Zomerkost van Jeroen Meus.

foto: cover Zomerkost.

Zomerkost van Jeroen Meus. Je zou het, als je vandaag naar buiten kijkt, bijna niet geloven, maar de zomer zit er echt aan te komen. Gereons Keuken Thuis noemt dat altijd de #alfresco zomer. Lekker buiten koken en eten. Zomerse gerechten. Een TV kok en kookboekenauteur, die daar ook mee behept is, is Jeroen Meus. Vorige jaar waren zijn creaties voor de zomer vanuit een duinpan te zien. Ben benieuwd welke zomerse locatie deze keer op EEN figureert voor Dagelijkse Kost? We gaan het zien. In ieder geval zal de Leuvense keuken van Meus vol zomerkost staan, eten voor buiten en, ja als het dan eens regent, onder de veranda. Maar zomers is dit nieuwe boek van Jeroen in ieder geval. Geheel in zijn eigen stijl.

Zomerkost, 75 recepten voor de lekkerste zomer ooit. In het geheim maakt Meus weleens een vreugdesprongetje, hij doet zijn ogen toe, maakt een pirouette en besluit met een volmondige kreet. Een nieuw seizoen staat voor de deur. Eigenlijk is elke wisseling naar een nieuw seizoen de start van het mooiste seizoen. Ik begrijp dat wel. Niet voor niets popelde ik deze week om het startschot te geven voor de #alfresco zomer op Gereons Keuken Thuis. Zomer betekent voor Meus een Volkswagenbusje, om mee op vakantie te gaan.  Verse baguettes kopen op uit de kofferbak van een oude Peugeot. Dit brood dan verslinden aan de campingtafel, lunchpakketten mee naar het strand, pensen rijgen aan stokken voor boven het vuur en vooral de zomer beleven en plezier hebben. Met food als verbindende factor. Jeroen kan er nog steeds een vreugdesprong van maken.

 Het kookboek Zomerkost is heel makkelijk van opzet. Jeroen Meus geeft recepten voor de apéro, zoals gezellige tapas, Catalaanse escalivada, bocadillos con albóndigas, maar ook een leuke appetizer in de vorm van vega sushi van rode biet en granny Smith appel. De toon is gezet tijdens de borrel. Picknicken volgt, ook een hobby hier in huis. De paden op en lanen in met lekkere dingen voor onderweg of op het strand, zoals een Marokkaans brood gevuld met vlees, een lekkere fles icetea met perzik en jasmijn of een pastasalade Niçoise. (dat wordt mijn inspiratiebron voor 1 juli a.s. dag van de #pastasalade)

Er wordt geluncht met een vegetarische koude schotel, een broodje met entrecote en pico de gallo. Weet wel een broodje bij onze Zuiderburen is wat anders dan boven de lijn Cadzand – Vijlen! Er wordt natuurlijk gedineerd,  lange avonden, zwoel en loom vragen om lekkere avondkost. Een mooi klassiek koninginnenhapje met zalm, schelvis en grijze garnalen, zeebaars komt voorbij en een mooie stoof van kip gamba’s en picada! Wat ik leuk vind aan de keuzes, die Jeroen Meus  maakt is dat hij bij zomers eten snel denkt aan Iberische gerechten i.p.v. de tegenwoordig alom aanwezige Italiaanse zomerkost. Geeft een mooie Ibero Vlaamse touch. Jeroen Meus laat op eenvoudige wijze zien hoe hij klassieke dagelijkse kost een all over the world twist geeft. En natuurlijk ontbreekt een paella niet in dit boek. Dat vindt Gereons Keuken Thuis zomerkost optima forma. Overigens is de bouillabaisse een pagina verder dat ook. Je leest het op deze grijze zaterdag. Ik kan niet kiezen, maar één ding staat als paal boven water, met Zomerkost van Jeroen Meus binnen handbereik, is voor mij het #alfresco seizoen nu echt geopend. Gereons Keuken Thuis maakt alvast een vreugdesprongetje. Kom mee naar buiten allemaal!

Zomerkost, 75 recepten voor de lekkerste zomer ooit, Jeroen Meus. (ISBN 9789022336175) is een uitgave van Manteau en kost € 19,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Natascha bakt zonder suiker en tarwe.

Natascha bakt zonder suiker en tarwe. Op 17 mei jl ging Gereons Keuken Thuis met de metro naar de Boekhandel van Noord, om de boekpresentatie van het nieuwe bakboek van Natascha van der Stelt bij te wonen. Niet een gewoon bakboek, maar net als haar eerdere boreling Bakken met Haver, een boek waarin deze kleindochter van een bakker op zoek gaat naar alternatieven voor suiker en tarwe. Want daar voelt deze schrijfster zich gezonder bij. Door trial en error wist zij heel veel recepten om te zetten naar baksels zonder suiker en tarwe. Vooral suiker is een dingetje, want veel mensen denken dat je alleen witte geraffineerde bietensuiker moet vervangen. Maar helaas, helaas honig, agavesiroop, dadels en andere suikers zijn net zo hard suiker. Dat heeft gevolgen voor de techniek van het bakken en je keuzes. Dat maakt Natascha zo’n originele schrijfster en receptenbedenker. Deze uitdaging blijkt haar wel toevertrouwd.

Twee weken later zag ik Natascha weer, nu achter haar kraam met op de Pure Markt in Frankendael met haar boeken en bijzondere bakproducten. Want zij is een actieve vogel, gaat graag op pad om haar vondsten te tonen en delen. Zo is dit boek Natascha bakt zonder suiker en tarwe,al dan niet met een beetje styling hulp, een soloproductie. Recepten bedenken, testen, schrijven en fotografie. Natascha doet alles zelf. Gereons Keuken thuis weet hoeveel werk dat is. Maar ze is erin geslaagd. Want precies bakken is één ding, maar om zonder gebruik van de bouwstenen suiker en tarwemeel een mooi product neer te zetten is een tweede. Dat vraagt om kennis en doorzettingsvermogen. Het levert een eindresultaat op van minder zoete, edoch smakelijke baksels. Ik vind dat wel fijn, omdat ik niet zo een zoetekauw ben. Anderen zullen er misschien wat meer aan moeten wennen. Maar…vergis je niet… zoete smaak en suikerconsumptie is aangeleerd.

Nu heeft dominee Gereon genoeg georeerd. Wat maakt Natascha zoal zonder suiker en tarwe? Het boek start met veel gestelde vragen, alvorens met het eerste hoofdstuk KOEK te beginnen. Amerikaanse dubbele chocoladekoekjes, cantuccini voor in je zwarte koffie of glaasje vin santo, stroopwafels en de Fryske dûmkes ontbreken niet.

GEBAK mag er ook wezen in de vorm van appelbollen, brownies met hazelnoot (erg lekker, Gereons keuken Thuis vindt brownies vaak te zoet) en een heuse Groninger poffert. CAKE is een echte uitdaging, want je moet toch die luchtigheid zien te maken. Let wel Natascha bakt is geen vegan boek, dus eieren en boter behoren gewoon tot haar repertoire. Via TAART kom ik bij BROOD. De kleine chique haverbroodjes, zoute boter, Epoisses en glas pinot noir erbij maken mij heel gelukkig. Tot slot  FEEST, hierin behandelt zij feestelijke baksels, een heus Paasbrood, taai taai en voor oud jaar oliekoecken.

En zo is dit tweede bakboek van Natascha van der Stelt weer een mooi persoonlijk document geworden. Natascha bakt zonder suiker en tarwe is een technisch goed geschreven boek, voor degenen, die willen bakken zonder suiker en tarwe, of dat nu uit noodzaak is of uit nieuwsgierigheid. Gewoon eens proberen!


Natascha bakt zonder suiker en tarwe, Natascha van der Stelt (ISBN 9789492086990) is een uitgave van Orlando en is te koop voor € 22,50.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

We love groente van Janneke Veugdenhil.

foto: uiensoep uit Lyon

We love groente. Het wordt de zomer van het P-woord volgens culi-columniste en schrijfster Janneke Vreugdenhil, meer dan het G-woord. Huh…..? Verklaar je nader Gereons Keuken Thuis! Op mijn keukentafel ligt het nieuwe boek van Janneke met de titel We love groente, een kookboek voor degenen, die al behept zijn met het koken met groenten of leken, die er meer van willen leren. Ik behoor tot de laatste categorie, omdat ik niet zo’n groenteliefhebber ben, zeker niet van gekookte groente. Daarom staan er bij mij meestal gegrild, gefermenteerd of salade -spul op tafel. Voor de gezondheid, niet meer en niet minder. De laatste was de term, die Vreugdenhil onder het G woord schaart. Allemaal heel fijn hoor gezond, maar voor haar moeten groenten gewoon lekker zijn. En op die wijze voor de variatie zorgen, waarop de hedendaagse flexitariër zit te wachten. Want we blijven als mens nu eenmaal omnivoren. Anders dan bijvoorbeeld ganzen, koeien of schapen eten we niet alleen gras. Maar wel groenten! Maar dat terzijde op deze fijne zondagmorgen.

foto: Biet tartare

We love groente gaat uit van het P principe. Een neologisme, helegaar zelf in beeld gebracht door Janneke Vreugdenhil. P = PLANTIFICEREN. Onthoud dit woord! Gereons Keuken Thuis vindt dat deze term precies de lading dekt waarnaar ik als cooky op zoek bent. Het is een actief woord. Je moet er iets mee doen. Net als in relaties, daar moet je aan werken. En voor dat je het weet plantificeer je alsof je dat nooit eerder hebt gedaan. En dit leuke kookboek We love groente helpt je daarbij. Aan de slag dus. Vergeet het G-woord. We gaan lekkere dingen maken van groente! We love groente begint met starten en sharen, wat te denken een biet tartare, waarmee Janneke een verstokte vegetariër op een verkeerd been zette.En ik noemde het al eerder op Facebook de geblakerde prei met romesco, geïnspireerd op de Catalaanse calçots.

foto: Bloemkool galore in Mac’n cheese

In het hoofdstuk soepen tref ik de uiensoep van Lyon aan, die anders dan de uiensoep van Parijs, onctueux is, door de binding. Of eenogige bouillabaisse? Van de soepen gaan we via een hoofdstuk snel aan tafel, naar Janneke’s familiefavorieten, waaronder pasta bijna Bolognese, zonder vlees maar met Puy linzen. (Laat dit de burgemeester van La Grassa maar niet horen) Of wat te denken van een bloemkool Mac’ N Cheese? Janneke geeft lekkere tips voor erbij (ook bij een vis- of vleesgerecht), gaat creatief aan de slag met restjes in het kader van no waste. Salades mogen niet ontbreken. Lekkere suggesties voor ontbijt, brunch, lunch en brinner. Ik vind de oeufs brouillés Argenteuil heel deftig. daar kan ik hier thuis wel mee aankomen, denk ik. Aan de borrel met groenetsjippies of haricot frites. Tot slot nog wat zoetigheden en de showstopper: kimchi. Voor Gereons Keuken Thuis bijzonder, omdat in november Janneke en ik zo veel plezier beleefden aan het maken van kimchi tijdens een workshop. Het P woord staat voor plezier, maar deze zomer vooral voor PLANTIFICEER!!!! We love groente, Yeah!!!!

foto: cover We love groente.

We love groente, Janneke Vreugdenhil (ISBN 9789057599590) is een uitgave van Podium en is te koop voor  € 27,50.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Joke’s habitat, De Vega Optie.

“Ik ben heel gedreven in de dingen die ik doe en houd me alleen maar bezig met wat ik nu doe. Schrijven over eten. Dat was voorheen niet zo, tot iemand mij de gouden tip gaf: “Focus je” Ik koos één onderwerp uit en ben daarvoor gegaan. Heb me erin in vastgebeten. Onderzoek en het schrijven van mijn eerste boek over het reukzintuig: Het mysterie van de reuk.” (gesprekken en gerechten  met Joke in 2018)

foto: cover De Vega Optie

Joke’s habitat. Onlangs vertrouwde mijn culivriendin, #bonendiva en #kleurenkookster Joke Boon mij toe dat ze in een eigen en fijne wereld leeft. Met haar gemaal, kroost, katten en mini moestuin. Haar eigen bubbel. Maar die millennial term wil ik hier niet gebruiken. Ik maak er direct Joke’s habitat van. En dat is een bijzondere, want Joke is van alle culinaire en schrijfmarkten thuis. Ze ontwikkelt recepten, schrijft recensies en probeert altijd alles geduldig uit. Als zij ’s nachts een trouvaille heeft spurt ze de keuken in en gaat aan de slag. Joke is een ster in het visualiseren en combineren van smaken. Dat is haar grote uitdaging, want sinds haar vierde ruikt Joke helegaar niets. Maar doordat zij van haar anosmie, want zo heet dat, een uitdaging heeft gemaakt, komen er uit de koker van Joke bijzondere (kook)boeken. Ik noem Bonen!, waarvoor Joke een jaar lang elke dag bonen at. Koken met Kleur uit 2018, waarin zij uitlegt, wat kleuren doen voor je gezondheid en je gerechten. Haar boek Het mysterie van de reuk, waarin ze uitlegt, hoe zij door de jaren heen heeft geleerd eten te ontleden, zonder het te kunnen ruiken. Een bijzondere habitat, waarin schrijfster Joke opereert Nu komt er een nieuwe hashtag voor haar bij, zelf verzonnen door Gereons Keuken Thuis, Joke als #vega-optioneer. Een combinatie van optie en engineer. Ik verklaar me nader. Het nieuwe boek van Joke Boon heet de Vega Optie en laat in duidelijke recepten zien hoe je zelf thuis vleesvervangers maakt. Ik vind dat een interessant gegeven, omdat als je in de supermarkt de declaraties op verpakkingen van vleesvervangers bekijkt, vind je de hele santenkraam aan toevoegingen. Smaakversterkers, hulpstoffen. Helemaal niet nodig. Met simpele ingrediënten maak je de lekkerste homemade vleesvervangers.

foto: een #fotomomentje hoort erbij.

De Vega Optie, 50 homemade vleesvervangers uit Joke’s habitat. Je hoeft minder vlees eten helemaal niet als straf te zien. Alhoewel sommigen dat wel doen. Gereons Keuken Thuis vind het een mooie afwisseling op het dagelijks patroon. Het gaat mij niet zozeer om het al dan niet flexitariër zijn, maar om de inventiviteit achter de vervangers. Dat vind ik machtig interessant en Joke Boon weet je elke keer te verrassen. Dat deed ze ook met de roze soep uit Koken met Kleur. De Vega Optie start met het verhaal over vegetarisch, veganistisch of flexitarisch eten. Daarna gaat Joke aan de slag met uitleg over eiwittransitie, mogelijkheden ter vervanging van vlees en praktische wenken. Joke gaat aan de rol met een slavink van boon en prei in tomatenjus, worstjes met appel gekaramelliseerde ui en kaas of wat te denken van een vega kroket! Hollandser kan haast niet. Ik maak een stapje naar de gehaktbal, bijvoorbeeld de Schotse met een hardgekookt ei. Ei is niet aan mij besteed maar wel een mooi gerecht, waarbij je ziet dat vlees zich heel goed laat vervangen. De satéballetjes, die ik proefde tijdens de culiperslunch 2019 zijn heerlijk.  Al deze recepten laten zien dat Joke de aard van gerechten, zonder te ruiken, maar visueel en conceptueel weet te ontleden en daar zelf een nieuwe draai aan geeft. Dat is Joke’s habitat! Vooruit ik noem nog één trouvaille uit het boek De Vega Optie, eentje naar mijn Griekse aardje: de aubergineburger met wortel tzatziki. Rest mij aan Joke te melden, well done girl! Er staat een flesje bubbels voor je klaar!

foto: de heerlijke satéburger met pindamayo.

Saté-burger uit de Vega Optie.

Onderstaand recept is verrassend makkelijk en illustreert hoe je met bijvoorbeeld bonen een heerlijke vegetarische hamburger maakt voor op de BBQ of in je pannetje. Morgen ben ik jarig en staan er steevast satéballen op het menu. Deze editie dus een keer als Vega Optie! Glas koude rosé erbij en laat de zomer maar komen.

Ingrediënten voor 4 stuks:

75 gr gekookte kidneybonen, uitgelekt

1 ui, in stukken

1 teen knoflook, gepeld

150 gr gezouten pinda’s

15 gr havermout

1 ei

1/2 el sambal badjak (10 gr)

1/4 tl chilipoeder

1 tl gemalen komijn

1 tl gemalen koriander

1/2 tl vijfkruidenpoeder

1/2 tl gemberpoeder

olie om in te bakken

Bereiding:

Als je kidneybonen uit pot of blik gebruikt, doe ze dan in een bolzeef, spoel af onder de kraan en laat goed uitlekken. Doe ui, knoflook, pinda’s, bonen, havermout, ei, sambal en alle specerijen in de keukenmachine en draai tot een samenhangende massa. Vorm 4 burgers van het mengsel. Laat 15-30 minuten opstijven in de koelkast. je kunt ze hierna meteen bakken of tot gebruik bewaren in de koelkast. Invriezen kan ook. verhit 2-3 eetlepels olie in een koekenpan en bak de burgers in 5-7 minuten rondom bruin en krokant.

De Vega Optie, 50 homemade vleesvervangers, Joke Boon (ISBN 9789046824825) is een uitgave van NW_Adam en is on- en offline te koop voor € 20,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Italië, mijn verhalen en recepten, Onno Kleyn.

foto: de gele cover van Italië door Onno Kleyn.

Het nieuwe boek Italië, mijn verhalen en recepten. Niet zo dik als het lichtblauwe culinaire compendium De Grote Kleyn, maar in ruim 400 pagina’s, met gele cover getooid met een vork met spaghetti, neemt culi- en wijnschrijver Onno Kleyn je mee op pad naar de Bel Paese, zijn  grote liefde, op culinair en vineus gebied dan.

Toen Onno en zijn geliefde Juliette in 1986 neerstreken in het Toscaanse dorp San Donato, kon hij nog niet bevroeden, dat dit zijn levensloop zou gaan veranderen. Conservatoriumstudent Onno ging naar Italië om bij te leren, de taal en zang. Maar gaandeweg het jaar dat ze doorbrachten kwam zijn nieuwe beroep, inmiddels doet hij dit al meer dan dertig jaar, dichterbij. Italië werd de basis van zijn culinair schrijverschap. Ondanks hun budget maakten Onno en Juliette kennis met het eten, de eetgewoonten en eigenaardigheden van het dorp en het Toscaanse land. Wat een smaken, wat een puurheid en genot. Na het jaar wilden ze helemaal niet weg en struinden voort door het Italiaanse land, via Umbrië, naar Napels, Ligurië en Bologna. In dit kook- en leesboek beschrijft Onno de keuken(s) en prodotti van de Bel Paese. Gelardeerd met zijn eigen avonturen en een derde laag, namelijk de rituelen en gebruiken van de Italiaan als het op eten aankomt. Want eten is in Italië het momentum van de dag, het gespreksonderwerp en vol smaak. Je zou het bijna een liturgie kunnen noemen. Pasta eet je zodoende (ork, ork, ork) alleen met een vork. Zo heurt het! Alleen hoe de Italiaan dan zijn kakelwitte overhemd schoon houdt is Gereons Keuken Thuis een raadsel. Niet getreurd, Onno Kleyn stelt dat oefening kunst baart. Er zijn overal sagre, want alleen of met zijn tweetjes opereren doe je niet in Italië, dat gaat in kuddes. Zie de trein tussen Schiphol en Amsterdam CS. Italianen houden van collectiviteit, ook aan tafel. Tussen de lakens is het een ander verhaal. Althans voor het gros van de Italianen.

Maar even terug naar dit boek. Dat Onno Kleyn een echte verteller is behoeft natuurlijk geen betoog. In Italië, mijn verhalen en recepten neemt hij de lezer mee van Toscaanse bonen met exquise olijfolie, naar de hammen van de stad Parma, die niet van Brabants varkensvlees worden gemaakt. Bij elk product vertelt hij over de essentie. Het verhaal van de pizza, die in Napoli moet kunnen worden opgevouwen en in Rome krokant is. Het truffelgebruik van de Umbriër. Colatura, waarom wordt dat niet veel meer gebruikt.? De tomaten inblik industrie van Noord Napels. Droge durum pasta versus verse pasta. Waarom kaas en vis nooit samengaan in de laars. Alles komt aan bod. De smaak van vriendin Ornella, die een pizza terugstuurde, omdat naar haar zeggen de mozzarella niet vers was. Het restaurantwezen en Italiaanse gerechten, die helegaar niet zo traditioneel zijn, als wordt beweerd. Maar juist van recente origine. En de ontdekking van hemelse spaghetti alle vongole met uitzicht op de Amalfikust.

Al deze onderwerpen maken, dat de Italiaanse keuken voor Onno numero uno is, pure eenvoud, weinig ingrediënten (maar wel van goede komaf) en geen maskerade van sauzen en frou frou zoals in Frankrijk. Overigens die maskerade vindt in de Italiaanse maatschappij op andere terreinen plaats, tijdens sagre, de mis op zondag en bijvoorbeeld de Palio van Siena. Bella figura hoort bij het wezen en de schrijver verhaalt erover.

Gereons Keuken Thuis heeft Italië van Onno Kleyn in één sospiro uitgelezen. De laatste acte van mijn  #italiaanseweken. Knalgeel met mooie zwart/wit illustraties in plaats van fotogeweld. Veel Italiaans eten zoals risotto en scaloppine is helemaal niet fotogeniek, vertelt Onno. Kortom, Italië, mijn verhalen en recepten is 414 bladzijden over de Bel Paese, tradities, de transitie van zanger naar schrijver van culinaire geneugten. Wat begon in San Donato als een coup de foudre (Sorry Onno, ken de Italiaanse term niet) is nu een vuistdikke gele mille miglia waarin maestro Onno Kleyn je meeneemt over de culineuze strade bianche en vinaire dreven van de laars in drie lagen. Bravissimo!

Italië, mijn verhalen en recepten, Onno Kleyn (ISBN 9789038806419)  is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 32,50 in je kookboekenvakhandel of bij Onno zelf.


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer 



Bella Italia in de Smaak van Italië.

foto: cover mei/juni nummer van de Smaak van Italië.

Het Bella Italia nummer van de Smaak van Italië plofte vorige week op de deurmat van Gereons Keuken Thuis. Deze reis het mei/juni nummer vol vakantievoorpret.
Het zijn de #italiaanseweken op mijn blog en ik dook het tijdschrift in. Deze Smaak van Italië gaat over plannen maken voor een tripje naar de Bel Paese. Voor ieder wat wils, de ene reiziger ontspant van het ontdekken van nieuwe bestemmingen, de ander zoekt een soort thuiskomen, al is hij of zij daar al 100 keer geweest. Toen de Smaak onlangs begon met het aanbieden van reizen stond de kwaliteit voorop. Een accommodatie of bestemming moet verrassend zijn, niet standaard. Ideeën te over in het mei/juni nummer van de Smaak van Italië dus voor een verblijf in Italië

foto: een dolce in Portonuovo.

Ik blader verder…. langs de rubrieken Agenda, Boeken, Smaakmakers en beland in de streek van groene heuvels, witte stranden en een knal blauwe zee, de Marken. Streek van anijslikeur tot volle rode wijnen, van biechtende mensen tot uomini in Speedo’s. Verstild binnenland en ruige kusten. Liselotte van Leest ontdekte vijf prachtige plekken. Ascoli, ja van de gevulde olijven en Loreto van de maagd. Speciaal voor lezers stelde de Smaak van Italië een fly/drive reis samen.

foto: pasta maken in Puglia.

Gegeten en gekookt wordt er ook in dit nummer, kookles in Puglia, met les van niemand anders dan Nicoletta Tavella, die ook in februari haar kunsten vertoonde tijdens het Little Italy event. En de grap is dat je ook met Nicoletta op pad kunt door wonderschoon Puglia.

De Smaak van Italië  bezoekt Venetië voor opera, eet stiekem pasta op Sardinië, tuiniert met twee Nederlanders in Lazio, de paden van de Etrusken volgend. Lekker luieren in Como, proef de vibes van het onbekende Rome in de hippe wijk Ostiense. Koken uit de kookbijbel Italië (cadeau bij een abonnement) en wijnaanbiedingen. Als klap op de vuurpijl is er nog een extra gidsje met een top 12 van heerlijke vakanties, de favorieten van de redactie van de Smaak van Italië. Laat de zomer maar komen.

foto: ontdek Ostiense, het hipster Rome.

De Smaak van Italië, mei/ juni 2019, wordt uitgegeven door DSV Media en is te koop voor € 6,75

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Hollandse Kaas, Betty Koster.

Hollandse Kaas, het is vandaag 5 mei, Bevrijdingsdag. Op Gereons keukentafel ligt een boek over een oer Hollands product, gemaakt door kaaskoningin Betty Koster, die al dertig jaar de scepter zwaait over l’Ámuse, de kaaswinkel van Nederland zou je kunnen zeggen. Eigenlijk wilde Betty, een telg afkomstig uit een kaasfamilie helemaal niet in deze branche gaan opereren, maar om een centje bij te verdienen belandde ze tijdens haar schooltijd in de zaak van haar grootmoeder. En sindsdien is haar leven geconcentreerd rond kaas en de smaak ervan. Want er is kaas en kaas en Betty Koster weet daar alles van.

In het voorwoord van Hollandse Kaas beschrijft Felix Wilbrink haar beeldend als hoedster van de goede smaak. Dat betekent, dat Betty niet alleen goed kan proeven, maar ook de juiste keuzes weet te maken. Meereizen dus door de Nederlandse kaaswereld met de kunde van deze vrouw. Het kaasavontuur van Betty Koster startte in Santpoort, waar zij in 1989 een delicatessen-, kaas- en cateringbedrijf begon. L’Amuse. Ze kocht eerst buitenlandse kazen in bij de groothandel, maar alras verruilde Betty de groothandel in Diemen voor het zelf halen van kazen in Rungis. Tegenwoordig gaat dat anders en worden in haar zaak in de haven van IJmuiden twee keer per week de lekkerste Franse kazen aangeleverd. Ga daar eens kijken. Tot zover de buitenlandse specialiteiten.

Hollandse Kaas gaat natuurlijk over ons nationale product. De reputatie van Nederland als kaasland is al eeuwenlang heel groot. Door de drassige gronden van West Nederland, ontwikkelde Holland zich niet tot landbouwgebied, maar tot veeteelt gebied. Wat is er Hollandser te noemen, dan sappige groene wijden met grazende koeien? Melk te over en daar werd beroemde boter van gemaakt. Van de magere melk maakte men kazen voor de handel en voor op zee, tijdens koopvaardijtochten. Wij zijn een handelsvolk en dat betekent dat zich een grote kaasindustrie ontwikkelde. Er ontstonden coöperaties, die tot op heden bestaan. Tevens kennen we al eeuwen de grote kaasmarkten, zoals die in Edam, Gouda en Alkmaar.

Betty Koster vertelt over de BOB (beschermde oorsrprongsbenaming, niet de alcoholvrije chauffeur) van Goudakaas, laten we het de appellation controlée van kaas noemen, andere kwaliteitskenmerken en noviteiten. Ik heb deze nieuwe variaties zelf eens voorbij zien komen op een kaasexpo in  Houten. Nieuwe soorten kaas, niet meer alleen van koemelk, maar ook van geiten- en schapenmelk. Kaas is altijd in beweging. Hollandse Kaas besteedt hierna aandacht aan de productie van kaas. De basis is melk, het verhitten, het stremmen, het zuursel en stremsel toevoegen. De wrongel snijden en het pekelen. Tot slot gaan de kazen rijpen, al dan niet met toevoegingen. Denk aan schimmels, kruiden of specerijen. Het is maar wat de kaasmaker wil bereiken. Betty Koster legt uit hoe kaas te bewaren en tot slot dat is haar kunst, het pairen en proeven van kaas.

Hierna gaat de schrijfster met fotograaf Desiré van den Berg op pad door Noord en Zuid Holland en naar Utrecht. Want je kunt zeggen dat daar het overgrote deel van Hollandse Kaas wordt gemaakt. Zij bezoekt Friesland en Groningen en daarna wat andere provincies. De tocht gaat via Edammer kaasmakers via messeklever, Vinkeveense vinkenthaler, Utrechtse Reypenaer naar Terschellinger schapenkaas met zeekraal. Er volgt een uitstapje naar de broeders van La Trappe. Wat een diversiteit laat Koster zien in dit boek. Ze vertelt gepassioneerd over kaas, gelardeerd met mooie landelijke beelden van fotograaf Desiré, die de vaklieden en het product op de gevoelige plaat vastlegde. Gereons Keuken Thuis vindt Hollandse Kaas een boek, dat je stimuleert te gaan kijken en proeven bij deze ambachtslieden in Nederland. En heb je nadien zin om te proeven en kaas te kopen, wip dan gewoon aan bij Betty’s zaak in IJmuiden.

Hollandse Kaas, Betty Koster (ISBN 9789089897657) is een uitgave van TERRA en kost € 25,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken in Oorlogstijd, Manon Henzen.

Koken in Oorlogstijd. Dit weekend herdenken we op 4 mei de slachtoffers en gevallenen in WO II en morgen op zondag vieren wij onze vrijheid, nu al 74 jaar lang. De Tweede Wereldoorlog en bezetting van ons land is een verschrikkelijke periode in onze geschiedenis, met vele onschuldige slachtoffers. Meer wil ik er niet over zeggen, want we mogen deze rampzalige tijd nooit en nimmer vergeten. Daarom mogen wij blij zijn op 5 mei. Ik zelf ben een vredeskind en heb nooit geweld of honger gekend. En laten we dat zo houden.

Op de valreep van dit weekend ontving ik van Uitgeverij het Zwarte Schaap, bekend van streekkookboeken en andere zeer lezenswaardige historische kookboeken, het nieuwe boek van Manon Henzen van Eetverleden. Zij verzorgt in Nijmegen historische kookworkshops. Gereons Keuken Thuis besprak al eens haar kookboek van de Gouden Eeuw. Met Koken in Oorlogstijd duikt zij in de keukens van de oorlog en deed bijzondere ontdekkingen.

In tegenstelling tot de algemene opinie werd er in de eerste oorlogsjaren helemaal niet slecht of ongezond gekookt. Welnee, door de honger en schaarste van de Eerste Wereldoorlog, waarin Nederland neutraal was en afgesneden van afvoerlijnen, werd er in de jaren dertig een plan ontwikkeld, om autarkisch voedsel te produceren en mensen aan te moedigen zoveel mogelijk van de bestaande resources gebruikt te laten maken. Je zou kunnen zeggen, dat in de oorlog mensen, gezien vanuit hedendaags perspectief gezonder aten dan voor de oorlog. Minder suikers, vetten en vlees. Het is bijna te vergelijken met onze huidige voedseltrends. Maar met één groot verschil, wij doen het in vrijheid, de mensen in oorlogstijd voelden het als dwang. Dat is ook de reden waarom na de oorlog dit dieet niet werd voortgezet. Een andere reden is, dat met name in West Nederland de hongerwinter ervoor zorgde, dat de gezondheid van de bevolking in rap tempo verzwakte en veel doden tot gevolg had. Einde van het voedselplan. Ik ken zelf de verhalen uit eerste hand over armoede en honger. Over eten scoren bij boeren.

Koken in oorlogstijd, hoe zag dat voedselplan er nu uit? Allereerst ging men koken uit eigen regio, onder het motto: “Boeren uw Volk vraagt om brood, vet en aardappelen, Scheurt het grasland” Volgens het bestemmingsplan werden er grote arealen landbouwgrond aangelegd, met als doel voedsel voor de diverse regio’s. Peulvruchten voor erwtensoep, graan voor pannenkoeken en aardappels voor andere gerechten. Een andere tak van sport was de voedseldistributie, hierdoor ontstond al voor de oorlog een goed werkend en eerlijk systeem om de bevolking van eten te voorzien. Een kink kwam in de kabel na de treinstaking van 1944, waarna de Duitse bezetter alle toevoerwegen blokkeerde en voedsel grote delen van het overvolle Westen van het land niet meer bereikte.

Het slachten van vee en overgaan op land- en tuinbouw was ook zo’n maatregel. Bijna modern te noemen, want in het huidige tijdsgewricht wordt dat ook gepromoot. Een dier vergt nu eenmaal meer energie dan een plant om te produceren. Henzen maakt in het boek ook gewag van de zogenaamde dakhaas, het verhaal van de ongekende handel in kattenvlees. Zij geeft een recept met konijn in plaats van kat.

Voorraadkasten aanleggen, hoe 21e eeuws! Elk kookboek begint er tegenwoordig mee. Er was wat sluikhandel, mensen begonnen een moestuin, slim koken met kliekjes en je ging beukennootjes rapen voor olie. Koken in oorlogstijd geeft bij elk onderdeel vernuftige recepten, waarmee zoals in het begin van deze recensie gezegd, de Hollander gezond mee werd gevoed. Veel overeenkomsten zijn er te vinden met de trends van de dag van vandaag, behalve de context waarin de maatregelen nodig waren. Dus koester dit weekend zou ik zeggen en kook eens gezond en creatief zoals in de jaren veertig!

Koken in Oorlogstijd, Manon Henzen (ISBN 9789492821065) is een leuke en leerzame uitgave van Het Zwarte Schaap en kost € 12,50.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Foodbloggers en culischrijvers over Italië

Het is  begin mei en het is weer tijd voor #italiaanseweken op Gereons Keuken Thuis. Met een heuse parade van foodbloggers en culischrijvers over Italië en la cucina. Op mijn oproep werd enthousiast gereageerd en zelf vond ik ook wat leuke blogs, recepten en verhalen. Dat de Bel Paese velen inspireert is duidelijk te lezen in onderstaande bloemlezing.

Foodbloggers en culischrijvers over Italië.

Ingrid zond een recept in voor panzanella, de Toscaanse broodsalade uit de cucina povera, glas witte San Gimignano erbij en Gereons Keuken Thuis is gelukkig. Vinissima Ingrid: “La cucina povera, de armeluis keuken uit Italië. Oud brood, veel rijpe tomaten, komkommer, ui, basilicum en azijn, dat zijn de hoofdingrediënten. Weer zo’n klassiek rustiek gerecht uit Italië dat in feite weinig kost en supersmakelijk is. Oud brood en tomaten heeft iedereen in Italië wel in huis. En de overige ingrediënten hangen dan af van wat er verder nog in huis voorhanden is. Als je topproducten hebt, wordt je beloond met een prachtig gerecht met een rijke volle smaak.”

foto: panzanella van Ingrid uit de cucina povera.

De aardbeientijd staat voor de deur. Elsa maakte een mascarponecrème Een dolce! Elsa vindt dit een heerlijke zomerse afsluiter van de maaltijd: “Crème van mascarpone met aardbeien is het ideale dessert voor naar het eten. Is heel lekker, luchtig en super makkelijk om te maken en je kunt het variëren met verschillende soorten fruit. De crème van mascarpone met aardbeien kun je in de koelkast bewaren tot het moment van serveren. Als je een diner wilt geven of een barbecue met deze heerlijke zomerse dagen dan is dit dessert echt een succes voor de gasten.”

foto: fragole con mascarpone van Elsa.

In een bloemlezing van foodbloggers en culischrijvers mag pazza nella cucina Wilma niet ontbreken. Zij bericht over al het lekkers dat zij thuis maakt, zoals deze ravioli met aubergine en boter. Een prima primo van Wilma: “Zelf verse pasta maken is toch wel één van de leukste dingen om te doen op kookgebied. In het verleden gebruikte ik de kneedmachine om de pasta te kneden, tegenwoordig doe ik het met de hand en eigenlijk gaat me dat ook steeds beter af. De vulling van deze ravioli is gemaakt van aubergine, ui en tomaten. In de beschrijving van het recept staat dat je het vel van de aubergine, na het roosteren in de oven, eraf moet trekken. “

foto: de verse ravioli van kookgek Wilma, gevuld met melanzane.

Curly Moscardini, ze stonden al even op de to do lijst van blogger Cora Meijer. Ze is trots op dit Italiaanse gerecht, want het ontvellen van baby inktvisjes is best een klusje om te leren. Moscardini hebben zelf een subtiele en delicate smaak, maar geven aan een stoofschotel juist een heel vissige smaak. Cultfood Cora kwam ze voor het eerst tegen in Venetië en aan de Adriatische kust: ” In plaats van risotto, maakte ik op dezelfde wijze organic volkoren rijstmix van basmati, rode en zwarte rijst. En voegde stoofvocht en witte wijn toe tijdens het kookproces. Echt heerlijk geworden! Het recept staat op Cultfood. “

foto: de riso met moscardini van Cora Meijer.

Uit haar happy kitchen komen de rijstballetjes, suppli al telefono van Anne-Marie, een prima antipasto of snack. Anne-Marie: “Mijn oog viel al snel op de arancini, iets wat ik al heel lang een keer zelf wilde maken. Deze risotto-ballen at ik regelmatig toen ik nog in Italië woonde. In Rome heetten deze balletjes suppli al telefono. Suppli komt van het Franse ‘surprise’ en ‘al telefono’ – aan de telefoon – is afgeleid van het feit dat wanneer je zo’n bolletje openbijt, de gesmolten mozzarella draden trekt die lijken op een telefoonkabel. Ja mensen, vroeger had de telefoon een kabel…”

foto: telefoondraden van Anne-Marie.

Francine met osobuco op haar eigenwijze wijze. Met een pleidooi voor het kopen van goede ingrediënten! Smaak is heel bepalend voor de Italiaanse keuken. Francine: “Eigenwijs ben ik stiekem wel een beetje te noemen. En dus een recept omvormen en er geheel een eigen wijze van maken past mij als foodblogger wel. Niets leukers dan lekker in de keuken staan een “beetje van dit” en “een beetje van dat”. Onderwijl niet vergeten foto’s en aantekeningen te maken. Want ik wil het daarna natuurlijk wel weer met jullie delen. Deze ossobuco op geheel eigen wijze kreeg hier thuis de handen wel op elkaar. Het vlees heb ik overigens ook nog eens zelf gezaagd, met recht een heerlijk homemade gerecht.”

foto: de eigenwijze osobuco.

We gaan verder culinair alleskenner Onno met zijn eigen versie van saltimbocca in het kader van een recensie van de Italiaanse kookbijbel. Zijn eigen Italië boek verschijnt op 7 mei. Onno zegt over deze bijbel: “De bijbel van de Italiaanse keuken. Tja, het team van Caffè Toscanini in Amsterdam zit erachter, Maud Moody, Leonardo Piacenti en Nina Bogaerts. Nu klinkt het misschien vreemd, maar ik ben van mening dat als het om landenkeukens gaat zeer goed ingevoerde buitenstaanders betere boeken voor andere buitenstaanders maken dan inboorlingen. Een niet-Italiaan snapt wat andere niet-Italianen niet snappen als het om Italiaans koken gaat. Snapt u wel?” 

foto: Onno’s saltimbocca.

Gereons Keuken Thuis vindt dat in deze parade van culischrijvers en foodbloggers Antoinette, de kookdiva uit Verona, niet mag ontbreken. Op Italiaans koken met vond ik haar overheerlijke koolhydraatrijke focaccia alla Genovese. Antoinette nadat haar mooie kookboek Mangiamo verscheen: “Ik kruip weer onder mijn culinaire steen. Kook, bak en braad. Bekijk filmend lekkere instagramaccounts, lees smaakmakende blogs, koop vette kookboeken en werk als een bezetene toch weer door aan die nieuwe receptenverzameling. Voor iedereen die het eten wil, juist nu een koolhydraatrijke focaccia alla genovese met rode ui en rozemarijn om je volvette, zoute vingers bij af te likken.”

foto: focaccia alla Genovese van Antoinette

Ik voeg altijd graag de recepten toe van auteur en vriendin Frances, die onlangs haar nieuwe reisboek See you in the Piazza ten doop hield. Reizen en eten door Italië, dat is “Under the Tuscan Sun” Mayes wel toevertrouwd. See you in the Piazza. Als het om Italiaanse zaken gaat blijven Frances & Ed een grote inspiratiebron voor Gereons Keuken Thuis.

foto: cover Tuscan Sun cookbook van Frances Mayes.

Tot slot een recept van Gereons Keuken Thuis voor deze foodbloggers en culischrijvers over Italië parade. De worstjes van de wijnboer, gebaseerd op de verhalen van chefkok en auteur Marlena di Blasi in haar boek 1000 dagen in Toscane. Ik maakte er een eigen versie van. “Salsicce arrostite con uve al vinaio”  We drinken bij dit gerecht natuurlijk een stevige Chianti

foto: worstjes van de wijnboer, dank aan Antoinette Coops.

Nodig (6 pers.)

150 ml olijfolie

2 el verse rozemarijnblaadjes gehakt

2 tl anijszaad

2 tl venkelzaad

gemalen peper

1 kg varkensworstjes

800 g druiven wit en blauw gemengd

250 ml rode wijn

peterselie

Bereiding:

Verwarm de olie in een steelpan op laag vuur. Voeg hieraan de rozemarijn, de anijs- en venkelzaden toe. Een flinke hoeveelheid gemalen peper. doe een deksel op pan en laat 15 minuten trekken. Je krijgt zo een aromatische olie. Prik met vork de varkensworstjes in en wel deze 5 minuten in niet kokend water. Verwarm de oven voor op  200 graden. Doe de worstjes op een bakplaat en bestrijk deze met de aromatische olie, voeg de druiven toe. Rooster de worstjes 25 minuten in de oven, keer ze om. de druiven zullen barsten. Als de worstjes gaar zijn kunnen ze van de bakplaat gehaald worden. Schraap de bakresten en de druiven van de bakplaat en doe deze in een pan. Voeg de rode wijn toe en kook deze saus iets in.Serveer de worstjes in een schaal met de druivensaus eroverheen en wat gehakte peterselie. Geef bij dit gerecht een lauwwarm boerenbrood.

Mille grazie voor jullie inzendingen! Tot de volgende parade van foodbloggers en culischrijvers over Italië.

Baru Belanda, een ode aan de Indische keuken.

Baru Belanda, Indische keuken 3.0. Soms zijn er van die kookboeken waar je over blijft nadenken voordat je een recensie schrijft. Aytems of Inspiration van Ayt Erdogan is er zo eentje, Bijdendijk, een keuken voor de lage landen van Joris Bijdendijk en nu Baru Belanda van Pascal Jalhay, uitgave van Fontaine uitgevers. Waar ken ik Pascal van? Van samen koken voor AH bij een kookstudio in de Elanddsstraat in Amsterdam. Van zijn fenomenale lunch in november 2017 op de Dam, samen met tafeldame Jean Beddington en Baru Belanda co auteur Marcus CPL en FavorFlav Polman, met de gedeconstrueerde gado gado.

foto: pascal Jalhay aan het werk tijdens de CPL2019.

Baru Belanda, vrij vertaald Hollandse nieuwe. Het opus magnum, dat Pascal Jalhay nog eens in zijn leven moest maken. Tot zijn reis samen met zijn vader was Pascal niet veel bezig met de keuken van zijn roots. Hij vond de Indische keuken niet spannend genoeg. In tegenstelling tot de andere Aziatische keukens maakte de keuken van zijn vader geen stormachtige ontwikkeling door, zoals bijvoorbeeld de Thaise of tegenwoordig hippe Koreaanse keuken. Deel daarvan komt doordat de Indische keuken, zoals wij hem kennen geboren, is door gebrek aan ingrediënten. Toen de vader van Pascal in Holland arriveerde moest hij de nodige ingrediënten ontberen, simpelweg omdat het niet te koop was in Nederland. Daarnaast is de Indische keuken in Nederland altijd een thuiskeuken geweest, genoteerd in schriftjes van oma’s en tantes met ieder hun eigen manier van koken. Pascal Jalhay wil daar met dit prachtige kookboek Baru Belanda verandering in brengen, want in Indonesië ontdekte hij dat de keuken van zijn roots helemaal niets oubolligs had. Smaakexplosies en kleursensaties trof hij aan. Tijd voor een Indo keuken 3.0! En dat is deze man wel toevertrouwd.

foto: zuurkool met gekruid rundvlees en krokante mie.

Jalhay kookte bij Vermeer twee sterren bij elkaar, ik werkte eens met hem samen bij Keizer Culinair en proefde zijn gedecontrueerde gado gado tijdens een lunch in Bougainville op de Dam. Need I say more? Pascal Jalhay is een kei in het bedenken en assembleren van gerechten en dat is nu juist wat hij in dit kookboek doet samen met andere chefs van Indische afkomst. Een twist geven aan de Indische gerechten. Een mooie samenwerking met oude rotten in de keuken, zoals Lonny Gerungang (Di Roemah in Kerobokan) en Anita Boerenkamp (Spandershoeve in Hilversum) en jonge talenten als Syrco Bakker (Pure C, Cadzand) en Jaimie van Heije (zelfde naam in Amsterdam) met als oogmerk de ontdekking van nieuwe Indonesische keuken.

foto: stunning bapao’s.

Baru Belanda start met een rijsttafel in De Librije in Zwolle. Hier werden de plannen gesmeed voor een nieuwe Indische keuken. Nieuwe smaken, die veel kunnen toevoegen aan de zich steeds uitbreidende Nederlandse culinaire scene. Na de inleiding van Pascal en mijmeringen over Indisch eten toen & nu van diens vader gaan we aan de slag met recepten. Wat een creaties, de kleur, geur en smaak spat van de foto’s af in Pascals ode aan de Indische keuken. Natuurlijk begin je met het zelf maken van smaakmakers zoals boemboes en sambals. Daarna gaat hij aan de slag met zijn creaties. Een klassieke Franse bonenschotel wordt peteh à la nage. Er volgt een ode, hoe kan het ook anders, aan rendang. Of wat te denken van zuurkool met gekruid rundvlees en krokante mie? Zo kan ik nog wel even doorgaan. Vergeet ook de stunning bapao’s niet en Pascals signatuurgerecht gado gado.

foto: de emblematische gado gado van Pascal

Naast Pascal brengen ook andere chefs een ode aan Indonesië, ieder op hun eigen manier. Jimmy Lohamza (Bali James in Breda) maakt o.a. een salade van pijstaartinktvis uit Gianyar en geroosterde kip uit Lombok. Danny Jansen (TV chef) gaat voor babi pangang, maar dan met zalm in plaats van babi. Frank Deuning (Raffles in Den Haag), tot slot, gaat voor gulai kambing, gestoofd geitenvlees. Bij elke chef staat een leuk kort interview. Dat maakt dit kookboek ook een kennismakingsboek met de Indische roots van de chefs.

Met Baru Belanda, een ode aan de Indische keuken is Gereons kookboekenhoek een mooi kookboek over de Indische keuken rijker, modern met inachtneming van al die recepten, die Indische Nederlanders meenamen naar Holland. Pascal Jalhay maakt er “Hollandse nieuwe” mee. Een mooie renaissance van de Indische keuken binnen de Nederlandse eetcultuur. CHAPEAU!  in chocoladeletters. Meer dan dat kan Gereons Keuken Thuis er niet van maken.

foto: cover Baru Belanda

Baru Belanda, een ode aan de Indische keuken, Pascal Jalhay & andere chefs (ISBN 9789059569034) is een uitgave van Fontaine en is te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer