koop voor € 24,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gastblogger Cora Meijer recenseert.

   foto: cover Green Kitchen at Home.

Gastblogger Cora Meijer recenseert het kookboek The Green Kitchen at Home. Zij bijt daarmee dit jaar de spits af op Gereons Keuken Thuis. Ik stuurde Cora dit leuke vegetarische kookboek op, dat in november 2017 de juryprijs voor kookboek van het jaar kreeg tijdens de lunch bij restaurant Bougainville op de Dam. Tijdens dezelfde lunch werd de gouden garde bekend gemaakt. Dat is de publieksprijs, die in 2017 werd gewonnen door Jord Althuizen met Smokey Goodness 2, dat zich in Latijns Amerikaanse sferen afspeelt. Binnenkort verzorgt een andere gastblogger daarvan de recensie. Ben benieuwd, maar nu eerst iets over Cora en natuurlijk haar recensie.

  foto: gastblogger Cora Meijer.

Wie is Cora Meijer?

Voeding, koken, keukengadgets, kookboeken, ze hebben al heel lang mijn belangstelling. Sinds ik op eigen benen sta, is het mijn gewoonte om vers en soms langdurig te koken. Ooit dacht ik een klein eethuisjete beginnen. Al vele jaren geleden richtte ik mijn eigen kruidentuintje met bessenstuiken in.

Pas sinds ik mijn betaalde beroep in kennismanagement vaarwel zei, heb ik er veel meer tijd voor en startte ik mijn foodblog en bloggersactiviteiten. Cultfood.blog geeft mij veel plezier.

Mijn voorkeur ligt bij de mediterrane en Europese keukens. Als ik op reis ben verdiep ik mij in lokale producten en gerechten. Daaruit volgt dan vaak weer de aanschaf van een kookboek. Mijn kennis heb ik verdiept via cursussen, workshops, door uit eten te gaan, via kranten en glossy magazines. Ik lees regelmatig recensies, interviews met chef-koks, voorbeeld menuconcepten en volg op TV-programma’s over smaken. Want smaak is super belangrijk, daar wil ik echt het één en ander van weten. Waar ik altijd op heb gelet is samenhang en balans.

 foto: de “not so” bouillabaisse uit Green Kitchen at Home.

Wat een kanjer van een kookboek. Het is niet zomaar het kookboek van het jaar 2017 geworden. De vakjury prijst de auteurs, David Frenkiel en Luise Vindahl, omdat ze kans zien om een fijn kookboek te maken voor zowel mensen die al vegetarisch eten als voor mensen die vegetarisch eten misschien nog spannend vinden.

De auteurs hebben samen ook een foodblog, Green Kitchen Stories. Daar vindt je meer uitleg over hun naam: “The Green Kitchen signifies our effort to come up with healthy vegetarian recipes using whole food and organic products. We want our recipes to be as simple and pure as possible. And since all good recipes often come with a story, we thought the name was appropriate.”

Ze koken beiden en graag superlekker. David is ook dol op bakken en is tevens de stylist en fotograaf. Ze geloven in het belang van variëteit. “That is why our recipes sometimes are raw and other times cooked, sometimes they call for buckwheat and other times for oat. Eating is about feeling good, not following rules!”

Daarin kan ik mijzelf helemaal vinden. In hun recepten zoeken ze naar een balans tussen interessant en ongecompliceerd met groenten en fruit in de hoofdrol. Ze willen inspireren tot gezond en vegetarisch eten, omdat de praktijk uitwijst dat veel mensen het lastig vinden om lekker vegetarisch te koken. Zeker in een gezin, omdat kinderen grilliger eetgedrag hebben. Daarom bieden ze variaties en smaaknuances die daar op inspelen en maken ze gezond eten ook in hapklare vormen als muffins, flensjes en repen. Hun variaties bieden houvast aan mensen die op de kosten willen letten. Seizoensgroenten en -fruit zijn nu eenmaal goedkoper, daarnaast vaak ook beter en zeker duurzamer. Bij veel recepten is ook een veganistische variant vermeld.

David en Luise werken met koelkastfavorieten zoals tomatensaus, pesto, hummus, pompoenpuree, quinoa, beslag voor flensjes, geroosterde ovengroentes, linzen, regenboogplatbrood en chiapudding. En ze plannen. Die koelkastfavorieten zijn de bouwstenen om doordeweeks snel iets lekkers op tafel te kunnen zetten.

Het gaat er dan simpelweg om of je:

  • Pasta op je weekmenu zet om vooruit tomatensaus of pesto te maken
  • Soep, burgers of salade kiest om de linzen klaar te hebben staan
  • Beslag voor flensjes kunt gebruiken of chiapudding voor desserts nodig hebt etc.

Deze favorieten zijn ook super om in te zetten voor de lunchtrommeltjes, het ontbijt of de lunch. Doel ervan is om lekker te koken zonder stress.Veel groenten en fruit eten op een dag lukt beter als je die verdeelt over de verschillende momenten. Daarom is voor The Green Kitchen variëteit èn veelzijdigheid een factor. Wat kun je er nog meer mee doen? Dat vullen ze leuk en kleurrijk in.

  foto: The Green Kitchen at Cora’s home.

In de recepten staat bijvoorbeeld regenboogplatbrood. De hoofdingrediënten? Diverse groenten, eieren en amandelmeel. Er is een groene, rozerode en oranje variant van broccoli, biet en wortel. Deze platbroden zijn tevens koelkastfavoriet, want ze zijn lekker bij van alles en erg veelzijdig. In groter formaat zijn ze pizzabodem, in repen maak je er belegde sandwiches van of je bakt ze knapperig in je wafelijzer tot een tosti. Dan vind ik ze ook leuk als wafelkoekje bij een salade. De gebruikte basisgroenten zijn in bijna alle seizoenen verkrijgbaar en alle drie uitstekend te combineren met allerlei soorten beleg.

Wat opvalt is de originaliteit van hun ideeën. Als je het regenboogplatbrood vergelijkt met het broccolibrood van enkele andere kookboekenauteurs valt bij The Green Kitchen at Home het gebruik van smakelijke groene kruiden op, de optimale verhouding tussen groenten en amandelmeel en de uitbreiding met groenten als biet en wortel.

Om de smaak te beoordelen maakte ik een dunne uitvoering als pizzabodem van zachtgroene romanesco. Die heb ik simpel belegd en die viel in de smaak. Knapperig serveren blijkt een heel goede vondst.

   foto’s : regenboog platbrood pizza.

Het boek is ingedeeld in zeven hoofdstukken en begint met de receptuur van de koelkastfavorieten. Voor je lunchtrommel, picknick of buffet is er het hoofdstuk ’handige maaltijden’. Die bevat als snack voor kinderen appelmuffins met broccoli en spinazie. Die muffin als vorm hapt lekker weg, maar ze bestaat uit echt volwassen ingrediënten en smaakmakers. Ik ben de kinderleeftijd al ontgroeit maar ik houd mij van harte aanbevolen voor zo’n snack.

David en Luise werken ook volgens het no waste principe. Zo wordt de stam van broccoli en bloemkool in blokjes gehakt, wel eerst even schillen. Handige maaltijden behandelt sushi van bloemkoolrijst, een salad jar, pastasalade, wrap en quiche met haverbodem, maar ook bietensap en de groenteflensjes en -muffins. En ze hebben oog voor detail zoals het verschil in smaak als gevolg van waar iets geteeld is of hoe rijp iets is.

Waar avocado in de  gerechten wordt gebruikt, kun je die soms weglaten als je rekening wilt houden met het milieu bij de teelt van deze geliefde vrucht. Van de 77 goed uitgewerkte recepten bevatten er 7 avocado als niet weg te laten ingrediënt.

Het aspect van een hype in de westerse wereld geldt ook de Boliviaanse quinoa, die niet alleen koelkastfavoriet is, maar ook is verwerkt in meerdere recepten. De gevolgen van die hype lijken echter deels hersteld. Waarom quinoa zo geliefd werd en is? Het bevat twee keer zoveel eiwit als rijst, is rijk aan vitamine B2, E en mineralen en is daarnaast glutenvrij.

Door de hype en de daaraan verbonden grote invoer besloten akkerbouwers in Nederland tot teelt over te gaan. Een succes want zij verbouwden vorig jaar zo’n 275 duizend kilo en hebben het plan om de opbrengst dit jaar te verdubbelen. Quinoa heeft haar hype overleefd. In veel recepten staan overigens vervangende producten.

Heb je weinig tijd om te koken, dan kies je het best uit de hoofdstukken ’handige maaltijden’ en ‘doordeweeks’. Uit doordeweeks klinkt de pasta al pomodoro met vegan tonijn erg simpel en heel lekker. Maar ook door koelkastfavorieten te combineren met een enkel versproduct kom je al een heel eind.

De tips tussendoor in het kookboek zijn erg prettig. Zo geven ze een goed basisconcept waaraan een salade moet voldoen. De gerechten gepubliceerd bij ‘in het weekend’ vragen alle meer tijd. De salade pilav van zwarte rijst, linzen en aubergine wordt verrassend gemaakt zonder tomaat. Dit recept is door de combinatie er één om snel uit te proberen, het lijkt heel bijzonder. Eenzelfde gevoel krijg ik bij de vega fish-and-chips en de vega bouillabaisse.

Een kanttekening is dat ze wel veelal iets zoetig smakende groenten gebruiken, maar dat is waarschijnlijk ingegeven door de kindvriendelijke recepten voor gezinnen. Voor de gerechten van het hoofdstuk ‘in het weekend’ breidt de groentenlijst flink en bijzonder uit. En er is bij ‘doordeweeks’ echt veel afwisseling mogelijk. Enkele recepten zijn hun handelsmerk geworden.

Dan zijn er nog twee hoofdstukken waar tot nu toe niet eens over is gerept, de spreads en bijgerechten en de nagerechten. Super lijken de 3 x wildgefermenteerde koolrecepten van groene en rode kool. Van de groene kool is er een pittige en een frisse variant. De smaak van de rode kool is winters, met kruidnagel en kaneel.

Zoals eerder gezegd, David houdt van bakken en de geuren die daarbij vrijkomen. Als mijn favoriet kies ik de pompoentaart-chocoladerepen. Bij het lezen van de ingrediënten lijken ze al te smelten op je tong. Alle foto’s zijn oogstrelend.

The Green Kitchen at Home is persoonlijk geschreven, staat vol eigentijdse recepten en prikkelt je om ermee aan de slag te gaan. De gerechten roepen het verlangen op om ervan te willen proeven. Welke recepten? Laat ik op cultfood starten met de intrigerende, simpele vegan tonijn.

The Green Kitchen at Home, Luise Vindahl & David Frenkiel (ISBN 9789023015437) is een uitgave van Becht en is te koop voor € 24,99 bij je boekhandel.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar meegegeven door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten