Vincente Gandia @Vida.

 foto: Hoya de Cadenas.

Vincente Gandia @VidaGereons Keuken Thuis fietst vaak door de Valeriusstraat en komt dan altijd langs cerveceria y taperia  Vida  Enfin, ik stopte er op deze zonnige maandag. Niet voor una cerveza, maar om te proeven van de mooie wijnen van Vincente Gandia, al meer dan 130 jaar gepassioneerde wijnmaker uit de Communitat Valenciana, tevens eigenaar van een heus museum voor moderne kunst. Kunst in de vorm van beschilderde wijnvaten, die vrolijk op het terras stonden te pronken.

 foto: tonnen op het terras.

 

De familie Gandia was de eerste die wijnen uit Valencia e.o. op de fles gingen verkopen. Tegenwoordig verkopen ze wijnen uit heel Spanje, van een Hoya de Cadenas Organic sparkling, via Nebla verdejo, een kloeke albariño uit Noordwest Spanje met de naam Con un par tot rood uit Rueda en Ribera del Duero. Een mooie collectie van al het moois, dat Spanje te beiden heeft.

Een hernieuwde kennismaking voor mij, omdat ik tijdens de Horecava al kennis maakte met hun virtuele tour van het landgoed en thuisbasis Hoya de Cadenas, 100 km ten westen van Valencia. Met een bril op je hoofd op pad gaan door de wijngaarden en proeven. het stond allemaal op het menu deze middag. Wijn, tapas en arty wijntonnen. Voor de gelegenheid hadden tien kunstenaars de oude wijnvaten beschilderd en uiteindelijk één winnaar komt in het museum van de Gandias te staan. Het werd uiteindelijk een vat bekleed met rood en zwart vilt.

 foto: rojo y negro op het wijnvat.

Dan de wijnen, die ik dronk, te beginnen met een Hoya de Cadenas biologische cava, gemaakt van macabeo druif en tintelend fris en tegelijkertijd droog op de tong. Een oestertje erbij en het feest kon beginnen.

 foto: de biologische cava.

De volgende witte wijn was een verdejo met de mooie naam Nebla uit Rueda. Druiven geplukt in de nachtelijke mist om zo alle fruit en frisheid te bewaren. Een heerlijke strakdrogegrassige verdejo met een hint van venkel en veel fruit. Ging prima bij de lekkere belegde bocadillos.

 foto: Nebla verdejo

Con un par albariño, met een paar. Een witte wijn uit de Rias Baixas om te pairen met vis, oesters of kreeft. Doe peer, meloen, witte perzik en citrus in de blender, voeg een tikje fris zuur toe en je hebt deze heerlijke zomerse witte wijn.

 foto: Con un par. ¡Disfrutálo!

Een heerlijke zomerse middag, waar het goed toeven was tussen de vaten op het terras van Vida, in het Amsterdamse zonnetje. Aan rood is Gereons Keuken Thuis deze keer niet toegekomen. Geeft niets, er valt nog zoveel te ontdekken bij Vincente Gandia. ¡Viva el vino y la vida!

 foto: wijnvat Vida in de zon.

De wijnen van Vincente Gandia worden in Nederland geïmporteerd door Oud Reuchlin en Boelen en zijn te koop in horeca en geselecteerde winkels.

De kracht van kruiden.

 foto: cover De kracht van kruiden.

De kracht van kruiden, smaken uit de Kruidfabriek. Aan de Amstel net onder Ouderkerk ligt het terroir van Peter Lute. Hij kan zich verwonderen over de rijkdom van geuren, die hij ontwaart als hij zijn hand door de planten in de berm haalt. Hij kan zich verwonderen over een nieuwe muntsoort uit de Ardèche. Zonder een kruidenmessias te willen zijn kan hij tegen mensen roepen: “Ruiken jullie dat niet?” Een nieuwe passie was geboren voor deze cuisinier, koken met kruiden. Om zijn nieuwe passie vorm te geven werd Restaurant Lute een heuse Kruidfabriek, op het terrein dat eerst diende als kruitfabriek. Een waar hof van Eden vol kruiden en smaak. Peter Lute veranderde zijn kookstijl niet, maar voegde kruiden en spice toe. Let’s spice things up.

Het boek start met een aantal kruiden- en specerijenpaspoortjes. Lute werkt nauw samen met biologische kruidenkweker Frank Radder. Hij schreef de kuidenpaspoortjes van basilicum via daslook tot aan zuring. Ook besteedt het boek aandacht aan specerijen en mengsels.

Smaken zijn de kortste en lekkerste weg naar onze emoties. Peter Lute wil deze in De Kracht van kruiden met je delen, van zijn eerste crème brulée tot een nachtelijke béarnaise. Kort wordt uitgelegd hoe je ruikt en smaak beleeft en welke werking je olfactorisch geheugen heeft. Ik kan me daar veel bij voorstellen, omdat je op dezelfde wijze een reeks aan wijngeuren – en smaken vastlegt.

Het boek gaat verder met het werken met kruiden en specerijen, gedoorgd of vers. Elke soort heeft zijn specifieke bewerkingen. Lute geeft een aantal basisbereidingen voor kip, rund, lam, varken en vis.

 foto: oerbiet met krokante feta en dille

Hierna volgen de gerechten en die zijn prachtig, zoals een bosui met hazelnootcrème, Oost-Indische kers en pimentón poffertjes. Warmgerookte makreel, piccalilly en Oost-Indische kers. Of iets makkelijker, forel met Zaanse mosterd en witlofsalade. Verder gaat het met smaakbommen van Moeder Natuur, zoals gepofte rode ui met messeklever, hazelnoot en dragon. wat een smakn op één bord. Of Caveman prei. Gereons Keuken Thuis kan nog wel even doorgaan, bijvoorbeeld een ras-el-hanout blini met vegakaviaar, mosterdsla en viooltjes. (Misschien iets voor een volgende editie van de vega wijnwandeling?)

Als laatste geeft Lute het voorbeeld van het takje rozemarijn van El Bullí, waarvan de geur zich nestelde in je handpalmen. wat een reuk- en smaakbeleving.

De kracht van kruiden is een mooi basis-kookboek geworden met duidelijke uitleg over kruiden en specerijen, de toepassing ervan en het gebruik in de uiteindelijke recepten. Eerlijkheid gebied wel te zeggen, dat ik de gerechten van Peter Lute eerder in zijn restaurant zou willen opeten in plaats van zelf maken. Alhoewel je ook de onderdelen met kruiden uit de recepten een eigen draai kunt geven. (Zo werk ik in Gereons Keuken Thuis, kook nooit volgens het recept) Voor de volleerde en precieze (thuis)kok is het een prima boek.

De kracht van kruiden, Peter Lute (ISBN 9789048836307) is een uitgave van Carrera en is te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gegeven tijdens de #CPL2017 door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Onglet à l’échalote van Thomas culinair.

foto: de feestelijke Franse boucherie

Onglet à l’échalote van Thomas Culinair. Deze gastblogger is geen onbekende op Gereons Keuken Thuis. Eerder zond Thomas al een recept in voor heerlijk herfstig stoofvlees met bokbier in de serie mannelijke foodbloggers vertellen en toen wij onlangs contact hadden in het kader van de Franse zomerweken verblijdde hij mij direct met een recept voor longhaas. Onglet! In Frankrijk een gewoon stukkie vlees. In Nederland wat minder bekend, maar daarom niet minder bemind. Ik kijk mijn ogen altijd uit bij grote vleeswinkels zoals Carnivor, die je overal in Frankrijk vindt. Ze hebben daar allerlei delen van het rund, waarvan wij nog nooit hebben gehoord. Voor allerlei verschillende bereidingen.

foto: onglet (carnivor.fr)

In de bistro’s van Parijs en de bouchons van Vieux Lyon is longhaas een frequent geserveerd stuk vlees. Met gebakken uien of sjalotjes, au sauce marchand de vin, pepersaus of sauce roquefort. Sauzen zijn belangrijk in de Franse keuken.  Smullen en dan het laatste restje saus met een korst van je bord af halen.

Thomas Jansen legt op zijn blog uit:

Wat is longhaas of onglet? De longhaas krijgt in Nederland steeds meer bekendheid. In Parijse restaurants staat longhaas, of onglet al jaren op de kaart. Dit vlees moet rijpen om lekker mals en sappig te worden. De longhaas laat de longen bewegen en is de middenrifspier van het rund. Het is een relatief onbekend, maar een erg smaakvol stuk rundvlees. De longhaas moet je even kort aanbakken, want het kan al snel minder mals worden als je het lang bakt.”   

Vandaag het recept van Thomas Culinair voor longhaas met sjalotjes, onglet à l’échalote. En als je dan toch in de Vallée du Rhône wil blijven drinken we er een rode Crozes Hermitage bij.

 foto: onglet à l’échalote van Thomas.

Nodig: 

1 longhaas
2 sjalotten
1 blaadje laurier
rode wijn
olijfolie
boter
peper en zout
wat kiemgroente of peterselie voor garnering

 

Bereiding:

Laat de longhaas minimaal een uur van te voren buiten de koelkast op kamertemperatuur komen. Zet een pan op het vuur en laat goed heet worden. Smeer de longhaas in met olijfolie en strooi er vervolgens wat peper en zout op.Leg de longhaas in de pan en bak de longhaas rondom in enkele minuten mooi bruin. Doe er op het laatst een klontje boter bij en laat even meebakken. Haal de gebakken longhaas daarna uit de pan en laat zo’n 10 minuten rusten onder aluminiumfolie. Maak ondertussen onderstaande sjalottensaus in het bakvocht van de longhaas.Snijd de gebakken longhaas voor het serveren in mooie schuine plakjes.Snijd de sjalotten in halve ringen en doe in de pan. Bak even aan tot ze wat kleur krijgen. Blus ze vervolgens af met een flinke scheut rode wijn en voeg daarna een laurierblaadje toe. Roer goed door en laat de sjalottensaus nog zo’n 10 minuten inkoken. Schenk bij het opdienen wat van de sjalottensaus over de gebakken longhaas.

Snijd de gebakken longhaas in mooie dunne plakjes en leg ze dakpansgewijs op het bord. Schenk er wat van de sjalottensaus over en maak het af door wat kiemgroente over te strooien. Natuurlijk kun je ook peterselie gebruiken. De gebakken longhaas smaakt heerlijk met een eenvoudige salade en verse frites.

Meer leuke recepten van Thomas Jansen, bijvoorbeeld voor een bavette of filet mignon lees je op Thomas Culinair

In een Franse keuken.

 foto: cover In een Franse keuken.

In een Franse keuken aan de Rue Tatin in Louviers, een stadje in Normandië, is Susan Herrmann Loomis vaak te vinden. Daar kookt zij, al dan niet met cursisten, de sterren van de hemel. “Het ware geluk begint bij goed eten” is een citaat van Auguste Escoffier. En Susan kan dit alleen maar beamen. Zij streek in de jaren tachtig neer in Parijs en volgde daar een opleiding aan het instituut La Varenne, het begin van haar culinaire carrière. Ze settlede zich in een klein stadje in Normandië en begon een kookschool, On Rue Tatin. Tegenwoordig één van de betere kookscholen in Frankrijk.

Over haar avonturen met en in het Franse leven, schreef Susan al eerder de boeken Aan Rue Tatin en Tarte tatin. Zij vertelde mij hier alles over in een aflevering van gesprekken en gerechten op Gereons Keuken Thuis. Ik maakte voor haar een recept voor navarin printanier. Het was het begin van een leuk contact.

 foto: Rue tatin Louviers

En nu is er In een Franse keuken, haar nieuwe boek, waar ik reikhalzend naar heb uitgekeken. Hoe doen Fransen dat toch is de hamvraag. Na een drukke dag, kinderen van school halen, eten koken en dan ook nog de tijd hebben om gesoigneerd aan tafel te gaan? Susan wilde het antwoord weten en ging ten rade bij vrienden, marktkooplui, kennissen en winkeliers. Het eerste antwoord is de oprechte liefde van de Fransman of -vrouw voor eten. Het is de basis van hun joie de vivre, een instinct. Ik ken dat gevoel wel. In Gereons Keuken Thuis sta ik op met eten en ga ermee naar bed. Susan ontdekte deze geneugte bij haar aankomst in Parijs. De zachte geur van een croissant au beurre. Die voerde haar mee het Franse leven in. Haar passie voor eten ontvlamde. Een voorbeeld van perfecte Franse organisatie is haar vriendin Sophie. Na een lange werkdag smijt ze haar handtas in de hoek en gaat aan de slag dans la cuisine, om er een uur later, weer met haar hakken aan en verse lippenstift op, uit te komen met een heerlijk maal! Haar man schenkt de wijn in. Comme ça. Simple. De zwier waarmee, dat gaat.

 foto: Susan dans sa cuisine.

Het boek besteedt aandacht aan snacken. Dat doen Fransen namelijk niet. Ongemerkt dingen in je mond proppen. Eten doe je aan tafel met aandacht en voor de kids is er na school een koekje of sandwich. C’est ça. Ook de rol van mamie, oma komt aan bod in het boek. Veel Franse gezinnen koken nog hetzelfde  als oma deed. Overgeleverde recepten, die van moeder op dochter of zoon gingen. Waarom? Zo is dat nu altijd geweest. Mamies wijsheden zijn de règles de vie. In een Franse keuken geeft in een kader de leukste keukenwijsheden van mamie.

Een belangrijke regel is dat je je keuken goed organiseert. Fransen zijn erg goed in het koken op de vierkante meter. Ik ken dat verschijnsel uit Mancey in Bourgondië, waar het keukentje niet groter was dan 2,5 vierkante meter.  En waarin elke centimeter werd gebruikt. In veel Franse huizen is dat zo en elke Franse keukenprins of prinses weet er een heerlijk driegangenmenu te produceren. Dat heeft gewoon met organisatie te maken.

 foto: à table

Boodschappen doen is ook zo’n hobby van de Fransen. De bakker, slager, poelier, patisserie, visman en weekmarkten houden zich nog steeds staande in stadjes als Louviers. Het is behalve smikkelen en smullen van verse kwaliteitswaar ook de sociale lijm. Winkelen verbindt.

Daarna gaan we de keuken in. Te beginnen met salade. Die wordt als laatste gegeten. Kaassoorten, waarvan er net zoveel zijn als dagen in een jaar. Het zoete dessert. Het Franse ontbijt met koffie of Banania, een chocoladedrank uit begin 20e eeuw. Dopen maar die croissant of opgepiepte snee brood, want zuinig als ze zijn er wordt niets weggegooid. Ook geen brood!

Susan neemt je verderop in het boek mee door een dozijn kooktechnieken, essentieel voor een Franse maaltijd, het maken van sauzen, integraal onderdeel van de cuisine Française. Karamel maken voor patisserie. Het smoren van groente en laat ik als laatste konfijten noemen.

 foto: gerechtje uit In een Franse keuken.

Fransen zijn van nature zuinig, dus ook door de eeuwen heen vindingrijk gaan koken met restjes en kliekjes. Van alles valt nog iets te maken. Hierna volgt nog een hoofdstuk over je voorraadkast, want dat vereist net als al het vorige organisatie. Ik denk dat dat in wezen de crux van een Franse keuken is, naast de liefde voor eten, behept zijn met een flinke dosis ordeningsdrang.

Susan besluit het boek met leuke menusuggesties. Het juli menu bestaat bijvoorbeeld uit een koele gazpacho, alledaagse aubergine, Normandische mosselen in cider, de klassieke groen salade en wijngaardperziken in oranjebloesemwater. Zo smul je je buikje wel rond

Ik heb genoten van dit nieuwe boek. Er staan, sorry voor de plaatjesadepten, geen foto’s van de gerechten in. Maar wel veel heerlijke recepten. Dat vind ik de charme. Susan weet in tekst alles zo te verwoorden, dat je met een beetje savoir faire direct aan de slag kunt. Heerlijk in een Franse keuken!

In een Franse Keuken, Susan Herrmann Loomis (ISBN 9789492086273) is een uitgave van Orlando Uitgeverij en is te koop voor € 19,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Parmentier au confit de canard.

 foto: Antoine Augustin Parmentier  (apostcardfromfrance.com)

Parmentier au confit de canard, een variatie op andere ovenschotels met aardappels. Het was Antoine Augustin Parmentier, apotheker in het leger en agronoom, die de Fransen leerde, dat de aardappel prima gegeten kon worden. Tijdens zijn krijgsgevangenschap in Pruisen ontdekte Parmentier, dat geen van de soldaten enig negatief effect ervoer van het eten van aardappels. Prima te eten dus. Je ging er niet dood aan. In 1773 won Parmentier een prijsvraag van de Academie van Basel. Hij verklaarde dat de aardappel een goed middel tegen de ziekte dysenterie was en dat hij zich zou beijveren om voortaan de aardappel op het menu te krijgen in kazernes en ziekenhuizen. En zo geraakte Frankrijk aan de aardappel, als bijgerecht en als groente. Groente? Jazeker, het is nog steeds de gewoonte dat je als garnituur kiest voor een aardappelgerecht of andere groente in Frankrijk. De aardappel heeft nooit de status van koolhydratenleverancier gekregen, zoals in Nederland. Vandaar dat de Franse cuisine vele variaties kent op de aardappel, van pommes duchesse, via noisettes, dauphinoises, allumettes en in de puree voor de parmentier, genoemd naar deze man.

 video: hete eendenbout met persillade

Vandaag maken we dit simpele ovengerecht met in eendenvet gesmoorde groenten, geplukte eendenbout uit blik en een laag romige puree. Het fijne is dat tegenwoordig ook de blauwe grootgrutter de blikken confit de canard heeft in zijn assortiment. Net als in de Franse supermarkt. Ideaal om in huis te hebben en mee te koken. Het vet bewaar je natuurlijk voor de gebakken aardappels met een persillade. Bij deze parmentier au confit de canard drinken we een rode passetoutgrain (Caves de Mancey), de enig toegestane blend van de druivensoorten voor rood (gamay en pinot noir), die Bourgondië kent.

 foto: assembleren maar

 

Nodig (2 tot 3 personen)

2 eendenbouten uit blik, gebakken in de oven.

1 prei

2 wortels

1 sjalotje

200 g doperwtjes (vriezer)

2 tenen knoflook

peterselie

selderijblad

peper en zout

1 kg aardapppels

scheut lauwe melk

klontje boter

3 el crème fraiche

4 el eendenvet uit het blik

peper uit molen

zout

snuifje nootmuskaat

Bereiding:

Zet de eendenbouten met aanhangend vet in een oven van 180 graden en warm ze in 15 minuten op. Snijd de gewassen prei in ringen, de wortel in blokjes snipper het sjalotje en hak de tenen knoflook fijn. Verwarm twee lepels eendenvet in een pan, fruit de sjalot, voeg de groente toe en laat kort smoren. Voeg de knoflook, erwtjes en gehakte peterselie en selderij toe en laat nog even kort garen.

Schil de aardappels en kook ze gaar. Giet af en maak er met de stamper een mooie puree van. Voeg zout, een klontje boter, een scheutje melk,wat zout, een draai peper, een snuif nootmuskaat toe. Roer al laatste de crème fraiche erdoor.

Het assembleren van de parmentier kan beginnen. Schep de groenten in een ovenschaal. Haal het eendenvlees van het bot en verdeel over de schaal. Voeg eventueel nog wat warm eendenvet toe. bedek alles met de puree. Zet de parmentier gedurende een half uur in een oven van 180 graden. Op het laatst kort de bovengrill aan voor een mooi korstje.

Vakantiekookboek Frankrijk.

 foto: cover vakantiekookboek Frankrijk.

Vakantiekookboek Frankrijk, when in France, do as the French do. Dat geldt evenzeer voor Italië en Spanje, want de vakantiekookboeken van Onno Kleyn, groen, geel en rood voor Frankrijk zijn opnieuw verschenen. Geen excuus meer om geen Frans eten te koken op de camping of in je huurhuisje. Laat de aardappels, pindakaas, ketjap, sambal en rookworsten maar thuis. Want Frankrijk biedt schier aan mogelijkheden om een snelle maaltijd op de campingtafel te zetten. Inderdaad met één pitje van  je camping-gaz, je skottelbraai of de barbecue. Alles wat je nodig hebt is een plank, een goed mes, een goede pan met deksel. (en een slaapzak voor het nagaren) Onno legt het allemaal duidelijk uit. Nee, geen vermaarde casserolles of ovengerechten, dat ligt nu eenmaal buiten bereik, maar een leuk menu met lokale waar is zo gemaakt.

Vakantiekookboek Frankrijk start met de basics van Frans koken op de camping, met nadruk op het authentieke Franse eten. Je zult in het boek geen eenpansgerecht met een flinke scheut ketjap aantreffen. Daar zijn andere kookboekjes voor. Onno Kleyn neemt je aan de hand langs alle verse waar van de zeshoek. Hij doet boodschappen in de hypermarché of grande surface. Dat is een grote hobby van Gereons Keuken en Route. Aan mij is eens gevraagd, waarom ik geen tentje opzette in de hyper, dan kon ik nog wat dagen langer blijven ronddwalen. Hij verkent de markt voor groenten, vaak lokaal geproduceerd en knijtervers. Charcuterie, kaas, gevogelte, vis en het heerlijke meerdere malen per dag gebakken stokbrood. Vlees vraagt om wat behendigheid. Zeg wat je gaat maken, de slager helpt je dan aan het juiste vlees. En voor degene, die echt niet wil koken. Traiteurs genoeg in elk stadje. Ik kan in Mâcon likkebaardend voor zo’n etalage vol kunstwerkjes staan. Denk eens aan tabouleh. Dat is vaak een lekker picknick gerecht voor op het strand of en route. Wijn mag natuurlijk niet ontbreken. Kleyn geeft tips voor aankoop bij de producent en de consumptie voor je tentje. Het koelen van wit vergt een zekere handigheid.  Ook wijdt hij een apart hoofdstuk aan zelf zoeken en verzamelen. Daar zijn Fransen wel mee behept.

We gaan koken en beginnen met salades. Een vakantieganger kan niet zonder en met deze menugang kan men eindeloos variëren. Een schaal crudités is zo gemaakt. Naast basic salades geeft Onno recepten voor regionale salades, uit de Périgord met walnoten, uit de Auvergne met blauwe kaas of de bekende met gepocheerd ei, lardons en croutons uit de Beaujolais. De laatste aangepast aan je camping-gaz. Koude voorgerechten, zoals de rouleaux de jambon à la russe, radijsjes met boter of jambon persillé uit Bourgondië.

Omeletten te kust en te keur, een handig en smakelijk gerecht voor op de camping, waarmee je eindeloos kunt variëren. Soepen, “tent”gemaakt of artisanaal uit potten. Let bij de laatste goed op de ingrediëntendeclaratie. Al is pasta dan niet van origine Frans Onno besteedt er wel aandacht aan. Prima vakantie-eten!

Vis, in de binnenlanden zoetwatervis zoals forel aan de kust een caleidoscopisch aanbod. Rog met beurre noisette of een eclade de moules uit Poitou Charantes. We gaan verder met gevogelte en konijn. Koop eens een poulet fermier bij de rotisserie op de markt en ga daags erna aan de slag met de kiprestjes. Of wat te denken van een kwarteltje op de grill?

Vlees is het volgende hoofdstuk, met entrecote, gegrilde lamskarbonaadjes met herbes de Provence of kalfsvlees met groene paprika uit Baskenland. Groenten erbij en we sluiten af met wat van die overheerlijke kaas en als er nog ruimte over is wat zoete desserts. Zo zijn de buikjes weer gevuld en kunnen we verder met vakantie vieren.

Als toegift heeft Onno Kleyn een uitgebreide woorden- en begrippenlijst toegevoegd, wel zo handig als je Frans niet meer zo up to date is. Vakantiekookboek Frankrijk in het rood kan prima mee op de achterbank naast die andere rode restaurantknakker. When in France do as the French do.

 foto: vakantiekookboeken.

De vakantiekookboeken zijn er ook in de smaken Italië (groen) en Spanje (geel) dus vanaf nu geen excuus meer voor meegesleepte waar.

Vakantiekookboek Frankrijk, Onno Kleyn (ISBN 978903880430) is een uitgave van Nijgh & Van Ditmar en is te koop voor € 16,50

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Visit BCN.

 foto: presentatie Groot Barcelona

 

Visit BCN, bezoek Barça, ga eens naar Barcelona, maar niet over de gebaande paden. Natuurlijk, als je sommige kranten moet geloven is het allemaal knijtervol en vreselijk druk met die vermaledijde toeristen, die komen aanvliegen met discount airways en Air B&B  appartementen bevolken. Helemaal waar, maar doen we dat niet allemaal? De reiskoorts van de 21e eeuw is nu eenmaal niet meer te stuiten. Dus ging Gereons Keuken en Route naar een presentatie in het Amsterdamse Andaz hotel, georganiseerd door Catalunya, Diputació de Barcelona en Barcelona Turisme, voor een hernieuwde kennismaking met de stad van Gaudí. En dat viel niet tegen. Journalist en schrijver Edwin Winkels, die dertig jaar geleden neerstreek in BCN (voor de liefde) en nooit meer vertrok nam alle aanwezigen mee op een trip langs bekende en onbekende plekken in Barcelona en omgeving. De hustle and bustle van de stad, de frisse lucht van de muntanya en een zilte bries van de zee.

Dit jaar is het 25 jaar geleden, dat de Olympische Spelen werden georganiseerd in Barcelona. Deze Spelen hebben de stad een enorme impuls gegeven en ook het toerisme. In 25 jaar groeide het exponentieel. Was Barcelona voor de Spelen van 1992 de aanvlieghaven voor met name Westeuropese toeristen op weg naar de Costa Brava of Dorada, tegenwoordig weet heel de wereld de stad te vinden. 35 miljoen passagiers verwerkt El Prat, de luchthaven jaarlijks. Barcelona heeft de grootste cruise- en ferryterminal van Europa en moet wereldwijd alleen Miami en Fort Lauderdale voor laten gaan. Daarnaast ben je zo in de stad der wonderen met de AVE, de Spaanse hogesnelheidstrein, en met de auto over de zeer goede autopistas.

 foto: Winkels legt uit.

En er is heel veel te beleven buiten die gebaande paden. BCN kent naast de beroemde Boqueria nog 39 andere wijkmarkten, die eveneens zeer het bezoeken waard zijn. Of verpoos op het zes kilometer lange strand van de stad. Plek zat. Gaudí is wellicht de bekendste modernistische architect, maar er is zoveel moois van anderen te bewonderen in zowel de stad als daarbuiten. Denk eens aan de wijnkathedralen van de Penedès of uit de Romeinse tijd de tempel van Vic. In Barcelona is het Catalaanse Museum een aanrader, gratis entree en je kunt er nog heerlijk eten ook.

Ga wijn proeven in Vilafranca del Penedès, snuif de zeelucht op in art déco badplaats Sitges ( o.a. de bakermat van discoketen Pacha, die dit jaar 50 jaar bestaat) of wandel door het natuurpark van de Garraf. Voor de actieven is er het bekende wandelpad Camí des bons homes, het beroemde pad van de Katharen. Allemaal makkelijk te bereiken met de trein of bus vanaf de stations in Barcelona. Net als het klooster van Montserrat of ga je liever naar een rustiger abdij?

 foto: Gramona, els artesans del temps.

De provincie Barcelona kent zeeën aan wijngaarden, de bekendste in de Penedès, voor rood en wit van o.a, is Torres. Er is  cava, de bubbel, die hoort bij het Catalaanse levenvreugde, want dat weten de Catalanen als geen ander. Pla de Bages is een andere DO, waar de lokale druif picapoli zich leent voor knisperend wit. Tijdens het diner na de  presentatie genoten we van een witte Gramona Gessamí, een blend van muscat, gewürztraminer en sauvignon blanc. Rood van Castell Roig en cava van Codorniú.  Food uit de muntanya i mar. Verse groenten direct van het land en lokaal geproduceerd. verwerkt in simpele gerechten of als tapas, maar ook te savoureren bij de vele Michelinsterrentempels, die Barcelona kent. Voor elk wat wils, pan amb tomaquet, fedua met kokkels of escalivada van groenten. Sluit af met een crema catalana, what else? Je smaakpapillen komen tijd te kort. Eigenlijk is dat met alles in Groot Barcelona, van landschappen tot architectuur, van wintersneeuw tot zomers strandplezier. Overdag of in de nacht. Je komt zintuigen te kort.

 

De hernieuwde kennismaking viel niet tegen BCN is inderdaad molt més of in goed Engels much more. ¡Visit BCN!

 foto: napraten over BCN en molt més!

Meer info:

www.barcelonaismuchmore.com, www.gramona.com (wijnen),

www.catalunya.com/turisme20 (Catalonië),

www.codorniu.com (cava) en www.visitacastellroig.com (wijnen)

De Zilveren Lepel, Napels.

 foto: cover Napels.

De Zilveren Lepel, Napels en de Amalfikust. Dat het goed toeven was op de hellingen van de machtige Vesuvius en aan de azuurblauwe wateren van Capri en Ischia wisten de keizers en nobilitas van Rome al voor onze jaartelling. Campania Felix was een geliefd vakantieoord om de volle stad Rome in de zomer te ontvluchten. Er waren villa’s, er was vruchtbare grond, lokale wijn en verse vis uit de Thyrreense Zee. Zo was het en zo is het gebleven. Campania, de streek rond koninklijke stad Napels, een geliefd oord voor jonge schrijvers op hun “Sehnsucht” tours in de achttiende eeuw. Eerst Napels zien en dan sterven. Zo’n mooi plaatjes troffen Goethe en consorten aan. En nog steeds vormen Napels en de Amalfikust een mooi decor voor de geneugten des levens. Eten is daar één van. het nieuwste deel uit de reeks De Zilveren Lepel neemt je mee op pad langs al het lekkers, dat de provincies Napoli, Caserta, Salerno, Avellino en Benevento je hebben te bieden. Vruchtbare vulkanische bodem, mooie vergezichten, knalgele citroenen uit Sorrento, de bekende mozzarella van buffelmelk en de enige echte pizza Napoletana. Zal ik nog even doorgaan?

foto: in de straten van Napels.

De tour start in koninklijke stad Napels, waar allerlei culturen hun sporen achterlieten. Onder de rook van de vulkaan. Grieken, Byzantijnen, Spanjaarden en Fransen deden een duit in het culinaire zakje van deze zinderende stad. De eerder genoemde pizza Napoletana, de oer-pastasaus salsa Genovese, een timbaal van rigatoni (bekend geworden door chefkok Don Alfonso als een Vesuvio van rigatoni), de gefrituurde pizza, de sartù di riso, een adellijk gerecht uit de Franse keukens van de Bourbons, dat ik ooit nog ga assembleren en Baba au rhum. Napels is van alle smaken thuis. Ook met onvergetelijke koffie!

We verlaten de stad en gaan de streek rond koninklijke stad Caserta aan de voet van de Apennijnen in. Een stad van ambachtslieden. De streek is de bakermat van de mozzarella da buffala, artisjokken en wild. De mozzarella doet het uitstekend in een caprese. Lasagne van artisjokken, gestoofd varkensvlees van Casertano varken. Stevige bergbewonerskost.

 foto: Salerno.

We rijden langs de Amalfikust, alwaar naast de alle citrusbomen, de turkooizen Thyrreense Zee lonkt met vis- en zeevruchtengerechten, zoals cozze gratinate of inktvis alla Sorrentina. Kastanjesoep, colatura di alici of een heuse citroensalade. De zomerse sfeer spat ervan af. De maaltijd sluit je af met een glaasje homemade limoncello.

We gaan weer het binnenland in naar de steden Avellino en Benevento, de laatstgenoemde liggend in een groene vallei, die van oudsher diende als vestingstad van de Romeinen. Overal zijn hiervan nog de sporen te vinden. Avellino ligt ook in een groene streek, met als bijnaam “het groene Irpinia“. Avellino is een populaire vakantiebestemming. De keukens van beide streken zijn geënt op lams– en varkensvlees. Er is sinds de oudheid veel landbouw. Ook vind je nog steeds Griekse invloeden in het dagelijkse menu. Mooi basic eten zoals de zuppa Santé, tortelloni in brodo, aardappeltaart of andijviepizza. Prima boerenkost.

De Zilveren Lepel Napels en Amalfikust leest weg als een  full colour reisbrochure, met watertandend lekkere recepten, gedegen productinformatie en dito fotografie. Gereons Keuken krijgt direct zin om en route te gaan of #alfresco thuis te genieten wat dit kookboek allemaal biedt.

De Zilveren Lepel, Napels en Amalfikust. (ISBN 9789000355679) is een uitgave van Unieboek/HetSpectrum en is te koop voor € 35,00.

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

OOGST, eten en koken met de seizoenen.

 foto: cover OOGST.

OOGST, eten en koken met de seizoenen. Onder de rook van Utrecht ligt een klein paradijs. Tussen de uitdijende stad ontgon Marleen van Es de woestenij, wiedde het onkruid, schoffelde en zaaide. Het werd haar eigen idylle, haar moestuin. De fotografe en vormgever begon het blog etenuitdevolkstuin  om over haar avonturen te verhalen, in tekst, beeld en gerecht. Gereons Keuken Thuis bracht op een hete zomerdag, gewapend met een pan Griekse balletjes in tomatensaus, een bezoek aan dit Arcadië. Het werd een gezellige avond tussen het groen. Een kookboek kon niet uitblijven en in april 2015 verscheen Eten uit de volkstuin Een mooi en vrolijk boek over tuinieren, zaaien en koken, met al het moois dat je zelf kweekt. Marleen heeft het talent om van haar bijzondere gewassen feestelijk ogende en smakende gerecht te maken en vertrouwde me eens toe dat zij daar de nodige capriolen voor uithaalt.

Een vervolg kon natuurlijk niet uitblijven. Nu is er haar tweede boek OOGST, waarin de schrijfster je mee op pad neemt door haar tuin en de seizoenen. Want zeg nu eerlijk, niets is leuker om je eigen oogst per seizoen te verwerken en Marleen zegt hierover: “er waren nog zoveel groenten om te beschrijven en recepten om te bedenken” Basis voor dit boek is de verwondering en kennis, die zij wil delen. Over alles wat er groeit en bloeit nadat je in het prille voorjaar de eerste zaadjes in de grond hebt gestopt. Ze is graag buiten en beleeft alle wisselingen intens. De beloning is dan ook groot. Bijna jaarrond kan Marleen oogsten en koken uit haar tuin. Het nieuwe boek OOGST staat dan ook vol met recepten om de cornucopia van haar moestuin te verwerken. Een boek vol groenten, die zij meestal op de dag zelf plukt, om daarna te verwerken. Want groente is zo veelzijdig!

Het boek start in de lente, met leuke kleine ontbijtgerechtjes, zoals een eiersalade van de eitjes van de eigen kippen, lunch in de vorm van brandnetelhummus of rabarbersoep. Zelfgemaakte walnotenlikeur als drankje. Om vervolgens verder te gaan met het diner met als starter een radijsbladsoep, steaks van kool met peccannoten en geitenkaas en vlierbloesem tiramisu na. Vergeet ik bijna de gepofte tuinbonen! Genieten van de eerste buitentafel, betekent voor haar het definitieve einde van de winter.

De zomer is een tijd van overvloed, ook in OOGST. Wat een verwennerij om frambozencakejes als ontbijt te eten, slasoep met pecorino croutons als lunch, als aperitief vlierbloesemsangria. Picknicktips en een heus zomermenu van tabouleh met bessen, gegrilde aubergines met tomatenchutney en rozemarijn-citroenijs. Op deze heerlijke avonden wil je gewoon niet meer naar binnen. Het hoofdstuk zomer sluit net als alle andere seizoenen af met leuke basics voor jams, chutneys, olieën, siropen en thee.

De herfst brengt weer andere geneugten. (al wil ik daar nu op dit matineuze uur aan zee nog niet aan denken) Pompoenen, noten, koolrabi, paddenstoelen en bieten verwerkt Marleen in oogstrelende gerechten. Veggie bourguignon met brood en tagliatelle gaat Gereons Keuken Thuis eens na de zomer proberen. Of een heus herfstmenu met dito wijnen?

Het jaar loopt ten einde, de tuin wordt opgeruimd. De winter staat voor de deur met linzensoep, glühwein met blauwe bessen, pasta met palmkoolpesto en een groentepotje voor kerst. De winter is de tijd om te genieten wat je in het jaar ervoor hebt gezaaid, gekoesterd en geoogst.

OOGST is een oogstrelend vormgegeven boek vol praktische tips, originele groentegerechten en stunning fotografie. Als geen ander weet Marleen al haar talenten te gebruiken in tekst, beeld en gerecht. In één woord een idylle!

OOGST, eten en koken met de seizoenen, Marleen van Es (ISBN 9789046822050) is een uitgave van NwADAM en is te koop voor € 34,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken bij Podere del Buongustaio

 foto: Umbrische truffels.

Koken bij Podere del Buongustaio, de boerderij van de goede smaak. Gelegen in het groene hart van Italië, Umbrië, het iets minder bekende zusje van Toscane, met haar heuvels, het Trasimeense meer, de chocolade van Perugia, vleeswaren van Norcia, de  de rode wijnen van Montefalco, saffraan en natuurlijk truffels. In dit heerlijke vakantiegebied  in de plaats Montegiove (berg van Jupiter) runt Adje Middelbeek haar B&B, of moet ik het agriturismo noemen. Ze schreef er onlangs een column over op franska.nl Behalve heerlijk verblijven is het tijdens haar najaars wine- en foodreis van 22 t/m 28 oktober ook smikkelen en smullen op de Podere. De nazomers zijn prachtig in de Umbrische heuvels. Met alle geuren en kleuren van de nakende herfst. Oogsttijd van olijven, truffeljacht, paddenstoelen rapen en saffraan plukken. En dan aan de slag in de keuken onder de bezielende leiding van Joop Zwiep.

 foto: saffraanoogst

Eind oktober is in Umbrië de tijd van saffraanoogst. Op de dag van aankomst bij Podere del Buongustaio gaan we direct naar de Zafferiamo, het saffraanfeest in Citta della Pieve. hier wordt een grote saffraanmarkt gehouden. Daarna gaan we een stukje eten, een pizza met truffel en paddenstoelen bij La Tana del Gufo in Monteleone d’Orvieto. De volgende dag is het tijd om een saffraanlaboratorium te bezoeken, waar alle ins en outs worden verteld over deze gele draadjes. we gaan proeven en een gele risotto  koken. Tijdens de wine- en foodreis gaan we ook op truffeljacht en brengen we een bezoek aan Moretti, Voglie di Bosco, een winkel in streekproducten. Gereons Keuken thuis maakte al eens kennis met hun producten tijdens de Bella Vita beurs in de RAI. Zelfs good old George Clooney is fan van de truffelproducten. (What else?) Na de truffels gaan we wijn proeven bij Tenuta Vitalunga.

 foto: koken met Joop Zwiep

Adje Middelbeek organiseert deze wine & food reis in de herfst, omdat het dan heerlijk toeven is in Podere de Buongustaio. Het heerlijke nazomerweer, het verzamelen van en kennis maken met alle mooie streekproducten, koken onder leiding van Joop Zwiep en elke avond #alfresco eten en genieten van het uitzicht over het dal. Een heerlijk aantal dagen, waar alle zintuigen worden geprikkeld in de Bel Paese. Wil je mee op pad met Adje Middelbeek om de schatten van Umbrië te delven en lekker koken met Joop? Er is vast nog wel plek. Neem contact op via Podere del Buongustaio voor de details en kosten.

 foto: rissotto met saffraan

Geïnspireerd door het verhaal van Adje, vandaag een recept voor risotto alla Milanese van mijn blog Gereons Keuken Thuis, al dan niet met bladgoud, gele gloed als in de herfst. Geen (of niet te veel) kaas, maar een extra klont gele boter, die de smaak van de saffraan direct omhoog haalt. We drinken er een boterige, houtgelagerde chardonnay bij.

Nodig:

300 g Arborio rijst

1 ½ liter kippenbouillon

1 glas witte wijn

1 tl saffraandraadjes opgelost in bouillon

2 sjalotjes

100 g boter

75 g Parmezaanse kaas (optioneel)

peper en zout

Bereiding:

Snipper de sjalotjes fijn. Smelt de helft van de boter in een pan. Fruit de sjalotjes aan. Voeg de rijst toe en laat licht kleuren. Blus af met de  witte wijn.  Zet in een kommetje de saffraan draadjes met een beetje bouillon apart. Voeg nu beetje bij beetje de warme kippenbouillon toe en roer goed. Ongeveer na tien minuten kan de opgeloste saffraan worden toegevoegd. Ga daarna verder met het bouillon in de pan scheppen en roeren totdat de rijst alle vocht heeft op genomen. Na 20 minuten is de rijst beetgaar, voeg de rest van de boter en Parmezaanse kaas toe. Maak op smaak met peper en zout. Serveer direct.