Gereons keuken thuis alfresco 2019.

foto: gereons keuken thuis alfresco, zoals het begon.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. De lustrum-editie. Voor de vijfde keer gaan we buiten koken, buiten grillen, picknicken en op het strand borrelen. Ik noem het nu al 5 jaar mijn #alfresco zomer. Ik nodig dan foodbloggers, maar ook niet bloggers uit om hun leuke buitenkook- en eetrecepten in een reactie hieronder te delen. In september organiseer ik dan een tombola, waarbij twee leuke zomerse boeken zijn te winnen. Dat is op 15 september. Maar eerst gaan we de zomer in. Gelukkig voorspellen de weermannen stijgende temperaturen. Eindelijk, want mei was niet veel soeps. De grill en het kookplaatje op mijn Amsterdamse balkon kunnen weer aan. De strandborrel- en picknickmand staat klaar. Er lekker op uit. Genieten van de lange dagen.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. Wie weet heb jij (ook) wel een hele buitenkeuken waar de hele zomer wordt gekookt en gegeten? Of picknick je vaak in het park? Of je gaat graag spelevaren op de gracht? Er komen speciale zomergasten langs zoals Janneke Vreugdenhil en Anas Atassi. Er is plek voor Zomerkost van de hand van Jeroen Meus en we verkennen de leukste gerechten uit Catalonië en Portugal. EIVI embracement wines van Ibiza. Anyway, vanaf 1 juni gaat Gereons Keuken Thuis in de alfresco stand. Laat je leuke vondsten weten! Ik heb er zin in. Alvast een fijne zomer!

foto: easy salad

We love groente van Janneke Veugdenhil.

foto: uiensoep uit Lyon

We love groente. Het wordt de zomer van het P-woord volgens culi-columniste en schrijfster Janneke Vreugdenhil, meer dan het G-woord. Huh…..? Verklaar je nader Gereons Keuken Thuis! Op mijn keukentafel ligt het nieuwe boek van Janneke met de titel We love groente, een kookboek voor degenen, die al behept zijn met het koken met groenten of leken, die er meer van willen leren. Ik behoor tot de laatste categorie, omdat ik niet zo’n groenteliefhebber ben, zeker niet van gekookte groente. Daarom staan er bij mij meestal gegrild, gefermenteerd of salade -spul op tafel. Voor de gezondheid, niet meer en niet minder. De laatste was de term, die Vreugdenhil onder het G woord schaart. Allemaal heel fijn hoor gezond, maar voor haar moeten groenten gewoon lekker zijn. En op die wijze voor de variatie zorgen, waarop de hedendaagse flexitariër zit te wachten. Want we blijven als mens nu eenmaal omnivoren. Anders dan bijvoorbeeld ganzen, koeien of schapen eten we niet alleen gras. Maar wel groenten! Maar dat terzijde op deze fijne zondagmorgen.

foto: Biet tartare

We love groente gaat uit van het P principe. Een neologisme, helegaar zelf in beeld gebracht door Janneke Vreugdenhil. P = PLANTIFICEREN. Onthoud dit woord! Gereons Keuken Thuis vindt dat deze term precies de lading dekt waarnaar ik als cooky op zoek bent. Het is een actief woord. Je moet er iets mee doen. Net als in relaties, daar moet je aan werken. En voor dat je het weet plantificeer je alsof je dat nooit eerder hebt gedaan. En dit leuke kookboek We love groente helpt je daarbij. Aan de slag dus. Vergeet het G-woord. We gaan lekkere dingen maken van groente! We love groente begint met starten en sharen, wat te denken een biet tartare, waarmee Janneke een verstokte vegetariër op een verkeerd been zette.En ik noemde het al eerder op Facebook de geblakerde prei met romesco, geïnspireerd op de Catalaanse calçots.

foto: Bloemkool galore in Mac’n cheese

In het hoofdstuk soepen tref ik de uiensoep van Lyon aan, die anders dan de uiensoep van Parijs, onctueux is, door de binding. Of eenogige bouillabaisse? Van de soepen gaan we via een hoofdstuk snel aan tafel, naar Janneke’s familiefavorieten, waaronder pasta bijna Bolognese, zonder vlees maar met Puy linzen. (Laat dit de burgemeester van La Grassa maar niet horen) Of wat te denken van een bloemkool Mac’ N Cheese? Janneke geeft lekkere tips voor erbij (ook bij een vis- of vleesgerecht), gaat creatief aan de slag met restjes in het kader van no waste. Salades mogen niet ontbreken. Lekkere suggesties voor ontbijt, brunch, lunch en brinner. Ik vind de oeufs brouillés Argenteuil heel deftig. daar kan ik hier thuis wel mee aankomen, denk ik. Aan de borrel met groenetsjippies of haricot frites. Tot slot nog wat zoetigheden en de showstopper: kimchi. Voor Gereons Keuken Thuis bijzonder, omdat in november Janneke en ik zo veel plezier beleefden aan het maken van kimchi tijdens een workshop. Het P woord staat voor plezier, maar deze zomer vooral voor PLANTIFICEER!!!! We love groente, Yeah!!!!

foto: cover We love groente.

We love groente, Janneke Vreugdenhil (ISBN 9789057599590) is een uitgave van Podium en is te koop voor  € 27,50.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Joke’s habitat, De Vega Optie.

“Ik ben heel gedreven in de dingen die ik doe en houd me alleen maar bezig met wat ik nu doe. Schrijven over eten. Dat was voorheen niet zo, tot iemand mij de gouden tip gaf: “Focus je” Ik koos één onderwerp uit en ben daarvoor gegaan. Heb me erin in vastgebeten. Onderzoek en het schrijven van mijn eerste boek over het reukzintuig: Het mysterie van de reuk.” (gesprekken en gerechten  met Joke in 2018)

foto: cover De Vega Optie

Joke’s habitat. Onlangs vertrouwde mijn culivriendin, #bonendiva en #kleurenkookster Joke Boon mij toe dat ze in een eigen en fijne wereld leeft. Met haar gemaal, kroost, katten en mini moestuin. Haar eigen bubbel. Maar die millennial term wil ik hier niet gebruiken. Ik maak er direct Joke’s habitat van. En dat is een bijzondere, want Joke is van alle culinaire en schrijfmarkten thuis. Ze ontwikkelt recepten, schrijft recensies en probeert altijd alles geduldig uit. Als zij ’s nachts een trouvaille heeft spurt ze de keuken in en gaat aan de slag. Joke is een ster in het visualiseren en combineren van smaken. Dat is haar grote uitdaging, want sinds haar vierde ruikt Joke helegaar niets. Maar doordat zij van haar anosmie, want zo heet dat, een uitdaging heeft gemaakt, komen er uit de koker van Joke bijzondere (kook)boeken. Ik noem Bonen!, waarvoor Joke een jaar lang elke dag bonen at. Koken met Kleur uit 2018, waarin zij uitlegt, wat kleuren doen voor je gezondheid en je gerechten. Haar boek Het mysterie van de reuk, waarin ze uitlegt, hoe zij door de jaren heen heeft geleerd eten te ontleden, zonder het te kunnen ruiken. Een bijzondere habitat, waarin schrijfster Joke opereert Nu komt er een nieuwe hashtag voor haar bij, zelf verzonnen door Gereons Keuken Thuis, Joke als #vega-optioneer. Een combinatie van optie en engineer. Ik verklaar me nader. Het nieuwe boek van Joke Boon heet de Vega Optie en laat in duidelijke recepten zien hoe je zelf thuis vleesvervangers maakt. Ik vind dat een interessant gegeven, omdat als je in de supermarkt de declaraties op verpakkingen van vleesvervangers bekijkt, vind je de hele santenkraam aan toevoegingen. Smaakversterkers, hulpstoffen. Helemaal niet nodig. Met simpele ingrediënten maak je de lekkerste homemade vleesvervangers.

foto: een #fotomomentje hoort erbij.

De Vega Optie, 50 homemade vleesvervangers uit Joke’s habitat. Je hoeft minder vlees eten helemaal niet als straf te zien. Alhoewel sommigen dat wel doen. Gereons Keuken Thuis vind het een mooie afwisseling op het dagelijks patroon. Het gaat mij niet zozeer om het al dan niet flexitariër zijn, maar om de inventiviteit achter de vervangers. Dat vind ik machtig interessant en Joke Boon weet je elke keer te verrassen. Dat deed ze ook met de roze soep uit Koken met Kleur. De Vega Optie start met het verhaal over vegetarisch, veganistisch of flexitarisch eten. Daarna gaat Joke aan de slag met uitleg over eiwittransitie, mogelijkheden ter vervanging van vlees en praktische wenken. Joke gaat aan de rol met een slavink van boon en prei in tomatenjus, worstjes met appel gekaramelliseerde ui en kaas of wat te denken van een vega kroket! Hollandser kan haast niet. Ik maak een stapje naar de gehaktbal, bijvoorbeeld de Schotse met een hardgekookt ei. Ei is niet aan mij besteed maar wel een mooi gerecht, waarbij je ziet dat vlees zich heel goed laat vervangen. De satéballetjes, die ik proefde tijdens de culiperslunch 2019 zijn heerlijk.  Al deze recepten laten zien dat Joke de aard van gerechten, zonder te ruiken, maar visueel en conceptueel weet te ontleden en daar zelf een nieuwe draai aan geeft. Dat is Joke’s habitat! Vooruit ik noem nog één trouvaille uit het boek De Vega Optie, eentje naar mijn Griekse aardje: de aubergineburger met wortel tzatziki. Rest mij aan Joke te melden, well done girl! Er staat een flesje bubbels voor je klaar!

foto: de heerlijke satéburger met pindamayo.

Saté-burger uit de Vega Optie.

Onderstaand recept is verrassend makkelijk en illustreert hoe je met bijvoorbeeld bonen een heerlijke vegetarische hamburger maakt voor op de BBQ of in je pannetje. Morgen ben ik jarig en staan er steevast satéballen op het menu. Deze editie dus een keer als Vega Optie! Glas koude rosé erbij en laat de zomer maar komen.

Ingrediënten voor 4 stuks:

75 gr gekookte kidneybonen, uitgelekt

1 ui, in stukken

1 teen knoflook, gepeld

150 gr gezouten pinda’s

15 gr havermout

1 ei

1/2 el sambal badjak (10 gr)

1/4 tl chilipoeder

1 tl gemalen komijn

1 tl gemalen koriander

1/2 tl vijfkruidenpoeder

1/2 tl gemberpoeder

olie om in te bakken

Bereiding:

Als je kidneybonen uit pot of blik gebruikt, doe ze dan in een bolzeef, spoel af onder de kraan en laat goed uitlekken. Doe ui, knoflook, pinda’s, bonen, havermout, ei, sambal en alle specerijen in de keukenmachine en draai tot een samenhangende massa. Vorm 4 burgers van het mengsel. Laat 15-30 minuten opstijven in de koelkast. je kunt ze hierna meteen bakken of tot gebruik bewaren in de koelkast. Invriezen kan ook. verhit 2-3 eetlepels olie in een koekenpan en bak de burgers in 5-7 minuten rondom bruin en krokant.

De Vega Optie, 50 homemade vleesvervangers, Joke Boon (ISBN 9789046824825) is een uitgave van NW_Adam en is on- en offline te koop voor € 20,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken in Oorlogstijd, Manon Henzen.

Koken in Oorlogstijd. Dit weekend herdenken we op 4 mei de slachtoffers en gevallenen in WO II en morgen op zondag vieren wij onze vrijheid, nu al 74 jaar lang. De Tweede Wereldoorlog en bezetting van ons land is een verschrikkelijke periode in onze geschiedenis, met vele onschuldige slachtoffers. Meer wil ik er niet over zeggen, want we mogen deze rampzalige tijd nooit en nimmer vergeten. Daarom mogen wij blij zijn op 5 mei. Ik zelf ben een vredeskind en heb nooit geweld of honger gekend. En laten we dat zo houden.

Op de valreep van dit weekend ontving ik van Uitgeverij het Zwarte Schaap, bekend van streekkookboeken en andere zeer lezenswaardige historische kookboeken, het nieuwe boek van Manon Henzen van Eetverleden. Zij verzorgt in Nijmegen historische kookworkshops. Gereons Keuken Thuis besprak al eens haar kookboek van de Gouden Eeuw. Met Koken in Oorlogstijd duikt zij in de keukens van de oorlog en deed bijzondere ontdekkingen.

In tegenstelling tot de algemene opinie werd er in de eerste oorlogsjaren helemaal niet slecht of ongezond gekookt. Welnee, door de honger en schaarste van de Eerste Wereldoorlog, waarin Nederland neutraal was en afgesneden van afvoerlijnen, werd er in de jaren dertig een plan ontwikkeld, om autarkisch voedsel te produceren en mensen aan te moedigen zoveel mogelijk van de bestaande resources gebruikt te laten maken. Je zou kunnen zeggen, dat in de oorlog mensen, gezien vanuit hedendaags perspectief gezonder aten dan voor de oorlog. Minder suikers, vetten en vlees. Het is bijna te vergelijken met onze huidige voedseltrends. Maar met één groot verschil, wij doen het in vrijheid, de mensen in oorlogstijd voelden het als dwang. Dat is ook de reden waarom na de oorlog dit dieet niet werd voortgezet. Een andere reden is, dat met name in West Nederland de hongerwinter ervoor zorgde, dat de gezondheid van de bevolking in rap tempo verzwakte en veel doden tot gevolg had. Einde van het voedselplan. Ik ken zelf de verhalen uit eerste hand over armoede en honger. Over eten scoren bij boeren.

Koken in oorlogstijd, hoe zag dat voedselplan er nu uit? Allereerst ging men koken uit eigen regio, onder het motto: “Boeren uw Volk vraagt om brood, vet en aardappelen, Scheurt het grasland” Volgens het bestemmingsplan werden er grote arealen landbouwgrond aangelegd, met als doel voedsel voor de diverse regio’s. Peulvruchten voor erwtensoep, graan voor pannenkoeken en aardappels voor andere gerechten. Een andere tak van sport was de voedseldistributie, hierdoor ontstond al voor de oorlog een goed werkend en eerlijk systeem om de bevolking van eten te voorzien. Een kink kwam in de kabel na de treinstaking van 1944, waarna de Duitse bezetter alle toevoerwegen blokkeerde en voedsel grote delen van het overvolle Westen van het land niet meer bereikte.

Het slachten van vee en overgaan op land- en tuinbouw was ook zo’n maatregel. Bijna modern te noemen, want in het huidige tijdsgewricht wordt dat ook gepromoot. Een dier vergt nu eenmaal meer energie dan een plant om te produceren. Henzen maakt in het boek ook gewag van de zogenaamde dakhaas, het verhaal van de ongekende handel in kattenvlees. Zij geeft een recept met konijn in plaats van kat.

Voorraadkasten aanleggen, hoe 21e eeuws! Elk kookboek begint er tegenwoordig mee. Er was wat sluikhandel, mensen begonnen een moestuin, slim koken met kliekjes en je ging beukennootjes rapen voor olie. Koken in oorlogstijd geeft bij elk onderdeel vernuftige recepten, waarmee zoals in het begin van deze recensie gezegd, de Hollander gezond mee werd gevoed. Veel overeenkomsten zijn er te vinden met de trends van de dag van vandaag, behalve de context waarin de maatregelen nodig waren. Dus koester dit weekend zou ik zeggen en kook eens gezond en creatief zoals in de jaren veertig!

Koken in Oorlogstijd, Manon Henzen (ISBN 9789492821065) is een leuke en leerzame uitgave van Het Zwarte Schaap en kost € 12,50.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Foodbloggers en culischrijvers over Italië

Het is  begin mei en het is weer tijd voor #italiaanseweken op Gereons Keuken Thuis. Met een heuse parade van foodbloggers en culischrijvers over Italië en la cucina. Op mijn oproep werd enthousiast gereageerd en zelf vond ik ook wat leuke blogs, recepten en verhalen. Dat de Bel Paese velen inspireert is duidelijk te lezen in onderstaande bloemlezing.

Foodbloggers en culischrijvers over Italië.

Ingrid zond een recept in voor panzanella, de Toscaanse broodsalade uit de cucina povera, glas witte San Gimignano erbij en Gereons Keuken Thuis is gelukkig. Vinissima Ingrid: “La cucina povera, de armeluis keuken uit Italië. Oud brood, veel rijpe tomaten, komkommer, ui, basilicum en azijn, dat zijn de hoofdingrediënten. Weer zo’n klassiek rustiek gerecht uit Italië dat in feite weinig kost en supersmakelijk is. Oud brood en tomaten heeft iedereen in Italië wel in huis. En de overige ingrediënten hangen dan af van wat er verder nog in huis voorhanden is. Als je topproducten hebt, wordt je beloond met een prachtig gerecht met een rijke volle smaak.”

foto: panzanella van Ingrid uit de cucina povera.

De aardbeientijd staat voor de deur. Elsa maakte een mascarponecrème Een dolce! Elsa vindt dit een heerlijke zomerse afsluiter van de maaltijd: “Crème van mascarpone met aardbeien is het ideale dessert voor naar het eten. Is heel lekker, luchtig en super makkelijk om te maken en je kunt het variëren met verschillende soorten fruit. De crème van mascarpone met aardbeien kun je in de koelkast bewaren tot het moment van serveren. Als je een diner wilt geven of een barbecue met deze heerlijke zomerse dagen dan is dit dessert echt een succes voor de gasten.”

foto: fragole con mascarpone van Elsa.

In een bloemlezing van foodbloggers en culischrijvers mag pazza nella cucina Wilma niet ontbreken. Zij bericht over al het lekkers dat zij thuis maakt, zoals deze ravioli met aubergine en boter. Een prima primo van Wilma: “Zelf verse pasta maken is toch wel één van de leukste dingen om te doen op kookgebied. In het verleden gebruikte ik de kneedmachine om de pasta te kneden, tegenwoordig doe ik het met de hand en eigenlijk gaat me dat ook steeds beter af. De vulling van deze ravioli is gemaakt van aubergine, ui en tomaten. In de beschrijving van het recept staat dat je het vel van de aubergine, na het roosteren in de oven, eraf moet trekken. “

foto: de verse ravioli van kookgek Wilma, gevuld met melanzane.

Curly Moscardini, ze stonden al even op de to do lijst van blogger Cora Meijer. Ze is trots op dit Italiaanse gerecht, want het ontvellen van baby inktvisjes is best een klusje om te leren. Moscardini hebben zelf een subtiele en delicate smaak, maar geven aan een stoofschotel juist een heel vissige smaak. Cultfood Cora kwam ze voor het eerst tegen in Venetië en aan de Adriatische kust: ” In plaats van risotto, maakte ik op dezelfde wijze organic volkoren rijstmix van basmati, rode en zwarte rijst. En voegde stoofvocht en witte wijn toe tijdens het kookproces. Echt heerlijk geworden! Het recept staat op Cultfood. “

foto: de riso met moscardini van Cora Meijer.

Uit haar happy kitchen komen de rijstballetjes, suppli al telefono van Anne-Marie, een prima antipasto of snack. Anne-Marie: “Mijn oog viel al snel op de arancini, iets wat ik al heel lang een keer zelf wilde maken. Deze risotto-ballen at ik regelmatig toen ik nog in Italië woonde. In Rome heetten deze balletjes suppli al telefono. Suppli komt van het Franse ‘surprise’ en ‘al telefono’ – aan de telefoon – is afgeleid van het feit dat wanneer je zo’n bolletje openbijt, de gesmolten mozzarella draden trekt die lijken op een telefoonkabel. Ja mensen, vroeger had de telefoon een kabel…”

foto: telefoondraden van Anne-Marie.

Francine met osobuco op haar eigenwijze wijze. Met een pleidooi voor het kopen van goede ingrediënten! Smaak is heel bepalend voor de Italiaanse keuken. Francine: “Eigenwijs ben ik stiekem wel een beetje te noemen. En dus een recept omvormen en er geheel een eigen wijze van maken past mij als foodblogger wel. Niets leukers dan lekker in de keuken staan een “beetje van dit” en “een beetje van dat”. Onderwijl niet vergeten foto’s en aantekeningen te maken. Want ik wil het daarna natuurlijk wel weer met jullie delen. Deze ossobuco op geheel eigen wijze kreeg hier thuis de handen wel op elkaar. Het vlees heb ik overigens ook nog eens zelf gezaagd, met recht een heerlijk homemade gerecht.”

foto: de eigenwijze osobuco.

We gaan verder culinair alleskenner Onno met zijn eigen versie van saltimbocca in het kader van een recensie van de Italiaanse kookbijbel. Zijn eigen Italië boek verschijnt op 7 mei. Onno zegt over deze bijbel: “De bijbel van de Italiaanse keuken. Tja, het team van Caffè Toscanini in Amsterdam zit erachter, Maud Moody, Leonardo Piacenti en Nina Bogaerts. Nu klinkt het misschien vreemd, maar ik ben van mening dat als het om landenkeukens gaat zeer goed ingevoerde buitenstaanders betere boeken voor andere buitenstaanders maken dan inboorlingen. Een niet-Italiaan snapt wat andere niet-Italianen niet snappen als het om Italiaans koken gaat. Snapt u wel?” 

foto: Onno’s saltimbocca.

Gereons Keuken Thuis vindt dat in deze parade van culischrijvers en foodbloggers Antoinette, de kookdiva uit Verona, niet mag ontbreken. Op Italiaans koken met vond ik haar overheerlijke koolhydraatrijke focaccia alla Genovese. Antoinette nadat haar mooie kookboek Mangiamo verscheen: “Ik kruip weer onder mijn culinaire steen. Kook, bak en braad. Bekijk filmend lekkere instagramaccounts, lees smaakmakende blogs, koop vette kookboeken en werk als een bezetene toch weer door aan die nieuwe receptenverzameling. Voor iedereen die het eten wil, juist nu een koolhydraatrijke focaccia alla genovese met rode ui en rozemarijn om je volvette, zoute vingers bij af te likken.”

foto: focaccia alla Genovese van Antoinette

Ik voeg altijd graag de recepten toe van auteur en vriendin Frances, die onlangs haar nieuwe reisboek See you in the Piazza ten doop hield. Reizen en eten door Italië, dat is “Under the Tuscan Sun” Mayes wel toevertrouwd. See you in the Piazza. Als het om Italiaanse zaken gaat blijven Frances & Ed een grote inspiratiebron voor Gereons Keuken Thuis.

foto: cover Tuscan Sun cookbook van Frances Mayes.

Tot slot een recept van Gereons Keuken Thuis voor deze foodbloggers en culischrijvers over Italië parade. De worstjes van de wijnboer, gebaseerd op de verhalen van chefkok en auteur Marlena di Blasi in haar boek 1000 dagen in Toscane. Ik maakte er een eigen versie van. “Salsicce arrostite con uve al vinaio”  We drinken bij dit gerecht natuurlijk een stevige Chianti

foto: worstjes van de wijnboer, dank aan Antoinette Coops.

Nodig (6 pers.)

150 ml olijfolie

2 el verse rozemarijnblaadjes gehakt

2 tl anijszaad

2 tl venkelzaad

gemalen peper

1 kg varkensworstjes

800 g druiven wit en blauw gemengd

250 ml rode wijn

peterselie

Bereiding:

Verwarm de olie in een steelpan op laag vuur. Voeg hieraan de rozemarijn, de anijs- en venkelzaden toe. Een flinke hoeveelheid gemalen peper. doe een deksel op pan en laat 15 minuten trekken. Je krijgt zo een aromatische olie. Prik met vork de varkensworstjes in en wel deze 5 minuten in niet kokend water. Verwarm de oven voor op  200 graden. Doe de worstjes op een bakplaat en bestrijk deze met de aromatische olie, voeg de druiven toe. Rooster de worstjes 25 minuten in de oven, keer ze om. de druiven zullen barsten. Als de worstjes gaar zijn kunnen ze van de bakplaat gehaald worden. Schraap de bakresten en de druiven van de bakplaat en doe deze in een pan. Voeg de rode wijn toe en kook deze saus iets in.Serveer de worstjes in een schaal met de druivensaus eroverheen en wat gehakte peterselie. Geef bij dit gerecht een lauwwarm boerenbrood.

Mille grazie voor jullie inzendingen! Tot de volgende parade van foodbloggers en culischrijvers over Italië.

Easy does it. Penne met vis uit blik.

foto: penne met vis uit blik

Easy does it, zeker afgelopen week, omdat ik met 15 onderwerpen tegelijkertijd bezig was, zoals snipverkouden zijn, kookboeken doorpluizen, een lunch organiseren voor Smaakvol Noord Holland en voorbereidingen voor het aankomende Paasgedruis. Het laatste is niet waar, omdat ik er niets aan ga doen. Geen brunches, gourmetexplosies of paassoupers. Pasen is voor mij geen belangrijk eetmoment, hoe graag de grote supermarktketens dat zouden willen. Pasen betekent voor mij de start van een nieuw seizoen, met nieuwe plannen en het winterstof afschudden. In wezen is het feest een blik in wat komen gaat, in welke traditie dan ook. Pesach herdenkt de exodus, de herrijzenis van Christus is een nieuw begin voor andere geloven, in Iran vieren ze hun Perzisch nieuwjaar met gele rijst en je ziet overal paashazen en jong grut zoals lammetjes en kuikens. Ik wijd nu uit, want ik wilde het eigenlijk hebben over gemak, easy does it. Meer en meer maak ik gemakkelijke pastagerechten en salades met dingen, die ik in huis heb. Goede soorten vis uit blik, spendeer gewoon twee kwartjes meer voor een blik tonijn en je proeft het smaakverschil. Hetzelfde geldt voor tomaat uit blik. Een kipdijfiletje met ras al hanout voor op je salade is zo gebakken, net als wat garnaaltjes met knoflook. Eigenlijk worden dit soort lunches geboren uit het feit, dat ik veel producten van de supers nergens naar vind smaken. Ik noem het vaak: “weer die ondefinieerbare bouillonpoedersmaak” Dat gaat tegenstaan. Net als het brood van een niet nader te noemen supermarkt. Waarom ga je dan niet naar de bakker? Zou ik graag willen, maar soms kost dat teveel tijd en ren je even naar de dichtstbijzijnde supermarkt. Maar ik wijd weer uit, lijk wel de dorpspastoor vandaag. Maar ja, het is tenslotte Goede Vrijdag en de 13 staties loop je ook niet in 5 minuten door.

foto: a tavola met Gideon Teubl.

Aan de slag dan maar! Easy does it met vandaag als opmaat naar de #alfresco zomer en de Italiaanse maand op Gereons Keuken Thuis een makkelijk pastagerecht met vis uit blik en datterini tomaatjes. Erbij een witte Torbolino van Fattoria la Vialla uit Toscane. Ik had woensdag in  SeaSpot bezoek van Franka Barendrecht en Gideon Teubl van Smaakvol Noord Holland. Zij kwamen mij in Zandvoort aan de tand voelen over mijn keukenperikelen  #kijkjeindekeuken en al pratend verorberden we dit #easydoesit gerechtje van penne, wat groenten, tomaatjes en vis uit blik met gremolata. Laat het zomerseizoen maar komen.

Nodig:

300 penne
1 rode paprika
2 stengels bleekselderij
1 gesnipperd uitje
1 tl chilivlokken
scheut witte wijn
1 blik datterini tomaatjes van Mutti.
een handje gehakte peterselie
4 teentjes knoflook fijngehakt
rasp van een gewassen citroen
1 blikje tonijn in olie van Bart’s Fishtales
1 blikje Portugese sardines op olie.
2 tl oregano
zout & peper
olie

Bereiding:

Snipper het uitje fijn en fruit deze in wat olie aan. Snijd de paprika en bleekselderij in stukjes en bak deze samen met zout en wat chilivlokken mee. Voeg de oregano toe. Blus af met wat witte wijn
Voeg de datterini tomaten toe en laat het geheel sudderen. Kook intussen de pasta al dente. Maak de blikjes vis open en bewaar wat olie uit het blik. Proef de tomatensaus en maak op smaak met wat peper en zout.
Giet de pasta af en meng deze door de saus. Voeg de visstukken, wat olie uit blik en de gremolata van gehakte knoflook, peterselie en citroenrasp toe. Serveer direct.

video: mijn easy does it tomatensaus

NB: foto credits Franka Barendrecht.

Een Jaar in de Tuin.

foto: cover Een jaar in de Tuin, tuinieren van maand tot maand.

Tuinieren van maand tot maand. Een Jaar in de Tuin. Het Paasweekend staat voor de deur en toevalligerwijs voorspellen de weermeneren mooi weer. Overigens doen ze dat elk jaar zo vlak voor de Paasdagen, maar dat terzijde. Gereons handen gaan dan jeuken. De buitenboel moet aan kant, de BBQ naar buiten en er dient geplant en gezaaid te worden. Voor mij een jaarrond project en één van mijn grootste hobby’s: groei en bloei op mijn stadsbalkon. Planten, bloeiend, groenten en kruiden. Spitten en scheppen maar, om dan weer de hele zomer #alfresco te genieten. Van uitgeverij GoodCook, die naast koken ook met groei en bloei behept zijn, ontving ik het groenboek Een Jaar in de Tuin, dat Ian Spence, begeesterd tuinier, schreef samen met de Britse Royal Horticultural Society. Een vademecum voor elke tuinliefhebber. Ideaal voor Gereons Keuken Thuis, want ik moet een geheimpje verklappen: tuinieren gaat bij mij net als koken, een snuifje van dit en een snufje daar. Net als in de keuken ben ik ook buiten à l’improviste in de weer. Ik koop en zaai wat planten en ga aan de slag. Soms valt het resultaat tegen, het slaat niet aan, de muizen eten mijn zaailingen op, bloeiende planten staan te donker of bladverbranding. Spence geeft je hierop alle antwoorden en legt stapsgewijs per maand uit wat je kunt doen. Categorieën als het hele jaar door bloeiend op je balkon, het hele jaar in blad, bollen voor elk seizoen, geuren en hoe trek je dieren aan? (overigens houd ik de muizen het liefst op afstand)

Ian Spence legt van januari tot en met december uit wat je kunt doen, want tuinieren, zo blijkt wel uit dit boek is net als regeren vooruitzien. Ik blik alvast vooruit, want de maand mei is de mooiste maand van allemaal, na half mei verdwijnt de kans op nachtvorst, het zonnetje staat hoog aan de hemel en alle exoten kunnen naar buiten. Je kunt courgettes planten, pronkbonen en kruiden. Ik heb er nu al zin in. En zo gaat het groene boek door. Een groot probleem voor velen is de zomer. Je gaat op vakantie of de droogte slaat toe. De schrijver geeft je goede tips om te zorgen voor een zomerbestendige tuin. Want het is naar als je van een weekje strand terugkomt en je treft een totaal verlept balkon aan. Nogmaals planten, plannen en vooruitzien. Een Jaar in de Tuin neemt je aan de hand. In oktober wordt bijvoorbeeld uitgelegd hoe je dahliaknollen te laten overwinteren. Kijk daar heb ik iets aan, voorheen groef ik ze uit en gooide ze weg. Helemaal niet nodig.

video: mijn #greenhappiness paradijsje zomers.

Het laatste deel van het boek is A-Z plantenlijst met bijzondere planten en hun (eigen)aardigheden, hoe deze te combineren en te verzorgen. Gereons Keuken, ik bedoel Balkon, Thuis weet nu al dat hij veel plezier gaat hebben van dit boek. Een Jaar in de Tuin is een onmisbaar boek voor als mijn handen jeuken en mijn groene vingers tintelen om aan de slag te gaan. Ik houd jullie deze zomer op de hoogte van mijn vorderingen.

Een Jaar in de Tuin, RHS & Ian Spence (ISBN 9789461432070) is een uitgave van GoodCook en is te koop voor € 30,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Basisboek Indonesisch, Francis Kuijk.

foto: het eerste exemplaar was voor de Maleisische chef Norman Musa.

Indonesisch koken volgens Francis Kuijk. Op 26 maart was ik in Oost (of is het nog Centrum?) bij Happy Happy Joy Joy, om daar de presentatie bij te wonen van het Basisboek Indonesisch van Francis Kuijk, derde generatie Indisch Nederlander, opgegroeid in Australië en finaliste bij het populaire programma Heel Holland Bakt. Koken en bakken zijn de grote passies van Francis en zij is dan ook regelmatig bij Omroep Brabant te bewonderen, waar zij haar kookkunsten deelt. Tot zover over de schrijfster, want ik ga haar aan het einde van de zomer nog in een speciale aflevering van talk & table op Gereons Keuken Thuis aan de tand voelen.

Ik moet zeggen, dat ik niet echt behept ben met de keuken van de Gordel van Smaragd. In de seventies maakte mijn moeder heerlijke boemboe Bali ikan, frikadel pan en babi ketjap. Zij leerde deze gerechten maken, overigens net als zarzuela, van overbuurvrouw Daisy, waartegen ik mevrouw Bijleveld moest zeggen. Toen ik ging studeren nam ik het kookboek de Indische keuken thuis mee op kot, leende het aan een kompaan uit en nooit terug gezien. Maar niet getreurd, ik heb nu het Basisboek Indonesisch op mijn keukentafel liggen. Stap voor stap worden de 130 recepten door Kuijk uitgelegd. De bruine cover van het boek doet wat retro, maar daardoor ook heel huiselijk en vertrouwd aan. Ik denk dat dat ook de bedoeling is van Francis, je mee op pad nemen door haar Indische of moet ik zeggen Indonesische wereld. Want “makan” hoort bij deze foodie in hart en nieren, overgedragen recepten van grootmoeder op moeder en van moeder op dochter. Zij is er waar ter wereld mee opgegroeid en bereidt ze nog steeds.

foto: lekkere snacks mogen natuurlijk niet ontbreken op dit feestje.


Om te beginnen legt Francis Kuijk de verschillende nuances binnen de keukens van de Gordel van Smaragd uit. Kruiden, specerijen komen aan bod. Apenhaar, pangsit en sambals. Specifiek keukengerei. Hoe, wat en weetjes en dan kan de lezer aan de slag met sajoers en soepen, een belangrijk onderdeel van de Indische maaltijd, de babi kecap, gebakken garnalen, de ikan goreng bumbu Bali. Bijgerechten rijst en noedels komen langs, met nasi goreng, lontong, vogelnest pannenkoeken en sauzen voor bij de satés. Atjars ontbreken niet net zoals homemade sambal. Groenten en eieren vormen een hoofdstuk apart. Denk aan pittige aubergine, zoete champignons of roejaksaus. Ik gebruik hier overigens graag de Nederlandse transcriptie van de Indonesische termen, al was het maar om mijn woordvoorspeller niet in de war te laten raken.

foto: Happy happy Joy joy Oost



Na de groenten en eieren tref je een hoofdstuk zoet aan, baksels natuurlijk, zoals spekkoek en gestoomde groene kokoscakejes, die ik tijdens de presentatie proefde. Tot slot geeft Francis lekkere recepten voor hartige snacks uit het vuistje in Basisboek Indonesisch. Want zeg nu zelf risolles, loempiaatjes en bapao’s mogen niet ontbreken op een Indisch feestje. Want dat is wat het Basisboek Indonesisch is: een feest van herkenning, maar nu strak uitgelegd en makkelijk te maken voor leken, zoals ik. Aan de slag dus om de Indische keuken thuis te herontdekken.

foto: cover Basisboek Indonesisch.



Basisboek Indonesisch, 130 recepten stap voor stap, Francis Kuijk (ISBN 9789461432087) is een uitgave van  GoodCook en is te koop voor € 30,95


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Foodblogger Cora over haar Frankrijk.

Foodblogger Cora over haar Frankrijk. Vorige week plaatste ik mijn jaarlijkse lenteparade met foodbloggers over hun associaties bij l’Hexagone. Helaas ontbrak gastblogger Cora van Cultfood. Een blog over moeiteloos koken voor elke dag. Vandaag haar Franse verhaal en een recept voor kumquatmarmelade.

foto: oud & modern Marseille.

Frankrijk gezien door de ogen van Cultfood.

Onze eerste belevenissen starten met een huwelijksreis naar Parijs. Daarna kwamen we zo vaak terug – met en zonder het hele gezin – dat we alle kuststreken en berggebieden hebben gezien. Dat zijn gewoon onze favorieten evenals de eilanden, van Belle Ile, de Golf van Morbihan tot Ile de Ré en Ile d’Oleron. Het mooiste eiland bezoeken we dit jaar, ik kan haast niet wachten om op weg te zijn naar Corsica. Aan de kusten lopen we natuurlijk de Sentiers des Douaniers, bezoeken havens, oude zeilboot-evenementen en vissershaventjes. Maar ook mondaine steden en musea. We nemen zeker ook altijd het achterland mee van de regio waar we zijn en organiseren een leuke aanrijd- en vertrekroute.

foto: Lyon fontein tegenover hôtel de Ville.

Meestal trekken we in zo’n regio ook nog een aardig eindje door meerdere logeeradressen te bespreken. En dat maakt Frankrijk zo leuk: de afwisseling van logies in kasteeltjes, olijvenboomgaarden, een havenplekje. Zo associeert onze oudste Normandië met boenwas door te logeren in meerdere oude boerderijtjes. De Pyreneeën verschillen als berggebied hemelsbreed van de Alpen, Elzas en Jura. En dan zijn er nog de vakwerkhuisjes, niet alleen in Normandië en Bretagne, maar bijvoorbeeld ook in Colmar. En de hooggelegen, vaak verstilde middeleeuwse bergdorpen. Frankrijk verveelt nooit door die diversiteit. Want we hebben het nog niet niet eens gehad over de dieren – ezeltjes en wilde Potok paardjes – of over de de diverse rotsen van krijt, graniet etc. en het banjeren over lange, diepe stranden of door leuke kunstenaarsdorpen.

foto: Bel Ile in Bretagne, côté ouest.

Als foodblogger zijn de streken van Frankrijk voor mij verbonden met de Franse specialiteit ‘marmelade’ of ‘compote’. Voor mijzelf natuurlijk bij al die prachtige kazen, voor mijn man in zijn croissant en voor de kinderen in hun crêpe. Als ik al een taart maak, dan start die activiteit toch met het maken van een heel mooie compote. En dat brengt mij bij een laatste, nog vergeten aspect van het Franse platteland: de abdijen. Die zulke heerlijke on-Nederlandse jam fabriceren.

Ik beveel nu mijn kumquat-bloedsinaasappel marmelade aan in deze Franse weken op Gereons Keuken Thuis. In de Provence staat namelijk de eerste of oudste Franse kumquateraie, het domaine de la Jouasse.

foto: village perché in de Provence

In mijn blog vertel ik al dat deze vruchten nu worden geïmporteerd vanuit het Middellandse Zee gebied. Franse smaken zijn zo bijzonder. Daarom zijn ook mijn favoriete Franse drankjes erin verwerkt: wat Grand Marnier en Calvados. Die laatste hield ik over aan mijn verblijf in een klein, wat uitgestorven kasteel. In mijn voorraadkast prijkt nog slechts één potje bijzondere Franse jam, de kiwis a trois épices. De kennismaking met de Franse confitures is waarschijnlijk de reden dat ik zo graag met fruit aan de slag ga. En dat mijn nieuwe Franse vakantie maar snel moet beginnen.

foto: Cora’s kumquatmarmelade.

Kijk voor het heerlijke kumquat recept van Cora op: Cultfood’s kumquat marmelade.Merci Cora voor je deelname! 

Ben jij een foodblogger met net zo’n heerlijk Frankrijkverhaal of -recept? Laat het dan hieronder in een reactie achter of schrijf eens een gastblog voor Gereons Keuken Thuis.

Kopenhagen Food, Trine Hahnemann

foto: cover Kopenhagen Food

Kopenhagen food. Wonderful, wonderful Købnhavn is de hoofdstad van Denemarken en een hele bijzondere stad. In de laatste twee decennia heeft de stad zich ontwikkeld tot een echt foodlover’s paradise. Of dit alles te maken heeft met NOMA of juist niet, doet er niet toe. Kopenhagen bruist van de gezellige en lekkere adressen. En degene, die dat kan weten is Trine Hahnemann, van wie ik zo’n anderhalf jaar geleden Scandinavisch Comfort Food besprak op Gereons Keuken Thuis. En wie is er nu beter geschikt dan oer Deense Hahnemann om ons op sleeptouw te nemen door de wijken van foody Kopenhagen? Een boek vol recepten, tradities en verhalen.

Het boek is geen reisgids, het is het verhaal van Trine, over haar eigen stad. Trine is geen jonge, net gelande hipster, die net als in Amsterdam hijgend en puffend achter nieuwe adresjes aanholt. Welnee, de schrijfster is 100% echte Kopenhaagse en kent de stad van voor en na de ontwikkeling tot de kosmopolitische stad, die Kopenhagen nu is. Met hippe buurten, cocktailbars, koffietenten en fietsen. Hipster galore dus. Wat Hahnemann hiermee doet is bijzonder, ze probeert het verband tussen het traditionele en moderne Kopenhagen te leggen. Het resultaat is dit boek.

We gaan slenteren door de wijken, met ieder een eigen signatuur. Kopenhagen food start in het van plaatjes bekende Nyhavn en de buurt Gammelholm, de nieuwe haven, toeristisch maar ook traditioneel. De schrijfster groeide op tussen de kanalen en havens en koestert goede herinneringen aan de stiekem gekochte marsepeincakejes. Recepten voor krebinetter, Deense burgers en laatstgenoemde cakejes volgen. We struinen verder via het Koninklijk theater en de morsige kant van Nyhavn, doorspekt met Hakkebøf en kreeftsalade. Traditioneel versus 21e eeuw. Gerechten van voor en na NOMA.

Nu is deze recensie geenszins bedoeld, om met jullie heel Kopenhagen door te nemen, dus  sla ik wat geselecteerde wijken over. Ontdek het zelf maar. Via Frederiksstaden, met als middelpunt de residentie van koningin Margrethe, culi-pelgrimage wijk Christianshavn, belanden we in het charmante centrum van Kopenhagen, met smalle straatjes en gekleurde huizen. Zo stelt Gereons Køkken Thuis zich een Scandinavische stad voor. Een levendige wijk. Voor ontbijt met amandelbroodjes (tebirkes) met maanzaad, het meest favoriete beleg van de Deen, leverpostej en Deense hotdogs. Wat ik leuk vind is dat Hahnemann bij elke wijk een verbinding maakt van hedendaags met wat ouderwetser eten. Mad in het Deens. We bezoeken de torens, Trine vertelt over Deense kerst, we bezoeken de wijken Vesterbro, Nørrebro en Østerbro met o.a. Scandinavische pizza en flødeboller, die wij zoenen noemen.

Kopenhagen Food is een heerlijk en sfeervol boek, met lekker maakbaar eten. Het laat je de mooie facetten van Kopenhagen zien en inspireert je direct een trip te maken naar de stad van de kleine zeemeermin en Tivoli. Ik snap, al lezende in mijn luie stoel, de bekende sprookjesschrijver Andersen steeds beter. En via dit boek de nordisk mad. Wat veel geneugten. Velbekomme, dat doet dit boek zeker!

Kopenhagen Food, Trine Hahnemann. (ISBN 9789000066620) is een uitgave van Spectrum Lifestyle en kost € 29,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer