Een jaar in de moestuin.

foto: cover Een jaar in de moestuin.

Een jaar in de moestuin, groente en fruit uit eigen tuin. Hoe simpel kan het leven zijn. Het is begin april en we zitten allemaal thuis, met of zonder kinderen en tijd over. Dan komt een boek als Een jaar in de moestuin van deskundige Lucy Chamberlain als geroepen. “Maar ik heb helegaar geen grote tuin!”, zullen velen nu direct roepen. Helemaal niet nodig, want de schrijfster legt het zo uit, dat je ook op de kleinste postzegel de lekkerste groenten en fruit kunt telen. Of je gaat de hoogte in. Balkontuinieren zoals ik al jaren met plezier doe op mijn balkon in Amsterdam. Het is voor iedereen weggelegd met dit leuke boek. Zelf voedsel verbouwen heeft in deze barre tijd iets magisch gekregen net als brood bakken of boter maken. Dat vind Gereons Keuken Thuis een echte uitdaging. Bovendien is eigen geteelde groente vers en gezond. En je draagt een steentje bij aan de bijenstand en het milieu. Lijkt me logisch, ik ga nu niet nog meer reclame maken voor (moes)tuinieren.

Een jaar in de moestuin start met het inrichten van je eigen stek, kies een zonnige plek op je balkon of in je patio. Maak een raster waartegen je tomaten kunt leiden. wees creatief in het gebruiken van je ruimte. Met het plaatsen van potten en bakken. Ook je vensterbank is een prima teeltplek voor kruiden en snijgroenten. Chamberlain denkt aan je rug met verhoogde bakken. Gaat in op handzaam gereedschap en helpt je de juiste gewassen en plek te kiezen. De bodem en grond komt aan bod en het uiteindelijke zaaien en planten. Hierna doet ze deze stappen nog eens dunnetjes over voor mensen die in een tuin meer vierkante meters hebben, in de vorm van een gemaks-, gezins- of zelfs foodietuin.

Het volgende deel gaat over het telen van groenten en fruit, stap voor stap per soort, van tomaten tot vijgen. Alles rijkelijk geïllustreerd met duidelijke foto’s. Tot slot bespreekt ze veel voorkomende problemen, zoals insectenplagen, die je bestrijdt met een biologische aanpak. Het voorkomen van onkruid en wiedtips. Lucy Chamberlain bespreekt ziektes, meeldauw, rupsen en, zoals in mijn geval, ander ongedierte, dat zich eens tijdens een nachtelijke grande bouffe tegoed deed aan mijn net geplante kruiden en sla.

Een jaar in de moestuin is een aanrader voor iedereen, die graag met de handen in de grond zit en wil genieten van al het vers uit eigen tuin of van eigen balkon. Aan de slag zou ik zeggen, al zit dat er deze lente vanwege mijn vergevorderde verhuisbewegingen niet in. Maar mijn groene vingers kennende, weet ik zeker, dat die ook op mijn nieuwe stek aan zee gaan jeuken. De bakken zijn al verhuisd.

Een jaar in de moestuin. Lucy Chamberlain (ISBN  9789461432285) is een uitgave van GoodCook en is te koop voor € 25,95.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Simpel leven.

foto: cover Simpel leven van Julia Watkins.

Simpel leven. Als iets een uitdagend en actueel onderwerp is geworden in voorjaar 2020 is het simpel leven, met minder spullen en minder verkwisting. Dat was al een trend, maar ook de nu heftige corona crisis laat zien, dat het allemaal wel een tandje minder kan. De globale “plastic fantastic bestel maar raak cultuur” heeft een keerzijde. Vuilnis, plastic, rommel en wegwerp. In Gereons Keuken Thuis is dit al een tijdje een dingetje. Ik denk daarbij dan vaak aan mijn Betuwse grootmoeder, die van alles re- en upcyclede. Broodzakken werden bewaard, elastiekjes hergebruikt, sokken gestopt en van lakens werden zakdoeken gemaakt. Een beeld, dat velen van ons niet (her)kennen. Julia Watkins schrijfster van Simpel leven, een gids voor een low waste huishouden, gaat ervoor! Creatief met je resources omgaan voor een duurzaam en zo veel mogelijk afvalvrij leven. Behalve dat je ermee bespaart, is het in deze dagen van ophokplicht ook nog eens leuk om te doen. Zo zie ik dat, niets kant en klaar, knutselen maar. Zo komen we deze moeilijke periode te boven en zijn we heel wat vaardigheden rijker en afval armer.

Het boek start met de afvalzuinige keuken, Watkins zet schematisch uiteen, wat je kunt vervangen, van plastic vuilnisemmerzakjes via plastic bestek tot wegwerpespressocapsules. Ze geeft tips voor het bewaren en als je een beetje creatief bent ziet het er ook leuk uit. Zelf bewaar ik alle pasta, rijst en gedroogde producten al sinds mijn studietijd in oude Franse weckpotten, tweedehands blikken of potten van de vissoepboer uit le Touquet. Eigenlijk charmanter dan al dat plastic. Na de eerste uiteenzetting gaan we echt deplastificeren, met vervangende bijenwasdoeken of herbruikbare stoffen doekjes.

Eten verspillen komt ook niet voor in het Simpel leven. Watkins doet uit de doeken hoe je voedselafval kunt verminderen door slim met je bronnen en eten om te gaan. Zelf voedsel te conserveren. En… bijvoorbeeld bouillon te maken voor afsnijdsels. Dat is iets, wat al jaren gebeurt in Gereons Keuken Thuis, bijvoorbeeld voor risotto. Je kunt ook mosselkookvocht zeven om er later vissoep mee te maken. Maar dat terzijde. Koken maakt de keuken vuil , dus Watkins voorziet de lezer in leuke zelfgemaakte schoonmaakmiddelen. Wie heeft er nu niet zoals ik een aanrechtkastje vol met allerlei middelen staan? En telkens koop je er weer producten bij. Maak het eens zelf.

Natuurlijk gezond blijven met simpele middelen vormt een uiterst actueel hoofdstuk, net als natural beauty producten. Tot slot valt er veel te leren uit Simpel leven over praktische tuin- en keukendingen. Zelf je eigen oogst binnenhalen en verwerken. Dat noem ik in de pot hakken. Simpel leven geeft niet alle antwoorden, maar is in deze dagen van veel thuiszitten een leuke afleiding en eyecatcher. Bedenken, wat jij kunt doen om het leven simpeler en natuurlijker te maken. Tijdens en na corona.

Simpel leven, de gids voor een low waste huishouden, Julia Watkins. (ISBN 9789059562127) verscheen, hoe toepasselijk op 16 maart 2020, bij Fontaine en kost € 26,00. Doe je lokale boekhandel een lol en bestel of koop het daar!

foto: pearmania, hak eens wat peren in de pot.

RECEPT voor peren in Spätlese van Gereons Keuken Thuis.

Nodig:

2 kg grote handperen

1 vanillestokje

8 el suiker

2 tl kaneel

1 citroen schil

1 fles Spätlese (Pfalz)

Bereiding:

Schil de peren en snijd ze in stukjes. Steriliseer de potten met soda en kokend water. Zet op hun kop weg op schone theedoek. Schraap het merg uit het vanille stokje. Boen de citroen en haal met een dunschiller de schil er af. Snijd in kleine stukjes. Doe peren, suiker, wijn , kaneel en citroen in een pan en breng aan de kook. Laat ongeveer een half uur op laag vuur doorkoken. Vul de potten met stukjes peer en giet het kookvocht tot aan de rand erop. Draai deksel er stevig op en zet de potten een tijdje op hun kop.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Clau de Nell.

foto: Clau de Nell

Clau de Nell. Twaalf hectaren wijnland, in de wijde natuur van de Loire vallei. Dat is Clau de Nell, dat van bovenaf uitkijkt op de oevers van de rivier. Producenten van vins natures. Ranken met grolleau, cabernet franc en cabernet sauvignon voor rood en chenin blanc voor hun witte wijn. Ze staan in het gelid, in de blauwe ochtendmist en de felle rijpende zon. Het lijkt wel een sprookje, zoals de website van dit wijnhuis begint. Je zou ook kunnen starten met er was eens…. Een dame uit de Bourgogne, die zich inzette voor het bio-dynamiseren van de wijnbouw, Anne Claude Leflaive, moeder van de huidige wijnmaakster Claire, die tijdens de laatste editie van Vini Bio in Amsterdam vol passie vertelde over het domein. Moeder Leflaive ging in 2008 een nieuw avontuur aan in de Loirestreek en kocht domaine Clau de Nell, verrijkte de gaarden met aanplant van chenin blanc en ging op bio dynamische wijze aan het werk. Een plaatje van een wijnbedrijf, omringd door bossen, met een bodem van tufsteen, gelardeerd met zand en klei van de rivier. Prima condities voor hun wijnen. De chais bevinden zich in de bekende grotten van de Anjou.

foto: in de grotten van Clau de Nell.

De wijngaarden voor rood zijn 30 tot 50 jaar oud. De most vergist met eigen natuurlijke gisten en de wijn gaat ongeklaard in de fles. Het sulfiet gebruik is laag bij Clau de Nell. De in 2012 aangeplante chenin blanc geeft een wonderschone witte wijn. Chefkok Alain Passard, die dichtbij Clau de Nell zijn groenten teelt, is een groot fan.

foto: het rode gamme.

Maar nu even naar de masterclass tijdens Vini Bio. Gereons Keuken Thuis proefde drie rode cépagewijnen van grolleau en cabernet franc en een blend van cabernet franc en cabernet sauvignon met de mooie naam Cuvée Violette. Wit was er in de vorm van chenin blanc, een IGP Val de Loire.

De grolleau druif wordt in Anjou vooral gebruikt voor rosé, maar Clau de Nell maakt er rood mee. De wijn stuift in je neus, is uitgesproken en vol fruitzuur. De beide geproefde cabernet francs met braamtonen en zachte tannine deden wat soepeler aan. Het meeste structuur had de Cuvée Violette door de blend van cabernet franc (75%) en cabernet sauvignon (25%). De laatste wijn was een IGP chenin blanc, die wat houterig overkwam. De witte chenin leek een beetje een Bourgogne stijl wijn, maar dan gemaakt in de Loire. Aantekening is wel dat deze wijnen meer tot hun recht komen in combinatie met eten. Denk daarbij eens aan de fijne groentegerechten van Alain Passard. Gereons Keuken Thuis begrijpt zijn voorkeur wel. En om het sprookje mooi af te sluiten, leefden ze op Clau de Nell nog lang en gelukkig. Des histoires de vies et de vins.

foto: de blauwe mist boven de rivier

http://www.claudenell.fr/accueil.php

Mancini, eigenzinnig & extravagant.

foto: zelfportret van Antonio Mancini (1852-1930)

LET OP: i.v.m. de door de regering genomen maatregelen om het #coronavirus te beteugelen zijn zowel De Mesdag Collectie in Den Haag als het Van Gogh Museum in Amsterdam tot en met 31 maart a.s. gesloten voor publiek.

Mancini, eigenzinnig & extravagant. De in Napels geboren Antiono Mancini is één van de bekendste en spraakmakende Italiaanse kunstenaars te noemen van de 19e eeuw. Mancini was door zijn manier van werken zijn tijd ver voor uit en oogstte hiermee zowel kritiek als bewondering. Hij werd een graag geziene kunstenaar in de toenmalige Europese society. Alhoewel hij zelf eigenlijk te schuchter was voor deze sterrenstatus. Eén van de grootste bewonderaars van Mancini was schilder en verzamelaar Willem Mesdag, die gedurende 20 jaar zo’n 150 werken van deze Italiaan aankocht.

foto: portret Willem Mesdag.

Mancini, een kleermakerszoon, volgde zijn opleiding aan de kunstacademie van Napels. Op 18 jarige leeftijd exposeerde hij zijn werk al op grote groepstentoonstellingen en twee jaar later in Parijs. Hij bouwde al snel een groot netwerk van liefhebbers en opdrachtgevers op met zijn schilderijen en rake weergaven van de personen. Tijdens zijn leven was Mancini al een fenomeen. Als eerste kunstenaar verwerkte hij in zijn schilderijen stukjes glas, spiegeltjes of deeltjes van lege verftubes. Ook ging hij aan de slag met het ontwikkelen van bijzondere technieken. Zo maakte hij vaak een raster, graticola, van draden voor het model, dat hij schilderde en gaf dit nadrukkelijk weer op de schilderijen. Mesdag verzocht de schilder dit na te laten, maar dat vertikte hij. Op de tentoonstelling Mancini, eigenzinnig & extravagant zijn er enkele mooie voorbeelden van te zien. Net als de beschilderde achterzijden van een schilderij. 

foto: een portret met raster, waarvan Mesdag geen fan was.

Het was altijd een spektakel om Mancini aan het werk te zien. Dat ging met veel bombarie. Hij zetten een focuspunt op het doek en vanaf dat moment rende hij tierend, lachend, dan wel mompelend rond het te schilderen model. Ach, dat zal het Napolitaanse bloed wel zijn geweest. De Ierse dichter Yeats zei hierover: ” Leek ik maar op het portret van Mancini, dan had ik al mijn vijanden hier in Dublin verslagen” Een contradictie vormend met zijn sociale verlegenheid. Zelf was Mancini niet zo van de society.

In 1876 kocht Mesdag als eerste Nederlanden een schilderij van Antonio Mancini. Het zieke kind is nog steeds één van de topstukken van de Mesdag collectie. Twintig jaar lang ondersteunde Mesdag Mancini door ongeveer 50 schilderijen en zo’n honderd tekeningen en pastels te bestellen. De mannen correspondeerden veel met elkaar, maar hebben elkaar nooit in levende lijve ontmoet.

foto: Mancini door John Singer Sargent.

Van 13 maart tot en met 28 juni 2020 is in De Mesdag Collectie het verhaal te zien van Mancini en Mesdag. Een speciale tentoonstelling, Mancini, eigenzinnig & extravagant, die de band tussen schilder Antonio Mancini en Haagse verzamelaar Willem Mesdag laat zien in veertig stukken, van schilderijen tot brieven. Laat je meevoeren in de wereld van Mancini.

foto: Adrienne Quarles van Ufford, conservator vertelt.

Bij een eigenzinnige schilder, die aan de andere kant ook ingetogen en wat verlegen was, past volgens Gereons Keuken Thuis, dit cacao pasta gerecht van de hand van Franz Condé, de chef van Roberto’s in het Amsterdamse Hilton. Hij voegt wat cacao aan zijn pastadeeg toe. Voor de kleur en de licht bittere smaak. Voeg daarbij gorgonzola en wat paddenstoelen en deze creatie springt van je bord af.

Recept voor chocolade tagliolini met gorgonzola.

Nodig:

25 g cacao

3 eieren

200 g pastameel

1 dl room

100 g gorgonzola dolce

125 g cèpes of funghi porcini

25 g boter

peper & zout

Bereiding:

Maak van het pastameel, eieren en cacao een mooi soepel pastadeeg. Laat het even rusten en maak er met de pastamachine mooie lange taglioni van. Laat de pasta op een rekje of stoelleuning drogen. Breng een grote pan water aan de kook en voeg flink zout toe. Verhit de boter en bak hierin de geboende en in stukjes gesneden paddenstoelen aan. Voeg de room en gorgonzola toe en laat zachtjes sudderen. Kook de taglioni in 4 minuten gaar en roer de pasta door de saus serveer direct met een hint van peterselie.

video: in de voetsporen van Mancini.

Morue de Honfleur.

foto: de haven van Honfleur.

Morue de Honfleur au calvados. Gezouten en gedroogde kabeljauw is Franse gerecht van vandaag, met aardappels en calvados. Ik denk dat het laatstgenoemde ingrediënt maakt, dat het uit Honfleur, Normandië komt. Een streek vol appelbomen. Alhoewel,  de zeevaarders, zoals  Champlain, die Quebec stichtte, al vanuit dit pittoreske havenstadje op (wal)visvangst gingen voor de kust van Oost Canada en dan terugkeerden met aan boord gezouten vis. Voeg daarbij de rijke boter en room van de lieve brilkoeien en je hebt de essentie van zee en land te pakken. Want Normandiërs zijn niet zo bang voor een extra klontje boter, stukje rauwmelkse kaas, afgeblust met een trou Normand, een glaasje calvados. En ik  weet niet op deze maandag of er inmiddels vegan vervangers zijn voor deze geneugten.

Morue de Honfleur dus. Ik vond het recept in één van mijn retro Franse kookboeken, dat over dit soort terroirgerechten gaat. Ik vertelde er op Gereons Keuken Thuis al vaker over. Het kookboek heet Cuisine du Terroir en ik doe al sinds mijn studietijd culineuze Frans getinte inspiratie op uit dit gele boek, dat je kris kras door de Hexagone voert. Ouderwetse gerechten. Ik geloof, dat  Fransen, die ook niet veel meer eten en of koken, maar dat terzijde. Zulke kookboeken blijven voor mij een regelrechte schatkist d’antan. Het maakt in mij de liefhebber van la France profonde wakker. Slaperige boerendorpen, met de luiken gesloten. Of dat nu in het eerder genoemde Normandië is, de Bourgondische Mâconnais of Catalaanse Roussillon. Ik vraag me altijd af, wat er als het angelus heeft geklonken op tafel komt? Eten van het land, verse producten of tegenwoordig de surgelés van Picard?

foto: op de kades van Honfleur is het goed toeven

Morue de Honfleur vergt wel wat voorbereiding, want je moet de gezouten kabeljauw 12 uur ontzilten, onder langzaam stromend water, zegt Cuisine du Terroir. Aangezien ik niet van plan ben om het Amsterdamse Waternet nog rijker te maken, door twaalf uur de kraan te laten stromen, pak ik het anders aan. Niet met gedroogde en gezouten kabeljauw maar met een flinke moot verse witvis. Daarmee maak ik deze ovenschotel. We drinken er, hoe kan het ook anders een frisse cider bij.

Nodig:

750 g kabeljauw in stukken

75 g boter

room

1 kg iets kruimige aardappelen in plakjes

1 gesnipperde ui of twee sjalotjes

wat gehakte peterselie en bieslook

witte wijn

peper & zout

1 klein glaasje calvados

Bereiding:

Schil de aardappels, spoel ze af en snijd in dunne plakjes. Smeer een ovenschaal in met boter. Maak laagjes van vis, ui, bieslook en aardappels, di je telkens met zout en wat peper op smaak brengt. Voeg de witte wijn en room toe, zodat het gerecht onderstaat. Voeg nog wat extra klontjes boter toe en zet het geheel in een voorverwarmde oven op 180 graden. Laat het gerecht in één uur garen. Een kwartier voor het eind voeg je de calvados toe en haal je de schotel uit de oven, ter voorkoming van brand. Dek hem af  met deksel of folie en laat de morue de Honfleur nagaren. Serveer met wat gehakte bieslook en peterselie.

Jambon au Chablis.

foto: cover van het retro kookboek vol recepten uit de wijngaarden van Frankrijk.

Jambon au Chablis Bourgondische ham in witte wijn. Dat mag ook een andere chardonnay zijn. “Chardonnay”, zo wordt mij weleens gemeld tijdens wijnproeverijen: “dat drink ik niet zo graag, wel Chablis.”  De verbazing is dan ook groot als ik antwoord, dat Chablis gemaakt wordt van de Bourgondische druif chardonnay. Maar dat terzijde. Daar gaat het op deze vrijdag tijdens mijn #franseweken niet om. Het gaat om de kost, die de plukkers van druiven krijgen voorgezet na een dag in de wijngaarden. Want na de pluk is het vaak goed toeven in de kelders van het domaine, waar de wijnvrouw haar best heeft gedaan in de keuken, en dat vaak tweemaal daags. Schrijver Rosi Hanson van het leuke retroboek, dat ik eens bij een kringloopwinkel op de kop tikte, tekende de thuisrecepten op.  Het heet Recipes from the French wine harvest en laat zien dat er creatief wordt gekookt in de wijngaarden van de Hexagone. En dat de koks niets verspillen. Dat zouden we tegenwoordig #nowaste noemen. Vandaag begin ik in de Bourgogne, waar regelmatig hamspecialiteiten en ander varkensvleesbereidingen op het menu staan, al dan niet met moutarde en cornichons. Zo at ik zelf eens schouderkarbonades in Autun, met een witte wijn mosterdsaus. In mijn herinnering een van de lekkerste bereidingen van een schouderkarbonade. Maar vandaag staat er in de vignobles beenham, Jambon au Chablis, op het menu, in een saus van tomaten en witte wijn. Hanson kiest voor Chablis. Hieraan kun je merken, dat men in de jaren zeventig geheel anders tegen wijn aankeek om mee te koken. Ik gebruik generieke chardonnay uit de Bourgogne. Kies bij de beenham voor wat dikker gesneden plakken. Let wel op dat je een geëmailleerde pan gebruikt, om een reactie van de wijn met metaal te voorkomen. Serveer de ham met een salade en desem baguette. We drinken er een glas karaktervolle chardonnay bij.

Jambon au Chablis

Nodig:

4 dikke plakken beenham (125 g per stuk)

250 ml witte Bourgogne

500 ml kippenbouillon

500 g. tomaten in blokjes

4 takjes dragon

1 tl tomatenpuree

peper & zout

250 ml crème fraîche

Bereiding:

Doe de bouillon, wijn en tomaten blokjes in en pan samen met de dragon takjes. Breng aan de kook en laat een uur of twee sudderen. Zeef het geheel en kook het in voor de helft. Laat iets afkoelen en voeg voor de kleur de tomatenpuree toe. Proef de saus en maak op smaak met peper en zout. Als de saus wat zuur is zal dat worden gematigd door de crème fraîche. Verwarm ondertussen de ham in de oven. Let op dat hij niet aanbrandt. Roer de crème fraîche door de saus. Serveer de ham direct uit de oven met een schep saus en een stuk desem baguette.

Binnenkort meer over de wijnavonturen van Rosi Hanson.

Talk & table, Peter van Berckel.

foto: Peter met een groot fermentatievat.

Talk & table, Peter van Berckel. Ik leerde Peter van Berckel kennen tijdens het foodiefestival van Bijzondere collecties UVA in 2018. Hij had net een boek geschreven over een voor mij totaal onbekend fenomeen. Tsukémono, makkelijke Japanse groentenpickles. Gereon Keuken Thuis ging met de picklepers en het boek aan de slag en nu zo’n jaar verder staan deze gezonde groenten vaak op tafel. Ontzettend leuk om te doen. Behalve picklemeester is Peter een veelzijdige man. Geïnteresseerd in allerlei zaken, van tsukémono, biodynamiek tot tao en tantra. Hoe doet hij dat? Ik laat hem zelf aan het woord in en nieuwe aflevering van talk & table. Als #wintergast. Ik wil alles van hem weten en beloon deze leuke kok dan met een speciaal recept voor haar met een bijpassende wijntip.

Wie is Peter van Berckel. Vertel eens iets over jezelf? Bredanaar, geboren in 1963. Deel nu bijna 30 jaar mijn leven met mijn vriend Stef en we wonen in Amersfoort. De rode draad in mijn leven is natuurvoeding, daar ben ik nu ook dezelfde 30 jaar professioneel mee bezig. De grootste zegen was om op een gegeven moment volledig zelfstandig te gaan werken en mijn eigen koers uit te kunnen zetten. Andere interesses zijn archeologie, spiritualiteit en ik ga vaak naar het filmhuis.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig, naast je kookboek? Ik heb nogal wat verschillende dingen gedaan in mijn leven. Mijn skills zijn op dit moment: fermentatie-expert, natuurvoedingskundige, kok, docent, auteur en tantra-masseur. Een mooie verzameling van ambachten. Ik geef vooral les. Heerlijk om met (groepen) mensen aan de slag te gaan, de interactie; ze dingen te leren, je kennis to mogen delen en te entertainen. Ik geef veel workshops met diverse onderwerpen over het fermenteren. Van tsukémono pickles tot miso, tempeh en natto maken. Samen met Marion Pluimes van vega restaurant Loff in Breda runnen we kookschool voor natuurvoeding ‘de Groene Kookacademie’. We geven daar een jaaropleiding evenwichtig koken zonder vlees of vis. Verder geef ik les op de Kraaybeekerhof Academie in Driebergen en daar wordt natuurvoeding vanuit de antroposofische visie belicht.

Vertel eens iets over je interesse in pickles? Hoe is die ontstaan? De tsukémono pickles ken ik al heel lang. In mijn middelbare schooltijd kwam ik eens op een werkweek in een macrobiotisch centrum in Amsterdam terecht. Dat was als puber wel een schok voor me. Ik maakte kennis met Japanse producten als shoyu, miso, umeboshi, natto, zeewier en een keukenapparaatje wat een pickle-pers heet. Nooit kunnen bevroeden natuurlijk dat die pers veertig jaar later de hoofdrol in mijn leven zou gaan spelen.

Als kok ben ik zeer gecharmeerd door de culinaire aspecten: de verandering van de groenten en de enorme knapperigheid die bij veel tsukémono ontstaat. Als natuurvoedingskundige vind ik het positieve probiotische aspect van pickles en andere niet verhitte gefermenteerde producten op het functioneren van het darmsysteem en spijsvertering, en daarmee je gehele weerstand een enorme pré. Fermenteren is alchemie. 

foto: cover Tskukémono.

Hoe ben je als kok in de culischrijverij terecht gekomen? Ik heb altijd geantwoord als mensen er naar vroegen: ‘Ik ga pas een boek schrijven als ik echt wat nieuws te melden heb en dat is nu niet het geval.’  Met mijn enorme interesse in fermenteren de laatste jaren, had ik een workshop ontwikkeld over tsukémono met de pickle-pers en daar begeleidend lesmateriaal voor geschreven. Op een gegeven moment vond ik aanvullende informatie en had het plan om een soort ‘tweede druk’ van de hand-out bij de workshop te schrijven. En toen kreeg ik een ingeving, ik kan me het moment exact herinneren, ik stond in mijn keuken en donderde bijna om: ‘ik ga een boek schrijven’. Dan volgt het spelletje met jezelf: dat kan ik niet, wie heeft er nu interesse, wie zit daar op te wachten? Het voelde echter zo sterk dat ik maar gewoon begonnen ben. En zowaar ontstond er -geheel in eigen beheer- een super gaaf en uniek boek. Het was wel een intensief en heftig proces.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen kok en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk. Egyptoloog

Je bent echt een man met een mission. Ik zag dat zelfs Alain Caron wat van je leerde. Hoe doe je dat? Ik weet het niet. Nu is de pickle-pers en tsukémono voor veel mensen wel een nieuw verschijnsel. Met mijn enthousiasme over een onderwerp kan ik wel mensen echt aanraken.

Wat was minst aantrekkelijke kant van het schrijven van een kookboek voor jou? Het op een gegeven moment 24/7 met het boek bezig te zijn. Midden in de nacht steeds wakker worden, lampjes, briefjes en computer bij het bed, het ging maar door. Ik vond het erg moeilijk om zelf (kostbare) beslissingen te nemen over bijvoorbeeld fotografie. Een eerste boek in eigen beheer creëren was achteraf gezien misschien wat naïef. Maar het heeft er wel toe geleid dat ik de volledige vrijheid had om te doen wat ik wilde doen.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven van een kookboek voor jou? De enorme stuwende, voedende en creatieve energiestroom die ik in het schrijfproces heb ervaren. Vertrouwen voelen in het proces, dat het juist is wat je aan het doen bent. Op het goede moment de mensen te ontmoeten zonder wie het tot stand komen van het boek onmogelijk was, zoals een vormgeefster en styliste, een fotografe en illustrator. Het boek is geheel in het moment ontstaan. En het is fijn om je kennis en je zijn met anderen te delen in een esthetische vorm die niet vluchtig is.

Japan is toch wel een grote liefde van jou, hoe is dat gekomen?Qua voeding is dat in de basis mijn kennismaking met de macrobiotiek, als stroming binnen de natuurvoeding. Die vreemde producten maakten diepe indruk op me en dan wordt het een hele kunst en tijdsspanne om ze te begrijpen en te leren wat je er in de keuken mee kunt doen. Dat komt en dat gaat. Met mijn interesse voor fermenteren kwamen deze producten weer terug in mijn leven. Pas twee jaar geleden daarentegen, heb ik het land voor het eerst bezocht. Dat was een onthutsend bijzondere ervaring. Afgelopen najaar een hele fermentatie tour door Japan gemaakt. Wat een land, wat een cultuur, wat een respect.

foto: samen chemisch aan de slag met chocolademousse.

Staan er nog andere projecten op stapel dit jaar? Ik ben nog steeds erg gefocust op het Tsukémono boek, omdat ik zelf ook alle PR en promotie doe. Dat zijn nieuwe taken en ervaringen voor me. Er komt natuurlijk een moment dat ik boek los ga laten en moet vertrouwen dat het zelf als jonge volwassene zijn weg in de wereld verder gaat vinden. Ook vraagt mijn webwinkel met pickle-persen, boek en andere Japanse kookbenodigdheden veel aandacht. Als project zou ik wel heel graag een Engelse vertaling van Tsukémono willen realiseren. Dat is voor mij nog een diep zwart gat hoe ik dat aan moet pakken. Daar heb ik ook echt hulp voor nodig: kom maar op!

Je hebt je behalve in tsukémono ook verdiept in andere Aziatische leefstijlen zoals tao en tantra. Kun je daar kort iets over vertellen? Spiritualiteit en vitaliteit is zijn thema’s die steeds mijn interesse hebben. Vitaliteit vind ik in natuurvoeding met ingrediënten van bij voorkeur biologisch-dynamische kwaliteit. Begin dit jaar ga ik een korte kookopleiding volgen met als thema ‘levenskrachten in de keuken’. Hoe breng je de energie van licht en warmte in je maaltijd, voeding als gevende kwaliteit. Dat is voor mij ook dat begrip van ‘son-mat’, waar ik in mijn boek over schrijf. Gefermenteerde voeding vind ik nog vitaler: levende voeding die je gestel en weerstand versterkt.  Vitaliteit vind ik terug in tao en tantra. Het activeren van levensenergie, het vergaren van prana met bewuste ademhalingstechnieken.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd? Een diner met heel veel verschillende gerechtjes, verschillende texturen, veel kleur, opgediend in aardewerk. Een rijke tafel als de hoorn des overvloeds. De groentekeuken leent zich daar goed voor. Ben ook een liefhebber van wat uit de zee eetbaar is. Vlees eet ik zeer beperkt en zou ik zo van mijn menukaart kunnen schrappen. Ik ben gek op krakend, krokant eten (chips als tijdloze klassieker, hihi).

foto: de Hi Pet heeft een vaste plaats in mijn keukentje.

Je doet heel veel dingen, bent best vaak op pad, hoe combineer je dat privéleven? Privéleven, wat is dat??? Ik heb de laatste decennia steeds meer op mijn gevoel durven vertrouwen. Mijn hart gevolgd en een aantal keren in het diepe gesprongen. Dat heeft er toe geleid dat ik onafhankelijk ben en doe wat ik wil doen. De valkuil is wel dat ik altijd met mijn werk bezig ben en ook veel uit ons huis werk. Werk en privé is niet meer te scheiden, wat is werk en wat is privé?

En natuurlijk wat je graag drinkt, ik weet dat één keuze niet mogelijk is? Ik kan genieten van een glas wijn bij het eten, of een whisky later in de avond. Ik ben wel een barbaar qua kennis. Saké komt ook meer in beeld en in Japan heb ik kennisgemaakt met shochu. Frisdrank drink ik niet, wel veel water. Koffie en kruidenthee.

Wat lust je echt niet en waarom niet? Orgaanvlees is griezelig.

Waarheen ga je het liefst naar op reis? Mexico, Japan en Egypte. Landen met duizenden jaren oude culturen.

En…. Kunnen we van jou nog een opvolger van je boek Tsukemono verwachten? Nu nog niet. Ik vertelde het al eerder: het huidige Tsukémono boek vraagt nog heel veel van mijn aandacht. Een tweede boek wil ik niet doen omdat er zo nodig een vervolg moet komen. Ik wacht gewoon -net als de eerste keer- op die innerlijke vonk en impuls. Het moet ècht van binnenuit komen.

Wil je nog iets anders vertellen….delen? Ik heb zo wel genoeg gedeeld. Ik dank je voor je uitnodiging voor deze talk & table. En ik vind het supergaaf dat jij tsukémono pickles helemaal in je kookstijl geïntegreerd hebt. Pickle het voort!

foto: de wijnkeuze.

Dank je wel Peter voor een kijkje in jouw domaine van de pickle en spirituele leven. Een onderwerp merk ik, waar jij niet zo snel over bent uitgepraat. Net zoals al je andere liefhebberijen. Ik heb getracht op basis van je antwoorden een menuutje te maken met diverse technieken. Zonder vlees, want daar ben jij niet zo van. Ik heb geblenderd, gepickeld  en gebakken. Allemaal verschillende manieren om eten te transformeren. Jij bent daar een kei in, ik slechts een homemade bro. Voor jou een menuutje van crème du Barry, sodabrood en een salade tiède. Met wijn van Domaine Saint Hilaire, vermentino 2016. Wijngaarden bij een klooster. Geen onbekend domein voor Gereons Keuken Thuis. Ik gebruikte al regelmatig hun cépage chardonnay tijdens wijnproeverijen. De vermentino druif groeit op kalk zandsteen en klei. Na de pluk volgt een korte maceratie op lage temperatuur. De fermentatie vindt gecontroleerd plaats op RVS. Een witte frisse, wat stuivende witte wijn met een neus van limoen, abrikoos en iets tintelends, iets peperigs. Friszure smaak met een lange afdronk. Enjoy! en fijn dat je mijn gast was!

video: soep van Mme du Barry voor Peter.

Het menu voor Peter…..

Easy does it crème du Barry met courgette.

Nodig:

1/2 bloemkool

1 courgette

stuk knolselderij

2 kleine aardappeltjes

1 groentebouillon blokje of als je energie hebt homemade bouillon van groente.

heet water

olijfolie

zout & peper

crème fraîche

gehakte peterselie

2 tenen knoflook

1 tl pimentón de la Vera

Bereiding:

Snijd en was de groenten. dat hoeft helemaal niet secuur, maar houd voor de garing gelijke stukken aan. Verhit wat olie in een soeppan en bak de groente, knoflook en pimentón de la Vera kort aan. Giet er koken water op en voeg het bouillonblokje je toe. Laat het geheel een 20 minuten koken. zet het vuur uit en laat iets afkoelen. Maak de velouté fijn met de staafmixer en veog desgewenst wat zout en oh la la een kneepje citroen toe. Serveer de soep met een flinke klodder crème fraîche en gehakte peterselie.

Het brood……

foto: ook zo’n proces sodabrood.

Sodabrood met gehakte kruiden.

Nodig:

250 g volkorenmeel

1 tl bicarbonaat

1/2 tl zout

200 ml yoghurt

gehakte rozemarijn

afgeritste tijmblaadjes

oregano gedroogd

Bereiding:

Doe alle ingrediënten in een kom en roer goed door tot er een wat kleverige bal ontstaat. Bestrooi  het aanrecht met wat bloem en kneed het geheel. Niet te lang, anders verstoor je het proces van yoghurt en bicarbonaat. Maak er een leuke vorm van en bestrooi het met wat meel. Bak het brood in 45 minuten gaar in een oven van 180 graden, totdat de korst mooi hard is.

variatie: gehakte zongedroogde (en geweekte) tomaatjes in stukjes.

foto: tsukémono in de maak.

Tot slot mijn eigen draai van een recept van Joshua McFadden.

Zeebanket salade van venkelknol, met radijs, spitskool-pickles en crème fraiche.

Nodig:

1 grote venkelknol

300 g gesneden spitskool

6 g zout

1 bosjes radijsjes plus groen

1 gehalveerde citroen

1/2 tl chilivlokken

3 el creme fraiche

gehakte peterselie

bieslook

gemengde zeevruchten, zoals krab, inktvis en schaaldieren

pimentón de la Vera

zout en peper

Bereiding:

Snijd de spitskool fijn en was deze. Voeg 2% per gewicht kool aan koosjer zout toe en kneed de kool. Doe de spitskool met chili vlokken en eventueel gember in de picklepers en laat fermenteren. Was de radijsjes en snijd deze in dunne plakjes. Bewaar wat blad. Snijd de venkelknol in zo dun mogelijke plakken. Verhit een grillpan en rooster de venkel heel kort om en om. laat afkoelen en leg op een schaal. Bak de (diepvries) zeevruchten kort in wat olijfolie met pimentón en zout. Maak een dressing van de kruiden,citroen en crème fraîche. Maak de borden direct op met de gegrilde venkel, een flinke dot tsukémono van spitskool en de nog lauwe zeevruchten. Schep er een eetlepel dressing over en garneer met de radijs en wat radijsblad.

Maart Frankrijk maand.

foto: au marché.

Maart Frankrijk maand. Gereons Keuken Thuis heeft een mooi voornemen. een maand lang op zoek à mes racines perdues. Meer dan dertien jaar geleden begon ik met de blog Vins de Géréon op mijn toenmalige wijnwebsite. De reden was heel simpel. In die tijd organiseerde ik veel Bourgogne en Beaujolais proeverijen bij mij thuis of op locatie. Met zelfgemaakte hapjes en, Gereon zou Gereon niet zijn, de nodige verhalen en anekdotes van mijn wijnavonturen in Frankrijk. Mijn proevers en toehoorders waren altijd nieuwsgierig naar de achtergronden van de wijnen en de recepten. Een blog was een mooi medium. Jammer genoeg ging rond 2011 mijn webhost failliet- zonder dat ik het wist- en zijn veel Frankrijk werk uit de eerste 5 jaar en de nodige gastbijdragen aan een aantal wijnwebsites verloren gegaan. Maar niet getreurd. Opnieuw beginnen of herhaalverhalen de wereld in slingeren kan altijd. Dus maart 2020 is Frankrijk maand, met verhalen uit de Hexagone van foodbloggers, gastblogger Lizet over de Zonnekoning, recepten van professeur Circonflexe en een aantal leuke Franse (kook) boeken. Krijg jij nu ook zo’n zin om iets bij te dragen? Laat het me dan in een reactie hieronder weten of anders weten jullie me wel te vinden op de social media.

Maart Frankrijk maand op Gereons Keuken Thuis. A bientôt!

Evergreen, Mikkel Karstad.

foto: Evergreen, een grote groen bonk groente!

Evergreen Mikkel Karstad. Op Gereons keukentafel ligt een groot groen gevaarte, het kakelnieuwe kookboek Evergreen van Mikkel Karstad, die ik al kende van een memorabele lunch in een ijskoude hal van de visafslag van IJmuiden. Destijds ging het om zijn Noordzeevisboek  Gone Fishing. Dit voorjaar verblijdt hij mij met een boek vol recepten uit de Scandinavische groentekeuken, die ik begin februari mocht proeven tijdens een lunch bij WS19 in de Weteringstraat. Een mooi gelegenheid, om hem direct wat feedback vragen over zijn gefermenteerde blauwe bessen, die in Gereons Keuken Thuis eens iets te zout uitpakten.

foto: Mikkel Karstad aan het werk in WS19.

Ik ben dol op de jongensachtige avonturen van Karstad. Dat was bij zijn visboek zo en in Evergreen neemt hij je ook weer mee langs de Scandinavische paden en dreven. Samen met fotograaf Anders Schønnemann, die tekende voor het onderkoelde Deense beeld. Gereons Keuken houdt daarvan. Gek, om te zeggen, maar zoals Mikkel laat zien in Evergreen, gaat er een grote rust uit van met je tengels in de aarde wroeten, dennentoppen te verzamelen en een feestelijke maaltijd in het bos te bereiden. Maar ja, dat is ook archetypisch Scandinavisch, every man’s land. Evergreen staat vol seizoensgebonden nordisk mad met al die mooie groente, die Scandinavië biedt. Bij de foto’s en de gerechten, die begin januari in Amsterdam werden gekookt, herken je direct zijn signatuur. Karstad houdt van basic. En de grap van zijn bereidingen is, dat het geen hoogstaande ingewikkelde processen vergt, zoals bij die andere koning van de Deense foerageringskeuken, René Redzepi. Juist niet, Mikkel streeft ernaar, dat alle gerechten in de meest simpele keuken te maken moeten zijn met behoud van de smaak van de natuur. Dat maakt het boek zo bruikbaar. En eetbaar, zelfs voor verstokte vleeseters, als fotograaf Anders.

Laten we eens op pad gaan door Evergreen. We trappen af in het bos, volgens mij een habitat waar Mikkel zich, net als zijn matinale plons in de zee, wel thuis voelt. We drinken daar Ethiopische koffie met barndnetels, klaverzuring, beukenblad en sparrenscheuten. De toon is gezet. Of wat te denken van zelfgemaakte roomkaas met wilde kruiden? Na het uitje in het bos gaan de groenten een hoofdrol spelen, Karstad tovert met courgette en courgettebloem, gevolgd door verse erwtjes, een voorjaarsbode van de lente. Of wat te denken van parelgort met tuinbonen?

foto: geroosterde biet met zwarte bessen en burrata.

We gaan naar het eiland, Mikkel en Anders laten in Evergreen in het midden welk, maar sereen en groen is het. Het vuur wordt weer opgestookt voor een zelf verzamelde tuinkruidensoep met gepocheerde eieren. Van de geteelde groente speelt bloemkool een rol in het volgende hoofdstuk, in vele gedaanten. En wat te denken van een puree van gele erwten, die Karstad in Amsterdam serveerde met boerenkool, omdat dat nu eenmaal in het seizoen is. Want dat staat voorop in Evergreen.

foto: de romige gele erwtenpuree met boerenkool.

De akker is ook een hang out voor Karstad, zelf mais roosteren, buiten! Moet ik nog meer schrijven over dit jongensboek vol nordisk mad. Het wakkert in mij een groot de paden op, de lanen in gevoel aan. Gelukkig staat het voorjaar voor de deur en gaat Gereons Keuken Thuis binnenkort op een fijn plekje in het duin daslook verzamelen. Dat kan volgens mij goed gebruikt worden bij de heerlijke groentegerechten uit de Scandinavische keuken van Mikkel Karstad. Evergreen trapt de lente af, en is, zoals het met elke tophit hoort, here to stay!

foto: #momentje met Mikkel Karstad

Evergreen, de Scandinavische groentekeuken, Mikkel Karstad & Anders Schønnemann (ISBN 9789089898241) is een uitgave van Terra en is on- en offline te koop voor € 34,99.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

In the Picture.

foto: portret van Vincent van Gogh door Russell.

In the Picture. Van de hedendaagse mode van Daily Paper tot de (zelf)portretten van 19e eeuwse schilders.  In het huidige tijdsgewricht staan we er niet vaak bij stil hoeveel boodschappen en verhalen we uitzenden met onze selfies en foto’s op de sociale media. Is dat iets nieuws? Nee, want al sinds de Oudheid wil de mens iets vastleggen door middel van portretten en/of beelden. Ook in de tweede helft van de 19e eeuw, toen Vincent van Gogh en vele andere kunstenaars zichzelf vastlegden of lieten portretteren door anderen. En zodoende een stukje van hun leven schetsten voor de toeschouwer. De kunstenaar werd een mens en vertelde zijn verhaal via zijn portret.

foto: bruikleen, zelfportret met verbonden oor.

In the Picture, de nieuwe tentoonstelling, die van 21 februari tot en met 24 mei 2020 te zien is in het van Gogh museum, wil aan de hand van het zelfportret van Vincent van Gogh met afgesneden oor, een bruikleen van twee jaar, laten zien hoe gangbaar dit genre werd tussen 1850 en 1920. Ieder kunstenaarsportret, verzameld rond dit beroemde werk, schetst een verhaal voor de toekijker. En dat is best overweldigend, kan Gereons Keuken Thuis je nu al vertellen. Onbekende schilderijen en werk, dat juist heel dicht bij je staat.

foto: hipster avant la lettre Jan Verkade 1891-1894.

Bij binnenkomst valt de grote hoeveel bij elkaar gebrachte portretten op. Zij kijken je allemaal aan. Gewend aan het tegenwoordige visuele beeld op je smartphone en laptop zou dat geen probleem moeten zijn, ware het niet dat al deze portretten je als het waren uitnodigen om eens verder te kijken. Dat is volgens mij de kracht van een portret. Je stapt de wereld binnen van de maker en de geportretteerde. “A portrait is a thing of feeling”, zei Van Gogh hierover. Intiem, maar ook afstandelijk.

foto: het gevoel van een portret.

Ik ontdekte een Van Gogh zoals hij zichzelf zag en hoe anderen hem zagen. Effectbejag, zoals in het portret Man met pijp van Gustuve Courbet met de uitstraling van een bohémien. Het deed mij denken aan Sir Anthony van Dijcks zelfportret. Of het Rembrantesque zelfportret van de in Nederland minder bekende kunstenaar Meissonier. Of het bijna snapshot van een jonge Renoir op een stoel. Zou fotografie al een rol hebben gespeeld?

foto: de jonge Renoir op een stoel.

In the Picture laat via diverse thema’s zien hoe kunstenaars zichzelf voorstelden of lieten vastleggen in de 19e eeuw. Ze kregen een gezicht. want hoe kan het anders -er is maar één foto van Vincent van Gogh bekend- dat wij de schilder kennen als de wat afwezige roodharige met baard en strooien hoed? Beeldvorming, het zou tegenwoordig branding heten. Zo werd en wordt Vincent verbeeld. Een uitzondering vond ik het portret van John Russell, die de schilder neerzet als stevige man. Zo zie je wat een interpretatie op doek kan doen.

foto: Courbet als bohémien.

In the Picture neemt je mee aan de hand via het thema zelfportret, zet je dicht bij de kunstenaar, bezoekt de kunstenaar tijdens zijn werk, beschouwt de lijdende kunstenaar en laat tot slot zien hoe zelfportretten van Vincent van Gogh andere hedendaagse kunstenaars nog steeds inspireren.

Gereons Keuken Thuis sluit zich na de preview van deze mooie tentoonstelling aan bij Emilie Gordenker, de nieuwe directeur van het Van Gogh Museum, dat In the picture een aanmoediging is om aan de hand van deze kusntenaarsportretten eens naa te denken over de nog steeds zeer actuele onderwerpen indentiteit en imagebuidilding. Stap daarvoor eens de 19e eeuw van Van Gogh binnen….,

foto: portret van schilder Nils Kreuger.

In the Picture, kunstenaarsportretten. Van 21 februari tot en met 24 mei in het Van Gogh Museum Amsterdam.