Chilean Wine Experience.

 foto: de verborgen wijngaarden van Chili.

Chilean Wine Experience. Op een natte maandagavond trok Gereons Keuken en Route oostwaarts richting hotel Casa 400, altijd een beetje thuiskomen, om heritage wijnen uit het zuiden van Chili te ontdekken en proeven. Chili is natuurlijk een bekend wijn-exporterend land, maar wij kennen in Nederland vooral de wijnen uit de noordelijker gelegen wijnregio’s. Verborgen in het zuiden van Chili liggen de wijngaarden van MauleItata en Biobio. Hier worden rode en witte wijnen gemaakt van oude druivensoorten, als cinsaultcarignanpaísmuscat en sémillon. In tegenstelling tot wat velen denken, zijn veel druivenranken in deze streken meer dan honderd jaar oud. Toch worden deze viñas viejas  als noviteit beschouwd. Gebieden vol terroir en wijnmaaktraditie. Een moeilijke taak voor de wijnmakers, gezien de droge gronden en veelvuldige aardbevingen. Maar zij zetten door, want hun toekomst komt uit het verleden. Met hun old Chilean bush wines. Nieuw voor Nederland.

 foto: espumante Brutall.

Niet alleen de kwaliteit en smaak,  maar ook de sociale cohesie, de symboliek, geschiedenis en ontwikkeling van deze wijngebieden op droge gronden maken, dat deze heritage wijnen zich onderscheiden van de andere Chileense wijnen. Tijd dus voor een echte Chilean Wine Experience!

Gereons keuken Thuis startte met Brutall van Viña Piedras del Encanto, een gedurfd experiment, dat zo’n twee jaar geleden startte. Een nieuw label, Brutall voor mousserende wijnen uit de Itata vallei. Gemaakt volgens de méthode traditionelle van 100% muscat. Een mooie begeleider voor bij de appetizer, die bestond uit “pan amasado” (Chileens brood) en een “chanco en piedra“, een salsa van tomaat, peper en knoflook.

 foto: El Perla.

Van Terroir Sonoro  proefde ik een 100% mucat, wit voor bij de surf&turf gang, bestaande uit een empanada en gamba met maissalade en krabmayo. Een apart verhaal is dat sommige druiven van Terroir Sonoro opgroeien met speciaal voor hen gecomponeerde muziek.

 foto: ceviche met bruine bonensalsa.

Bij de ceviche van makreel met bruine bonensalsa proefde ik een sémillon El Perla van Bisogno Wines uit de Maule vallei.

 foto: viña Gonzalez Bastias.

Tijd voor rood, van de typische druif país, rood van Viña Gonzalez Bastiashandgeplukt en geperst met minimale interventie en natuurlijke gisten. Twaalf maanden lagering in aardewerk potten. Dat proef je, alhoewel de wijnen wat koud werden geschonken. De kippendijtjes met merken, Chileense zoete aardappelfrites lieten zich er goed bij smaken. Tijd voor een uitstapje naar de carignan druif van Moretta Wines, gedreven jonge vrouwen, die van deze druif een fruitige en sappige rode Carigno del Maule maken, die ondanks dat deze wijn op hout rust verbazend fruitig blijft.

 foto: ossenhaas met Trifulca.

Bij de gebakken ossenhaas met broodsalade, mais puree en salsa diablo en mojo, proefde ik de 100% cinsault van Viña Trifulca, een fermentatie van 10 dagen, waarbij 30% van de druiven een macération carbonique ondergaat. Daarna gaat de wijn op oude Franse vaten.

Het wijnfeest eindigde met een dessert wijn van Erasmo, gemaakt van 100% torontel druiven, die twee maanden worden gedroogd, daarna geperst en gefermenteerd in oude Franse vaten. Zoet met behoud van de zuren. Het vormde een mooie pairing met het dessert van crème caramel met hazelnoot, ananascake met méringue en mojito ijs.

 foto: het slotakkoord met Erasmo.

Wat een feest, de Chilean Wine experience en wat een keur aan wijnen en smaken. Opgetogen vertrok Gereons Keuken en Route huiswaarts. De wijnen uit Zuid Chili zijn een echte descubremiento, ontdekking. ¡Disfrutalos!

Recepten uit Los Angeles.

 foto: cover Recepten uit Los Angeles.

Recepten uit Los Angeles, een ode aan deze Tinseltown aan de Pacific. Ik denk altijd aan de song van de Village People: “Go West life is peaceful there, Go West where the skies are blue….” De stad der Engelen heeft vanaf de eerste Spaanse kolonisten in de 16e eeuw tot op heden grote aantrekkingskracht gehad. Fortuinzoekers in de olie, vliegtuigbouwers, de film- en entertainmentindustrie. Alles onder de blauwe hemel van Zuid Californië. De Franse schrijver Victor Garnier Astorino raakte tijdens een studie uitwisseling ook begeesterd van deze stad en schreef in zijn verslag twee hoofdstukken vol over zijn reis naar L.A. Dit kwam hem op een reprimande te staan van zijn mentor. Maar de kiem was gelegd. Hij opende samen met een kompaan hamburger restaurant BLEND  in Parijs. Amerikaans eten met een gourmet twist. Het werd een instant succes. Maar het ging kriebelen. Een andere passie van Victor is fotograferen. Ja wie doet dat tegenwoordig niet? Het bijzondere aan de passie van Garnier Astorino is dat hij dat doet op analoge wijze. Dus niente Instagram kiekjes met een filtertje erover, maar afwachten met een te ontwikkelen rolletje, wat het oplevert. Hij vertrok naar Los Angeles en dit cult kookboek is het uiteindelijke resultaat.

L.A. is Amerika’s grootste meltingpot. Qua landschap, bergen, canyons, stranden, zee en bos. Qua verstedelijking van mansions tot suburbs, verbonden door brede snelwegen. En qua bevolking, from all over the world. Dit heeft natuurlijk zijn weerslag op de culinaire tradities van deze stad. Garnier Astorino is hierdoor gefascineerd en ging op pad door alle stadsdelen van de stad. Het werd een eerbetoon aan een stad, die zowel je lichaam als geest voedt.

De schrijver start in West Los Angeles, Santa Monica en Brentwood. Ik ga niet alle namen noemen, want dan moet je een kaart naast je kookboek hebben. Gerechten als een hickory hamburger, old fashioned apple pie, een Venice muscle beach smoothie  (L.A. is natuurlijk health and fitness stad numero uno) of een hartverwarmende visschotel uit Santa Monica. Thais eten of een sake bomb cocktail. Het lijken allemaal wel filmtitels. En in het eten zie je telkens de kracht van het samenvoegen terug. Wat te denken van een avocado- pesto–ricotta toast met chia zaad pudding. Die combi zag ik niet terug bij Nederlandse superfood bloggers. More is more zullen we maar zeggen. een Sophia bowl onder de hoge palmen in Hollywood. Matzeballensoep bij de grote studio’s. en tot slot een salad pizza in Venice. Tot slot nog wat basisrecepten en een adressenlijst van diners, deli’s en restaurants. Wat een feestelijke parade.

Maar de klapper zit voor mij in de fotografie. Zo hip, modern en gevarieerd als de keuken van L.A. is, Victor Garnier Astorino speelde het klaar alles in Technicolor vast te leggen. Niet iedereens smaak, maar Gereons Keuken Thuis vindt het een vondst. De filmische en retro kleuren van de gefotografeerde gerechten naast foto’s van Californische stijliconen. Dat maakt Recepten uit Los Angeles precies dat cult kookboek, dat je op je moet laten inwerken. Instant style!

Recepten uit Los Angeles, Victor Garnier Astorino (ISBN 9789059567535) is een uitgave van Fontaine en on- en offline te koop voor € 24,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Amsterdam Kookboek, recepten en verhalen.

 foto: cover Amsterdam Kookboek.

Amsterdam Kookboek, recepten en verhalen van culinair journaliste Laura de Grave. Gereons Keuken Thuis en de schrijfster van dit nieuwe kookboek hebben een aantal dingen gemeen. Onze liefde voor Neerlands hoofdstad, lekker fietsen door de stad, op zoek gaan naar leuke culinaire adressen en erover verhalen. Bovendien zijn we allebei import Amsterdammers, Laura sinds 2012 en ik sedert 1985. (Ja zo oud ben ik nu eenmaal) Laura’s Kookboek over Amsterdam is het gevolg van de wens van Laura om het roer om te gooien. Teksten schrijven kon ze wel, maar ze miste nog de broodnodige culinaire ervaring om zich in het vervolg culi journalist te noemen. Ze bedacht een plan. Laura meldde zich bij diverse restaurants en andere ambachtelijke keukens met de originele vraag: “Mag ik hier een dag komen werken, dan schrijf ik er een verhaal over?” Inherent aan onze stad zwaaiden de deuren open voor Laura. Want welke kok of ambachtsman is nu niet trots op zijn product? De aanpak werkte en inmiddels is ze een gevestigd culischrijver, die al heel wat publicaties op haar conto heeft staan. Haar mooie Amsterdam Kookboek is hiervan de apotheose. Een kookboek met typisch Amsterdamse, Nederlandse en multiculturele recepten, die zijn ingebed in de stad. Maar nog belangrijker vind ik de verhaallijn van het Centrum via Noord naar Oost naar West. Met de medewerking van al die oude en nieuwe Amsterdammers, die zich dagelijks inspannen om de lekkerste dingen te maken. Om de stad te laven. Een bijdrage aan het “terroir” van Amsterdam. Er staan voor mij niet veel nieuwe/onbekende adressen of specialiteiten in. De kracht van het boek ligt in de persoonlijke verhalen erbij. Van patissier Cees Holtkamp, slagerij Louman, over de enige echte ossenworst van de Wit, distilleerderij van Wees (waar ik tijdens de entreeweek van de UVA in 1985 de likeurproef wedstrijd won) en de oesters van Nam Kee op de Zeedijk. Wat een variatie. Ik ga niet alle deelnemers aan het boek opsommen, want het Amsterdam van Laura moet je zelf zien, proeven en voelen. Pannenkoeken in de Taksteeg bij Gartine, de koolraap van Rijks® of de stoofaal van stadsvisser Piet Ruijter. Allemaal verhalen en recepten, die de buik van Amsterdam laten zien, voorzien van sfeervolle foto’s van fotograaf Hans de Kort. (ook import) Ik kan er nog meer woorden aan wijden, maar mijn devies is, stap op je fiets met dit boek in je hand en ontdek de smaak van de  stad. Of zoals de schrijfster het zelf zegt: “Spring maar achterop!”

Amsterdam Kookboek, recepten en verhalen. Laura de Grave (ISBN 9789492037695) is een uitgave van Uitgeverij Brandt en is “liever lokaal” te koop voor € 25,00

N.B. Binnenkort verschijnt ook de Engelstalige editie, leuk voor je expat vrienden of buitenlandse gasten, die willen kennismaken met al het moois, dat Laura verzamelde.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

We eten thuis, Samuel Levie.

 foto: cover We eten thuis.

We eten thuis, 100 recepten uit de keuken van Samuel Levie. Altijd als iemand mij vraagt, waarom ik nooit een restaurant ben begonnen, heb ik altijd hetzelfde antwoord klaar: “Het is niet mijn ding om avond aan avond het zelfde repertoire op tafel te moeten zetten. Koken doe je thuis, het is ontspanning voor mij.” Levie bezigt een beetje dezelfde woorden in het voorwoord van zijn nieuwe boek. De Youth Food Movement en het restaurant waar hij werkte ontnamen hem de lust tot koken. Toen hij eenmaal aan andere activiteiten, zoals worst maken, begon, hervond hij zijn oude passie voor koken weer. Thuis koken! We eten thuis staat vol recepten om thuis voor je familie en je vrienden te maken. En daar heb je niet per se een grote keuken, die de Levies hebben, voor nodig. Lekker in de keuken staan met je geliefden om je heen. Want Samuel Levie is behept met het “kookgen“, ook geen onbekend verschijnsel in Gereons DNA. Op jonge leeftijd bracht hij vakanties in Cornwall kokend door, hielp zijn moeder met het bakken en jams maken. Vader Hugo leerde hem toetjes maken. En sinds een aantal jaren schrijft Levie wekelijks een food column in Het Parool.

Twee jaar koken volgens de seizoenen is samengebundeld in We eten thuis, recepten verdeeld over lente, zomer, herfst en winter. Met anekdotes, familiegeheimen, probeersels en klassiekers. Makkelijk te maken of ter inspiratie.

We beginnen in de lente, het favoriete seizoen van Samuel Levie. Voor hem betekent lente een nieuw begin, venkel, snijbiet en ganzeneieren. Waterkers en asperges passeren de revue. Hij gaat rivierkreeftjes vangen in de gracht. (hoe dat afloop?) De fishpie van zijn moeder. En Pesach, gezien zijn Joodse roots met seidermaaltijd ontbreekt niet. Langzamerhand wordt er aan tafel weer meer over Jodendom en de familiegeschiedenis gesproken. Al dan niet onder het genot van een klassieker uit de Joodse keuken.

Waar het in de lente nog een uitdaging kan zijn om gevarieerd te koken. Tijdens de zomer van Levie verdampt dit excuus onder de koperen ploert. Zo veel zomerse ingrediënten, zoals de linzen uit de buurt van het Bourgondische familiehuis, meiraapjes, bloemkool, een in de gracht gevangen harder, de smaken van Suriname, die Samuel leerde kennen via de familie van echtgenote Ragna. Kruisbessen, bramen, scheermessen  uit Bruinisse. Het moge duidelijk zijn dat de zomer een groot feest in Levie’s keuken thuis.

De herfst vraagt om een andere manier van koken. Het wordt kouder en donkerder. Levie gaat foerageren en op jacht. Wildstoof, tomatenjam, aligot, eekhoorntjesbrood, de pompoen natuurlijk en de emblematische Sunday roast van zijn ouders. Het leuke is dat Samuel Levie, net als ik altijd doe, een kippenbouillon maakt van het overgebleven karkas. Fazant en mierikswortel. In dit seizoen wordt eten thuis klassieker.

Winter is het kortste hoofdstuk. Misschien houdt de schrijver er niet van? Ingemaakte dingen, gatherings met de Engelse tak van de familie. Zelf zuurkool maken. Spruitjes. zomaar wat ingrediënten voor Levie’s winter. Vergeet vooral de risotto alla Milanese met merg niet!

Daarmee is het jaar rond en We eten thuis compleet. Een boek met makkelijke recepten, mooie foto’s, veel warmte en leuke illustraties. Een kookboek om als thuiskok direct mee aan de slag te gaan en prima studiemateriaal en tekstvoorbeelden voor foodbloggers (in spe). Want van Samuel Levie en dit boek leer je naast recepten koken, ook hoe verhalen te vertellen en te delen. Al dan niet aan tafel!

We eten thuis, Samuel Levie (ISBN 9789038804323) is een uitgave van Nijgh&VanDitmar en is “liever lokaal” te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Eataly, eigentijds Italiaans eten.

 foto: cover EATALY in herfstlicht.

EATALY, eigentijds Italiaans koken. “Een kookboek biedt misschien wel de perfecte gelegenheid om het eens te hebben over gezondheid, duurzaamheid, harmonie en allerlei andere zaken, die komen kijken bij onze voedselkeuzes”, zegt Oscar Farinetti, eigenaar en oprichter van de Italiaanse foodketen Eataly, met winkels in Italië en buitenland. De mare gaat dat wij er in 2018 ook kunnen verwachten in Amsterdam. Eten is een agrarische keuze, want uiteindelijk bepaalt de consument wat de boer verbouwt, teelt of fokt. Wat de visser vangt en de jager bejaagt. Soms creëert  het aanbod de vraag. Maar uiteindelijk is iedereen in de keten, boer, gast en kok, evenveel verantwoordelijk voor de kwaliteit van het eten. Mooie filosofische gedachte. Farinetti vindt dat de beste keuzes, de keuzes zijn die positieve emoties bij ons oproepen, de ontroering bij een herinnering aan een oud recept van moeder thuis, de euforie bij het proeven van een nieuwe smaak en het visuele genot van een mooi opgemaakt bord. Eten is alleen voeding, het is meer, zeker als je voeding duurzaam is geproduceerd en bijdraagt aan je gezondheid en welzijn.

De Italiaanse keuken geeft de filosofie  “Mangia bene, stare bene” vorm in een echte thuiskeuken, waarin de herhaalbaarheid van recepten en het terroir een verbond aangingen. Hieruit ontstond in de Bel Paese een rijke traditionele keuken, die tegenwoordig wereldwijd wordt beschouwd als een van de beste keukens. Italië kent een lange landbouwgeschiedenis, veel verschillende bodems, microklimaten, planten en diersoorten. Zij vormen de basis van EATALY, een enorme biodiversiteit , gebundeld in dit dikke kookboek met eigentijdse recepten. Eten verbindt. Laten we eens een tour door de laars gaan maken. Andiamo!

Antipasti, de traditionele start van de Italiaanse maaltijd, het opwarmertje in de vorm van gebakken polenta met lardo en truffel, een lesje over antipasto etiquette, kabeljauwballetjes, muffins met mortadella, kaassaus en balsamicoblokjes, uitleg over salumi en tong-hamrolletjes. Een buffet vol  thuis- en restaurantcreaties. Soepen in allerlei gedaanten zijn in Italië altijd een belangrijk gerecht geweest voor de contadini. Een hoeksteen van de samenleving, verfijnd of goed gevuld. De beroemde Toscaanse aquacottatortellini in brodo of een verfijnde paddenstoelen-zeeduivelsoepEATALY legt ook uit welke bouillon je gebruikt voor welke soep.

Pasta, vers en gedroogd, het fundament van de Italiaanse keuken, een hoofdstuk over de bereiding en het bewaren van verse pasta. Heerlijke primi zoals pappardelle  met konijn, gnocchi met cime di rapa of canederli met speck uit Alto Adige. Gedroogde pasta, zoals reginette met ragù of de wereldberoemde bucatini op de wijze van Amatrice.

Het fijne aan EATALY vind ik dat er bij elk gerecht een passende Italiaanse wijn wordt gepresenteerd of een extra katern met wat meer achtergrond over het gerecht. We reizen verder, via rijst, hartig gebak, vis en zeevruchten naar Vlees, voor sappige hamburgers, die tegenwoordig ook deel uitmaken van het Italiaanse dieet. Maar dan wel gemaakt van prime quality rundvlees, zoals het witte Val de Chiana ras. Een lesje in kwaliteitsvlees, ossobuco ontbreekt niet. Noch faraone, parelhoen, dat vaak op het menu staat. Weer een mix van thuis- en chefreceptenGroenten, belangrijk ingrediënt, voor panzanellaartisjokpakketjes en gefrituurde courgettebloemen.

Via granen komen we bij het hoofdstuk brood, focaccia en pizza. De controverse tussen de Napolitaanse en Romeinse pizza wordt uitgelegd, het zoutloze brood van Toscane heeft een plek, gistsoorten en creatieve focacciarecepten. #nowaste. Via kazen, desserts, zoet gebak komen we wel misschien bij het leukste hoofdstuk over warenkennis. Dat maakt dit kookboek zo bijzonder, de volledigheid en dat EATALY behalve bijzondere recepten een stuk kennis overdraagt. Want daar begon het tenslotte mee in de cucina casalinga. EATALY is een boek, om, telkens als je over Italiaans eten schrijft of praat, te raadplegen.

EATALY, eigentijds Italiaans koken. (ISBN 9789000356867) is een uitgave van Unieboek/HetSpectrum en is “liever lokaal” te koop voor € 45,00

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Het Wild kookboek, Jacques Hermus.

 foto: cover Het Wild kookboek.

Het Wild kookboek, de beste recepten voor elk seizoen, doorspekt met reportages. Ik ben een vreemde kookboekengebruiker. Ik kook nooit de recepten uit een boek, maar zie het als een geheel. Een kookboek moet voor mij een belevenis zijn, mij mee op reis nemen, mij voeden met nieuwe ideeën. Of zoals in het nieuwe boek van Jacques Hermus een glimp geven van een wereld, die ik niet van nabij ken. Storytelling noemt men dat tegenwoordig. Hermus nam Gereons Keuken Thuis al eens op sleeptouw met zijn “jongensboek” Het Wilde Eten, waarin hij je mee op avontuur neemt naar de geneugten van het erf, de eigen moestuin, visserij en foerageren. In zijn nieuwe boek Het Wild kookboek heeft Jacques een specifieker doel: de jacht! In de Achterhoek, het wild walhalla van ons land.

Laten we eens op verkenning gaan. Hermus’ boek start met een herinnering aan zijn ouders, die al handenwrijvend klaar stonden als jagers langs kwamen om een fazant, haas of ree te brengen. Zijn vader draaide zijn hand er niet voor om een haas te villen, waarvan zijn moeder dan een heerlijk gerecht maakte. Van kindsbeen tot op heden heeft de jacht Hermus gefascineerd. Hij zegt dat dit boek ontstaan is uit deze fascinatie en ging op onderzoek uit. Op bezoek bij de jager, zelf op jacht, de poelier en in Achterhoekse restaurants.

 foto: vederwild bij Strandlodge.

De Smaak van Wild. Wild is krachtig van smaak, maar ook van emotie. Een anonieme speklap of kipfilet uit de onzichtbare vleesindustrie is wat anders dan een verschrikte blik van een ree of het gefladder van een fazant. Het doden van dieren is nooit mooi. Maar jacht op wild is wel duurzaam. Dan is er de controverse tussen jacht en “plezierjacht”. Je zou er een pittige discussie avond over kunnen opzetten. Maar los hiervan is wild ook smaak en tegenwoordig in steeds meer een light jasje te verorberen in de Achterhoekse restaurants. Zonder zware sauzen, maar met finesse. Daar wordt hard aan gewerkt in één van de grootste jachtregio’s van het land. En als het je emotioneel raakt kun je het ook niet doen, jagen, plukken of rapen. Maar gewoon genieten van de schoonheid van wild. Je bent tenslotte in de natuur.

Deze inleiding wordt gevolgd door een hoofdstuk, wat wild is. In principe alles wat niet is gedomesticeerd.  Niet alle wild is geschikt om direct op je bord te belanden. Vos is niet te eten, net als meeuw of kraai. Ook damhert uit de Amsterdamse waterleidingduinen is niet van goede kwaliteit. Hermus poetst direct een mythe weg: wild is niet biologisch. Want het is nooit te achterhalen waar het dier van heeft gesnoept, een on- of bespoten akker. In het boek betekent wild de soorten, die volgens de kalender mogen worden bejaagd en vers worden gepresenteerd op je bord.

Nederland is een klein jachtland, zeker vergeleken met Frankrijk of Duitsland. Dat heeft zo zijn voordelen, want waar elders soms wat losjes met de jachtzeden wordt omgegaan, is er in ons land veel toezicht. Hermus legt het allemaal uit, gevolgd door beschrijvingen van “ons” wild, de verspreiding daarvan en waar het te eten in de mooie Achterhoek, waar je tussen bolakkers en zoombos veel wild kunt spotten.

De Jacht. Jacques Hermus besteedt veel aandacht aan het officiële jachtseizoen en de jacht buiten het seizoen. Tegenwoordig mag wild niet meer worden uitgezet voor de jacht. Het zwijn was bijvoorbeeld uitgestorven, totdat de prins gemaal Hendrik zwijnen uitzette bij het Loo. Een enorme populatie van wilde zijnen is hiervan nog steeds het gevolg. Of wat te denken van de damherten, die nog steeds de waterleidingduinen bij Zandvoort bevolken en elke dag smachtend achter het afsluitend hek staan, dat hen nog steeds de doortocht over het speciaal aangelegde ecoduct verbiedt. (dit terzijde) Jacques Hermus betoont zich hierna een echte jager tijdens zijn reportage. Hij vertelt hoe je jaagt, wat je nodig hebt en welke hond je gezelschap houdt. Ik wist niet dat er verschillende taken bij verschillende honden passen. Tot slot een jachtkalender en wat terminologie.

We gaan de keuken in. Waar haal of koop je wild? Heel belangrijk het besterven. Hoe wild te bereiden? Met verhalen van de poelier en de chef. Het garen komt aan bod. En er moet natuurlijk gedronken worden, wijn uit de Achterhoek, biertjes of bitters. De garnituren bij het wild komen aan bod, van paddenstoelen via bessen tot noten.

 foto: hotel Bakker in Vorden.

Aan de slag met de recepten. Hermus verzamelde mooie wildrecepten van 19 restaurants in de Achterhoek, van Hummelo tot Winterswijk, van Ulft tot Groenlo. De Achterhoek is bezaaid met mooie wildrestaurants en dito gastvrijheid. Zo merkte Gereons Keuken Thuis ook tijdens een trip die ons oktober 2016 door de streek voerde.

Soepen en voorgerechten, winterse preisoep van de Hoofdige boer of een salade van reeham bij Hotel Bakker in Vorden. Hoofdgerechten passeren de revue. Wild-zwijnsrugfilet op de wijze van Boetiek Hotel Restaurant  Bonaparte, Smient van Ellens Restaurant of een tajine van Achterhoeks reebok. Allemaal beschreven in verbluffend makkelijk te maken recepten. De klassieke hazenpeper van Landhotel de Hoofdige Boer, fazantenborst met rookworst en spek van Hotel Café Restaurant de Gouden Karper of Haas in de wei van Strandloge in Winterswijk. Ik kan nog wel even doorgaan. De bijgerechten, een aardappel rösti taart van Hampshire Hotel Restaurant Avenarius, spruitjes met zongedroogde tomaat en sjalot van Havezathe Carpe Diem of spannende cantharelkroketjes van Restaurant de Woord. En hete bliksem, een jeugd dingetje in Gereons Keuken Thuis. Hermus besluit met sauzen en basisbereidingen. Likkebaardend lekker allemaal. En mocht je het niet thuis willen bereiden. Achterin het boek staan alle adressen, waar je gastvrij wordt ontvangen om te genieten van al dat wild uit de Achterhoek. Spring in je auto en ga het beleven.

Wat een boek heeft Jacques Hermus geschreven. Vol heerlijk eten en verhalen. Het Wild Kookboek is gewoon één bonk terroir!  Een must read!

Het Wild kookboek, de beste recepten voor elk seizoen, Jacques Hermus. (ISBN 9789059568044) is een uitgave van Fontaine en is “liever lokaal” te koop voor € 24,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

SuriMAM Cooking.

 foto: cover SuriMAM cooking.

SuriMAM cooking, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken. Dat is de zussen Moreen, Aretha & Martha wel toevertrouwd. Zij namen de passie voor en “het –soso lobie– met liefde” bereiden van eten over van hun moeder, die in de jaren zestig naar Nederland verhuisde. Eten was altijd een feest bij de zussen thuis. Oma’s en tantes sneden de ingrediënten en de kinderen scharrelden rond in de keuken. Op deze wijze kregen de drie dames hun familieverhalen en keukengeheimen met de paplepel in gegoten. (Of eten ze in Surinaamse gezinnen geen pap?)

De moeder van het drietal verhaalde hoe zij op het platteland opgroeide. Heel andere beleving dan de flat in Dordrecht en later in Amsterdam. Inmiddels kennen de zussen het land van herkomst op hun duimpje en denken vaak aan de geur van bloemen, planten en kruiden langs de dreven. Nippend aan gemberbier onder de zwoele tropische avondluchten. Hun groene moederland. De basis van hun met –soso lobie– bereiden van eten.

Ik moet bekennen, dat ik niet veel weet van de keuken van Suriname. Niet uit desinteresse, maar de focus van Gereons Keuken Thuis ligt toch vooral in het Europese bassin. Daarnaast, dat is een minder positieve herinnering,  hadden voormalige collega’s de gewoonte om tussen de middag Surinaamse broodjes en roti te halen bij Tjin’s. Als deze maaltijd in de kantoortuin was genuttigd rook de afdeling de hele  middag naar vet. Persoonlijk vond ik het altijd vrij zwaar eten. De tjauw min soep van een warung naast het huis met de kabouters aan de Ceintuurbaan was daarentegen wel heerlijk en evenwichtig. Tijd dus voor een hernieuwde kennismaking met de Surinaamse keuken.

Suriname is een smeltkroes van culturen, Indianen, Creolen, Hindoestanen, Javanen en Chinezen deden een spreekwoordelijke duit in het “culinaire” zakje van dit land. Een klein stukje Libanees, een beetje Joods of Hollandse kost erbij en je hebt een echte melting pot. Het boek start met de Surinaamse voorraadkast en uitleg over ingrediënten. Tegenwoordig zijn deze producten natuurlijk overal te koop.

Het eerste hoofdstuk, “Tang boengswiti srnanan” verhaalt over de koloniale periode en de herinneringen, die de moeder van Moreen, Aretha & Martha hieraan heeft. Daarbij horen de emblematische bruine bonen met rijst en kip, gele pesie (erwten) met karbonade en rijst of  het nostalgische gerecht roti en de tjauw min. Laten we vooral de pom niet vergeten. De jaren 70 waren de tijd voor de zussen van het avondje AVRO. ’s Middags gonsde het al in de keuken om de hapjes klaar te maken, voordat Toppop en Hans van der Togt (wie had daar geen crush op?) hun gewag maakten op de kijkbuis. Vis als kwie kwie masala met oker, telo (gebakken cassave) met bakkeljauw, kokos koekjes en limoenwater op de bank!

Een dagje op stap. Als er familie opgehaald moest worden van Schiphol ging dat natuurlijk niet zonder slag of stoot. Er ging proviand mee. Bojo (cassavetaart), schuimpjes en gemarineerde kippenvleugeltjes. Picknicken is nog steeds een favoriete passtime van de Surinaamse gemeenschap. Een glas markoesa siroop erbij en eten maar. Via feestmaaltijden belanden we in de jaren tachtig van de vorige eeuw. De meiden gingen graag op stap in de hoofdstad en het uitgaan voegde soul aan hun leven toe. Op hun feestjes is er naast Surinaams eten is altijd een DJ booth, want naast lekker eten moet er worden gedanst. SuriMAM geeft recepten voor vrolijke snacks, Surinaamse broodjes met kip-kerrie, kousenband, pom en bakkeljauw. Of voor broodjes met kippenlevers of zalmsalade. Als andere feestelijke hapjes ontbreken schaafijs, een rumpunch of gekleurde flensjes met kokos niet. Alles vrolijk gefotografeerd, de kleur spat van de bladzijden af.

Het laatste hoofdstuk gaat over “losie foeroe” de Surinaamse familie-barbecue. Ik zie dat regelmatig in het Gaasperpark. Lekker sporten, een duik in het water en dan eten –soso lobie– met een Parbo biertje in de hand. Ze weten er wel een feestje van te maken. Trouwens de zussen weten dat met hun boek SuriMAM, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken, ook. Ik zou direct willen aanschuiven. Want soul heeft dit boek!

SuriMAM, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken. Moreen, Aretha & Martha Waal. (ISBN 9789024577675) is een uitgave van Luitingh-Sijthoff en is o.a. te koop bij Scheltema (waar de dames regelmatig koken) of elders. Het boek kost € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De smaak van bloemen, Julia Voskuil.

 foto: cover de smaak van bloemen.

De smaak van  bloemen, tuinieren en recepten met eetbare bloemen. Net als je denkt dat het #alfresco en balkonteeltseizoen een beetje over begint te raken, ploft dit vrolijke boek van Julia Voskuil op de mat. Een kookboek, dat twee grote passies van mij combineert. Koken en rommelen met bloemen en planten op mijn stadse balkon. Lekker zaaien, oogsten en opeten. Alhoewel meestal bloemen van het balkon in een vaasje belanden in plaats van op het bord. Een enkele knaloranje Oost-Indische kersbloem daargelaten of een solitaire dahlia als decoratie. Dat is het zo ongeveer.

De smaak van bloemen is een hommage aan Elisabeth de Lestrieux. (1933-2009) Tuinboekenschrijfster en zover ik me kan herinneren televisie presentator. In 1977 verscheen haar eerste tuinboek. Vele andere boeken volgden. Deze dame heeft maar liefst 50 boektitels op haar naam staan en deze nieuwe titel is een knipoog naar haar boek uit 1991. Want meer dan 25 jaar later is de koken met en de consumptie van bloemen meer dan hot te noemen. En gezond, maar dat vind ik niet het meest belangrijke.

 foto: Oost- Indische kers

Voskuil start in de lente, het seizoen waarin eerst de ui- en lookachtigen ter tafel komen, of bernage (komkommerkruid), de pinksterbloem. Allemaal met beschrijving en culinaire gebruiksaanwijzing. De anjer bijvoorbeeld, nooit geweten, dat die eetbaar was. Julia Voskuil sprak ook met experts, zoals Claudia smultuin Reina, die recepten geeft voor een gele snijbiet stamppot, rozenwater en een smeuïge baktaart met pruimen. Gert Tabak, fotograaf gaat voor dagleliesoep. Rob koppertcress Baan zou van Nederland de gezondste delta willen maken.

De zomer van Voskuil is er één met duizendblad, de bloem van de stokroos, de begonia en knalroze bergamot, met het aroma van Earl Grey. Ook de geranium is eetbaar, volgende keer bij het plukken in de zomer daar eens aan denken. Yuri Verbeek, zelfstandig topchef bij de kokkerie noemt bloemen het takje peterselie van weleer. En zeg nu eerlijk een bonbon van witte chocolade, Sambuca en lavendelsuiker is toch niet te versmaden? Lavendelzout trouwens ook niet voor bij je vis en op de foccacia. Arthur villa augustus van Brug kookt ook graag met bloemen, saliebloemen voor op een pizza.

 foto: sunny dahlia.

Dan komt de herfst, met citrusgeuren. Ik moet ooit nog eens een sinaasappelboompje scoren, want azahar (Spaans voor sinaasappelbloesem) is een favoriete geur van mij. Dahlia, mijn balkon staat er nu half oktober nog vol mee. De bellenman of fuchsia, die ook bessen geeft. Herfstkleur en geur. RozenbottelpeppadewsKruudmoes een streekgerecht met Roomse kervel. Het boek eindigt met de winter, het madeliefje, de camelia, het winters viooltje. Ook in de winter kun je koken en decoreren met bloemen. Bijvoorbeeld in de kreeftenrisotto van Tom ‘t Soerel Oudshoorn.

Tot slot nog wat praktische tips en een eetbare bloemen A-Z. Een heerlijk en praktisch boek, de smaak van bloemen, dat ik bij de start van het nieuwe balkonseizoen zeker ter hand ga nemen.

De smaak van bloemen, tuinieren & recepten met eetbare bloemen, Julia Voskuil (ISBN 9789089897367) is een uitgave van Terra en is te koop voor € 24,99.

 foto: funky pastasalade met rode dahlia.

 A propos! Mocht je nu liever bloemen in een vaas hebben staan in plaats van dat ze op je bord liggen? Ga dan eens met je vaas naar Dennis mooi anders bloemen Lanzaat. Sinds ik dit boek heb gelezen voor mij een culi-adresje of moet ik zeggen snoepwinkel.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Dagelijkse kost 2, Jeroen Meus.

  foto: cover Dagelijkse Kost 2.

Dagelijkse Kost 2, koken met gezond verstand. Op de zondagvooravond gaat Gereons Keuken Thuis er altijd even voor zitten. De weekeditie op Eén van Dagelijkse kost, mijn apéro TV moment, met Jeroen Meus, die schalks aan den kook gaat met makkelijke, maar ook mooie klassieke gerechten. Glas in de hand en genieten van al dat eten. Jeroen Meus is geen onbekende in Vlaanderen en daarbuiten. Dagelijks maakt hij een kostje voor honderdduizenden kijkers. Echt eten, van bij ons, zoals hij pleegt te zeggen. Altijd met een kwinkslag en voor iedereen te maken. Met liefde.

Ik begrijp wel, dat deze kok en TV chef zoveel boeken verkoopt. Iedereen wil toch wel zo’n razende Roeland – ik bedoel Jeroen- in de keuken hebben staan? Nu is dat natuurlijk niet direct mogelijk, maar je kunt wel aan de slag gaan met de gerechten uit Dagelijkse kost 2.

Jeroens nieuwe boek start met een persoonlijke brief aan de lezer. Hij resumeert de dag, zijn wandeling in het bos, de heide in de herfst, kinderen op schoolreis met thuis gesmeerde en geplette boterhammen. Eenmaal thuis een slok water. Jeroen beeldt zich in dat het water uit een koele bron komt. Beeld het je in en smaak krijgt instant een extra dimensie! Italiaanse chef Antonio Carluccio krijgt driewerf gelijk van hem. Vers geoogste erwtjes, zoontje George at een in suiker gedoopte stengel rabarber. Allemaal mijmeringen doorspekt met herinneringen van zijn eigen jeugd. Daar gaat het om, herinneringen aan eten. Het kunnen nooit hypes zijn, aldus Jeroen. Eten moet worden gekoesterd, nooit geclaimd. Gerechten vertellen ons veel over wie we zijn. Dat is eten voor Jeroen Meus: zonder franje, maar koken met zijn gezonde verstand.  Een boek met 101 nieuwe recepten, waarmee je jouw dagelijkse portie geluk kookt!

Daar gaan we dan. Dagelijkse kost 2 heeft geen structuur, geen hoofdstukken. Het gaat over vlees, vis, veggie, pasta & pizza, salade, soep, uit het vuistje en dessert. Lekker door elkaar en de paginanummers staan erachter. Dus wat je wilt maken is snel te vinden. Ook in het register, dat op ingrediënten is gesorteerd. Tussendoor nog wat basisbereidingen. Duidelijk zat.

Koken is liefde tonen. Met een recept voor stromboli, een duidelijk recept met een tip onderaan om zelf eenvoudige tomatensaus te maken. Tomatensoep met krab. Nee, niet het schaaldier, maar varkenskrabbetjes. Een vidé, wij noemen dat pasteitje in Holland, met bospaddenstoelen en schorseneren. Een rijke vispan met prei. Klassieke kalfsfricassee. Rillettes met toast voor bij de apéro in Gereons Keuken Thuis, instant plezier. Mosselkroketjes, bierke erbij. Zoete babas au rhum met sinaasroom, een hedendaagse twist van de cakejes waar de hertog van Lotharingen zo dol op was! Vooruit, ik noem nog de Luikse balletjes en de hachis van konijn en witloof! Die laatste gaat Gereons Keuken  Thuis  zeker deze winter maken. Wat een gerechten allemaal. Een boek vol hedendaags en klassiek eten. Meus verstaat zijn vak, dat blijkt maar weer eens met Dagelijkse Kost 2. Een boek met 101 recepten, gelardeerd met foto’s van de kost en dagelijkse kiekjes van Vlaanderen. “Alleen in de keuken moet je soms iets opkloppen” De rest is gezond verstand! Mooi motto.

Dagelijkse Kost 2, koken met gezond verstand Jeroen Meus (ISBN 9789022334232) is een uitgave van Manteau en kost € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

SWEET, Yotam Ottolenghi & Helen Goh.

 foto: cover SWEET.

SWEET, de nieuwe loot aan de stam van alle Ottolenghi boeken. Met dit boek gaat de succesvolle horeca entrepreneur en kok Yotam samen met patissière Helen Goh op ontdekkingsreis langs zoete smaken, taartjes, koekjes, cakes en desserts. En hij gaat terug naar de tijd, dat zijn werk bestond uit het luchtig kloppen van eiwitten. Nog steeds zijn in Londen grote meringues  onlosmakelijk verbonden met Ottolenghi. Het handelsmerk van zijn deli in Islington. Net als de gewoonte van deze man een verbond te sluiten met een ander, waardoor er mooie boeken ontstaan, zoals Plenty, Jerusalem en NOPI.

Drie jaar lang hebben Goh en Ottolenghi gewerkt aan dit boek, dat ze in eerste aanleg SUIKER wilden noemen, omdat je nu eenmaal bij gebak niet ontkomt aan suiker. Alle modes ten spijt.  De schrijvers vinden dat suiker er nu eenmaal bij hoort. Het hoort bij de overvloedige stijl van Ottolenghi’s kookkunst. SWEET vervult beiden met vreugde. Aan de slag dus bakkers. Nu is Gereon Keuken Thuis meer van de consumptie dan het bakken, maar dat neemt niet weg dat ik SWEET een heel inspirerend boek vind. Anders dan bij koken is bakken een veel technischer iets. De hoeveelheden en processen moeten kloppen. Hier ontstond de grote vriendschap van Helen en Yotam. Ontstaan rond een stuk taart. Helen, eigenlijk psychotherapeute uit Australië kwam rechtstreeks van de boot in Ottolenghi’s zaak terecht en is nooit meer verdwenen uit de patisserie. Samen bakten, proefden en bedachten ze creaties voor SWEET. Doordat ze inmiddels beiden een gezin hebben zijn deze sessies wat schaarser geworden, maar als ze elkaar treffen is het gespreksonderwerp direct gevonden.

SWEET is geen bakboek, maar meer. Het is het resultaat van kennis bundelen. Het boek start met biscuits en koekjes, makkelijk en snel te maken, weinig keukengerei, weinig gedoe en de kinderhand is direct gevuld. Met bijvoorbeeld pindakaaskoekjes, amandelwafeltjes en kattentongen. Ja zelfs Hollands gevuld speculaas, dat Yotam leerde kennen via Amsterdamse patissier Cees Holtkamp. Tot slotte noem ik de Garibaldi’s, die wij sultana’s noemen.

Minicakes, daar zijn Goh en Ottolenghi dol op. Een traktatie waar je iedereen blij mee maakt. Het vergt iets meer keukengerei, vormpjes en bakplaten. Mooie creaties zoals Perzische liefdescakes. De beroemde madeleines met saffraan, honing en sinaasappel. Cupcakes, waarvoor zelfs de #ACBM een uitzondering maakt! Door het gebruik van halva en tahin zie je ook de Levantijnse achtergrond van Ottolenghi terug. Tot slot wil ik de Guinnesscakejes met chocola en Baileys noemen. Dit lijkt wel een Iers gedicht.

Het grote werk in SWEET, cakes en taarten. Het valt me op dat de schrijvers veel werken met likeuren, rum of andere destillaten. Heb je kinderen of wil je geen alcohol? Laat je het weg. Ondanks dat de recepten uitgebreid beschreven worden is het natuurlijk altijd mogelijk je eigen draai te geven aan je taart. Ik las over een taart van rode biet met gember en zure room. Ik als niet super zoetekauw zou deze smaken wel kunnen waarderen. Druiven- of Cleopatrataart, dat klinkt adellijk. Of wat te denken van de fruitcake met grappa?

Ik maak een sprong naar kwarktaarten. Nergens is het ontleden van recepten zo belangrijk als bij deze taarten, die zowel warm als koud worden “gebakken”. Passievruchtenkwarktaart met gekruide ananas, wat exotisch.

SWEET vervolgt met platte taarten, van klassieke open vruchtentaarten tot kleine tartelettes met vijgen, rijst of een pistache-frangipane. Hier lijkt het een beetje op de klassieke Franse patisserie. Maar anything goes voegt de charmante Ottolenghi eraan toe. In dit hoofdstuk ontbreken de Mont Blancs met kastanjecrème ook niet. (en die vind ik lekker)

Is er nog ruimte voor een toetje? Desserts spelen een grote rol in de keukens van Ottolenghi. Heel wat desserts zijn er voorgeschoteld aan de gasten. Wat te denken van ricottaflensjes met vijgen, honing en pistachenoten? Of een frisse yoghurt pannacotta met basilicum en gehakte aardbeien? Fris en sweet. Als laatste noem ik de grapefruitsorbet met campari. Dat noem ik geen dessert maar een cocktail. Tot slot geeft het tweetal nog wat recepten voor snoeperijen, gevolgd door wat algemene productkennis.

SWEET is een boek om door te lezen, het proces te doorgronden en over na te denken. Dat vind ik zo knap aan deze twee schrijvers. Starten met ontleden en dan weer opbouwen. Heel precies. Anders dan de felle cover doet vermoeden is het geen boek vol hedendaags visueel geweld. Daar houd ik van. In mijn optiek draait het om de uitleg.  SWEET is waardige nieuwe loot aan de Ottolenghi boom. Ik moet maar snel eens een bakcursus gaan volgen, misschien wel bij dit duo!


SWEET, Yotam Ottolenghi en Helen Goh (ISBN 9789059567580) is een uitgave van Fontaine en is on- en offline te koop voor € 29,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer