ELLE Cuisine. (1957)

foto: cover ELLE Cuisine

ELLE Cuisine. Alles, wat de Franse huisvrouw dient te weten over eten. Uit 1957, dus bijkans 65 jaar oud. Ik tikte dit boekje eens tussen andere rommel op de kop. Het is een geschreven door Mapie de Toulouse-Lautrec, inderdaad familie van de schilder en chroniqueur van het Parijse leven. Mapie was een bekende foodjournaliste en schreef diverse kookboeken. Zo ook dit werkje uit 1957, ELLE Cuisine. Het leert de Franse vrouwen te presteren voor verschillende momenten in het leven van de familie. Hoe voed je het kroost, wat belieft de mari en wat te doen als de patron komt eten? De Toulouse-Lautrec doet het allemaal uit de doeken. En met verbluffend resultaat. Te meer, omdat dit boek van voor naar achter klassiekers uit de Franse keuken voorschotelt, zonder de tegenwoordig alom aanwezige plaatjes. En een extraatje is dat elk hoofdstuk wordt ingeleid met een kort gedicht. Wat een vrolijkheid. Dat vindt Gereons Keuken Thuis zo leuk aan dit boekje. Het doet een beroep op je eigen voorstellingsvermogen.

foto: Mapie de Toulouse Lautrec. (van babelio.com)

Mapie de Toulouse-Lautrec geeft aan het begin van dit boek wijntips, want een goede gastvrouw weet ook de juiste combinatie tussen wijn en spijs te maken. Het bevat een lijst met oogstjaren. Want naast de maaltijd is ook conversatie een must. Hierna begint het koken, zij het seule pour déjeuner, wanneer de mari au bureau is, of als er een goede vriendin komt eten. Een diner tête à tête met de echtgenoot. Kant en klaar voor als de mari seul is. Imprévus, onvoorziene gasten. Je leest het: de Franse domestic goddess uit ELLE Cuisine was van alle markten thuis. Daarnaast was zij ook heel praktisch,  want één van de recepten luidt: “Draai twee blikken cassoulet de Toulouse om, meng deze met wat extra tomatenpuree bedek met paneermeel & klontjes boter en zet ongeveer  15 minuten in een hete oven.” Zo verrekte simpel kon het leven zijn in 1957.

foto; Le Grand TRALALA.

Tijdens de Franse weken wil ik jullie een recept uit ELLE Cuisine niet onthouden. Het komt uit het hoofdstuk Le Grand TRALALA en is een recept voor Canard MontMorency. Of dit gerecht iets te maken heeft met de in 1570, in opdracht van Filips II, onthoofde graaf van Horne wordt er niet bij vermeld. Dat moet Gereons Keuken Thuis eens uitzoeken. Het is recept voor eend in een kersensaus. We drinken er een fruitig glas Fleurie bij.

Nodig voor 6 personen:

1 mooie grote geplukte eend.

60 g boter

1 pond kersen ontpit

1 glas rode wijn

zout & peper

Bereiding:

De eend is schoon van binnen en drooggedept. Smeer de vogel in met boter en rijg hem aan een spit (met lekbak eronder) of doe hem in een schaal. Plaats de eend in een hete oven en rooster de eend gedurende 25 minuten. Let erop het vlees telkens te bedruipen met wat warm water. Zout het vlees niet. Kook de kersen kort in de rode wijn. Vang de braadjus, op smaak gemaakt met  peper en zout op en meng deze met de rode wijn en kersen. Bedruip de eend nog eenmaal met deze saus. Doe de gebraden eend op een schaal en drapeer de gekookte kersen eromheen. Serveer de jus apart. Een tip van Mapie is om met cocktailprikkers wat warme kersen in de eend te prikken ter verhoging van de feestvreugde. Oh la la.

Volgende keer vind je op Gereons Keuken Thuis een recept van Alice B. Toklas, die de sterren van de hemel kookte in de roaring 20ties.

Mijn Frankrijk van Onno Kleyn.

Mijn Frankrijk van Onno Kleyn. De favoriete hangout van routiers, werklieden en verkopers onderweg is een café, zoals Onno Kleyn dat kent in de buurt van zijn Bourgondische huis. Een etablissement, waar patron Mémé kookt comme d’habitude. Zijn café is net opgekalefaterd, maar de bunnieskalender pronkt alweer achter de bar. Geen menu, maar paté en croute, stoofvlees op Bourgondische wijze, een doppenfles wijn op tafel, kaas en een stuk taart na. De lunch wordt afgesloten met een ferm stuk taart en een petit café. France profonde heet dat. De ziel van het Franse bestaan. Eén bonk terroir op je plattelandsbord. Zelfs de meest verstokte Parisien verlangt ernaar en route. Even weg van de “brouhaha”.

foto: de mooie rode ode van Onno Kleyn.

Mijn Frankrijk, verhalen en recepten is een ode aan dit eigenzinnige land, De inwoners, die lijken te figureren op dit Frans schouwtoneel. Rare jongens toch, die Galliërs. Of juist niet? Een coup de foudre van verteller Onno Kleyn. Over zijn ontdekkingen op jonge leeftijd in de Auvergne, een zelfgemaakt konijn in een Parijse studio of stapels galettes vlakbij Saint Malo. De voordelen van tussen de Fransen te wonen en werken in plaats van een passant et zijn. Observeren. De mémoires en recepten van Onno zijn, net als eerder in zijn Mijn Italië gebundeld in dit rode boek. Behalve zijn persoonlijke wederwaardigheden houdt Onno ook een pleidooi voor echt eten, al dan niet carnivorisch. In Nederland hebben wij zo langzamerhand elke eigenheid van een product weggemoffeld en ingepakt. Zo niet in de Hexagone, waar rustig op de zondagsmarkt van Chablis een dame als echte standwerker haar bloedworsten aanprijst. Live terroir zou je het kunnen noemen. Of wat te denken van de steak tartare van paardenvlees. De Nederlandse VWA zou een toeval krijgen. Maar dit is Frankrijk. En dat maakt waarom Gereons Keuken Thuis, net als Onno Kleyn zo dol is op dit land. Een eigenzinnig land, waar het goed eten en drinken is. Waar je niet over uitgepraat en -geschreven raakt. En, net als Onno, heb ik haast nooit onaardige mensen ontmoet. In ieder geval niet meer of minder dan in onze polder.

In Mijn Frankrijk reist de schrijver kris kras door France métropolitaine, Van Eguisheim tot Bayonne en van de berg Canigou tot aan Normandië. Een tour door de grote voorraadkast, die Frankrijk heet. Onno Kleyn verzamelde weetjes over de Franse keuken, doorspekte dat met zijn persoonlijke verhalen. Dit laatste is waarom ik de boeken van deze kenner en verhalenverteller altijd zo leuk vind. Al lezend maak je samen met hem een reis door dit heerlijke land, het eten en niet te vergeten de recepten en wijntips van Onno Kleyn. Mijn  Frankrijk is voor Gereons Keuken Thuis een mooie voorbereiding voor de grand tour, die ik ga maken aankomende herfst. Maar daarover later meer. Op Quatorze Juillet plaats ik -het zijn tenslotte in juli en augustus de #franseweken- een fijn recept uit dit boek op Gereons Keuken Thuis.. De rest van deze dag ben ik weer op reis door Mijn Frankrijk.

Mijn Frankrijk, verhalen en recepten. Onno Kleyn. (ISBN 9789038809915) is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Wereldse Smaakmakers.

foto: #franse weken vragen om rouille.


Wereldse Smaakmakers. 
Het nieuwe boek van créateur Pascal Jalhay. Créateur, waarom niet gewoon chef kok? Dat zal ik uitleggen. Pascal Jalhay weet heel goed hoe hij gerechten defragmenteert en dan in een nieuwe versie neerzet. Zo proefde Gereons Keuken Thuis eens van zijn hand uit elkaar geplozen gado gado en ontleedde hij de Indonesische keuken van zijn vader in Baru Belanda. Wat een creaties kan deze man maken. En sinds kort kun je de fijne kneepjes van hem leren in zijn kookstudio in Laren. Maar het werk van Jalhay bestaat niet alleen uit ontleden. In zijn nieuwe kookboek Wereldse Smaakmakers gaat het juist om assembleren. Pascal verzamelde ruim 75 recepten uit de gehele wereld voor sauzen, boemboes, kruidenmixen, marinades en chutneys. Hij trof al deze recepten aan op zijn reizen. Een boek vol basics kende ik nog niet en ik was aangenaam verrast door de suggesties in Wereldse Smaakmakers. Vaak worden dit soort basisrecepten aan het einde van een kookboek weggemoffeld. Jalhay geeft ze een hoofdrol.

Wereldse Smaakmakers is een kookboek vol smaken, die Pascal Jalhay ontdekte en ontwikkelde. Het is een boek dat je keuken zal veranderen, want zo gauw je de kneepjes in de vingers hebt, kun je niet meer koken zonder zijn basissmaakmakers en condimenten. En voor ieder is er wat wils. Of je nu van Aziatische smaken houdt of zoals ik opperde, eens zelf rouille wil maken voor in de SeaSpot vissoep. Jalhay neemt je aan de hand. Vertelt je over zijn voorraadkast. Over basissmaken, voor bijvoorbeeld je bulgogi marinade. Laat het nu net BBQ seizoen zijn. Maar ook een mirepoix, hierin zie je Pacal’s klassieke scholing, ontbreekt niet. Wat ik leuk vond, om te lezen, is dat rommelkruid ook een plaats inneemt. Een smaak, die ik ken uit de keuken van mijn oma. 

Het derde deel van Wereldse Smaakmakers gaat over de gerechten. Want je gaat natuurlijk ook met je basissmaakmakers mooi eten maken, zoals Koreaanse kipnuggets met kimchimayonaise, bouillabaisse met rouille of een ceviche van kabeljauw, met eigengemaakte leche de tigre. Tot slot verklapt de schrijver zijn favoriete adresjes in en rondom Amsterdam. Daarbij ontbreekt zijn eigen Kookstudio bij de Molen in Laren natuurlijk niet.

Wereldse Smaakmakers is een kookboek geheel in de stijl van Jalhay, met duidelijke recepten en foto’s om van te watertanden. En zeg nou zelf, de kneepjes van smaakmakers van deze maestro onder de knie krijgen is toch helemaal da bomb!

foto: cover Wereldse Smaakmakers.

Wereldse Smaakmakers. Pascal Jalhay (ISBN 9789464040067) is een uitgave van Fontaine en is on- en offline te koop voor € 32,00

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Het Kikkererwten kookboek.

foto: garbanzos a la Madrileña.

Het Kikkererwten kookboek. De moeder van aller peulvruchten, de keker of kikkererwt, in veertig verschillende soorten en, want de kikkererwt is een zij, een wereldspeelster van formaat. Lucrees van Groningen en Marietje Bosma, moeder en dochter zijn dol op deze grande dame en vereerden de duizenden jaren oude peulvrucht met een kikkererwtwaardig kookboek. Want, om het maar eens in Olympische  termen te zeggen, deze proteïneverschaffer is een gedoodverfde gouden plakwinnaar en prolifereerde zichzelf wereldwijd. Dat wist senator Cicero ook al. Deze Romeinse politicus dankte zijn naam aan de “cicer” en er is een brief op zijn naam, waarin hij aan zijn vrouw verzoekt om een kikkererwtenboek te maken, om onder het genot van deze gerechten hun huwelijksstatus of -problemen te bespreken. Of mevrouw Tullius Cicero deze handschoen heeft opgepakt weet ik niet. In ieder geval hebben de twee dames dit wel gedaan met als resultaat dit boek vol recepten van over de gehele wereld. Starring de kikkererwt.

foto: zoetzure kikkererwtenspread.

Het Kikkererwten kookboek begint met allerlei weetjes, zoals de etymologie van de naam (kikus zou kracht betekenen in het Grieks), de teelt en de soorten.  Het fijne van deze peulvrucht is dat er vele bereidingswijzen zijn, van vers tot gedroogd, in een pot of als kikkererwtenmeel. Het laatste gebruikt Gereons Keuken Thuis vaak voor de socca op de wijze van Nice. Daarna gaan de schrijfsters koken met verrassend eenvoudige internationale recepten, zoals bij de borrel een Spaanse zoetzure kikkererwtenpuree. Of moet ik zeggen garbanzos agridulce. Soepen komen aan bod, zoals Genuese minestrone, want in Ligurië is de keker ook volksvoedsel. Denk aan farinata, de Italiaanse evenknie van socca.

Voor deze recensie sla ik bewust de Levantijnse en Midden Oosterse recepten, zoals hummus, uit het boek over, want dat is ieders eerste associatie met de kikkererwt. Maar al in de Romeinse tijd was heel het Iberisch schiereiland beplant met deze peulvrucht om de honger van de legionairs te stillen. Bij de hoofdgerechten laten de schrijfsters zien, dat ook in het Westelijke bassin van de Middellandse Zee heel wat afgekookt wordt met kikkererwten. Om in Spaanse sferen et blijven noem ik de Madrileense kikkererwten met chorizo. Een prima gerecht voor de aankomende #alfresco weken. Later daarover meer met een recept. Maar ook een gerecht met koolvis komt aan bod. Zou je niet direct verwachten.

foto: minestrone uit Genova

Via de bijgerechten uit alle hoeken van de aarde komen we bij de deeggerechten, zoals pasta van kikkererwtenmeel. Komt dat goed uit ik heb nog een zak meel staan van de Volkskruidentuin in de Kinkerstraat. En om nu de hele zomer stapels socca te blijven eten is ook zo’n dingetje. Over socca gesproken, een recept hiervoor ontbreekt niet in Het Kikkererwten kookboek.

foto: Socca op zijn Nizzaans.

Wat mij betreft kan op 21 juni de #alfresco zomer op Gereons Keuken Thuis beginnen, na dit heerlijke Kikkererwten kookboek van Lucrees Van Groningen en Marietje Bosma te hebben gelezen. Vol leuke zomerse trouvailles en met liefde bereid. Wat een moeite hebben deze koks en schrijvers zich getroost in hun ode aan de keker. Ik vind het een kookboek, waarin deze dames hun passie voor de kikkererwt in woord en beeld gestand hebben gedaan. Chapeau!

foto: Het Kikkererwten kookboek.

Het Kikkererwten kookboek. Lucrees van Groningen en Marietje Bosma. (ISBN 9789090344423) is een eigen uitgave van deze dames. Het kookboek is on- en offline te koop voor € 24.95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Over de schrijfsters: Lucrees van Groningen en Marietje Bosma, moeder en dochter, hebben vele uren samen kokend doorgebracht. Van dagelijkse kost tot het koken voor grote gezelschappen hebben ze zich ontwikkeld tot uitstekende koks met een breed repertoire. Meer lees je op: https://kikkererwten.nl/

Koken als Carlo Cracco.

Koken als Carlo Cracco. Op 17 mei volgde Gereons Keuken Thuis een webinar met Italiaanse chefkok Carlo Cracco, georganiseerd door de 3 Italiaanse kamers van koophandel in de Benelux. Doel van de webinar is om mensen kennis te laten maken met true Italian taste. “Want”, zo vertelde Cracco tijdens zijn verhaal, ” er is wat nep Italiaans voer te vinden op deze aardkloot.” “Kook daar nooit mee”, waarschuwde hij, “het gaat ten koste van je gerecht en de smaak.” Drie ambassadeurs zetten zijn woorden kracht bij door te verhalen over de geneugten van de keuken van de Bel Paese en hoe diplomatie kan worden bedreven tijdens een fijne en mooie maaltijd. Carlo Cracco is geen onbekende in Italië, opgeleid door Gualtiero Marchesi in Milaan en Alain Ducasse in Frankrijk, ontwikkelde hij zijn eigen stijl. Cracco houdt van simpel en één van zijn favoriete producten is rijst. “De vlag van Italië”, voegde Roberto Payer hieraan toe, wiens lievelingskostje risi e bisi is. Uit de Veneto.


RIsotto. Voorheen was de basis van risotto en risi e bisi een soort soep, waarin de rondkorrelige rijst van de Po vlakte goed gedijde. Zeker als je lokale producten gebruikt. In de Veneto is dat de ronde rijst Vialone Nano en in Lombardije: Arborio of Carneroli, met een stevige korrel. Cracco maakte voor de webinar met Vialone Nano rijst een dessert, gearomatiseerd met witte koffie. (recept volgt in de volgende editie van Gereons Mag) Als primo of hoofdgerecht maakte hij een risotto met erwtjes, gele tomatensaus uit Campanië en garnalen uit Ligurië. Cracco houdt van het combineren van al het moois en vers uit de Laars. Hij produceert tegenwoordig zelf de fijnste producten voor zijn keukens, zoals olijven, wijnen, olie en de beste groente en fruit. Moet ik nog meer vertellen op deze donderdag? Welnee, gebruik voortaan het beste dat je kan vinden, met een true Italian taste, en je kunt koken als Carlo Cracco.  

Carnaroli rijst met gele tomaat, erwtjes, paarse garnalen uit Santa Margherita Ligure en munt.

Nodig: 

320 g Carnaroli rijst

150 g gele tomatensaus of 1 blikje gepelde gele tomaten 

100 g boter 

50 g Parmezaanse kaas 

150 g verse doperwtjes 

12 paarse garnalen uit Sta. Margherita, vervang deze door makkelijker verkrijgbare scampi.

1 sjalotje

 extra vergine olijfolie 

muntblaadjes 

1/2 glas witte wijn 

citroenrasp 

kokend water

Bereiding:

Breng in een steelpan water aan de kook en houd het aan de kook. Verhit in een koekenpan met dikke bodem een beetje extra vergine olijfolie van eerste persing en boter. Fruit de fijngehakte sjalot op laag vuur zonder bruin te worden. Voeg de rijst toe en bak hem mee op een matig vuur onder voortdurend roeren met een houten lepel. Blus af met witte wijn. Wanneer de wijn is verdampt, de tomatensaus en het zout toevoegen (ongeveer een mespunt zout per persoon). Voeg het kokende water pollepel voor pollepel toe tot de vloeistof perfect is opgenomen. Voeg halverwege de kooktijd de erwten toe. Maak intussen de garnalen schoon, verwijder de schalen en de ingewanden en snijd ze in 3 of 4 stukken. Zout de garnalen lichtjes en breng ze op smaak met citroenzeste en een beetje olijfolie. Zet opzij.

Zodra de rijst gaar is, van het vuur halen en overgaan tot de «mantecatura». Dit is een technische procedure die erin bestaat de rijst te binden. Voeg hiervoor de vers geraspte Parmezaan in één keer toe met de extra olijfolie van eerste persing, de rest van de boter en de fijngehakte munt en roer voortdurend om een romige risotto te verkrijgen. Breng op smaak met zout en een snufje witte peper. Leg de risotto op een bord en schik de garnalen er in het midden op. 

Drink er een vrolijk glas witte wijn bij uit de Veneto.

Rabarberrecept uit De meisjes van de moestuin.

Rabarberrecept uit de meisjes van de moestuin. Vorige week besprak ik het leuke boek De meisjes van de moestuin, geschreven door Amber Carchedi en Reny Muller.

De meisjes van de moestuin. Gereons Keuken Thuis kent deze dames en hun blog al wat langer dan vandaag en ontmoet de kokkin van de twee regelmatig op events. In hun paradijs ben ik nog nooit geweest. Geeft helemaal niets, want nu nemen de twee je in hun kakelnieuwe boek mee op pad in hun moestuin en keuken. Kweken, oogsten, koken en eten. Vier activiteiten, waarmee Reny Muller en Amber Carchedi zijn behept. Eigen verbouwde groente smaakt nu eenmaal beter. Dat hebben heel veel mensen in de nu al meer dan een jaar durende pandemie ervaren. Moestuinieren op welke schaal dan ook is razend populair. Net als vissen trouwens, want vanuit mijn raam zie ik steeds meer vissers op het strand hun kostje bij elkaar hengelen. Zo zal het ook wel zijn in een moestuin. Ik herinner me de moestuin van mijn grootouders, die altijd leken te planten voor een heel weeshuis. Dat leverede een explosie aan snij- en sperziebonen op. Of kilo’s aardbeien en in het seizoen perziken. Te veel om om te eten. De twee moestuinmeisjes pakken het anders aan en telen graag bijzondere dingen. En dat willen ze laten zien in hun boek De Meisjes van de Moestuin. Regel nummer één: Houd het simpel en maak keuzes!

Het is voorjaar en rabarbertijd, dus maken de dames een lekkere rabarber & gembercoulis voor over roomijs. Ik bedacht er wat vers pistache-ijs bij van Luciano uit Overveen en wat zoute pistachenootjes. Zoet, zout en rins. 

Roomijs met rabarber-gembersaus.

Nodig voor 250 ml saus:

350 gr rabarber

6 bolletjes stemgember

2 el siroop, uit de pot stemgember

2 el kristalsuiker

500 ml roomijs of pistache-ijs van Luciano.

2 el gehakte (licht gezouten) pistachenoten
Bereiding:

Was de rabarber en snijd deze in kleine stukken. Doe in een pan samen met de stemgember, siroop, suiker en 1 el water. Laat de rabarber en gember op een lage stand aan de kook komen. Laat 12 minuten koken en haal deze van de warmtebron wanneer de rabarber zacht is. Laat afkoelen en pureer met een staafmixer, of in de keukenmachine of blender tot een dikke saus. Proef even maar bedenk dat het ijs al vrij zoet is en dat deze frisse, zure smaak een mooie tegenhanger is!Haal het ijs 10 minuten voordat je het wilt serveren uit de vriezer. Schep in een kommetje en verdeel de rabarber-gembersaus erover. Garneer met gehakte pistachenoten.


Lees meer: http://gereonskeukenthuis.nl/blog/de-meisjes-van-de-moestuin/

De meisjes van de moestuin, Amber Carchedi en Reny Muller (ISBN 9789089898562) is een mooie groene uitgave van Terra en is te koop voor € 26,99 bij je kookboekenvakhandel.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Roootin’s Iranian Kitchen.

foto: feestelijke Perzische rijstcake met saffraan


Roootin’s Iranian Kitchen. De eerste keer, dat Gereons Keuken Thuis Iraans of moet ik zeggen Perzisch at, was ter gelegenheid van Iraans Nieuwjaar in Cannes in april 1981. Ik weet het nog precies, omdat ik zo onder de indruk was van alle gerechten, die bij de gastheer en -vrouw op tafel kwamen. En de enorm feestelijke setting. Dat is heel lang geleden en ik zou een lang verhaal nu kunnen gaan schrijven over mat mij nog meer fascineerde aan deze mensen in die tijd. Maar laten we de 21e eeuw instappen. Met het kookboek van Solmaz Esmailzadeh en haar bakkende moeder, genezeres Bulbul. Deze twee Iraanse dames baatten een bijzonder adres uit aan de Linnaeusstraat, Roootin. Zij kookten daar de sterren van de Iraanse hemel. In Roootin’s Iranian Kitchen nemen ze je mee op pad door hun eigen Iraanse fusion-keuken. Een mix van gerechten uit hun vaderland en de Westerse keuken. Een culinaire reis, geworteld in oude tradities. En met een bijzonder derde aspect, want de schrijfsters geloven heilig in het verband tussen mentale en fysieke gezondheid door goed te eten. Moeder Bulbul Esmailzadeh  leerde van haar Iraanse moeder de fijne kneepjes van het koken en wat het kan doen voor je welzijn. Eenmaal gevestigd in Amsterdam vond zij, dat ze daar iets mee moest doen. Laten we het een soort “spread the word” noemen. Naast hun etablissement lag dit kookboek dus voor de hand. Een reis door Iran en de Midden Oosterse keuken met al haar verscheidenheid.

“The love and energy you put into preparing a meal, will be absorbed in the food and the one eating it will simply feel that love and energy.” 

foto: kruiden in Tabriz.

Roootin’s Iranian Kitchen start met een tripje door de keuken van moeder en dochter, over voedsel als medicijn, helend, de keuken als baken om je gelukkig te voelen en de ingrediënten, die daarvoor nodig zijn. Zoals granen, gemalen specerijen in overvloed, kruidenmengsels, gedroogde kruiden van het veld, noten, zuivel uit de hoge bergen, zaden en extracten. Wat een schatkamer uit duizend en één nacht komt voorbij. Overigens zijn veel van deze producten via hun site nog steeds te koop.

foto: Perzisch goud uit de bergen

Cooking from scratch. Laten we het de basis noemen, met goede yoghurt en labneh, geeh (Indiase invloed) of granaatappelmelasse. Ga eens naar de Volkskruidentuin in de Kinkerstraat, mijn favoriete Iraanse adres, voor al deze mooie ingrediënten en kruiden. Brood bakken hoort bij het traditionele leven, zoals een Koerdische kada of platbrood uit een koekenpan. Het begin van je Iraanse maaltijd. Ik sla de hipster avocado en de pannenkoeken uit het boek maar even over en beland bij de eiergerechten, zoals een dadel & walnootomelet. of  het heel bijzondere eiergerecht met kardemom en rozenblaadjes. Het favoriete gerecht van de oma van Solmaz. Mezzes komen aan bod, met de bekende dips als hummus, muhammara en dolmas. Eten om te delen onder de spreekwoordelijk granaatappelbomen op een warme dag. Een kuku sabzi, Perzische kruidenomelet, mag niet ontbreken. We belanden bij saffraan. In mijn beleving  het meest Iraanse ingrediënt. Het goud uit de bergen van de crocus sativus. Te gebruiken in de feestelijke Iraanse rijstcake. Die herinner ik me nog van 40 jaar geleden. En zo gaat de reis van de dames verder langs Perzische en Amsterdamse dreven.

foto: omelet met kardemom en rozenblaadjes

Roootin’s Iranian Kitchen is een caleidoscopisch boek, om in een moderne setting opnieuw kennis te maken met de keuken en filosofie van deze begeesterde moeder en dochter. Een mix van traditie, gezondheid, verhalen en modernere fratsen. De laatste is wat minder aan mij besteed, maar dat terzijde. Het kookboek nodigt uit om direct aan de slag te gaan en je even te wanen op een zomerse dag in hun land van herkomst.

foto: cover Roootin’s Iranian Kitchen.

Roootin’s Iranian Kitchen. Solmaz & Bulbul Esmailzadeh, Engelstalig (ISBN 978941562807) is een uitgave van Bertram & de Leeuw en is te koop voor € 29,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Over de schrijfster: Solmaz was intrigued by anything mystical from a very early age. She watched over her mother and grandmother’s shoulder in the kitchen throughout her whole childhood. Later in life she became an engineer and entered the corporate world only to realize that her heart and passion realy lie very close to her roots. Together with her mother Bulbul she decided to share their roots and the ancient knowledge they had brought with them from their home country, through food and community. Their family lunch room in Amsterdam stood for connection and ‘food as medicine’: colourful plates with exciting flavours that nourish both body and spirit. 

De meisjes van de moestuin.

foto: gekaramelliseerde knoflook.

De meisjes van de moestuin. Gereons Keuken Thuis kent deze dames en hun blog al wat langer dan vandaag en ontmoette de kokkin van de twee regelmatig op (Italiaanse) events. In hun Haarlemse paradijs ben ik nog nooit geweest. Geeft helemaal niets, want nu nemen de twee je in hun kakelnieuwe boek mee op pad in hun moestuin en keuken. Kweken, oogsten, koken en eten. Vier activiteiten, waarmee Reny Muller en Amber Carchedi zijn behept. Eigen verbouwde groente smaakt nu eenmaal beter. Dat hebben heel veel mensen in de nu al meer dan een jaar durende pandemie ervaren. Moestuinieren op welke schaal dan ook is razend populair. Net als vissen trouwens, want vanuit mijn raam zie ik steeds meer vissers op het strand hun kostje bij elkaar hengelen. Zo zal het ook wel zijn in een moestuin. Ik herinner me de moestuin van mijn grootouders, die altijd leken te planten voor een heel weeshuis. Dat leverde een explosie aan snij- en sperziebonen op. Of kilo’s aardbeien en in het zomerseizoen perziken. Te veel om om te eten. De twee moestuinmeisjes pakken het anders aan en telen graag bijzondere dingen. En dat willen ze laten zien in hun boek De Meisjes van de Moestuin. Regel nummer één: Houd het simpel en maak keuzes!

foto: zomers aalbessenijs.

Chefkok en culi-collega Alain Caron ging op bezoek bij studiegenoten noemt Amber en Reny ene bijzonder moestuinduo, vriendelijk, serieus en enthousiast. Hij was onder de indruk van hun verveinecake met zwarte bessen. Deze staat in het boek en Alain at zijn buikje vol. Reny plant en Amber kookt. Zij schrijven hierover op hun blog. En… wat Alain nooit zal vergeten zijn hun heerlijke fruitlikeuren. Dus direct na de tuin de keuken in te gaan met al dat moois, kon hij na hun ontmoeting, niet doen!

De meisjes van de moestuin start met de basics, zaaien, gereedschap, de inrichting van je moestuin en specifieke eisen van de bodem. Als alle elementen meewerken heb je een mooie oogst. Gebruik ook bloemen, vult Amber aan voor een extra mooi gerecht. En daar staat dit heerlijke tuin- en kookboek vol mee. Aalbessenijs voor in de zomer. Ingemaakte aardperen voor op je voorraadplank. Of wat te denken van gekaramelliseerde knoflook. Het al fresco seizoen en BBQ zit eraan te komen, dus aan de slag. Salie citroenboter, klassiek voor bij je entrecote. En tot slot sperzieboontjes met warme knoflooksaus. Ik noem deze gerechten van de 80 recepten puur at random. Want de verhalen ebij zijn heerlijk net als de smakelijke foto’s van moestuindiva en fotografe Marleen van Es.

foto: ingemaakte aardperen.

Moet ik op deze woensdag nog meer vertellen over het tuin- en kookboek de Meisjes van de moestuin? Welnee, ga direct aan de slag, met dit boek in de hand. En als de oogst klaar is en de tuin gedaan, neem je het mee je keuken in, om de makkelijk en smakelijke gerechten op je zomerse tafel te toveren. En de likeuren te maken!

Volgende week als afsluiting van de groene weken op Gereons Keuken Thuis een recept van de meisjes van de moestuin.

foto: cover De meisjes van de moestuin.

De meisjes van de moestuin, Amber Carchedi en Reny Muller (ISBN 9789089898562) is een mooie groene uitgave van Terra en is te koop voor € 26,99 bij je kookboekenvakhandel.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Eerste hulp bij reukverlies.

foto: Joke Boon met haar nieuwe boek.

Eerste hulp bij reukverlies. De nieuwe Joke Boon. Het nieuwe boek van bonendiva, kleurenkookster, linzenlady en vriendin Joke Boon, die zich met recht een non-olfactorisch genie mag noemen. Ze at een jaar bonen, kookte met kleuren, werd een vega-ontdekster en maakte vorig jaar een linzenboek. En dat, terwijl ze niets kan ruiken sinds haar prille jeugd! Anosmie heet dat. Ik vind het bijzonder hoe je dan zo lekker weet te te koken zonder dat je iets ruikt? Gereons Keuken Thuis doet het haar niet na. Reukverlies is een ding, waar velen mee worden geconfronteerd door/ na een Covid-19 besmetting. Hoe actueel is dit onderwerp wel niet? Joke klom in de pen en schreef er dit fijne boek over. Eerste hulp bij reukverlies, waarin Joke je aan de hand neemt om van reukloosheid een gave te maken. Door uitleg over wat je mist zonder te ruiken, de angsten, die je kunt uitstaan en zelfs het effect op je persoonlijk leven in al haar facetten. Gemêleerd met mooie anekdotes. Joke ging aan de slag met wetenschappers, KNO artsen en putte uit haar onmetelijke ervaring op het gebied van anosmie.

Ik hoorde haar gisteren spreken bij June op NH. Duidelijk legde zij uit, hoe je je eventuele reukverlies kunt hervinden door trainen van je reukorgaan. Ik vind dat erg interessant, want ik merk zelf door nu al ruim een jaar minder met wijnen bezig te zijn, dat mijn getrainde neus soms ook wat meer moeite krijgt met niet dagelijkse geuren. Oefenen dus met al je zintuigen. Joke geeft in het praktische gedeelte van het boek een mooie start voor degenen, die met reukverlies kampen,. Aan de slag dus, maar ook met de recepten. Want ook de kleur, textuur en prikkeling van je eten kunnen eerste hulp bij reukverlies zijn. Want al heb je niet direct je oude niveau reuk terug, waar een wil is lonkt een weg. Op deze Bevrijdingsdag verdient Joke met haar nieuwe boreling Eerste hulp bij reukverlies met recht een nieuwe titel: #reukprofesseur.

foto: de onweerstaanbare koffiepudding van Joke.

KRUIDIGE KOFFIEPUDDING, een recept uit het boek als toegift. Joke over deze pudding in  Eerste hulp bij reukverlies:

Ik weet niet of je het herkent, maar ik heb soms periodes dat ik één ingrediënt of gerecht heel erg lekker vind en dat dan gedurende een bepaalde tijd steeds eet. Ik noem het een fase. Zo verkeerde ik een poosje in een anijszaadfase. Dat lichtzoete beviel me zo goed dat ik het fijnstampte en er thee van zette, en het overal door of in deed. Zo ontstond deze pudding min of meer. Hij is geïnspireerd op het Midden-Oosterse Malabi, een zijdezachte pudding van maizena en melk. Behalve anijs bevat deze pudding ook koffie en andere kruiden, zoals gember, en dat maakt hem onweerstaanbaar. Voor een feestelijk etentje maak je het extra mooi met een toefje slagroom en wat chocolade koffieboontjes.”


Nodig”voor 4-6 personen:

 30 g maizena

 1½ theel. anijszaad 

400 ml volle melk 

100 ml espresso of heel sterke koffie

 75 g fijne kristalsuiker 

1 theel. gemberpoeder 

1½ theel. gemalen kaneel 

slagroom + chocolade koffieboontjes (optioneel), om te garneren


Bereiding:

Los de maizena op in 40 ml water, roer goed zodat er geen klontjes zijn.  Maal het anijszaad in een vijzel of specerijenmolen tot fijn poeder. Doe de melk, koffie, suiker, het gemalen anijszaad, gemberpoeder en de kaneel in een pan. Roer goed door en breng zachtjes aan de kook.  Voeg als het melkmengsel kookt al roerend het maizenapapje toe en laat 5 minuten zachtjes doorkoken. Blijf goed roeren. Zet de pan in een bak koud water en roer koud om velvorming te voorkomen. Giet de pudding in kopjes, glaasjes of schaaltjes en laat in de koelkast verder koud worden.  Garneer – eventueel – met een toefje slagroom en wat chocolade-koffieboontjes. 


Eerste hulp bij reukverlies, Joke Boon. (ISBN 9789464040609) is een uitgave van Fontaine uitgevers en kost € 18,99.

Meer lezen over en van Joke? Linzen, Bonen! en haar deelname aan Talk & Table.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Eetbare Natuur van Michiel Korthals.

foto: cover Eetbare Natuur.

Eetbare Natuur, Michiel Korthals. Een boek over de essentie van landbouw en voeding. Want in tegenstelling tot wat er in de media wordt bericht is landbouw niet een eenzijdig proces. Het gaat verder dan alleen maar reguleren. Dat maakte de stikstofcrisis wel duidelijk. Er zijn verscheidene aspecten aan landbouw, allereerst de samenwerking van alle elementen en organismen om het product te laten groeien. De samenwerking vindt daar plaats volgens de schrijver. Onder de grond. Dat is een gegeven. Wij als mensen mogen bovengronds meedoen en zijn zodoende in dienst van deze natuurlijke processen. Maar de mens heeft de drang om te reguleren en zodoende kennen wij tegenwoordig een systeem van efficiënte landbouw met als doel optimalisatie van het produceren en uiteindelijk exporteren van al dan niet halfproducten. Met alle gevolgen voor het milieu, de boer en het landschap. En heel belangrijk smaak van het eten. Want de wereldwijde landbouw wordt gedomineerd door de vraag naar ingrediënten door grote speler als Cargill, Unilever en McDonalds. Een ontwikkeling, die Korthals aanzag en wilde beschrijven. Hij ging op onderzoek uit.

Hoe te produceren? Na een beschrijving van landbouw in het algemeen gaat Michiel Korthals dieper in op de materie. Hij maakt een onderscheid tussen efficiënte en robuuste landbouw. Hij geeft daarbij voorbeelden van de geoliede landbouwmachine, die niet produceert voor de lokale behoefte, ten opzichte van de boeren, die de lokale voedselproductie ter hand namen. Overigens vindt niet iedereen, dat getuige het voorbeeld van mevr. Louise Fresco, die juist zegt dat lokale en biologische landbouw niet haalbaar is. Voor Korthals is dat juist wel een streven. 

De filosofie achter de verandering. Het tweede hoofdstuk van Eetbare Natuur is wat filosofischer van aard en gaat over de samenwerking tussen natuur en landbouw. De mens is een vreemd wezen, onderdeel van de natuur, maar met allerlei andere componenten, die hem daarbuiten plaatsen. Maar een mens moet ook eten, dus zal moeten samenwerken met de natuur. Hierna bespreekt de schrijver allerlei elementen, die hierbij komen kijken. in het volgende hoofdstuk bespreekt hij hoe te komen tot robuuste landbouw. Gesteund op voedselvaardigheden en een eerlijke verdeling van voedselresources. Voedselvervreemding komt veel voor, volgens Korthals is hier nog heel wat te winnen, door mensen bewust et maken van wat ze eten en vooral waar het vandaan komt. Denk eens aan eetbare natuur in de stad. Of zoals Gereons Keuken Thuis vaak doet: wildpluk. Een fijne groene manier om kennis te maken met waar je eten vandaan komt. Of in je keuken moestuinieren. En dat gebeurt heus niet alleen in de hippe steden, maar overal in Nederland. De schrijver maakt een rondgang door de veranderende wereld van de landbouw in Nederland en beschrijft twee directe ervaringen.

De essentie van landbouw en voeding. Ik vind het voorgaand beschrevene een interessante materie en in zijn boek Eetbare Natuur neemt Michiel Korthals je met zijn gedegen onderzoek aan de hand langs aansprekende filosofische vraagstukken omtrent voeding en natuur. Zijn ideeën kunnen nog wel eens een grote gaan spelen in hoe wij eten en landschap gaan beleven in de komende decennia. Maar vooralsnog is het heerlijk om dit boek te lezen en vooral erover na te denken.

Eetbare Natuur, de essentie van landbouw en voeding. Michiel Korthals. (ISBN 9789056157487) is een uitgave van Noordboek en kost € 14,90.

Bio: Michiel Korthals is een Nederlandse filosoof, die tot 214 doceerde aan o.a. De Wageningen Universiteit en de Vrij Universiteit. Hij gaf vooral les in toegepaste filosofie, gericht op diverse aspercten van levenswetenschappen. Tegenwoordig is hij docent aan de University of Gastronomic Sciences in Noord Italië. Het onderwerp milieu, landbouw en slow food ia al jaren een geliefd onderwerp voor Korthals. Hij is voorzitter van de Foundation for the Restoration of European Ecosystems en actief in diverse slow food groepen. Hij schreef al eerder het boek Goed Eten. Korthals houdt lezingen bij boeren en op andere plaatsen, om te komen tot een andere vorm van produceren en consumeren. Dat is goed voor de natuur en uiteindelijk voor de mens. Tot slot boert hij graag zelf op kleine schaal.