Surf & Turf.

foto: surf’s up!

Surf & Turf  is een overal ter wereld voorkomende term voor een gerecht dat uit vlees en vis bestaat. In het Catalaans noemen ze dat heel mooi “mar i muntanya”  Zee en gebergte. Er zijn eindeloos veel combinaties te bedenken, waar vlees een verbinding aangaat met iets uit zee. In de traditionele paella wordt vaak gebruik gemaakt van kip of konijn in combinatie met garnalen en zeevruchten.

Een bekend recept uit Catalonië is kip en gamba’s in de traditionele amandelsaus, picada geheten. Een mengsel van gebakken amandelen, knoflook en broodkruim. die samen met een flinke stoot kippenbouillon een krachtige saus vormen. Heerlijk Sea Spot food dus voor op zonnige dagen. Een echt al fresco gerecht dat makkelijk met bescheiden middelen buiten te maken is. Gereons Keuken Thuis kiest vandaag voor een variatie van spiesjes met garnalen en kipdijfilet, geroosterde paprika en een salsa van amandelschaafsel, broodkruim, knoflook en olie. We bestrooien het geheel met gehakte peterselie. Surf & Turf. We drinken er een witte koele Viña Sol van Torres bij. een witte wijn die gekoeld je glas met mediterrane zonneschijn vult.


500 g kipdijfilet

500 gepelde tijgergarnalen

2 rode paprika’s

zout en peper

1 tl pimentón de la Vera.

100 g amandelschaafsel

1 snee oud brood

4 tenen knoflook

1 dl extra vièrge olijfolie

sap van halve citroen

gehakte platte peterselie



Leg de satéprikkers in koud water. Dit om verbranden te voorkomen. Snijd de kipdijfilet in blokjes (niet te klein) en bestrooi deze met wat zout, peper en pimentón. Maak de tijgergarnalen schoon en verwijder het darmkanaaltje. Rijg om en om de kip aan de spiesjes. Snijd de rode paprika’s in brede repen. Rooster de spiesjes en paprika’s gaar op grill of barbecue. Rooster het amandelschaafsel kort in een droge pan. Let op dit gaat heel snel. Snijd de korst van de snee oud brood af en doe deze in een hoge smalle kom of beker met iets water. Voeg de gepelde knoflook, citroensap, een snufje zout, geroosterde amandelen en de olijfolie toe. Haal in één beweging de staafmixer erdoor. Indien de saus nog te stevig is kun je wat extra olie toevoegen. Serveer de spiesjes met de geroosterde paprika’s, wat gehakte peterselie en de saus.


Ragout op maandag.

  foto: ragout op maandag.

Ragout op maandag. Een hele boerenkip drie keer gebruiken. #nowaste  Zaterdag kocht ik een Franse label rouge kip. Altijd lekker om die in de oven te braden met wat aardappels, knoflook en Provençaalse kruiden. Meestal houd ik na zo’n feestmaal het karkas, een borstfilet en kippenbout over. Precies voldoende voor de volgende stap in het proces. Je zet het karkas met koud water op het vuur en laat het dan uren lang trekken, totdat je een stevige kippenbouillon hebt. Nu stond de zaterdag toch in het teken van bouillon trekken, want ik deed het zelfde met runderkluiven voor de groentesoep. Enfin daarover later meer. Laat de bouillon ’s nachts afkoelen. Dat kon gezien de “heerlijke” voorjaarstemperaturen prima op mijn Amsterdamse balkon. De volgende dag heb je dan een prima basis voor een ragout. Haal het karkas eruit, pluk de laatste restjes vlees eraf, schep het vet eraf en zeef de bouillon. Assembleren maar. Zo gebruik je één boerenkip drie maal. De rest van de bouillon vroor Gereons Keuken Thuis in voor risotto of een ander gerecht. We drinken een straffe trappist bij de ragout. Bijvoorbeeld de dubbel van Westmalle.

  foto: Assembleren maar!


3 kippenbouten

1 doosje champignons

75 g boter


peper en zout

snuifje nootmuskaat

1 teentje knoflook

fijngehakte peterselie


Doe de kippenbouten in een pan met koud water met wat zout en peper. Breng aan de kook en laat circa 3 uur op laag vuur trekken. Haal de bouten eruit en pluk het vlees eraf. Zeef de bouillon. Zet apart. Borstel de champignons schoon en bak deze kort aan in weinig olie. Hak het teentje knoflook fijn en doe deze bij de champignons. Verhit de boter in een pan en voeg de bloem toe, bak deze tot er een klont ontstaat. Blijven roeren! Voeg beetje bij beetje de bouillon toe en klop met een garde tot gladde saus. Dit is precisiewerk waar je bij moet blijven. Voeg de stukjes kip en champignons toe en warm ze even mee. Roer als laatste de peterselie door de ragout. Maak op smaak met zout en peper en een snuifje nootmuskaat. Serveer met een vol au vent of wat gekookte rijst.

Talk and Table, Jean Beddington.

marie_cecile_thijs_-_jean_med-2 foto: Jean door Marie Cécile Thijs (internet)

I still remember her restaurant in the Roelof Hartstraat in Amsterdam. The white square boxes in the window. The plain design. And the marvelous food. All done by Jean Beddington chef and culinary creative. You could call her the grand lady of TASTE, that’s what it is about. With so many caleidoscopical features. Gereons Keuken Thuis wanted to know more. Because I had another question by a friend of mine, I called her. All of a sudden I got the idea to invite Jean for my series Talk and Table. Based on the answers she gives I will conceive a recipe, that will please her and my readers. Something savoury with a touch of Spring.

Who is Jean Beddington and what would you like to share with us?

An English lady settled in Amsterdam for the last forty years! And cooking professionally for the last 36 of them! So there should be quite a lot to share…

You have quite a history from restaurants to books, publications and more. What was your most impressive project? 

A few years ago I was asked to cook a dinner in the RijksMuseum just before it was opened after renovations. It was organised by an international company and it was a business dinner for guests from Dubai – so the food and drink were halal. It was very interesting to create non-alcoholic drinks to match the food – the red wine option was a mixture of beetroot and cavolo nero and tasted amazing with the beef main course. And my sous-chef and I were sightseeing in the dimly lit museum whilst the guests were eating in the Staalmeesters Room!

Nowadays you are a culinary creative Is there a difference with being a chef? 

Having sold the restaurant three years ago I now have time to choose the time I go on holiday – at the beginning of the year we visited Cadiz for a week and in June we will be off to Italy. What I don’t miss is the daily pressure of running a business – the bookkeeping, the staff, the repair jobs but I do miss the buzz and adrenaline rush of the restaurant. However now I get to think up creative solutions for dinners, workshops, demonstrations etc. – deciding on a theme and exploring both culinary and visual aspects of each occasion to create a unique experience. One thing that is really new for me is the monetary aspect of catering individual events – in a restaurant the price is worked out in advance and everything is a continual job but with my work now it’s sometimes very difficult to put a price on the work – and it’s surprising how people have no idea how much work (and hours) is involved from start to finish.

You invest a lot of energy in defining taste and dishes? In another life, would you do it again? Or would it be something else?

I’ve always loved to cook but when I was young I never thought of it as a career choice. But once I’d experienced working in a professional kitchen I knew it was a fantastic way to express myself.

Your dishes and recipes speak to the imagination, certainly with me. They are gorgeous. How do you do that?

Thankfully I’m blessed with a very good memory both in terms of taste and visual presentation – when thinking of a new dish I can bring these into play – it’s like a puzzle – when the taste, textures, and colours fit together I know I have a good dish. The more you know the more you can leave out!

My parents were/are very French oriented. De last two decades there has been a shift from French to other cuisines, certainly in my generation. You were in front position. Do you feel that too?

Although my upbringing in England obviously has a great influence on my cooking, I travelled with my family from a young age to France, Italy, Spain etc. and it was always so exciting tasting new cuisines. The first time I ate an artichoke none of my family had ever eaten or seen one before but thank God a friendly Frenchman at the next table came over and explained to me how to eat it! It also helped that my father loved good food and encouraged us to order anything we fancied! And of course my love of travel took me overland to Japan where I lived for several years. Eating through all those countries with their wonderful cuisines has given me a marvelous taste history. Returning to Europe and settling in Amsterdam it was amazing to cook using all those influences and finding them so appreciated – so much so that I was christened “The Godmother of Fusion”! When I started I was using products like seaweed, wasabi, miso, fresh coriander etc. – nowadays chefs couldn’t cook without them and now the guests know what they are.

More and more culinary start ups appaer. What do you think of the general quality. Has it become better the Dutch culinary landscape?

Certainly the restaurants in Holland have improved tremendously over the last 30 years – with everyone travelling so much and the influx of foreigners living here there has been more exposure to different cuisines which can only be a good thing! But the new trends like pop-ups serving one item like burgers or bao’s or pulled pork etc. seem not to deliver the real thing – imitation may be the highest form of flattery but you have to get it right! And so many of the new restaurants kind of blend into one another – their dishes and presentation all look alike – I miss a personal signature.

What do you miss in nowadays cuisine?

I like to be able to choose in a restaurant and again one of the new trends is to just serve one menu – I admit that it’s a damn sight easier for the kitchen but who wants easy….

Culinary speaking, which one is your favorite dish? And ofcourse which wine?

Oh goodness – what a difficult question! I love so many dishes – anything with seafood – oysters, crab, a gleaming eyed mackerel…tiny fresh shrimps in a crispy pancake. Actually, I am a great lover of Japanese cuisine – the freshness, the attention to detail and presentation and I get so much inspiration from the food. I love combining the Japanese flavours in a European cuisine. And as for wine, a full creamy white Burgundy, a crisp Albariño, and I love a good toasty Champagne – Pol Roger, Taittinger…

And what do you dislike?

I’ve never been a big fan of ‘stamppot’ especially the one with ‘ postelein’ – too slimy for me and one fish I’ve never really enjoyed is ‘zeewolf’ but that’s about it on food dislikes.

If you would give a cooking class, what would you want to teach us?

I would like to teach people how to make good basic sauces, and dressings for salads – with the new trends in restaurant dishes you always wish there was more sauce instead of the minimum amount to make the dish look pretty – banish the dots and dashes – just give me the sauce!

Last but not least, do you want to share anything else in my blog? Please be welcome

Support your local butcher, grocer, fishmonger and food market. Do not do all your shopping in the supermarket.

The recipe for Jean

I am very glad with the answers of this chef. Thank you so much Jean! They are down to earth, yet contain a lot of information. Jean is right when she tells that the difference between having a restaurant and occasional catering is big. Her eye for remembering the visual presentation, the taste in combination to the texture is quite a known phenomenon to me. In Gereons Keuken Thuis we call that “droogkoken”, cooking based on the memories in your head. Jean Beddington sees a lot of development in Dutch cuisine. However she is not that fond of  one issue pop up restaurants, nor the kind of restauarants that only serve one menu. She likes to choose. She likes seafood, white Burgundy wines and is a sauce addict. Not  a simple dash, but lots of it. Based on this information I thought of the following recipe. A Flemish  spring stew, waterzooi, with extra cream and white asparagus.They are almost in season. (since in the South of the Netherlands they arrive every year end of March)  And a whole baguette for the sauce. The wine to pair wil be a white Burgundy from Uchizy. Butter and almond to pair the waterzooi.


2,5  l vegetable broth 1 chicken in pieces, carcass.

a bunch of thick white asparagus

3 stalks of celery

1 leek cut inrings

3 carrots in pieces

8 potatoes

250 g celeriac into cubes

1 bunch of parsley finely chopped

2 egg yolks

4 dl cream


pepper and salt


Cut the chicken into pieces and make nice fillets of the breast and other meat. Add the carcass of the chicken to the vegetable broth. Leave to simmer for a while.. Add the chicken pieces to the broth and cook about 20 minutes. Peal the white asparagus and cut off the woody ends. Cook the aspargaus in  salted water for about 15 minutes. Cut all the vegetables into chunks. Put the vegetables and potatoes in a deep casserole with some butter an stir fri them.. Remove the chicken pieces from the broth and add to the vegetables.  Add  the strained broth. Leave to simmer fo another 15 minutes until the potatoes and vegetables are tender. Add the cream and turn of the heat.. Season the the waterzooï to taste with salt and pepper. Stir in the egg yolks and add the rest of the cream. Serve the chicken parts and vegetables in plate, together with the white asparagus. Spoon some sauce over and garnish with chopped parsley. Serve with a rustic bread in pieces,. It will soak all the sauce and flavour just until the last drip.

Coq au vin.

 foto: deftige kippetjes in Mâcon.

Het februariweer vraagt erom, een stevig en hartverwarmend gerecht. Coq au vin uit de Auvergne. Het is tenslotte Valentijnsdag a.s. zondag. Ik kwam op het idee door Leo van Heereveld. Hij vroeg mij om het recept op Facebook, want hij had zin om coq au vin te maken dit weekend. Un coup de coeur. Ik speurde Gereons Keuken Thuis af en ontdekte dat ik nooit kip in rode wijn had gemaakt. Noch beschreven. Wel over Bressekip in roomsaus. Daar is het dus tijd voor. Ik dook in mijn all time favorite kookboek Cuisine du Terroir en vond daar een heel bewerkelijk recept voor coq au vin, met in citroen en suiker geglaceerde kleine uien en wat bloed van het dier voor de marinade. Ik denk niet dat dat is wat Leo voor ogen had. Ik ook niet. Vandaar een versimpelde versie. We drinken bij de coq au vin een stevige rode Cahors. Ook zo hartverwarmend. 


1 flinke kip in stukken 

1 fles Bourgogne rood

3 el zonnebloemolie

2 takjes tijm

1 laurierblad

3 takjes peterselie

1 tl grove zwarte peper

200 g gerookt spek in blokjes gesneden

75 g boter (geen margarine)

1 glas cognac of marc de Bourgogne

20 g bloem

3 tenen knoflook

zout en zwarte peper uit de molen

3 kleine uien in ringen

1 doosje champignons schoongeboend



Snijd de kip in stukken. Doe in een grote schaal met de tijm,laurierblad, peterselie. zwarte peper. Giet de wijn eroverheen.  Laat 12 tot 15 uur in de ijskast staan. Snijd de spek in blokjes. Haal de kip uit de marinade, dep het vlees droog en bak de stukken aan in de hete olie en el boter om en om. Zeef de marinade en breng deze in een steelpan aan de kook. Haal de kip uit het vet en bak de spekjes kort aan. Voeg de uienringen toe en bak deze kort aan. Voeg de marc of cognac toe en flambeer. Voeg twee el bloem toe en bak deze goed mee ter voorkoming van een bloemsmaak.  Doe de kipdelen terug in de pan en giet beetje bij beetje de warme wijn erbij. Voeg als laatste de gehakte knoflook en wat zout en peper toen. Deksel erop en een uur zacht stoven. Bak de champignons 5 minuten aan en voeg deze de laatste 10 minuten toe aan het gerecht. Indien de saus wat te dun is kun je deze met wat klontjes boter gewenteld door de bloem binden. (beurre manié)

Het keukenkastje.

 foto: Onweerstaanbaar in pot en blik.

Het keukenkastje, de voorraadkast of laden van het keukenblok. Als foodblogger moet je toch behept zijn met een soort verzamelwoede. Van kruiden tot blikken confit. Van homemade potten vol ingemaakt fruit tot een vriezer met vlees. En dan ook nog wat ik onderweg allemaal oppik. In pot en blik op Franse markten. Ik kan het gewoon niet laten. Tel daarbij op de talloze bezoeken van beurzen, het all you need is food evenement en wat er per post arriveert. Resultaat een keukentje vol voorraad. En soms fronsende blikken van buren als ze mij weer eens met een boodschappentas of drie aan het stuur zien fietsen. (voor de hele week boodschappen gedaan? Welnee!)  En daar moet je toch eens een keer iets mee…

Niet getreurd, het is, op deze fraaie dinsdag in januari, meteen de opmaat naar een nieuwe rubriek op mijn blog. Het keukenkastje. Van Gereons Keuken Thuis zelf maar ook van anderen. Daarnaast ben ik ben ook zeer benieuwd naar trouvailles en verzamelingen van andere bloggers. Dus schroom niet en laat het me weten. Wat doe jij met een uitpuilend keukenkastje? Wat maak je?

Zelf vond ik op de plank een pot artisanale cassoulet met eendenbout. Ooit in een opwelling gekocht in Frankrijk. In een vlaag van leuk voor thuis, kan ik wel iets mee. Deze pot stond er al sinds 2012 en de THT datum kwam erg dichtbij. Zonde om weg te gooien, want volgens mij kon deze pot nog jaren mee.

Aan de slag dus, assembleren maar. Ik kocht een stokbrood, rucola, in de groentelade van de ijskast lag nog wat witlof. Een ruwe salade was geboren. Voor bij de pot cassoulet, opgewarmd en opgepimpt met wat paprikapoeder en knoflook. Het smaakte prima, niet meer en niet minder. Volgende keer maak ik weer zelf een makkelijke bonenschotel met eendenboutjes, eendenvet en paprika. Instant winterkost met hulp uit het keukenkastje. Hieronder alvast het recept. We drinken er een stevige Cahors bij.


2 eendenbouten (blik), vlees van het bot

4 el eendenvet

2 kleine varkensworstjes

2 potten witte Griekse reuzenbonen

2 el tomatenpuree

1 rode paprika

2 sjalotjes

4 tenen knoflook

1 tl tijm

gehakte peterselie

1/2 glas witte wijn


Haal het eendenvlees van het bot. Snijd de paprika fijn, snipper de sjalotjes en hak de knoflook fijn. Bak de varkensworstjes in een eetlepel eendenvet rondom. Voeg hierna de sjalot toe en bak mee. Voeg de paprika, tomatenpuree, tijm en knoflook look toe. Bak kort aan en blus af met wat wijn. Doe het eendenvlees hierbij. Laat de bonen uitlekken en voeg deze toe. Voeg het resterende eendenvet toe en laat het geheel goed doorwarmen op laag vuur. Als de bonenschotel klaar is maak deze dan op smaak met wat peper en zout. Serveer de bonenschotel met wat gehakte peterselie. Instant winterkost.

A propos: hebben jullie en leuke tip voor koken uit het keukenkastje? Laat een reactie onder deze post achter!

De wilde Keuken, Stéphane Reynaud.

 foto: De Wilde Keuken.

Het is december een wildmaand bij uitstek. In deze tijd van het jaar verschijnt bij menigeen een stukje everzwijn, ree, konijn of fazant op tafel. In zijn boek De Wilde Keuken nodigt Stéphane Reynaud de lezer en koker uit in de wondere wereld van jacht op het Franse platteland.

Stéphane behoeft nauwelijks nog introductie. Ik verslind zijn boeken, vol anekdotes, verhalen, fictief of niet, leuke woordspelingen en natuurlijk likkebaardend lekker eten. Reynaud spijkerde mij bij over varkensvlees, over paté’s en pasteien, over de echte Bistro keuken. En hoe je een kinoupaté assembleert. Deze keer vertelt de schrijver alles over veder- of haarwild. De wilde keuken, 120 gerechten van de echte jager. Instant Astérix– en Obélixgevoel.

Het boek start met haarwild. Het ree, mannetje van de reegeit en papa van de reekalfjes, verblijft dakloos in het bos. Jager Didier uit Landira schiet er twee en rijgt ze aan het spit.  De vrouw des huizes zet een magnum rouge op tafel et voilà. Hierin ademen de boeken van Reynaud gewoon terroir. Met een klassiek recept voor reebout, ree-noisettes of ree met chocolade zoals kok Big Ben hem maakt.

Het wildzwijn komt aan bod, mannetje van de bache (zeug) en papa van de biggetjes. Verblijft graag in modderpoelen. Het bos geurt op 1100 meter hoogte naar wilde zwijnen. De familie Faure gaat op jacht. In vol tenue. De honden zijn opgewonden. Er wordt een ever van 70 kg geschoten, schoon aan de haak. Voor een gerecht van wildzwijn met worteltjes, met ansjovis of een homemade terrine. Ruk de fles Cahors maar aan.

Het haas (in jagerskringen wordt altijd gesproken in het i.p.v. de), het springende dier komt aan bod. Zijn soortgenoot het wilde konijn. Voor hazenpeper of de zeer actuele haas à la royale.  Het stropen van een konijn, voor een gebraden konijn, voor wie tegen een stootje kan. Rillettes.

De Wilde Keuken gaat verder met vederwild. Fladderend door de campagne en de bossen. Wilde eend, sneeuwhoen, patrijzen en fazant. Maar ook kwartels, lijsters en leeuwerik. In Frankrijk is namelijk de natuur een grote provisiekast.

foto: terrine van fazant.

De fazant verblijft in een nest en maakt een jengelend geluid. Aldus de schrijver. Kleinzoon Jean beleeft zijn vuurdoop en kan niet met lege handen thuiskomen.  Fazant met kool, een doodgewone fazant of een prachtige chartreuse levert deze vogel op.De Patrijs vliegt langs, wederom met kool of chiquer met foie gras. De kwakende eend, hier zijn vele bereidingen voor, gebraden, de borst of confit. Reynaud beschrijft een paté en croûte van de kwak-kwak. Een gerecht van kok Mayol.

De kwartel komt aan bod, de duif en ander gevleugeld en eetbaar, genot. De schrijver, de jagers en de koks weten er wel raad mee. Duif in een cassoulet of met doperwtjes. Lijsters en leeuweriken staan niet zo vaak op het menu in de lage landen. Het deel vederwild wordt afgesloten met de sneeuwhoender en de snip.

Het boek De Wilde Keuken sluit af paddenstoelen, bramen en bessen voor in een soepje, omelet, een confiture of dessert. Want ook die kun je in het bos scoren.

Stéphane Reynaud heeft in dit boek kosten noch moeite gespaard je mee te nemen op reis in de wereld van de Franse jager, met down to earth verhalen, mooie foto’s, vrolijke illustraties, un clin d’ oeil (knipoog) op zijn tijd en heerlijk eten. Een kookboek naar mijn hart. En aanwinst in Gereons Keuken Thuis. Bon Noël!

De Wilde Keuken, Stéphane Reynaud (ISBN 9789059566460) is een uitgave van Fontaine Uitgevers en is te koop voor € 34,95

Het Wilde Eten van Jacques Hermus.

 foto: Het Wilde Eten in mijn zeekeukentje.

Een woensdagmiddag, bij boekhandel de Vries aan de Oude Gedempte Gracht in Haarlem. Het boek Het Wilde Eten ziet het levenslicht. En wat voor een boek. Jacques Hermus groeide op in de Noordoostpolder, op een boerderij. Een plek van vele herinneringen. Aan een donzig en mank eendenkuiken, dat later geslacht door vader, als Brabants gerecht in de pan belandde. Herinneringen van een boerenzoon in de houten boerderij. Het pionieren van zijn ouders. mooie verhalen. Jacques als boer.

In hoofdstuk 1 gaat het over het heden. de blije moestuin, waar het goed toeven is in de pipowagen en daarbuiten tussen de ingezaaide bedden. Jacques, als boer, geeft praktische tips vanaf domein Vrijheid blijheid. En dat stralen de foto’s ook uit. De schrijver geeft tips over de aanleg van een kleine moestuin, of een moesbalkon? want zelf je groenten en fruit kweken kan overal. Hij kookt ook uit de moestuin met venkel in deeg en een spannend gerecht met het paarse hooi van een artisjok. Aangestoken door zijn enthousiasme ben ik al aan het plannen voor volgend jaar. Zou best graag een kijkje willen nemen in zijn moestuin.

Jacques vertelt uitgebreid over het houden van kippen. Dat kan Gereons Keuken Thuis niet op zijn Amsterdamse balkonnetje. Dankbare dieren. Hij geeft een lekker recept voor bierkip. Na uitleg over eieren volgt het vee van de boer, het rund, het varken en het lam. De hele veestapel komt voorbij met lekkere recepten en uitleg. En Jacques vertelt waarom je vlees niet vers moet zijn.Van de akker is ook een mooi onderdeel in dit eerste hoofdstuk. Het verhaal van de kleigrond, de aardappel. Een recept voor aligot. Heftige kaaspuree uit de Auvergne. De uien, het graan van de weidse akkers. Met de klei er nog aan. Hierna verlaat de schrijver het erf en gaat foerageren. Scharrelen rondom de boerderij. Noten, zuring, thee uit de natuur, vlierbes. Op de heide, in de bossen en langs de akkers. Overal is wel iets eetbaars te vinden.

Na een eerste hoofdstuk volgt meestal een tweede. En dat gaat over de man als visser. Jacques Hermus als zoetwatervisser, met een jeugdherinnering aan zijn trofee waterbewoner de paling. Hij geeft een recept voor gerookte paling met linzen. Hij vertelt over de ins en outs van het hengelen. Hij trekt naar de kust, voor schelpen,  Oesters, pêche à pied, krabben en kreeft en hoe Hollands de grijze garnaal. En passant vertelt hij over spannende zeegroenten.Hierna vaart hij uit met zijn hengel de zee op. Of met zijn hengel aan de kust. Gebakken harder of makreel op het strand. Niets is te gek voor deze visser. in dit korte bestek zijn alle tips gewoon te veel om op te noemen. Er wordt gerookt onder het genot van een glas whisky. En dan bedoel ik geen tabak.

In het derde en laatste deel van het boek gaat Jacques jagen. De jager wordt in hem wakker. Het wilde eten. Het waarom van de jacht. Het hoe te jagen. De bereiding van wild eten. Het leest als een jongensboek. wat te denken van gebraden reekoteletten met eekhoorntjesbrood. juist ja ook al vers geplukt.

Het Wilde Eten van Jacques Hermus is een prachtig geschreven en vormgegeven (kook)boek. De schrijver verhaalt, neemt je mee op avontuur. A la recheche du goût perdu zal ik maar zeggen. Het doet mij allemaal denken aan de verhalen van een goede schoolvriend, die op een Brabantse boerderij opgroeide en later zelf schrijver werd. Maar nog steeds met zijn poten in de klei staat en op pad gaat in het bos. Zo leest het boek of beter gezegd voelt het boek. Ik weet zeker dat de #wildeweken nog niet voorbij zijn in Gereons Keuken Thuis, aan zee of in de stad. Het Wilde Eten is een aanwinst. Er valt voor mij weer heel wat de te doe het zelven. Mooi gedaan Jacques!

Het Wilde Eten (ISBN 9789059564824) is een uitgave van Fontaine Uitgevers, en is te koop voor € 29,95

In de keuken van…. Gebroeders de Wolf

 foto: de Gebroeders de Wolf

Een nieuwe serie staat voor de deur op mijn blog. Gereons Keuken Thuis neemt een kijkje in keukens van anderen. Een keuken waarin iets speciaals wordt gedaan of geproduceerd. Of een keuken met een bijzonder verhaal of inrichting.Het wemelt in de stad van koks, die bijzondere dingen doen.

Vlakbij Gereons Keuken Thuis in Nieuw West, onder de platanen van de Schipluidenlaan bevindt zich een bijzondere charcuterie. De Gebroeders de Wolf, Tom en Martijn jagen op wilde ganzen en houden ervan te weten wat er op hun bord ligt. Hun charcuterie was geboren. In een oude schoolkeuken maken zij van wilde ganzen allerlei spannende producten. Confits van ganzenbout, rillettes voor het restaurant Le Garage, gedroogde worsten en speciaal voor een filmfestival in Noord, zoervleisj van gans. Klinkt dit allemaal niet verrukkelijk? Met een vintage kookboek over de gans onder de arm nam ik een kijkje in de keuken.  Deze twee heren gaan staan met passie achter de grote kookpotten. Op ambachtelijke wijze introduceren zij een stuk vlees, dat in Nederland nooit zo hoog in de hitparade heeft gestaan. De wilde gans. Deze vogels worden wel geschoten, maar nooit ter consumptie. En dat, zo vertelde Martijn mij, vindt hij zonde van een mooi stuk vlees. De Gebroeders de Wolf twijfelden niet en gingen aan de slag. Zij verkopen hun waar zelf op de Indie brands markt in de Hallen van West, op de Pure Markt en ook buiten Amsterdam. De heren leveren ook aan Le Garage, restaurant Wilde Zwijnen en staan op het menu van de Gebr. Hartering.  Bezige baasjes dus. Ik weet zeker dat Amsterdam hier nog veel van gaat horen of beter nog proeven. Volg deze culinaire helden op Speciaal voor Martijn en Tom bedacht ik een salade van flespompoen en hun eigen gerookte ganzenborst. We drinken er een gulle rode Morgon bij.

 foto: ganzenvlees


1 fles pompoen in stukken

1 gerookte ganzenborst in plakjes

75 g rucola

2 el glühweinstroop of andere homemade stroop

2 el ciderazijn

3 el notenolie

1 tl tijm

twee tenen knoflook


peper en zout


Schil en snijd de flespompoen in stukken. Verwarm de oven op 180 graden. Doe de pompoen en gehakte knoflook in een ovenschaal en bestrooi met wat zout en peper. Strooi de gedroogde tijm over de pompoen. Besprenkel met wat olie. Gaar de pompoen in ongeveer 30 minuten. Laat hierna rustig afkoelen. was de rucola en verdeel over en schaal. Snijd de mooie ganzenborst van Gebroeders de Wolf in plakjes. Maakt van 2 el ciderazijn, 3 el notenolie, stroop, peper en zout een dressing. Leg de pompoen en ganzenborst op de rucola en overgiet het geheel met de dressing. Serveer de salade direct met wat in ganzenvet gebakken krieltjes.


Foodblogevent maart, Greek style kipfilet met yoghurt.

 foto: Plaka

Zomaar een plaatje van een straatje in Athene. Op een rustige dag. De foto genomen van een ansichtkaart. Waarom komt Athene op mijn netvlies als het om het thema van het foodblogevent gaat? Het thema, bedacht door is deze maand YOGHURT.  En yoghurt en Griekenland vormen in mijn ogen een natuurlijke eenheid. Ik ga me niet storten in de discussie of yoghurt Bulgaars, Turks of Grieks is. Het zuivelproduct wordt in ieder geval veel gebruikt in de keuken deze landen. Voor dips, zoals tzatziki, in salades, als ontbijt met honing en in vleesgerechten.
In eerste instantie had Gereons Keuken Thuis besloten niet meer mee te doen aan het foodblogevent. Ik had zo langzamerhand zo mijn twijfels over de themata en het aantal inzendingen. Maar niemand is zo veranderlijk als blogger Gereon.  Ik besloot deze maand maart toch niet voorbij te laten gaan zonder een recept in te sturen voor het event. Ik vind dat deze competitie aan de hand van recepten van bloggers wel wat meer aandacht kan gebruiken. Dat is meteen mijn oproep. “Bloggers aller lande verenigt u en zend eens een recept in!”
Mijn bijdrage is een Greek style kipgerecht met prei, paprika en yoghurt. Een glas koude retsina erbij! Kali Orexi!

Nodig 4 personen:

4 kipfilets
80 g feta
4 tenen knoflook
2 el bloem
2 eieren
1 prei in dunne ringetjes
1 rode paprika in blokjes
500 ml Griekse yoghurt
sap van halve citroen
2 el oregano
snuifje nootmuskaat
gehakte peterselie
peper en zout


Bestrooi de kipfilets met peper en zout. Bak ze kort aan in een koekenpan. Leg de gebruinde kipfilets in een ovenschaal. Fruit de gehakte knoflook aan in de pan, voeg de preiringen en blokjes paprika toe en zet deze kort aan. Voeg de prei en paprika toe aan de kip in de ovenschaal. Maak een mengsel van de yoghurt, verkruimelde fetakaas, citroensap, eieren en bloem. Voeg de oregano, een snuifje nootmuskaat, peper en zout toe. Stort dit mengsel over de kipfilet en groente. Zet de ovenschaal 40 minuten in een oven op 180 graden. Serveer dit gerecht  bestrooid met wat gehakte peterselie als garnering.

Recept voor boerenkool in Ethiopische stijl.

 foto: op een Ethiopische markt

Overal lees in je blogs, artikelen en recepten over het nieuwe powerfood kale, dat wij boerenkool noemen. Naast dat wij als Nederlanders dat al heel lang wisten, weten ze dat in Ethiopië ook. Daar wordt een boerenkool variant gegeten met de typische zure pannenkoek. Vandaag maak ik een exotisch uitstapje. Een recept in Ethiopische stijl, kipdijen met pittige boerenkool. Ik weet zeker dat deze versie in mijn volgende kookboek  Gereons Keuken en Route komt.

Nodig 4 personen:

500 g boerenkool
5 el olijf olie
4 kipdijen
2 rode uien
2 tenen knoflook
1 Spaanse peper
1 paprika in reepjes
250 ml bouillon (van blokje)
1 el bloem
2 tl gemberpoeder
1 tl kerriepoeder
1 tl sambal
4 tortilla’s


Meng de bloem, kerriepoeder, 1 tl gemberpoeder door elkaar en wentel hierin de kip. Verhit in een pan 2 el olijfolie en braad de kipdijen goudbruin. Zet de kip weg in warme oven om na te garen. Hak de uien, de knoflook en Spaanse peper fijn. Verhit 3 el olie in een wok en fruit aan. Voeg beetje bij beetje de boerenkool toe en laat slinken. Voeg de sambal, gemberpoeder, peper en at zout toe en blus af met warme groentebouillon. laat het geheel 20 minuten sudderen. Haal de kool uit het vocht en laat iets afkoelen. Serveer de pittige boerenkool en een kipdij op een tortilla (Ethiopische pannenkoeken zijn vaak zuurdesem en moeilijk verkrijgbaar) en garneer met de reepjes paprika.