Texaanse aardappelsalade.

foto: uit Bish Bash BOSH, Texaanse aardappelsalade.

Texaanse aardappelsalade. Vorige week dook ik opnieuw in het boek van BOSH boys Henry Firth en Ian Theasby, de vegan artiesten uit de UK. Uit hun tweede kookboek Bish Bash Bosh kwam een plantbased  Ibiza sunset burger met rode uien-relish en de succesvolle saus van deze twee lads. Bij zo’n burger uit de oven past, tenminste dat vindt Gereons Keuken Thuis, een Texaanse aardappelsalade met veel groene kruiden, vegan mayo en nieuwe aardappelen. Oorspronkelijk een bijgerecht, dat werd bedacht bij hun Wild West wings, die ze maken van seitan of paddenstoelen. Ik gebruikte voor de Texaanse aardappelsalade kleine krieltjes in de schil. Aardappelsalade vegan of niet is een prima gerecht om te maken met deze zonnige dagen of wanneer je zoals ik bezig bent met verhuisbewegingen. Deze vegan variant kan overal bij, ja ook bij vlees of om het echt Texaans te houden een tomahawksteak van de BBQ. De Texaanse aardappelsalade gaf ik een lichte twist door het gebruik van kleine Amsterdamse uitjes in plaats van kappertjes en een schepje Ton’s truffelmayo (niet vegan), die ik ontving van Kroon op het Werk. We drinken er een glas koud tripelbier bij. Bijvoorbeeld die van de Koninck, triple d’Anvers.

Texaanse aardappelsalade.

Nodig:

900 g nieuwe aardappelen of kriel.

2 stengels bleekselderij

1 rode paprika

8 lente-uitjes

8 kleine augurkjes

4 el kappertjes (ik gebruikte 16 gehalveerde kleine Amsterdamse uitjes)

1 citroen

10 g verse dille

10 g verse peterselie

10 g verse munt

10 g verse koriander

125 g vegan mayonaise (ik gebruikte 100 g gewone mayonaise en 1 el truffelmayo)

snufje zout en wat zwarte peper uit de molen

Bereiding:

Doe de aardappelen of kriel in een pan, vul hem met water en voeg een flinke snuif zout toe. Zet de pan op hoog vuur en breng aan de kook. Kook de aardappelen in 15 tot 20 minuten gaar en zacht. Snijd de bleekselderij in dunne plakjes. Snijd de paprika doormidden, verwijder de zaadjes en snijd deze in kleine blokjes. Maak de lente-uitjes schoon en snijd deze in klein ringetjes. Snijd de augurkjes in plakjes. Halveer de Amsterdamse uitjes. Hak de kruiden fijn en rasp wat citroenschil. Meng alles door elkaar in een kom en knijp de citroen erboven uit. (Vang eventuele pitten op in de hand) Giet de aardappels af en laat ze onder koud stromend water afkoelen. Snijd ze in blokjes. Meng de aardappels door de gehakte kruiden en groente met de al dan niet vegan mayonaise. De Texaanse salade is klaar om te serveren. YEE HA!

video: meer sexy aardappelgerechten van BOSH

Noot: Gereons Keuken Thuis is wederom enthousiast dit boek van deze vegan heren, die laten zien, hoe je een plantaardig dieet makkelijk en zonder gezeur kunt implementeren. Ik begrijp dat contract voor 4 boeken wel, want deze twee hebben een duidelijke missie en zijn nog lang niet uitgekookt. BISH, BASH, BOSH.

foto: cover Bish, Bash, BOSH.

Bish, Bash, BOSH, jouw favorieten geheel plantaardig, Henry Firth & Ian Theasby (ISBN 9789059569973) is een uitgave van Fontaine en kost € 27,00.

Volgende week een vegan tip van de Happy Pears uit Ierland, stay tuned!

De Wereld Thuis.

foto: cover De Wereld Thuis.

De Wereld Thuis. Een mooiere titel had je in deze tijd van ophokplicht niet kunnen bedenken. Als je de wereld niet in kunt, haal je hem met alle riemen, die je hebt in huis. In hun nieuwe kookboek doen Ronald Giphart en Mascha Lammes dat con brio. Van Griekenland tot Japan, van Donostia tot Tel Aviv. Doorspekt met verhalen en route. In binnen- en buitenland. Zo beleven beide auteurs de keukens, die op hun pad kwamen, nadat ze in 1995 vals waren gestart met ongekookte boerenkool met scherpe randjes. Maar al gaandeweg ontdekten zij De Wereld Thuis met geneugten uit alle windstreken. En de lol is, dat je daar tegenwoordig helegaar niet voor hoeft te reizen. Je vindt alle ingrediënten om de hoek, te beginnen bij de supermarkt, Indische en Aziatische smaken bij de toko en Polska sklep bij de Pool. Wat een keuze en dat maakt het leven zo fijn, aldus Ronald en Mascha.

Helaas kon Gereons Keuken Thuis 4 maart jl niet aanschuiven bij het stel, om te proeven van hun gerechten, maar ik begreep van collega culischrijvers, dat het een feest was. De gerechten en de natuurwijnen. Vandaag doe ik het dus met een korte tour door het boek, dat naast recepten ook leuke anekdotische verhalen bevat. Zoals gezegd begon de reis om de wereld van de twee vrij blanco. Zij konden namelijk niet koken. Mascha maakte nog wel eens een mosselschotel en Ronald een lasagne uit een pakje, waarbij hij rode wijn extra toevoegde. Inmiddels is het stel 25 jaar verder en is er veel veranderd.

Het eerste deel van De Wereld Thuis staat in het teken van ontdekken. Door op pad te gaan, te reizen, toko’s en markten te bezoeken breid je je repertoire uit. Met bijvoorbeeld pintxos met ham en huisgemaakte aioli, sperziebonen op zijn Telavivaans met za’atar of pulled chicken à la Jigal Krant. Azië wordt ook niet overgeslagen in de vorm van Koreaanse bibimbap en feestelijke Chinese eend. In de tijd, waarin we nu verkeren hebben mensen richtingpalen nodig. Thuis zitten in social distance is geen makkie. Mascha en Ronald vertellen in hun boek dat naast ontdekken, ook de ontmoetingen van anderen een grote rol speelden in hun kookavonturen. Samen eten met inspirerende mensen. Dat is op dit moment wel hetgeen Gereons Keuken Thuis het meest mist. Mensen, die je inwijden in de culinaire wereld, chefs, lekkerbekken en andere culi-schrijvers. Het leverde het stel de curry van Mamasan uit India op, de kunsten van meneer Adrià uit Roses of Mexicaanse carne quisada van  Britse Rick Stein.

Onthouden is ook belangrijk, want geur en smaak brengen je terug naar herinneringen, het maakt endorfines aan. Een rijpe perzik zegt je op het eerste oog niets, het is de geur en smaak, die je herinnering voedt. Zacusca van de Balkan of Zweedse köttbullar, nee niet die van de meubelgigant, maar homemade. Pierogi uit Polen en oeufs en cocotte à la Française. Ontsnappen, reizen, een manier om je leven te herijken. Dat missen we momenteel, maar zo gauw de wereld weer open is, is het heerlijk om nieuwe paden te betreden. De Wereld Thuis sluit af met ontzettend lekker, noem het de showstoppers van dit werk. Want het moge duidelijk zijn: De Wereld Thuis is een 25 jarige queeste naar recepten van all over de world, gelardeerd met fijne anekdotes en verhalen. Heerlijk lees- en kookboek om mee op reis te gaan en eten te maken tijdens de ophok. Laat ik het “onthokken” noemen.

De Wereld Thuis, Mascha Lammes & Ronald Giphart (ISBN 9789400405806) is een uitgave van Thomas Rap en is off- en  online te koop voor € 24,99

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Sous-vide van Bas Robben door gastblogger René Meesters.

Sous-vide van Bas Robben. Na VET en ZUUR, zijn debuut,  verscheen er van de hand van de jeune premier van Nederlands kookboekenland een boek over sous-vide techniek. Het in een warm waterbad garen van ingrediënten, hetgeen de smaak intenser maakt en waardoor textuur mooi blijft behouden. 85 recepten om te oefenen en daarna van te smullen. Geschreven in de stijl, die we inmiddels van Bas kennen. Speciaal voor Gereons Keuken Thuis ging culi-collega René Meesters aan de slag met het kookboek. In deze gastblog vind je zijn recensie.

foto: dille zalm net citroensaus uit Sous-Vide.

René Meesters over Sous-Vide: 

Ik schat dat het zo’n beetje in de zomer van 2016 is geweest dat ik op een terras zat in Walldorf, een plaatsje in Baden Württemberg, niet zo heel ver van Heidelberg. Stiekem ben ik er een beetje verliefd op geworden. Eigenlijk gebruikten we de plaatselijke camping, met de toepasselijke naam Astoria, in eerste instantie alleen als doorreiscamping naar Oostenrijk of Italië. De omgeving bleek dermate leuk dat we er inmiddels een keer een hele week geweest zijn én dat we er op doorreis regelmatig een paar dagen zijn blijven hangen op heen- of terugreis. Een onderschat gebied!

Goed, daar gaat het nu niet om. Waar het wél om gaat is het terras van hotel-restaurant Erbprinz in de Hauptstrasse. Of eigenlijk de hanenborst die ik daar at. Kipfilet, in mijn beleving. Heerlijk geserveerd met Bospaddenstoelensaus en rijst. Vooraf natuurlijk de enige echte Duitse salade met kruidenazijn. Een goed restaurant? Ik weet het niet. Niets bijzonders. Wél bijzonder was de hanenborst, want wat was die mals en sappig. Zo kende ik kipfilet helemaal niet. Natuurlijk zijn er allerlei manieren om te zorgen dat ze niet al te droog worden. Maar dit? Nee.

Pas later kwam ik er achter dat deze hanenborst wel sous-vide gegaard moest zijn. Sous-vide! Ik kende het alleen maar uit het programma Masterchef waarbij de techniek soms werd gebruikt. Voor mij leek het iets chemisch omdat ik in eerste instantie ‘sulfide’ verstond. Als chemisch technoloog lag dat dichter bij mijn belevingswereld op dat moment.

Sous-vide heeft natuurlijk niets met chemie te maken. Bij sous-vide worden levensmiddelen, vlees, groenten, eigenlijk kan het van alles zijn, onder vacuüm gegaard. De producten worden met een (eenvoudige) vacuümmachine in plastic gevacumeerd. In de horeca gaat het daarna vaak in een stoomoven. Voor thuisgebruik zijn er handige verwarmingselementen die kunnen worden gedompeld in een waterbak. De temperatuur is zo tot op een tiende graad nauwkeurig in te stellen. Dat is belangrijk.

foto: baharat lamsrack met peterseliesalade en citroentahini.

Eerder recenseerde ik het boek ‘Sous vide’ van Thomas Keller. Een grootheid op dat gebied. Maar zijn boek is geschreven voor de horeca en absoluut niet praktisch voor thuisgebruik. Daarom was ik enorm blij met het boek van Bas Robben. Dat was ik trouwens ook al met zijn boeken ‘Zuur’ en ‘Vet’. Sous-vide helpt je op weg in de wereld van het garen onder vacuüm. Op weg naar dat hanenborstje op het terras in Duitsland. Want, beaamt ook Bas Robben, als er één stuk vlees is wat zich leent voor sous-vide dan is het wel kipfilet. Maar dat is niet het enige. Sous-vide is onderverdeeld in 11 hoofdstukken, waarvan meer dan de helft gaat over vlees. Alle soorten vlees: rund, kip, varken, wild en lam. Belangrijk dat ze allemaal een eigen hoofdstuk hebben. Ieder vlees heeft zijn eigen ideale temperatuur en bereidingstijd. Al is voor de bereidingstijd vooral de minimale tijd belangrijk. Een bijkomend voordeel is namelijk dat het meestal niet uitmaakt of vlees één, twee of drie uur in het waterbad verblijft. Absoluut een voordeel wanneer je niet precies weet op welk moment je aan het gerecht toe bent.

Bij mijn eigen sous-vide staaf kreeg ik een overzicht met standaardtemperaturen en verblijftijden. Inmiddels ben ik volledig gaan vertrouwen op de temperaturen van Bas Robben. Bavette (1 uur op 54 graden, heerlijk!), varkenswang, maar ook op de huid gebakken zalm. Sous-vide gegaard mislukt het niet en Bas Robben maakt er de lekkerste gerechten van. Maar ook bijgerechten als aardappelpuree met knoflookboter (ook sous-vide bereid) en hazelnoot-tijm topping, of allerlei soorten groenten. De mogelijkheden zijn onbeperkt en ik begrijp heel goed dat je er, net als de schrijver, verslaafd aan kan raken. Een van die mogelijkheden waar ik nog niet aan gedacht had is infusie. Daarbij worden smaken toegevoegd aan een vloeistof. Dat gaat beter bij warme vloeistoffen. Bij Bas Robben zijn dat vaak alcoholische drankjes, zoals speculaas-rum, aardbeien-wodka of Campari met tijm en grapefruit. Maar ook je eigen yoghurt maken behoort tot de mogelijkheden.

Je zult het inmiddels welk begrijpen. Sous-vide van Bas Robben is voorlopig mijn bijbel in de wereld van bereiden onder vacuüm. Ik ben er van overtuigd dat ik hiermee veel vrienden ga overhalen ook een sous vide staaf en vacuümmachine  aan te schaffen. Behalve dan die vrienden bij wie ik de temperatuur van de biefstuk 10 graden te hoog had ingesteld. Dan wordt het een droge bedoening. Maar dat lag zeker niet aan Bas Robben!

foto: cover Sous-Vide van Bas Robben.

Sous-Vide, Bas Robben (ISBN 9789461432230) is een uitgave van GoodCook en kost € 30,95

foto: culi-collega en gastblogger René Meesters.

Over de gastblogger: René Meesters is afgestudeerd chemisch technoloog maar blogt al sinds 2010 op zijn website het eten is klaar Zijn passie voor koken ontstond echter al op de middelbare school. Dat hij geen kok is geworden komt apart genoeg door de chefkok bij wie René een weekendbaantje had in de keuken. Hij overtuigde hem er van dat het koksbestaan een hondenbaan is. Had hij gelijk? René zal het nooit weten. Hij bleef koken en ontdekte dat hij ook schrijven leuk vind. Dan is de combinatie snel gemaakt. Op zijn blog zien we vaak een relatie met vakanties in Europa met een voorkeur voor Frankrijk, maar ook Duitsland, Oostenrijk en zeker ook België (René woont tegen de grens aan) komen regelmatig in zijn blogs voor.

Dank aan René voor deze mooie gastblog en recensie van Sous-vide!

BEIROET, Merijn Tol.

foto: cover Beiroet, verhalen en recepten uit een mediterrane stad.

BEIROET, verhalen en recepten uit een mediterrane stad. Gereons Keuken Thuis start het nieuwe decennium in, of beter gezegd, met Beiroet. Eten en drinken onder de mediterrane zon. Het nieuwe kookboek vol verhalen en recepten van Merijn Tol, die we kennen als afficionado van de mediterraan/arabische keuken.  En in welke stad tref je die cuisine nu in optima forma aan? Juist in de hoofdstad van Libanon. Van kinds af aan was Tol begeesterd door deze stad, nadat haar grootvader haar het verhaal vertelde over de ceder op de Libanese vlag. Libanon vervulde Merijn met dromen. Zij moest en zou er eens naartoe. Ze reide er naartoe. Ging er wonen. Inmiddels is Merijn Tol al vele malen in Beiroet (terug) geweest. Ze schreef vele boeken over de Levantijnse kookkunsten en beschouwt deze stad als haar tweede thuis. Dat een kookboek over Beiroet er moest komen was derhalve geen of, maar meer een wanneer.

Van oudsher hebben Libanon en Beiroet een sterke culinaire cultuur. La mama, de moeders, net als in Italië zwaait de scepter in de keuken. Tel hierbij de tomeloze gastvrijheid van de Libanezen op en voor je het weet zit je aan een rijk gevulde tafel vol mezze al dan niet met een glas thee of arak. Het leven in Beiroet moet worden gevierd, ondanks de weerbarstige politieke en oorlogsgeschiedenis van het land. En hoe het Beiroet van vandaag het leven savoureert laat Tol per wijk zien. Yalaaaaa! voegt zij er aan toe. Ontmoet Beiroet, na enkele algemene kenmerken van de Libanese keuken en de ingrediënten volgt een stuk geschiedenis van deze wat schizofrene stad, die gek, chaotisch en onmogelijk is, maar ook warm, gastvrij en kleurrijk. Contrasten, ook in het eten. Een melting pot van Oost en West, waarin elke passant een duit in het zakje deed. Labneh, de romigheid van het Libanese menu ontbreekt niet. Fattoush, de salade, waarmee de mezzetafel start. Niet te vergeten tabouleh! Kibbeh van Georgina el Bayeh, die Merijn als eerste de fijne kneepjes van de Beiroeti cuisine bijbracht.

BEIROET. We struinen verder met Tol naar de wijk Ashrafieh, het bourgeois hart van de stad. De schrijfster laat deze wijk zien door de ogen van twee creatieve vrouwen en vertelt over de bijzondere eet- en drinkadressen. Elders in het boek tref je die ook per wijk aan. Gevulde wijnbladeren komen aan bod en zoete dadelvla van Huda’s moeder. Ik hoop dat je de smaak al wat te pakken hebt op deze donderdag. Beiroet is inmiddels, hoe kan het ook anders, verhipsterd. Koffietentjes en streetfood galore. Easy does it, zoals een sandwich met geroosterde bloemkool. Armeens eten speelt een belangrijke rol in de stad. Armeense vriendin Tamar laat de invloed van deze “Indo’s” van Libanon op het eten zien. Denk aan Armeense auberginestoof of heel Kaukasisch walnoot & paprikadip. Via downtown met het leven van de souks en andere wijken belandt Merijn op de Corniche, waar, zo citeert zij, de geur van de zon, zee, rook en citroenen laten weten dat je in BEIROET bent beland. Met zicht op de blauwe Mediterrannée. Een heerlijke stadstrip met kleurrijke gerechten. Een heerlijk kook- en leesboek op deze grijze januaridag. Gereons Keuken Thuis dompelt zich nog even onder. Yalaaaa!

BEIROET, verhalen en recepten uit een mediterrane stad. Merijn Tol (ISBN 9789038806969) is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 34,99.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Tafels vol liefde.

foto: cover Tafels vol liefde.

Tafels vol liefde. Zo vlak voor deze vijfde december plofte er bijzondere #culipost op de mat in Gereons Keuken Thuis. Het kookboek van Thuis in Oss, een groep, die sociale coherentie tussen Ossenaren en nieuwkomers wil bewerkstelligen. Schrijvers Manjo van Boxtel  en Kitty Schaap zetten zich daar graag voor in. Want zeg nu zelf, de herkomst en achtergrond van vele nieuwkomers mag dan wat verder weg gelegen zijn, maar Oss met zijn industrie heeft altijd nieuwkomers gekend. Van Scheveningen tot Angola en van Friesland tot Suriname. En wat verbindt deze mensen het meest? Juist samen aan tafel met elkaar, eten. Niets nieuws volgens de burgemeester van Oss, die zegt dat juist aan tafel riten ontstaan, ongeacht je religieuze of andersoortige afkomst. Zo was de burendag in ons Amsterdamse gebouw dit jaar  een groot succes mede door de inbreng van allerlei nieuwe exotische gerechten van alle expats. Deze gedachte gaf voor Manjo en Kitty de doorslag om aan de slag te gaan met dit boek vol verhalen en recepten van over de hele wereld. En verdient vandaag, ondanks mijn kookboekenreviewreces aandacht.

Tafels vol liefde, de reden dat ik er tijdens mijn kerstrally over begin is, dat het een echt kerstboek is. Net zoals in veel plaatsen in Nederland leidt de globalisering van de wereld, al dan niet in positieve zin, van expat millennials tot oorlogsvluchteling tot een zekere weerstand. Dat is zeker zo als de lokale inwoners het als een bedreiging zien. Niets nieuws onder de zon, dat was in deze periode van het jaar iets meer dan 2000 geleden hetzelfde -toen koning Herodes een volkstelling uitschreef- en is een menselijke reactie op het onbekende. Onbekend kan onbemind maken. Tafels vol liefde wil het omgekeerde bewerkstelligen, daarmee sluit dominee Gereon vandaag zijn preek af: vrede begint aan tafel en begrip met een volle maag. Let’s eat!

Manjo van Boxtel en Kitty Schaap gingen niet over één nacht ijs. Beide dames zijn journalisten met een passie voor koken en helpen vanaf het eerste moment  onbezoldigd mee aan de projecten van Thuis in Oss. En met succes, want het bleek een leuke wijze om elkaar te leren kennen en samen te zijn. De gastvrijheid van andere culturen speelt daarbij, naast lekker eten, een grote rol. Maar ook de recepten, ik noem Marokkaanse bisarra, Scheveningse scharrolletjes, Amerikaanse chicken pot pie of Sallandse kniepertjes. Vergeet ik nog de Griekse pastitsio, die gisteren op tafel stond in Gereons Keuken Thuis. Hartverwarmende winterkost. Ik heb genoten van de liefde, waarmee dit boek is geschreven, bij elkaar gekookt en op de gevoelige plaat is gezet. Een treffer voor de komende kerstdagen. Act global!

Gereons Keuken Thuis hoopt dat de Sint vandaag nog gezwind langsdraaft bij boekhandel Derijks in Oss of op de site van Thuis in Oss. Tafels vol liefde is een boek, waarmee je thuis kunt komen en niet alleen in het Osse. Ik wens allen een fijne pakjesavond.

Tafels vol liefde, kookboek van Thuis in Oss. Manjo van Boxtel en Kitty Schaap (ISBN 9789090320175) is een uitgave van Thuis in Oss en voor € 14,95 te koop bij boekhandel Derijks in Oss.

TLV, de culinaire stadsgids.

foto: de diversiteit van TLV, er is een plekje onder de zon voor iedereen.

TLV, de culinaire stadsgids. Gereons Keuken Thuis las een boek, dat één grote bonk vibes is. Het is het verhaal van een plaats in het oostelijke Middellandse Zeegebied, een oase voor buitenbeentjes, een bubbel, een plaats van rust in roerige dagen, een dance till you drop stad. Met een bijzondere culinaire cultuur. Waar vind je zoveel vegans? Ik ben er zelf nooit geweest (ken Tel Aviv alleen van Youtube filmpjes van Eliad Cohen), maar alleen al het lezen van deze culinaire stadsgids werkt magnetiserend. Het is verbazingwekkend dat de heuvel van de lente zo lang het geheim van de reiswereld is gebleven en schrijver Jigal Krant tilt voor de lezer de sluier op.

foto: Tel Aviv betekent streetfood.



Jigal Krant heeft een grote liefde voor de Heuvel van de Lente, Tel Aviv. Zo gauw hij voet aan de grond zet op het vliegveld gaat zijn hart een tandje harder kloppen. Niet voor niets schreef hij vorig jaar een prachtig kookboek,  Het Gouden Kookboek van 2019TLV, met verhalen en recepten uit deze stad. Het was het begin van de ontdekking door den Hollander van Tel Aviv als citytrip bestemming. Velen ging met TLV onder de arm op pad en Jigal ontving, als ware hij een reisagent, dagelijks mailtjes over praktische zaken, zoals wisselkoersen, overnachtingsplekken en tattoo parlors.

foto: elk onderwerp mooi geïllustreerd.



Het daagde hem uit, om TLV, de culinaire stadsgids te schrijven. Geen alles omvattende reisgids, maar een boek met de plekken, die Jigal na aan het hart liggen. Vergeet niet dat de laatste jaren Tel Aviv zich tot een geduchte gastronomische concurrent heeft ontwikkeld ten opzichte van andere steden. Eat your heart out, NYC, Parijs of Londen! De stadsgids begint met een korte beschrijving van Tel Aviv, de historie en cultuur. Want het is een stad, hoewel niet zo heel groot, die heel kosmopolitisch aandoet, laid back is en gastvrij tegenover welke bevolkingsgroep dan ook. Joden, expats uit de ICT sector, LGBT Arabieren en vegans. Allen vinden een plekje onder de Telavivaanse zon. Jigal behandelt hierna FAQ, van veiligheid tot je verplaatsen. Hij legt uit dat Tel Aviv een oase is in tijden van politieke onrust en geweld. Een stad, waarin iedereen op adem komt. Of lucht te kort door het tempo, waarmee het leven wordt gevierd.



Jigal Krant neemt de lezer mee op pad van ontbijt, via streetfood, van choemoes & sjaksjoeka naar restaurants. Hij vertelt in een apart hoofdstuk over de status van Tel Aviv als vegan capital, drinkt koffie, eet ijsjes. Er zal gedronken worden, l’chaim, en natuurlijk gedanst. Gefietst wordt er langs Bauhaus iconen. Jigal als vinyl liefhebber laat zijn favoriete platenzaken zien. Tot slot nog wat graffiti. Er valt heel wat te beleven in een paar dagen TLV.  De culinaire stadsgids besluit met verklarende woordenlijsten. 

foto: IJs is over the top.

Anyway, nadat Jigal ons het koken van Tel Aviv leerde, neemt hij ons nu mee naar de plek waar hij zich zo senang voelt. Dus wat let je: ga eens naar The Bubble, met TLV, de culinaire stadsgids onder de arm en dompel je onder in deze stad net als Jigal Krant en vele anderen dat doen.

foto: cover TLV, de culinaire stadsgids.



TLV, de culinaire stadsgids. Jigal Krant (ISBN 9789038808048) is een uitgave van Nijgh Cuisine en kost € 20,00


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Talk & table met Francis Kuijk.

foto: Francis Kuijk op haar homepage.

Talk  & table met Francis Kuijk. Ik ontmoette deze kook en schrijfster voor het eerst dit voorjaar tijdens de presentatie van haar Basisboek Indonesisch in restaurant Happy happy Joy joy in Amsterdam Oost. Gereons Keuken Thuis moet eerlijk zeggen, dat hij deze favoriet uit het programma HHB (Heel Holland Bakt) nooit eerder had ontmoet, noch haar andere (bak)boek had gelezen. Ligt vooral aan mij, ontdekte ik. Waarschijnlijk doordat veel afleveringen van HHB mij ontgaan. Maar dat terzijde. Ook tijdens de presentatie van het boek was er weinig tijd om elkaar te spreken. Wat doe je dan? Je nodigt een schrijver uit voor talk & table. Mijn interesse was gewekt door de Indische of moet ik zeggen Indonesische keuken van de Australisch/Nederlandse vedette met Indo roots. In haar boek legt ze voor leken zoals ik uit, hoe je snel een gezellige maaltijd maakt, want daar draait het om bij Francis. Allemaal samen aan tafel. Maar nu laten we Francis zelf aan het woord in als #herfstgast in een nieuwe aflevering van talk & table.  Ik wil alles van haar weten en beloon deze lieve vrouw dan met een speciaal recept voor haar met een bijpassende wijntip.

Wie is Francis Kuijk. Vertel eens iets over jezelf?

Wie ben ik? Een Nederlands-Indische-Aussie, helemaal thuis in ons prachtig kikkerlandje. Een levensgenieter. Ben een mensen-mens met een passie voor heerlijk eten, bakken en koken. Koken boeit mij, maar wat ik net zo boeiend vind is om mensen te zien die het beste uit zichzelf durven te halen.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig, naast je nieuwe boek en je nieuwe programma bij MAX?

Mijn nieuwe boek heeft mij tot de zomer behoorlijk bezig gehouden. Maar ik moet eerlijk zeggen dat deze zomer een beetje in het teken heeft gestaan van het verlies van mijn moeder en vooral mijn man. Tijd genomen om tot mezelf te komen. Tijd voor onszelf. De zomerpauze is nu voorbij en er staan allerlei leuke dingen op de agenda; de primeur van het “Basisboek Indonesisch: de Masterclass”, 50+ Beurs, allerlei foodie-evenementen en er komen nog een reeks boeksigneersessies aan. Daarnaast ….. ben ik volop bezig met een nieuw project waar ik nu niet al te veel over mag/kan verklappen 😊.

Vertel eens iets over je interesse in food? Hoe is die ontstaan? Ik las dat jij voorheen als managementassistente en event coördinator werkzaam was en HHB je een zetje in de culi richting gegeven heeft?

Mijn liefde voor koken en bakken is altijd een deel geweest van wie ik ben. Mijn moeder kookte altijd thuis. Ik ben de oudste van zes kinderen. Dus ik hield me altijd bezig met jongere zusjes en broertjes. Maar ik mocht altijd koken en vooral bakken gewoon omdat ik het leuk vond. ….. Ik had sowieso 6 gewillige proefkonijnen. HHB heeft me zeker een zetje gegeven. Ik ben zo’n kookgek, die ieder kookprogramma keek en met receptuur en ideeën aan de slag ging. “Wedstrijd diners” voor mijn gezin …. Gewoon omdat het kon. Ik kon me niets mooiers bedenken om een keer mee te mogen doen. Deelnemen aan het HHB heeft mij geholpen, om in mijzelf en mijn kunnen te geloven. Ik had me wel aangemeld, wilde uiteraard ver komen, maar dacht niet dat ik het kon. Maar ervoor vechten ging ik….. dat zeker. Het programma heeft mij vooral geleerd om lef te hebben om te doen wat in je hart ligt. En na het programma werd dit bevestigd omdat mijn werkgever (waar ik overigens nog steeds werk) mij de gelegenheid gaf om met mijn passie en talenten iets te doen binnen het bedrijf. Ik ben daarom ruim één jaar on tour geweest binnen DSM met de “Deliciously Healthy Roadshow”, waar we niets meer en niets minder deden dan laten zien dat je met kleine aanpassingen gezonder en lekker kan eten. Dit deden we met pop up workshoprestaurants waar we met 20 mensen tegelijk een 30 minuten workshop een paar keer op een dag deden, gevolgd door een Tasting Table. Hoe gaaf is het als je werkgever zo in je gelooft?! Helemaal geweldig.Tegelijkertijd bleef ik ook dicht bij mezelf en met de tijd werd het mij steeds duidelijker dat het geen wat ik echt wil delen toch de Indonesische keuken is. Waarom? Het hoort bij mij. Het is een prachtig exotische keuken en een waar het samen met elkaar zijn en eten delen de basis vormt.

foto: cover Basisboek Indonesisch uitgave van GoodCook.

Wil je iets vertellen over de support van wijlen je man, je steun en toeverlaat in deze carrièreswitch?

Mijn man is altijd mijn grootste fan geweest, in alles. En zo lang ik hem ken, bleef hij tegen mij zeggen, “Jouw talenten, en vooral je kooktalenten, daar moet je iets mee. Dat moet je met anderen delen.” En alsof het zo moest zijn, toen ik mee deed met HHB ging mijn man met pre-pensioen. Dus het was eigenlijk van begin af aan dat wij samen op pad gingen.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen bezig zijn met koken en bakken en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk.

Ooooh, daar kan ik kort over zijn. Ik ging tegelijk de keuken in. Ik heb een heerlijke en mooie afwisselend baan, maar mijn hart ligt echt in de keuken.

In je kookboeken merk ik altijd dat jij heel praktisch kookt. De basis moet worden gelegd en dan aan de slag Hoe doe je dat?

Een ding wat enorm helpt in de keuken is plannen. Als je goed over dingen na denkt en georganiseerd ben, dan is een recept volgen een stuk makkelijker. Daarnaast maakt een schone en opgeruimde werkplek koken niet alleen makkelijker maar ook overzichtelijker. Ook nog iets om in je achterhoofd te houden bij bakken en koken, is dat je over het algemeen anders met koken omgaat dan met bakken. Dit is zeker zo als je een kok bent die “een beetje van dit erbij doet en een beetje van dat”. Bij koken kan je dit namelijk best permitteren. (daarom is Gereons Keuken Thuis niet van het bakken) Ik stimuleer het zelfs, want iedereen kookt naar eigen smaak en kan creatief zijn met recepten. Maar als het om bakken gaat, dan raad ik aan om preciezer te werk te gaan. Bakken heeft vooral te maken met processen, technieken en reacties tussen ingrediënten en elementen. Volg een recept en leer de basistechniek van wat je wilt maken, voordat je met een recept creatief wordt.

video: Francis over haar boek bij Omroep Brabant.

Wat is minst aantrekkelijke kant van het schrijven van een kookboek voor jou?

Ik kan eerlijk zeggen dat ik geen minst aantrekkelijke kanten heb ondervonden. Alle fases zijn anders en kosten verschillende niveaus van inspanning. Het lastigste is misschien kwantificeren wat je uit de losse pols doet. Maar dat vind ik niet een “minst aantrekkelijk” iets.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven van een kookboek voor jou?

Ik vond het allerleukste, dat mijn receptuur door een team gemaakt werd en “A” het klopte gewoon, en “B” het werd zo mooi in beeld gebracht. Soms kon ik echt niet geloven dat de beelden mijn recepten waren.

Staan er nog andere projecten op stapel dit jaar?

Jaaaa ….. Maar daar kan ik nog niet veel over zeggen.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?

Ben gek op rendang, daar kan je mij voor wakker maken. Een bord witte rijst, met Rendang geserveerd met atjar komkommer, sajoer boontjes, een beetje bubuk gedelei en emping. Ben ook echt, echt dol op sambal goreng udang, sappige reuze garnalen zijn echt goddelijk inderdaad. Maar ik heb ook persoonlijke voorkeur voor “less is more” dus ik ben minstens zo blij met een bord witte rijst, gebakken tempe, sambal en schijfjes verse komkommer. Yummmmm, ik begin tegelijk te watertanden 😊

Je bent van Australisch/Nederlandse background, met Indische roots een mooie combi. Welke overeenkomsten zie je zelf tussen deze drie achtergronden?

Pffff …. Wat een lastige! Ik kan niet echt zeggen dat ik perse overeenkomsten zie. Wat ik wel kan zeggen is dat in Australië, wat me daar opvalt, is dat de Nederlands/Indische gemeenschap daar elkaar echt opzoekt. Op de een of ander manier zoeken ze de Nederlandse gezelligheid dat altijd gepaard gaat met de Indische saamhorigheid en eten delen met elkaar, in een “relaxed” atmosfeer met het ontspannenheid van de Aussie-Indisch levenswijze.

En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet mogelijk is?

Welke wijnen ….. ja… ook weer een lastige. Ik heb hier wel mijn voorkeur over bij het eten. Zelf drink ik en serveer ik bij Indisch eten koud water. Ik vind dat er al zo veel smaken aanbod komen dat een slokje water verfrissend is. Maar ….. “that’s just me”. Mijn man dronk soms graag een biertje bij Indisch eten. Als het puur op wijnen aankomt heb ik toch een voorkeur voor een prosecco of zelfs een champagne, en bij rode wijnen kan ik genieten van een merlot, maar ook een prachtige volle Bordeaux. Ligt aan mijn bui.Ik ben een voorstander van het drinken van de wijn, die je vooral lekker vindt. Dat gezegd hebbende, als ik een meergangen diner van Franse keuken klaar maak, dan ga ik wel uitgebreid aandacht besteden aan welke wijn bij de ingrediënten of gerecht past. Dus …. Alles kan voor mij. (Gereons Keuken Thuis gaat eens nadenken)

Wat lust je echt niet en waarom niet?

Geitenkaas. Het is echt niet mijn ding.  Hier word ik ook echt onpasselijk van. Geen idee waarom.

Waarheen ga je het liefst naar op reis?

“First en foremost” naar Australië. Mijn familie woont daar nog en ik houd gewoon heel veel van het land. Vind het echt prachtig en de levensstijl is om van te genieten. Maar mijn volgende reis op mijn wensenlijst is Indonesië. Ik ben er wel eens eerder geweest, maar ik zou nu echt willen gaan om een culinair reis te maken gecombineerd met het opzoeken van de plaatsen waar mijn moeder vandaan komt.

En misschien een rare vraag. Is er een truc om Indisch eten niet te laten mislukken, bij mij wordt bijvoorbeeld de nasi goreng altijd te klef of sommige dingen te pittig?

Oooh, er zijn zo veel trucjes en op zo veel gebieden. Maar even antwoord op jouw vraag dan … Nasi: er zijn verschillende manieren om te zorgen dat je nasi niet klef word. De eerste-hulp oplossingen zijn, (a) gebruik koude rijst, (b) gebruik rijst met een lange korrel, (c) doe er geen taugé of vochthoudende groenten in, (d) zorg dat je wok goed heet is. Pittig ja/nee? Begin met je pepers proeven. Die zijn per seizoen en ras anders.

Wil je nog iets anders vertellen….delen?

Jazeker alleen is het niet iets culinairs; “You know all the things you’ve always wanted to do? Do them”.  Als ik iets mag doorgeven aan een ander, is dit het wel. Vind het geen waar je blij van word en doe dat. Een blij en gelukkig mens kan veel meer aan in het leven, en het leven heeft veel om van de genieten als we het maar durven.

foto: ribbetjes uit de oven met limoenrijst.


Het recept voor Francis Kuijk:

Dank je wel Francis voor de heerlijk openhartige antwoorden. En het delen van je visie. Inderdaad moet je soms doorzetten met je plannen. En… met de steun van je naasten. Natuurlijk nooit zonder lekker te eten. Look what has become of you. Een mix van waar jij voor staat. Het inspireerde mij mijn all time #alfresco favoriet te herzien en er een draai voor jou aan te geven. Mijn  ribbetjes kunnen zo op de BBQ, of je laat ze als het buiten in dit kikkerland te koud is, langzaam garen in de oven. De wijn erbij, hoe kan het ook anders is geen merlot rood, noch een bubbel, maar een volvette chardonnay van Hardy’s, Souteastern Territories, maar heerlijk biertje Tripel d’Anvers van brouwerij De Koninck met hints van koriander en citrus is ook een fijne match. 

Nodig:

1,5 kg ribbetjes of krabbetjes

4 el kikkoman sojasaus

3 el rijstazijn

3 el ketchup

3 el ketjap manis

1 el honing

2 tl gemberpoeder

2 tl korianderpoeder

2 tenen knoflook geperst

3 tl sambal badjak

3 el olie

peper en zout

koude rijst

1 limoen

Madras kerrie.

Bereiding:

Doe de ribbetjes in de oven op 180 graden en laat ze in 45 minuten gaar worden. Giet het overtollige vet en vocht af en laat afkoelen. Maak een marinade van alle ingrediënten hierboven en smeer de ribbetjes ermee in. Zet de oven op 180 graden en bak het vlees in een half uur of langer af. Barbecueën buiten mag natuurlijk ook. Als je de oven lager zet kun je de ribbetjes langer garen. Serveer de ribbetjes met wat curry spice limoenrijst. Gebruik hiervoor 4 koppen gekookte rijst de rasp en sap van een limoen en flink wat kerrie Madras poeder. Bak het geheel kort aan, maak op smaak met peper en zout en serveer bij de ribbetjes. Erg lekker bij deze ribs zijn pickles, die je maakt op de Japanse tsukémono wijze. Komkommer overnight gefermenteerd zou niet misstaan.

Sobremesa, het Ibiza van Sergio Herman.

Sobremesa, het Ibiza van Sergio Herman. Het favoriete onderdeel van de dag op Ibiza is de nazit na een copieuze lunch in de schaduw. Een goede gewoonte, de koffie komt op tafel en eventueel een glas knalgroene hierbas. Er wordt nog wat gekeuveld en nagenoten van het eten. Soms duurt de sobremesa zolang, dat het alweer tijd is voor tapas of de volgende maaltijd. Het heerlijke landerige bestaan van  Sergio Herman op Ibiza. Deze momenten ervaart hij als puur en persoonlijk geluk. Zijn hoofd leegmaken, nieuwe ideeën en concepten verzinnen. Dat gaat hem hier op la isla blanca goed af. Alle recepten in Sobremesa ontstonden in één dag. Het was hard werken, vertrouwde schrijfster Mara Grimm (die samen met Herman voor deze productie tekende) mij toe tijdens de Hilton haringparty. Reden voor mij om uit te kijken naar dit boek en vandaag, noem het een rondje van de zaak, een recensie op basis van een PDF. Daar werk ik namelijk niet graag mee. Maar dat terzijde.

Laten we duiken in het Ibiza-gevoel van Sergio Herman. Daar horen mooie gerechten en dito sfeerplaatjes bij. Dit maakt het een ultiem nazomerboek. Als je nog de naderende herfst wilt uitstellen. Koelere luchten in september boven de nog warme Middellandse Zee. Ibiza betekent eenvoud voor de chef, verse ingrediënten van het land en de borden worden ook minder strak opgemaakt dan je normaliter zou verwachten van Herman. Niet vreemd als je bedenkt dat juist easy living het grote kenmerk en aantrekkingskracht van dit eiland is.

Sobremesa start met basisrecepten, van mousseline tot een heuse basispaella. We gaan het land op, de campo van Eivissa, dat in tegenstelling tot de met clubs en uitgaanders bezaaide kustweg van het vliegveld naar stad een oase van rust en contemplatie is. Sergio Herman kookt van de campo, groentegerechten, een gazpacho (eigenlijk geen favoriet van hem) als salade. Paprikarolletjes met komkommer en bulgur. Geserveerd op het keramiek van Charlotte. Robuuste eenvoud. Vaak, zo vertelt hij gaat hij uitgeput het vliegtuig in, bekaf van alle afspraken en deadlines, maar bij aankomst op Ibiza krijgt Sergio een adrenalinekick. (Zou die werking van Es Vedra dan toch kloppen?) De witte dorpjes met hun lieve kerkjes, het doet hem allemaal wat. De contrasten, je kunt natuurlijk dansen tot je erbij neervalt, maar ook de rust op het eiland is iets wat je meeneemt. Ik kan dat beamen, ’s nachts naar de sterren kijkend ver van het partygeweld of overdag genieten van de wijdsheid op heerlijke stranden. Overzicht.

Sobremesa gaat verder, met hoe kan het ook anders MAR. De zee is altijd aanwezig, Met vis van een pescaderia in San Juan, verse vis, waar Sergio graag mee aan de slag gaat. Voor in het Catalaanse fideua, een tempura van sardines of zeebaars met citrus en komkommer. Op smaak gebracht met het goud van Ibiza: SAL! Als je richting Sa Canal rijdt kom je uit bij de hoge bergen, geen sneeuw, maar zout uit de salines van dit eiland. Een prachtig natuurlijk paradijs.

Montaña, de bergen, alhoewel Ibiza geen echte bergen heeft valt er in het heuvellandschap heel wat te grasduinen. Een Moors kippetje, de intens rode kleur van de bodems, daarboven een blauwe lucht. Gevulde empanadas of een pastagerecht van linguine met venkel en Ibicenco worstjes. Je proeft als het ware la tierra. Ik snap wel waarom Mara Grimm mij vertelde dat het heerlijk werken was aan Sobremesa. Want recht om de hoek in de heuvels is Ibiza ontdaan van alle frou frou, toerisme en lawaai en wat rest is de pure eenvoud. Nog wat zoets en de sobremesa kan beginnen. Als ik op deze wat grauwe dinsdag naar buiten kijk, krijg ik spontaan het idee om naar dit eiland af te reizen en bij Sergio Herman aan te schuiven. Sweet dreams of  la buena vida, maar vooralsnog kom ik deze ochtend wel door met dit kleurrijke boek en een sterke mok koffie. Een nazomerse sobremesa. Disfruta!

Sobremesa, mijn Ibiza, Sergio Herman, met tekst van Mara Grimm (ISBN 9789048844388) is een uitgave van Carrera en kost € 34,99 


Noot: De PDF van dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

,

Mediterraneo, Jacques Meerman.

Mediterraneo, een culinaire reisgids door het Middellandse Zeegebied van de 12 eeuw. Een Franse monnik, een rabbi uit Noordwest Spanje, een islamitische ambtenaar uit Granada en een geograaf uit Marokko zijn de reisgezellen van Jacques Meerman, die in dit mooie boek op zoek gaat naar wat de keukens rond de Middellandse zee hebben voortgebracht. Dingen, die wij heden ten dage nog steeds eten. Want in tegenstelling tot wat algemeen wordt gedacht zijn die Middeleeuwen helemaal niet zo duister, ook niet op culinair gebied. Er was veel handel, van Reims met zijn befaamde jaarmarkten tot Constantinopel. Van Alexandrië met zijn befaamde vuurtoren tot aan Lissabon. De Arabieren brachten landbouwmethodes mee, irrigatiesystemen, die tegenwoordig nog op veel plaatsen in Spanje worden gebruikt. De Noormannen veroverden niet alleen Groot Brittannië, maar belandden ook op Sicilië, alwaar zij volgens Meerman de latere ravioli introduceerden. Meerman stelt dat pasta geen Italiaanse vinding is. Het separaat koken van pasta wel. In het Byzantijnse rijk was er al sprake van pasta. En dan heb ik het nu nog niet eens over het Iberisch schiereiland, waar een grote melting pot van verschillende religies en eetculturen een ware cuisine opleverde. Het stond aan de wieg van het Llibre de Sent Sovi, een Catalaans manuscript uit 1324 dat zich door de eeuwen heen verder ontwikkelde. Overigens moest de eerder genoemde Franse monnik er niets van hebben. Hij vond Basken primitief en het eten op het Iberisch schiereiland maar vreemd. Mediterreaneo staat vol met verhalen van deze reizigers en wat zij aantroffen. Maar soms ook niet, in veel plaatsen meldt de rabbi niets bijzonders. Je leest in Mediterraneo,, dat Meerman niet over één nacht ijs is gegaan. Prachtige verhalen van Perzische koks, de 1000 en 1 nacht keuken van Bagdad. Meerman grasduinde door het 13e eeuwse boek Kitab al Tabih van schrijver Al Bagdadi, dat erg populair was in het gebied van het huidige Turkije. In de twaalfde was de Arabische keuken al wijd en zijd bekend tot aan Cordoba toe. Wat een uitwisseling van smaken. Als voormalig byzantinologiestudent (iedereen heeft een jeugdzonde) begrijp je dat Mediterraneo spek voor mijn bekkie is. Een bijzonder detail is spek, dat vooral door Germaanse stammen werd gegeten, maar weer niet door Germanen, die in Italië terecht kwamen. En waarom garum, de Romeinse gefermenteerde vissaus van het toneel verdween is ook een raadsel. Al deze feitjes, weetjes en dwarsverbanden, die Meerman legt, maken dit voor mij een must have boek, waar ik nog veel plezier aan ga beleven. De thematiek en het onderzoek vind ik heel aansprekend. Meerman koos vooral voor literatuur uit de Arabische wereld. De Byzantijnse keuken ontbreekt bij gebrek aan kookboeken en Gereons Keuken Thuis mist Joodse invloeden. De schrijvers uit het Midden Oosten waren hun tijd ver voor, omdat zij publiceerden op papier, terwijl in het Avondland perkament de standaard was. We hebben veel te danken aan het Midden Oosten, kennis, kunde en culinaire zaken. Het vormt allemaal de basis van de huidige keukens. Ik moet er wel bij zeggen, dat voor een leek, die niet bekend is met de geschiedenis van de Levant en het Iberisch schiereiland Mediterraneo een behoorlijke kluif kan zijn. Dat had ik zelf ook tijdens het lezen. Oude studieboeken werden opgeduikeld, net als mijn gymnasiumscriptie over de reconquista en meerdere malen werd Wikipedia geraadpleegd. Soms bevatten hoofdstukken simpelweg iets te veel informatie en ik denk dat lezers, die op zoek zijn naar een reis- of culinaire gids misschien bedolven kunnen geraken. Wat Meerman heeft geschreven is een geschiedenisboek, over de geneugten en bijzonderheden van het leven rond de Middellandse Zee in de 12e eeuw. Gebaseerd op onderzoek van bronnen, waardoor een persoonlijke verhaallijn een beetje op de achtergrond raakt. Maar ben je net als ik dol op trivia, dan is dit een heerlijk boek, dat je meeneemt van onze tijd naar een periode, waar nog nooit veel over verteld was. Zo sluit Meerman ook zijn boek af met mondiale dwarsverbanden, tot in Azië toe. Zo zou het zomaar kunnen, dat ketjap een Arabische vondst is. Of dat echt allemaal zo is? Dat weet ik niet, maar het is een plausibele theorie. Maar om toch weer bij zijn reisleiders, de monnik, de rabbi, de ambtenaar en geograaf aan te haken: Jacques Meerman gunt ons met zijn monnikenwerk een blik in culinaire zaken, die wij tegenwoordig heel gewoon vinden en destijds al wijdverbreid waren. En hij voegt met Mediterraneo een nieuw terroir toe aan culinaire geschiedschrijving.

Mediterraneo, een culinaire reisgids voor de mediterrane middeleeuwen, Jacques Meerman (ISBN 9789026343377) is een uitgave van Ambo Anthos en is te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gastblogger Laura van Veenendaal.


Gastblogger Laura van Veenendaal. Het mag toeval heten of niet, maar daags na mijn recensie van het boek Magisch Maleisisch trof  ik de zomerse gastblog van deze schrijver aan in mijn mailbox. Laura trapt daarmee een zomer af, die hopelijk meer van deze leuke persoonlijke verhalen oplevert op Gereons Keuken Thuis. Zij beaamt, wat ik donderdag schreef: Maleisië en haar keuken zijn magisch. Maar Laura van Veenendaal is niet alleen behept met Maleisië, kijk eens op haar site Lekkerplan . Daar staat hoe je Thaise viskoekjes maakt van Hollandse schol, hoe je zelf mooie loempia’s fabriceert en vertelt ze over de smaken van Taiwan. Maar nu eerst Maleisië! Dank Laura voor je enthousiaste deelname als gastblogger. En ik hoop voor je, dat er snel in Huizen zulk heerlijk streetfood is te vinden, alhoewel reizen naar Maleisië natuurlijk ook geen slechte optie is. Fijne zomer.

foto: op weg naar Dabong.

Laura van Lekkerplan ontdekte het lekkerste land ter wereld (het is niet Italië)

Aziatische smaken zijn de beste smaken, als je het mij vraagt. Koriander, gember, vissaus, daar word ik vrolijk van. Daarom kook ik met de smaken van China, Vietnam en wijde omstreken en op Lekkerplan schrijf ik een blog vol over de lekkere dingen, die ik al doende ontdek. De allerfijnste gebakken rijst met lente-ui-gemberdressing, bijvoorbeeld. Of noedelsoep met spekjes, die de rotste dag beter maakt. Of…

Maar ik dwaal af. Ik ben hier om te vertellen over het eten in het lekkerste land ter wereld. Het zal duidelijk zijn dat de keuze makkelijk was toen de echtgenoot en ik vorig jaar een bestemming zochten om zes weken rond te trekken met onze twee koters. We gingen richting Azië. Nou is dat een aanzienlijk deel van de wereld, dus er zat wat leeswerk in de nadere plaatsbepaling. Toen ik de Lonely Planet van Maleisië in handen kreeg, was de zoektocht echter voorbij. Een land waar Maleisiërs, Chinezen en Indiërs hard hun culinaire best doen. Net als een hele rij kleinere bevolkingsgroepen. Vlak onder Thailand? Het is alsof Maleisië is ontworpen voor mijn smaakpapillen.

Maleisië in drie maaltijden

Het is een risico, al vóór aankomst zo zeker van zijn, dat je het smaaknirvana gaat bereiken. En we hebben ook heus middelmatige happen geïncasseerd. Dat gebeurde vooral als we bij een menukaart van acht kantjes beter hadden moeten weten  dan aan te schuiven. Maar het was voornamelijk heerlijk, zes weken Maleisië. Laat me de reis samenvatten in drie iconische maaltijden.

 Op houtskool geroosterde saté bij Capital Café in Kuala Lumpur. Voor we in het vliegtuig stapten, dacht ik bij Maleisisch eten vooral aan laksa (pittige, zure noedelsoep met vis) en rijst met prutjes. (Het is de Indische in mij die overal een rijsttafel in ziet.) Eenmaal rondstappend op het schiereiland begreep ik al snel dat saté ook thuishoort  in het lijstje “typisch Maleisisch”.

Uiteraard zijn Maleisiërs niet de enigen die gemarineerd vlees op een stokje rijgen om te bakken boven houtvuur. Maar ze zijn er wel zo dol op dat geroosterd vlees resoluut mijn Maleisische herinneringen geur geeft. Dat roosteren gebeurt meestal op straat.  In Kota Bharu, in het noorden van Maleisië, was er bijvoorbeeld een paar avonden per week een straat afgezet zodat mensen vers gemaakte saté (en rijst en groenten) konden eten.

De eerste saté die wij aten, kwam van de stoep voor het Capital Café in Kuala Lumpur. We waren rond half zeven bij het restaurant en hoopten dat de barbecue al aan zou zijn. We hadden geluk. Grote rookpluimen begroetten ons en omarmden ons met het aroma van net-niet-geblakerd vlees.

Met een grote grijns gingen we zitten en selecteerden een stel bijgerechten. Maar helaas. Alleen de gebakken noedels waren er nog. Okay. Noedels werden het dus, plus een berg vleesstokjes. Na de eerste hap saté waren we de teleurstelling over de afwezige bijgerechten vergeten. Sappig vlees, marinade met veel knoflook en koriander en dan dat rokerige van de grill. Wat een fijn maal! En omdat we niet hoefden te wachten op de keuken, stonden we ook betrekkelijk snel weer buiten (Na een tweede rondje van de saté, uiteraard.) Best fijn, als je met twee gejetlagde minimensen onder de arm op stap bent.

foto: saté’s roosteren bij Capital Café in Kuala Lumpur

 Loeivers platbrood naast de speeltuin in Dabong. Sowieso speelt veel van het eetavontuur in Maleisie zich af op straat. Toeristen uit heel zuid-oost Azië schijnen speciaal naar Georgetown (in het noordwesten van het schiereiland) te komen voor het streetfood. En die heerlijkheid beperkt zich niet tot de steden. We aten ook in dorpen een hoop lekkers op de stoep. In Dabong, bijvoorbeeld.

Dabong is één van de toegangspoorten tot de jungle in het binnenland van Maleisie. Aan de andere kant van die jungle ligt echter een nog veel beroemdere toegang en Dabong krijgt daardoor niet zoveel toeristen. Ze zijn er, maar wild toeristisch is het niet. Er zijn één of twee hotels, je kunt op het treinstation een hapje eten en op de stoep naast de speeltuin ijsthee drinken. Oh, en je kunt de jungle in. Dan ben je er wel zo’n beetje.  

Dat dachten wij tenminste, toen we na een dag rondsjouwen tussen de bomen neerstreken tegenover de glijbaan. Toen we even hadden gezeten, kwamen er echter opeens een hoop mensen naast ons zitten. Bleek dat er ’s avonds een keukentje openging bij het terras, dat gloeiendhete roti canai (lekker vettig platbrood met laagjes) bakte. Ze waren zo populair dat wij dachten: “hee, we eten mee”.

Bestellen was even een toneelstukje. Ik geloof dat ze niet begrepen, dat wij vragen konden hebben over de zeer overzichtelijke keuze. De enige reactie die kwam op “Wat is dat voor saus?” en “Heeft u verschillende smaken?” was “Do you want egg or no egg?”. Twee met en twee zonder ei dan maar, en we hoopten dat we van die intrigerende dip zouden krijgen. Dat kregen we en het bleek de perfecte pittige jus-saus om het elastische brood met schroeiplekjes in te dopen.

foto: het mooie uitzicht bij Duyong Cherating

Vriendelijk met rust gelaten worden en brood eten

De maaltijd was ook naast z’n locatie op de stoep typerend voor veel van onze reis. Zodra we de palmstranden en beroemde stadjes verlietten, waren er niet zoveel andere witte gezichten en konden we een beetje meedoen in de randen van het Maleisische leven. Mensen waren zeker behulpzaam. Toen de peuter op de stoep in Dabong z’n melk over tafel knalde kwam er voor wij “sorry, sorry!” konden roepen een nieuwe, met een aai over z’n bol voor de schrik. Maar verder hadden ze betere dingen te doen dan zich druk maken over ons.

Brood eten, bijvoorbeeld. Ik had me ingesteld op zes weken rijst en noedels en noedels en rijst. Die waren er, uiteraard, maar geroosterd brood met kokosjam is een populair ontbijt en overal waar we kwamen werd verse roti canai gebakken. Hoe heerlijk, supervers brood eten met de zon op je rug en de geur van knoflook in de lucht.

Thaise rundvleessalade bij Duyong, Cherating. De laatste maaltijd die voor mij Maleisie samenvat, is een Thaise. Je kunt geen gids openslaan zonder te lezen over wat een harmonieuze etnische smeltkroes het land is. Nou valt daar genoeg op af te dingen, met bijvoorbeeld een graaiende ex-premier, dames die een onderzoek aan hun broek krijgen als ze bespreken waarom ze geen hoofddoek meer dragen en inheemse stammen die uitsterven, maar qua eten ben je bepaald niet beperkt tot één keuken. Zo aten we fantastische dim sum, prima Koreaanse bibimbap en supersappige kip uit de Indiaase tandoor.

Misschien wel mijn favoriete “buitenlandse” maaltijd aten we in het stranddorp Cherating. Daar kun je op het witte strand liggen, vuurvliegjes bewonderen en dus heel fijn Thais eten bij restaurant Duyong.

Duyong ligt aan een rivier en op het grote terras heb je rond etenstijd een betoverend uitzicht op de zon die zich roze en paars verstopt achter het water. Dan krijg je een menu van acht kantjes en ga je je zorgen maken, maar dat is nergens voor nodig.  De eerste avond bestelden we uit het Thaise deel van het menu en ook al zijn we nog een keer terug geweest, verder zijn we niet gekomen. Het was ook zo lekker. De gefrituurde tofu had een dun, knapperig jasje en romige binnenkant. De noedels hadden flink wat wok-adem en genoeg knoflook om Dracula maanden in Transsylvanië te houden. Maar het allerbest was de Thaise rundvleessalade.

Voor die salade bakten ze reepjes rundvlees net lang genoeg om gaar te zijn (tropen hè?), maar nog wel sappig. Die legden ze op een lading knapperige, rauwe groente met een dressing die vurig van de chilipeper, fris van het limoensap en funky van de vissaus was. De echtgenoot wilde ook graag proeven, maar ik vond het heel, heel lastig om hem meer dan een minihapje te geven. Niet erg harmonieuze smeltkroes van mij, maar tsja. Soms moeten oude liefdes het afleggen tegen nieuwe vlammen.

Nog niet overtuigd dat Maleisië het lekkerste land is?

Op Lekker Plan vertel ik je over de tien lekkerste hapjes die we er aten. Lees, krijg honger en koop een ticket. Selamat makan alvast!

foto: gastblogger Laura van Veenendaal.

Over Laura van Veenendaal

Laura is verliefd op Aziatische smaken en blogt op Lekkerplan over de lekkerste recepten met die smaken. Ze woont in Huizen en droomt over de dag dat daar goed street food te koop zal zijn. Tot die tijd gaat ze regelmatig op reis om het elders te eten.

Dit was de eerste zomerse gastblogger op Gereons Keuken Thuis, volgende keer lezen we het verhaal van Anne-Marie Otter-Schuster van My Happy Kitchen. Stay tuned!