Koken uit de AVENUE.

Koken uit de AVENUE. Het is 1985: GKT ging studeren en op kamers wonen in Amsterdam. Eén van de dingen, die meeverhuisde was een geel schriftje, dat zijn ouders ooit meebrachten van Ibiza. Een kookschrift met daarin lijstjes, knipsels en natuurlijk veel “handige” recepten. GKT heeft het nog steeds. Inmiddels is dat schrift zo’n 42 jaar oud, maar het tovert nog regelmatig een glimlach op zijn gezicht. En… het is een graadmeter, van wat er zoal veranderd is op culinair gebied de laatste 4 decennia. In het gele schriftje zitten ook uitgeknipte receptkaarten uit het tijdschrift AVENUE*, zoals een quattro dessert van De Swaen in Oisterwijk of Schotse soep met prei en pruimen van een ander restaurant. Het bekende lifestyle magazine grossierde, onder aanvoering van de grande dame van culi Nederland, Wina Born, in recepten van sterrenchefs.

foto: Reebiefstukjes met basilicum van Villa Rozenrust. Oh la la.
foto: Tijd voor gevogeltemousse van de Oude Geleerde Man.

Bij terugkeer uit het Occitaanse land werd GKT blij verrast met een presentje van Joan de Vries, één van de leden van de gay cooking club op Facebook. Hij had nog een kookboek over uit 1985. Het AVENUE kookboek van Wina Born. Of ik dat wilde hebben? Daar zei GKT natuurlijk geen NEE tegen. De keuken van AVENUE laat perfect de tijdgeest van begin jaren tachtig zien. Fotografie was analoog en producten, zoals basilicum waren echte exoten . Men at nog geen pesto per kilo. Basilicum zo las GKT was voorbehouden aan de chefs, die er verfijnde dingen mee maakten. Italiaans eten stond nog helemaal niet op de kaart. En oh la la, saffraan en paprika, daar wijdt la Born een heel hoofdstuk aan! Alles wat chefkoks maakten was Frans georiënteerd. Met nadruk op veel “luxe”vlees, mousses van o.a. zalm en kippenlevertjes, luxeproducten zoals foie gras. Vegan moest nog worden uitgevonden. Wat zijn wij heden ten dage veel gewend op gebied van producten uit welke culinaire cultuur dan ook. Aziatische invloeden kwamen mondjesmaat op. Met dank aan Jean Beddington. Het boek geeft een mooi beeld, hoe in de keukens van gerenommeerde restaurants werd gekookt. De recepten vergen wel basiskennis, iets wat tegenwoordig uitvoerig in kookboeken uit de doeken wordt gedaan. Anyway. De keuken van AVENUE is voor GKT terug naar de tijd, dat ik de culinaire wereld nog moest ontdekken en tovert een blik van herkenning op zijn gezicht. Het boek geeft een mooi tijdsbeeld van de eighties en vormt een uitdaging om er iets mee te doen op zijn 21e eeuws. Bijvoorbeeld met onderstaande terrine van wijlen John Halvemaan, in wiens restaurant in Buitenveldert GKT ooit at om zijn afstuderen te vieren.

foto: Terrine van aardappel met spek. Wat doen die truffels daar nu?

RECEPT: terrine van aardapplen met spek.

Nodig:

350 g aardappelpuree**

350 g kalfsfricandeau

650 g spek in dunne plakken

4 eieren

1 dl room

3 grote aardappelen in de schil gekookt

materiaal: een terrine met inhoud van 1,2 l

Bereiding:

Het kalfsvlees in repen snijden en samen met de aardappel tot moes verwerken in de keukenmachine. De eieren toevoegen en de machine nog even laten draaien (niet langer dan 1 minuut) Laat het mengsel goed koelen en voeg er een beetje voor beetje de room aan toe. Schild de grote gekookte aardappelen en snijd ze in dunne lange plakken Bekleed de terrine met plakken spek, leg hierop een laagje farce***, vervolgens met de plakken aardappel en daarop een laagje spek. Begin hierna weer met een laagje farce en ga zo door met spek en aardappel tot de terrine vol is. Bak de terrine au bain marie gedurende een uur in een oven van 180­ °C en laat onder druk afkoelen snijd plakken van de terrine en garneer met wat vinaigrette, waaran eventueel wat truffel is toegevoegd. (nu snapt GKT de truffel op het bord, want deze kwam niet voor in de ingrediënten-declaratie)

GKT gaat snel deze terrine eens uitproberen in Occitanië maar dan als truffelterrine. Wordt vervolgd!

foto: cover De keuken van AVENUE.

Dank aan Joan de Vries voor het opsturen van dit leuke retro kookboek!

* AVENUE was jarenlang een toonaangevende glossy in Nederland met mode, cultuur en culinaire artikelen.

** In het kookboek gaan ze ervan uit, dat je precies weet hoe je aardappelpuree maakt. Hoe anders dan tegenwoordig, waar in elk kookboek basisrecepten staan.

*** GKT heeft wat dingen in de bereiding aangepast en aangevuld, omdat die ontbraken.

Koken à la française met Joris Bijdendijk.

foto: Quenelles de brochet met rivierkreeftsaus.

Koken à la française met Joris Bijdendijk. Thuis leren koken met deze Lage Landen kok volgens Franse keukenprincipes. Niets nieuws onder de zon, want de Nederlandse restaurantkeuken is in wezen op de Franse keuken gebaseerd. Elke kok leert zijn métier volgens Franse basisprincipes. Dat is iets anders dan Aziatisch of mediterraan. Joris Bijdendijk was al op jonge leeftijd niet uit de keuken weg te meppen. Als kind bracht hij met zijn ouders veel tijd door op een autarkische boerderij in de Ardennen, waar elk zijn taakje had. De jonge Joris was dol op koken. Een stage wakkerde het vuur verder aan en hij leerde de fijne kneepjes van het vak in de Hérault, waar hij als coup de foudre zijn vrouw ontmoette. In huize Bijdendijk wordt Franco-Néerlandais gekookt en gegeten. Het beste van twee werelden. Dat vindt deze chef belangrijk. Het lijkt GKT geweldig om in twee (kook) culturen op te groeien. Na zijn boek over een keuken voor de Lage Landen en eentje over thuiskoken, kon Chez Bijdendijk, want dat is de titel van zijn nieuwe boreling, niet uitblijven.

foto: gegratineerde oesters met champagnesabayon.

Chez Bijdendijk, koken à la française neemt je mee aan de hand van 70 Franse klassiekers, die je thuis in alle rust kunt uitproberen. GKT vindt dat de moeite waard, zeker om in de nabije toekomst in de Hérault te kunnen tonen, dat de integratie naast de taal ook via de keuken verloopt. GKT zag al heel wat leuke recepten staan in het boek om buren en Franse vrienden mee te verwennen. En…. zo’n bord voor gegratineerde oesters heb ik onlangs ook op de kop getikt in Servian. Terug naar Joris Bijdendijk. Hij stelt, dat hij regelmatig periodes heeft, dat hij teruggrijpt op de technieken van Franse klassiekers. In zijn ogen leer je goed koken door deze in de vingers te hebben. Wat hem het meest aanspreekt is het seizoensgebondene en het maîtriseren ( is dat Nederlands?) van basisgerechten, zoals bouillons, brood en sauzen. Want saus is toch wel de Heilige Graal van de Franse keuken. Tevens vindt hij de keuzes van wijn erg belangrijk. Hij wijdt hier zelfs een heel hoofdstuk aan. Keukengerei komt aan bod, een uitleg over kaas ontbreekt niet, charcuterie, de beste boter en je voorraadkast. Aan de slag.

foto: Lièvre à la royale.

Chez Bijdendijk begint met de quintessentie van de Franse maaltijd, net als een caraffe d’eau komt er altijd een mandje met knapperig stokbrood op tafel. En Joris gaat daarvoor niet, zoals GKT, naar de boulanger, maar geeft een recept om zelf baguettes te bakken. Het kookboek gaat verder met de entrées, waarbij de klassieke oeufs à la mayonnaise niet ontbreken, evenals de eerder genoemde gegratineerde oesters. Een andere appetizer is de vacherin Mont d’Or, die in het seizoen op de menukaart van het lokale dorpsrestaurant een regelrechte knaller is. (helaas tegenwoordig te zout voor GKT) Vis en schaaldieren ontbreken niet. GKT verbaasde zich er gisteren nog over dat in een land als Nederland, dat omgeven is door zee, zo weinig gevarieerd wordt met vis. De Franse keuken is een voorbeeld hoe het wel zou kunnen en/of moeten. Kreeftenbisque, het Oosterscheldekreeftseizoen is zojuist begonnen. Een afvoriet van GKT zijn de quenelles de brochet. Bijdendijk laat de snoekballetjes zwemmen in sauce Nantua. Wild en gevogelte komen natuurlijk op tafel, konijn met cider, coq au vin en lièvre à la royale, haas met koningssaus. De laatste een huzarenstukje uit de Franse keuken. Hij bakt in de oven een paté en croûte. De eerste indruk van dit blauwe kookboek ligt er: het zou te ver voren om alle klassiekers hier te melden. Een apart hoofdstuk gaat over groente. Tot slot de desserts en patisserie, want een Franse maaltijd sluit je af met iets zoets. Fransen eten niet een taartje uit het vuistje zoals GKT regelmatig doet.

foto: een onverbeterlijke pêche Melba.

Koken à la française met Joris Bijdendijk. Chez Bijdendijk boek is wederom een avontuur, waarin de kok en schrijver zich met hart en ziel heeft gestort. Vol klassiekers uit de Franse keuken, die je thuis kunt maken, fotografie van Jessie le Comte om van te smullen. GKT had het echter nog mooier gevonden als bij elke klassieker een lokale wijnsuggestie had gestaan. Dan was het plaatje compleet geweest. GKT heeft wel een paar wijnideeën. De modieuze Parijse sfeerfoto’s van Studio Unfoldeld maken het kookboek compleet. Uit Chez Bijdendijk koken is één van de Olympische prestaties (GKT gaat aan de slag met het lokale nummer cassoulet), die iedereen dit jaar zeker eens moet gaan proberen. Bonne chance!

foto: cover Chez Bijdendijk.

Chez Bijdendijk. Joris Bijdendijk (ISBN 9789038814711) is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 34,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Een Gascoons recept van George Sand.

foto: cover George Sand et ses recettes gasconnes.

Een Gascoons recept van George Sand. Sissy Dudevant, schrijfster en nazaat van baron Casimir Dudevant, de echtgenoot van Aurore Dupin, later George Sand is opgegroeid in de epicurische traditie van deze familie in Gascogne. Een streek in zuidwest Frankrijk, waar het goed eten en drinken is. Uit diverse kookschriften en receptenboeken van haar grootmoeder madame Magné, de baron en George Sand stelde zij een kookboek samen. In de grote boekenzaak van Le Somail inde Aude vond GKT een kookboek met Gascoonse recepten van het echtpaar Dudevant, die haar grootmoeder zorgvuldig bewaard had. Sissy Dudevant ging ermee aan de slag. Het resultaat is een kookboek in 19e-eeuwse stijl met anekdotes en verhalen.

Vandaag een Gascoons recept, dat zij toeschrijft aan George Sand: duiven met verse erwtjes. Het is een stevig landelijk recept. Gereons Keuken Thuis heeft het vertaald en her en der iets aangepast.

foto: duif in het pannetje.

Nodig:

6 duifjes, schoongemaakt

150 g Bayonne ham met vet in reepjes gesneden.

1 kg gedopte lente-erwtjes

5 kleine sjalotjes

12 lente-uitjes, de bolletjes ervan

1 el aardappelzetmeel of maïzena

6 ongepelde knoflooktenen

2 gepelde knoflooktenen

1 el dragon

6 el gezouten boter

1 el olie

2 tl zout

2 tl gekneusde peperkorrels

2 el suiker (of minder als je niet zo van zoete erwtjes houdt)

4 el Armagnac

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 220° Celsius. Vul de binnenkant van de duifjes met een mengsel van boter, zout, peperkorrels, gepelde en gehakte knoflook en dragon. Verwarm twee eetlepels boter en een el olie in een diepe pan en kleur de duifjes om en om bruin. Snijd de gepelde sjalotjes in kwarten. Voeg deze toe aan het braadvet. Voeg hierna de ongepelde tenen knoflook, Bayonne ham in blokjes en nog wat dragon toe. Bak alles kort aan en blus met 2 el Armagnac en wat water. Doe het deksel op de pan en zet hem in de oven .Laat de duiven ongeveer 25 minuten garen.

Hak de bollen van de lente ui in stukjes. Verhit wat boter in een pan en laat de uitjes snel wat kleuren. Voeg wat zout en peper toe en tot slot de erwtjes met een half glas water, eventueel wat suiker en een el aardappelzetmeel. Breng het geheel aan de kook en gaar de verse lente-erwtjes in ongeveer 10 minuten tot ze gaar zijn. Haal de duiven uit de panen leg deze op een schaal. Dek af om warm et houden. Haal de ongepelde knoflook uit de jus. Roer de gekookte lente erwtjes door de jus met de rest van de Armagnac. Serveer de duifjes direct op de schaal met de erwtjes of per persoon in een diep bord. Geef er stevig brood bij.

Wijntip: Een rode cabernet franc uit Chinon, Loire.

*George Sand et ses recettes gasconnes. Sissy Dudevant. Uitgave van Magasin Pittoresque.

Crème du Barry a la Catalana.

Crème du Barry a la Catalana. Het is zaterdag in 40. GKT is druk in de weer, om alle indrukken en inspiratie te categoriseren voor toekomstige recepten en verhalen, want het was me het weekje wel. De week begon met een wandeling door de wijngaarden rond Cazouls lès Béziers, georganiseerd door Cathy van de aldaar gevestigde gîte Les Yuccas. Over haar gîte en chambre d’hôte was al vaker iets te lezen op GKT. We sloten deze wandeling af met een frisse duik in haar net gevulde zwembad, waarvan de temperatuur 20 graden was. Prima te doen voor ons Nederlanders uit het hoge Noorden Voor Fransen is het te koud.! Woensdagavond werden we door Nederlandse dorpsgenoten hier in 40 verwend met een heerlijk diner in hun fijne knalroze huis. Gastvrouw Asjha schrijft heerlijke verhalen over leven in Frankrijk en Ed is een bijzondere kok. Op het menu stonden gevulde en gebakken sardines, waarbij een fijn glas rosé werd gedronken. Als pièce de résistance was er er seiche à la Sètoise met couscous. Gestoofde pijlinktvis in een pittige mediterrane saus, Een fijn glas wit uit de Languedoc complementeerde het geheel. Na de kaasgang een een glas witte moelleux was het tijd voor de notentaart van de markt hier in 40. Een bijzondere avond om de week in tweeën delen. Op Hemelvaartsdag stapten we in de auto om naar het hoger gelegen Minerve te rijden, een Kathaars dorp met een verdrietige geschiedenis, want in 1210 werden alle inwoners vermoord door de katholieke furie. Ondanks deze vreselijke geschiedenis is de omgeving en het dorp een plaatje, want Minerve ligt als een adelaarsnest in de canyon vaan de rivier de Cesse. Een fijne plek om telkens terug te keren. Ook in de speciale theesalon annex boekenzaak, waar GKT regelmatig boeken en rare ansichtkaarten koopt. La Rayonnante stond vrijdag op het programma voor een foodtour. Perpinya, de Catalaanse stad van Zuid Frankrijk heeft een temperamentvol karakter. Alles aan deze stad is net iets Iberischer dan andere steden in Occitanië. Dat merk je aan de sfeer op straat, de Catalaanse vlaggen en de joie de vivre van de inwoners. En niet te vergeten: het eten! Het inspireerde mij tot onderstaand recept. GKT geeft aan een eerder in mijn kook- en leesboek verschenen crème du Barry een Catalaanse draai. Erbij een glaasje muskaatwijn uit het nabijgelegen Rivesaltes en het weekend kan beginnen. Bon Profit!

Nodig:

4 plakken rauwe ham

250 g aardappels

500 g bloemkoolroosjes

4 dl melk

1 l water

pimentón de la Vera

zwarte peper

zout

30 g boter

olijfolie

1 eidooier

Bereiding:

Kook de bloemkool en aardappels gaar in een liter heet water. Laat het geheel dertig minuten doorkoken. Giet af maar bewaar wat kookvocht. Pureer de bloemkool en aardappels met een staafmixer. Breng op smaak met peper en zout. Doe de crème terug in een pan en voeg de melk toe. Breng op nieuw aan de kook. Voeg de boter in blokjes en pimentón toe. Als de soep te dik wordt kun je nog wat kookvocht toevoegen. Maak op smaak met wat zout en zwarte peper. Leg de plakken Serrano ham op bakpapier en rooster kort in een hete oven. Laat de crème iets afkoelen en klop de eidooier erdoor. Serveer direct in diepe borden met de geroosterde ham en een scheut olijfolie als garnering.

Découvertes in Pays d’Oc.

foto: de wijngaarden rondom Quarante in de lente.

Découvertes in Pays d’Óc. De lente  2023 was druk voor Gereons Keuken Thuis.. Met het betrekken van een nieuw/oud dorpshuis in een mooi Occitaans dorp. Kennismaking met vele nieuwe mensen, Frans of uitwijkeling. Het ontbotten van de wijngaarden in de omgeving. Elke keer een heerlijk rit door een zee van jong groen. De velden staan vol klaprozen De hoge bergen in het achterland met het laatste restje sneeuw. Ontdekkingen in huis, die aandacht behoeven, omdat het nu eenmaal eeuwen oud is. GKT heeft heel wat brico’s* van binnen en buiten gezien. Verbazingwekkend  hier in Sud de France is de vriendelijkheid en behulpzaamheid van de mensen. Dat uit zich in een praatje op straat of bij de bakker. Een mooi veldboeketje op de trap met een hartelijk briefje. Of een gezellige apéro*, waarvoor je spontaan wordt uitgenodigd.  Heel aimabel, als de harde gesuikerde toplaag van de crème brûlée overgaat in de zachte vanillepudding eronder. Inburgeren is een makkie. De veel gehoorde slogan “Jammer dat er Fransen wonen” gaat helemaal niet op.

foto: een attentie van de buren uit Fontainebleau.
foto: zicht op Béziers van Gustave Fayet.

Ontdekkingen doet GKT hier dagelijks, onderweg naar Capestang voor de boodschappen, tijdens een bezoek aan een museum in Béziers, een hernieuwde kennismaking met de Catalaanse stad Perpignan of tijdens een gezellig diner met Franse vrienden. Het is een fijne vorm van inburgeren hier in de campagne. GKT bezocht de coöperatie van Saint Jean de Minervois, een dorp, dat bekend i som zijn dessertwijnen, gemaakt van muscat. Ook trof ik daar rood aan onder het label Patrick “born to be alive” Hernandez. Zijn tekst is omgezet in born to be a wine.

foto: de coöperatie van Saint Jean de Minervois.
foto: het plein voor de Sint Janskathedraal van Perpignan.
foto: kunst van MIRKO in musée Campo Santo.

Een heel speciale avond werd georganiseerd door Valérie Castan, een bio wijnproducent uit Cazouls les Béziers. Dit domaine timmert al dertig jaar aan de weg met biologische wijnen. Naast de cave bestaat het pand van Castan ook uit een museum, dat je mee op reis neemt door de jaarcyclus van de wijnboer. Tussen de museumstukken werden wit, rood en rosé geproefd, vergezeld van heerlijk lokaal en biologische eten, dat was klaargemaakt door een kok uit Béziers. De gezellige avond eindigde met een speciale cuvée*, de Cartagène uit hun eigen solera*. Valérie benadrukte, dat zij het belangrijk vindt, om onze planeet mooi door te geven aan volgende generaties. Zeker na deze droge winter en voorjaar belangrijk, want de wijnboeren krijgen het vanwege watergebrek moeilijk dit jaar. Mocht je deze zomer in de Languedoc verkeren, is een bezoek aan dit museum en wijnbedrijf een aanrader.

foto: het solera systeem voor de Cartagène.
foto: wijn spijs bij Castan.
foto; de vigneron van Castan aan het werk.

Het is lente, dus er zijn erwtjes. Net als asperges een lentegroente in Frankrijk. Vers verkrijgbaar op de markt van Quarante op woensdagochtend. Geteeld op biologische wijze door een jonge vrouw uit de omgeving. Verse erwtjes zijn in de regel van maart tot en met juni verkrijgbaar. In een Frans kooktijdschrift las ik een spread over de geneugten van deze kleine groene rakkers. Hieronder staat een recept voor erwtjes op zijn Frans.

foto: een bosje muguet* in Béziers, ça porte de bonheur.

RECEPT: petits pois à la française*  

Nodig:

1,4 kg verse erwtjes in hun peul, levert ongeveer 500 g verse erwtjes op

2/3 lente uitjes, niet die dunne zoals in Nederland, maar met een duidelijke ui aan de onderkant

2 slaharten van romaine sla, in het Frans heten deze sucrine

80 g boter

2 dl gevogelte- of groentebouillon

4 takjes kervel

1 tl suiker

zout & peper

Dop de erwtjes en was ze. Haal de buitenste schil van de lente-uitjes en snijd het groen deze in ringetjes van ongeveer 2 cm. Snijd de bol in vier partjes. Snijd de slaharten in vier stukken. Verhit 80 gram boter in een pan, voeg de uien en slaharten toe en bak deze kort aan. Laat het geheel zo’n 5 minuten bakken. Blus af met de bouillon en voeg de erwtjes toe. Kook de erwtjes ongeveer 15 minuten. Maak op smaak met zout en peper. Haal met een schuimspaan de groente uit de pan en kook het vocht in. Voeg desgewenst nog wat boter toe. Verwarm de erwtje hierna nog even mee en serveer direct met gehakte kervel.

Bij deze traktatie drinkt GKT een witte IGP viognier uit de Pays d’Oc.

video: Born to be alive van Patrick Hernandez

Binnenkort meer découvertes in Pays d’Óc op GKT.

NB: Brico’s zijn bouwmarkten, apéro is een afkorting van appéritif, een borrel en cuvée de naam van een speciale tank of vat met een bijzondere wijn. Het solera systeem wordt gebruikt in Spanje om verschillende jaargangen van wijn te blenden. Muguet zijn lelietjes van dalen en brengen al sinds 1561 geluk op 1 mei. Het recept voor erwtjes vond ik in het mei/juni nummer het tijdschrift Régal.

De keuken van Guy de Maupassant.

foto: cover la cuisine de Guy de Maupassant.

De keuken van Guy de Maupassant. Normandië in de 19e eeuw. Een plek, waar schrijvers als Guy de Maupassant graag neerstreken in de zomer, om getuige te zijn van de pleziertjes van de beau monde, die badplaatsen als Cabourg, Trouville en Cherbourg bevolkte. In deze époque ontstond een verfijndere Normandische keuken. De Maupassant hield van de cuisine van zijn geboortestreek. Schrijver Gérard Bardon, chef van de Almanach Normand, stelde op basis van verschillen keukenschriften een boekje vol Normandische gerechten samen, die zomaar op tafel konden staan bij Guy de Maupassant en zijn tijdgenoten. Een boek vol traditionele smaken uit het land van zeevruchten, appels, room en calvados, die een bijdrage leveren aan het culinaire patrimonium van Frankrijk. GKT heeft een recept voor demoiselles de Cherbourg uit dit kookboekje vertaald en iets aangepast, want de ingrediëntenlijst klopte niet geheel. Daar moet je dan gewoon creatief mee omgaan.

GKT vond dit boekje op de leuke culinaire afdeling van de mega boekenzaak in het gehucht Le Somail aan het Canal du Midi. Een aanrader voor een uitstapje vanaf de stranden van de Languedoc.

RECEPT: Demoiselles de Cherbourg.

Nodig:

16 langoustines

75 cl droge witte wijn

1 blik tomaten blokjes

2 uien

50 g crème fraîche

1 takje tijm

2 laurierblaadjes

1 tl kerriepoeder

dille

zout en peper

Bereiding:

Maak een court bouillon van de witte wijn en een gelijke hoeveel water, waaraan de tomatenblokjes uit blik toevoegt. Voeg de gesnipperde uien toe, zout & peper, kerriepoeder, tijm, laurierblaadjes en dille. Laat het geheel zeker een half uur koken met een deksel op de pan. Roer de court bouillon regelmatig door. Voeg de langoustines toe en laat deze 10 minuten meekoken. Haal de langoustine hierna uit de pan en dek ze af om warm te houden. Zet het vuur hoger en kook de court bouillon in. Doe een halve liter jus in een kleine steelpan en roer de crème fraîche er doorheen.. Serveer de langoustines in een diep bord met de saus.

Bistrotier.

foto: cover Bistrotier.

Bistrotier. Le livre des joues rouges et des asiettes à saucer. De bistro, al sinds de 19e eeuw het kloppende hart van Franse steden. Van vroeg tot laat, voor een glas met quelque chose à grignoter of een fijn middagmaal. In Gereons kookboekenhoek stond al het rode boek A propos bistro waarin kok en kookboekenschrijver Stéphane Reynaud de essentie van het bistroleven en -eten uit de doeken doet. Onlangs verscheen bij Fontaine van zijn hand Bistrotier, de beroemde bistrokeuken voor bij je thuis, met tachtig bladzijden over drank en 400 pagina’s vol gerechten. En Reynaud zou Reynaud niet zijn als het geheel niet werd gelardeerd met productinformatie en verhalen. Want naast een goede kok is hij een uitstekend verhalenverteller en soms ook grapjas, zoals in zijn seizoensboek De lente op tafel. Toen GKT in 2015 de recensie hierover schreef was het snel gedaan met de op handen zijnde kookstaking. M.a.w. Stéphane Reynaud weet je altijd weer de keuken in te lokken.

Bistrotier. Het boek verwelkomt je op een plek, waar je even buiten de wereld van alledag wilt zijn. Een zaak als een vrolijke dinsdag, een soort huiskamer, waar je de tijd neemt om te genieten van wat de patron je voorschotelt. Van oudsher kwamen de schuiten met verse waar op maandag aan in Rungis. Dinsdag werden de fijne en verse producten van de tuinders geleverd. De aftrap voor een week vol lekkere gerechten in de bistro. De baas van de bistro schrijft zijn menu op het schoolbord. Sur l’ardoise. Zo gaat het al heel lang in Parijs en de rest van Frankrijk.

GKT wil niet blijven hangen in de geschiedschrijving van het fenomeen bistro op deze druilerige maandag, maar gaat kijken, wat Bistrotier Reynaud in petto heeft om de maagjes van klanten te vullen. Het boek start met het menu en de drankkaart (van Frankrijk) met daarop de gerechten , de wijnen en bieren, die de restaurateur verkoopt. Vanaf 7 uur in de ochtend ben je welkom voor een kop koffie of een simpel petit déjeuner. Dat kan een croissant au beurre met jam zijn of een omelet. En vergeet vooral het broodje met ham, kenmerkend voor Ile de France niet!

Om 12 uur, midi, is het tijd voor een kleine apéro, een glas wijn of aperitief met een stukje worst. Den k aan een glas Brouilly of Mâcon. Het hele boek staat vol met geslaagde wijn/spijs combinaties. Bijvoorbeeld voor bij de heerlijk brandade de morue of een hoemmoes van Puy linzen. Griekse tarama op een blini ontbreekt niet. De smaakpapillen zijn geopend voor de répas van de middag of de avond. Met uitleg over oesters, scheermessen en ander zeegrut. Als Bistrotier binnenkort met GKT meeverhuist naar de Languedoc, ga ik zeker te rade bij de lekkere zeevruchtenrecepten van Reynaud. Net als de terrines en charcuteriegerechten. Hierin verloochent Stéphane zijn afkomst als boerenzoon niet. Hij schreef hier eens het boek Van het varken over.

A table. Met vooraf een klassieker uit de Franse bistrokeuken: oeufs à la mayonnaise, eieren met mayo. Glaasje champagne of crémant erbij. Kikkerbillen uit de Dombes met een glas frisse Muscadet sur lie of voor in de winter een kloeke cassoulet, met erbij rode Fitou. En zo staat Bistrotier vol met allerlei fijne en lekkere, al dan niet klassieke Franse gerechten. We sluiten de maaltijd bij Reynaud af met een college over kaas. Daar zou je ook een hel avond mee kunnen vullen. Zoals de mooie Normandische kazen met een trou Normand, een klein glaasje Calvados. Goed gelaafd verlaat je het établissement.

Met Bistrotier is Stéphane Reynaud er wederom in geslaagd je een kijkje te laten nemen in zijn habitat: de bistro in al zijn facetten. Je krijgt er honger van als je de likkebaardend lekkere foto’s van Marie-Pierre Morel ziet en de recepten leest. Dit kookboek krijgt een mooie plek in Gereons Occitaanse kookboekenhoek en zal er weer vaak bij worden gepakt ter inspiratie. Wat nou kookstaking?

Bistrotier, de beroemde Franse bistrokeuken nu bij je thuis. Stéphane Reynaud. (ISBN 9789464042016) is een uitgave van Fontaine en is  te koop voor € 44,99

Oui mon général. 14, Rue du général Bertrand. 75007 Paris http://www.oui-mon-general.fr/

Verklarende woordenlijst:
Le livre des joues rouges et des asiettes à saucer: Het boek van rode wangen en borden vol saus.
Quelque chose a grignoter: iets om erbij te knabbelen.
Op het schoolbord: sur l’ardoise.
Petit déjeuner: ontbijtje.
Croissant au beurre: boterige croissant.
Ile de France: de streek rond Parijs, het hart van Frankrijk.
Apéro: drankje voor de maaltijd uit.
Brandade de morue: stokvispuree uit de stad Nîmes.
Tarama: viskuitdip uit Griekenland voor op een Russische blini.
Répas: maaltijd.
Midi: middaguur of Zuiden.
Patron: de waard, baas van de bistro.
Charcuterie: vleeswaren.
A table: aan tafel.
Crémant: mousserende wijn uit andere streken dan Champagne, denk aan Elzas, Loire of Bourgogne.
Dombes: water- en kikkerrijke streek in het Saône dal tussen Bourg en Bresse en Lyon.
Muscadet sur lie: witte frisse wijn uit Loire Atlantique, gemaakt van de melon de bourgogne druif.
Cassoulet: het traditionele bonengerecht van Occitanië.
Fitou: rode wijn uit de Languedoc.
Trou normand: glaasje Calvados een appeldestillaat uit Normandië.

Stéphane Reynaud is een Franse chef-kok en kookschrijver. Reynaud komt uit een familie van slagers en varkenshouders in de Ardèche in Frankrijk. Hij woont in Parijs met zijn vrouw en drie kinderen. Hij schreef maar liefst 18 boeken, waarvan er velen door Fontaine met succes zijn vertaald.

N.B.: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Talk & table 2022 met Mara Grimm.

foto; Hoe Parijs kun je het hebben, au bord de la Seine?

Talk & table 2022 met Mara Grimm. Ik lees elke week met veel plezier de restaurantreviews in Het Parool van Mara Grimm. Deze journaliste houdt in het hoofdstedelijke restaurantwezen de vinger aan de pols. Mara Grimm is een culischrijver, die al heel wat werken op haar naam heeft staan. Tijdens de Covid pandemie ging ze niet bij de pakken neerzitten, maar publiceerde ze in eigen beheer twee boeken: Crisiskoken en Eetiquette. Maar Mara is niet alleen actief op het Amsterdamse toneel. Zo gauw zij kan reist zij naar haar tweede woonplaats Parijs, om daar te genieten van de ontdekkingen, die zij doet op culinair gebied. Je raadt het al, een verslag in de vorm van haar nieuwe boek kon natuurlijk niet uitblijven. Eind november verscheen Bon Appétit Paris. Een boek vol Parijs en eten. Tijd dus om Mara uit te nodigen als #herfstgast. Ik wil alles van haar en haar projecten weten en beloon haar met een speciaal recept en bijpassende wijntip.

foto: Bon Appétit, à Paris on prend la mésure.

Wie is Mara Grimm? Vertel eens iets over jezelf en je interesse in eten en drinken? Er bestaat voor een schrijver geen beter onderwerp dan eten. Het is zoveel meer dan iets in je mond stoppen: eten is liefde, politiek, cultuur, mode, verlangen, alles. Van het recenseren van restaurants voor Het Parool tot het maken van culinaire reisreportages voor VOGUE… ik vind het allemaal even leuk.  Het is bovendien een onderwerp dat met je meegroeit. In de jaren dat ik extreem veel reisde interviewde ik bijvoorbeeld de beste chefs ter wereld, toen mijn zoon een jaar of vijf was deed ik er een kinderkookrubriek bij, tijdens de corona-crisis maakte ik een boek over koken in lockdown. En in Parijs focus ik me meer op mode en eten… het houdt nooit op.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig, naast jedagelijkse leven in Parijs en Amsterdam? Vandaag ben ik hard aan het werk voor Het Parool. Naast mijn wekelijkse restaurantrecensie bereid ik een groot overzicht van de food trends van 2023 voor. Daar ben ik een paar jaar geleden mee begonnen en sindsdien is het een van mijn favoriete klussen van het jaar. Verder ga ik dit weekend vieren dat mijn nieuwe boek af is. In Parijs, dat spreekt.

Vertel eens iets over je interesse in Parijs? Hoe is die ontstaan? In Parijs ben ik op mijn plek, dat gevoel heb ik altijd gehad. Toen ik klein was nam mijn moeder me twee keer per jaar mee om me alle musea en restaurants te laten zien, me onder te dompelen in het Parijse leven. Toen wist ik al: ooit woon ik hier. Sinds een jaar of vijf verdeel ik mijn tijd over twee plekken: de ene week ben ik in Amsterdam, de andere week in Parijs. 

foto: Mara aan de schrijf in haar Parijse habitat.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen Amsterdam en Parijs? Een leuke vergelijking, die krom is. Wat was het dan geworden? Geen compromis mogelijk.  Het idee van op één plek leven benauwd me, dus ik denk dat ik gek zou worden. Toch zou ik kiezen voor Amsterdam, want hier is mijn zoon geboren en woont onze familie. Bovendien heb ik hier mijn droombaan: restaurants recenseren voor Het Parool. Toen ik net begon met schrijven over eten droomde ik ervan ooit Johannes van Dam op te volgen, dus het voelt alsof de cirkel rond is. Proefwerk is een extreem goed gelezen rubriek en daarom een grote verantwoordelijkheid, maar het is vooral zo ongelooflijk leuk dat er weinig tegenop kan – zelfs Parijs niet. 

Je hebt al aan heel wat kookboeken meegewerkt, o.a. voor Sergio Herman Kun je hierover wat meer vertellen?  Met Sergio heb ik inderdaad veel gewerkt. We hebben exact dezelfde smaak, niet alleen qua eten en wijn, maar ook qua vormgeving. Een van de eerste boeken die we samen maakten was een verslag van zijn laatste jaar bij driesterrenrestaurant Oud Sluis. In die tijd leerde ik denken zoals hij, leefde ik in zijn hoofd. Die periode is me nog steeds zeer dierbaar. Ook daarna hebben we nog veel boeken gemaakt, dat vind ik nu eenmaal een van de leukste dingen die er zijn. Daarom geef ik sinds een paar jaar mijn eigen boeken uit. Ik hou van papier, van typografie, van beeld. Als ik niet was gaan schrijven, was ik vormgever of fotograaf geworden. Tijdens het maken van boeken komt het voor mij allemaal samen. 

Wat is minst aantrekkelijke kant van leven in Parijs voor jou?  Er wordt in Frankrijk volop gestreden voor het behoud van de eetcultuur. Dat is fantastisch, maar het heeft ook een zwarte kant. Rechtse politici vinden halalvlees bijvoorbeeld een bedreiging voor de landbouwtraditie. Sommige scholen weigeren varkensvleesvrije menu’s te serveren. En worst en rode wijn zijn populistische symbolen van het pure Frankrijk geworden. Afschuwelijk.  

foto: uit het boek de iconische Isphahan van Pierre Hermé

En wat is de meest aantrekkelijke kant van wonen in Parijs voor jou?  De eindeloze schoonheid; Parijs stopt nooit met mooi zijn. En de restaurants natuurlijk; uit eten gaan is in Parijs een essentieel onderdeel van het dagelijks leven. Ik leef in Parijs ook anders dan in Amsterdam. Hier is mijn agenda elke dag bomvol; in Parijs neem ik veel meer de tijd om te léven. 

En hoe staat het met Amsterdam, dezelfde vragen?  Amsterdamse chefs zijn vrijer dan hun Parijse collega’s, zitten minder in een keurslijf. Dat levert vaak een creatievere keuken op. Recenseren is hier daarom veel leuker dan het in Parijs zou zijn. Verder hou ik van het dorpse van Amsterdam – al is dat meteen ook het nadeel: ik wil me soms kunnen verliezen in een stad. 

Ik ben benieuwd hoe jij te werk gaat voor proefwerk, want inmiddels zullen veel restaurateurs je wel kennen?  Als ik voor de krant ga eten reserveer ik altijd onder een andere naam. Bij binnenkomst word ik inderdaad regelmatig herkend. Niet erg: ik weet dondersgoed wanneer ik een voorkeursbehandeling krijg en let uiteraard ook op wat er aan de tafels om me heen gebeurt.

Staan er nog andere spannende projecten op stapel dit jaar? Een ander boek?  Er komt áltijd een nieuw boek, want boeken maken is een verslaving geworden. Zeker nu ik zelf uitgever ben. Mijn volgende onderwerp? Dat houd ik nog even voor me, maar een tweede Parijs-boek sluit ik niet uit. 

foto: wat zou Parijs zijn zonder croissants?
foto: Mara en fruits de mers, match made in heaven.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?  Voor schaal- en schelpdieren mag je me altijd bellen. Van pasta vongole tot chili crab en van oesters op de markt tot een enorm plateau fruits de mer in een grote brasserie… ik krijg er nooit genoeg van. 

En natuurlijk welke wijn(en), ik weet dat één keuze niet mogelijk is?  Ik heb ooit een dag mogen helpen met de oogst bij Romanée-Conti, een onvergetelijke ervaring. Hun Montrachet is de mooiste wijn die ik ooit heb gedronken. Sowieso heb ik een groot zwak voor bourgognes. Nog een grote liefde: champagne. De Roses de Jeanne van Cedric Bouchard is mijn alltime favourite. Maar goed, dat zijn allemaal geen wijnen voor elke dag. Thuis drink ik graag Brouilly van Lapalu. 

Wat lust je echt niet en waarom niet? In principe eet ik alles, maar ik ben geen fan van zoetwatervis. 

Wat is jouw favoriete plek in Parijs? Ik zal je verklappen, dat mijn favoriete plek de tuin van Palais Royal is.  De tuin van Palais Royal is inderdaad prachtig.  Ik heb sowieso een groot zwak voor Parijse tuinen. In die van het Musée de la Vie Romantique kom ik graag om te schrijven als het binnen te warm is. Ook een aanrader: de tuin van het huis van Balzac in het zestiende.

Wil je nog iets anders vertellen….delen? Ga naar Parijs! Dat is altijd het beste idee.

foto: gevulde kalfskoteletjes à la George Sand.

Het recept. Côtelettes de veau en papillottes.

Voor het recept voor Mara ging GKT te rade bij George Sand. Deze schrijfster organiseerde op haar buiten Nohant, maar ook in Parijs geweldige soirées met eten en drinken. Dat kwam haar uiteindelijk duur te staan, want tot haar dood moest ze in opdracht blijven schrijven om al dat lekkers te bekostigen. Als romantische ziel en épicurienne schreef zij ook alle gerechten op in schriften. Wat is er verandert in de tijd? Ttegenwoordig bloggen we, Deze recepten zijn bewaard door nazaat Christianne Sand en bewerkt naar de huidige tijd. Ik tikte het boek Les carnets de cuisine de George Sand op de kop in Châlon sur Saône. Een kook- en leesboek, dat je meevoert  naar de tijd van de romantiek. Doordat Mara vertelde, dat zij regelmatig werkt in het Musée de la Vie Romantique was de keuze voor een recept op GKT zo gemaakt. En in zekere zin hebben Sand en Grimm wat gemeen. De romantiek van het wonen in Parijs, hun indépendance, het schrijven en het ETEN! Voor Mara koos ik een recept Kalfskoteletjes met een farce van kip en Parijse champignons. Erbij een rode Morgon uit de Beaujolais.

Nodig:

4 kalfskoteletjes

400 g kipfilet in fijne reepjes

100 champignons de Paris

2 eieren

50 g boter

50 g gehakte peterselie

100 g paneermeel

zout & peper

takjes rozemarijn

bakpapier

Bereiding: 

Maak eerst een farce. Doe de blokjes kipfilet, de champignons in kwarten, peterselie en een ei in een kom van een mixer. Voeg zout en peper toe. Mix het geheel op gemiddelde snelheid, zodat er wel enige structuur overblijft. George Sand noemt dat “coupé au couteau” Niet te fijn, niet te grof. Besmeer de koteletjes aan beide kanten met deze farce. Klop de farce goed aan, zodat het stevig blijft zitten. Klop een ei los en haal de kalfskoteletjes erdoor. Doe daarna hetzelfde met de het paneermeel. Laat het geheel een uur in de ijskast rusten. Verhit de boter en bak het vlees om en om aan. Verwarm de oven voor op 180 graden. Smeer vier velletjes bakpapier in met wat boter, Pak de kalfskoteletjes in met erop een takje rozemarijn. Draai het papier in één beweging dicht.. Leg de pakketjes op een ovenplaat en bak het geheel af in 20 minuten. Serveer op een bord verpakt in papier. Erbij een frisse salade van jonge bladsla met een kleine dash vinaigrette.

foto: rood uit de Beaujolais, Morgon 2017

Erbij drinken we een Morgon uit 2017 van domaine de la Rizolière. Een robijnrode fonkelende gamay uit de Beaujolais, gemaakt door Didier en Marieke Canard, Drink deze iets koeler.

foto: cover Bon Appétit Paris.

Over Bon Appétit Paris: Waar koop je de beste croissants van Parijs? Wat is het verschil tussen een bistro en een brasserie? Hoe ga je om met Franse obers? Welk servies mag niet in je kast ontbreken? Hoe bemachtig je de meest gewilde tafels van de stad? Wat trek je aan naar een restaurant? En op welk moment van de dag eet je macarons? Kortom:

HOE EET JE ALS EEN PARIJZENAAR?

In deze culinaire stijlgids zoekt Mara Grimm het voor je uit. Ze woont al vijf jaar deels in Parijs, niet geheel toevallig om de hoek bij de beste bakker van de stad. In die vijf jaar verzamelde ze behalve eindeloos veel servies ook talloze verhalen over eten én de beste adressen. Mara vertelt je alles over het kontje van de baguette, het belang van boter, de heilige lunchcultuur en sporten met een glas wijn. Ook leert ze je hoe je thuis het perfecte Parijse diner geeft – en nee, daar hoef je absoluut niet goed voor te kunnen koken.

Het boek bestel je hier

Bon Appétit Paris. Mara Grimm (ISBN 9789083262000)  is een uitgave van Uitgeverij Grimm en is te koop voor € 29,99.

Raad de cépages van IGP d’OC!

foto: rood uit de Languedoc Roussillon.

Raad de cépages van IGP d’OC! De Occitaanse weken waren maar net voorbij en Gereons Keuken Thuis werd verblijd met post van Pays d’Óc IGP. Een coffret met de vijf basissmaken van de Languedoc Roussillon met zijn uitgestrekte wijngaarden. Natuurlijk zijn er meerdere soorten toegestaan en kun je eindeloos blenden, maar deze big five vormen 80 procent van het aangeplante areaal in de departementen  Aude, Gard, Hérault en Pyrenées Orientales. Zij vormen de basis van de IGP’s uit Pays d’Oc.

Om de bekendheid van de OC wijnen kracht bij te zetten organiseren ze vanaf de 11de van de 11de (heeft overigens niets te maken met die andere OC*, die ook op 11/11 een feestje houdt in Oeteldonk) een heuse speed-date avond in het poolgedeelte van de Kanarie Club in West. Leer elkaar en de wijnen van OC kennen. Denk je nu: ik blijf liever thuis, ik hoef geen speed-date. Dat kan natuurlijk ook, want Pays d’Oc heeft net als vorig jaar een mooi doosje met 5 buisjes samengesteld. Met mono-cépagewijnen van verschillende druivensoorten. Raad het ras! Het lijkt wel een quiz, maar dan met uitleg van wijnpro Kirsten van Harten. Zij maakt na november bekend wie de wijnen goed raadde en wie er gaat smullen met natuurlijk wijnen uit de Oc bij Alain Caron et fils! Gereons Keuken Thuis hoeft niet bang te zijn, dat hij deze wijnen versmaadt, want in de nabije toekomst zullen nog veel wijnen de revue passeren vanuit Occitanië.

foto: Pays d’Oc logo

Raad de cépages van IGP d’OC! Bestel hier je testkit en doe mee! Je kunt meedoen tot en met 30 november a.s.

video: wijn maken in Cazouls lès Béziers.

* Oeteldonksche Club van 1882.

Bougnettes Albigeoises.

foto: bougnettes Albigeoises

Bougnettes Albigeoises. Gereons Keuken Thuis vond een lekker recept voor gehaktballetjes uit de stad Albi in het departement Tarn. Stad van de bekende schilder en socialite Toulouse Lautrec. Je leest veel over het departement en de stad Albi op de leuke site van Tarn Coeur d’Occitanie. Ook leer je via deze website wat Occitaanse woorden. Onder het mom: “Vous parlez Occitan sans le savoir.” worden hedendaagse uitdrukkingen in het standaard Frans gekoppeld aan de magie van de Occitaanse taal. Een beetje chauvinisme kan geen kwaad.

Uit het hart van Occitanië een recept voor bougnettes Albigeoises, balletjes van fijngemalen en in vet gegaard vlees van een varkenshoofd. Bewaard in stenen potten onder een laag reuzel. Je verwarmt ze nadien in hete soep of in het vet zelf.

Het recept.

Nodig:

300 g broodkruim

melk

6 eieren

1,5 kg vet en mager vlees van een varkenshoofd of ander gemalen vlees.

4 tenen knoflook fijngehakt

6 takjes peterselie gehakt

peper & zout

2 tl quatre épices (Ducros)

brede stukken spekvet 

50 g reuzel

Bereiding:

Week het broodkruim in melk en klop de eieren erdoor. Laat een paar uur rustig staan in de ijskast. Maal het varkenshoofdvlees fijn en meng dit gehakt door het melk-, broodkruim- en eierenmengsel. Voeg de fijngehakte knoflook toe, de peterselie, peper & zout en de quatre épices. Maak het geheel goed op smaak. Week het vetspek in warm water en rek het uit. Snijd het in 12 stukken. Maak twaalf platte balletjes en rol deze in het uitgerekte spekvet. Smelt 50 g reuzel in een gietijzeren pan en leg hierin de bougnettes naast elkaar met nog wat extra reuzel erboven op. Bak de balletjes in 40 minuten gaar in de oven op middelhoge temperatuur. Keer ze halverwege om. Laat daarna rustig afkoelen. Doe de bougnettes in aardenwerk potten of in gesteriliseerde glazen potten met genoeg reuzel om ze volledig te bedekken. Op deze wijze zijn de balletjes nog lang te bewaren.

Drink bij de bougnettes Albigeoises een rode Fronton of rood uit het naburige Cahors.

foto: Tarn het hart van Occitaniè.

Noot: dit recept vond GKT in het kookboek Cuisine du Terroir,, the lost domain of French cooking dat ik in de jaren tachtig van de vorige eeuw op de kop tikte. Het recept heb ik vertaald en bijgewerkt.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten