Winterse risotto.


foto: winterse risotto

Winterse risotto met paddenstoelen. In de aanloop naar de feestdagen, moet er ook doordeweeks eten worden gekookt. Net zoals op de werkdagen na de feestdagen. Een beproefde methode in Gereons Keuken Thuis is variëren met risotto. Je kijkt gewoon wat je toch al in huis had. Of je speurt het internet af voor wat variatie. Zo vond ik bij de makers van foodbox Hello Fresh  een gemakkelijk risotto  basisrecept , waarmee je eindeloos kunt variëren.

Het fijne van  risotto maken is dat je van afsnijdsels van groenten, champignons, dat karkas van je kerstwild en wat goede wil een heel mooie bouillon kunt maken. Een winterse risotto kun je op vele manieren klaarmaken. Vegan zonder toevoeging van boter en kaas, vegetarisch met boter en kaas of zoals ik zondag in Gereons SeaSpot deed met een restje ham erdoor. Gebruik witte of rode wijn om de aangebakken rijst te blussen voordat je gaat mantecare. Dat mooie Italiaanse woord voor mengen van zetmeel en andere ingrediënten met je bouillon. Hoe minder bouillon je telkens toevoegt, des te sterker mengen de smaken zich. En wees niet bang om te experimenteren met kruiden en groenten, die je nog in huis hebt.

Het is winter, dus en stevige risotto gaat er altijd in. In tegenstelling tot de Italiaanse manier is mijn recept voor risotto geen voor-, maar een hoofdgerecht. Mocht je nog risotto overhouden, maak er dan eens risotto bitterballen mee. Gezellig voor bij een glas prosecco op Oudjaarsavond.


foto: risotto met appels&speck uit Alto Adige.

 Risotto is een gerecht dat uit te breiden is met allerlei andere ingrediënten. Met saffraan om er een risotto alla Milanese van te maken, de koningin onder de rijstgerechten zonder kaas, met veel boter en in het restaurant van de Scala doen ze er zelfs wat bladgoud op als garnituur. Met veel groente voor een echte risotto alla primavera. Of een risotto met appels uit Alto Adige


foto: paddenstoelen risotto met truffelolie.

 Vandaag mijn recept voor winterse risotto ai funghi met winterwortel en selderij. Een gerecht,  dat vaak op tafel komt in dit seizoen. Probeer de truffel olie van Valderrama er eens bij. In mijn risotto gaat geen kaas, dat zou de truffelsmaak verbloemen. En….. ik zou mijn lezers tekort doen als ik er geen wijntip bij geef. Bij deze risotto drink je een hartwarmend glas rood uit de Veneto, een Valpolicella Ripasso. Tijdens de feestdagen bij veel supermarkten te koop.

foto’s: de mise en place

Recept voor 4 personen:

  • 400 g risotto rijst
  • 1 l  funghi porcini bouillon (van blokje) of zelf getrokken met de afsnijdsels van paddenstoelen/groente
  • 1 bakje kastanje champignons
  • 100 g andere paddenstoelen naar keuze, zoals oesterzwammen
  • veel roomboter
  • 2 sjalotjes
  • 1 middelgrote wortel
  • 1/4 knolselderij
  • peterselie gehakt
  • peper en zout
  • 1 glas rode wijn
  • 3 el olijfolie



Bereiding:
Borstel de champignons en andere paddenstoelen goed schoon. Snijd de steeltjes eraf en trek hier al dan niet tezamen met een bouillonblokje een stevige bouillon van. Bak de paddenstoelen en champignons kort in een eetlepel olie met peper en zout. Verhit in een pan met dikke bodem 2 eetlepels olijfolie. Snipper de sjalotjes fijn. Verhit in een pan de olie en fruit de sjalot. Voeg de wortelblokjes toe en laat weer kort fruiten. Voeg de risotto rijst toe en bak deze mee totdat de rijst kleurt. Blus af met een glas rode wijn. Voeg beetje bij beetje de warme bouillon toe en blijf roeren totdat de rijst alles opneemt. Blijf de rijst tussentijds roeren. Na twintig minuten is de risotto klaar. Roer de paddenstoelen er doorheen. Maak de risotto af met wat boter, peterselie, peper en zout. Doe het deksel op de pan en laat 5 minuten nagaren. Serveer op borden met eventueel wat truffelolie en wat fijngehakte peterselie.


Buon appetito!


 foto: een dampende pan risotto.

Hoe dan? Favoriete recepten van Maroeska Metz.

  foto: cover Hoe dan?

Hoe dan?  Favoriete recepten van Maroeska Metz. Tijdens het Foodie Festival 2018 van Bijzondere Collecties UVA woonde Gereons Keuken Thuis de presentatie bij van het door veelzijdige kunstenares, designer en kookadept geschreven boek Hoe dan? bij. Maroeska Metz, die we allen herkennen van de vioolkrul in haar ontwerpen heeft haar favoriete recepten gebundeld in dit kookboek. Tijdens haar presentatie vertelde deze, inmiddels ook deelneemster aan Heel Holland Bakt, hoe haar liefde voor voedsel is ontstaan en een rode draad in haar leven vormt. Metz wilde eigenlijk violiste worden, maar belandde op de Rietveld Academie. Saillant detail is dat zij daar onder andere afstudeerde met een eetbaar object, waarvoor zij een speciaal mesje had ontworpen. Omdat ze toch puik voor de dag wilde komen, racete ze naar huis om zich om te kleden. Bij terugkomst trof zij de genodigden aan, die zich al te goed hadden gedaan aan de eetbare objecten. Meer hierover gaat Gereons Keuken Thuis vragen, als hij Maroeska aan de tand gaat voelen als wintergast bij #talkandtable.

Hoe dan is een bijzonder vormgegeven kookboek, met de emblematische krul op de cover. Oorspronkelijk bedoeld als naslagwerk voor haar zoon en dochter Metz heeft 7 favoriete keukens en deelt de recepten in naar soort gerecht van antipasti via brood, groente, vlees tot cake en koek. Haar is geïnspireerd op de Italiaanse, Kaukasische, Levantijnse keuken en heel belangrijk de kookkunsten van grande dame Claudia Roden.

Hoe dan? is niet compleet zonder de 2.0 toevoeging aan dit boek. Je kunt Maroeska Metz alles zien doen als je de QR codes recepten scant. Ik vind dat een vondst. Zo wordt een statisch kookboek heel interactief. Maroeska is als designer natuurlijk dol op apparaten. Een boormachine als appelboor. Sommige dingen moet je thuis maar niet nadoen. Het koken uit dit vrolijke en prachtig vormgegeven boek juist wel.

Foto’s van  Griekse dolmades, de geur van brood, easy hoemmoes, pesto’s, verwarmende soepen en Italiaans geïnspireerde polpette. Vis met een gekruide tentakel van octopus. want de vioolkrul komt ook terug in haar gerechten. Vlees, pasta, pizza en tot slot zoetigheden. Ik ga er niet verder over uitweiden. Hoe dan? is een totaal concept, een langdurige queeste van Metz, waarin wordt gekookt, ontworpen en je eten ook nog eens kunt beleven live zo op je smartphone. Een heel mooi concept van MarkMedia&Art, de uitgever van Maroeska. Ze haalde er zelfs een nominatie voor Gouden Kookboek 2018 mee binnen. Need I say more? Nee gewoon Hoe dan? lezen, eruit koken en beleven.

video: dit is wat je ziet als je de QR code bij zelf tahin maken scant.

Hoe dan? Favoriete recepten uit de 7 keukens van Maroeska Metz. (ISBN 9789082889802) is een uitgave van  MarkMedia&Art en kost € 34,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Culinair winterdagboek, Nigel Slater.

 foto: cover Culinair winterdagboek


Culinair winterdagboek van Nigel Slater. A cook who writes. Morgen begint volgens het KNMI de meteorologische winter. Bij Slater begint zijn lievelingsseizoen al op 1 november en duurt tot Maria Lichtmis op 2 februari. Ik vind Nigel Slater, bekend van o.a. BBC series en talloze kookboeken een heerlijk culinair schrijver en culinair kenner. (die net als ik geen eieren lust, vernam ik deze week, maar dat terzijde) Ik ben nu zijn nieuwe kook- en leesboek Culinair winterdagboek aan het uitpluizen, vol anekdotes en recepten. De Noordzee kolkt buiten en er is een drizzle. Maar binnen is het behaaglijk en is het heerlijk lezen uit dit boek. Nigel Slater is een echte verhalenverteller. Hij begint zijn dagboek met een ode aan de winter. Je voelt je gezicht tintelen als je de vrieskou in loopt. Slater vindt de komst van de winter net zoiets als het springen in koud water na de hitte van de sauna. Hij is geen zomermens. Zijn interesse voor de winter ontstond al in zijn jeugd. Het kraken van dorre takken onder je laarzen. Hij vervolgt met de constatering, dat 21 december niet het begin van de winter, maar de kern van de winter is. De Ieren en Zweden begrijpen dat. Net als in de landbouw waar Sint Maarten op 11 november het winterseizoen inluidt.


De toon van zijn culinair winterdagboek is gezet. Ook wintereten, dat Nigel Slater eten uit sprookjes noemt. Ik begrijp die constatering wel, want er is geen seizoen waarin zoveel mythes en verhalen verbonden zijn met eten. En even zoveel tradities. Denk aan Guy Fawkes Day op 5 november, de eerder genoemde Sint Maarten, de intocht van Sinterklaas, de Kerstdagen, Oudejaarsvuren en tot slot Driekoningen. De donkerste tijd van het jaar staat allemaal in het teken van je voorbereiden op deze feesten en je terugtrekken met geliefden in je huis. Al dan niet bij de haard. Slater zelf trekt liever een extra trui aan, hij is niet zo dol op over-verwarmde ruimtes in huis. Klinkend op de zonnewende, wanneer de dagen weer gaan lengen. Het liefst met eigen gemaakte likeur. Vuur en gebakken peren op Bonfire Day.


Eind november, Slater bezoekt Wenen, de zwierige stad van suiker en slagroom. In Keulen ontrafelt hij de mythe van Driekoningen op de Weihnachtsmarkt naast de Dom. Dresden en kerststol vormen een mooi thema. Een verhaal over twee polenta recepten bij het feest van Sint Nicolaas. En dan Kerstmis, een belangrijk feest. Stuur je kaarten, wat voor een kaarten en aan wie. In zijn culinair winterdagboek weet Slater er mooi over te vertellen. De keuze van de boom komt aan bod. Het eten voor kerst, van pickles tot panettone, je voorbereidingen van Christmascake tot brandybutter. (Gereons Keuken Thuis kan zich al deze heerlijkheden nog herinneren uit de tijd dat hij voor M&S werkte) Tijd voor terrines, het komt allemaal aan bod in de verhalen. Na de feestdagen is het januari, beginnend met Driekoningen, een maand vol met winterse verhalen en dito kost. Het culinair winterdagboek eindigt op Maria Lichtmis, 2 februari, wanneer de kersttijd formeel ten einde is. Nigel Slater trekt eropuit door de vers gevallen sneeuw en beloont de lezer met roomijs met basilicum. Een referentie aan een nieuw voorjaar in het verschiet.


Culinair winterdagboek is een boek voor mensen, die naast van koken ook van verhalen houden. En dit is nu juist wat dit kookboek een behaaglijk leesboek maakt. Om je in onder te dompelen, terwijl buiten de noordwestenwind blaast. Ideaal lees- en smulvoer voor tijdens je winterslaap. In Gereons Keuken Thuis is het de gewoonte voor te lezen of te citeren uit eigen werk tijdens het kerstmaal. Wie weet ga ik dit nu eens uit dit culinair winterdagboek doen op 25 december. Tot dan ben ik nog wel eventjes aan het lezen en smullen van de verhalen van deze schrijvende kok.


Culinair winterdagboek, Nigel Slater (ISBN 9789059568754) is een uitgave van Fontaine en kost € 29,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De grote wijnfamilies.

 foto: cover De grote wijnfamilies.

De grote wijnfamilies, een wijnboek over de reis, die magister vini, winemaster Fiona Morrison door Europa maakte  langs voorname wijnbedrijven van bekende families. Op ons continent zijn nog heel wat legendarische wijnfamilies te vinden. Vaak onbenaderbaar en ver van alle media opererend.  Het gaat hun om wijn maken en instandhouding van het terroir.  Deze wijnbouwers produceren wereldberoemde wijnen. Morrison was naast de wijnen geïnteresseerd in hun verhalen. Dus trok ze eropuit. Dankzij haar reputatie op wijngebied slaagde ze erin over de drempels van deze wijnhuizen te stappen. Misschien speelde ook wel mee dat Fiona Morrison getrouwd is met de Belgische eigenaar Jacques Thienpont van Le Pin in Pomerol, ook een vooraanstaand wijndomein.

Anyway, Morrison  reisde langs verschillende adressen en schreef dit heerlijke winterboek, wat  ik een “voor de bourgondische haard met een glas rood” wijnboek zou noemen. De grote wijnfamilies is ingedeeld volgens de vier seizoenen. Beginnend in de zomer met la familia Torres, juist die van de Sangre de Toro en flagshipstores in Spaanse steden, uit de Penedès. Een modern bedrijf, dat zijn wedergeboorte had in het moderne Catalunya en vandaar uit de wereld veroverde. De markiezen van Frescobaldi zijn de volgende familie, een middeleeuwse dynastie, die vanuit Florence de scepter zwaaien over hun Toscaanse wijngoederen, castelli en villa’s. Het leuke aan dit boek is dat achter elk familieportret een wijnkeuze door Morrison is geschreven.

Herfst volgt bij de familie Thienpont in Bordeaux, een thuiswedstrijd voor Morrison. Daarna zakt ze af naar de Dourovallei, met Porto als epicentrum van port en wijnen van de familie Niepoort. Detail is dat de Niepoorts ooit als porthandelaars neerstreken in de vallei vanuit Hilversum en zich gaandeweg ontpopten tot wijnmakers.

Winter betekent een bezoek aan Piëmonte, aan de familie Gaja in Barbaresco en een bezoek naar de plaats Scharzhof in de Moezelstreek voor het wijnhuis van Egon Müller. Twee heel verschillende werelden vol wijn. Tot slot de lente in Frankrijk met de verhalen van famille Liger-Belair, de bewakers van het grand cru erfgoed in de Côte d’Or. Zoals de wijnen uit Chambolle  Musigny en nog veel mooier de wijnen van Vosne-Romanée. Je begrijpt dat Fiona Morrison als wijntips wat van dit Bourgondisch goud noemt. Haar laatste familie bezoekt Morrison in de Rhône vallei net ten zuiden van Orange. Te gast bij de familie Perrin, die zeer betrokken is bij het wel en wee van de wijnbouw.

De grote wijnfamilies is een heerlijk boek voor wijnliefhebbers en lezers, die wat meer willen weten van de makers. Ik zou zeggen schenk een fijn glas in, ga zitten in je luie stoel voor de haard en laat Fiona Morrison voor jou de deuren openen van domeinen, die anders gesloten blijven. Heerlijk winterboek.

De grote wijnfamilies, Fiona Morrison. (ISBN 9789401448994) is een uitgave van Lannoo en is on- en offline te koop voor € 29,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Wine Food.

 foto: cover Wine Food.



Wine Food, nieuwe ontdekkingen voor wijn- en spijsbegeleiding. In Gereons Keuken Thuis ligt het bijzondere boek van sommelier Dana Frank en kok Andrea Slonecker op tafel. Een boek dat je op pad neemt om zo betere smaakcombinaties van wijn en gerecht te maken. Uitgangspunt van de twee schrijvers is de wijn. Zo deed ik dat ook jarenlang, gerechten verzinnen bij de wijnen, die ik aan mensen liet proeven tijdens proeverijen van Vins de Géréon. Dan bedacht ik bij de line up van mijn Bourgogne en Beaujolais wijnen een zestal amuses en een hoofdgerecht voor de nazit. Nadeel was dat ik de volgende dag allerlei vragen over recepten kreeg. Deze werkwijze vormde de basis, zo’n 11 jaar geleden, voor wat nu mijn blog Gereons Keuken Thuis is. Elke dag een wijn- of spijscombinatie op je bord.

In Wine Food streven beide dames, de één wijnmaker en de ander receptenontwikkelaar, ernaar, om in 75 soorten wijnen, met vermelding van 250 wijnproducenten 75 passende combinaties te maken. Want als je je gekozen wijn goed weet te harmoniëren met je gerecht geniet je des te meer van beiden.

De schrijfsters vertellen over hun favoriete dorp Morgon, met zijn oude wijnstokken, die als vanzelf de granaatrode wijnen opleveren, die ik ook van mijn bevriende wijnmakers Didier en Marieke Canard ken. De pareltjes van Kroatische eilanden komen voorbij, verse visvangst met alleen die touch van olijfolie en zout. In Portland Oregon ontstond na een fles frappato en een kom pasta het idee om dit boek te schrijven.

Frank en Slonecker beginnen Wine Food met uitleg over smaken afstemmen. Daarbij zoeken ze altijd naar de balans tussen wijn en ingrediënten.  Of juist het contrast. Ze geven tips voor het kopen van en het koken met wijn. Het lezen van een etiket. En… het serveren van wijn als een heuse sommelier. Defecten worden aangestipt. Zoals waarom een wijn naar natte krant smaakt of te rijp gedroogd fruit?

En dan kan het feest beginnen. Preparty met cava uit Catalunya met een tapa van doperwten en jamón. Muscadet  sur lie met hoe kan het ook anders oesters. Rosé uit de Provence met pissaladière. Alpiene wit voor bij une vraie fête de la raclette. Elk  hoofdstuk eindigt telkens met een spiekbrief voor combinaties. Ook alledaagse zoals de afhaalpizza.

Wine Food gaat verder met brunch. Hoe handig voor degenen, die komende Kerstdagen een brunch serveren. Een tip voor Moscato d’Asti met gegrild courgettebrood, Elzasser pinot blanc met tropische yoghurtparfait en rode Bugey komt aan bod.  Klassieke Edelzwicker met een mondaine hippiesalade leuk ideetje voor het Oudjaarsgedruis.

En zo gaat Wine Food verder. Telkens wijnen, die in Nederland en België verkrijgbaar zijn, met bijpassend gerecht. Ook voor “ongewone” gewone maaltijden. Wat te denken van alligoté met tonijnnoedels? Of tempranillo met een zomerse piperade met gebakken eieren? Ik moet bij al deze combinaties direct denken aan vinoloog en culi-collega Ingrid van Vinissima, die op haar blog en op social media mij dagelijks blij maakt met haar wijn spijs trouvailles. En dat is nu juist wat Wine Food ook doet. Het neemt me terug in de tijd, naar mes racines. Going back to my roots! In Gereons Keuken Thuis is dit leuke boek een gegarandeerd blijvertje. En met de decemberfeesten op het oog zou het bij meer culi’s en foodbloggers op de keukenplank moeten staan. Veel succes met matchen!

Wine Food, Dana Frank & Andrea Slonecker. (ISBN 9789045215006) is een uitgave van Karakter en is bij je favoriete kookboekenwinkel te koop voor € 27,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Stadskookboek Amsterdam.

 foto: cover Stadskookboek Amsterdam.



Stadskookboek Amsterdam. De laatste jaren beleeft Amsterdam een waar reveil als culinaire stad. Nog nooit zijn er zoveel spannende en goede culinaire adressen te vinden geweest in good old Mokum. En Mara Grimm, culinair trendspotter bij Het Parool weet daar van alles vanaf. Tijd dus om samen met fotografe Liselore Chevalier de stad door te struinen op zoek naar de pareltjes, die onze hoofdstad rijk is. In haar inleiding schrijft Grimm, dat het kan lijken of ze op een grote culinaire roze wolk zit. Niets is minder waar verzekert ze, want het wemelt nog van de Nutellawinkels, kaasmusea en wafeltenten. Er valt dus nog heel wat te verbeteren. Een andere keerzijde van de culinaire wederopstanding van onze stad is, dat slimme horeca ondernemers een puik conceptje lanceren, het liefst in 3 stadsdelen tegelijk, hippe jongens en meisjes zonder enig culinair benul uitnodigen er te komen eten en de tent zit vol. En….. verdwijnt na enige tijd geruisloos van het stedelijke toneel. Gereons Keuken Thuis kan erover meepraten. In Stadskookboek Amsterdam wil Grimm het juist niet over dit soort zaken hebben, maar bezoekt zij gepassioneerde chefs, mooie eetwinkels en ontfutselde hen lekkere recepten. Want culinair excelleren is een proces van vallen en opstaan.

Amsterdam Foodstad start met een interview met Alain Caron, die nooit zelf een restaurant wilde hebben. Nu zijn er twee zaken in de Pijp met zijn signatuur. En voegt hij eraan toe: “Een visje met wat bloemetjes sous vide garen is geen koken, maar armoede verbergen.” De toon is gezet. Giel Kaagman (ik was er van de week nog) vertelt over zijn restaurant. Een top tien van klassieke Hollandse eetwaar volgt. Grimm gaat couscous bij Nadia Zerouali proeven in de Javastraat. Waar kun je tot laat eten? Aan health freaks wordt gedacht. Negen keer old time klassiekers op restaurant gebied, zoals Le Garage en Dynasty in de Reguliersdwars. De leukste adressen in het verhippende Nieuw West, zoals zelf appels en fruit plukken bij de Fruittuin of eten bij De School. Bouchon du centre, een echt fenomeen à la Lyonnaise, waar sla meisjes niet welkom zijn. Tenminste, als ze bang zijn voor bijvoorbeeld lamshersentjes. Gevolgd door een top 9 van Franse zaken. Natuurlijk ontbreekt chefkok Joris Bijdendijk niet met zijn nieuwe keuken voor de Lage Landen. En zo gaat het door, verrassende adressen, mooie interviews en smakelijk beeld. Stadskookboek Amsterdam is een must have voor de Mokumse burger en buitenlui. Grimm en Chevalier nemen je in tekst en beeld mee weg van de gebaande paden, van Van Dobben Eetsalon, één der laatste Mohikanen op broodjes gebied, via tafelzuur van naamgenoten de Leeuw in Zuid tot restaurant 212 aan de Amstel. Gaat het ontdekken zou ik zeggen en als toegift zijn er de recepten om thuis nog eens te maken.

Stadskookboek Amsterdam, Mara Grimm & Liselore Chevalier (ISBN 9789057678806) is een uitgave van MoMedia en is te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Label Rouge kip.

 foto: creatie van kippenhart en -lever.

Kip met het predicaat Label Rouge. Dat kippenvlees een veelzijdig stukje vlees is wordt ons al jaren verteld. In Gereons Keuken Thuis komt regelmatig een deerne op tafel met het Franse Label Rouge keurmerk, zoals in een maandagse ragout. Label Rouge, dat al sinds 1960 wordt gevoerd om de kwaliteit te controleren van kippenvlees, dat op ambachtelijke manier wordt geproduceerd. Overal in la douce France, voor gele kippen, witte kippen of poulet noir. Het hangt van de streek en klimatologische omstandigheden af. Let wel Label Rouge is geen handelsmerk, maar een toekenning door een onafhankelijke organisatie aan Franse boeren, die ervoor in aanmerking komen. Want niet elke kip mag zich een Label Rouge hen noemen. Er wordt gelet op wat ze eten, hoeveel ruimte ze hebben en de slachtwijze. Wist je dat elke label rouge kip een eigen nummer krijgt. Zo kan je als koper altijd de herkomst achterhalen. Meer ruimte en langere levensduur, een kip wordt niet als kuiken, maar pas na 81 dagen geslacht, dragen bij aan de mooie structuur van het vlees van een Label Rouge kip. Stevig,  zowel met geel als wit vlees. Tegenwoordig is Label Rouge niet meer alleen een keurmerk voor gevogelte, maar ook rund-, kalfs, lams- en varkensvlees, charcuterie en eieren worden gecontroleerd. Het is het meest gecontroleerde kwaliteitskeurmerk van Europa. Met een regionale garantie. Kip met de charme van la France profonde, waar ik zo dol op ben.

  foto’s: Hanos expert legt uit.

Van zulk goed kippenvlees vallen mooie dingen te maken. Dat liet een vleesexpert van Hanos zien tijdens deze presentatie, want veel mensen vinden het bereiden van een hele kip best een kluif. Maar als je een kip goed uitbeent kun je er alle kanten mee op van ballotine, via dijfilet, drumstick tot galantine. Michiel Kaagman van restaurant Kaagman & Kortekaas maakte met deze deernes een heerlijke 4 gangen lunch.

 foto’s:  kip en demi deuil en witte Bourgogne

Het eerste gerecht was een compositie van broccoli, cime di rape, knoflook, pistache, burrata, gegrild kippenhart en een mousse van lever van een Label Rouge kip. Bio blanc de noir uit de Pfalz als begeleider. De tweede gang een maiskip en demi deuil, d.w.z. met truffel onder de huid gebakken. Erbij een aligot onctueux uit de Auvergne van maismeel en Cantal kaas. De geschaafde truffel maakte het af.  De witte Bourgogne van LaTour uit Meursault was het wijnfeestje bij deze gang.

 foto: poulet noir met brandade en zuurkool.

De derde verrassing was een poulet noir met brandade de morue, zuurkool en foie gras met mosterdblad en een rode garnalensaus Albufeira. Een rode Loire, uit Chinon begeleidde dit concert van smaken. Dessert tot slot van ananas, taai taai, meringue, rode peper en dragonijs. Met als wijn een zoete en frisse Montbazillac. Zo veelzijdig kun je koken met deze prachtige kippen.

 foto’s: dessert & Monbazillac.

Ik vind het een aanwinst voor het vlees-schap in de supermarkt. Dus ben je volgende keer in de supermarkt of bij de poelier laat je dan eens verrassen door de kip-producten van Label Rouge. Overigens is hun overige gevogelte assortiment ook de moeite waard. Gereons Keuken Thuis toog westwaarts met in een koeltas een eendenborst, twee kwartels en een poulet jaune. Het weekend kon beginnen.

In Nederland zijn de kippen van Label Rouge heel en in delen te koop bij poeliers, geselecteerde groothandels en in de supermarkt.

Recept voor ragout van Label Rouge kip.

Noma’s handboek voor fermenteren.

 foto: cover Noma’s handboek voor fermenteren.

Noma’s handboek voor fermenteren. Bij fermentatie denkt Gereons Keuken Thuis meestal aan het maken van witte en rode wijn, waarbij zoete druivenmost vergist tot alcohol. Of extra gistfermentatie om een bruiswijn te maken. Maar fermenteren is veel meer. Dat willen René Redzepi en David Zilber van het wereldberoemde restaurant NOMA in Kopenhagen laten zien in dit boek. Foundations of flavours noemen ze het. In NOMA wordt bij elke gerecht, dat op tafel verschijnt een vorm van fermentatie gebruikt. Een verhaal vol toevalligheden. Toen Redzepi jaren geleden met NOMA startte was hij op zoek naar bijzondere ingrediënten. Bijvoorbeeld daslook bloemknoppen, die werden gezouten en gerijpt tot kappertjes. Een toevalligheid. Dat leidde tot meer conserveringsexperimenten. Eigenlijk helemaal niet vreemd als je bedenkt wat wijn betekent voor de Franse cuisine. En stel je de Japanse keuken eens voor zonder miso? Zo begon NOMA in 2014 met een echte aparte fermentatie keuken. Een laboratorium net als bij dat andere bekende restaurant El Bullí in Roses, geleid door David Zilber. Een heuse expert op het gebied van fermenteren. En nu ligt hier het boek, het resultaat van tien jaar gebruikte technieken in NOMA.

Het boek start met de theorie, wat is fermentatie, waarom smaken gefermenteerde dingen zo lekker. Hoe dek je de tafel voor de microbeen, die hun werk doen? Wilde fermentatie en tips om het hygiënisch te houden, want dat is belangrijk. Tot slot fermenteren is experimenteren. Vallen en opstaan, maar al doende leert men en dan heb je ook wat. Er volgen recepten voor melkzuurfermentatie van vruchten en groenten, een fantastische manier om restjes te gebruiken. Ik ken melkzuurfermentatie uit de wijn wereld. Het zet fruitzuren om in zachtere melkzure smaken. Lactopruimen. Een eenvoudige kennismaking met zelf fermenteren aldus Redzepi en Zilber. Voorzien van stap tot stap foto’s. Of wat te denken van lacto asperges in het seizoen? Kombucha, een historisch drankje, dat je makkelijk kunt maken, opnieuw uitgevonden, een vorm van coöperatieve fermentatie. Bij NOMA maken ze verschillende smaken kombucha en verwerken die in gerechten.

Azijn volgt, een eeuwenoude beproefde manier om te fermenteren. Van perenciderazijn tot zwarte knoflookbalsamico Anything goes in het laboratorium van Zilber. De koji schimmel, die je zelf kunt kweken op basis van gerst met vele toepassingen in soepen en stoofgerechten. We belanden bij miso’s (bonen)  en zogenaamde peaso’s (gefermenteerde gele spliterwten) de belangrijke Japanse smaakmaker vol umami. De staf van NOMA was er in het begin totaal van in de ban. Miso kun je van bonen maken, van rogge, hazelnoten of van gefermenteerde maiskorrels. En je kunt het in allerlei gerechten gebruiken. Na shoyu gaat het verder met garum. Redzepi en Zilber maken deze van oorsprong Romeinse ansjovissaus allerlei varianten. Zelfs van sprinkhaan. Tot slot besteedt het boek aandacht aan zwarte groenten.

Wat een heerlijk boek is NOMA’s handboek voor fermenteren. Gedegen uitleg over processen en smaken. Veel dingen zijn makkelijk in je thuislaboratorium te maken. En door te fermenteren leg je echt de foundations of flavour. Ik ga er mee aan de slag heren Redzepi en Zilber!

Noma’s handboek voor fermenteren, René Redzepi & David Zilber (ISBN 9789045214801) is een uitgave van Karakter en is on- en offline te koop voor € 39,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Dineren aan de gracht.

 foto: petit diner à deux

Dineren aan de gracht. De Amsterdamse grachtengordel werd gebouwd in de zeventiende eeuw, de Gouden Eeuw. Pakhuizen verrezen en woningen van de rijke kooplieden, handelaars en bankiers. In de bochten van de concentrische gordel werden ware stadspaleizen gebouwd, luxueus gedecoreerd en gemeubileerd. Zo streek ook de familie Van Loon neer aan de Keizersgracht. Tegenwoordig is in dit pand Museum Van Loon gevestigd, dat een indruk geeft van het wonen op stand aan deze gracht gedurende vier eeuwen. Pronkkamers, portretten, brokaat behang en kroonluchters. Alles ademt de sfeer van weleer uit. Ik ging het afgelopen dinsdag allemaal aanschouwen. Net als de tuin met een prieel en koetshuis. Wat is het heerlijk toeven achter dit majestueuze huis ver van de drukte van de stad.

 foto’s: dineren op de bel etage

Nu is er de speciale tentoonstelling Dineren aan de gracht te zien en te proeven. Dat laatste figuurlijk dan. De familie Van Loon ontving en ontvangt graag gasten in hun statige voorkamer op de bel etage. Alle registers gaan dan open. De tafel wordt minutieus gedekt, het zilver gepoetst en niets wordt aan het toeval over gelaten. In de video die downstairs te zien is, zegt voormalig hofdame jonkvrouw Van Loon-Labouchère, dat een afzegging heel wat roet in het eten kan gooien. Want als er gedineerd werd, was dat met veel stijl. Ook later, toen de familie op de derde etage in een appartement woonde, werd er in stijl gedineerd, voegt dochter van Loon eraan toe. Het was zelfs de gewoonte dat je je voor het diner omkleedde.

 foto: cover Dineren aan de gracht.

Ter gelegenheid van deze tentoonstelling, die tot 19 januari is te zien, verscheen het boek Dineren aan de gracht, aan tafel bij Van Loon, van de hand van kunsthistoricus Willem te Slaa en culinair schrijfster Janny van der Heijden. Zij doken in vier eeuwen tafelgeschiedenis van de familie Van Loon, zowel aan de gracht als op hun buitens. Naar verluid bestelde jonkheer Willem van Loon het grootste zilveren servies, dat ooit in Amsterdam werd gesmeed. Delen van dit servies zijn nog steeds te zien in Museum van Loon en sierden decennia lang de tafels  van de familie. In het boek wordt verteld over de diners van de familie, hoe zij die organiseerden en komt een stuk decorum en etiquette aan de orde. Want zeg nu zelf, een mooi georganiseerd formeel diner heeft toch wel iets. Tot zover de geschiedenis over het leven van deze familie aan de grachtengordel.

 foto’s: up & downstairs.

Gegeten werd er ook. Janny van der Heijden dook in de gewoonten en in de door de familie bewaarde recepten. Zij herschreef dertig recepten voor Dineren aan de gracht en vertelt in blokken tussen de geschiedenis van dertien generaties Van Loon over cacao, service à la Russe, de ijskelder.  Achterin het boek vind je de negentiende-eeuwse recepten, voor een Charlotte Wladimir, heel klassieke hazenpeper, kreeftcroquetten, schildpadsoep (uiteraard zonder schildpad) of poussins Marengo. Wat een mooie gerechten allemaal. Gereons Keuken Thuis weet nu al dat één van mijn tien kerstmenu’s op mijn blog dit jaar uit dit fraaie kook en leesboek gaat komen. (moet ik er alleen de wijnen er nog bij verzinnen) En… ik ga het zilver poetsen, het oude porselein te voorschijn toveren, de kristallen glazen en karaffen afwassen en de tafel dekken. Voor een diner, weliswaar niet aan de Keizersgracht, maar gewoon at home in Amsterdam West. Kaarsen aan, feestelijk net als bij de familie Van Loon.

 foto: de grachtentuin in herfstlicht.

Dineren aan de gracht, Willem te Slaa en Janny van der Heijden (ISBN 9789038805580) is een uitgave van Nijgh & van Ditmar en is bij bezoek aan het museum of in je favoriete boekhandel te koop voor € 29,99

De expositie Dineren aan de gracht is tot en met 19 januari te zien in Museum van Loon aan de Keizersgracht 672 in Amsterdam. Aanrader!

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Wild zwijn?

 foto: wild zwijn?



Wild zwijn? Vorige week vertelde ik op Gereons Keuken Thuis nog over de jagers, die ik tegenkwam in de heuvels tussen Mancey en Tournus. Mannen in oranje hesjes, die op zaterdag een robbertje achter de wilde zwijnen aan gaan rennen. In de hoop, als waren zij Asterix en Obelix, een wild zwijn te verschalken. Ik vroeg me direct af of Théo erbij was? Die oranje hesjes zijn er voor het geval ze elkaar per ongelijk in de bil schieten. Uitstappen uit de auto voor foto’s was derhalve geen optie. Het bracht me meteen op het idee, om weer een karbonaadjes te maken met een wildsmaak. Het verschil tussen varken en zwijn is dat de laatste erop los scharrelt en veel meer dingen zoals jeneverbessen, wilde kruiden en ander natuurlijk spul eet. En…, voegde een Facebook vriendin, die voorheen in de Bourgogne woonde, eraan toe, veel meer spiermassa heeft. Dus roder vlees. Natuurlijk is het geen wild zwijn, maar niet getreurd, met kruiden en specerijen in een marinade kun je een heuse wilde stoof van varkensvlees maken. Dat leerde ik van mijn tante Doubs, juist ja van de soep, uit de Morvan. Lekker stevig glas rood erbij en smikkelen maar.

 foto: de jachtvelden rond Tournus.



Nodig:

1,5 kg schouderkarbonaden

2 sjalotten

1 prei in ringen

1 winterwortel

1 tak rozemarijn geritst

2 laurierbladeren

3 tenen knoflook

genoeg rode wijn om het vlees onder te laten staan

2 cm gember

8 kruidnagels

15 geneusde jeneverbessen

1 el Dijon mosterd

bloem

peper en zout

boter

Bereiding:

Maak een marinade van de wijn, grof zout peper, mosterd, gehakte knoflook, gember in dunne reepjes, de jeneverbessen, laurier en rozemarijnnaalden. Leg de ontbeende schouderkarbonaden in deze marinade en dek af. Laat het geheel minimaal 24 uur in de ijskast staan. Haal het vlees uit de marinade, dep het droog en haal het door de bloem met wat zout en peper. Verhit boter en bak het varkensvlees aan. Snijd ondertussen de prei, sjalot en wortel fijn. Breng in een steelpan de marinade aan de kook. Haal de karbonades uit het vet en zet apart. doe de groenten in de pan en zet ze kort aan. Blus af met de warme en gezeefde marinade. Doe de karbonaden terug en laat het geheel een uur stoven op heel zacht vuur. Bind de saus met wat beurre manié.

Serveren met fluffy aardappelpuree en geroosterde pompoen uit de oven.