Calabria in tour.

foto: warm welkom bij Calabria in tour.

Calabria in tour. Veel Nederlanders kennen de regio’s Toscane, Puglia, de eilanden Sardinië en Sicilië, maar Calabria staat niet vaak hoog op het lijstje als het om reizen, eten en wijn gaat. Daar wilde Gereons Keuken Thuis eens meer van weten en hij toog naar het bijzondere slow food en bio restaurant Pianeta Terra in de Amsterdamse Beulingstraat om te ontdekken en proeven, wat Calabria in tour nu allemaal in petto heeft. En dat bleek veel!

Calabrië ligt in de punt van de spreekwoordelijke laars, in het noorden begrensd door Basilicata, het westen door de Thyrreense zee, grenst in het oosten aan de Ionische zee, ten zuidwesten aan Sicilië  met zicht op de Eolische eilanden. Het is een relatief dun bevolkte streek van ongeveer 15.000 vierkante kilometer en heeft 2 miljoen inwoners. Hoofdstad van de regio is Catanzaro.

De streek staat vooral bekend om zijn schone helder zeewater, de hoge bergen met smalle canyons en ongerepte natuur. Er is veel cultuur, denk aan de mooie beroemde opgedoken bronzen beelden uit de Hellenistische periode, die te zien zijn in het museum van Reggio Calabria. Elk volk dat deze streek bevolkte liet zijn culturele sporen achter. De streek was een centrum van Griekse beschaving, een Romeinse provincie, maakte deel uit van Byzantium, werd veroverd door de Noormannen en werd lange tijd bestuurd, tot aan de eenwording van Italië, door de Habsburgers en Bourbons. Een echte melting pot.

Met Calabria in tour wil de regio in het kader van #truitaliantaste laten zien, wat voor een moois er uit deze streek op eet- en drinkgebied komt. Verfijnde maar ook stevige pittige smaken, gefermenteerde ingemaakte groenten, vlees en salumi van zwart varken, olijfolie en pit door de rode pepers uit deze streek. Een stevige basic keuken.  En dan de wijnen, al sinds de Grieken dit deel van Italië Oinotria, wijnland, noemden, een koninkrijk vol wijnranken dat tussen 600 en 350 vóór Chr. floreerde. Met bijvoorbeeld de gaglioppo of greco druif.

foto: de chefs en gastheren van de Italiaanse kamer van koophandel.

De gastheren van de middag hadden kosten noch moeite gespaard om de lekkerste dingen uit hun streek mee te brengen. De chef van Pianeta Terra, die en passant ook een kwaliteitskeurmerk ontving van de voorzitter van de Italiaanse kamer van koophandel, kookte voor de aanwezigen een uitgebreide Calabrische lunch.

foto: antipasto van worst en kaas uit Calabrië
foto: wit voor bij de antipasti.

Calabria in tour:

Antipasto: een proeverij van typische worsten en kaas, ingemaakte groenten zoals venkel en aubergine, zelfgebakken zuurdesembrood en focaccia met Calabrische EV gearomatiseerde olijfolie. Erbij een IGP Bianco Calabria 2017 van Rocco Brettia, gemaakt van pinot en greco bianco.

Primo: een pastagerecht van handgemaakte fileja met een saus van spacatella van tomaat, het bekende vlees- en pepersmeersel ‘nduja en pecorino Crotonese. Pit in je pasta. Erbij rode Costa Viola Armacia IGP 2018 van Casa Vinicola Crisera, een blend van lokale druiven zoals malvasia nera en gaglioppo.

foto: lokale pasta met tomaat en ‘nduja.
foto: rood van Crisera.

Het is bijzonder te noemen, dat deze streek qua wijnbouw nog zoveel oude rassen herbergt.

foto: secondo van nekfilet en cime di rape.

Secondo: nekfilet van het zwarte varken met cime di rapa, een pesto van zongedroogde tomaten en de beroemde uien uit Tropea. Een rosso Don Vale, IGP Calabria 2017 van Azienda Vinicola Manna was de wijn bij deze creatie. Gemaakt van magliocco en gaglioppo.

foto: crostata als dessert.

Dolce e caffé: een crostata met melk en ricotta met confituren van peer en van walnoten. Bij de koffie waren een aantal typische likeuren van distilleria Fratelli Caffo te proeven. Van drop, van venkel en citroen. Naar mijn persoonlijke smaak te zoet.

Gereons Keuken Thuis is blij verrast door de smaken, die Calabria in tour liet zien. Je proeft een heel andere Italiaanse keuken, stevige smaken, gefermenteerde groenten afgemaakt met pit van rode pepers. Een aanrader zou ik zeggen, net als de producten uit deze nog onbekende streek. Ik zou bijna wensen, dat dat zo bleef. Authenticiteit galore zal ik maar zeggen. True Italian Taste.

foto: een van de likeuren van Caffo.

Deelnemende producenten:

Likeuren en amaro van Distilleria Fratelli Caffo

Spicy ‘nduja worst van L’Artigiano della ‘nduja

Wijnen van Azienda MannaRocco Brettia, Feudo Gagliardi, Dell”Aera & Crisera

Gedroogde pasta, fileja van Astorino

De volledige catalogus vind je hier:

WILD van Bruno Doucet.

foto: het ree tussen de vignes.

WILD van Bruno Doucet, 85 recepten en alle technieken, die je nodig hebt voor de bereiding. Het is oktober, wildmaand op Gereons Keuken Thuis en dan ontvang ik van uitgeverij Terra dit prachtige boek. Het begin: opgroeiend in een boerenfamilie mocht de vader van Bruno Doucet, Claude, als 10- of 12-jarige mee op jacht met zijn vader. Een niet ongebruikelijk coming of age ritueel op de Franse campagne. Na het gewone werk op de boerderij trokken de jagers eropuit en keerden dan voor de lunch terug met een weitas vol klein wild. De jacht herhaalde zich daarna in de middaguren. Toen Claude Doucet volwassen was werd het kleinwild ingeruild voor grootwild. Een andere tak van sport zullen we maar zeggen en later hij gaf zijn passie voor de jacht door aan zijn zoon Bruno. Voor zover Bruno Doucet zich kan herinneren zag hij zijn grootvader en vader jagen. Elk weekend vanaf kinds af aan jaagden zij op WILD op het terrein van ouders Doucet, kwekers in de buurt van Tours. Hier werd de basis gelegd voor zijn culinaire carrière. Bruno ging naar de hotelschool en werd chef-kok. Hij haalde tevens zijn jachtvergunning en is sindsdien een culinair- en jachtexpert in Frankrijk.

foto: illustratie van koningsfazant uit WILD.

Geen seizoen wordt meer overgeslagen. Doucet beleeft veel plezier aan het bereiden van eigen geschoten wild in de keuken. Je zou kunnen zeggen, dat wild in wezen duurzamer vlees is dan het vlees, dat op grote schaal wordt gefokt en geslacht, nadat de dieren zijn gemest, met mais en andere gewassen. WILD betekent een minder grote belasting voor het milieu. Alhoewel, als iedereen nu gaat jagen, hoeveel stikstof produceren de kruitdampen?

foto: déjeuner na de jacht.

WILD begint met de geschiedenis van de jacht in Frankrijk en Nederland, de verscheidene jachtmethodes en geschiedenis van de wildkeuken. Er zijn namelijk verschillen tussen het jagen op klein- of grootwild. En of je werkt met een staander hond of speurhonden meute. Het stuk over jacht en de keuken is ook interessant. Doucet beschrijft in WILD verschillende kookboeken vol technieken om wild te bereiden. Daarna volgt een catalogus van veder- en haarwild. Van patrijs via Schotse sneeuwhoen tot wintertaling. Gelardeerd met prachtige terroirfotografie en illustraties. Per vogelsoort verteld Bruno Doucet over de kenmerken. Dan volgt het kleine haarwild, in Europa betekent dat veelal haas of wild konijn. 

foto: gebraden reebout

Het derde deel bestaat uit groot- of grofwild, het ree, hert of everzwijn. Heel Frans vind ik ook, dat de gems een rol krijgt. Tot slot besteedt de schrijver aandacht aan specifiek wild, dat in Nederland niet meer wordt bejaagd, zoals de gaai en hotsnip. Het slotstuk gaat over de “clandestiene”jacht op de ortolaangors. Een vogeltje omringt met mythes. In het tweede deel van WILD gaat Bruno Doucet koken. Paté en croute van zomertaling of een nougat van haas uit de Beauce (departement Eure et Loir). Watersnip uit de Camargue of lijsters uit de Var. Boerenterrines komen aan bod. Alles op een rustieke wijze gefotografeerd door Louis Laurant Grandadam.

foto: lijsters uit de VAR.

Alle recepten in WILD zijn gewoon likkebaardend lekker en het terroir spat van de plaatjes af. Naast kleinwild gaat  Bruno Doucet in WILD aan de slag met hert, ree en zwijn. al dan niet gecombineerd met ganzenlever, stevige sauzen. Ik noem het gewoon France profonde eten. Zoals een gebraad van reebout. Het boek sluit af met bijgerechten, fonds, marinades en boters. Wat zal het in de keuken van Doucet heerlijk aards ruiken.

foto: boerenterrine van houtduif met kool en ganzenlever.

In ieder geval vindt Gereons Keuken Thuis, dit vuistdikke boek WILD van Bruno Doucet over jacht en het bereiden van wildgerechten een must have en één bonk terroir. Al kook je er niet uit, dan nodigt dit prachtige boek de lezer uit om mee op pad te gaan door de campagne, die chef-kok en jager Doucet zo koestert. Lekker mijmeren met een glas rode Chinon… instant herfstgevoel!

foto: de jager in het wild.

WILD, Bruno Doucet (ISBN 9789089897985) is een uitgave van Terra en is te koop voor € 45,00

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Het slagershandboek voor de thuiskok.

foto: cover Slagershandboek.

Het slagershandboek voor de thuiskok. Na alle aandacht voor groente, vegan en plantbased, is het nu weer eens tijd voor een stukkie vlees in de keuken. Gelukkigerwijs ontving ik dit terroir boek van schrijver, illustrator en ontwerper Arthur le Caisne, die in de rol kroop van slagersknecht. Le Caisne ging op stage bij twee toppers op vleesgebied in France métropolitaine. Vleesaffineur en rijper Jean Denaux, die zelf liever spreekt veredelen spreekt. En Fred Ménager, expert op het gebied van alles dat fladdert en dat is in la douce France meer dan de kipdelen, die je in ons kikkerland aantreft. Twee vaklieden dus stonden aan de basis van dit uiterst handige boek. Ik vind het een leuk naslagwerk in de categorie werk van Stéphane Reynaud en Bon Appétit van François Régis Gaudry. Heel Frans zijn de getekende illustraties van topvee, wild en gevogelte. En de clin d’oeil (knipoog) bij de besproken waar. in de vorm van commentaren boven de tekst. Want vlees eten, zeg nu zelf, is naast een serieuze zaak ook genieten.

Het eerste gedeelte gaat over dieren, van rund tot en met wild. Welke rassen zijn er?Hoe snijd je het vlees uit? Is wayguvlees echt zo bijzonder? En hoe zaag je een mergpijp? Le Caisne legt ook uit bij welk vlees je een scherp vleesmes gebruikt en bij welk vlees juist een gekarteld broodmes. Het Hongaarse wolvarken passeert de revue, een ras, dat bekend staat als de waygu onder de biggen. Je leest tevens een grote betrokkenheid bij de vee-industrie, want bij het lamsvlees pleit de schrijver voor raslamsvlees. De AOC’s, Label Rouge en andere keurmerken komen aan bod. De geschiedenis van de kip en tot slot wat lokaal wild.

foto: varkensrassen, nooit vergeten dat een varken een heel intelligent dier is met heel veel humor.

Nadat het vlees is geslacht en afgehangen, gaat Arthur le Caisne in het slagershandboek voor de thuiskok aan de slag met de bereiding. De geheimen, die hij ontfutselde aan eerder genoemde experts. Het gebruik van materiaal, je ingrediënten, het al dan niet “voor”zouten van vlees, geheimpjes van sterrenkoks en je braadvet. Wederom met leuke illustraties van aquarellist Jean Grosson. En als het echt bijzonder wordt bezigt Le Caisne het de Franse kreet MIAM, wat zoveel betekent als Mmmmmm. Een groot gedeelte gaat in dit hoofdstuk over koken versus braden. Heel belangrijk is altijd de juiste temperatuur kiezen. Die is bij een stoof natuurlijk anders dan bij een entrecote of eendenborst

In het derde gedeelte van het slagershandboek vind je 25 basisrecepten voor rund-, kalfs- varkens- en lamsvlees. Lekkere bereidingen van gevogelte. Een apart deel, het blijft een Frans boek over fonds en bouillons ontbreekt niet. Gereons Keuken Thuis wordt er vrolijk van. Het slagershandboek voor de thuiskok krijgt een lekker plekje in mijn kookboekenhoek naast Jacques Hermus’ Wilde Eten, het wildboek van Stéphane Reynaud en de de bijbels van Bocuse en Troisgros. Vlees u weet wel waarom messieurs/dames!

Het slagershandboek voor de thuiskok, Arthur le Caisne. (ISBN 9789059569942) is een uitgave van Fontaine en kost in de kookboekenvakhandel of online €27,00

Video: een kippetje geroosterd op de wijze van Le Caisne

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

France profonde, terrine.

 foto: portail

 Het is maandag . La France profonde. Als je mijn blog leest, zal het je niet ontgaan dat ik een fervent Frankrijkganger ben. Ik vind het heerlijk om met de auto fraaie steden te bezoeken, wijnen te proeven en in te slaan, me te koesteren in de Mediterrane zon -se lézarder, zoals Fransen, dat zo mooi noemen- of op het platteland te sudderen. Kleine verlaten dorpjes tussen de wijngaarden, akkers en velden voor zonnebloemen. Waar het angelus tweemaal daags slaat. Geautomatiseerd of handmatig. Winters in de mist van het dal. Het rokerige van de Bourgogne. La France profonde, de luiken dicht en het houtvuur aan. La solitude van de kleine dorpen.

 foto: le bourg de Mancey

Dit was de intro van mijn gastblog op de leuke Franse site van René Meesters, het eten is klaar. Ik realiseerde me ineens, hoeveel ik in de zes jaar dat mijn blog bestaat heb geschreven over de hexagone. Over Lamartine en zijn eieren in rode wijnsaus, die Yvette van Boven gretig overnam in een paasnummer van Libelle. Of de avonturen van mijn sprookjesfiguren, die graag en route zijn. Van Pontarlier tot Saint Tropez! Elke keer beleven ze nieuwe dingen en proeven nieuwe smaken. Of Théo die mee mocht met de jagers om in het voorjaar de aanwas van zwijnen te tellen. Lotharingen, de madeleines van Proust, de babas uit Nancy. Ik kan er over blijven vertellen. Ik ben namelijk verknocht aan de campagne. En terrines.

Vandaag daarom een herhaalrecept van mijn terrine de campagne. Dat is natuurlijk ook France profonde. Daarom geniet ik zo van de kookboeken van Stéphane Reynaud. De lol vind ik van bezig zijn met het vleesdeeg dat je er elke variant van een terrine van kunt maken, die je wilt. Of door toevoeging van lever een paté. De herfst komt eraan, dus ik zou zeggen handen uit de mouwen en kneden maar. Glas passetoutgrain van de Caves de Mancey erbij en het herfstfeest kan beginnen.

 foto: terrine de campagne.



Nodig:

250 g schouderkarbonade zonder bot

500 g half om half gehakt

12 gedroogde pruimen

5 sneden oud brood zonder korst

2 tenen knoflook

1 glas cream sherry

1 dl slagroom

50 gram gepelde walnoten

200 g ontbijtspek

1 tl gedroogde tijm

2 eieren

1 tl chilipoeder

zout en peper

Bereiding:

Snijd het vlees van de schouderkarbonade zo fijn mogelijk. Snijd de korstjes van het oude brood en week deze in een mengsel van room en eieren.  Voeg de tijm, chilipoeder. peper en zout toe aan het brood/roommengsel. Doe het vlees en gehakt erbij en meng goed door elkaar. Week de gedroogde pruimen in de sherry. Snijd ze daarna in stukjes. Hak de walnoten (niet te) fijn. Meng de pruimen en walnoten door het vleesmengsel.

Bekleed een vorm of patéschaal met de spek en laat deze iets over de rand hangen. Vul de vorm met het vleesmengsel en druk goed aan. Schud goed met de vorm om  luchtgaten in de terrine te voorkomen. Dek af met de spekplakken.

Verwarm de oven op 180 graden. Vul de grote ovenschaal met heet water. Zet daarin de terrine. Bak het geheel in 50 minuten gaar. Haal op het einde het overtollige vet van de terrine. Laat de terrine afkoelen. Serveer in dikke plakken met bijvoorbeeld wat gebakken appels. Of kleine zure cornichons.

 foto: dorpsplein Mancey.

Mannelijke foodbloggers vertellen.

 foto: herfstterrine

Mannelijke foodbloggers vertellen. Een nieuwe serie. Door het grote aantal vrouwelijke bloggers zou je bijna niet in de gaten hebben, dat er ook veel mannen zijn die koken en recepten delen. Gereons Keuken Thuis is altijd op zoek naar (nieuwe) input voor zijn blog of om over te schrijven. Dat kan in de vorm van een gesprekken- en gerechtenblog (er staan er al wat op de rol deze herfst) of in mijn nieuwe serie “Mannelijke foodblogger vertellen”

Deze herfst bied ik aan mannelijke (gast) bloggers een podium op Gereons Keuken Thuis. Niets ingewikkelds, geen eisen vooraf. Lekker zelf je expertise delen door middel van een recept, een review of wat je maar kwijt wilt over product., waar je leuke ervaringen mee hebt. Of over die mooie wijn , die je dronk. Of je ambacht. Of de exquise ervaringen in een hotspot in je woonplaats. (let wel op pure commerciële verhalen/advertorials zijn niet toegestaan)

Komende maandag bijt Simon Vanbecelaere het spits af. Hij is beter bekend als de BBQ bastard en kookte uit Rook! van Steven Raichlen.

Dus heren, laat het me weten in een reactie onder deze korte blog of stuur je input naar gereonseateryandwinery@gmail.com. Wie weet staat jouw leuke stuk dan snel op Gereons Keuken Thuisl  Succes mannen!

Tour du terroir.

 foto: van alles in pot en blik.

Tour du terroir. Het is zo’n mooie term dat terroir. Het klimaat, de bodem en de inspanning van de boer zorgen er voor, dat er in elke uithoek van Frankrijk de mooiste producten zijn te vinden. Met specifieke smaken behorend bij de streek. Streekproducten en -gerechten en wijnen, al dan niet voorzien van een AOP. Want de Fransen zijn trots op hun eigen producten. In supermarktfolders zie je steevast de term “production Française” staan als het om vlees en groente gaat. Het is een aanbeveling. Nobody does it better. (ook de titel van één van de Franse kookboeken van TV kok Trish Deseine)

Een rondje Frankrijk levert dan ook een karrenvracht aan producten op. De buren van Gereons Keuken Thuis fronsten regelmatig de wenkbrauwen als na een trip naar Frankrijk de auto werd uitgeladen. Dozen met wijn en tassen met allerlei aangeschafte waar stonden voor het gebouw. Culisouvenirs. Kruiden, blikken confit de canard, olijfolie, cassis de Dijon, stokbroodplank, zeep…. Het paste allemaal ternauwernood in de kofferbak en op de achterbank.

Terroir dus met de klok mee: potten met krabbensoep uit Le Touqet, macarons uit Picardië, champagne en roze biscuit uit de koninklijke stad Reims, mirabellenjam uit Lotharingen, Elzasser wijnen, cassislikeur en mosterd uit Dijon, comté uit de Jura. Verder zuidwaarts nougat uit Montélimar, herbes de Provence, roze knoflook uit Cavaillon, potten gevulde mosselen uit Sète en rode Banyuls. Alles zorgvuldig bij elkaar gescharreld.

Uit het westen piment d’espelette, wijnen uit de Bordelais, boekweitmeel uit Bretagne, witte Muscadets. Cider en kaasjes uit Normandië, Dan is het rondje nog niet eens compleet. Gereons Keuken Thuis kan uren struinen over markten, door grandes surfaces en langs wijnhuizen. Ondanks het voornemen om deze keer eens niet zoveel te kopen. Het lukt gewoon niet. De lokroep van het terroir en al het lekkers.

Een leuke tip en makkelijk te doen voor een dagje is gaan shoppen in Ronq net boven Lille aan de Frans/Belgische grens. Naast een mega Auchan vind je er ook  wijnwinkel en        -kelder Hyperwine. De laatste heeft altijd leuke aanbiedingen op wijngebied. En in de Auchan is gewoon alles te krijgen. Food en non food. Een andere tip is de Leclerc of Cora net onder de Frans/ Luxemburgse grens. Ideaal om nog wat laatste inkopen (vers) te doen tijdens je terugreis naar Nederland. Zo kom je in ieder geval bepakt en bezakt terug van je vakantie. Na een tour du terroir.

Blog 500, de stad van Bosch

 foto: het wakende oog in de kathedraal.

Blog 500!  Na vierenhalf jaar bloggen is het zover. Op Facebook plaatste Gereons Keuken Thuis een oproep: wat willen jullie lezen in blog 500? Rijntje Biljardt stelde voor een willekeurige kookencyclopedie open te slaan op pagina 500 en dat recept te maken. Anderen stelden de knalblauwe cupcakes van de foto of gefillter fisch.voor, die ik in het bericht noemde. Sophie van Wijnen ging voor een Bourgondisch familiemenu. Miss Foodie zag het wel zitten, dat ik 500 rode wijnen ging bebloggen. Monnikenwerk. Er was een voorstel voor zalm met asperges, een ander wilde weer iets met zuurkool. Jacqueline Backers stelde wintersportgerechten voor. Claudia Reina zag het wel zitten als Gereons Keuken Thuis ging schrijven over zijn favoriete etenswaren. Allemaal leuke ideeën, waarmee ik zeker het komende jaar iets kan doen op mijn blog. Hartelijk dank voor het inzenden!.

Eén inzending prikkelde mijn fantasie voor Blog 500. Yvet van Hilten kwam met het idee voor een recept van 500 jaar geleden met een anekdote à la Gereon. Dat wordt het. Ik kwam direct uit op de stad waarin ik opgroeide. De stad van Bosch.

We gaan dus 500 jaar terug in de tijd, naar de markt van de stad ‘s-Hertogenbosch, één van de vier kwartiersteden van het machtige hertogdom Brabant. Een vinexplaats avant la lettre, want deze stad was gegroeid als kool in de 15e eeuw.. En had aantrekkingskracht op velen, die zich er vestigden. Adel, burgers en heel veel geestelijken. Er kwam een grote kathedraal op de plek, waar voorheen een Romaanse parochiekerk stond. De Sint Janskathedraal, een waardig onderkomen voor het mirakelbeeld van Onze Lieve Vrouw. Kosten noch moeite werden gespaard. Het was me allemaal wat. Niet zonder slag of stoot. Denk aan het verhaal van de erwtenman, die als beeldhouwer werkte aan deze kathedraal. Elke dag bracht zijn vrouw hem een pannentje grauwe erwten. Hij vond dat geen maal voor een hardwerkende man en schopte de pan erwten naar benee. Sindsdien zit hij versteend boven de ingang van de Onze Lieve Vrouwekapel. Ga eens kijken of je hem kunt ontdekken.

Op de markt werd Jheronimus van Aken geboren. (zijn standbeeld staat voor het pand met de groene gevel). Hij werd een bekende kunstschilder onder de naam Jeroen Bosch. Want zo kennen wij hem. Ik probeer me regelmatig voor te stellen waardoor deze man zich liet inspireren. Waren het de spugers op de bogen van de kathedraal, de Middeleeuwse koppen van de bevolking in de straten van deze drukke marktplaats of ontsproot alles aan zijn eigen fantasie? Door zijn allegorische figuren werd Bosch ook wel de schilder van de duivel genoemd.

Jheronimus Bosch trad toe tot het Illustere Onze Lieve Vrouwe broederschap, een club, die in 1318 werd opgericht ter verering van de Zoete Moeder. Het was een gilde van clerici en leken. De broederschap kwam regelmatig bij elkaar en genoot dan van een geschonken zwaan als maaltijd. De schenker, meestal van adel, kreeg door zijn gift de naam zwanenbroeder. Zo heet in de volksmond het gilde nog steeds het Zwanenbroedersgilde. Hun onderkomen aan de Hinthamerstraat is nog steeds te bezoeken en het gilde bestaat nog steeds.

Tot zover de anekdote, nu nog het gerecht van 500 jaar oud. Het wordt geen zwaan kan ik verzekeren, want dat eten we niet meer. Maar in Den Bosch wordt tot op heden beuling gegeten. Bossche beuling voor deze blog 500. Nog steeds te verkrijgen bij enkele slagers, waarvan er één op de Pensmarkt huist. Een gerecht, dat de zwanenbroeders niet zouden versmaden, Jheronimus Bosch incluis.

De basis voor Bossche beuling bestaat uit zacht gegaard varkensvlees, boekweitmeel en rugspek. Het mengsel hiervan wordt in een kromme runderdarm gestopt met geheime kruiden, die per slager verschillen. Daarna wordt het geheel gegaard in bouillon tot een kerntemperatuur van 78 graden. Beuling wordt gebakken en gegeten met brood, net als balkenbrij.(bron: streekproducten/ Zuid Nederland)

Omdat de receptuur voor Bossche beuling per bron verschilt geef ik in deze blog 500 een recept voor mijn eigen homemade zure zult, ook zo’n oude Brabantse klassieker. Eet smakelijk Yvet van Hilten!

Zult kan worden gemaakt van kalfs-, varkens- of rundvlees. Restvlees dat lang word gegaard. Wordt zult gemaakt van een de kop, dan heet het hoofdkaas. Denk aan tête de veau. Als je veel botten en kraakbeen houdende vleesresten (zoals oor) mee kookt gaat er al een gelerende werking vanuit. Mocht het vocht te dun blijven kun je altijd wat gelatine toevoegen. Ik maak de zult met wat witte wijnazijn. Zult doet het ook goed als borrelhap bij een koud glas bier…., want 500 jaar geleden dronk men (in ieder geval) geen water. That’s sure.

Nodig:

1 kg schouderkarbonades

500 g krabbetjes

zout en peper

150 ml witte wijn azijn

zure augurkjes

nootmuskaat

3 kruidnagels

3 laurierbladeren

2 takjes tijm

gehakte peterselie

Bereiding:

Zet al het vlees net onder water in een pan. Maak een bouquet garni van de laurier en tijm. Voeg zout, peper, kruidnagels, nootmuskaat en de witte wijn azijn toe. Breng het geheel aan de kook, schuim eventueel af. Laat het vlees 2 à 3 uur trekken op laag vuur. Haal het vlees uit de pan en snijd heel fijn. Haal de harde stukjes eruit. Haal ook het vlees van de krabbetjes. Zeef de bouillon en laat afkoelen. Schep het vet eraf. Als het vocht is afgekoeld en het is niet dik genoeg, kun je het inkoken. Of wat gelatine toevoegen. Meng het vlees, gehakte zure augurkjes en de gehakte peterselie door de stollende bouillon. Giet het in een vorm en laat opstijven in de ijskast.

NB in het kader van de 500ste sterfdag van Jeroen Bosch gonst het van de activiteiten in het bruisende Den Bosch. Kijk op  Bosch 500 voor alle info!

Over Rot.

 foto: cover Over Rot

Een rotboek ligt er in Gereons Keuken Thuis. Beter gezegd een boek Over Rot. Na Over Rook, dat mij verleidde om weer eens te gaan roken (geen tabak), is er nu een boek dat mij gaat leren fermenteren. Het spelen met microben om aan voedsel een extra dimensie te geven. Meneer Wateetons, vorser par excellence, schreef een handboek voor fermenteren. Een soort scheikundedoos in boekvorm. Want fermenteren is makkelijk thuis te doen. Geheel in de trant van zijn eerdere boeken schuwt hij het experiment niet.  Hij bouwt een oude ijskast om tot fermentatiekast. Laat zien hoe je met weinig middelen vlees, vis, groenten, zuivel, brood en bonen kunt laten rotten. Geeft uitleg over de theorie, schoon werken en de verschillende methoden. Daarna kun je aan de slag. Met zuren, bacteriën en yoghurtbloempjes. Een soort Micropia in je keuken of garage. Startculturen en de werking van kruiden. Geïllustreerd met tabellen en tekeningen.Over Rot is een boek waar je even voor moet gaan zitten. Meer dan 300 pagina’s over allerlei processen. Het is geen kookboek. Het hoofdstuk groenten start met uitleg van Oos Kesbeke, de Amsterdamse tafelzuurmaker. Wat melkzuur en zout doen met je augurken of andere groenten. Een ander fermentatieproces is het maken van dranken, bier, wijn of sake. Een meer en meer voorkomende hipsterbezigheid. Meneer Wateetons vertelt er alles over. Ben benieuwd wanneer Gereons eerste biertjes van de band rollen. Ga in ieder geval beugelflessen verzamelen.

Over Rot besteedt ook veel aandacht aan vlees, vis en eieren. Hoe je zelf vleeswaar maakt of trassie. En zelf kaas maken ontbreekt ook niet. Door Over Rot te lezen kom je erachter dat ons leven vol gefermenteerd voedsel is. Zo had ik het nog nooit bekeken, maar logisch vind ik het wel. Het is een mooie methode om je voedsel te conserveren en extra smaak te geven. Na het in de pot hakken van peren wellicht een nieuwe uitdaging in dit nieuwe jaar.

Over Rot is wederom zo’n typisch jongensboek (ook voor meisjes), waarin Meneer Wateetons laat zien hoe leuk en spannend het is om processen te doorgronden en er zelf mee aan de slag te gaan. Dat deed hij in Over Rook en doet hij nu weer in Over Rot. Dit boek nodigt uit om direct aan de slag te gaan. Met simpele middelen. Mijn handen jeuken.

Over Rot, Meneer Wateetons (ISBN 9789461431226) is  een uitgave van Good Cook en is te koop voor € 29,95

De wilde Keuken, Stéphane Reynaud.

 foto: De Wilde Keuken.

Het is december een wildmaand bij uitstek. In deze tijd van het jaar verschijnt bij menigeen een stukje everzwijn, ree, konijn of fazant op tafel. In zijn boek De Wilde Keuken nodigt Stéphane Reynaud de lezer en koker uit in de wondere wereld van jacht op het Franse platteland.

Stéphane behoeft nauwelijks nog introductie. Ik verslind zijn boeken, vol anekdotes, verhalen, fictief of niet, leuke woordspelingen en natuurlijk likkebaardend lekker eten. Reynaud spijkerde mij bij over varkensvlees, over paté’s en pasteien, over de echte Bistro keuken. En hoe je een kinoupaté assembleert. Deze keer vertelt de schrijver alles over veder- of haarwild. De wilde keuken, 120 gerechten van de echte jager. Instant Astérix– en Obélixgevoel.

Het boek start met haarwild. Het ree, mannetje van de reegeit en papa van de reekalfjes, verblijft dakloos in het bos. Jager Didier uit Landira schiet er twee en rijgt ze aan het spit.  De vrouw des huizes zet een magnum rouge op tafel et voilà. Hierin ademen de boeken van Reynaud gewoon terroir. Met een klassiek recept voor reebout, ree-noisettes of ree met chocolade zoals kok Big Ben hem maakt.

Het wildzwijn komt aan bod, mannetje van de bache (zeug) en papa van de biggetjes. Verblijft graag in modderpoelen. Het bos geurt op 1100 meter hoogte naar wilde zwijnen. De familie Faure gaat op jacht. In vol tenue. De honden zijn opgewonden. Er wordt een ever van 70 kg geschoten, schoon aan de haak. Voor een gerecht van wildzwijn met worteltjes, met ansjovis of een homemade terrine. Ruk de fles Cahors maar aan.

Het haas (in jagerskringen wordt altijd gesproken in het i.p.v. de), het springende dier komt aan bod. Zijn soortgenoot het wilde konijn. Voor hazenpeper of de zeer actuele haas à la royale.  Het stropen van een konijn, voor een gebraden konijn, voor wie tegen een stootje kan. Rillettes.

De Wilde Keuken gaat verder met vederwild. Fladderend door de campagne en de bossen. Wilde eend, sneeuwhoen, patrijzen en fazant. Maar ook kwartels, lijsters en leeuwerik. In Frankrijk is namelijk de natuur een grote provisiekast.

foto: terrine van fazant.

De fazant verblijft in een nest en maakt een jengelend geluid. Aldus de schrijver. Kleinzoon Jean beleeft zijn vuurdoop en kan niet met lege handen thuiskomen.  Fazant met kool, een doodgewone fazant of een prachtige chartreuse levert deze vogel op.De Patrijs vliegt langs, wederom met kool of chiquer met foie gras. De kwakende eend, hier zijn vele bereidingen voor, gebraden, de borst of confit. Reynaud beschrijft een paté en croûte van de kwak-kwak. Een gerecht van kok Mayol.

De kwartel komt aan bod, de duif en ander gevleugeld en eetbaar, genot. De schrijver, de jagers en de koks weten er wel raad mee. Duif in een cassoulet of met doperwtjes. Lijsters en leeuweriken staan niet zo vaak op het menu in de lage landen. Het deel vederwild wordt afgesloten met de sneeuwhoender en de snip.

Het boek De Wilde Keuken sluit af paddenstoelen, bramen en bessen voor in een soepje, omelet, een confiture of dessert. Want ook die kun je in het bos scoren.

Stéphane Reynaud heeft in dit boek kosten noch moeite gespaard je mee te nemen op reis in de wereld van de Franse jager, met down to earth verhalen, mooie foto’s, vrolijke illustraties, un clin d’ oeil (knipoog) op zijn tijd en heerlijk eten. Een kookboek naar mijn hart. En aanwinst in Gereons Keuken Thuis. Bon Noël!

De Wilde Keuken, Stéphane Reynaud (ISBN 9789059566460) is een uitgave van Fontaine Uitgevers en is te koop voor € 34,95

Amuse vrijdag.

019  foto: Beaune

Ik wil het vandaag amuse vrijdag noemen. We leven twee weken voor het grote Kerstfeest. Ik speur door Gereons kookboekenhoek. In een Bourgondische bui.  Op zoek naar hepkes voor bij de borrel of deftiger gezegd amuses. Ik ontdekte dat ik er al heel wat heb beschreven in mijn food- en wijnbloggersbestaan. Dit was destijds de reden waarom ik over mijn creaties (ahum) ging schrijven. De wijnproevers wilden weten hoe ik alle hapjes maakte. Gewoon, was dan mijn antwoord. Een beetje van dit of dat. Een soort van knippen en plakken. Dat doe ik vandaag ook uit eerdere afleveringen op mijn blog en uit mijn kook- en leesboek Gereons Keuken Thuis. Een amuse vrijdag of moet ik er amusant van maken.

Eendenborstrolletjes met een zongedroogde tomaat of gewelde pruim voor bij de rode Bourgogne. Met een likje abrikozenjam van de buurvrouw.

Nodig:

100 g gerookte eendenborst

gedroogde tomaatjes in olie

gewelde pruimen

Bereiding:

Rol een zongedroogd tomaatje (wel even op papier laten uitlekken) in een plakje gerookte eendenborst, doe het zelfde met een pruim. Vergeet bij de pruim niet de pit eruit te halen. Zet vast met een prikkertje.

005   foto: Beaune

 

Mango met hete garnaal is een leuke amuse voor bij een glaasje crémant de Bourgogne. Feestelijk simpel zou ik zo zeggen. Scoor wat rijpe mango’s, ontdooi twaalf tijgergarnalen, Assembleer een beetje. Zoet en heet in één hap. Geblust met de bubbels, gemaakt van de pinot noir of chardonnay druif.

Nodig:

2 mango’s in stukjes
1 glaasje wodka
1 el suiker
12 tijgergarnalen rauw en schoongemaakt.
cayenne peper
zout
staafmixer

Bereiding:

Pureer de mango en voeg wat suiker en de wodka toe. Zet deze in de vriezer en roer om het half uur met vork om. Na 3 uur is de granité klaar. Let wel  op dat je telkens het bevroren deel losmaakt met vork. Pel de rauwe garnalen en verwijder eventueel het darmkanaal. Bestrooi de garnalen met wat zout en cayennepeper. Gril de garnalen kort op grillplaat of grillpan. Doe dit pas als de granité echt klaar is.Serveer de granité op een amuselepel en leg direct de iets afgekoelde garnaal erop. Ook mooi is dit te doen in grote zelf gevonden Noordzeeschelpen.

 030 foto: Beaune

Verrines au thon et fromage blanc of leuke glaasjes gevuld met een mousse van tonijn en kwark. Voor als de witte en frisse wijn uit de Loire lonkt.

Nodig:

1 blikje tonijn op water

1/2 pot fromage blanc of kwark
1/2 potje crème fraîche
kappers uitgelekt
peper
zout
1 el olijfolie
dragon

staafmixer

10 kleine glaasjes/ potjes

Bereiding:

Maak de tonijn fijn met olie en zout, voeg de dragon toe, de crème fraîche en de kwark. Pureer alles tot een gladde mousse. Voeg de kappers en peper naar smaak toe en vul de glaasjes. Serveer met geroosterd volkorenbrood in  smalle reepjes.

012  foto: Beaune

Een ideale amuse zijn rauwe hamrolletjes met rucola. Gemaakt in een handomdraai. Ik heb er tijdens kookworkshops heel wat langs zien komen door de jaren heen. Voor bij een glas Morgon, om maar eens een cru uit de Beaujolais te noemen.
Nodig:

200 g. rauwe ham

100 g rucola

pijnboompitten of gehakte noten

250 g mascarpone

balsamico azijn

peper

verse basilicum

prikkers
Bereiding:

Knip of snijd de ham in reepjes. Rooster de pijnboompitten of noten. Maak de rucola aan met de balsamico, basilicum en nootjes. Smeer elk plakje ham in met wat kaas en rol de rucola hierin in. Serveren op schaal met prikkers.