Foodparade zomer.

Foodparade zomer. Het begint zo langzamerhand een elk seizoen terugkerende traditie te worden op Gereons Keuken Thuis. Leuke producten, fijne magazines, mooie boeken, gadgets & evenementen passeren de revue tijdens in mijn foodparade. Dingen, om heerlijk van te genieten tijdens de lange zomerse dagen en avonden. Het liefst natuurlijk buiten op je terras, op het strand of tijdens je vakantie in binnen- of buitenland. Enjoy! Voor je het weet is heel die zomer al weer lang voorbij…. (vrij naar G. Cox uit Rotterdam)

foto: funky bieren van Hoop uit Zaandijk.

Frisse & funky bieren uit Zaandijk. Gereons Keuken Thuis proefde twee bieren van de ambachtelijke Zaanse brouwerij Hoop. De zomer staat voor de deur, met een Summer Session tropical IPA voor een heerlijke zomerdag. Moutig bier, een IPA met tropisch fruit en stevig door de havermout. Lekkere dorstlesser voor in je strandstoeltje op Zandvoort. Sweet Spring bison grass Bock, een bok met een vleug vanille en toffee, door het gebruik van sweet grass, bekend van het Poolse wodkamerk. En… hopperdepop tonen van Duitse hopsoorten. Trek je Lederhöschen erbij aan en geniet. Vrolijke bieren voor de zomer.

foto: Kambukka, express your thirst!

Kambukka. express your thirst! Van het nieuwe merk Kambukka ontving ik leuke culipost voor mijn foodparade zomer. De multifunctionele drinkfles van Kambukka, bedacht door twee ondernemers uit Hasselt (B) Een bijzonder verhaal, drinkflessen voor mensen, die veel onderweg zijn of bezige bijen zoals Gereons Keuken Thuis. Mooi design to match my grey sneakers. Sinds 1 juni verkrijgbaar in 30 landen. In je eigen kleur. Handig mee te nemen in de stad, naar het strand of lekker gevuld met ijsthee tijdens het balkontuinieren. Express your thirst met Kambukka.

foto: cover nieuwe nummer de Smaak van Italië

Ik vertrek, het nieuwe zomernummer van De smaak van Italië. De zomervakanties staan voor de deur en het nieuwe juli/augustusnummer van De Smaak van Italië haakt daarop in met de veelzeggende titel IK VERTREK. Dat deden een aantal in dit nummer geportretteerde landverhuizers, bij wie het inmiddels goed toeven is in hun B&B. De Smaak bezoekt de “Malediven” van Italië op Sardinië, gaat op voettocht over Elba, proeft heerlijke gerechten uit de Mezzogiorno uit het kookboek Grandi Gusti, een culinaire liefdesbetuiging, en geeft tips voor de meest charmante AirBNB’s tussen de locals. Want zeg nu zelf, when in Rome, doe as the Romans do. Dat deed Onno Kleyn ook, jaren gelden. Hij schreef er een knoeperd van een boek over. In dit nummer verhaalt hij, uit zijn nieuwe mooie boek Italië, over het memorabele diner, dat hij en Juliette aten bij de buren in San Donato. En mocht je dit nog niet genoeg lijken, De Smaak verloot 3 heerlijke weekenden in de B&B van één van de landverhuizers uit het nummer. Andiamo!

foto: limited edition honderd jaar Aperol.

Apérol 100 jaar. Op 26,27,28 juni werd in o.a. Padua en Venetië con brio gevierd, dat het befaamde oranje drankje Aperol zijn honderdste verjaardag beleefde. Het aperitief is het resultaat van 7 jaar uitproberen, toewijding en hard werken door de broers Barbieri. En niet zonder resultaat, want zeg nu zelf, Aperol is een heerlijk aperitief on the rocks of in de wereldvermaarde Spritz. Na overname door Campari  blijft Aperol opvallen door de combinatie van het drankje en de kunstzinnige uitingen op het etiket. Zo is er speciaal voor deze honderdste verjaardag een nieuw limited edition etiket ontworpen door Lorenzo Matotti. Een veerkrachtig dansend paar, net als dit honderdjarige aperitivo. En kun je er niet genoeg van krijgen? Ga dan naar de Instagram of Facebook pagina, om één van deze limited edition flessen Aperol te winnen!

Het Aperol Spritz ritueel. Doe het ijs in een glas en voeg er de prosecco en Aperol aan toe. Doe er vervolgens een scheutje spuitwater bij en werk af met een schijfje sinaasappel. Deze manier van inschenken voorkomt dat de Aperol onderaan het glas blijft. 

Bereidingstijd: 5 min

  • DOE IJS IN EEN WIJNGLAS
  • VOEG ER GELIJKE DELEN PROSECCO EN APEROL AAN TOE
  • DOE ER VERVOLGENS EEN SCHEUTJE SPUITWATER BIJ
  • WERK AF MET EEN SCHIJFJE SINAASAPPEL
foto: borrelnicken in het Oosterpark.

Picknicken en borrelen met de mand van de Tropen in Oost. Aan het groene Oosterpark in Amsterdam ligt het door Piet Boon gerestylde Grand Café de Tropen, onderdeel van het Tropenmuseum, gezegend met een heerlijk terras aan het groen. Fusina Verloop liet mij weten dat je ook een bijzondere borrelmand mee kunt krijgen om ergens in het park te picknick borrelen. Geen slecht idee. Summer in the city.

foto: zomers drankje Melonade at SeaSpot

Melonade. Een apéritif van Canteloupe meloenen uit Cavaillon. Ja die groene geribbelde met knaloranje vruchtvlees. Het Provençaalse merk Eyguebelle maakt er dit heerlijke aperitief van. Sins kort is Melonade sterk in opkomst als drankje. Gebaseerd op een oud procedé van lokale monniken, die fruitalcohol stookten. Met deze alcohol wordt de typische geur en kleur van de Cavaillon meloen gevangen in een aperitief van 12%. Het drinkt alsof je in een rijpe meloen bijt. Zon uit de Provence in je glas. Je drinkt het puur on the rocks, met witte wijn, bruiswater of prosecco. Monique Meulendijks, die Melonade en siropen van Eyguebelle naar Nederland haalde met haar bedrijf les Gouts de France, voegt hier niet zonder trots aan toe, dat ook Krasnapolsky een speciale Melonade cocktail heeft ontwikkeld. Maar naast drinken, kun je melonade ook gebruiken voor een leuk voorgerecht van canteloupe meloen uit Cavaillon, munt en feta. Op smaak gebracht met Melonade.

Nodig:

2 canteloupe meloenen, gehalveerd en uitgehold.

1 glas Melonade

100 g feta verkruimeld

muntblaadjes

zwarte olijven zonder pit

zwarte peper

Bereiding:

Hol de gehalveerde meloenen uit en meng het vruchtvlees met de Melonade. Laat goed koud worden in de ijskast. Verkruimel de feta en halveer de zwarte olijven. Scheur de muntblaadjes. Meng alles door de koude meloen en vul de uitgeholde meloenen. Serveer direct met een draai zwarte peper.

De foodparade zomer gaat verder……..

foto: olijfolie van Lucie Kuypers uit Umbrië.


Puur Olijf. Tijdens een lunch van True Italian Taste maakte ik kennis met Lucie Kuypers van Puur Olijf,een bevlogen Limburgse dame, die alles van olijfolie weet en er niet voor terugdeinst om zelf op pad te gaan door de laars. Lucie vertelt bijvoorbeeld over Umbria: “De extra vergine olijfoliën importeren we rechtstreeks van kleine boeren. Het gaat om een mooi, puur en eerlijk product met een zeer lage zuurgraad. De olijven worden met de hand geplukt en binnen 8 uur geperst. Bovendien is deze olijfolie 100% Italiaans, onversneden, dat betekent dat de olie niet wordt vermengd met andere oliën of olijfoliën. De olijfbomen zijn eeuwenoud en staan op de heuvels in de omgeving van de beroemde plaats Assisi.” Leuk product voor in je zomerse keuken

foto; cover Meals in minutes van Donal Skehan.

Donal Skehan. Donal Skehan. Vorige zomer vertelde Donal Skehan ronduit over zijn culinaire leven, als gast in mijn serie talk&table. Deze culinaire duizendpoot zit nooit stil. Inmiddels is er al een nieuwe TV serie van hem te zien op 24 Kitchen en verscheen onlangs bij uitgeverij Nieuw Amsterdam een leuk boek, Meals in Minutes, waaruit je een recept voor vindt onder aan deze blogpost.

foto: radiant moments met EIVI.

EIVI. De mooie momenten op Ibiza gevangen in een witte wijn uit Galicië, uit Rias Baixas. Gereons Keuken Thuis proefde deze heerlijke wijn tijdens de CLP2019 in april. EIVI, afkorting van Eivissa, is een iconische witte albariño, die wordt opgevoed sur lie. Een westelijke wijn dus, ik denk aan bijvoorbeeld Muscadet methode. Maar dan met milde zuren en veel fruittonen. Zulk wit mag niet ontbreken in mijn foodparade zomer. Een wijn om op speciale momenten te delen, net als de bijgeleverde armbandjes, die de verbondenheid met de ander, de zomer en Ibiza symboliseren. Een feest om te drinken bij vis en schaaldieren of mijmerend tijdens de puesta del sol bij Es Vedrá. Happy summer, embrace yourselves with EIVI.

foto: 3 augustus Mosselfandag in Yerseke.

Mosselfandag op 3 augustus in Yerseke. Leer de wereld achter de Zeeuwse mosselen kennen. Vaar mee op een echte mosselkotter, bezoek de mosselveiling en kijk binnen bij een van de mosselverwerkende bedrijven. Een leuke dag voor iedereen op 3 augustus a.s. in Yerseke.Uiteraard zijn er volop heerlijke mosselen te eten, is er muziek en nog veel meer. Dus mosselfan? Reis af naar Zeeland!

foto: Do you like piña colada?


Piña colada van Ingrid Larmoyeur van de leuke site Vinissima meldde voor deze foodparade zomer, dat het 10 juli op Puerto Rico National piña colada day was. Een beroemde cocktail, 65 jaar geleden bedacht op dit eiland en still going strong. Gebruik voor deze gezeefde ananas (dat betekent piña colada) dan ook de echte rum van dit eiland Don Q 

foto: cover boek See you in the piazza van Frances Mayes.

See you in the piazza! Frances “Under the Tuscan sun” Mayes. Wie kent haar niet? Deze schrijfster reisde samen met haar man Ed en kleinzoon door de regio’s van de Bel Paese en bundelde haar reistips in het vrolijke boek See you in the Piazza.  Ze geeft in dit boek de leukste tips voor hotels, restaurants, evenementen. Daarnaast verdiepte zij zich in culturele zaken en schrijversverhalen. Tot slot, eten is ook heel belangrijk, ontbreken de recepten niet. Een heerlijk boek om in te grasduinen. Of …. om je Italië trip van Val d’Aosta tot Puglia of van de Veneto tot Sicilië voor te bereiden. See you in Piazza mag daarom niet ontbreken in deze foodparade zomer. Uitgave van Random House.

foto: traag gegaarde kip met witte wijn van Donal Skehan

RECEPT voor traag gegaarde witte wijnkip.

Ins & Outs: Geef bij deze stoofpot van romige kip knapperig brood om de saus mee te deppen of rijst voor een hartverwarmende maaltijd. Gebruik voor dit recept een droge, frisse witte wijn zoals sauvignon blanc of pinot grigio, met vrij veel zuren en alcohol. Daarvan worden de kippenpoten lekker mals tijdens het langzaam garen. Een ideaal recept voor in een slowcooker!

Actieve bereidingstijd: 5 minuten

Kooktijd: 1 uur en 25 minuten

Keukengerei: stoofpan met deksel

Nodig voor 4 personen:

2 el olijfolie

4 kippenpoten

1 grote ui, in dunne ringen

1 bol knoflook, tenen los en gepeld

3-4 takjes dragon

600 ml witte wijn

500 ml kippenbouillon

schepje double cream of crème fraîche

hand fijngehakte bladpeterselie

zwarte peper en zeezout

Bereiding: 

Verwarm de oven voor op 200 °C (heteluchtoven 180 °C). Verwarm de olie in een grote stoofpan op matig hoog vuur. Bestrooi de kippenpoten rondom met peper en zout, braad ze bruin aan, haal ze uit de pan en zet ze apart. Doe de ui-ringen in de stoofpan en fruit ze 10 minuten op laag vuur tot ze zacht zijn. Voeg de knoflook, kip, dragon, witte wijn en bouillon toe en breng aan de kook. Doe een deksel op de pan en zet de pan 45 minuten in de oven. Haal dan het deksel eraf en zet nog 20 minuten in de oven of tot de kip botermals is. Laat de kip rusten op een schaal, zet de stoofpan weer op matig hoog vuur en laat de saus nog wat inkoken tot hij blijft ‘hangen’ aan de bolle kant van een lepel. Voeg de room of crème fraîche toe, breng zo nodig nog op smaak met peper en zout en roer de peterselie erdoor. Lepel de saus over de kip en dien op.

foto: Cannes Croisette, au grand bleu.

FIJNE ZOMER!!!!

NB: deze foodparade zomer werd mogelijk gemaakt door Kroon op het Werk, Kambukka, DSV media, Jam Jam PR, Fusina Verloop, Les gouts de France, Puur Olijf, Uitgeverij Nieuw Amsterdam, Sanders wijnen, Het Nederlands Mosselbureau, Frances Mayes, Random House. De producten/boeken werden mij als #samples gestuurd door de leveranciers. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gastblogger Anne-Marie Otter-Schuster.

Gastblogger Anne-Marie Otter-Schuster. Ik leerde de schrijfster van het blog My Happy Kitchen kennen tijdens een zomerse bijenlunch in het voormalige bankgebouw van Albert de Bary aan de Gouden Bocht. Sindsdien treffen wij elkaar regelmatig tijdens evenementen, boekpresentaties en het drinken, ik moet zeggen het proeven, van wijn. Het leuke aan de blog van Anne-Marie vind ik, dat zij naast recepten, die zij zoveel mogelijk zonder pakjes en zakjes kookt, ook op zoek gaat naar het verhaal achter het recept of gerecht. Zo heeft Gereons Keuken Thuis genoten van het verhaal van de vader van Anne-Marie, die zorgde dat het huis van Monet weer echt het Blauwe Huis kon worden genoemd. Heerlijke verhalen, net zoals haar gastblogger verhaal over Oostenrijk op deze zaterdag. Dank Anne-Marie!

foto: De Hintersee bij Mittersill. Voor mij het mooiste plekje ter wereld!

Culinair Oostenrijk

Waar in mijn jeugd driekwart van de klas in de zomer naar Spanje of Frankrijk afreisde, ging ons gezin steevast naar Oostenrijk. En dat vond ik bepaald geen straf! Want naast de prachtige natuur (die bergen!), de gezellige stadjes en de vriendelijke mensen, ben ik vanaf dag één fan van de Oostenrijkse keuken.

Oostenrijkse keuken

De Oostenrijkse keuken is niet echt verfijnd. Het is meer stevige boerenkost, om te eten na een dag hard werken op de alm. Gerechten met het lekkerste Tiroler speck, scharreleitjes en vaak stinkende maar oh zo lekkere boerenkazen. Ook kent de keuken veel invloeden van omringende landen, zoals Hongarije, Tsjechië, Kroatië en Italië, die voor 1900 ten dele tot het Oostenrijkse keizerrijk behoorden.

Beroemd

Natuurlijk kent de Oostenrijkse keuken een aantal wereldberoemde gerechten. Zoals de Wiener Schnitzel en de Sachertorte. En wist je dat zelfs de cappuccino niet uit Italië maar uit Oostenrijk komt? Daar vertel ik na de zomer meer over op in de reeks geschiedenis van beroemde gerechten op mijn blog.

Als kind – en nu trouwens nog steeds – keek ik echter het meest uit naar knödels, spätzle, Tiroler gröstl en Pinzgauer kasnocken. Erbij natuurlijk een Almdudler, de Oostenrijkse frisdrank gemaakt van Alpenkruiden.

foto: Pinzgauer kasnocken, mijn favoriete gerecht.

Kookboek

Ook fan van of benieuwd naar de Oostenrijkse keuken? Een kookboek dat ik je van harte kan aanbevelen is ‘Recepten uit Wenen’ van Antonia Kögl. Gereons Keuken Thuis schreef er al een uitgebreide review over.

foto: cover Recepten uit Wenen, klassiek & modern.

Kaiserschmarrn

Wie Oostenrijk vooral kent van de wintersport, is vast ook fan van kaiserschmarnn. Het recept vind je op mijn blog. Zoete, luchtige reepjes pannenkoek met poedersuiker, al dan niet aangevuld met rozijnen en appel-, pruimen- of bessencompote. Omdat ik op mijn blog regelmatig schrijf over de geschiedenis van beroemde gerechten heb ik dit keer – speciale voor Gereons keuken thuis – een editie geschreven over de geschiedenis van kaiserschmarrn.

foto: Keizer Franz Josef, naamgever van Kaiserschmarrn.

Geschiedenis

Over het ontstaan van het gerecht kaiserschmarrn bestaan – zoals meestal het geval is – weer verschillende verhalen. Was het keizer Franz Josef (1830-1916) die zijn naam gaf aan dit calorierijke gerecht? De kaiserinneschmarrn die de patissier van het hof speciaal had gemaakt vielen bij keizerin Sisi niet in de smaak. Zo kon ze haar mooie figuur toch niet behouden? Franz Josef daarentegen vond het zalig, en at gewoon ook haar portie op. Het hof veranderde de naam dan ook al snel in Kaiserschmarrn.

Of waren het toch de boeren en kaasmakers (käser) die de naam gaven aan dit gerecht? Wanneer zij zomers op de alm bij hun koeien verbleven aten ze graag käserschmarrn. Gemaakt van de melk en eieren die ruim voorradig waren. Toen de keizer tijdens een jachttrip op de alm overnachtte kreeg hij de schmarrn te eten. Hij was hier zo erg van gecharmeerd dat ze de naam veranderde van käserschmarrn naar Kaiserschmarrn.

foto: kaiserscharrn.

Tot slot is er nog het verhaal van de arme boerin, die aan de verdwaalde keizer Frans Joseph een mislukte pannenkoek serveerde met de verontschuldiging dat het slechts ‘Schmarrn’ was (rommel) wat zij serveerde. Waarop de keizer, die het zich goed liet smaken, eraan toevoegde: maar dan wel Kaiser-schmarrn!

foto: gastblogger Anne-Marie Otter-Schuster van My Happy Kitchen in haar habitat.

Gastblogger Anne-Marie deelt op My Happy Kitchen heel veel tips over bezienswaardigheden in Oostenrijk en natuurlijk diverse recepten. Auf wiedersehen!

Gastblogger Laura van Veenendaal.


Gastblogger Laura van Veenendaal. Het mag toeval heten of niet, maar daags na mijn recensie van het boek Magisch Maleisisch trof  ik de zomerse gastblog van deze schrijver aan in mijn mailbox. Laura trapt daarmee een zomer af, die hopelijk meer van deze leuke persoonlijke verhalen oplevert op Gereons Keuken Thuis. Zij beaamt, wat ik donderdag schreef: Maleisië en haar keuken zijn magisch. Maar Laura van Veenendaal is niet alleen behept met Maleisië, kijk eens op haar site Lekkerplan . Daar staat hoe je Thaise viskoekjes maakt van Hollandse schol, hoe je zelf mooie loempia’s fabriceert en vertelt ze over de smaken van Taiwan. Maar nu eerst Maleisië! Dank Laura voor je enthousiaste deelname als gastblogger. En ik hoop voor je, dat er snel in Huizen zulk heerlijk streetfood is te vinden, alhoewel reizen naar Maleisië natuurlijk ook geen slechte optie is. Fijne zomer.

foto: op weg naar Dabong.

Laura van Lekkerplan ontdekte het lekkerste land ter wereld (het is niet Italië)

Aziatische smaken zijn de beste smaken, als je het mij vraagt. Koriander, gember, vissaus, daar word ik vrolijk van. Daarom kook ik met de smaken van China, Vietnam en wijde omstreken en op Lekkerplan schrijf ik een blog vol over de lekkere dingen, die ik al doende ontdek. De allerfijnste gebakken rijst met lente-ui-gemberdressing, bijvoorbeeld. Of noedelsoep met spekjes, die de rotste dag beter maakt. Of…

Maar ik dwaal af. Ik ben hier om te vertellen over het eten in het lekkerste land ter wereld. Het zal duidelijk zijn dat de keuze makkelijk was toen de echtgenoot en ik vorig jaar een bestemming zochten om zes weken rond te trekken met onze twee koters. We gingen richting Azië. Nou is dat een aanzienlijk deel van de wereld, dus er zat wat leeswerk in de nadere plaatsbepaling. Toen ik de Lonely Planet van Maleisië in handen kreeg, was de zoektocht echter voorbij. Een land waar Maleisiërs, Chinezen en Indiërs hard hun culinaire best doen. Net als een hele rij kleinere bevolkingsgroepen. Vlak onder Thailand? Het is alsof Maleisië is ontworpen voor mijn smaakpapillen.

Maleisië in drie maaltijden

Het is een risico, al vóór aankomst zo zeker van zijn, dat je het smaaknirvana gaat bereiken. En we hebben ook heus middelmatige happen geïncasseerd. Dat gebeurde vooral als we bij een menukaart van acht kantjes beter hadden moeten weten  dan aan te schuiven. Maar het was voornamelijk heerlijk, zes weken Maleisië. Laat me de reis samenvatten in drie iconische maaltijden.

 Op houtskool geroosterde saté bij Capital Café in Kuala Lumpur. Voor we in het vliegtuig stapten, dacht ik bij Maleisisch eten vooral aan laksa (pittige, zure noedelsoep met vis) en rijst met prutjes. (Het is de Indische in mij die overal een rijsttafel in ziet.) Eenmaal rondstappend op het schiereiland begreep ik al snel dat saté ook thuishoort  in het lijstje “typisch Maleisisch”.

Uiteraard zijn Maleisiërs niet de enigen die gemarineerd vlees op een stokje rijgen om te bakken boven houtvuur. Maar ze zijn er wel zo dol op dat geroosterd vlees resoluut mijn Maleisische herinneringen geur geeft. Dat roosteren gebeurt meestal op straat.  In Kota Bharu, in het noorden van Maleisië, was er bijvoorbeeld een paar avonden per week een straat afgezet zodat mensen vers gemaakte saté (en rijst en groenten) konden eten.

De eerste saté die wij aten, kwam van de stoep voor het Capital Café in Kuala Lumpur. We waren rond half zeven bij het restaurant en hoopten dat de barbecue al aan zou zijn. We hadden geluk. Grote rookpluimen begroetten ons en omarmden ons met het aroma van net-niet-geblakerd vlees.

Met een grote grijns gingen we zitten en selecteerden een stel bijgerechten. Maar helaas. Alleen de gebakken noedels waren er nog. Okay. Noedels werden het dus, plus een berg vleesstokjes. Na de eerste hap saté waren we de teleurstelling over de afwezige bijgerechten vergeten. Sappig vlees, marinade met veel knoflook en koriander en dan dat rokerige van de grill. Wat een fijn maal! En omdat we niet hoefden te wachten op de keuken, stonden we ook betrekkelijk snel weer buiten (Na een tweede rondje van de saté, uiteraard.) Best fijn, als je met twee gejetlagde minimensen onder de arm op stap bent.

foto: saté’s roosteren bij Capital Café in Kuala Lumpur

 Loeivers platbrood naast de speeltuin in Dabong. Sowieso speelt veel van het eetavontuur in Maleisie zich af op straat. Toeristen uit heel zuid-oost Azië schijnen speciaal naar Georgetown (in het noordwesten van het schiereiland) te komen voor het streetfood. En die heerlijkheid beperkt zich niet tot de steden. We aten ook in dorpen een hoop lekkers op de stoep. In Dabong, bijvoorbeeld.

Dabong is één van de toegangspoorten tot de jungle in het binnenland van Maleisie. Aan de andere kant van die jungle ligt echter een nog veel beroemdere toegang en Dabong krijgt daardoor niet zoveel toeristen. Ze zijn er, maar wild toeristisch is het niet. Er zijn één of twee hotels, je kunt op het treinstation een hapje eten en op de stoep naast de speeltuin ijsthee drinken. Oh, en je kunt de jungle in. Dan ben je er wel zo’n beetje.  

Dat dachten wij tenminste, toen we na een dag rondsjouwen tussen de bomen neerstreken tegenover de glijbaan. Toen we even hadden gezeten, kwamen er echter opeens een hoop mensen naast ons zitten. Bleek dat er ’s avonds een keukentje openging bij het terras, dat gloeiendhete roti canai (lekker vettig platbrood met laagjes) bakte. Ze waren zo populair dat wij dachten: “hee, we eten mee”.

Bestellen was even een toneelstukje. Ik geloof dat ze niet begrepen, dat wij vragen konden hebben over de zeer overzichtelijke keuze. De enige reactie die kwam op “Wat is dat voor saus?” en “Heeft u verschillende smaken?” was “Do you want egg or no egg?”. Twee met en twee zonder ei dan maar, en we hoopten dat we van die intrigerende dip zouden krijgen. Dat kregen we en het bleek de perfecte pittige jus-saus om het elastische brood met schroeiplekjes in te dopen.

foto: het mooie uitzicht bij Duyong Cherating

Vriendelijk met rust gelaten worden en brood eten

De maaltijd was ook naast z’n locatie op de stoep typerend voor veel van onze reis. Zodra we de palmstranden en beroemde stadjes verlietten, waren er niet zoveel andere witte gezichten en konden we een beetje meedoen in de randen van het Maleisische leven. Mensen waren zeker behulpzaam. Toen de peuter op de stoep in Dabong z’n melk over tafel knalde kwam er voor wij “sorry, sorry!” konden roepen een nieuwe, met een aai over z’n bol voor de schrik. Maar verder hadden ze betere dingen te doen dan zich druk maken over ons.

Brood eten, bijvoorbeeld. Ik had me ingesteld op zes weken rijst en noedels en noedels en rijst. Die waren er, uiteraard, maar geroosterd brood met kokosjam is een populair ontbijt en overal waar we kwamen werd verse roti canai gebakken. Hoe heerlijk, supervers brood eten met de zon op je rug en de geur van knoflook in de lucht.

Thaise rundvleessalade bij Duyong, Cherating. De laatste maaltijd die voor mij Maleisie samenvat, is een Thaise. Je kunt geen gids openslaan zonder te lezen over wat een harmonieuze etnische smeltkroes het land is. Nou valt daar genoeg op af te dingen, met bijvoorbeeld een graaiende ex-premier, dames die een onderzoek aan hun broek krijgen als ze bespreken waarom ze geen hoofddoek meer dragen en inheemse stammen die uitsterven, maar qua eten ben je bepaald niet beperkt tot één keuken. Zo aten we fantastische dim sum, prima Koreaanse bibimbap en supersappige kip uit de Indiaase tandoor.

Misschien wel mijn favoriete “buitenlandse” maaltijd aten we in het stranddorp Cherating. Daar kun je op het witte strand liggen, vuurvliegjes bewonderen en dus heel fijn Thais eten bij restaurant Duyong.

Duyong ligt aan een rivier en op het grote terras heb je rond etenstijd een betoverend uitzicht op de zon die zich roze en paars verstopt achter het water. Dan krijg je een menu van acht kantjes en ga je je zorgen maken, maar dat is nergens voor nodig.  De eerste avond bestelden we uit het Thaise deel van het menu en ook al zijn we nog een keer terug geweest, verder zijn we niet gekomen. Het was ook zo lekker. De gefrituurde tofu had een dun, knapperig jasje en romige binnenkant. De noedels hadden flink wat wok-adem en genoeg knoflook om Dracula maanden in Transsylvanië te houden. Maar het allerbest was de Thaise rundvleessalade.

Voor die salade bakten ze reepjes rundvlees net lang genoeg om gaar te zijn (tropen hè?), maar nog wel sappig. Die legden ze op een lading knapperige, rauwe groente met een dressing die vurig van de chilipeper, fris van het limoensap en funky van de vissaus was. De echtgenoot wilde ook graag proeven, maar ik vond het heel, heel lastig om hem meer dan een minihapje te geven. Niet erg harmonieuze smeltkroes van mij, maar tsja. Soms moeten oude liefdes het afleggen tegen nieuwe vlammen.

Nog niet overtuigd dat Maleisië het lekkerste land is?

Op Lekker Plan vertel ik je over de tien lekkerste hapjes die we er aten. Lees, krijg honger en koop een ticket. Selamat makan alvast!

foto: gastblogger Laura van Veenendaal.

Over Laura van Veenendaal

Laura is verliefd op Aziatische smaken en blogt op Lekkerplan over de lekkerste recepten met die smaken. Ze woont in Huizen en droomt over de dag dat daar goed street food te koop zal zijn. Tot die tijd gaat ze regelmatig op reis om het elders te eten.

Dit was de eerste zomerse gastblogger op Gereons Keuken Thuis, volgende keer lezen we het verhaal van Anne-Marie Otter-Schuster van My Happy Kitchen. Stay tuned!

Magisch Maleisisch, Norman Musa.

foto: Musa in zijn Maleisische habitat bij Keizer Culinair.

Magisch Maleisisch. Het is een land waar ik helemaal niet mee bekend ben, niet met de tradities, noch met de keuken. Gereons Keuken Thuis dacht altijd, dat de Maleise en Indonesische keuken een cross over van elkaar waren. Maar niets is minder waar, kwam ik te weten. Het verhaal, dat chefkok Norman Musa graag vertelt in zijn knalgele kook- en leesboek Magisch Maleisisch, een tocht door zijn geboorteland. Musa woont en werkt tegenwoordig in Nederland, alwaar hij in Leidschendam een Maleisisch restaurant Wah Nam Hong bestiert. Een noviteit voor ons koude kikkerland, want anders dan andere Aziatische keukens is de Maleisische niet wijdverbreid. Maar daar gaat zeker verandering in komen als je gelezen hebt over de kookkunsten van deze man? Of moet ik zeggen van wijlen zijn moeder? Of de ode aan zijn geboortegrond? Want toen Musa in Manchester zijn eigen restaurant NING bestierde, was het zijn moeder, die de scepter zwaaide. Maleisië betekent voor Norman Musa de magie van samen eten, overal en altijd. Zijn moeder was een ware prinses in de keuken en heldin voor zijn schoolvriendjes, want er was altijd wat te nassen in huize Musa. Eten is overal, met Thaise, Indiase, Chinese invloeden en koloniaal Portugese, Britse en Hollandse trekjes. Daarnaast zijn er nog de keukens van kleine bevolkingsgroepen zoals de uit China afkomstige Nyonya gemeenschap. Of eten uit wat minder toegankelijke gebieden. Maar whatever de achtergrond, er wordt divers gegeten in dit land. Een echte meltingpot.

foto: cover Magisch Maleisië

Magisch Maleisisch start met hoe kan het ook anders streetfood en snacks, een emblematisch iets voor Z.O. Aziatische landen. Kipsaté ontbreekt niet, net als Maleisische roti jala, netpannenkoekjes, die ik tijdens de presentatie bij keizer Culinair proefde. Soft shell krab komt voorbij en Maleisische curry puffs. Vis & zeevruchten ontbreken niet op het menu, want de zee is altijd aanwezig, in de vorm van een rijke zeevruchtencurry, oesters met ei of andere visgerechten uit de wok. Kippen- en rundvlees zijn alom aanwezig in het hoofdstuk vlees. Maleisië is een islamitisch land en alle keukentradities hebben zich daaraan aangepast. In het boek tref je dan ook geen varkensvlees aan. Dat vind ik anders dan in de Indonesische keuken. Natuurlijk is er kipcurry van de Nyonya bevolkingsgroep, rendang van rund en heel bijzonder een Maleisisch- Portugese duivelscurry. De chilipeper werd immers door de Portugezen meegebracht uit Latijns Amerika en veroverde een plekje. Wat zou de keuken zijn zonder rijst en noedels? Of een dahl linzen schotel? En eiergerechten? Norman Musa schotelt ze allemaal voor in dit boek. Hij nam zelfs het favoriete noedelgerecht van zijn vader op. Zoetigheden volgen en tot slot smaakmakers. Allemaal duidelijk terug te vinden. Maar… het mooiste aan Magisch Maleisisch is het verhaal van Norman zelf, hoe hij per gerecht beschrijft wat hij erbij voelt. Hoe het de koude verdrijft. Het zijn recepten verpakt in een  persoonlijk document. Dat was ook te merken tijdens de presentatie. De verbondenheid van  Norman Musa met zijn geboorteland. Nu samengevat in een kook- en leesboek over Magisch Maleisië. Ik vind het heerlijke zomerkost.

foto: het eerste exemplaar was voor de ambassadeur van Maleisië.

Magisch Maleisisch, Norman Musa (ISBN 9789057599583) is een uitgave van Podium en is on en offline te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

1 juli, dag van de pastasalade, lustrumeditie.

foto: is pastasalade een specialité Niçoise?

Het is maandag 1 juli, dag van de pastasalade, de lustrumeditie. Wat een feest toch elke keer weer zo aan het begin van de zomer. Het enthousiasme, waarmee iedereen zijn recept voor pastasalade deelt en dat al voor de vijfde keer! Deze reis gaat Gereons Keuken Thuis vloeken in de kerk, zowel in de Italiaanse als die van de stad Nice. Want pasta wordt nooit koud gegeten en in een salade Niçoise gaat wel aardappel maar geen pasta. Ik maak deze keer een pastasalade à la Niçoise op mijn eigen wijze. En fotografeer deze creatie niet. Kan allemaal aanstoot geven, maar what the heck, het is maar één dag per jaar dag van de #pastasalade. Laten we aan de slag gaan!

foto: yellow funky pastasalade

Eerst even wat terugblikken: In 2015 begon ik op de dag van de pastasalade met een knalgele funky pastasalade met spek en ras al hanout, de 2016 editie was geïnspireerd op de vlag van Portugal met groene olijven en het rood van chorizo. Een daverend succes gedurende een beachdag in SeaSpot. In 2017 ging ik met de Franse slag te werk. Het werd uiteindelijk een half warme pastasalade, van volkoren penne, sinaasappel, noten, een dressing van rode wijnazijn en notenolie en snel gegrilde eendenborst, op een bedje van veldsla, sur un lit de mâche. Een bord en een mond vol zullen we maar zeggen.

foto; pastasalade Portugaise met pit tijdens beachday SeaSpot


Van geheel andere orde was de pastasalade op 1 juli 2018 met vis in de hoofdrol. Bart van Olphen zou blij zijn met zoveel vis uit blik gebruik! En… tatarata: voor de lustrumeditie dit jaar ga ik voor een pasta salade à la Niçoise. We drinken er koude rosé bij, uit de VAR, heerlijk verkoelend als de temperaturen de 30+ aantikken. 1 juli, dag van de pastasalade. Be a good sport en deel zoveel mogelijk de creaties van je collega foodbloggers op Facebook, Twitter en Instagram.

Nodig:

300 g gekookte penne afgekoeld

250 gekookte sperziebonen

1 rode ui in ringetjes

2 tenen knoflook fijngehakt

2 vastkokende aardappels gekookt en in blokjes (fac.)

1 blikje ansjovis

2 el kappertjes

2 tenen knoflook fijngehakt

citroensap

olijfolie

zwarte peper

zout

gehakte peterselie

4 hard gekookte eieren in kwarten

Bereiding:

Kook de penne al dente en laat deze afkoelen. Spoel goed af met koud water en zet even ter koeling in wat gezouten water. Kook de aardappels en eieren. Snijd de aardappels in blokjes en de w=eieren in kwarten. kook de sperziebonen in ruim kokend gezouten water. Laat de ansjovis uitlekken, net als de kappertjes op wat keukenpapier. Hak de tenen knoflook zeer fijn en rasp wat schil van de geboende citroen. hak wat peterselie fijn. Men alle ingrediënten goed door elkaar in een schaal. Maak een dressing van peper, zout, olijfolie en citroensap. Meng de dressing door de pastasalade. Serveer de salade op borden met als garnering de partjes hard gekookt ei.

foto: de -visuitblik_ pastasalade

Tot slot een korte bloemlezing van pastasalades van andere foodbloggers:

Sophie van Wijnen met een Pastasalade zomerfeest uit 2018.

Italiaans koken met Antoinette met een Lauwwarme pastasalade met pesto alla Trapanese uit 2015.

Marleen van Es maakt een pastasalade uit haar volkstuin, een pastasalade met asperges en saffraan uit 2017.

en last but not least: Miss Foodiemoods met een pastasalade met zalm uit 2016.

Meer recepten op 1 juli, dag van de pastasalade vind je op de speciale Facebook pagina Succes!

The Grand Blogger Dinner 2019.

foto: het menu met hoe attent je naam erop!

The Grand Blogger Dinner 2019. De Amsterdam editie. Dit jaar in het West Indisch Huis aan de Herenmarkt, een mooie locatie uit de Gouden Eeuw, vol geschiedenis, wist Peter Stuyvesant, nog niet met houten been, ons in zijn welkomstwoord te melden. Stuyvesant vertelde over zijn aankoop van het eiland Manhattan, het latere Nieuw Amsterdam, een kolonie, waar in 1674 met de komst van de Engelsen node werd afstand gedaan. De voormalig gouverneur keerde terug en is tot op heden te bewonderen als beeld op de binnenplaats van deze Mokumse plek. Met houten been. Het West Indisch Huis herbergde ook de zilverschat van Piet Hein, zo’n slordige 11 miljoen gulden. Maar dat is natuurlijk allang opperdepop. Ik hoefde dus niet te gaan schatgraven, aldus Stuyvesant.

foto: IJwit van Mokumse stadsbrouwer Het IJ.

Maar terug naar de avond van gisteren. Het jaarlijkse Grand Blogger Dinner, dat met brio wordt georganiseerd door Mister Goodiebag, waar een keur van merken zich via een 5 gangen menu presenteren aan het aanwezige (food)bloggersvolk. De tafels stonden feestelijk gedekt klaar met styling van CASA in geel koper. Mooi voor bij deze 17e eeuwse setting. Bij binnenkomst verraste biersommelier Brecht Terryn, opgeleid aan de hotelschool van Koksijde en nu werkzaam bij Duvel, Gereons Keuken Thuis met een struis glas IJwit van Amsterdamse brouwerij Het IJ, ja die van de molen in Oost en tegenwoordig ook het Blauwe Theehuis in het Vondelpark.

foto: Brecht Terryn schenkt in en vertelt.

Brouwerij Het IJ maakt tegenwoordig deel uit van het Duvel-Moortgat consortium. Met in hun bierrepertoire Liefmans, van de kriek, De Koninck van het bolleke, La Chouffe uit Houffalize, Maredsous, het hippe Vedett en natuurlijk den straffe Duvel. Een mooi palet om uit te kiezen. Dit had hij gedaan voor het menu, want anders dan vorig jaar waren de gerechten gecomponeerd voor bij de geschonken bieren. Je moet dan natuurlijk wel bierdrinker zijn, maar voor mij een mooie kans om op deze avond in plaats van wine & food pairing, eens bier en eten te degusteren.

foto: carpaccio van ananas met garnaal voor bij de Vedett IPA.

We startten met een Vedett extra IPA, fris met een zuurtje en wat hoppigheid voor bij een carpaccio van ananas met warme garnaal. Een goede match, mooi gekozen door Brecht. Het tweede bier kwam in een mooi glas met de skyline van onder andere de Noordkaai in Antwerpen. Stad, waaraan Gereons Keuken Thuis heel wat bierherinneringen heeft. Niet in de laatste plaats aan het stadsbier van De Koninck met zijn bollekes. Terryn serveerde een tripel van deze brouwer, vol in de mond, voor bij de op lage temperatuur gegaarde zomerzalm met coeur de boeuf pommodori en majoraanschuim. Een puike combi. Wat een heerlijk bier. Gereons Keuken Thuis gaat snel uitvinden waar dit bier, laten we het een chardonnay in bierland noemen verkrijgbaar is.

foto: op lage temperatuur gegaarde zalm voor bij de Tripel d’Anvers.

We kregen bij de derde gang een Duvel geschonken, stevige smaak, mijns inziens ietsje te bitter voor bij de “Toma”chef tomatensalade met prima jonge  kaas op een coulis van groene kruiden. De alom aanwezige smaak van spinazie deed het bier niet goed, de romige kaas wel.

foto: een tussengerecht geserveerd met Duvel.

Verder ging het met mossels, hoe kan ook anders, daags na de opening van het mosselseizoen, met een glas Tank zeven van het Amerikaanse Boulevard Brewery. Want bieren uit de VS timmeren danig aan de weg. Wat zonde was, dat het op zich smakelijke gerecht van Aziatische stijl mosselen met kerrie op parelgort van rijstkoning Lassie de tafels bijna koud bereikte.

foto: gerecht van kerrie mossel en parelgort voor bij Amerikaans bier.

Tot slot presenteerde Brecht Terryn een Duvel tripel extra hop, met een frisse hint voor bij de selectie kazen van Willig. Ik vind dat een leuke keuze, om juist geen zwaar bier bij kaas te drinken.

En zo vloog de avond in het goede gezelschap van mijn tafeldames Francine en Marjolein en tafelheer Luuk in rap tempo om. Want het is toch vooral bijkletsen met collega bloggers zoals Rory Blokzijl en Anne-Marie Otter. The Grand Blogger Dinner vloog om en voor Gereons Keuken Thuis het wist zat hij op de fiets westwaarts met een goedgevulde Mister Goodiebag. Dank Alwin Jager en zijn team voor wederom een genoeglijke avond.

foto: #momentje met collega blogger Rory.

The Grand Blogger Dinner 2019 werd mede mogelijk gemaakt door Filippo Berio olijfolie, West Indisch Huis, a matter of taste, Stoffels tomaten, Lassie altijd goed, Henri Willig kazen, Duvel Nederland, San Pellegrino & Acqua Panna en tot slot CASA shops.

Try before you die, 150 Restaurants.

foto: cover 150 restaurants you need to visit before you die.

Try before you die, 150 Restaurants, het nieuwe boek van influencer en tastehunter The Foodalist alias de in Brussel woonachtige Amélie Vincent. Juriste van opleiding -wat ruilen toch veel juristen hun carrière in voor een foodbestaan- , maar tegenwoordig baasje van haar eigen bureau, dat gespecialiseerd is in wereldwijde gastronomie, mensen en culturen. Vincent heeft zich altijd aangetrokken gevoeld door mensen. Als kind wilde ze verpleegster of sociaal werkster worden. Eigenlijk is ze dat uiteindelijk geworden als The Foodalist. Behalve dat zij in haar dagelijks bestaan niet te maken krijgt met patiënten of cliënten, maar wereldwijd de vinger aan de pols houdt in restaurants en bij chefs. Met het boek 150 Restaurants, you need to visit before you die wil ze een hommage brengen aan al die fijne en leuke mensen, die zij ontmoette all over the world. Ik noem het een privilege, want wie, zoals een Facebook contact van mij opmerkte, heeft de tijd en het geld om dat te doen? In haar voorwoord geeft Amélie Vincent hierop het antwoord. Natuurlijk zijn haar keuzes subjectief en moet je haar boek meer zien als een soort bucketlist. Zo zag ik het ook: lekker weglezen en -dromen bij al die mooie restaurants, die zij bezocht. Gereons Keuken Thuis was er wel zoet mee. Het boek start in Noord en Zuid Amerika, van Astrid & Gaston in Lima. (zeg nou zelf wie wil daar nu niet naartoe?) Via mooie adressen zoals Pujol in Mexico DF naar Eleven Madison, het meest stijlvolle restaurant in New York, volgens Vincent. Culi-adressen in San Francisco komen aan bod en DOM van Alex Atala in São Paulo mag niet ontbreken. Gek dat er geen enkel adres in LA instaat. Wie weet is de schrijfster daar nog niet aan toegekomen. Tot slot, ook een wens van mij om eens te bezoeken, Hartwood in Tulum, één groot culinair avontuur op Yucatán.

We steken de Atlantische Oceaan over naar ons continent. Vincent noemt de Kas in Watergraafsmeer, naast Pure C en Librije. De eerste vind ik een beetje bijzondere keuze, omdat er wel meer te vinden is op culinair gebied in Mokum en Nederland. Antwerpen is vertegenwoordigd door Nick Brils The Jane, je treft verscheidene Baskische restaurants aan, zoals Etxebarri en Mugaritz. Disfrutar in Barcelona ontbreekt niet. Kopenhagen wordt gecoverd. Vincent brengt diverse bezoekjes aan de adressen van Alain Ducasse in Monaco en Parijs. Die andere Alain, Passard passeert de revue en ik wil nog de Osteria Francescana vermelden. Allemaal adressen in de hitparade van 150 restaurants. Met deze twee continenten is bijna 4/5 van het boek gevuld. (200 van de 250 pagina’s) Het Afrikaanse continent komt er bekaaid vanaf met slechts één vermelding in Kaapstad. Dat, terwijl Kiran Jethwa met zijn Seven Grill & Lounge in Nairobi, ook vermeld had kunnen worden. Maar nogmaals het is de bucket list van The Foodalist. Tot slot bezoekt de schrijfster Azië en Oceanië, Van Tawlet in Beiroet via het modern Chinese 120 Mott 32 in Hong Kong, om  uiteindelijk via het restaurant van Michel Bras in Tokio, down under te eindigen bij het eco-friendly restaurant Brae in Victoria.

En daarmee is het kringetje rond. Amélie Vincent heeft haar best gedaan een leuke wereldwijde restaurantgids te schrijven. want een goed restaurant vinden in een vreemde stad kan soms tegenvallen.  Een soort try before you die, noem ik 150 Restaurants, een leuk boek voor frequent travelers, want als je er dan toch bent….. Do as The Foodalist does!

150 restaurants, you need to visit before you die. Amélie Vincent (ISBN 9789401454421) is een uitgave van Lannoo en is te koop voor € 25,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gereons keuken thuis alfresco 2019.

foto: gereons keuken thuis alfresco, zoals het begon.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. De lustrum-editie. Voor de vijfde keer gaan we buiten koken, buiten grillen, picknicken en op het strand borrelen. Ik noem het nu al 5 jaar mijn #alfresco zomer. Ik nodig dan foodbloggers, maar ook niet bloggers uit om hun leuke buitenkook- en eetrecepten in een reactie hieronder te delen. In september organiseer ik dan een tombola, waarbij twee leuke zomerse boeken zijn te winnen. Dat is op 15 september. Maar eerst gaan we de zomer in. Gelukkig voorspellen de weermannen stijgende temperaturen. Eindelijk, want mei was niet veel soeps. De grill en het kookplaatje op mijn Amsterdamse balkon kunnen weer aan. De strandborrel- en picknickmand staat klaar. Er lekker op uit. Genieten van de lange dagen.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. Wie weet heb jij (ook) wel een hele buitenkeuken waar de hele zomer wordt gekookt en gegeten? Of picknick je vaak in het park? Of je gaat graag spelevaren op de gracht? Er komen speciale zomergasten langs zoals Janneke Vreugdenhil en Anas Atassi. Er is plek voor Zomerkost van de hand van Jeroen Meus en we verkennen de leukste gerechten uit Catalonië en Portugal. EIVI embracement wines van Ibiza. Anyway, vanaf 1 juni gaat Gereons Keuken Thuis in de alfresco stand. Laat je leuke vondsten weten! Ik heb er zin in. Alvast een fijne zomer!

foto: easy salad

La douce Paris, met Janny langs de lekkerste bakkers van Parijs.

foto: wat een heerlijke réligieuse.

La douce Paris, een woordspeling op la douce France, land van het zoete verrukkelijke leven. En dan la capitale Parijs, ville lumière, stad van knisperende baguettes, boterige croissants, smeltende pains au chocolat en taartjes. Want à Paris on prend la mésure en de grande dame, die je in dit boek langs al dat lekkers loodst, is niemand minder dan Janny van der Heijden. Als een volleerd randonneuse verkende zij de arrondissements, op zoek naar de lekkerste dingen van patissiers. En route dus met Janny.

La douce Paris is een ode van Janny aan deze stad, de elegantie, die zich ook laat zien in alle patisseriecreaties, sommige bijna te mooi op te eten. De schrijfster is dol op Parijs en bezoekt graag de bakkers, die bijna 24 op 24 Parijs bedienen van het heerlijkste op brood- , maar ook op patisseriegebied. Dat 24/24 is niet helemaal waar, want tussen 10 en 4 is het verboden te bakken. Maar tijdens de andere uren worden de heerlijkste broden en zoetigheden vervaardigd. Je kunt er een tour van maken. En dat is nu precies het leuke aan La douce Paris. Janny neemt je mee langs haar favoriete adressen.

We beginnen in de buurt van les Halles, tot 1962 Rungis het overnam, het culinaire hart van Parijs. Deze buurt werd getransformeerd tot cultureel centrum van de stad, maar raakte in de jaren negentig in verval. Nu is mede door ingrijpen met nieuwe Hallen de buurt weer sterk in opmars. Wat echter altijd bleef waren de gerenommeerde adressen, zoals Stohrer met zijn puits d’amour of maison Kayser met baguette mongue, vernoemd naar de eerste bakkerij. Janny verklapt hierna het recept om de heerlijke tarte au caramel van het laatste huis zelf te maken.

foto: cover La douce Paris

We belanden in de Rue Saint Honoré, een chique straat met bodyguards voor de merkwinkels. Een vriendin uit mijn studietijd woont daar en schreef over deze buurt een mooi boek. Der Himmel neben dem Louvre. Over haar leven in Parijs en in de salons du thé. Want dat kenmerkt deze buurt tussen Louvre en Place Vêndome, met de grote hotels en joailliers.  Je drinkt hier geen koffie, maar vlijt je neer voor een kop of kannetje thee. Ook vind je hier de grote huizen als Ladurée met de beruchte macarons, het chocolat chaud adres Angelina en le patisserie du Meurice, waar vrais objets d’art worden gemaakt. Te mooi om op te eten. Als je dat doet, doe zoals Janny en peuzel je taartje op in de fijne tuin van het Palais Royal. Een van de favoriete plekjes van Gereons Keuken Thuis in Parijs, ver van de stad, maar er ook middenin. La douce Paris gaat verder langs de bakkers en patissiers van de buurt rond boulevard Haussmann en Opéra. Daar zitten enkele pareltjes en favorieten van Janny, ook Japanse. Lunchen doe je bij  Galéries Lafayette of op het dak van Printemps. Montmartre en Pigalle, ontbreken niet aan de voet van de bute met de suikerzoete roomsoezenkerk, de Sacré Coeur. Een levendige buurt, met wederom een mooie route. De Marais, Rue des Rosiers, het hart van Joods Parijs, waar ze in de rij staan voor de falafel. Het leuke aan deze buurt is dat alles nog kleinschalig is rond de Place des Vosges. En wat te denken van de pretzels en apfelstrudel van Asjkenazische en koosjere bakkerij van Florence Kahn?

foto: stap in de Russische 19e eeuw bij Pouchkine.

Ik verlaat de rive droite, want aan de andere kant van de Seine ontdekte Janny ook veel moois. Studentenbuurt Quartier Latin. Vergeet niet bij Berthillon op Ile St. Louis een ijsje te eten, alvorens je tour te starten op de Place Saint Michel. Bezoek eens de Tunesische bakkerij in de Rue de la Harpe, score een boek, net als Alice B. Toklas of  Hemingway bij de Shakespeare Company en peuzel je zoete waar al lezend op in de tuinen van het Luxembourg. Of in de tuinen rond de Romeinse opgravingen in deze buurt. Terwijl ik nu zit te typen zie ik het allemaal voor me. Last but not least, gaan we BCBG naar Saint Germain des Prés, wieg van het rive gauche gevoel, met warenhuis Au Bon Marché en befaamde brasserieën. Ik ben door dit boek er wel achter dat taartjes ook iets existentialistisch hebben. Klassieke patisserie in optima forma, zoals de meesterlijke macarons van Pierre Hermé.

Inmiddels is het een wat lange recensie geworden en dan ben ik nog niet eens op de helft. La douce Paris is een smul- droom- en reisboek ineen. Zelfs op deze vrijdagochtend aan zee waan ik me even ailleurs. Volgende keer live op pad met dit heerlijke boek onder de arm. Want, als je in Frankrijk of Parijs bent verdien je elke dag een taartje, een stukje joie de vivre.  Chapeau Janny!

La douce Paris, Janny van der Heijden (ISBN 9789018045166) is een uitgave van ANWB boeken en te koop voor € 23,95 (leden) of € 24,95 (niet leden)

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Urban Jungle, Igor Josifovic & Judith de Graaff.

foto: cover Urban Jungle.

Urban jungle, wereldwijde trend, je zou zelfs kunnen zeggen, dat deze trendstatus is overgegaan in een blijvertje. Ik schreef dat al eens eerder in een blog. Want groene planten zorgen voor frisse en gezonde lucht, een fijn klimaat in je huis. Meer en meer citydwellers weten dit en voegen de daad bij het woord. Ook ik ben zo’n #greenhappiness plantaddict, zowel buiten als binnen, jaarrond. Lekker bezig zijn met groen om je heen. Interieurstilisten Igor Josifovic en Judith de Graaff troffen elkaar in 2013 op een terras in Parijs en ontdekten dat zij ook plantaddicts waren. Het resulteerde in een samenwerking, een maandelijks topic over groen en de blog urbanjunglebloggers. Velen sloten zich aan bij deze community en nu is er Urban Jungle, het boek, vol inspiratie voor een huis vol groen. In leuke settings, met fijne ideeën en tips van plantenliefhebbers uit verschillende steden. Igor en Judith hopen, dat het boek meer is dan een koffietafelboek en het je aanzet tot actie. Ik sprak gisteren op Gereons Keuken Thuis over #plantificeren van voeding. Dit mooie neologisme kan natuurlijk ook gebruikt worden voor je woonruimte N’est ce pas?

foto: greenscape at SeaSpot

Aan de slag met groen in je huis. Ik noem het meestal de kantoortuin, want als je veel vanuit huis werkt zoals wij beiden doen, is het fijn groen om je heen te hebben. Urban Jungle was op bezoek bij  Marij en Evert uit Alphen aan de Rijn, twee creatieve Nederlanders, die van hun standaard Hollandse woning een groene oase maakten. Planten in grappige potten van de kringloopwinkel, hangplanten en Marij vertelt hoe je zelf een plantenhanger van touw macrameet. Bij elk interview vind je handige tips voor styling en verzorging. Via cactussen en vetplanten gaat het verder naar Hastings (van de slag in 1066, maar dat terzijde), waar Jeska en Dean een groen juweeltje bewonen aan het Kanaal. Een huis vol vintage en groene planten. Alles is doelbewust verzameld. Ook de planten. Jeska laat als stylingtip zien, hoe je je eigen terrarium maakt.

In Urban Jungle mag de monstera of vingerplant niet ontbreken. Deze echte seventies knakker is back on track, net zoals de koning van het oerwoud de monstera deliciosa. We belanden bij een jong gezin nabij Heidelberg, Hier leven de Schmidts tussen het groen. Dit Duitse stel vindt het heerlijk de natuur in huis te halen. Als meisje vond Pepper het al heerlijk om buiten te zijn en met groene planten haalt zij de natuur naar binnen. Net zoals vondsten uit de natuur, geplaatst in een minimalistische setting.

De ficus elastica komt aan bod. Ik heb zelf twee robusta’s in SeaSpot staan, een donkerkleurige en een bicolor. Heerlijk stoere en mannelijke planten. Die tegen een stootje kunnen. Wisten jullie, dat een groot deel van groene planten door mannen wordt gekocht? Via de multifunctionele calathea, die tegenwoordig in allerlei schakeringen te koop is, o.a. bij Cuki in de Amsterdamse De Clerqstraat beland ik bij de creatieve Morgane uit Toulouse. Deze creatieve plantenliefhebster woont met haar zoontje in een groen nest. Never a dull moment bij deze Française, want zij tovert oude glaasjes met een likje verf om in plantenpotjes. De wekelijkse verzorging  van het groen is haar time out.

En zo gaat Urban Jungle van Igor Josifovic en Judith de Graaff verder. De populaire pannenkoekplant ontbreekt niet, net als de pilea. Het boek eindigt in een oase van groen in Istanboel. Het boek geeft als extra een register vol blogs, winkels en handige internetadressen. Urban Jungle is een heerlijk boek om inspiratie op te doen voor je eigen groencollectie, maar wat ik nog leuker vind aan dit boek is dat mijn groene vingers nu jeuken om aan de slag te gaan vandaag. Ter illustratie een kiekje van mijn eigen urban jungletje.

foto: mijn Mokumse urban jungletje

Urban Jungle, inspiratie voor een huis vol groen, Igor Josifovic en Judith de Graaff. (ISBN 9789059567719) is een uitgave van Fontaine en is te koop voor € 22,00.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer