Puur Pascale 2.

 foto: cover Puur Pascale 2.

Puur Pascale 2, de lang verwachte opvolger van het kookboek Puur Pascale, waarover ik vorig jaar schreef op Gereons Keuken Thuis. Met wederom de ondertitel beter eten is beter leven. Op dat gebied is vedette Pascale Naessens ervaringsdeskundige. In dit inmiddels achtste kookboek van haar hand gaat Pascale verder met waar zij was gebleven. Haar permanente zoektocht naar mooi en gezond eten. Geen dieet, maar balans proberen te vinden in je dagelijkse patroon. Volgens Pascale is koken geen sleur meer. Koken met verse en mooie ingrediënten, die ook nog wat voor je body doen, is fun. Geen straf. Niet zo vreemd als je bedenkt dat gezondheid tegenwoordig de nieuwe rijkdom is. Troep eten in ieder geval niet. Gereons Keuken herkent dit wel. Hoe meer je met bewust en kwalitatief eten bezig bent, hoe slechter je lichaam gaat reageren op bijvoorbeeld fastfood. Hoe lekker ik bij tijd en wijle een bamischijf uit de muur vind, ik wordt direct afgestraft met maagpijn.

Puur Pascale 2 start in het voorwoord met de voedselbenadering van Amerikaanse professor Dariush Mozaffarian. Hij stelt onder andere dat zelf koken één van de beste maatregelen is om beginnen gezonder te eten. Hierna werkt Pascale zijn theorie verder uit.

We gaan koken, Puur Pascale start, nu volop in de winkels, met de veelzijdige courgette, als voorgerecht in courgetterolletjes met makreel, courgetteburgers met een slaatje of een lasagne van courgette met tomaten en feta. Ze maakt zelfs een heel courgettemenu. En zoals we dat kennen van haar is alles weer prachtig gestyled.

De aristocratische artisjok komt voorbij. Een fotogenieke bloemknop, aldus ex model Pascale. Voor een salade met linzen of geserveerd met lamsvlees. Pascale kan niet zonder spinazie, rauw of bereid. Met brie en oh la la truffel. Of als pannenkoek. Broccoli, ook zo’n aantrekkelijke groente, geschikt voor vele bereidingen. In Puur Pascale 2 voor zeetong met broccolipuree. Ik vind het allemaal chique gerechten. Kool staat op het menu bij Pascale. Zij heeft een bijzondere methode van garen. Ze snij de kool in dunne plakken en gaart deze in een beetje water met een flinke scheut olijfolie. Of ze maakt thuis zuurkool. Voor hesprolletjes met zuurkool.

Paddenstoelen komen aan bod, zeker nu de herfst in aantocht is. Gemarineerde champignons of gewokte noedels met shiitake, groenten en cashewnoten. Knolselderij ontbreekt niet in het boek. een favoriet in Gereons Winterkeuken Thuis. Wat te denken van een combi met gerookte makreel? Of in een zoutkorst gegaard?

Als intermezzo legt Pascale een aantal voedsel thema’s uit aan de hand van vragen, die zij door de jaren heen van haar fans kreeg. Thema’s als Westerse voeding, we zijn allen anders dus hebben een ander patroon van eten, geraffineerde koolhydraten, cravings, bewegen, stress en slaap. De conclusie van dit hoofdstuk is, dat je niet de keuken van Pascale moet volgen, maar jouw eigen keuken. Op een gegeven moment bepaal jij wat goed voor je is. Hier wordt het kookboek naar mijn smaak een tikje te theoretisch, maar voor anderen is dit misschien wel een steuntje in de rug.

We gaan verder met noten een mooie bron van eiwitten en vetten. Notensaus voor bij je groentespaghetti, appeltaart met noten of mosselen met cashewnotensaus. Chocolade recepten ontbreken niet. Het boek sluit af met kikkererwten, als mooie basis, de Vlaamse klassieke witlof, spruiten en wortels. En even zovele prachtige suggesties.

Ik vind Puur Pascale 2 een mooie opvolger van het vorige boek. Pascale Naessens slaagt er opnieuw in een kijkje in haar flamboyante keuken te geven. Chique koken met basic ingrediënten, bijna zonder moeite. En vers en gezond. Dat willen we toch allemaal. Een kookboek met prachtige fotografie. Handelsmerk van Naessens. Ik vul aan: beter koken is beter eten is beter leven.

Puur Pascale 2, Pascale Naessens (ISBN 9789401443944) is een uitgave van Lannoo en is te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Chef met Lef.

 foto: cover Chef met Lef.

Chef met Lef, eten is een noodzakelijkheid, op intelligente wijze eten een kunst. Het credo van Nigel van der Horst op de cover van zijn nieuwe boek. Zo’n tien jaar geleden kwam Nigel deze slogan tegen. Hij was net begonnen met sporten, fitness. (overigens nu nog steeds te zien aan zijn bouw) Eten bestond uit droge rijst, kip en broccoli. Nigel kon op den duur niet meer geloven, dat slechts dit eten je fit maakte. Zijn queeste begon en gaandeweg ontdekte Nigel dat je in principe alles kunt eten, mits je calorieën inname in balans is met je bewegingsuitvoer. De schrijver van Chef met Lef raakte gedurende zijn sportieve leven deze balans ook regelmatig kwijt. Dan sportte hij zeven op zeven dagen om daarna een vreetbui te krijgen. Dat kon anders en samen met voedingscoach en blogger Jonathan Klaassen ging hij aan de slag met dit frisse hipsterkookboek. Want dat is het, zonder te vervallen in het goeroe wijsvingertje, dat vele fitgirls hanteren. Chef met lef is basic en probeert iedereen aan te zetten om zijn balans te vinden in mind, body en voedingspatroon. Voor de één is dat dagelijks aan de ijzers trekken, voor de ander een flukse wandeling langs zee en een ander kan met moeite van zijn wielrenfiets afstappen. Voor ieder wat wils dus en het goede nieuws: er is niets mis met suikers, brood etc. En aan superfoods doet Nigel al helemaal niet. Gewoon eten met beleid. Op intelligente wijze dus.

Chef met lef begint met salades, een mooie manier om balans te creëren in je dagelijkse voedingspatroon, zoals een this chicken got beet salade of rockaway salmon salad. Funky titels voor makkelijke salades, zelf gefotografeerd door deze creatieve duizendpoot.

Creativiteit is een state of mind voor Nigel. Hij wil dingen altijd net iets anders doen. Dat zie je aan de tatoeages op zijn armen en de opmaak van dit boek. Ze hebben wel iets gemeen. Express yourself! Ook met eten, ga voor funky.

Pannenkoeken komen aan bod, met citroen en gember, die gaat Gereons Keuken Thuis eens snel proberen. Na een intermezzo over het al dan niet gezond zijn van eten, gaat Chef met Lef verder met burgers, van een cajunkipburger via een mister black bean burger tot de wereldburger. Lekker en Jonathan Klaassen voegt bij elk recept de voedingswaarde, vetpercentage et cetera toe. Via pizza’s in balans, belanden we bij de quesadilla’s, waarvan ik de beef versie mocht proeven uit handen van Nigel tijdens de #culiperslunch in april. Het boek besluit met dagelijkse maaltijden en ovengerechten.

Chef met Lef van deze twee heren is een vrolijk en funky kookboek geworden. Snel, zonder te zeuren over gezond en zonder op te treden als foodayatollahs of eetdominees. Nigel is wars van dat alles. Er word in de recepten wel gekookt met pakjes en zakjes, dat vind ik dan wel wat jammer. Ik mis homemade marinades en sauzen. Maar daar kan, net als aan je balans, aan worden gewerkt.

Chef met Lef, Nigel van der Horst (ISBN 9789024577590) is een uitgave van Luitingh-Sijthoff en is te koop voor € 20,00

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Koken met Vélochef.

 foto: cover Vélochef.

Koken met Vélochef. De Tour de France gaat weer van start, drie weken lang rijden wielrenners door de heuvels, door de dalen, over de bergen en de vlaktes van la Douce France tot de finish op de Champs Elysées. Mooie plaatjes en sportieve prestaties. Voor, tijdens en na al dat gefiets krijg je honger. Hier begint het verhaal van Henrik Orre, zijn ode aan de wielersport en eten. Want dat loopt als een rode draad door het leven van deze Noorse kok. Fietsen is een gezonde bezigheid (zwemmen en lopen trouwens ook), een mooie vorm van bewegen, maar vergt ook de nodige energie. Met name profwielrenners zijn voor hun prestaties afhankelijk van goed gedoseerd en energierijk voedsel. Daarom kookt kok Henrik Orre graag voor de jongens en meiden van het team SKY. Pré vélo, bij de start, voor de trek tijdens de etappe en Après vélo, om weer op krachten te komen. In mei van dit jaar besprak ik zijn boek al, dat boordevol krachtvoer recepten staat. Op mijn vraag of het alleen recepten waren voor duursporters, mailde Orre me terug, dat elk gerecht ook door gewone stervelingen kan worden gegeten. Wielrenners eten gewoon drie porties en doen dat na de koers nog een dunnetjes over.

 foto: route van de Tour 2017

Gereons Keuken Thuis vond, dat tijdens de Tour en de Franse zomerweken en pré en après vélorecept niet mochten ontbreken. Koken met Vélochef.

Pré Vélo, bananen pannenkoeken met blauwe bessenjam.

 foto: le départ.

De perfecte ontbijtpannenkoek voor een fietser! Hij bevat veel eiwit door het gebruik van de eieren en is zowel gluten- als lactosevrij. (als dat belangrijk voor je is) De blauwe bessenjam is suikervrij.

Nodig voor 6 stuks:

2 rijpe bananen

4 eieren

25 g rijstebloem

1 tl kaneel

1 tl kardemom

2 tl bakpoeder

kokoksolie

Bereiding:

Meng alle ingrediënten in een grote kom met de mixer tot een glad beslag. Bak de pannenkoeken – bij voorkeur in de kokosolie- goudbruin in een koekenpan.

Blauwe bessenjam:

Nodig:

1 vanillestokje

500 g blauwe bessen (bevroren)

100 ml agavesiroop

300 ml vloeibare pectine

Bereiding;

Schraap het merg uit het vanillestokje en zet weg. Breng de blauwe bessen, de agavesiroop en de vanille in een sauspan aan de kook en laat 10-15 minuten heel zachtjes koken. Voeg de pectine toe en breng nog eens aan de kook. Laat afkoelen en doe de jam over in een schone pot. De jam is gekoeld 3-4 weken houdbaar.

Après Vélo, pizza met Pavé de Roubaix

 foto: l’arrivée.

Als je een boek over eten en fietsen maakt kun je de kaas Pavé de Roubaix niet overslaan Hij heeft dezelfde vorm als de kasseien van Noord Frankrijk, waarover jaarlijks de wielerwedstrijd Paris-Roubaix, de Hel van het Noorden, wordt gereden. Pavé de Roubaix wordt gemaakt van koemelk en heeft iets weg van Edammer. Door toevoeging van caroteen krijgt hij zijn typische oranje kleur. In plaats van tomaat gebruikt Orre crème fraîche. (Noot van mij: ik vind het meer op flammenkuchen lijken)

Nodig voor twee pizza’s:

180 g melk

10 g verse gist

320 g roggebloem

1/2 tl zout

300 ml crème fraîche

300 g Pavé de Roubaix (of Edammer)

2 uien

bosje tijm

Bereiding:

Verwarm de melk in een pan tot 40 graden C. Het is fijn als je daarvoor een thermometer hebt. Laat de gist oplossen in de melk. Meng het zout door de bloem in een keukenmachine met deeghaken. Voeg de melk toe. laat het geheel 5 minuten kneden. Laat het deeg onder een vochtige theedoek rijzen tot het in omvang is verdubbeld. Verwarm de oven voor op 230 graden C. Halveer het deeg. Rol het uit tot twee dunne pizza’s. Spreid de crème fraîche erover uit en bestrooi met lekker veel Pavé de Roubaix kaas. Snijd de uien in dunne ringen, beleg de pizza’s ermee en bestrooi met tijm. Bak 7-8 minuten in de oven.

Vélochef, Henrik Orre (ISBN 9789038803982) is een uitgave van Nijgh & van Ditmar en is te koop in de (online) boekhandel voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Zin en onzin in de supermarkt.

 foto: cover Zin en onzin in de supermarkt.

Zin en onzin in de supermarkt, een boek over kopen en eten. Want dat doet iedere Nederlander zijn of haar voedsel bij elkaar scharrelen bij de blauwe grootgrutter, de rode knaller of de gele discounter. Loethe Olthuis ging op pad en ontrafelde de zin en onzin van alle producten, die wij in deze retail-paleizen aantreffen. De vele keuzemomenten waar de hedendaagse consument voor staat. Wat is gezond, wat is beter en wat het gezondst? Veel supermarkten verkopen voedsel naar aanleiding van de vraag van de consument of de aangeprate behoefte. Denk aan bijvoorbeeld het boek Broodbuik van William Davis, waarin de laatstgenoemde slim inspeelt op allerlei gezondheidsangsten en frustraties over uiterlijk. Skip het brood en je leeft nog lang en gelukkig. Olthuis beweert het tegendeel. Een gewone Hollandse boterham met kaas, daar is nog nooit iemand slechter van geworden. Brood levert je vitamines en jodium.

We kennen Loet Olthuis allemaal van haar stukken in de Volkskrant en haar onderzoek en schrijverij voor Radar+. Loethe weet zoveel over voedsel te vertellen. Ze ging aan de slag nadat Willemijn Visser van uitgeverij NwAdam haar overtuigd had deze kennis te delen. In boekvorm, drie jaar werk met hulp van voedingsdeskundige Sytske de Waart als kennischecker. Het aanbod van voedsel in de supermarkt wijzigt steeds. Pakweg twintig jaar geleden had je nog geen Griekse yoghurt in de schappen, laat staan Skyr uit IJsland. Van superfoods had nog nooit iemand gehoord. Tel daarbij de vele kant- en klaarproducten en je hebt een woud aan keuzes, gezond of niet. Zin en onzin in de supermarkt is geen pleidooi tegen het bezoeken van deze winkels. Het is een boek dat je ogen wil openen en vragen stelt. Het is ook niet geheel objectief, meldt Loethe Olthuis, want zij is geen fan van instant eten en vindt dat alles wat op pootjes loopt ook een dierwaardig leven dient te hebben, alvorens het in onze keukens verdwijnt.

Het boek begint met vlees en vleesvervangers. Zij behandelt hierin vele kanten van vlees, het leven van dieren, antibiotica, het vermijden van kiloknallervlees, besteedt aandacht aan bijvoorbeeld knakworstjes en AH rookworst, als voorbeeld van #nowaste separatorvlees. Hierna volgt een hoofdstuk over vis, de vraag wat beter of gezonder is, kweek of wilde vis? Een blok met goede vis in Nederland. Allemaal mooie vragen om na te slaan of terug te lezen. Groente mag niet ontbreken en de schrijfster duikt in de claims van supermarkten, die zeggen dat zij de beste groenteleverancier zijn. De vraag of groenten vroeger gezonder waren? Brood, granen, pasta en rijst komen aan bod, duidelijk uitgelegd aan de hand van vragen. Je kunt veel over voedsel leren door de etiketten goed te lezen.

Hoofdstuk 5 gaat over olie, margarine en boter. Ook zo’n wirwar van feiten en meningen. Over dik worden van vet, cholesterol en toegevoegde vitamine D. Zuivel mag niet ontbreken, daar de meeste zuivel via de supermarkt wordt verkocht. Is zuivel diervriendelijk? Een bijproduct van de gigantische zuivelindustrie levert ook veel kalfjes, geitenbokjes en mannelijke kuikentjes op. In die zin werkt paradoxaal genoeg een vegetarisch dieet mee aan een vleesoverschot. Dan zouden we allemaal puur vegan moeten gaan eten. Zuivel wordt gevolgd door kaas, waar de schappen mee vol liggen. En eieren… In deze korte bespreking van dit boek vol kennis kan ik niet op alle details in gaan, zoveel kennis staat er per hoofdstuk in.

De categorieën, vol suikers, van broodbeleg, snoep en tussendoortjes ontsnapten ook niet aan de aandacht van Loethe. Juist bij dit soort kant- en klaarproducten loont het om goed op de declaraties te kijken. Vruchtenrepen bomvol suikers, chips light of snacks met varkenspoeder i.p.v. E621, glutamaat Het hoofdstuk besluit met wat tips voor gezonde tussendoortjes.

Dranken mogen niet ontbreken. Bestaat er gezonde koffie? Ja koffie staat gewoon in de schijf van vijf. Is kruidenthee gezonder dan gewone thee? En vruchtensap? Of vitaminewater, wat door Olthuis wordt beschreven als onzinproduct. Ook wijn, duur of goedkoop en bier passeren de revue. Tot slot besteedt de schrijfster nog hoofdstukken aan smaakstoffen, keurmerken en oh oh heel heikel de gevreesde E nummers.

Zin en onzin in de supermarkt is een gedegen onderzocht en geschreven boek, dat je veel handvatten aanreikt en je bewuster door de gangpaden met verlokkingen van de supermarkt leidt. Het is meer een naslagwerk van een dikke 430 pagina’s, dat je per onderwerp ter hand neemt. En je bewust maakt van wat je elke dag koopt, kookt en eet. Zeker als je zoals Gereons Keuken Thuis kookt en blogt en net iets dieper op een onderwerp in wilt gaan. Voor dat soort gevallen grijp ik dan voortaan naar dit boek. Of ik ga gewoon boodschappen doen à la Loethe.

Zin en onzin in de supermarkt, Loethe Olthuis (ISBN 9789046822487) is een uitgave van NwAdam en is te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Lazy Monday, pasta met garnalen.

 foto: lazy Monday.

Lazy Monday, tijd voor een luie pasta met garnalen. Sun galore op je bord!  Het was een heerlijk warm Hemelvaartweekend. Wat fleurt de Noordzeekust dan op. Zonnetje op je bolletje, op het strand liggen als een hagedis.(een mooi Frans woord hiervoor is se lézarder) Naar Bloemendaal wandelen, om naar de jeunesse dorée te kijken. Met je voeten in de branding. IJsje erbij. Al fresco dining aan het Hollandse strand. Gereons Keuken Thuis is er dol op. Maar nu is het weer maandag, is de mierenhoop verdwenen en valt er weer een wat gezapige en door het onweer van vannacht vochtige rust over strand en dorp. Een echt luie maandag. Zo’n dag vraagt om weinig inspanning. Zeker in de keuken van Gereons SeaSpot. Een luie pasta met garnalen vol pit, die ik voor de Caraïbische touch flambeer met de reserva rum van Don Q, premium van Puerto Rico, basis van de eerste piña colada en nog duurzaam ook. Maar daarover binnenkort meer op mijn blog. Het is tenslotte lazy Monday. Ik geniet er nog even van.

Nodig:

300 g gepelde rauwe gamba’s

300 g spaghetti

2 tl chili vlokken

sap en zest van limoen

2 tenen knoflook gehakt.

gehakte koriander

grof zeezout

5 ml Don Q rum

olie

Bereiding:

Maak de garnalen goed schoon en verwijder het darmkanaal. Dep ze droog. Kook de spaghetti volgens de aanwijzingen op het pak en giet af. Pers de limoen uit en maak wat zest van de schil. Verhit olie in de pan en fruit de knoflook. (let op dat deze niet verbrandt) voeg de garnalen, chili vlokken, wat zeezout toe en bak kort aan. Voeg de rum toe en flambeer kort. Blus af met limoensap en zest. Voeg de spaghetti toe en hussel door elkaar. Serveer de pasta direct gegarneerd met gehakte verse koriander.

Vélochef van Henrik Orre.

 foto: cover Vélochef.

Vélochef, krachtvoer voor trainingen en wedstrijden. Het verhaal van Henrik Orre, zijn ode aan de wielersport en eten. Want dat loopt als een rode draad door het leven van deze kok. Fietsen is een gezonde bezigheid (zwemmen en lopen trouwens ook), een mooie vorm van bewegen, maar vergt ook de nodige energie. Met name profwielrenners zijn voor hun prestaties afhankelijk van goed gedoseerd en energierijk voedsel. De basis van de samenwerking van Henrik met Nigel Mitchell, hoofd voeding van de Britse wielerunie en het team Sky. Je prestatie begint op je bord schrijft de laatste in zijn voorwoord op Vélochef.

Klaar voor de start. Vélochef begint met het verhaal van de Noor Orre, afkomstig uit Tønsberg in Zuid Noorwegen. Vader Orre fietste op Olympisch niveau en broer Orre werd nationaal kampioen. Henrik Orre groeide op in een wielrennersgezin, echter geen gastronomisch. Dat kwam later. Hij ging naar de koksschool, werkte bij de lokale golfclub als kok. Maar zijn ambities reikten verder. Tønsberg werd te klein en hij belandde in een restaurantkeuken met razendsnelle doorlooptijden en waanzinnig creatieve kookkunst. De kiem was gelegd en in 2002 verhuisde Henrik naar Stockholm, waar hij uiteindelijk zou blijven. Tussentijds werd hij verkozen tot culinair talent, dat Noorwegen vertegenwoordigde in de Culinary World Cup. De groei ging door, Orre kookte twee Michelinsterren bij elkaar in Stockholm, een droombaan! In 2011 startte hij een eigen bedrijf Kocken Henrik en één van zijn eerste opdrachten was koken voor het Noorse wielerteam tijdens de WK. Een nieuwe carrière was geboren en tot op heden kookt en bedenkt Henrik gerechten voor wielrenners. Vandaar dit boek.

Vélochef start met een hoofdstuk belangrijke ingrediënten, Altijd goed om in huis te hebben. Henrik Orre vermijdt zoveel mogelijk witte suikers en witte bloem en gaat voor minder geraffineerde varianten vol vezels.

PréVelo, het ontbijt van de koersdag is voor veel wielrenners en sporters de belangrijkste maaltijd. Veel beroepswielrenners nemen deze maaltijd heel serieus. Hoeveel je eet hangt ervan af hoe lang en hard je gaat trainen. Als je rustig gaat sporten of wat fietsen heb je genoeg aan wat pap, maar een wedstrijddag vraagt om meer. Dat is precies wat Henrik mij antwoordde op mijn vraag op Facebook of zijn recepten ook voor huis-, tuin- en keukensporters geschikt zijn? Het antwoord was een volmondig JA! En de interesse was gewekt in Gereons Keuken Thuis. Maagvriendelijke muesli als ontbijt, scones van roggebloem en hazelnoten, een bron van eiwit, vezels en koolhydraten of ontbijten met een broccolisalade met bruine rijst. Ik was een beetje door mijn gezonde ontbijtrepertoire heen, maar dit opent nieuwe perspectieven.

Via een intermezzo over een fietsframe bouwer, Passoni, gaat Vélochef verder met Vélo, gerechten, drankjes en snacks voor onderweg. Henrik stelde zich tot doel goede en goedkope snacks te maken. Wars als hij is van hysterisch gedoe over sportgels en energierepen. Onzin! Een lichte doch stevige snack is prima als je gaat sporten. In dit hoofdstuk dus praktische zaken, makkelijk mee te nemen. Homemade mueslirepen, stevige rijstrepen, boekweitwafels, ananassap of een sandwich met omelet. Bij de laatste een tip om de korsten eraf te snijden, omdat kauwen lastig kan zijn bij een verhoogde hartslag.

Na een portret van één van de Sky renners en zijn voedingspatroon en een kijkje in de werkdag van Orre belanden we bij Après Vélo, dinnertime, nieuwe reserves opdoen. Een lekkere stevige maaltijd als beloning, snel klaar en met het oog op uitrusten. Mosselen in bier, stevig groentesap, geglaceerde varkensnek of kip in tomatensaus met knolselderij en mango. Vrolijke en makkelijke gerechten, zout en zoet door elkaar, zodat je eindeloos kunt combineren. Zo is de finish bereikt!

Ik vind Vélochef een inspirerend boek. Niet omdat ik zo een geweldige topsporter of fanaat ben, maar omdat de schrijver laat zien hoe makkelijk je gezond kunt eten. Iets waar ik de laatste tijd meer oog voor krijg. Ideeën voor een gezond ontbijt, een lekkere snack na mijn matineuze zwemsessie en gebalanceerd eten. Daarnaast geeft Orre een kijkje in zijn dagelijkse routine en dat van topsporters. Storytelling met foto’s van Patrik Engström, fotograaf en tevens wielerfanaat. Vélochef steekt met kop en schouders uit boven alle andere “gezondheids” boeken van de laatste tijd. Nergens gepreek noch een drammerige toon over gezond. Zo hoort het. Gereons Keuken Thuis gaat ermee aan de slag.

 

Vélochef, Henrik Orre (ISBN 9789038803982) is een uitgave van Nijgh & van Ditmar en is te koop in de (online) boekhandel voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Dipping al fresco.

  •   foto: El orto van Nestor de la Torre

Dipping al fresco. Vandaag begint Gereons Keuken Thuis het #alfresco seizoen, een zomer lang lekker buiten koken, bakken, grillen en natuurlijk eten en drinken. De nieuwste loot aan de stam is een heuse Seafood Boil, maar daarover later meer. Al fresco genieten op mijn Amsterdamse balkon, waar ik elk jaar tracht een paradijsje vol bloeiende bloemen en blakende groente te maken. Mijn eigen Hof van Eden. Het zonnetje komt door vandaag. Mijn handen jeuken, de uitgebloeide bollen eruit, nieuwe zaailingen aanplanten, de grill naar buiten. Al dan niet niet in mijn adamskostuum, want het is vandaag World Naked Gardening Day. Kan ik dat mijn buren wel aandoen? In ieder geval ga ik dipping al fresco, of dat skinny wordt gedaan? Dat kan ik niet zeggen, maar deze dips zijn een heerlijk voorgerecht op deze zaterdag. Een mooie manier om je dagelijkse portie van 250 gram groente binnen te krijgen.

Nodig:

voor de dips;

2 potten kikkererwten

1 beker Griekse yoghurt

2 rode bieten

1/2 komkommer

knoflook

komijnpoeder

chilipoeder

2 citroenen

olijfolie

bosje peterselie

dille

zout en peper

voor de groenteschotel:

1 gele paprika

1 rode paprika

2 wortels

1/2 bloemkool

4 stengels bleekselderij

bosje radijs

1 komkommer

Bereiding:

Was de groenten, schil ze indien nodig en snijd ze in mooie repen. Haal bij de komkommer de zaadlijsten eruit. Was de radijs en verwijder het blad. (later nog te gebruiken voor een romig soepje). Maak roosjes van de bloemkool. Leg alles in een mooie kleurige waaier op een grote schaal of hipsterplank. Laat de kikkererwten uitlekken. Voor de groene hummus pureer je 1 pot kikkererwten 3 tenen knoflook, 2 tl komijnpoeder, 1 tl chilipoeder, sap van een citroen, olijfolie, een bos peterselie en zout met de staafmixer tot een gladde groene dip.

Voor de knalroze hummus pureer je 2 rode bieten, een pot kikkererwten, 2 tl komijnpoeder, 2 tenen knoflook, sap van een citroen, olijfolie. peper en zout tot een mooie homogene massa. Snijd voor de tzatziki een komkommer in fijne reepjes en zet de reepjes in een zeef  met zout erover gestrooid apart. Meng de uitgelekte komkommer met de yoghurt, 2 uitgeperste tenen knoflook, dille, zwarte peper en wat olijfolie door elkaar. Voeg eventueel nog wat zout toe.

De man die koken kan.

 foto: cover Man die koken kan.

De man die koken kan. Voor Walter Luitwieler is het elke dag “pappadag”, achter het fornuis dan. Want Walter is daar elke dag te vinden om de buikjes van zijn geliefde en kroost te vullen. Met zijn eigen creaties. Drie jaar geleden begon de schrijver van dit nieuwe kookboek voor (niet alleen) mannen met bloggen en sindsdien leest Gereons Keuken Thuis regelmatig de avonturen van deze spontane man. Walter kookt elke dag na zijn werk, verzorgt het ontbijt en deinst niet terug om ook eens een keertje uit te pakken met vrienden en familie.

De man die koken kan start met het relaas van de schrijver. Walter heeft altijd een spannende relatie gehad met eten, hij was als kleuter rond van vorm, later weer niet en dan weer wel. gedurende zijn jeugd kreeg hij zijn gewicht onder controle. Toen hij ging samenwonen werd hij de enthousiaste thuiskok en als lekkerbek vlogen de pondjes letterlijk door het mondje. Hij ging beter leren koken en bewegen het was beter, dat de kilo’s en hij uit elkaar gingen. Een tijd van geluk brak aan. In 2013 ging het mis, Walter kwam thuis te zitten door een depressie. Het lukte niet meer, het moest anders. Walter sportte zich een slag in de rondte, dat maakte zijn hoofd leeg en hij begon te bloggen. Schreef over zijn leven en zaken, die hem boeiden. Walter vond zijn uitlaatklep en werd de man die koken kan. Hij bouwde zichzelf weer op en na 3 jaar bloggen was het tijd voor dit kookboek. Dit was de achtergrond, nu zijn boek!  Kookon!, zijn gevleugelde kreet, zou Walter zeggen. Tijd maken in je keuken.

 foto: Walter Luitwieler, de man.

De man die koken kan begint met wat praktische uitleg over recepten, voorbereiding, kookgerei enzo. Walter besteedt kort aandacht aan ingrediënten. Hij kiest zo veel mogelijk voor vers en gezond. boter is bij hem boter en peper is peper uit de molen.

Laten we gaan koken. We beginnen met ontbijtrecepten voor elke dag. In Gereons Keuken Thuis is ontbijt meestal een wat saaie toestand. Walter laat zien dat je elke ochtend een feestje kunt maken van deze maaltijd. Het volkoren noten-rozijnenbrood van zijn moeder, granola van de man, een pansandwich met spek ei en cheddar of een ontbijtsorbet. Goed gevoed ga je zo de deur uit naar werk, sport of school.

Na de werkdag is de man die koken kan op nieuw achter de kachel te vinden met maaltijden voor elke dag van de week, zoals een pasta met harissaballetjes, een leuk recept voor snelle babi pangang, slabakjes met couscous en groentecurry of tortilla’s met varkenshaas. Allemaal recepten, die makkelijk zijn te maken en waarmee je in mum van tijd een smakelijke en gezonde maaltijd bereidt. In die zin is het boek een aanrader voor de werkende man (en vrouw)

Naast het dagelijkse gebeuren kookt Walter ook graag voor bijzondere momenten. Dan zijn er geen regels voor balans en gaat hij los. Kookon! Met bierblikburgers, een vier kazen pasta, spareribs uit de oven met appelstroopglacering, allerlei dips en zijn ultieme nachoschotel. Het boek sluit af met hoe kan het ook anders een man die bakt, desserts en gebak, zoals een no bake peanutbutter-jelly chocolatecake. Een hele mond vol!

De man die koken kan is een hartstikke leuk boek voor de man of vrouw, die lekker en verantwoord bezig wil zijn in de keuken, met een boek zonder gezondheidspreken of ander geneuzel. Luitwieler laat zie dat hij gedurende zijn jaren als blogger veel technische en basiskennis heeft opgedaan. Het zijn niet direct culinaire hoogstandjes. Zijn stijl is koken zonder poespas en duidelijk geïnspireerd door zijn grote idool Jamie Oliver. een boek met duidelijke recepten en mooie foto’s. Kookon! zou ik zo zeggen. Ik hoop dat Walter mij eens uitnodigt voor een Kookoff! Staan we samen achter het fornuis als de manne, die koken kanne ……

De man die koken kan, Walter Luitwieler (ISBN 9789402601749) is een uitgave van Aerial Media Company en is te koop voor € 24,95

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Oprah’s favoriete gerechten.

 foto: cover Oprah’s favoriete gerechten.

Oprah’s favoriete recepten. “Ik houd van woorden. Het maken van een boek is daarom iets speciaals voor mij”  Met deze woorden start Oprah Winfrey haar nieuwe kookboek, waarin zij openhartig vertelt over haar relatie met woorden, maar vooral met eten. Want dat is niet altijd de meest vrolijke relatie geweest. Oprah Winfrey probeerde elk dieet en jojode erop los. Ze hongerde zichzelf uit, kreeg tijdens haar TV debuut een vraag van wijlen Joan Rivers, waarom ze zoveel aankwam. Moeilijk, moeilijk, moeilijk dus. But….. that’s all in the past. Oprah ging Weight Watchers punten tellen en haar cravings beheersen. Tot zover het dieetgedeelte, meer gaat Gereons Keuken Thuis niet melden erover! Daar is dit boek gewoonweg te vrolijk voor en dat je dan ook nog op gewicht kunt blijven en gezond met Oprah’s favoriete recepten is een bonus (je).

Oprah eet elke dag soep en niet zomaar soepen. Mooie maaltijden van verse ingrediënten. Nodig eens iemand uit aan je tafel, die een opkikker kan gebruiken en voer deze persoon één van de 19 soepen uit het eerste hoofdstuk. Zoals de pittige bonensoep met raapstelen van Oprah’s oma, een zomerse maissoep, Mulligatawny (een soort troostvoedsel) of hoe lekker een doperwtensoep met gegrilde garnalen. Als ik in de buurt van Oprah woonde zou ik elke dag bij haar aanwaaien en veinzen dat ik een opkikker nodig had.

Oprah citeert in het tweede hoofdstuk rocker Bruce Springsteen: “Everybody has a hungry heart.” Na lange dagen in de studio en op een crashdieet, was het eerste wat ze deed en dacht als ze thuiskwam: ETEN! Het was haar troostmiddel. Hier zegt ze iets heel erg waars. Veel mensen hebben behoefte aan aan troostmiddel. Voor de één is dat winkelen , de ander drank, gokken of snaaien. Het lost je uiteindelijke probleem niet op, ontdekte Oprah Winfrey. Dus aan de slag met waar je echt zin in hebt. Zoals bloemkool-aardappelpuree. De schrijfster is namelijk een aardappel adept, maar puree maken met bloemkool heeft een heel grappig neveneffect. De kool neemt de pureeïge smaak van de aardappel over. Dat voelde aan als een overwinning. All American maisbrood, gefrituurde en ongefrituurde kip met karnemelk en als klap op de vuurpijl aspergepasta met morieljes en asperge-muntpesto. Je motief hoeft echt geen dieet te zijn om te smullen van zulke fancy Amerikaanse gerechten.

Oprah ging vertrouwen op een mosterdzaadje. Ze ontdekte, in een spa, de keuken van Rosie Daley, schoon eten zonder poespas. Voeg erbij een snuifje beweging en het had instant resultaat. Je raakt direct in vorm met heilbot op zijn Grieks, Chileense zeebaars met citroen-venkelchutney of een sexy ontbijtje. Voeg daarbij een flink robbertje beweging en een kind, Oprah ook, kon de was doen.

Oprah Winfrey ging op reis naar India en zag daar naast luxe hotelpaleizen met driehonderd kamers in marahadja stijl ook mensen, die met een gezin op 9 vierkante meter woonden. Wat een contrast. Ze dronk thee bij een gezin en ervoer de saamhorigheid van deze familie en lachte met hen mee. Terug van haar reis kreeg haar koken een dimensie erbij. In de vorm van een Indiase pompoencurry, naanbrood en slawrap met gegrilde garnalen, zoete chilisaus, mango en kokos. Een Aziatische touch aan het geheel.

Gaandeweg werd elke maaltijd een feestje. Dek je tafel, ook als je alleen bent, en geniet van wat je in je mond stopt. Uitspattingen horen daar ook bij. Plan decadentie. Een mooi streven. In deze tijd van multitasken en social media zou je eens stil moeten staan bij wat en wanneer je eet. Maak je gerechten bijzonder en eet met aandacht. Je krijgt dan geen spijt. Zoals de krabkoekjes. Oprah woonde 8 jaar in Baltimore en haar versie van deze delicatesse zijn bijna net zo lekker als het origineel. Gezellige cocktails, een echt verwenmoment, zoals kippasteitjes.

De volgende stap was zelf groenten kweken. Niets is leuker dan koken met je eigen oogst. De smaak ervan, maar daarbij ook de beweging in je tuin. En als je daarnaast leert van jezelf te houden is dit proces compleet.  Oprah vind het een perfecte manier om haar culinaire queeste te bëeindigen en blij te zijn, dat ze op deze mooie planeet mag wonen. Daar sluit ik me helemaal bij aan. Ik vind, los van de dieet- en de feelgood mood (dat is natuurlijk erg Oprah Winfrey) in dit boek, de recepten net iets anders, laat ik het fancy Amerikaans noemen, makkelijk te maken en met een instant smile. Een echt #alfresco boek. Je wordt er vooral vrolijk van en daar was het Oprah denk ik om te doen.

Oprah’s favoriete gerechten, Oprah Winfrey (ISBN 9789045215426) is een uitgave van Karakter en is te koop bij de boekhandel of online voor € 22,99

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Leafs, vegetarische seizoensrecepten uit de moestuin.

 foto: detail cover leafs.

Leafs, vegetarische seizoensrecepten uit de moestuin. Het is voorjaar en het gaat kriebelen in Gereons Keuken Thuis en balkon. Mijn handen jeuken om te gaan zaaien, planten en stekken, zodat ik later in het  #alfresco seizoen van mijn beperkte oogst kan genieten. Want laat ik eerlijk zijn, veel groente en fruit brengt mijn Amsterdamse balkon niet op. Niet getreurd, nu is er het boek Leafs van Carola de Kanter. Laat ik het een extra aansporing noemen om echt aan de slag te gaan met alles wat ik zelf teel en vanuit het oogpunt om minder vlees te gaan eten. 100% vegetarisch zoals Carola zit er bij mij toch niet in, maar je kunt het proberen. Zeker omdat vakvrouw Carola een ongelofelijke ervaring in schrijven, tv-maken, restaurant draaien, lesgeven, pionieren, concept-ontwikkeling en styling heeft, aldus Janny van der Heijden, die voor het voorwoord tekende. Het epicentrum van deze activiteiten is Caatensteyn in Ulvenhout, waar de moestuin en het kookatelier van Carola zich bevinden. Het hele jaar rond is zij aan de slag zijn met het telen van allerlei producten en het verwerken van haar gekoesterde oogst in mooie vegetarische recepten. Want dat staat al sinds haar twaalfde vast, Carola eet vegetarisch en probeert de lezer uit te dagen, dat ook te doen. Vier seizoenen lang je merkt nog niet eens dat het vegetarische gerechten zijn, die zij componeert.

Laten we beginnen in de lente. Carola’s handen jeuken in februari al. Dan start ze met zaaien, binnen of in de kas, want het kan nog koud zijn. Direct vind je in Leafs een moestuinkalender voor het zaaien en planten, maar nog belangrijker oogsten in dit seizoen. En dat zullen we weten het hoofdstuk lente gaat verder met what’s in a name springrolls met wasabimayonaise, pickled onions, of helemaal van het seizoen magnoliabladeren en erwtenscheuten voor een salade. Wat een verse smaken allemaal, instant lentegevoel.

De zomer nadert, dagen, avonden en zelfs nachten met eindeloos buiten zijn of als het slechter weer is onder een afdakje. Maar buiten gegeten zal er worden. Snackpepers, een gerechtje van milde pepers uit Marokko of Spanje, die je op bergen ziet liggen in veel Amsterdamse winkelstraten. Tunesische brick, een frisse komkommergazpacho met kruidentuintje en kaaskoekjes, een ode aan de maggiplant (haal je handen er eens doorheen). De zomer lijkt eindeloos bij Carola. Gelukkig heb ik deze week al veel Oost-Indische kers gezaaid, want die ga je handenvol gebruiken in het recept voor een salade. Heel verrassend zijn de mayonaise tips, van ei, maar ook van cashewnoten.

Herfst (ik moet er nu nog niet aan denken) het buitenleven maakt plaats voor een plaatsje bij de kachel, er is een kleurrijke oogst van pompoenen. Het eten wordt weer steviger. De moestuin wordt opgeruimd en klaargemaakt voor haar winterslaap. Doe je dit niet heb je veel werk aan het begin van het jaar. Carola fêteert je op een Indian summersoep, een vegetarische ramen of een spinazierisotto met pompoencrème. Ik moet er nu nog niet aan denken, maar wanneer het seizoen weer daar is is het laatste gerecht een welkome dis (met een glas pinot noir) Net als het inmaken van allerlei dingen.

Winter! Zelfs in dit seizoen is Carola bezig met haar moestuin, ze bekijkt filmpjes, tekent haar droommoestuin en maakt lijstjes. Haar grootste tip voor een starter is het simpel te houden. Winterkost volgt, groene bouillon van cavolo nero, stoofperen met kardemom, quiche van amandelmeel met aardpeer en hoe basic geroosterde knolletjes. Ze zouden eigenlijk geuren aan een boek moeten toevoegen.

Zo zijn we het jaar weer rond en kan je net als in deze lente opnieuw beginnen. Of het nu op je balkonnetje in de stad, op je vensterbank of je domein is. Groen is here to stay. Dat vind ik het inspirerende aan Leafs. Vegetarische seizoensrecepten uit de moestuin, prachtig gefotografeerd door Mitchell van Voorbergen. En in een handomdraai aan te passen naar je eigen smaak, dat is spannend. Ik schreef het gisterenavond laat al op mijn Facebook tijdlijn: “Wat ik heel bijzonder vind aan het kookboek leafs van Carola De Kanter is dat de styling -net als bij Deense visman Mikkel Karstad– dat je ne sais quoi basic en onderkoelde heeft. Geen tralala maar puur. Mooi, daar geniet ik van. Design!” 


Leafs, Carola de Kanter (ISBN 9789461431622) is een uitgave van GoodCook en is te koop (in de boekhandel) voor € 29,95

 

Noot: dit boek werd mij als recensieexemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer