Gevulde mosselen op de wijze van Sète

In Frankrijk zijn ze overal te koop. Grote potten met gevulde mosselen in tomatensaus. Dit beroemde gerecht komt uit het stadje Sète aan het bassin van Thau (Languedoc), waarin de mosselen en oesters worden gekweekt. Deze gevulde mosselen zijn makkelijk te maken. Erbij kun je de lokale witte wijn drinken, Picpoul de Pinet.

 

Nodig 4 personen:

20 grote schone mosselen
400 g half om half gehakt
peterselie fijngehakt
zout en peper
2 tenen knoflook
1 ei
1 blik gepelde tomaten
1 blikje tomatenpuree
3 dl witte wijn
2 dl water
citroenrasp

Bereiding:

Open de mosselen met een mes en geef een tegengestelde draai aan de sluitspier, zodat de mosselen tijdens het koken niet meer open gaan. Maak het gehakt aan met ei, zout, geperste knoflook en peterselie.
Vul de mosselen met gehakt en druk schelpen op elkaar. Leg de mosselen in een pan.
Verwarm in een pan de tomaten, tomatenpuree, de wijn en het water. Als de saus kookt, giet hem dan over de mosselen in de pan en laat dit 20 minuten sudderen totdat mossel en gehakt gaar zijn. Voeg eventueel nog wat vocht toe. Maak de saus af met wat citroenrasp, peper en zout.

Serveer de mosselen met wat spaghetti.

Madame du Barry en haar saus

 

foto: Comtesse du Barry (internet)

 

Ze was een deksels mooie meid, die Marie Jeanne Bécu. Geboren in een eenvoudige familie, maar met een ambitieuze moeder, die haar een goede opvoeding en opleidingen gaf. Ze werd een echte social climber. In de salons van het Parijs van de 18e eeuw leerde ze de edelman Du Barry kennen. Ze werd zijn maîtresse. Later maakte ze promotie en werd na het overlijden van madame de Pompadour, het liefje van koning Lodewijk XV. Om aan het hof te komen, had je een adellijke titel nodig. Marie Jeanne werd de gravin Du Barry. Net als voor haar voorgangster bouwde de koning een mooi stulpje voor zijn maîtresse. Daar vonden hun rendez vous plaats. Vele avonden zullen ze daar genoten hebben van het voedsel, de wijnen en elkaar. De mare ging dat Marie Jeanne de koning vervreemdde van zijn familie en het hof. Maar dat kan ook roddel en achterklap in de gangen en zalen van Versailles zijn geweest
Modieus en goed opgevoed zette zij zich invoor goede doelen, ze had invloed op de koning. maar in de aanloop van de Revolutie kreeg zij ook steeds meer kritiek. Na de dood van Lodewijk XV in 1774, trok de flamboyante gravin zich terug in een klooster in Meaux, waar brie en mosterd vandaan komt.
Madame Du Barry wordt vooral geassocieerd met een crème of saus gebaseerd op bloemkool en aardappel. Of deze bloemkool connotatie te maken heeft met haar voluptueuze kapsels is niet bekend. In de Franse keuken worden veel bloemkool bereidingen nog steeds du barry genoemd. De saus kan worden gegeten bij wit vlees of groenten. Het zou me niet verbazen als er aan het hof ook een mooie Montagny werd gedronken, wit en rond uit de Chalonnais.
Voor het foodblogevent van april is mijn inzending dan een Du Barry saus. Ter variatie doe ik er wat kappertjes bij.

Nodig:

250 g aardappels
500 g bloemkoolroosjes
4 dl melk
1 l water
nootmuskaat
zwarte peper
zout
2 el kappers
30 g boter
1 eidooier

Bereiding:

Kook de bloemkool en aardappels gaar in een liter heet water. Laat het geheel dertig minuten doorkoken. Giet af maar bewaar wat kookvocht. Pureer de bloemkool en aardappels met een staafmixer. Breng op smaak met peper en zout. Doe de crème terug in een pan en voeg de melk toe. Breng op nieuw aan de kook. Voeg de boter in blokjes en verse nootmuskaat toe. Als de saus te dik wordt kun je nog wat kookvocht toevoegen.Laat de kappers uitlekken op papier. Laat de saus iets afkoelen en klop de eidooier erdoor. Meng de kappers als laatste erdoor.

Côteaux d’ Ancenis Malvoisie met Bourgondische kaashapjes

foto: wijnbouwer Pierre Guindon

Vandaag wil ik het hebben over een speciale wijn van een bijzondere wijnbouwer uit Saint Géréon. (what’s in a name?) In 2006 las ik in een Frans wijntijdschrift een kort bericht over meneer Pierre Guindon, die een hele mooie Muscadet prestige maakte. Nieuwsgierig naar zijn product heb ik contact met hem gezocht. Onze eerste ontmoeting vond plaats op een parking in Turnhout. Hij had van zijn wijnen een hele range meegebracht, waaronder de wijn van vandaag de Malvoisie. Vele andere ontmoetingen volgden.

Malvoisie, een witte wijn, wordt gemaakt in kleine oplage van de pinot gris druif, die in de Loirestreek malvoisie wordt genoemd. De pluk is een zogenaamde vendange tardive, de druiven worden laat geplukt en met de hand. Daarna worden ze geperst en vindt er een fermentatie van 3 weken plaats. Dit levert een vin moelleux op. De Malvoisie kenmerkt zich door lichte en volle smaak, die doet denken aan rijpe appels en peren. Malvoisie smaakt zeer goed bij ganzenlever, patés, zoete fruittaarten en waarom ook niet bij een lekker kaashapje.

Erbij serveer ik Bourgondische kaashapjes, gougères.

Nodig voor 25 kleine gougères

1 dl water
50 g boter
100 g bloem
3 à 4 eieren (afhankelijk van de grootte)
50 g geraspte gruyère
1 snufje zout

Bereiding:

Verwarm in een pan het water met de boter en het zout. Breng aan de kook.
Haal als de boter gesmolten is de pan van het vuur. Voeg de bloem in één keer toe. Roer goed om met een pollepel. Zet de pan weer op het vuur en roer totdat het deeg een bal vormt en loslaat van de bodem. Haal de pan van het vuur en voeg één voor één de eieren toe.  Het deeg is goed als het aan je vinger blijft plakken. Voeg dan de kaas toe. Maak kleine balletjes op een bakplaat. Bak deze 15 minuten tot dat ze goudbruin zijn.

Binnenkort meer over de andere mooie wijnen van Domaine Guindon

Uit de Berry, paastaartjes.

foto: George Sand (internet)

 

Het is een koude rustige zaterdagmorgen. Dit soort ochtenden geeft mij altijd de inspiratie voor een “terroir” blog. Vandaag gaan we naar de Berry, een voor velen wat onbekende streek met Bourges als hoofdstad. Velen rijden er doorheen op weg naar het Zuiden. Buitenlanders komen hier haast niet. De Berry is een voormalig hertogdom in het hart van Frankrijk. Het is een dunbevolkte landelijke streek met even robuuste inwoners als keuken.
De Berry is beschreven in vele romans champêtres, landelijke vertellingen van schrijfster George Sand, pseudoniem van barones Amandine Lucile Aurore Dudevant. Zij was een dekselse meid en feministe avant la lettre. Velen kennen haar van haar stormachtige romance met de componist Chopin. Nadat zij haar wilde haren kwijt raakte vestigde zij zich weer in deze landelijke streek om te schrijven. En dat was meer dan nodig. George moest “brood” schrijven om de monden van de vele gasten te vullen op haar landgoed Nohant. Die kwamen af en aan en prikten allen een vorkje mee. Tot haar dood zou zij blijven schrijven. Meer dan honderd romans, tienduizend brieven en vele toneelstukken. Er is tegenwoordig een heel parcours door de streek uitgezet aan de hand van haar boeken.
Maar nu de keuken. De Berrichons koken op robuuste wijze. Veel stevige soepen, vis uit de rivieren Cher en Indre, lamsvlees, Charolais rund en kastanjes. Stevige maaltijden voor hen die hard werken op het land. Ook zijn de geitenkaasjes, zoals crottins uit de streek bekend, die perfect samengaan met de wijnen uit Sancerre en Reuilly. Er valt heel wat te ontdekken op eet- en drinkgebied in deze streek.
Met Pasen in zicht dacht ik aan paastaartjes gevuld met drie soorten vlees en geitenkaas. Een “paté de Pâques au Biquion”. In de Berry worden deze gevuld met varkens-, rund- en jonge geitenvlees. Ik maak er een simpele versie van met rundergehakt en lamsvlees. Er bij drinken we een rode Reuilly  gemaakt van de pinot noir druif. Een rode wijn uit een koel klimaat, licht met hints van frambozen en viooltjes. Een mooie tegenhanger van de paastaartjes.

Nodig 4 personen:

4 vellen bladerdeeg
125 g rundergehakt
100 g lamsvlees in hele fijne reepjes
75 g verse geitenkaas
1 sjalotje
2 el gehakte peterselie
4 eieren
nootmuskaat
peper en zout
olie

Bereiding:

Meng het gehakt, fijngesneden lamsvlees, gesnipperd sjalotje, 1 eidooier en peterselie door elkaar. Maak dit vleesmengsel op smaak met peper, zout en een snufje nootmuskaat. Kook twee eieren hard en pel ze. Snijd de eieren in kwarten.  Rol de vellen bladerdeeg heel dun uit. Leg ze op een met bloem bestoven werkblad. Verdeel de helft van het vleesmengsel over de vier vellen deeg en leg op elk 2 partjes ei. Maak af met een plakje verse geitenkaas. Verdeel daarna de rest van de vleesvulling over de flapjes. Vouw de vellen deeg goed dicht en druk aan met een vork. Bestrijk met eigeel voor ze de oven ingaan. Bak de flapjes in 25 minuten goudbruin in een oven van 180 graden. Serveer deze paastaartjes op een bord met wat waterkers.

Salade pissenlit, paardenbloem salade

 

 foto voorjaar in de Bourgogne

Italiaans koken met Antoinette stelde deze week op Facebook de vraag, of je ook over minder gangbare gerechten en producten zou bloggen. De antwoorden op haar vraag varieerden van “Ja natuurlijk!” tot “Nee, dat is niets voor mijn lezers” Ik vind het wel een uitdaging, ander vlees dan bij de supermarkt in Nederland ligt of  om andere groente uit te proberen. In andere landen om ons heen wordt nog heel wat af verzameld en geplukt langs de weg. Binnenkort is het weer lente en komen de verse blaadjes en bloemen van de paardenbloem weer op. Paardenbloem blaadjes smaken licht bitter, de bloemen milder. In de Morvan wordt van de gele bloemen ook een zoete gelei gemaakt voor op brood. Paardenbloemblad is heerlijk door de salade, net als zelfgezaaide snijbiet in allerlei kleuren. Vandaag een salade uit Lotharingen, salade pissenlit, een paardenbloem salade met warme aardappels. Voor het gemak maak ik gebruik van  rucola, een verwant van de paardenbloem. Is het ook de wat minder avontuurlijke lezers te behappen. Bij deze salade raad ik een Riesling uit de Moezelstreek aan.

Nodig 4 personen:

400 g krieltjes
200 g rucola
100 g spekblokjes
1 sjalotje
gehakte bieslook
1 teen knoflook
1 el grove mosterd
peper
zout
olijfolie
witte wijn azijn

Bereiding:

Was de krieltjes en kook ze gaar in hun schil. Was de rucola en laat uitlekken. Verhit de olie en bak de gerookte spekblokjes uit met het sjalotje en de knoflook. Snijd de nog warme krieltjes doormidden en meng deze met de rucola en bieslook. Schep de spekblokjes over de salade. Blus het spekvet met wat witte wijnazijn en voeg een schep grove mosterd toe. Giet de warme dressing over de salade. Serveer direct met een stuk knapperig stokbrood.

Lyon, dimanche des bugnes.

 foto “Cuisine du Terroir” uit 1987

Ik heb ter inspiratie “Cuisine du Terroir, the lost domain of French cooking” weer te voorschijn gehaald. Ik heb dit boek al sinds mijn studietijd.(en dat is al een tijdje geleden) en het staat nog steeds prominent in mijn keukentje. Het boek is een bloemlezing van alle streekgerechten uit Frankrijk. Gebracht per regio. Niet de regio’s of departements, zoals wij die heden ten dage kennen. Nee, het kookboek is gebaseerd op culinaire regio’s en tradities van de perfecte zeshoek. Zo lees je recepten uit Artesië, de Berry, het graafschap Nice en zo verder. De recepten zijn vergaard in hun eigen streek door meesterkoks uit geheel Frankrijk.
Vandaag is het “le dimanche des bugnes”, de eerste zondag van de vastentijd. Bugnes of te wel gefrituurde reepjes deeg met citroenschil zijn een klassieker uit de keuken van Lyon.  Deze lekkernij wordt traditioneel gemaakt op deze zondag, maar velen vinden het zo lekker, dat de bugnes Lyonnaises ook op andere dagen van het jaar verkrijgbaar zijn. Ze liggen bij veel bakkers in de stad. De wijn die bij deze zondagse traktatie hoort is een crémant de Bourgogne, het liefst een blanc de noirs. Een sprankelende bubbelwijn gemaakt van de pinot noir druif.

Nodig:

schil van halve citroen
500 g bloem
6 eieren
90 suiker
100 g zachte boter
2 tl rum
1/2 tl zout
olie om te frituren
poedersuiker

Bereiding:

Schil de citroen en kook de schil kort in heet water. Laat afkoelen en hak fijn. Doe de bloem in een kom, breek de eieren erboven. Voeg de zachte boter, 1/2 tl zout, suiker, rum en citroenrasp toe. Maak een stevig deeg van alle ingrediënten. Bestrooi een plank met wat bloem en kneed het deeg goed door. Zet het deeg daarna 2 uur in de ijskast. Rol het deeg uit op een met bloem bestoven plank en maak er dunne repen van. Verhit in een pan de olie en frituur de repen deeg beetje bij beetje. Keer ze halverwege om. Als de bugnes goudbruin en gaar zijn, schep je ze op keukenpapier. Ga zo door tot alle repen gefrituurd zijn. Serveer direct bestrooid met poedersuiker.

bron: Cuisine du Terroir, the lost domain of French cooking ISBN 0-9512121-0-9

Salade Beaujolaise met een krokant ei.

 foto: de cru’s

Ik bezocht deze week de proeverij van  France Vins in Amsterdam, waar ook enkele Beaujolais exposanten waren. Trots presenteerden zij hun “gamme”. Variërend van een “rosé bulles”, die geen crémant mag heten, omdat het geen AOP is in de Beaujolais, via de witte variant tot alle rode cru’s. Er zit veel beweging in deze streek. Je merkt dat de producenten er alles aan doen om hun mooie producten naar voren te schuiven. We kunnen er wel weer over beginnen, over die Beaujolais Nouveau, maar dat weet iedereen inmiddels wel. Dat is gewoon een traditie, die wereldwijd vermarkt is. Zaak is het ook voor deze boeren om juist hun speciale wijnen te tonen. En dan sta je eerst bij een tafel met een verscheidenheid uit de cru Juliénas, vieilles vignes, fut de chêne, geen houtlagering, vijftig tinten rood dus van één producent. Dat maakt het kiezen niet makkelijker voor de leek.
Anderen kiezen ervoor een tour te maken door de hele streek en bieden naast 3 cru’s, zoals St Amour, Morgon en Fleurie ook een Beaujolais Villages en de gewone AOP aan. Soms nog als extraatje wat wit, gemaakt van de chardonnay en als klap op de vuurpijl een “crémant” gemaakt van de gamay. Sommige dingen zijn een succes sommige niet. Maar ja, dat is subjectief.
Je ziet dus dat er in de wereld van wijn ook door deze producenten telkens opnieuw wordt gezocht naar nieuwe wegen, al zijn sommige zo oud als de Romeinse weg die ooit van Parijs naar Lyon liep dwars door dit gebied. Blijft dat de Beaujolais een heerlijke streek blijft om in rond te toeren en er voor ieder een wijnstijl te vinden is. En natuurlijk eten. Bijvoorbeeld de beroemde Salade Beaujolaise van Café des Sports in Fleurie. ’s Middags schuift iedereen er voor aan. Ik maak hem thuis wel eens, maar om geklieder te voorkomen met een gepocheerd ei, maak ik er een oeuf croustillant bij. Het is natuurlijk overbodig te zeggen dat deze salade het goed doet bij een goed glas Fleurie.

Nodig voor 4 personen:

1 krop frisée sla
1 krop eikenblad sla
250 g gerookte spekjes
3 sneden oud witbrood
4 eieren
olijfolie
2 tenen knoflook
1 el mosterd
rode wijnazijn
1 tl dragon
bloem
peper en zout

Bereiding:

Bak de spekjes uit en laat uitlekken op een stuk keuken papier. Pluk en was de salade. Snijd het witbrood in blokjes en bak er krokante croutons van met wat uitgeperste knoflook. Maak van de olie, azijn mosterd en dragon een dressing.
Verhit een ruime hoeveelheid  olie in een diepe pan.  Breek de eieren één voor één in het vet. Bestrooi de boven kant met wat bloem en draai het ei om. Bestrooi ook de andere kant met wat bloem en draai nog eens om tot er een mooi krokant ei ontstaat. Laat de eieren uitlekken op papier en bestrooi met zout en peper.
Doe de sla op 4 borden en schep de dressing erover. Daarna de spekjes en croutons. Erboven op komt het krokante ei.

Cake met olijven, spekjes en witte Mâcon

foto Mancey en de Col des Chèvres

In het zuidelijke deel van Bourgondië loopt een heuvelrug, die de Monts du Mâconnais wordt genoemd. Het is een massief van kalksteen. De heuvelrug vormt de scheiding tussen de vallei van de rivier de Grosne in het westen en de vlakte van de Saône in het oosten. Er wordt ook beweerd dat het ook de scheiding is tussen de langue d’Oil en de langue d’Oc, de twee voorlopers van de huidige Franse taal.  Eén van de meest bekende plekken is de Roche du Solutré, omringd door de wijngaarden van de Mâconnais. Deze plek wordt al sinds de oertijd bewoond. Over de Monts du Mâconnais loopt ook het monnikenpad, dat een oude pelgrimsroute is van Beaune naar Cluny. Overal op de kammen zijn tekenen te vinden van dit Middeleeuwse pad, markeringen, schuilhutten. Bij helder weer zie je in het noordoosten de Jura en naar het zuidoosten de pieken van de Alpen. Het is dus de moeite waard het pad eens een stuk te lopen. Bijvoorbeeld op de Col de Chèvres bij  het dorp Mancey. Je gaat bij de kerk steil omhoog en kunt dan het monnikenpad volgen op 450 meter hoogte. Tussen de eikenbomen door. De beloning is een fraai uitzicht over de dorpjes met huizen van grove steen, de weilanden met witte runderen en de wijngaarden. Wie weet kom je een verdwaalde das of een everzwijn tegen. En voor de hongerige mens onderweg een op zijn Bourgondisch stevige cake met olijven, spekjes en witte Mâcon. Om te voorkomen dat de wijn in de benen zakt tijdens het wandelen, drinken we een witte Mancey uit de Essentiels collectie bij terugkomst van het pad.

Nodig:

4 eieren
1,5 dl witte Mâcon wijn
1,5 dl olijfolie
250 g bloem
125 g geraspte belegen kaas
150 g  fijn gesneden zwarte en groene olijven
2 tenen knoflook geperst
150 g spekblokjes
peterselie
bieslook
1 zakje gist
peper

Bereiding:

Bak de gerookte spekjes uit. Meng de bloem, eieren, wijn, olie en gist in een kom en klop tot beslag. Voeg de kaas toe en zwarte peper. Meng daarna de bieslook, peterselie, olijven en spekjes door het beslag. Vet een cakevorm in met wat boter. Stort het beslag in de vorm en bak de cake in 45 minuten gaar in een oven  op 200 graden.
Je kunt met de ingrediënten eindeloos variëren, door bijvoorbeeld wat geblancheerde groenten als prei, wortel of selderij toe te voegen.

High tea recept foodblogevent juli

foto Basilius kathedraal aan het Rode Plein
 

Het is zomer en in deze julimaand is het thema van het foodblogevent high tea.Nu ben ik zelf niet zo een theeleut, maar in de buitenlucht aan een mooie tafel genieten van zoete en zoute hapjes is wel aan mij besteed.  Ook heb ik altijd met plezier high tea workshops gegeven. Misschien toch maar weer eens doen. Mijn favoriete hapje voor bij een high tea is natuurlijk de blini. Een mooie samovar ernaast met zwarte thee en je waant je in je eigen datsja. De blini veroverde mede dankzij Russische adel Europa in rap tempo in de negentiende eeuw. De toepassingen zijn dan ook eindeloos. Ik beleg de blini’s met gerookte forel met bieslook, zalmtartaar met zalmeitjes. Bij de blini”s drink ik graag een glas crémant de Bourgogne.

Nodig voor circa 20 blini’s:

1/2 zakje droge gist
250 ml melk
150 g boekweitmeil
2 eieren
1 tl suiker
zout
boter of olie om te bakken
50 g bloem

Beleg:

150 g gerookte forel
paar takjes bieslook
zure room bekertje
150 g verse zalm gehakt
takjes dille
potje zalmeitjes
citroen sap

Meng gist en 100 g boekweitmeel en de helft van de melk door elkaar. Beslag een uurtje op een warme plejk laten rijzen. Eieren splitsen, dooiers los kloppen met zout en suiker. 25 g boter smelten in warme melk. roer dit dan door het gerezen beslag. Schep de rest van het boekweitmeel en bloem erdoor. Klop de eiwitten stijf en spatel door beslag. Laat nog eens een half uur staan en bak dan de blini’s in een poffertjes pan of met een eierring. Bij een poffertjespan worden het er natuurlijk meer.

Hak de bieslook fijn. Snijd de forel fijn. Besmeer alle blini’s met zure room. Doe de fijngehakte zalm in een kom met wat dille zout peper en citroen sap en zet even weg. Beleg de blini’s met de forel en de uitgelekte zalmtartaar. Leg op de forel wat bieslook. En garneer de zalm met wat zalmeitjes en een takje dille.

Enjoy your tea.

Carol Drinkwater, Stuffed farmer’s bread.

 

 Picture courtesy Carol Drinkwater from her website
Recently I invited Carol Drinkwater to particpate in my series “geprekken en gerechten” (conversation and recipes) Carol Drinkwater is an exceptional and multi talented woman.  She starred as an actress in many TV series, on stage and films. In the Netherlands we know her as Helen Herriot from the series ”All creatures great and small” that is now again on Dutch television. She is a film maker. Carol is also a writer of many books,  her memoirs on buying a house, called Appassionata, and her adventures in the Provence. She restored its olive groves and got an AOC. This resulted in another passion. Carol dived into the history and culture of the olive tree and its fruits. I am now reading her book the “Olive Tree” It can be said that she became a real expert on this topic. For all these reasons and from a culinary point of view I am very interested what she will answer to my questions. Let’s see if  I can write her a recipe,  that  reflects  her passions and talents. And sure, a Provencal touch and olive oil will be in the recipe.
Who is Carol Drinkwater? Tell me some more
I was born in London though I am Irish and my Irish culture and background is very important to me. I believe that the passion the Irish have expressed to win back their land and to rediscover their own identity is an energy I have directed in other ways. I am equally passionate about my life in France where I am married to a French documentary film producer. Together, we make films and tell stories with words and pictures. I think of myself as an actress, writer and filmmaker.
When did you start acting and which role you still remember?
My very first role was playing the small girl in Arther Miller’s The Crucible. I was eleven-years old. This was at the loacl repertory theatre. I had wanted to act from the age of about four but this experience consolidated the dream for me. My first professional role was in Stanley Kubrick’s film,Clockwork Orange. This was directly after drama school.
You wrote me that you were filming this June, when did you start these activities? And what kind of films you make?
We have been shooting a five-film documentary series inspired by my two books The Olive Routeand The Olive Tree. We have been shooting all around the Mediterranean. It was has been a very special experience.
You wrote a lot of books, childrens books, but also memoirs of buying a house and living in France, on olive trees, can you tell something more on your writing?
I have been writing since I was a small girl but only began to write professionally in the late 80s. My husband, Michel, encouraged me to get on with it. My first book was for youngsters, The Haunted School, and we made it into a film in Australia. It won the Chicago Film festival’s gold award for children’s films.
The Olive Farm is the first book in the Olive series. It is translated into Dutch and has sold very well there. It recounst the stories of our purchase of this rundown olive farm here in Provence. There are now seven books in the series icluding a fabulous photogrpahic book called The Illustrated Olive Farm. This series of books has sold well more than a million copies.
If you had to choose, only one option is possible, between being a writer or actress? What would it be?
I never make this choice because I don’t see a line down the middle between them. I am telling a story as an actress just as much as when I write a book. I like to think I am someone who takes people and situations from life and turns them nto fascinating stories.
You als write historical novels, in August, your new book Nowhere to Run will be published? Can you give a clue?
This is one in my young adult series published by Scholastic Books in the UK. It is the story of a young girl, Rebecca, who escapes from Poland in 1938 and they head for Paris. From Paris, they are forced to run to the South of France. And then they must run again, which explains the title. They are a Jewish family trying to escape the Nazis.. I love this book. I hope t will be as succesful as the others in the series.
Which plant do you like the most and which one you dislike? I am very curious about that
Well, I must say olive trees. Of course! I have travelled all over the Mediterranean in search of their stories, the stories of those who live by the olive tree and the history of the tree. It is a very very fascinating plant. There is no plant I don’t like though I am not very inspired by ivy because its roots breaks up our walls…
You traveled a lot worldwide,  what are your favorite spots?
Many places. I love Australia and I am very fond of Palestine and Lebanon. The Middle East because its cultures are so old and, sadly, confused and tragic. Palestine is a very beautiful land with a heartbreaking history. I also love the island of Sicily and, of course, the South of France.
What was the biggest difference between your life in the UK and France?
I was never very at home in the UK. I prefer to be in southern Ireland but the weather in Ireland is a bit cold for me. I am a lizard and love the sun. Here, in the south of France, I have found my spot, you might say. Like a dog curled up sleeping on the terrace.
Has it been easy to adapt for you to the French customs?
No, they were waiting to welcome me here!
Can you tell me some more on the olive growing process? That must be quite a hard job
It is a very time-consuling provcess and that is why olive oil can be very expensive. We pick our fruits by hand and we use no pesticides on the land. This is an organic farm and that, too, adds to the challenges. The trees need little watering because they are very drought-resistant but they need pruning every second year and we have to watch for an insect called the olive fruit fly that lays its eggs in the growing drupe. This is usually why farmers spray with chemicals but we are always looking for organic methods to combat the fly. It’s not easy!
Last April I visited the South of France and was caught again by the blue of the Sea, the yellow of the Sun and the snow in the mountains? After all these years, are you still taken by thes colours?
Every day, I marvel at the beaty and the colours. Now, midsummer, the garden is ablaze with oleander flowers of vibrant reds, picks, shades of apricot and the bougainvilleas. Oh, it is a joy to see them.
On food, which dish you prefer the most? And ofcourse what food you dislike?
I enjoy seafood very much. I like sea bass and cod meals and I love good pastas when I am in Italy. Fresh salads from the garden with lots of tomatoes….
What wine do you like?
I most enjoy a white Burgundy in summer and good Bordeaux reds in winter
What else do you want to share?
Thank you for inviting me to play this little culinary game with you. It’s a terrific idea. I have many readers in Holland and it is always a pleasure to hear from them. If you want to know more about me my website is www.caroldrinkwater.com and I have a fabulous and very active Facebook pagehttps://www.facebook.com/olive.farm. You can always talk to me there.
 Picture the Olive tree on my outside table
 
 
 
The recipe:
 
I found in the book Cuisine du Terroir (ISBN 0-9512121-0-9) a recipe that dates from Ancient Greek times in the area where Carol lives. It is a stuffed Savoy cabbage cooked for three hours in a piece of cheese cloth. It is called Sou Fassum. This time consuming recipe is still made in Antibes and Grasse.  For Carol I have a creative recipe of a rustic bread stuffed with vegetables, lamb sausages and Greek feta cheese. And needless to say delicious Extra Vierge olive oil. This dish can be served warm and cold. Or she can take it with her on a trip or as a snack when working in her olive grove. To pair this dish I would suggest a red Rhône wine, like the one from Vacqueyras
Ingredients for 4 persons:
1 big round loaf of rustic bread
8 lamb sausages
50 g of black olives cut in halves
1 tbs lemon zest
1 red bell pepper
200 g French haricot beans
1 courgette
1 container of wild cherry tomatoes
1 red onion
1 ts chopped rosemary
basil leaves
oregano leaves
1 clove of garlic
125 g feta cheese
1 dl olive oil EV
salt and pepper
Preparation:
Cut the upper third part from the loaf. This will later serve as a lid. With a spoon remove the crumble from the inside. The bread becomes a kind of bowl. Keep some bread crumbs apart. Cook the French haricot beans for several minutes. Cut the bell pepper and courgette in dices. Do the same with the garlic and onion. Heat some oil in a pan and  fry the onion and vegetables for 3 minutes. Add the chopped garlic, lemon zest and rosemary.  Roast the lamb sausages until almost done and cut them in pieces. Mix everything in a large bowl, adding the bread crumbs, halved cherry tomatoes, crumbled feta cheese, torn basil leaves, the oregano leaves and halved black olives. Give it a good dash of olive oil and season with salt and pepper. Fill the bread bowl with this mix and put the lid on. Set the oven on 100 degrees Celcius and warm the bread  for about 10 minutes. Serve this dish with a nice watercress salad with just a dash of EV olive oil and lemon juice.