Gereons Keuken al fresco cappucino van garnalen

 foto: garnalenvangst

 

 

De buien trekken weg. Het strand is leeg en verfrist op deze dinsdagmiddag. Hoe anders dan het mudvolle Pinksterstrand. Het felle juni zonlicht prikt door de flarden vocht en wolk. Aan de horizon liggen de schepen voor de rede. Klaar om geschut te worden in de sluizen van IJmuiden. Op weg naar Amsterdam. Een solitaire Prindle zeiler waagt het erop. Hij steekt van wal of moet ik zeggen van strand. Ik volg het gekleurde zeil dat lijkt op te lossen in het vocht boven de Noordzee.

In ieder geval kunnen we weer als fresco eten. Buiten koken zal het niet worden, simpelweg omdat mijn zeebalkonnetje zich hiervoor niet leent. Maar niet getreurd in Gereons Keuken aan Zee is het ook goed toeven. Ik maak een simpele garnalensoep en door toevoeging van wat lecithine maak ik er een mooie toef zeeschuim op. Een echte cappucino van zeevruchten.

We drinken er een frisse witte Beaujolais bij of gaan we eens voor de rosé van domaine la Rizolière.

 

Nodig:

 

1 kg rauwe tijgergarnalen

1 blik gepelde tomaten

1 visbouillonblokje

250 ml room

1 1/2  liter water

2 cm gember

1 tl cayennepeper

olijfolie

2 el lecithine

zout en peper

4 takjes dille

 

 

Bereiding:

 

Maak de rauwe garnalen schoon en bewaar de resten. Verhit in een pan het water en gooi hierin de garnaalresten. Voeg wat zout en een bouillonblokje toe en laat een half uur trekken. Verhit de olie en bak de garnalen kort aan. Haal 4 garnalen eruit voor garnering later. Voeg de gember in stukjes toe, de cayennepeper en het blik gepelde gepelde tomaten. Blus het geheel af met de gezeefde bouillon. Laat het geheel 15 minuten doorkoken. Proef de soep en maak hem eventueel op smaak met peper en zout  Voeg als laatste de room toe. Pureer de soep hierna met de staafmixer. Haal voor het opdienen 200 ml uit de pan en voeg de lecithine toe. Maak met de staafmixer op een rustige stand een schuim er van die boven op de soep wordt gelepeld. Leg in ieder bord een garnaal schep de soep erop en garneer de soep met het opgeklopte schuim en een takje dille.

 

 

Aumônières de la mer, zeebuideltjes.

 foto: bundel de zee.

Het is lente, sappig groen gras op zilte weiden. Beelden doemen op van de rots van Sint Michiel. Lage luchten boven de torenspits. Lammetjes bevolken de weiden. Le pré salé zoals de Normandiërs dat zo mooi verwoorden. De Lente, tijd  voor nieuwe smaken, fris op je bord. Zilte smaken gecombineerd met wat groente. In een buidel deze keer. Variatie te over. Ik maakte al eens buideltjes van crêpes met slakken. Vandaag gaat Gereons Keuken Thuis aan de slag met een eigentijdse versie van een recept voor aumônières de la mer, buideltjes van koolblad gekookt in zeevocht. Ik las het eens in het boekje “Recettes de grand mère du Printemps” (ISBN 978 2 8226 0047 7) Het koolblad beschermt de ragout van vis en mosselen. Het is lente, dus we drinken er een Muscadet bij, fris en met een appelzuurtje. Of een droge cider voor de liefhebber.

Nodig 4 personen:

1 kg mosselen
200 g zalm
200 g witvis
200 g grijze garnaaltjes
4 el crème fraîche
3 draadjes saffraan
1 bosje peterselie
1 tl Maïzena
peper en zout
4 grote koolbladeren
1 kop diepvrieserwtjes
water
bindtouw

Bereiding:

Was de mosselen goed. Verwarm in een grote pan een kop water met wat zout. Doe de mosselen in de pan en laat ze in ongeveer vijf minuten openen. Haal de mosselen uit de pan en laat ze iets afkoelen. Haal het mosselvlees uit de schelpen en zet apart. Zeef het kookvocht. Snijd de zalm en witvis in kleine stukjes.
Meng de crème fraîche met saffraan, peper, zout en gehakte peterselie. Los de Maïzena op in het mosselkookvocht en meng dit door de crème fraîche. Breng het mengsel aan de kook in een pan en voeg de stukken vis en erwtjes toe. Als het te dik wordt kan er wat kookvocht bij. Als laatste voeg je de mosselen en garnaaltjes toe. Was de groene kool bladeren en kook ze ongeveer 10 minuten. Leg op elk koolblad een flinke schep van de visragout en bind de bladeren dicht met wat keukendraad. Doe de buidel terug in de pan met het water van kool en kook nog ongeveer 10 minuten.
Serveer de buideltjes op een bord met boerenbrood en gezouten Normandische boter.

Toast met Noordzee garnalen “Le Zoute”

Uitkijken, op een rustige maandag, over het strand en de zee, nog gehuld in de ochtendnevel. Het is oostenwind en eb. En man loopt met zijn fiets het strand op en trekt zijn lieslaarzen aan. Achter zich aan sleept hij een net. Dan weet je direct waar het deze visser om te doen is. De grijze Noordzeegarnaal. Klein maar fijn. Vol smaak. Nostalgie op vakantie als kind in Knokke, mandjes gekookte garnalen in de restaurants aan de de dijk.
Maar ik dwaal af. Op de donderdag vlak voor Pasen stond er in Gereons Keuken Thuis een grote, doch koude witte doos te glimmen. Delivery van Kroon op het Werk. Een feestelijke foodybox , met kruiden van Simply Spices., een stuk varkensentrecôte, ambachtelijke mosterd van Ton, olijven van Jonnie Boer en Kesbeke en twee bakken Noordzee garnalen, gepeld en ongepeld. Van het Nederlands Visbureau. Ik wilde meteen aan de slag, pellen die garnalen, een dragonmayonaise maken, een beetje limoen en op toast. Een broodje, zoals je in België ziet vol garnalen en een beetje saus erop. Voor flanerende dames op de dijk van Knokke.  Dat werd het; een toast met Noordzeegarnaal “Le Zoute”, voor op het strand. We drinken er een witte pinot gris uit de Elzas bij. Instant voorjaarsgevoel.

Nodig 4 personen:

4 sneden casinobrood
300 gepelde garnalen
3 el mayonaise (Lesieur)
1 el crème fraîche
2 tl dragon
sap van 1/2 limoen
waterkers
peper en zout

Bereiding:

Snijd de korsten van het witbrood en rooster ze in een koekenpan met een drupje olijfolie aan beide zijden. meng de mayonaise, crème fraîche, dragon, limoensap en wat zwarte peper tot een gladde saus. Pel de garnalen.
Leg op elk sneetje wat waterkers en schep er voldoende garnalen op. Schep daarna de saus op de toast en garneer met een een takje peterselie.

Stéphane Reynaud, pastei en paté

 foto: de cover van Pastei en paté

Een stevige wildpastei, een stuk paté en crôute, een viscreatie in deeg. Het Gallische hart van Gereons Keuken Thuis gaat harder slaan van dit soort aardse zaken. Stevige kost van het Franse platteland, een goede salade erbij en natuurlijk een mooie wijn. Dit zijn nu van die essentiële of moet ik zeggen existentiële dingen in het leven. En veel Fransen begrijpen dat. Zo ook Stéphane Reynaud, oorspronkelijk uit de Ardèche en nu kok in Montreuil. Hij schreef al eerder over varkensvlees en stevige bistrokost. Nu is er zijn nieuwe boek Pastei en Paté, recepten van het Franse platteland. Een boek om niet te versmaden, maar dat hoef ik als ras campagnofiel natuurlijk niet uit te leggen.
Het boek lijkt op een catalogus van alles wat de perfecte zeshoek biedt. Het lijkt wel een opsomming van alle ingrediënten voor het goede Franse landleven. Reynaud start met de basisprincipes van deeg, deegsoorten en geeft hier duidelijke instructies voor.
Het volgende hoofdstuk gaat over groente en paddenstoelen. Stéphane Reynaud neemt ons mee langs mooie pasteien  en paté’s met groenten, zoals paté met snijbiet, een variant met noten en een pompoenpastei.
Daarna volgt het iets steviger werk. Paté’s van gevogelte en konijn. Aardse smaken, zoals een kippenpastei met dertig knoflooktenen, een pastei met eendenconfit en sinaasappel en een tourte met konijn en prei.
In het hoofdstuk vlees zie je de achtergrond van slagerszoon Reynaud. Hij schuwt het gebruik van veel vlees niet en gaat nog regelmatig terug naar zijn roots in de Ardèche voor de jaarlijkse slacht. Een stevige paté uit Pézénas, de klassieke paté en crôute en voor deze tijd van het jaar een Paaspaté. Ik kan nog wel even verder gaan, wat te denken van Cervélas en crôute of een pastei van runderwang. De fotografie erbij maakt het nog smakelijker. Een mooi geheel op een plank in een robuuste setting, daar houd ik van.
Het vismenu van Reynaud start meteen met tielles, vistaartjes uit Sète, glas picpoul de pinet erbij en klaar is je maaltijd.
Of een palingtaart met venkel. Alles wordt uit de kast getrokken.
Geheel volgens de Franse traditie mag een hoofdstuk over kaas ook niet ontbreken en daarna wat zoet en fruit om de maaltijd af te sluiten.
Het boek Pastei en Paté is een aanrader. Ik ga er nog veel uit lezen en natuurlijk namaken. Het enige gemis van het boek is, vind ik, dat er bij de gerechten weinig verteld wordt over de herkomst, de streek, de gewoontes. Het Franse platteland komt niet echt naar voren. Voor een doorgewinterde francofiel als Gereons Keuken Thuis is dat niet zo een probleem. Voor degenen, die niet de geografie, het terroir en gewoonten van Frankrijk op het netvlies hebben, is het dan een beetje raden. Maar de heerlijke recepten maken dit ruimschoots goed.

Pastei en paté (ISBN 978 90 5956 509 8) is een uitgave van Fontaine Uitgevers, www.fontaineuitgevers.nl
De prijs van dit smakelijke kookboek is € 27,95

Een witte Rueda met pikante mosselen

 foto: geen straf die XP sherry

Wijn proeven, smaken ontdekken. Dat stond op deze laatste dag van maart op het programma. In de sfeervolle kelder van het Grachtenatelier in Utrecht. We maakten een reisje door Europa met de wijnen van Karakter Wijnimport.
Het startpunt lag in de Marken, de wijn een verdicchio uit Castelli dei Jesi. Fris met een bittertje. De keukenploeg maakte er een prikker met de ingrediënten van de insalata caprese bij. Een frisse start.
We gingen verder naar Noord Spanje, een kakel knisperende Rueda, van de verdejo druif, pittige gemarineerde mosselen erbij. (zie recept)
We staken door naar Duitsland, naar Rheinhessen, waar de familie Raddeck een spätburgunder maakt, op biologische wijze. Lichte kleur rood, fruit uit de lente, een hint van het woud. Gedronken bij een kleine bite van van champignons, krokante rauwe ham op een bedje van zuurkool. Alle aardse smaken bij elkaar.
Over de Alpen gingen we verder naar Asti in Piëmonte, een rode Barbera voor bij de pasta alla puttanesca. De lichte zuren van de Barbera druif gecombineerd de kittige pasta.
Even tot rust komen met een Morellino di Sacnsano. Een wijn uit de Maremma, het Wilde Westen van Toscane. Stevig in smaak met een koele panzanella, Toscaanse broodsalade.
We vertrokken westwaarts richting de Douro in Noord Portugal. Een wijn van de lokale trincadeira druif. Een stevige donkerrode wijn vol pruimen voor bij de amuse van in de oven gegrilde vijgen met ham, honing en balsamico.
Het sluitstuk, de finish van deze tour lag in Andalusië. We proefden een donkerbruine, geconcentreerde XP sherry. Fluweel voor bij het timbaaltje van ananas met donkere chocolade. Wederom geen straf voor Gereons Keuken Thuis, geoordeeld naar de foto bij deze blogpost.
Op 14 april a.s. gaat de reis verder, langs Nieuwe Wereldwijnen met spannende hapjes. Je kunt nog deelnemen. Kijk voor meer informatie op http://www.grachtenatelier.nl/workshops/inloopagenda/wijn-en-spijs-cursus

Nodig:

1 kg mosselen
2 tenen knoflook
1 sjalot
1 Spaanse peper
1 glas witte wijn
1 el witte wijnazijn
gehakte peterselie
zout en peper

Bereiding:

Was de mosselen goed schoon en gooi de kapotte of dichte exemplaren weg. Verhit twee eetlepels olie in een wok en voeg de mosselen toe. Laat de mosselen onder een deksel circa 8 minuten stomen tot ze open en gaar zijn.
Schep de mosselen uit de pan en verwijder de bovenste schelp. Verhit opnieuw wat olie in de wok en fruit hierin het sjalotje, de knoflook en Spaanse peper. Blus af met de witte wijn. Laat het geheel iets inkoken en voeg de witte wijnazijn, peterselie, peper en zout toe. Schep de dressing meteen in de geopende mosselen en serveer op een grote schaal.

foodblogevent January, Dutch mussel soup

 picture: smoking trout at Pure Market Amsterdam

Last week I attended the Amsterdam Food History Symposium organized by my alma mater the University of Amsterdam. Instantly I got the idea for my contribution for the #foodblogevent January,  hosted by Ellen Bannink from LA. She is a Dutch foodie and blogs on http://inmyredkitchen.com/ The idea was to internationalize a Dutch recipe. Many Dutch  American recipes, as a scholar said in her speech, are legacy form the Dutch immigrants in the USA. The first Dutch settlers in New York cooked their original food with the ingredients they found in their new homeland.  Even the Vanderbilts wrote down traditional Dutch dishes. My recipe comes from the province of Zeeland.  Here it is:  Dutch mussel soup with smoked eel. I wrote this recipe last year for my friend chef Robin White firom Sonoma. To pair with a great white Rhône wine, made from grenache and ugni blanc.

Ingredients:

4 lbs/ 2kg mussels
1 bottle of brown ale
1 big leek
2 celery sticks
1 big carrot
1 cube of fish stock
1 cup of  thick cream
2 tbs butter
salt and black pepper
dash of nutmeg
chopped parsley
2 filets of smoked rainbow trout
(or if available 4 smoked eels)
3 cups water
Preparation:
Clean the mussels under cold water. Throw away the open (that do not close when you tap on them) and damaged ones. In a big soup pan you bring the ale to a boil. Add the mussels and cook them for 6 minutes
Get the mussels out of the pan and get them out of their shells. Leave 12 mussels apart for later garnishing. Strain the cooking juices through a sieve and put in another pan Add the thinly sliced carrot, leek and celery. Add 3 cups of water an bring to a boil. Crumbe and dissolve the stock cube. Let the soup simmer for about 5 minutes. At the end you add the cream, the mussel meat and some butter. Season the soup and give it a dash of nutmeg. Serve on 4 soup plates with some pieces of the smoked trout/ eel and mussels in their shell. top the soup with some  finely chopped parsley. Serve the soup with a firm farmer’s bread and salty butter.

 

Sunday at Sea, mosselen met garnalen-roomsaus

foto: opgerolde netten van een trawler

Een nieuw jaar, een tweede kook- en leesboek misschien. De titel stond meteen vast. Gereons Keuken en route. Koken in de stad, koken op het land en aan zee. Onderstaand recept komt zeker in het hoofdstuk “au bord de la mer” te staan. Een hoofdstuk over alles wat de zee geeft. Zomaar een zondagmiddag aan de Noordzee. Ik kijk naar een bekend schilderij. De lage luchten domineren. Wolkenpartijen zoals je die alleen in onze contreien ziet. De zee verkleurt van blauwgroen naar hard grijs door afwisselend zonneschijn en regenwolken. Dit is één van mijn favoriete periodes van het jaar. De zee zorgt voor dit schouwspel.  De stranden zijn weer leeg, de wandelaars vertrokken. Je ruikt jodium. Langs de vloedlijn vaart een kleurige trawler, garnalen vissend, gevolgd door meeuwen. Die doen hiermee ook hun maal. Vandaag een recept voor mosselen in een garnalen roomsaus. Een gerecht met de geneugten van de zee.
Erbij drinken we om in zeesferen te blijven een witte Picpoul de Pinet uit de Languedoc.

Nodig 4 personen:
2 kg mosselen
250 g Noordzee garnalen
1 prei
2 sjalotjes
2 tenen knoflook
1 glas witte droge wijn
50 g roomboter
2 eidooiers
1 potje crème fraîche
sap van een halve citroen
bieslook
peterselie
1 tl kerriepoeder
peper en zout
Bereiding:

Spoel de mosselen en verwijder de kapotte exemplaren. Snijd de prei en 1 sjalotje in ringetjes. Snijd 1 teen knoflook fijn. Verhit in een mosselpan 25 g boter en fruit hierin de prei, sjalot en knoflook aan. Blus af met een glas witte wijn. Voeg de mosselen toe en breng aan de kook. Kook de mosselen gaar in 7 a 8 minuten. Haal de mosselen uit de pan en houd ze warm in een schaal in een lauwe oven. Zeef het kookvocht en zet apart. Klop eidooiers en crème  fraîche met wat citroensap door elkaar. Voeg hieraan wat peper en zout toe. Snipper de ander sjalot en knoflook fijn. Verhit de overige boter en fruit hierin de kerriepoeder sjalot en knoflook. Blus af met het gezeefde kookvocht. Laat kort pruttelen. Voeg dan  het ei- en roommengsel toen en roer goed door. Breng niet meer aan de kook. Voeg de garnalen toe. maak de saus af met wat peper en zout. Haal de schaal met mosselen uit de oven. Giet de saus over de mosselen en bestrooi met flink wat peterselie en bieslook. Serveer de mosselen met wat tagliatelle.