Een Gascoons recept van George Sand.

foto: cover George Sand et ses recettes gasconnes.

Een Gascoons recept van George Sand. Sissy Dudevant, schrijfster en nazaat van baron Casimir Dudevant, de echtgenoot van Aurore Dupin, later George Sand is opgegroeid in de epicurische traditie van deze familie in Gascogne. Een streek in zuidwest Frankrijk, waar het goed eten en drinken is. Uit diverse kookschriften en receptenboeken van haar grootmoeder madame Magné, de baron en George Sand stelde zij een kookboek samen. In de grote boekenzaak van Le Somail inde Aude vond GKT een kookboek met Gascoonse recepten van het echtpaar Dudevant, die haar grootmoeder zorgvuldig bewaard had. Sissy Dudevant ging ermee aan de slag. Het resultaat is een kookboek in 19e-eeuwse stijl met anekdotes en verhalen.

Vandaag een Gascoons recept, dat zij toeschrijft aan George Sand: duiven met verse erwtjes. Het is een stevig landelijk recept. Gereons Keuken Thuis heeft het vertaald en her en der iets aangepast.

foto: duif in het pannetje.

Nodig:

6 duifjes, schoongemaakt

150 g Bayonne ham met vet in reepjes gesneden.

1 kg gedopte lente-erwtjes

5 kleine sjalotjes

12 lente-uitjes, de bolletjes ervan

1 el aardappelzetmeel of maïzena

6 ongepelde knoflooktenen

2 gepelde knoflooktenen

1 el dragon

6 el gezouten boter

1 el olie

2 tl zout

2 tl gekneusde peperkorrels

2 el suiker (of minder als je niet zo van zoete erwtjes houdt)

4 el Armagnac

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 220° Celsius. Vul de binnenkant van de duifjes met een mengsel van boter, zout, peperkorrels, gepelde en gehakte knoflook en dragon. Verwarm twee eetlepels boter en een el olie in een diepe pan en kleur de duifjes om en om bruin. Snijd de gepelde sjalotjes in kwarten. Voeg deze toe aan het braadvet. Voeg hierna de ongepelde tenen knoflook, Bayonne ham in blokjes en nog wat dragon toe. Bak alles kort aan en blus met 2 el Armagnac en wat water. Doe het deksel op de pan en zet hem in de oven .Laat de duiven ongeveer 25 minuten garen.

Hak de bollen van de lente ui in stukjes. Verhit wat boter in een pan en laat de uitjes snel wat kleuren. Voeg wat zout en peper toe en tot slot de erwtjes met een half glas water, eventueel wat suiker en een el aardappelzetmeel. Breng het geheel aan de kook en gaar de verse lente-erwtjes in ongeveer 10 minuten tot ze gaar zijn. Haal de duiven uit de panen leg deze op een schaal. Dek af om warm et houden. Haal de ongepelde knoflook uit de jus. Roer de gekookte lente erwtjes door de jus met de rest van de Armagnac. Serveer de duifjes direct op de schaal met de erwtjes of per persoon in een diep bord. Geef er stevig brood bij.

Wijntip: Een rode cabernet franc uit Chinon, Loire.

*George Sand et ses recettes gasconnes. Sissy Dudevant. Uitgave van Magasin Pittoresque.

Trudy, de fazant. Een gastblog van Rinze de Vries.

Trudy de fazant. Onlangs plaatste ik op Facebook een oproep voor leuke verhalen voor de groene editie van Gereons Mag, die rond 22 februari verschijnt. Gastblogger Rinze de Vries stuurde mij een verhaal uit zijn Amsterdamse tuin. Over Trudy, een tuinbewoonster, waarvan Rinze eerst dacht, dat zij een fazant was.

foto: Trudy en de twee andere kippen.

Trudy, de fazant. In mei 2002 woonde ik in een huis met een grote achtertuin in Amsterdam. Het stel dat er voor ons woonde was al oud en had lang niets meer aan de tuin gedaan. Die verwilderde tuin trok, tot onze verrassing, veel vogels, kikkers en op een middag zelfs een konijn. In het najaar zag ik een grote vogel hoog in één van de bomen zitten. Het leek wel een fazant. Grappig vond ik het wel. In Amsterdam zoveel natuur. Later zaten we aan de koffie en bleek die fazant een kip te zijn. Tevreden scharrelde zij door de tuin. Ik heb haar een bruine boterham gegeven en die hapte ze zacht tokkend weg. Echt dichtbij kwam ze niet, maar dat had ik ook niet verwacht. Na de boodschappen (het was op een zaterdag) was ze er nog steeds. Ze zat in een groenblijvende boom op een lage tak. Tja wat te doen? Maar weer een boterham onder de boom gegooid en ook die hapte ze tevreden tokkend weg. Toen het donker werd dacht ik, dat ze was vertrokken. Na nog eens goed te hebben gekeken bleek ze veel hoger in de boom te zitten. Klaar voor de nacht. 

’s Ochtends scharrelde ze weer door de tuin en de hele zondag bleef ze dat doen. Maandag heb ik bij de dierenwinkel gemengd graan aangeschaft. Dit ging er vlot in en zodra ze me zag kwam ze al voorzichtig aanscharrelen die week. Een tijd lang ging dit zo door. Wij vonden het wel gezellig. Zelfs toen ze op een zaterdagochtend om acht uur luid onder ons slaapkamerraam zat te tokken. Een bakje voer en stil was onze Trudy weer. Via via hoorden we dat Tru thuishoorde op de school om de hoek. De conciërge kwam haar halen toen ik aan het werk was, want ik wilde het niet zien. Erg tam was ze nog steeds niet en ik zag al wilde taferelen van een angstige kip voor me, die met grof geweld door een nare man werd meegesleept. Dit was eind november 2002. Het kippenvoer heb ik op 30 december maar in de tuin gegooid voor de andere vogels. Mijn stille hoop, dat ze terug zou komen, had ik laten varen.

Echter het jaar 2003 had niet beter kunnen beginnen want op 3 januari scharrelde ze weer tevreden door onze tuin. Trudy was terug en voorgoed hoopte ik. De tuin werd haar domein. Ik snoeide en haalde onkruid weg. Ze stond zowat op mijn tenen te trappelen om te kijken of er beestjes omhoog kwamen als ik iets ging planten. Kleine plantjes kregen geen kans, want nijver als ze was, groef ze alles op. Op een dag merkte ik dat ze uit de tuin van buren kwam. Eieren had ik nog nooit gezien. Ook niet echt meer aan gedacht, maar ineens ontdekte ik een nest met meerdere eieren achter de omheining. En het was niet eens Pasen.

In de achtertuin is het bij een beetje snoeien en het planten van wat bessenstruiken gebleven. En een nachthok voor de kippen want ik haalde er nog twee Orpingtons bij. Trudy bleek een Assendelfter raskip. Ze had een grappig rozetje op haar hoofd. Jaren scharrelden ze door de tuin. Nijver krabbend trokken ze rond op zoek naar pieren. In de avond gingen ze in het nachthok en gelukkig legden ze daar ook eitjes. Nu 20 jaar later tuinier ik op een dakterras vol met grote potten. Ik kan vanaf het dak de tuin bijna zien. Op het dak groeien frambozen, zwarte bessen, aalbessen en bramen. Er staan kersenbomen, een perzik, pruimenbomen, nectarines en vijgen. In het seizoen verbouw ik sla, spinazie en snijbiet in potten. De groene parkieten hebben de kersenbomen al ontdekt. Ik vind het wel grappig, maar nog leuker had ik het gevonden als Trudy in weer in een boom had gezeten. Ze heeft 10 jaar bij ons gewoond en telkens als ik weer iets verplant denk ik dat ik haar zachtjes hoor tokken.

foto: Gereons oeufs en meurette in Libelle.

Dank je wel Rinze voor deze leuke gastblog. Speciaal voor jou een Bourgondisch eierrecept uit mijn kook- en leesboek Gereons Keuken Thuis: “Oeufs en meurette”, een Bourgondische klassieker van eieren gepocheerd in rode wijn met een rode wijnsaus. Deze saus is een combinatie van wijn, spek en uien. Lang inkoken maakt de saus dikker en stroperiger. 

Nodig:

1 fles rode Bourgogne wijn

100 g spek in blokjes

6 sjalotjes

100 g boter

250 ml runderbouillon

8 sneden brood

2 tenen knoflook

50 ml wijnazijn

8 verse eieren

zout, peper

gehakte peterselie/bieslook

1 l heet water

Bereiding:

Snijd het spek in heel fijne kleine blokjes. Hak de sjalotjes fijn. Verhit ongeveer 20 g boter en bak  de spekblokjes en sjalotjes kort aan tot bruin. Giet er 500 ml rode wijn bij en de bouillon. Bewaar de rest van de wijn voor het pocheren. Kook dit onder telkens roeren voor de helft in zodat een dikke saus ontstaat. Rooster het brood en wrijf in met de knoflooktenen. Giet in een pan de overige wijn, water en azijn en breng aan de kook. Let op dat het niet kookt maar borrelt. Breek de eieren één voor één in een kopje. Zet het vuur laag en roer het water kokende water zo dat er een kolk ontstaat. Voeg het ei toe en laat het 3 minuten pocheren. Schep eruit met schuimspaan. Doe dit ook met de andere eieren. Houd ze warm in een schaal met warm water. Snijd eventueel de randjes van de eieren bij. Als de saus goed is ingekookt, voeg dan peper en zout toe en de rest van de boter in blokjes om te binden. Niet meer verwarmen. Leg het geroosterde brood op een schaal, en leg op elke snee een gepocheerd ei. Giet de saus erover en bestrooi met wat bieslook en peterselie.

Het Bourgondische bitterballenboek.

foto: cover Het Bourgondische bitterballenboek.

Het Bourgondische bitterballenboek. Ik leerde Tilburgse Ilona de Wit kennen tijdens een kookworkshop in Amsterdam. Ik kende haar virtueel al wat langer door haar blog worstenbrood & wijn. Een mooie combinatie. Maar op deze Koningsdag wil ik het hebben over haar nieuwe kookboek gewijd aan den bitterbal. Want naast worstenbroodadept is deze culischrijfster verzot op bitterballen. Het begon als een coup de foudre, maar je kunt inmiddels Ilona de koningin van de bitterbal noemen. Deze passie is begonnen, doordat Ilona genoeg had van de laffe kroegbitterbal, waarin een stukkie vlees met een loep moet worden ontdekt. De schrijfster van het Bourgondische bitterballenboek is van de goed gevulde bitterbal met vlees-, vis- of vegavulling. Dan heb je wat in de hand en in de mond. Kijk wel uit dat je je tong niet brandt, want dat overkomt Gereons Keuken Thuis weleens. Maar dat terzijde op deze uitgeklede Koningsdag.

Dertig recepten staan er in Het Bourgondische bitterballenboek, dat begint met de basis van deze delicatesse. De ingrediënten, bouillon, boter, eiwit, bloem, gelatine en paneermeel zijn essentieel voor deze kleinere broer van de kroket. Via duidelijke foto’s laat Ilona zien hoe je de salpicon maakt. Daarna voeg je de vulling toe van vlees, vis of groenten en kan het koelproces beginnen. Het rollen en paneren. In een handomdraai zijn je bitterballen klaar voor den frituur of moderner airfryer. Let hierbij op want het frituren is geen sinecure, ondervond Ilona. je wilt namelijk geen leeggelopen bitterbal. Zonde van de  vulling.

Hierna gaat het verder met de recepten. De basis rundvlees bitterbal, eentje met chorizoen paprika of hoe toepasselijk in dit seizoen de aspergebitterbal met ham, ei en peterselie. Rechtstreeks van de Zuiderse zandgronden. Voor de Tilburgse mocht natuurlijk niet de La Trappe bitterbal ontbreken met stoof van hert en bier van de Koningshoeve abdij. Het idee ontstond tijdens een stilte retraite in dit klooster. Verder gaat het met kip en gevogelte. De kippenlever bitterbal van Edwin Kats, met truffelmayo. Of, dat lijkt me heel lekker, de confit bitterbal. Onder het kopje vis vind je de hoerenballen, alla puttanesca en Baskische bacalao bitterballen. Het vierde hoofdstuk is likkebaardend lekker vegetarisch, niet per se vegan met o.a. tomaat, parmezaan en burrata bitterballen. Het Bourgondische bitterballenboek sluit af met tips, dips en  niet geheel onbelangrijk borreltips voor bij den bitterbal. Prima combinaties voor deze feestelijke verjaardag van onze koning, de nazaat van Tilburgse koning Willem II. Ilona de Wit, die ik eerst alleen worstenbrood en wijn toedichtte toont zich met Het Bourgondische bitterballenboek een ware bitterballen koningin. Driewerf hoezee!

Meer niet gepubliceerde recepten vind je op Bitterbalrecepten.

Het Bourgondische bitterballenboek, Ilona de Wit. (ISBN 978942723857) is in eigen beheer uitgegeven en voor € 22,50 te koop bij bol.com en op de site van Ilona.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Het slagershandboek voor de thuiskok.

foto: cover Slagershandboek.

Het slagershandboek voor de thuiskok. Na alle aandacht voor groente, vegan en plantbased, is het nu weer eens tijd voor een stukkie vlees in de keuken. Gelukkigerwijs ontving ik dit terroir boek van schrijver, illustrator en ontwerper Arthur le Caisne, die in de rol kroop van slagersknecht. Le Caisne ging op stage bij twee toppers op vleesgebied in France métropolitaine. Vleesaffineur en rijper Jean Denaux, die zelf liever spreekt veredelen spreekt. En Fred Ménager, expert op het gebied van alles dat fladdert en dat is in la douce France meer dan de kipdelen, die je in ons kikkerland aantreft. Twee vaklieden dus stonden aan de basis van dit uiterst handige boek. Ik vind het een leuk naslagwerk in de categorie werk van Stéphane Reynaud en Bon Appétit van François Régis Gaudry. Heel Frans zijn de getekende illustraties van topvee, wild en gevogelte. En de clin d’oeil (knipoog) bij de besproken waar. in de vorm van commentaren boven de tekst. Want vlees eten, zeg nu zelf, is naast een serieuze zaak ook genieten.

Het eerste gedeelte gaat over dieren, van rund tot en met wild. Welke rassen zijn er?Hoe snijd je het vlees uit? Is wayguvlees echt zo bijzonder? En hoe zaag je een mergpijp? Le Caisne legt ook uit bij welk vlees je een scherp vleesmes gebruikt en bij welk vlees juist een gekarteld broodmes. Het Hongaarse wolvarken passeert de revue, een ras, dat bekend staat als de waygu onder de biggen. Je leest tevens een grote betrokkenheid bij de vee-industrie, want bij het lamsvlees pleit de schrijver voor raslamsvlees. De AOC’s, Label Rouge en andere keurmerken komen aan bod. De geschiedenis van de kip en tot slot wat lokaal wild.

foto: varkensrassen, nooit vergeten dat een varken een heel intelligent dier is met heel veel humor.

Nadat het vlees is geslacht en afgehangen, gaat Arthur le Caisne in het slagershandboek voor de thuiskok aan de slag met de bereiding. De geheimen, die hij ontfutselde aan eerder genoemde experts. Het gebruik van materiaal, je ingrediënten, het al dan niet “voor”zouten van vlees, geheimpjes van sterrenkoks en je braadvet. Wederom met leuke illustraties van aquarellist Jean Grosson. En als het echt bijzonder wordt bezigt Le Caisne het de Franse kreet MIAM, wat zoveel betekent als Mmmmmm. Een groot gedeelte gaat in dit hoofdstuk over koken versus braden. Heel belangrijk is altijd de juiste temperatuur kiezen. Die is bij een stoof natuurlijk anders dan bij een entrecote of eendenborst

In het derde gedeelte van het slagershandboek vind je 25 basisrecepten voor rund-, kalfs- varkens- en lamsvlees. Lekkere bereidingen van gevogelte. Een apart deel, het blijft een Frans boek over fonds en bouillons ontbreekt niet. Gereons Keuken Thuis wordt er vrolijk van. Het slagershandboek voor de thuiskok krijgt een lekker plekje in mijn kookboekenhoek naast Jacques Hermus’ Wilde Eten, het wildboek van Stéphane Reynaud en de de bijbels van Bocuse en Troisgros. Vlees u weet wel waarom messieurs/dames!

Het slagershandboek voor de thuiskok, Arthur le Caisne. (ISBN 9789059569942) is een uitgave van Fontaine en kost in de kookboekenvakhandel of online €27,00

Video: een kippetje geroosterd op de wijze van Le Caisne

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Griekse kip met boter en citroen.

foto; Griekse kip met boter en citroen.

Griekse kip met boter en citroen. Erbij grove hoemmoes zonder tahin. Lekker after beachday eten noem ik dat, want afgelopen weekend konden we na de koude meimaand eindelijk naar het strand. Het idee van Griekse boter en citroen kip komt eigenlijk door de ei-citroensaus, die bijvoorbeeld wordt geserveerd bij gevulde wijnbladeren of door de kippensoep gaat. Avgolemeno, ei-citroensaus, is een constante in de Grieks mediterrane keuken, de dooiers en citroen binden je soep en saus. In mijn Griekse kip met boter en citroen zet ik het ei anders in. Het ei is bedoeld om de kipdijen te paneren met een mix van ras al hanout en paneermeel of panko, zo gij wilt. Daarna bak ik deze aan in een ferme klont zoute boter met een scheut Peloponnesische olijfolie van mijn lieve vriendin S. Overigens ging die  groene feestelijke olijfolie afglopen zondag samen met een flinke dash chilipoeder ook over de hoemmoes. Feestelijk en makkelijk na een zonnige stranddag, We dronken er een frisse witte Chileense sauvignon bij.

Griekse kip met boter en citroen

Nodig:

8 kipdijfilets

2 citroenen

fijngehakte knoflook

4 tl ras al hanout

bloem

1 of twee eieren

boter

gehakte peterselie

zout en peper

olijfolie

witte wijn

paneermeel

Bereiding:

Meng op een bord bloem, 2 tl ras al hanout, peper en zout door elkaar en haal de kipdijfilets er doorheen. Kluts de eieren en laat de kipdijfilets hierin even baden, daarna haal je ze door paneermeel gemengd met 2 tl ras al hanout. Wil je het sterker? Gewoon meer spice gebruiken. Verhit een flinke klont boter en wat olie en bak het vlees krokant en bruin. Haal het vlees uit de pan en fruit de fijngehakte knoflook. Pers een citroen uit en blus de jus met het sap en wat witte wijn. Laat kort sudderen. Voeg eventueel nog wat klontjes boter met bloem ter binding van de saus toe. Serveer de kipdijfilets direct met gehakte peterselie en de saus apart in een kom. Lekker met warm Turks brood met sesam.

Binnenkort meer over de hoemmoes…..

Label Rouge kip.

 foto: creatie van kippenhart en -lever.

Kip met het predicaat Label Rouge. Dat kippenvlees een veelzijdig stukje vlees is wordt ons al jaren verteld. In Gereons Keuken Thuis komt regelmatig een deerne op tafel met het Franse Label Rouge keurmerk, zoals in een maandagse ragout. Label Rouge, dat al sinds 1960 wordt gevoerd om de kwaliteit te controleren van kippenvlees, dat op ambachtelijke manier wordt geproduceerd. Overal in la douce France, voor gele kippen, witte kippen of poulet noir. Het hangt van de streek en klimatologische omstandigheden af. Let wel Label Rouge is geen handelsmerk, maar een toekenning door een onafhankelijke organisatie aan Franse boeren, die ervoor in aanmerking komen. Want niet elke kip mag zich een Label Rouge hen noemen. Er wordt gelet op wat ze eten, hoeveel ruimte ze hebben en de slachtwijze. Wist je dat elke label rouge kip een eigen nummer krijgt. Zo kan je als koper altijd de herkomst achterhalen. Meer ruimte en langere levensduur, een kip wordt niet als kuiken, maar pas na 81 dagen geslacht, dragen bij aan de mooie structuur van het vlees van een Label Rouge kip. Stevig,  zowel met geel als wit vlees. Tegenwoordig is Label Rouge niet meer alleen een keurmerk voor gevogelte, maar ook rund-, kalfs, lams- en varkensvlees, charcuterie en eieren worden gecontroleerd. Het is het meest gecontroleerde kwaliteitskeurmerk van Europa. Met een regionale garantie. Kip met de charme van la France profonde, waar ik zo dol op ben.

  foto’s: Hanos expert legt uit.

Van zulk goed kippenvlees vallen mooie dingen te maken. Dat liet een vleesexpert van Hanos zien tijdens deze presentatie, want veel mensen vinden het bereiden van een hele kip best een kluif. Maar als je een kip goed uitbeent kun je er alle kanten mee op van ballotine, via dijfilet, drumstick tot galantine. Michiel Kaagman van restaurant Kaagman & Kortekaas maakte met deze deernes een heerlijke 4 gangen lunch.

 foto’s:  kip en demi deuil en witte Bourgogne

Het eerste gerecht was een compositie van broccoli, cime di rape, knoflook, pistache, burrata, gegrild kippenhart en een mousse van lever van een Label Rouge kip. Bio blanc de noir uit de Pfalz als begeleider. De tweede gang een maiskip en demi deuil, d.w.z. met truffel onder de huid gebakken. Erbij een aligot onctueux uit de Auvergne van maismeel en Cantal kaas. De geschaafde truffel maakte het af.  De witte Bourgogne van LaTour uit Meursault was het wijnfeestje bij deze gang.

 foto: poulet noir met brandade en zuurkool.

De derde verrassing was een poulet noir met brandade de morue, zuurkool en foie gras met mosterdblad en een rode garnalensaus Albufeira. Een rode Loire, uit Chinon begeleidde dit concert van smaken. Dessert tot slot van ananas, taai taai, meringue, rode peper en dragonijs. Met als wijn een zoete en frisse Montbazillac. Zo veelzijdig kun je koken met deze prachtige kippen.

 foto’s: dessert & Monbazillac.

Ik vind het een aanwinst voor het vlees-schap in de supermarkt. Dus ben je volgende keer in de supermarkt of bij de poelier laat je dan eens verrassen door de kip-producten van Label Rouge. Overigens is hun overige gevogelte assortiment ook de moeite waard. Gereons Keuken Thuis toog westwaarts met in een koeltas een eendenborst, twee kwartels en een poulet jaune. Het weekend kon beginnen.

In Nederland zijn de kippen van Label Rouge heel en in delen te koop bij poeliers, geselecteerde groothandels en in de supermarkt.

Recept voor ragout van Label Rouge kip.

France profonde, kip uit de oven.

 foto: Village bourguignon.

France profonde is behalve een term voor het platteland ook een gevoel. een hang van de soms wat depressieve Fransman naar het ongerepte leven buiten de grote stad. Lekker aanmodderen in de grond, groente verbouwen en een stukje jagen. Weg van de boulot, métro en dodo. (werk, forenzen en slapen) Een soort geboorterecht dat zijn wortels heeft in Revolutie, althans voor de burger. De adel en clerus verloren hun recht op het bezit van de grond en de burger ging ermee aan de slag. Overigens speelde de laatste koningin van Frankrijk, Marie Antoinette, al boerinnetje in haar eigen hameau de la Reine bij Versailles. Dat was in de 18de eeuw heel hip. Dartelen tussen het vee, in een Normandisch décor. Zo beleven heel veel stadsmensen en ook buitenlandse huizenbezitters nog steeds la France profonde. Gereons Keuken Thuis is er ook mee behept. Een weekje à la campagne laat mijn boerenbloed harder stromen en is natuurlijk hartstikke #fitforfun. Buiten zijn, in de tuin werken, hout voor de haard hakken, allemaal een prima work out. Al is er in de winter geen hand voor ogen te zien door de mist die optrekt vanuit het Saône dal en is het verraderlijk glad op de kronkelweggetjes door het eikenbos naar het dichtstbijzijnde stadje. Maar dat mag de pret niet drukken. Lekker knus voor de grote haard, luiken dicht (want buiten kom je toch niemand tegen) en koken maar. Een gevoel van tijd genoeg. Internet en social media zijn er toch niet of beperkt beschikbaar. Koken met de producten, die je op de zaterdagse markt hebt gescoord.

 foto: de kaasmeisjes op de markt.

Het charmante aan Frankrijk is dat er op een Franse markt naast handelaren in allerlei waar, ook producenten staan. Nog steeds. Zoals de boerin, die zelf haar verse geitenkaasjes maakt. De Hollandse kaasmeisjes Suus&Paula, die met hun eigen geaffineerde Nederlandse kazen de Zuid-bourgondische markten onveilig maken. De dame met haar dahlia’s. In Louhans, de kippenhoofdstad is het zelfs op maandagochtend een getokkel en gekwaak van jewelste, als alle kipproducenten hun levende koninginnen van de Bresse meebrengen. Un vrai spectacle. De lokale wijnproducent. De paté- en terrinespecialist. Je kostje is zo gekocht. Langs de bakker voor een mooi stokbrood met een stevige korst. Voor mij is het een vorm van onthaasten. Na een korte koffiestop met een keur aan boodschappen terugkeren naar le bourg, zoals een hoger gelegen dorp wordt genoemd. Ik snap die hang van Fransen naar dat France profonde wel, want zondagavond staat de A6 weer vol voor de rentrée via één van de portes van de Parijse ringweg. Om er weer tegenaan te kunnen in het stadse leven.

Vandaag is het zaterdag met een heel makkelijk recept voor een kippetje met groenten en Provençaalse kruiden uit de oven. Instant France profonde maaltijd. Een heerlijk #nowaste gerecht. Ik voeg meestal toe wat ik nog in de ijskast vind. En als je een goede stevige boerenkip hebt gekocht is deze driemaal te gebruiken. Meestal houd ik na zo’n feestmaal (wij zijn maar met ons tweeën) het karkas en een borstfilet over. Precies voldoende voor de volgende stap in het proces. Je zet het karkas met koud water op het vuur en laat het dan uren lang trekken, totdat je een stevige kippenbouillon hebt. En daags erna maak je van de filet en wat champignons een ragoutWe drinken bij de kip een rode passetoutgrain bij, de enige blend in Bourgondië van gamay en pinot noir.

 Foto: kip met Provençaalse kruiden.

Nodig:

1 stevige kip, label Rouge, ca. 1,2 kg

500 g roseval aardappeltjes

1/2 paprika

1/2 winterwortel

1 rode ui

4 à 5 tenen knoflook

peper en zout

3 tl gedroogde Provençaalse kruiden

paprikapoeder

olie

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 220 graden. Snijd de aardappels, wortel en paprika in stukken en leg deze in een braadslee of ovenschaal. Pel de knoflooktenen en snijd de rode ui grof. Doe deze ook in de schaal. Leg de met peper, zout, paprikapoeder en Provençaalse kruiden van binnen en buiten ingewreven kip er bovenop, besprenkel met een beetje olie en zet deze midden in de oven. Ik gebruik meestal een Spaanse aardewerk cazuela als ovenschaal. Reken per 500 g kip ongeveer 20 minuten braadtijd. Soms laat ik het geheel wat langer op lagere temperatuur nagaren. Als de kip na een half uur een mooi korstje heeft zet ik de oven terug naar 175 graden en laat het gerecht nog een uurtje in de oven. Prik er met een vork erin om te zien of het vlees gaar is.

Laat de kip even rusten en serveer direct in stukken gesneden met de groenten en een lik Franse mayonaise.

Simpel koken, Janny de Moor.

 foto: cover Simpel koken.

Simpel koken, eenvoudige menu’s voor elk seizoen. We zouden het door de overdosering van alle foodblogs, Masterchef TV programma’s, vlogs en food Instagram accounts bijna zijn vergeten. Simpel koken met verse ingrediënten. In de tijd dat food en koken de gedaante hebben aangenomen van een serieuze competitie (Kookdiva Lawson verzuchtte het ook in een Engelse krant), ontkom je niet meer aan alle huzarenstukjes van foodies en thuiskoks. Via allerlei wedstrijden worden hobbykoks opgejut om nog harder te presteren dan de profkok. Culinair journaliste Janny de Moor werd er bijna weemoedig van toen ze in een restaurant het ene mini gerechtjes geserveerd kreeg. Het één nog mooier dan het andere. “Toujours faite simple”, de gevleugelde woorden van culimeester Escoffier, bedacht ze.

Het bracht haar op het idee voor dit nieuwe kookboek: Simpel koken, eenvoudige maaltijden als rustpunt in deze steeds veeleisender wordende maatschappij. Makkelijke bereidingen, niet per se pijlsnel. Gerechten voor twee personen van overal ter wereld, voorzien van suggesties om het hoofdgerecht op te waarderen tot menu en…. dit vindt Gereons Keuken Thuis heel fijn, bij elk recept een coole wijntip. Tijd om aan tafel te gaan met mooie verhalen, een lekker, doch simpel gekookt gerecht en dan de dag doornemen. Of aan tafel praten over de mooie inleiding, die Janny de Moor bij elk recept geeft.

De opzet van het boek is heel simpel. Het begint met vegetarische gerechten gevolgd door vis en schelpdieren, fladderend gevogelte, lams- en rundvlees en tenslotte het varken. Achterin het boek staan drie registers, voor-, hoofd- en nagerechten. handig als je een menu wilt samenstellen.

VEGETARISCH begint met een recept voor Amerikaanse groenteschotel, zo genoemd vanwege het verhaal van John Harvey Kellogg en de ingrediënten, zoals cornflakes en pindakaas. Kellogg beweerde de uitvinder van de peanut butter te zijn. We drinken er een kloeke chardonnay bij. Via een bonenpot, bulgur met spinazie, Chinese kool uit de koekenpan belanden we bij het gerecht “Herfstharmonie” een Veluws gerecht, waarbij kastanjes de hoofdtoon voeren. Vegetarisch is een mooi hoofdstuk vol verhalen en combinaties, die je kunt maken zonder vlees.

VIS EN SCHELPDIEREN  Een Baskische visschotel met een krachtige geur van olijfolie, knoflook en tomaat. De stoere Baskische vissers namen het zelfs mee naar New Foundland, weet Janny te vertellen. Al ver voordat Columbus voet aan wal zette. Koolvis met tuinkers, gewoon uit de diepvries met wortels, een match made in heaven, te combineren met een chardonnay uit Californië. Vergeet de sliptong met druiven niet of vis in pecankorst met pittige banaan. De Moor houdt van exotisch, dat moge duidelijk zijn.

We gaan verder met GEVOGELTE: Met eend, kip (al dan niet dronken) of kalkoen voor in een kasserol, waarbij we een Montepulciano d’Abruzzo drinken. Janny de Moor kiest voor generieke wijnen, die makkelijk zijn te krijgen, geen specialistische hoogstandjes. Kip, pollo con almendras, uit de hoogst interessante stad Córdoba met zijn mezquita. Arabisch en geurend. Erbij een stevige rode Rioja. De wijn een importartikel van na de reconquista.

LAMS- en RUNDVLEES, het volgende hoofdstuk. Gehaktbal met andijvie, een weemoedgerecht voor arme studenten bij restaurant de Gouden Bal. Aardappels geelgoud drijvend in de jus. Ouderwetse thuiskost. Brabantse preisoep van klapstuk of Deventer lamskoteletjes met rodekool. Maar ook exotischer eten zoals de lamskasserol van mevrouw Güveç, met erbij een Franse rosé uit de Pays d’Oc

Het boek eindigt met VARKENSVLEES,  voor een Broekse pannenkoek, casselerrib met druiven of het Deense gerecht ham met madeirasaus met een rode Côtes du Rhône.

Maar… verhip, staan er dan geen voor- en nagerechten in het boek als apart hoofdstuk? Nee, dat maakt Simpel Koken nu zo leuk. De voor- en naspijs staat onder elk recept als menusuggestie. Dat maakt het boek handzaam. Per slot van rekening kan het niet iedere dag feest zijn, maar met de leuke en originele hoofdgerechten van Janny de Moor ligt een dagelijks feestje binnen handbereik.

Simpel Koken, eenvoudige menu’s voor elk seizoen. Janny de Moor (ISBN 9789402602036) is een uitgave van Aerial Media Company en is te koop voor € 24,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken van pagina 53, de smaak van België.

 foto: cover De smaak van België.

Koken van pagina 53, de smaak van België. Het is vandaag Palmzondag, nog een week en dan is het Pasen. Laat ik nu op pagina 53 van het boek De Smaak van België, dat ik vorig jaar april besprak, een makkelijk en lekker recept vinden voor de zondag of als hapje bij de Paas apéro. Kok Ruth van Waerebeek schreef haar favoriete Belgische recepten op in dit boek en op bladzijde 53 staat het recept voor Jeannes kippenlevermousse. Een recept van haar Gentse grootmoeder. Van Waerebeek schrijft erover:

Mijn oma noemde deze mousse haar foie gras des pauvres (foie gras voor armelui), dit gladde en fluweelachtige mengsel van dikke, verse kippenlevers en goede boter smelt op de tong, zodat je inderdaad bijna voor de gek wordt gehouden. Maar anders dan foie gras is dit gerecht goedkoop en snel klaar. serveer het als hors d’oeuvre op geroosterde brioche of een cracker. Serveer het als voorgerecht met een knapperige salade en marmelade van ajuin en rozijnen.”

Een makkelijk en toch feestelijk gerecht. We drinken er een glas amberbier van hoe kan het ook anders op deze zonnige dag, brouwerij Palm bij. Belgische weelde!

Ingrediënten:

225 g kippenlevers, bijgesneden, afgespoeld en gedroogd

1,2 dl droge witte wijn

11o0 g ongezouten boter op kamertemperatuur

1 el port of madera

1 tl zout

¾ tl grof gemalen peper

snuif vers geraspte nootmuskaat

wat druppels olijfolie

Bereiding:

Doe de kippenlevers en witte wijn in een kleien pan. Breng het geheel aan de kook en laat het op matig vuur 3-4 minuten koken. De kippenlevers moeten stevig aanvoelen, maar moeten nog roze zijn in het midden. Giet de kippenlevers af en pureer ze glad in de keukenmachine. Maak de puree nog gladder door hem via een zeef in een kom te drukken. Doe de puree anders direct in een kleine kom en voeg de boter en port toe. Roer het mengsel goed door elkaar. Voeg zout, peper en nootmuskaat toe. Bedek de mousse met wat druppels olijfolie, zodat hij niet uitdroogt. Dek hem strak af met plasticfolie en zet hem tot gebruik in de ijskast. Op deze manier is hij vier dagen houdbaar.

Handboek voor de perfecte kip.

 foto: cover Handboek voor de perfecte Kip.

Handboek voor de perfecte kip, van boer tot bord. Het nieuwe boek van Marcus Polman, culinaire duizendpoot, journalist en jurylid van Masterchef schreef over alle ins en outs over kip. Wat vaak in de reclame het meest veelzijdige stukje vlees wordt genoemd. Dat is het ook, maar niet in de hoedanigheid van de plof- of supermarkt kip. Polman ging op zoek naar de adellijke dames en heren onder dit gevogelte. Bij boeren, poeliers en koks in binnen- en buitenland, waaronder een bezoek aan Vonnas in de Bresse, de residentie van kip en crème paus Georges Blanc.

Maar wat is een goede kip en hoe bereid je hem van kop tot kont? Marcus ging op pad en vond de antwoorden. Kip is bezig aan een opmars, overal duiken rotisserieën op. Van Amsterdam tot Arnhem gaat er niets boven een gastronomisch bereid kippetje, aldus Polman in zijn inleiding. Maar ook thuis kan het een genot zijn een deerne op te peuzelen. Kip zoals een kip behoort te smaken. Het handzame boek start met de basis, uitleg over pekelen, de kwaliteit van de kip, braden, de temperatuur, boter, garnituren, de rust en het aansnijden. Allemaal punten waar je in de basis rekening mee moet houden. Marcus Polman geeft hierna 10 gouden regels, waarvan koop kwaliteit er één is.

Van plofkip naar raskip, de schrijver heeft onderzoek gedaan naar de indicatoren voor kwaliteit. Die vind je in voer, leefruimte, leeftijd en ras. Dat een kip van 6 weken nog een kuiken is behoeft geen nadere uitleg. Hierna beschrijft hij een aantal rassen uit ons eigen land, zoals de kraaikop en Chaams hoen, maar besteedt ook aandacht aan legendes zoals de Bresse kip, met haar rode kam en blauwe poten. Aan de hand van bezoeken aan kippenboeren vertelt Polman het verhaal van de specifieke kenmerken van de raskip, zoals de kippen van de Walnoothoeve en blije kippen op het Franse platteland. Ook doet Polman een lesje anatomie cadeau. Waar zitten de lekkerste delen, van kop tot staart en alles daartussenin.

We gaan koken in het vierde hoofdstuk, van kop tot kont. De zelfgemaakte bouillon, kippenlevermousse van restaurant Guts&Glory, knapperig kippenvel uit de oven als snack en een klassieker: Hollands leghaantje met friet en appelmoes uit de oven. In Handboek voor de perfecte kip wordt het allemaal feilloos uit de doeken gedaan. Het boek besteed een apart hoofdstuk aan de diva onder de hoenders, de cultkip uit de Bresse, in gerechten onlosmakelijk verbonden aan Georges Blanc met zijn driesterrentempel en brasserie in Vonnas. Mocht je er eens komen moet je de Kip met roomsaus eten en ook meenemen in potten, die ter plaatse worden verkocht. Het recept van Gereons Keuken Thuis voor Bressekip in roomsaus verbleekt erbij.

Na dit uitstapje besteedt Polman aandacht aan technieken, zoals binden, het snijden van rauwe kip, het prepareren van een vuile kip en tenslotte het aansnijden van het resultaat. Prima basiskennis. Een minicollege kiptechnieken door Dominique van Rossum. Dan volgen de recepten en bijgerechten. Allemaal klassiekers van over de gehele wereld. Van pot au feu tot saté. Van bastilla met kip tot de klassieker en demi-deuil, de kip in halve rouw met truffel. Garnituren als appelmoes en kropsla en sauzen als béarnaise ontbreken niet. Aan het einde van het boek geeft Marcus Polman de lezer ook nog enkele restauranttips. Plekken om kip te verorberen in binnen- en buitenland.

Ik vind dit handboek een heerlijke aanwinst in Gereons Keuken Thuis, vanwege de kennis, die de schrijver deelt en de recepten zonder poespas. En dan te bedenken, dat Polman eerder handboeken schreef over steak en varken. Nu is het tijd voor dit derde boek, alles wat je wilt weten over Kip. Ik heb er in ieder geval van gesmuld.

Handboek voor de perfecte kip, Marcus Polman (ISBN 9789059566187) is een uitgave van Fontaine en is te koop ( in de boekhandel) voor  € 16,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten