Gastblogger Cora Meijer over Noord Spanje.

Gastblogger Cora Meijer over Noord Spanje. Deze gewaardeerde gast vertelt vandaag over haar heerlijke tocht door het voor velen onbekende noordelijke deel van Spanje. Galicië, Asturias, Cantabrië en Euzkadi. Een prachtige, geheel andere regio van dit grote land, dat wij toch vaak associëren met de Andalusische folklore van flamenco en stierengevecht. Niets is  minder waar, dat laten de foto’s en verhalen van cultfood blogger Cora zien. Tijdens de Spaanse weken laten we op Gereons Keuken Thuis Cora aan het woord:

Trekkend langs de Noordkust van Spanje,

van de Ria de Pasaia naar het Fort van Ferrol,

van musea naar estuaria,

over rotsen en door bergen,

door een visafslag en in havens,

op een feestdag met inktvissen in koperen potten,

in steden met allure,

op zoek naar Spaanse authenticiteit.

Noord Spanje. Een reis die ons bijbleef, één waar je naar terug verlangt. In dit gastblog reizen we van het verste puntje in Galicië, het Fort bij Ferrol, via Asturië naar Baskenland voor het werfstadje Pasai Donibane bij statig San Sebastian. Ferrol is door haar ligging een belangrijke stad, nog steeds een marinehaven en ooit de thuishaven van de Spaanse Armada. Ze maakt deel uit van de maritieme geschiedenis van Spanje met haar Fort of Kasteel van San Felipe aan de riviermonding, met een korte verbinding naar open zee.

foto: Fort van San Felipe met zicht op het Castillo de Palma.

Het oude fort met donkere gangetjes en steile trappetjes had nog geen bewegwijzering op weg naar de bastions en torentjes. De diep ingesneden riviermonding werd onzichtbaar – onder water – afgesloten door een lange ketting naar het tegenover gelegen Castillo de Palma, menig schip liep er op vast. Ferrol was een bijna onneembare vesting.  

foto: Fort van San Felipe, doorkijkje.

Aan de kust van Galicië, niet het zonnigste plekje van Spanje, wisselen rotsen en kapen met vuurtorens af met riviermondingen, soms met beschermde wetlands zoals in het estuarium Ortigueira waar twee rivieren samenvloeien en het zoete rivierwater zich mengt met het zoute zeewater. Er is dan ook getijverschil en je vindt er prachtig witte stranden.

foto’s: Estuarium Ortigueira & wetlands.

Die moerassen worden omlijst door bergen, de wetlands staan in schril contrast met de even verderop gelegen Kaap Ortegal met de hoogste kliffen van Europa. Die kaap steekt ver naar voren in zee waardoor je speelbal van de wind kunt worden, een vuurtoren kan niet ontbreken.

foto’s: Kaap Ortegal

Vanuit Ortigueira koersten we naar de Punta de Estaca de Bares, de noordelijkst gelegen kaap waar je op een smal gewaagd pad voorbij de vuurtoren klautert. Estaca de Bares is evenals de Ria de Ortigueira een beschermd natuurgebied, hier door de trekvogels. De puntige rotsen van Galicië zijn uitgesleten door de golven en de wind, je bent nu ter hoogte van het einde van de Golf van Biskaje. Het uiterlijk van vuurtorens verschilt nogal.  

foto: Vuurtoren Punta de Estaca de Bares.

Vrolijke vissersboten, van klein tot groot, kleuren de haventjes langs de kustlijn. Bijzonder is de vangst van de eendenmossel, een kreeftachtig zeedier, dat zich in specifieke maanden na springtij op de rotsbanken hecht. De eendenmossel vangers wagen zich of aan heuplijnen bij eb naar beneden in het roerige water of ze springen bij het laagste tij uit kleine bootjes van rots naar rots, een riskante onderneming in de branding van de Atlantische Oceaan. Bij gevaar is de kreet ‘Moita mar!’, wat ‘hoge golven’ betekent, een teken om dekking te zoeken. Net als oesters gelden eendenmossels als een delicatesse, ze worden gekookt met laurier. De Spaanse naam is percebeiros, je eet ze bij lokale bars

video: Percebeiros de Galicia – Uno de los trabajos mas peligrosos del mundo

We passeren de regiogrens met Asturië, ook een kust met steile kliffen, maar afgewisseld met baaien en stranden en kleurrijke visserij.

foto: Asturië klifkust

Luarca is zo’n vissersstadje met een bedrijvige en toegankelijke visafslag, wat een plezier om er rond te snuffelen, nog nooit zoveel verschillende vis bij elkaar gezien. Door mijn enthousiasme stal ik hun hart en mocht foto’s maken.

foto: Luarca_achter de schermen bij de visafslag.

foto: Luarca,visvangst visafslag

We sliepen in een klein hotel direct aan de haven, ’s middags plonsde de lokale jeugd tussen die vrolijke bootjes, echt het levendigste plekje op deze reis. De Rio Negro slingert zich door het ‘witte’ stadje, van bovenaf echt een geweldig uitzicht.

foto: Luarca met eb in de Rio Negro.

oto: Klussen aan de vissersboot.

Even voor Cudillero zijn de kliffen en de vuurtoren van Cabo Vidio, bij helder weer met prachtige uitzichten want die kliffen zijn tot 80 meter hoog. De vuurtoren, met een bereik van 25 mijl, past precies op een smal klif dat langzaam afloopt in zee. Ze werd in 1950 in gebruik genomen na talloze scheepswrakken. Cudillero, een van de mooiste vissersdorpen, is van oorsprong een zeevarende gemeenschap met een rijke visserijtraditie. De vissershuizen zijn herkenbaar aan ‘curadillo’: door de wind gedroogde vis, meestal kleine haaien, die aan de gevels hangen. Deze vissers hadden vroeger ook hun eigen taal.

foto: Cudillero, vissershuis.

Het haventje is ommuurd tegen de redelijk woeste golven van de Golf van Biskaje, de Plaza Marina is het hart van dit dorp. Eigenlijk zijn de kleurrijke huizen rond dit natuurlijk amfitheater tegen de rotsen omhoog gebouwd, met rechts hoog op de rots de vuurtoren en een uitkijktoren.

foto: vissersdorp Cudillero in Asturië

Er loopt een pad naar het uitzichtpunt Garita-Atalaya, waar je bovenop de vuurtoren kijkt. In Asturië weten ze die vuurtorens echt precies pas op een rots te plaatsen.

foto: Vuurtoren van Cudillero.

In Aviles waren de vissers juist hun netten aan het inspecteren, dat gaf ook weer bedrijvigheid.

foto: Inspectie visnettten in Aviles.

Maar daar streken wij neer voor het zojuist geopende culturele centrum van de beroemde Braziliaanse architect Oscar Niemeyer.  Dit Niemeyer Centre is groots van opzet voor allerlei kunstuitingen en heeft een gastronomisch restaurant in de twintig meter hoge uitkijktoren met uitzicht op de stad. Het was een prestigieus project, Aviles wilde zich net als Bilbao cultureel meer aanzien geven.

foto: Niemeyer Centre in Aviles.

Het oude deel van Aviles was toen wat haveloos, maar het raadhuis is zeker ’s avonds mooi.

foto: Raadhuis van Aviles.

Van hieruit bezochten we Leon in Castilië, een sfeervolle stad met veel historische architectuur en een 13e-eeuwse gotische kathedraal, de Santa María de León, waarvan de oude glas in lood ramen heel bijzonder zijn.

foto: Kathedraal van Léon

foto: Portaal kathedraal Léon

De stad was een belangrijke halte op de Camino de Santiago. Er zijn mooie pleinen zoals Plaza Mayor, het centrale rechthoekige plein omringd door arcaden waar ook het barokke gemeentehuis staat en Plaza del Grano in het oude kwartier Barrio Humedo waar je tapas restaurants vindt.

foto: Plaza Mayor, Léon

foto: Plaza del Grano.

De Catalaan Antoni Gaudi bouwde er in 1892 zijn Casa Botines, een ontwerp in neogotische stijl met een middeleeuwse uitstraling dat wordt geaccentueerd door het opmerkelijke smeedijzeren traliewerk voor de deur en rondom het gebouw. Boven die deur staat Sint-Joris die vecht met de draak.

foto: Casa Botines van Gaudí.

Casa Botines werd in 1967 Historisch Artistiek Monument. Gaudí is een van de grondleggers van de organische architectuur, een modernistische stijl met oog voor duurzaamheid en leefbaarheid door moderne constructieve kenmerken zoals de lichtmetalen kolommen in de kelder en een combinatie van grotere ramen beneden met ramen in het dakvlak voor een betere lichtval. De casa is bekleed met lokaal gewonnen natuursteen.

foto: Casa Botines in Léon.

Op de terugweg verraste het landschap van Los Barrios de Luna ons, een   stuwmeer in het woeste berglandschap van Parque Natural de las Ubiñas, dat nog bij Asturië hoort. Het is een bergachtig gebied met grote contrasten in het reliëf, zeker in het Peña Ubiña-massief bij Leon. Het steile reliëf van dit gebied leidde tot de aanleg van een tachtig meter hoge dam in een smalle kloof van de Rio Luna, die in 1956 in gebruik werd genomen. Het stuwmeer heeft een kustlijn van veertig kilometer. 

foto: de kloof van la Luna. Barrios de la Luna.

Gijón werd van oudsher bewoond door Asturische koningen, maar tijdens  de Spaanse burgeroorlog van 1936 – 1939 is veel oude architectuur verwoest. Het Palacio de Revillagigedo,  een 18e eeuws barok paleis, is bewaard gebleven. 

foto: Gijon jachthaven.

De oude visserswijk, Cimadevilla is herkenbaar aan de San Pedro kerk, waar de twee stranden van de stad worden gescheiden. Door een bruiloft  was het er gezellig druk.

foto: Gijon, San Pedro kerk.

Cimadevilla is het historische hart en er was een braderie met oude handmatig bediende kermisattracties en lekker eten. Ik vergaapte me aan de inktvissen in grote koperen kookpotten. 

foto: Oude kermisattracties.

foto: pulpo koken in Gijon.

Vervolgens streken we neer in het familie badplaatsje Ribadesella, met een langgerekt strand waaraan prachtige oude villa’s staan. De monding van de Rio Sella knipt het stadje als het ware in tweeën: enerzijds is er het oude centrum met een klim naar de rots vanwaar je op het andere deel kijkt, het strand en haar villa’s en hotels. Op de Sella wordt vanuit het binnenland veel gekanood.  

foto: Ribadesella, playa.

Het oude centrum heeft smalle straatjes met kleine winkeltjes, we vonden een leuk café en wandelden over de boulevard Paseo de la Grua naar het uitkijkpunt op de rots. 

foto: Pub in Ribadesella.

In het achterland van Asturië zie je nog de typische graanschuren staan, vrij van de grond door hoge ‘poten’. Losstaande trappetjes geven toegang. Deze schuren heten troj in het Spaans en staan op pootjes, om het graan niet te laten verrotten. (GKT)

foto: oude graanschuren, trojes.

Mijn Fabada op Cultfood, een typisch Asturisch gerecht in de kleuren van de Spaanse vlag, vloeit voort uit deze reis. Die kleuren zie je terug in meerdere gerechten van haar keuken: het geel van saffraan, kazen en omeletten; het rood van rode peper, paprika en tomaat naast de vele droge worsten en rauwe hammen en het wit van de bonen, rijst en knoflook, maar ook van vis en zeevruchten. De kleuren van paella zijn daarmee ook wel duidelijk. De smaak van het platteland krijg je ook te pakken in een van de mooiste historische dorpen, Santillana del Mar in Cantabrië. Het hele dorp valt onder monumentenzorg, de geplaveide straatjes en huizen in dit openlucht museum dateren meest uit de 18e eeuw.

foto: Santillana del Mar.

Het dorp ligt in het landschap van de Costa Verde, dichtbij de zee in prachtig groene heuvels. Santillana is de verbastering van Santa Juliana; het dorp werd gebouwd rond een klooster en de Colegiata de Santa Juliana kerk. Omdat de naam Santillana al bestond werd ‘del Mar’ eraan toegevoegd. Op het pleintje is een was- en drinkplaats en er zijn enkele fonteinen. De Costa Verde loopt door tot aan Ribadesella.

foto: Santillana del Mar.

We waren weer toe aan cultuur, dus op naar Baskenland voor het Guggenheim museum in Bilbao naar ontwerp van Frank Gehry. Zijn ontwerpen zijn zo spannend, het is maar goed dat de kunst er ook mocht zijn. Gehry is een belangrijk vertegenwoordiger van het deconstructivisme, zijn expressieve vormen en het vooruitstrevende gebruik van materialen zoals titanium in Bilbao maakten hem en zijn architectuur wereldberoemd. Titanium weerkaatst de zon weergaloos.

foto: Guggenheim, Bilbao.

Aan de kade staat een reusachtige spin, Maman, een ontwerp van Louise Bourgeois met een afmeting van 9 meter hoog en ruim 10 meter in omtrek. Deze Parisienne maakte door haar studie geometrie meer kubistische ontwerpen en ziet de spin als een slimme wever, die ongewenste ziekteverspreiders als muggen eten en dus behulpzaam en beschermend zijn, maar waarvan ook dreiging uitgaat door de valstrikken die ze aanleggen. Maman is ontworpen voor het London Tate Modern, maakt deel uit van meer spinnenbeelden en draagt een zak met 32 marmeren eieren.

foto: Maman van Louise Bourgeois in Bilbao.

De geëxposeerde kunstwerken in 2011, in juni 10 jaar geleden, waren ook experimenteel. Op de foto zie je een doolhof van cortenstaal om doorheen te lopen, de sculptuur Open Ended van minimalist Richard Serra, een Amerikaans beeldhouwer. Zijn kennis van staal deed hij op als student om in zijn levensonderhoud te voorzien. 

foto: Ricardo Serra, open end.

In Bilbao vind je in ‘Las Sietes Calles’ in het Casco Viejo winkeltjes, delicatesse zaken en bars. In het centrum is een markthal met regionale producten. We reden nog even naar de haven en vonden de eerste, geheel in ijzer uitgevoerde zweef- of hangbrug Vizcaya uit 1893 bijzonder. Een veer ontworpen door Don Alberto Palacio Elissague die de beide oevers – rotsachtig steil of zandkust – van de Nervión bij Bilbao verbindt. De vereisten aan dit veer waren het overbrengen van passagiers en vracht zonder de navigatie in de rivierhaven van Bilbao met druk scheepvaartverkeer te belemmeren tegen redelijke constructiekosten en de garantie van regelmatige dienstverlening. Het ontwerp verenigde twee technologische innovaties: de techniek van hangbruggen uit het midden van de 19e eeuw en de techniek van mechanische aandrijving door stoommachines.

De brug is 61 meter hoog en 160 meter lang. De Vizcaya-brug is een van de grote monumenten van de industriële revolutie, ijzer werd  beschouwd als het krachtigste symbool van de vooruitgang. De Baskische regering riep de brug al in 1984 uit tot historisch artistiek monument, in 2006 werd ze als opmerkelijk ijzeren architectuurwerk officieel UNESCO-werelderfgoed. In 2010 startte een restauratie waarbij de zwarte verf werd vervangen door Somorrostro hematiet rood, de kleur van de lokale ijzerader.

foto: Vizcaya brug.

We besloten om voor de afwisseling hoog in de bergen en landelijk te slapen en van daaruit Pasai Donibane en San Sebastian aan te doen.

foto: Kippenren in Gipuzkoa.


De Ria de Pasaia is een monding bij het typisch Baskische stadje Pasai Donibane met een regelmatige kleinschalige veerdienst naar Pasai San Pedro. De smalle monding is een heuse haven, heel beschut gelegen tegen de woeste golven, en het kleine veer vaart de hele dag heen en weer. Wij trokken erheen voor haar Baskische uitstraling en om een kleine scheepswerf voor Baskisch maritiem erfgoed te bezoeken.

foto: Scheepswerf in Ria de Pasaia.

foto: Op de helling van de scheepswerf in Ria de Pasaia.

Pasai Donibane was nog niet toeristisch ontdekt, ademde een echt lokale sfeer met politiek getinte ‘posters’ voor afscheiding in haar tunneltje en hier en daar beklad met leuzen.

foto: Pasai Donibane.

Victor Hugo ontdekte het stadje in 1843 en wilde er een reisboek schrijven over de Pyreneeën. Doordat zijn dochter in die tijd stierf verscheen dat boek postuum in 1890. Het 17e-eeuwse huis aan de waterkant dat hij die zomer bewoonde is nu een bescheiden museum. De kleurrijke vissershuizen, de smalle geplaveide straatjes, de eeuwenoude bogen, de Baskische muurschilderingen en haar ligging maken Pasai Donibane heel bijzonder. In oktober 2011, ons reisjaar, kondigde de afscheidingsbeweging aan haar activiteiten te gaan staken.  

foto: Pasai Donibane, vanuit de ria.

Als je in Donibane langs de kade staat en naar de havenuitgang kijkt, sta je perplex als een schip die haven daadwerkelijk verlaat. De uitgang naar zee is erg smal en maakt een scherpe hoek. De schepen worden begeleid door loodsen, maar dan nog is het een knap staaltje van zeemanschap. Bij de passage van die kade met huizen slokken ze de hele omgeving voor zich op.

foto: Havenuitgang van de Ria de Pasaia.

Wij namen het kleine veer om naar de scheepswerf te gaan dat de lokale, traditionele houten boten repareert. We hadden daarover gelezen in het Franse tijdschrift La Chasse-Marée, dat vaker aandacht besteed aan lokale bootontwerpen. We kregen spontaan een persoonlijke rondleiding, manlief werkt in de scheepsbouw. Er was toen zelfs sprake van restauratie van een schip voor de walvisvangst want Pasaia speelde daarin vroeger een belangrijke rol, er vertrokken expedities. En wat blijkt, de tijd heeft niet stilgestaan: er is een glazen overkapping neergezet op deze Albaola werf en tien jaar later wordt er – gesteund door UNESCO – een replica gebouwd van de walvisvaarder San Juan, het eerste trans-Atlantische schip uit de Baskische maritieme industrie dat in 1565 zonk voor de kust van Canada en in 1978 als scheepswrak werd teruggevonden en uitgegraven.

foto: ontwerp walvisvaarder San Juan.

Enthousiast bezochten wij na afloop het lokale café aan de kade en zittend aan een lange tafel gaf het ons een ontzettend Baskisch gevoel, al ben je op dat moment ook wel een echte outsider.

Sfeervol San Sebastian doen wij met enige regelmaat aan, de prachtige baai met haar drie stranden bekoort velen. In de bars is het heerlijk pintxos eten, ze hebben een leuke achtergrond.

foto: San Sebastian, Donostia.

Natuur, historie en cultuur gingen op deze reis hand in hand. De expositie in het Castillo de Santa Cruz de la Mota verbond Ferrol – via de Armada – met San Sebastian. Ook aan Don Quichot van La Mancha en zijn boerendienaar Sancho Panza, de wereldberoemde romanfiguren van Cervantes, werden wij meerdere keren herinnerd.

foto: San Sebastian_Don Quichot van La Mancha met Sancho Panza

Muchas gracias Cora, voor dit mooie Spaanse reisverhaal!

Ben jij een foodblogger met net zo’n heerlijk Spanjeverhaal of -recept? Laat het dan hieronder in een reactie achter of schrijf eens een gastblog voor Gereons Keuken Thuis.

Vega recept op 12 maart.

Vega recept op 12 maart. Waarom deze datum? Omdat dit een namiddag is die me altijd bij blijft. Gezellig op de boekpresentatie, bij Instock in de Czaar Peterstraat, van het kookboek Jack Fruit. De laatste presentatie die ik sindsdien heb bezocht. We deden toen nog wat lacherig over de aanstaande maatregelen. Maar niets was minder waar. Want in lijn 1 terug werd de realiteit duidelijk. De rest weten we, want we zijn nu een heel jaar verder en nog steeds is de pandemie niet voorbij. Maar ik wil het op deze vrijdag helemaal niet over Covid-19 hebben, want daar is m.i. al genoeg over gezegd en geschreven. Let’s talk Jack Fruit.

foto: cover Jack Fruit.

Ik wil het hebben over dat andere terugkerende fenomeen. Inmiddels is de Nationale Week zonder Vlees weer op stoom en heeft laten zien, dat deze een blijvertje is. Mooi moment om jackfruit uit je (voorraad) kast te halen. En dan te gaan koken uit het leuke kookboek, dat Jessica Lek schreef samen met Fairtrade. Kijk zo snijdt het mes aan twee kanten. Geen vlees en ondersteuning van boeren, die het hard nodig hebben.

Een stukje terug in de tijd:

“Een kookboek met een bijzonder Fair Trade verhaal erachter. Jessica Lek ging aan de slag met deze steeds populairder wordende vrucht die tot wel 40 kilogram kan wegen en een prima vleesvervanger is. Oorspronkelijk komt deze stekelige vrucht uit India, maar tegenwoordig wordt hij overal verbouwd, in Afrika, Azië en Zuid Amerika. Jack Fruit is op twee manieren te eten, rijp en geel, vers, of jong en groen uit blik. Lisette Brouwers, productmanager van fairtrade Original vertelde mij over de teelt en productie voor hun merk, waarbij boeren een eerlijke prijs krijgen voor de vruchten, die zij verwijderen. Het geheel wordt dan lokaal ingeblikt voor de wereldmarkt, zodat wij daarmee een prima vleesvervanger hebben. dat was teven s het thema van de middag, want niet per ongeluk werd het eerste exemplaar met 30 jack fruit recepten overhandigd aan Isabel Boerdam, bedenkster van de week zonder vlees. Een week waar inmiddels vele Nederlanders enthousiast aan meedoen. Koken met en uit Jack Fruit vormt een prima alternatief voor vlees. Door de vruchtvleesstructuur (wat een mooi woord) is het een prima vleesvervanger, vol vitamine C (hard nodig in deze dagen), maar niet per se een goede eiwitvervanger.”

Een vega recept op 12 maart: smokey jackfruitgyros met romige koolrabi-appel-tzatziki. Zullen we er voor de lol eens een volle witte viognier bij drinken?


Nodig:

1 blikje jonge jackfruit (Fairtrade Original, à 550 g), afgespoeld
2 el ahornsiroop
1 tl gedroogde peterselie
2 tl gedroogde oregano
6 el smokey barbecuesaus + extra
3 el olijfolie
4 platbroden
1 zakje gemengde sla (à 80 g)
4-6 el granaatappelpitjes
1-2 el sumak

voor de gyroskruiden:


2 tl komijnzaad
2 tl korianderzaad
zaadjes van 1 kardemompeul
¼ tl zwarte peperkorrels
2 tl tijmblaadjes
1 tl knoflookpoeder
¼ tl nootmuskaat
1 tl kaneel
1 tl paprikapoeder
½ tl cayennepeper
1 tl zout

voor de tzatziki:


100 g Griekse yoghurt (of gebruik kokosyoghurt voor een vegan variant)2 el tzatzikikruiden (gedroogde peterselie, selderij, munt, knoflook en oregano)
2 el gekneusde muntblaadjes
1 kleine koolrabi, geschild en in plakjes
½ zoetzure appel, in staafjes
¼ tl kurkumapoeder (optioneel)

Bereiding:

Verwarm voor de gyroskruidenmix de komijn, koriander en kardemomzaadjes 1 tot 2 minuten in een koekenpan op matig vuur. Vermaal ze met de zwarte peperkorrels in een vijzel tot poeder. Voeg er de tijm aan toe en kneus de blaadjes kort. Meng er de overige specerijen door.

Snijd de jackfruit in dikke, platte reepjes en schep in een grote kom met de gyroskruiden, ahornsiroop, peterselie, oregano, barbecue saus en olie om, zodat de marinade goed vermengd is met de stukjes jackfruit. Laat, afgedekt, minstens 1½ uur marineren in de koelkast.

Verwarm de oven voor tot 185 °C. Verdeel de stukjes jackfruit en marinade gelijkmatig over een met bakpapier beklede bakplaat. Rooster de jackfruit in ca. 20 minuten krokant. Schep er naar wens nog wat extra barbecuesaus door.

Maak ondertussen de tzatziki. Meng in een kom de yoghurt met de tzatzikikruiden, munt, koolrabiplakjes, appel en eventueel kurkuma.

Verwarm de platbroden volgens de aanwijzingen op de verpakking en smeer ze met de helft van de tzatzikisaus in. Verdeel er de jackfruit en sla over. Vouw ze met een stukje bakpapier of aluminiumfolie aan de onderkant dicht en strooi er aan de bovenkant de granaatappelpitjes en de sumak op. Geef de rest van de tzatziki er apart bij.

Jack Fruit, het kookboek. Jessica Lek, i.s.m. fairtrade Original (ISBN 9789461432322) is een uitgave van GoodCook en is on- en offline te koop voor € 14,95.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Vegan JapanEasy.

foto: cover Vegan JapanEasy

Vegan JapanEasy. Ik ben dol op de kookboeken van Tim Anderson. Chef kok in Londens restaurant Nanban. Anderson werd geboren in de dairy belt Wisconsin en ontwikkelde al vroeg een grote voorliefde voor de Japanse keuken. Dat kwam door de televisie, waar hij ramen koks hun ding zag doen. Hij trok naar Japan, om de fijne kneepjes van het vak te leren. En schreef daar twee boeken over, die in Gereons kookboekenhoek prijken. Nanban over de Zuid Japanse fusionkeuken en JapanEasy over de alledaagse keuken. Allebei mooie Japanse kookboeken met de zo kenmerkende humoristische twist van Anderson. Ik lees ze graag. Nu is onlangs Vegan JapanEasy verschenen, een boek vol klassieke en moderne vegan Japanse gerechten. Anderson dook in de vega keuken van Nippon. Het boek start, hoe kenmerkend voor de grapjas in de schrijver, met een disclaimer, die verkondigt dat er bij het maken van dit boek geen dieren gewond zijn geraakt, behalve hij zelf, toen hij in zijn duim sneed. De toon is direct gezet. Tim Anderson wilde geen vreugdeloos vegan boek maken vol Japanse gerechten met treurige prefab vleesvervangers, maar ging op zoek naar de kern en originaliteit.  Hij startte direct met vega culinair goochelen, gebruik makend van zijn kennis over de Japanse keuken en voegt daar direct aan toe, dat hij meer flexi dan vegan is. Per ongeluk eet hij regelmatig vegan.


UMAMI is de drager van veel vegan gerechten. Dat weten Japanners als geen ander. Vegan gerechten hebben gewoon die twist nodig. Tim Anderson maakt er in Vegan JapanEasy een waar ingrediëntenfestijn van. Beginnend aan de basis, smaakmakers en sauzen, dashi en zoete misosaus. En Gereons Keuken Thuis vindt de vegan Japanse mayo in het boek een vondst. Daarna volgen de snacks en bijgerechten. Rode ingemaakte gember of teriyaki wortels. Sushi, maar dan vegan ontbreekt niet. Hoofdgerechten, waaronder groentetempura. Volgens mij een voorliefde van Anderson, die je ook tegenkomt in zijn andere boeken. Hoofdgerechten met rijst en noedels, je moet niet vergeten, dat ramen zijn passie voor de Japanse keuken aanwakkerde. Tot slot zoete vegetarische gerechten en Tim zou zich verloochenen als er niet werd geborreld met cocktails met een eigen twist.
Vegan JapanEasy is een heerlijk en kleurrijk boek, geheel in de stijl, die Gereons Keuken Thuis van Tim Anderson kent. Gewoon doen, lekker aan de slag met al dat moois uit het land van de rijzende zon. Wat nog meer over Vegan JapanEasy te zeggen? Voeg ik er net als Anderson aan toe: SAYONARA!

Omdat het Nationale Week zonder Vlees is een bonusrecept: Paddenstoelen-dashiramen met groenten en gebakken tofu.

Nodig:

300-350 g stevige silken tofu, in 8 rechthoeken
2 el sake
100 g maïzena
1 el zwart sesamzaad
100 ml plus 2 el plantaardige olie
1 vel nori, of 1 el aonorivlokken
flinke snuf zout
1,2 l paddenstoelendashi
90 ml sojasaus
4 el mirin
ongeveer ½ rettich/daikon, geschild, in schijven van ongeveer 2,5 cm dik
80-100 g enoki of shimeji, wortels verwijderd, in kleine bosjes gescheurd
¼ Chinese kool, in repen van ongeveer 2,5 cm
4 porties ongekookte ramennoedels
4 shiitakes (bijvoorbeeld de geweekte paddenstoelen uit de dashi), steeltjes verwijderd, in dunne plakjes
2 lente-uitjes, in dunne ringetjes
½ milde rode chilipeper, zonder pitjes, in heel dunne reepjes
paar reepjes citroen- of yuzuschil

Leg de silken tofu in een schaaltje en schenk de sake erover. Roer de maïzena en het zwarte sesamzaad door elkaar en bestuif de tofu hiermee tot de rechthoekjes ermee bedekt zijn. 
Verhit 2 eetlepels plantaardige olie in een koekenpan met antiaanbaklaag op matig-hoog vuur en bak aan elke kant een paar minuten tot de tofu goudbruin en krokant is. Laat uitlekken op keukenpapier en zet weg.
Meng in een keukenmachine de 100 ml olie met de nori en het zout tot de nori helemaal is verpulverd. Laat de olie rusten terwijl je de rest van het gerecht bereidt.
Breng in een pan de paddenstoelendashi, sojasaus en mirin aan de kook en voeg de rettich toe. Draai het vuur wat lager, leg het deksel op de pan en kook ongeveer 10 minuten, tot de rettich gaar is. Schep de rettich met een schuimspaan uit de pan en zet weg. Als je shimeji gebruikt, kook ze dan een paar minuten in de dashi, schep ze eruit en zet weg (enoki hoeven niet te worden gekookt). Laat de dashi zacht koken met het deksel op de pan.

Breng een grote pan water aan de kook, blancheer de Chinese kool 1 minuut en schep eruit met een schuimspaan. Zet weg.
Breng het water weer aan de kook en kook de ramen beetgaar, volgens de aanwijzingen op de verpakking. Giet af en laat goed uitlekken.
Verdeel de ramen over 4 kommen, schenk de paddenstoelendashi erover en roer de noedels los met een eetstokje zodat ze niet aan elkaar kleven.
Verdeel de kool, rettich, paddenstoelen, tofu, lenteuitjes, chilireepjes en citrusschil erover. Schep er als laatste een paar volle lepels nori-olie over. Meteen eten.


Vegan JapanEasy, Tim Anderson (ISBN 9789461432483) is een uitgave GoodCook en is te koop voor € 25,95.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

HOT POT van Bas Robben.

foto: cover HOT POT.

 HOT POT van bas Robben. 没有什么问题是一顿火锅不能解决的, 如果有,那就两顿! Elk probleem kan worden opgelost met een hotpot. En zo niet, eet er dan nog een! Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen. Bas Robben weet in al zijn boeken een leuk thema te vinden. Hij trapte zijn kookboekschrijverscarrière af met ZUUR, ging verder met VET en leerde ons de fijne kneepjes van Sous Vide. Stuk voor stuk mooie en originele titels. Door de liefde belandde Bas in Taiwan en raakte daar verslingerd aan de Oost Aziatische reizen. Hij ontdekte samen met zijn lief de keukens van dit land. En werd een echte fan. Covid-19 deed zijn intrede en Bas startte met een cursus Chinees, ging net zoals denk ik half Nederland aan de thuis productie van kombucha, desembrood en andere knutseldingen. Maar op een gegeven moment was het basta! en ging Bas aan de slag met de Hot Pot. Zijn tweede liefde uit zijn tweede vaderland Taiwan. Een ontdekkingsreis startte door China, Taiwan, Japan, Korea en Vietnam. Hotpotten is meer dan Chinees fonduen. Gereons Keuken Thuis deed dat ooit in de nineties, met van die schepnetjes. Bas Robben geeft aan dit gebeuren een heel andere draai, want als je eenmaal een dampende pan of hotpot met homemade bouillon op tafel hebt staan, zijn de mogelijkheden schier eindeloos. de schrijver geeft tips voor materialen en de planning. En je inkoop. Duik eens binnen bij een oriëntaalse markt zoals de Hong Kong super in de Kinkerstraat en vul je mandje met al die lekkere diepvries dingen, die zo in de hete bouillon kunnen. Zelf gemaakte bouillons, waarvoor Bas veel recepten geeft. Van vegan tot varkensrib, trekken die bouillon en dan op een plaatje aan tafel. (Helaas heeft Gereons Keuken Thuis bij de verhuizing vorig jaar zijn kookplaatje weggegooid)


We gaan reizen met Bas. China, met een recept voor Sichuan Express hotpot (onderaan deze blogpost) met erbij een pittigheidsgraadmeter. Een kenmerkend iets voor de wijze, waarop Robben werkt in zijn boeken. Hij geeft de lezer altijd extra weetjes. De Japanse hotpot is weer geheel anders, deze zijn van aardewerk en bijvoorbeeld in te zetten voor een Sumo-hotpot. Een hele originele hotpot in het boek vond ik de Budae-Jjigae, een Koreaanse blikjes-hotpot. Geen hot pot in de traditionele zin, maar een cross over van Korea met Amerikaanse smaken. Dat zie je in de Nanban keuken van Tim Anderson ook. Vietnam komt aan bod. En… tot slot Taiwan, Bas Robben kan geen genoeg krijgen van dit mooie land. Dat vertelt hij in zijn indrukken tussen de recepten. Misschien moet het 5e boek wel een reisgids worden Bas? Vis en zeevruchten spelen de hoofdrol bij zijn recepten uit Taiwan. Na deze rondreis sluit Robben af met drankjes, basisrecepten en desserts.

Met Hot Pot schreef Bas Robben wederom een heerlijk en origineel boek. Wat mij opvalt, is dat hij behalve fijne receptenschrijver, zich ook een gedegen onderzoeker betoont. Net als in zijn andere boeken kun je direct aan de slag. Maar beter nog: ik zou eigenlijk eens live bij hem moeten gaan proeven, hoe zijn vondsten aan de Hot Pot dis uitpakken. Gereons keuken Thuis is nu alweer benieuwd naar thema van boek 5.

Recept uit HOT POT.

foto: Sichuan express hotpot

Sichuan Express-hotpot

Nodig, 4 tot 6 personen:

Hotpotbasis
4 el arachideolie, reuzel of ossenwit
3 el Pixian bonenpasta
6 tenen knoflook, fijngehakt, geraspt of geperst
40 g gemberwortel, geraspt
2 el fivespicepoeder
2 el Sichuan peperkorrels
2 el Shaoxing rijstwijnca. 2 l kippen-, vegan umami- of groentebouillon

Sesam-knoflookdipsaus
100 ml sesampasta
2 tenen knoflook, fijngehakt
groen van 2 bosuitjes, fijngesneden
2 el geroosterd sesamzaad (wit/zwart)

Hotpot
2 blokken stevige tofu, in blokken van 3 cm
400 g paddenstoelen, zoals shiitakes of shimeji’s
pittig gemarineerde bief
pittig gemarineerde kipspiesjes
dungesneden rundvlees
dungesneden kipfilet
dungesneden spek
garnalen, schoongemaakt
visballetjes
dumplings
dikgesneden aardappelschijfjes
dikgesneden zoete aardappel
gedroogde tofuvellen, in vierkantjes geknipt
dikke zoeteaardappelnoedels

Ook nodig:
staafmixer

Bereiding:

Zet de hotpot op middelhoog vuur en laat de arachideolie erin heet worden. Voeg de Pixian bonenpasta toe, samen met de knoflook, de gember, het fivespicepoeder en de Sichuan peperkorrels. Bak 2 minuten, giet dan de Shaoxing rijstwijn en de bouillon erbij tot de hotpot voor twee derde gevuld is.

Doe voor de dipsaus de sesampasta met de knoflook en 100 ml water in een hoge beker. Blend met de staafmixer tot een gladde saus. Giet de saus in schaaltjes en garneer met de ringetjes lente-ui en het geroosterde sesamzaad.

Zet de hotpot in het midden van de tafel op een kookplaatje. Leg de tofu, de paddenstoelen, de bief- en kipspiesjes, het rundvlees, de kipfilet, de aardappelschijfjes, de zoete aardappel, de tofuvellen en de zoeteaardappelnoedels op bordjes en zet op tafel. Je kunt nu beginnen met hotpotten.

Hot Pot, de lekkerste hotpots uit China, Taiwan, Japan, Korea en Vietnam. Bas Robben (ISBN 9789461432490) is een uitgave  van GoodCook en is te koop voor € 22,50.

Volgende week, tijdens de week zonder vlees lees je mijn review van Tim Anderson’s Vegan Japaneasy!

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

EEN KOOKBOEK. Seppe Nobels.

foto; EEN KOOKBOEK in de keuken van SeaSpot.

EEN KOOKBOEK. 450 recepten van Seppe Nobels. Dinsdagavond in Zandvoort. Aan welk recept begin je, als er, plof op je deurmat, een kookboek met wel 450 recepten ligt, die allemaal thuis heel makkelijk zijn te maken? Ik heb het over het vuistdikke EEN KOOKBOEK van chef Seppe Nobels, die de scepter of beter gezegd de pollepel zwaait in de mooie groentekeuken van Graanmarkt 13 in Antwerpen. Zucht, was corona maar voorbij, om daar eens te gaan kijken, ik bedoel eten. Het restaurant staat door Nobels en zijn team in de top tien van de beste groenterestaurants ter wereld.

Maar nu eerst over de chef…. Nobels werd in 1982 geboren in Bonheiden als zoon van een binnenhuisarchitect en actrice. Vanaf zijn jeugd wilde Seppe boer of kok worden. Dat was niet tegen dovenmansoren gezegd, want zijn ouders namen hem mee op tour langs alle opleidingen op beide gebieden in heel België. Het werd tenslotte Hotelschool Ter Duinen in Koksijde. (ook Jeroen Meus was hier leerling) Na zijn opleiding startte hij bij Maison du Cygne in Brussel, Folliez in Mechelen en Absoluut Zweeds in Antwerpen. Buitenlandse ervaring deed hij op in St. Tropez en Siena. In 2010 opende Graanmarkt 13 zijn deuren, het vaste honk van Nobels tot nu toe. Hij ontpopte zich tot stadslandbouw pionier en heuse groentekok. De San Pellegrino-gids noemde hem in 2015 de beste jonge chef en Gault Milau verschafte hem de titel chef van het beste groenterestaurant van Vlaanderen. Tegenwoordig staat Graanmarkt 13 ook in de top tien van de beste groenterestaurants ter wereld. 

Tot zover Seppe Nobels…. EEN KOOKBOEK is een ode aan groente en de recepten van de kok in het restaurant en thuis. Het kookboek staat vol heerlijk eten van bij ons. (daarmee bedoel ik België) Klassiek, maar met die Antwerpse moderne twist. Laat dat maar aan Seppe Nobels over. De indeling van dit kookboek is klassiek van opzet met soepen, groenten, schaal- en schelpdieren, vis, vlees & wild & gevogelte en desserts. Tot slot zijn er de basisbereidingen voor iedereen van de hand van Seppe.

Laat ons eens kijken! Soep in alle gedaantes. In Gereons Keuken Thuis komen er vaak soepen op tafel bij de lunch. Vandaag nog een #nowaste courgettesoepje. Via de recepten van Nobels kan ik nu mijn repertoire danig uitbreiden met witlofsoep met Noordzeegarnalen, voor de lente een verse erwtjes gazpacho of een uiencappuccino met witbier. Ik stel het me het hier aan zee al voor op tafel met een ferm glas Tripel d’Ánvers.

De groenten, vormen een groot deel van EEN KOOKBOEK en de kwintessens van de keuken van Seppe Nobels. Wortelen in een zoutkorst, waarbij het zout een oranje gloed lijkt te krijgen. Chili zonder vlees. Geroosterde en gelakte slaharten, een zomerse tip voor de BBQ. En een onvolprezen Mechelse waterzooi. Natuurlijk van de moestuinen in de streek rond deze stad. Heel speciaal vind ik zijn Belgische kimchi variaties. Ga ik in Gereons Keuken Thuis eens uitvoeren met mijn hi pet pers.

We trekken naar de kust. Want zeg nu eerlijk, wat is een Belgische kok zonder zeevruchten? Stoofpot van Oosterscheldekreeft. (binnenkort weer in het seizoen) of scheermessen uit de Noordzee met komkommer, koolrabi en basilicum. (moet hier toch eens gaan rapen voor de deur) Vis: paling in het groen met waterkerssalade, hoe klassiek wil je het hebben? Rogvleugel, een favoriet stuk vis van Gereons Keuken Thuis komt voorbij en niet te missen Oostendse waterzooi..

In het hoofdstuk VLEES vind je ook allerlei moois. Mechelse coq-oek au vin, gemaakt van dit beroemde Mechelse ras. Patrijs à la Brabançonne. Hiertegen kan een Brabantse uitwijkeling als ik geen weerstand bieden. En …,één van de leukste gerechten: varkensribben met kersen. Glas gueuze erbij. Smullen maar!

EEN KOOKBOEK sluit af met desserts, zoals een chocolademousse met olijfolie en zout. Met het aanstaande rabarberseizoen op het oog vind ik het recept voor rabarber met een granité van Granny Smith en spinazie een mooie vondst. Rins en lenteachtig. Na de desserts is het tijd voor Seppe Nobels om zijn basisbereidingen uit de doeken te doen. Hij laat hierbij zien, dat hij klassiek is geschoold, maar ook het hedendaagse niet schuwt.

Wat nog meer te zeggen over EEN KOOKBOEK? Niets en beleef het zelf. Gereons Keuken Thuis kan voorlopig weer uit de voeten. Wat een blok inspiratie voor thuis, met recepten binnen ieders handbereik. En… ik kan niet wachten tot de wereld weer open is, om eens aan te schuiven bij Graanmarkt 13.

EEN KOOKBOEK, 450 klassiekers van Seppe Nobels. (ISBN 9789481474830) is een uitgave van Lannoo en is te koop voor € 45,00

Binnenkort een klein menuutje uit dit mooie boek incl. wijntips.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Gereons Mag, wintereditie 2021.

foto: ontluikende lente…..

Gereons Mag, wintereditie 2021. Een wat karige aflevering, maar ook een uitdaging, deze reis, want sinds de vorige editie van Gereons Mag leven we in de harde lockdown, die nog niet af is. Dus zijn er van mijn hand weinig live on the spot verslagen te vinden in Gereons Mag wintereditie 2021. Wat dan wel? In ieder geval een mooie nieuwe tentoonstelling van het Van Gogh Museum, om naar uit te kijken, zodra de musea hun deuren weer openen, aprés ski NOLO borrel, risotto alla Milanese, vakantie in zicht met De Smaak van Italië, Spaanse sambal en pittige wasabi Mayoneur. Reizen, maar dan virtueel door Peru met een recept voor suspiro de Limeña, hotpotten uit het nieuwe boek van Bas Robben voor Chinees Nieuwjaar en scheren met The Shaving Institute. (Al heb ik dan zelf een baard.) Tot slot lekker slow grillen met de jongens van LELY.


foto’s: Ongekend, 10 jaar aangekochte werken.

Ongekend in het Van Gogh Museum. Het is bijna een jaar geleden, dat Gereons Keuken Thuis bij de preview van In the Picture aanwezig was. Zo lang ben ik niet meer in het Van Gogh Museum geweest. Zo jammer, want ik vind hun tentoonstellingen altijd zeer de moeite waard. Dit voorjaar kun je, tenminste als de musea weer openen, de tentoonstelling Ongekend, 10 jaar bijzondere aanwinsten gaan bekijken. Een grote selectie kunstwerken, die in de laatste decade zijn toegevoegd aan de toch al bijzondere collectie van het Van Gogh Museum. Schilderijen, tekeningen, prenten, beelden en tot slot brieven. (Vincent van Gogh was een fervent brievenschrijver) Verworven door schenkingen of aankopen op veilingen. Het Van Gogh Museum beheert de grootste collectie werken van deze kunstenaar ter wereld. Het leuke is, dat juist de nieuwe aanwinsten werken zijn van andere kunstenaars, zoals Dégas, Munch en Toulouse-Lautrec. Ook schreven Amsterdammers, van een bewoonster van Oud Zuid tot een scholier uit West of de stadsdichter een verhaal bij de kunstwerken. Door deze verhalen te betrekken bij Ongekend wordt de bezoeker ook door medestadsbewoners nadrukkelijk uitgenodigd, om zelf de werken van Van Gogh te beleven. En dat is in het licht van afwezigheid van internationale bezoekers een leuke uitdaging, om als stadsbewoner dit bekende museum te bezoeken. Doen zeg ik! Ongekend is te zien tot en met 24 mei.

foto: het is goed vertoeven in Perugia.

Vakantie in zicht!  Het eerste 2021 nummer van De Smaak van Italië kijkt vooruit. Naar de mogelijkheden in de Bel Paese. Want op vakantiegebied valt er in Italië dit jaar en na de corona pandemie veel te ontdekken en beleven. Andiamo, laten we eens kijken, waar De Smaak ons naartoe brengt? De Umbrische hoofdstad Perugia met zijn kenmerkende bogen en natuurlijk jazz & chocolade. Een aantal locals neemt je mee op pad. Een schiereiland in het westen van Sardinië ongerept en wieg van de bottarga. Bij dit landschap past de western muziek van Ennio Morricone. Florence heeft net als Maastricht of Luik een wijk aan de andere kant van de rivier. Oltrarno, tegenwoordig de leukste wijk van  de stad. Vakantie in zicht. De Smaak pakt uit met een special vol tips van kenners. Onno Kleyn vertelt over Italië’s geheime seizoen, wanneer de Toscanen weer bonen eten en de Lombarden aan de polenta gaan. Ontdek een bijzonder kant van Amalfi, met de producten van vier makers en hun verhalen. Streetfood in Rome, hoe hipster wil je het hebben of juist niet? Mimi Thorisson, model en kookboekenschrijfster schreef een ode aan Turijn. En tot slot een korte cursus ken je klassiekers. Een blad vol deze reis. Vakantie in zicht! Laten we het hopen, dat het weer snel kan. Lees meer

foto: detail Dom van Milaan.

RECEPT. Risotto alla Milanese Een gerecht, goudgeel, romig smeltend op de tong. Een restaurateur in Milaan voegt er zelfs bladgoud aan toe. Een simpel maar toch zo edel gerecht. Voedsel voor een koningin. De rijst, geteeld in de Po vlakte, aan de voet van de hoge toppen van de Alpen. Rijst waar we voor Gereons Mag wintereditie 2021 risotto alla Milanese mee maken. Structuur en romigheid treffen elkaar. Net als in de stad Milaan, waar de werklust van het Noorden de zwier van het Zuiden treft. Géén of niet te veel kaas, maar wat extra boter, die de smaak van de saffraan omhoog haalt. We drinken er een boterige, op hout gelagerde chardonnay bij.


Nodig:

300 g Arborio rijst
1,5 liter kippenbouillon
1 glas witte wijn
1tl saffraandraadjes opgelost in bouillon
2 sjalotjes
100 g boter
75 g Parmezaan
peper en zout

Bereiding:

Snipper de sjalotjes fijn. Smelt de helft van de boter in een pan. Fruit de sjalotjes aan. Voeg de rijst toe en laat licht kleuren. Blus af met de witte wijn. Zet in een kommetje de saffraan draadjes met een beetje bouillon apart. Voeg nu beetje bij beetje de warme kippenbouillon toe en roer goed. Ongeveer na tien minuten kan de opgeloste saffraan worden toegevoegd. Ga daarna verder met het bouillon in de pan scheppen en roeren totdat de rijst alle vocht heeft op genomen. Na 20 minuten is de rijst beetgaar, voeg de rest van de boter en Parmezaanse kaas toe. Maak op smaak met peper en zout. Serveer direct.

foto: Hotpotten met Bas.

In China is het jaar van de OS op 12 februari begonnen….. 祝您新年快乐,身体健康! Tijd om te gaan hotpotten. Niks gourmetten! Bas Robben, schrijver van ZUUR, VET en Sous Vide heeft een nieuw boek geschreven. Vier Thuis Chinees Nieuwjaar door een pan dampende bouillon op tafel te zetten en er dan allemaal lekkere dingen in te garen. Je leest er alles over in het door GoodCook uitgegeven boek HOTPOT. Binnenkort plaats ik op Gereons Keuken Thuis de review van dit leuke kookboek.

foto: spice in the snow.

Het is koud buiten, tijd voor pit.  Met Spaanse Sambal en vegan wasabi mayo van Mayoneur. Volgens mij allebei lekker bij eten uit de hotpot.


Spaanse sambal werd bedacht om de viering van de Zaanse overwinning op de Spanjaarden anno 1574 luister bij te zetten. Eigenlijk is ie te lekker maar één keer in het jaar te eten. Dus ook tijdens de barre koude van vorige week kun je ermee voor de dag komen. Voor of na het schaatsen. Friszoet met een aardse smaak. Heerlijk bij zoute haring, gegrilde groente, burger of geitenkaas.
Ik ontmoette de bedenkers van Mayoneur tijdens de #culiperslunch 2020. Het laatste festijn dat ik bezocht in levende lijve. Deze heren vinden, dat mayonaise een stuk beter en duurzamer kan. Daarom geen dierlijke producten als basis, maar investeren in groente en fruit. Van elke verkochte fles wordt een percentage gestoken in Trees for all, want we planten nu voor de toekomst.

foto: relaxen in het fijnste parkje van Parijs.

New Map Frankrijk. Verborgen parels en onvergetelijke ervaringen. De zeshoek is bij uitstek het land, waarin je kunt rondzwerven en elke keer weer nieuwe plekken kunt ontdekken. Dat weet francofiele Gereons Keuken Thuis al heel lang. Of het nu om Normandië gaat, Lyon, de Camargue of Parijs. Frankrijk is gewoon een fotogeniek land. Daar ontkom je niet aan. In deze tijden van ophokplicht kun je niet één, twee, drie in je auto stappen, om al het moois te gaan zien. Maar je kunt wel smikkelen en smullen van het mooie livre, plein de rêves, dat door reisfotograaf en wereldreiziger Herbert Ypma werd samengesteld. Ypma heeft een neus voor mooie plekken, waar het goed toeven is. Dat was al te lezen/zien in zijn Hotel reeks. Nu is er New Map Frankrijk, een boek vol geheime reiservaringen in een speciaal land. Allons-y! Lees meer.

foto: één druppel is genoeg.

The Shaving Institute. Scheren moet makkelijk zijn dachten de bedenkers van de producten van The Shaving Institute, zonder geklieder en voedend. Het liefst in 1 minuut. Geen schuim maar een laagje dun op je huid. scheren en voeden tegelijkertijd. En niet per se met warm water. Afspoelen is niet meer nodig, noch allerlei balsems en after shave producten. Gereons Keuken Thuis, ondanks met baard begroeid,  probeerde het uit en was tevreden. Ben jij nou ook zo’n man, die zich wel eens anders wil scheren dan gewoonlijk? Ga eens, net als turner Epke Zonderland, naar The Shaving Institute.

foto: Greasy Tomato to go door het team van LELY.

Greasy Tomato by LELY. De jongens van LELY bedenken telkens iets nieuws. Nu hun zaak al tijden is gesloten vanwege de lockdown maken zij het mogelijk, om slow-cooked ribben en flinke maaltijdsalades af te halen of te laten bezorgen. Zij weten wat goed eten is. Zacht gegaarde spareribs in verrassende varianten. Als Gereons Keuken Thuis nog in de buurt had gewoond, wist hij het wel. Ben je geen vleeseter? Dan biedt Greasy Tomato zorgvuldig geassembleerde salades. Een maaltijd op zich. En zoals alles bij LELY worden de gerechten met liefde en aandacht gemaakt. De ribben garen 12 uur lang. Kom daar maar eens ergens anders om in Amsterdam. Greasy Tomato biedt ook de mogelijkheid je eigen toppings te kiezen. Greasy Tomato is het nieuwste onderdeel van LELY in Amsterdam Nieuw-West. Opgezet midden in de lockdown, maar geen tijdelijk afhaalconcept. Op dit moment bekijkt LELY de mogelijkheden om een dark kitchen, afhaal-locatie of wellicht een nieuw restaurant te openen. Voor nu hoopt het team van LELY  dat zij alvast hun passie voor goed eten zoveel mogelijk bij jou thuis te kunnen brengen. Stay Greasy!

foto: NOLO après ski in het duin.

NOLO. Het is winter, geen après ski borrels dit jaar in de Alpensneeuw, maar gewoon aan het besneeuwde strand. En zonder of laag in de alcohol. Ik weet dat Dry Jabuary al weer over is, maar in balans blijven door minder alcohol te drinken was nog nooit zo easy met alle noviteiten, die op de markt verschijnen. Wijn daargelaten, want dat blijft Gereons Keuken Thuis een beetje een buitenbeentje vinden. Maar wie weet veranderen ook de technieken voor dat goedje snel. Crodino, biondo en rosso waren al bekenden, prima aperitief sinds 1965. Nieuw in Gereons Keuken Thuis,zijn de producten van Fluère, basis voor je mocktails. Je maakt met de raspberry variant en tonic een heerlijke cock-, ik bedoel mocktail. Garneren met bessen, framboos en wat gedroogde sinaasappelschil. En je sneeuwfeestje in deze verlengde lockdown is een blast. Duchess is een  k&k gin tonic uit Zuid Afrika met Nederlandse roots. O.a. zag ik de leuke flesjes bij de blauwe grootgrutter. Serveer de mix in een glas met ijs en hand specerijen, zoals steranijs, kardemom en jeneverbes. Baie lekker. En je bent in balans. Lees meer.

foto: het leuke boekje, dat opa Bas schreef over Elke Melk.

Elke Melk. Sneeuw, schaatsen en warme chocolademelk. Elke koe is uniek en zo ook haar niet gehomogeniseerde melk. Dat is het uitgangspunt van Elke Melk, een vol smaakavontuur. Op de Hazendonkhoeve melkt boer Matthijs elke dag zijn dames. Hij verwerkt en verpakt de melk van elke koe apart binnen tien minuten volgens een uniek procedé. Hierdoor blijft de melk ongekend vers. Je kunt op de site terugzoeken van welke koe de melk is. Elke melkbeurt wordt gecontroleerd op kwaliteit. Anders willen de dames niet, dat hun melk wordt gebotteld. Onbewerkte melk, puur natuur en door de vetlaag lekker om warme chocolademelk mee te maken. Of een andere Hollandse klassieker, anijsmelk. Gereons Keuken Thuis proefde o.a. de melk van Geertje 66 (what’s in a name?) en was onder de indruk. Je vindt Elke Melk o.a. in het schap van de blauwe grootgrutter.

foto: De lama symbool van de Andes.

PERU on tour.  Normaliter bezoeken zo 36 duizend Nederlanders per jaar dit Andesland aan de Stille Oceaan. Tot en met 21 april 2021 kun je Peru ook virtueel bezoeken op een speciaal platform. Reis tijdens deze lockdown af naar het land van alpaca’s, bergen, pisco sours, Gaston Aucurio en Incaschatten. Een magisch land met vele gezichten, van kust met ceviches, Lima als melting pot, groene regenwouden en majestueuze toppen van de Andes. Peru wil zich voor als het tij weer keert onder de radar houden. Want, zo zeggen ze zelf het hele land is een must visit. Op PromPERU vind je informatie over alle te bezoeken bestemmingen en reispakketten. De site ontleent zijn naam aan de bus, waarmee in eerste instantie een grand tour zou worden gemaakt door PERU.  En (super) food! Peruaanse producten en verlotingen van al dit lekkers op social media als Facebook en Instagram. Gaat dat zien en beleven.

foto: cover Ceviche van Martin Morales, uitgave Fontaine.


RECEPT. Kleurrijk en fantasievol eten uit Peru. Geuren en smaken verenigd. Al millennia lang. Van de kust van de Stille Oceaan, in de straten van Lima, in het hooggebergte van de Andes en de wouden van de Amazone. Dat is de rijke keuken van Peru. De Inca’s aten al quinoa, physalis (goudbes) en een vorm van de emblematische ceviche. Grootmoeders in de bergen hielden cavia’s in hun keuken. De conquistadores brachten knoflook, citrusvruchten en gember mee. De Afrikanen hun voedsel, zoals de spiesjes van runderhart. Veel gegeten streetfood in Lima. De Italianen kwamen met pasta en wijn. De Chinese arbeiders leerden Peru wokken. En de Japanners vervolmaakten de bereidingen van vis in de Peruaanse keuken.

foto: suspiro de Limeña

Suspiro de Limeña uit Ceviche, de keuken van Peru. Martin Morales. Een door de Peruaanse dichter José Galvez verzonnen karameldessert met portmeringue.


Nodig:


1 blikje/portie Peruaanse dulce de leche.

2 eidooiers

120 g fijne kristalsuiker

55 ml witte Port

2 eiwitten

1 tl kaneel en wat extra om te strooien

takjes munt ter garnering.


Bereiding:


Maak eerst met een blikje gecondenseerde melk dulce de leche. Laat iets afkoelen en klop als de dulce de leche nog iets warm is de eidooiers erdoor. Verwarm op nieuw om te laten indikken. Giet het mengsel in 4 dessertglaasjes en zet deze tot gebruik in de ijskast. Doe de suiker en port in een steelpan. Verwarm langzaam en al roerend tot de suiker is opgelost. Breng het dan aan de kook. De portsiroop moet gaan borrelen om het slappe-balstadium te bereiken op 112 tot 115 graden Celsius. Om te testen of dit zover is doe je een druppel in een kommetje koud water. Als het een bolletje vormt is het juist. Klop intussen de eiwitten tot ze ondoorschijnend zijn en pieken vormen. Giet de hete port siroop erbij en voeg kaneel toe. Blijf kloppen tot de meringue stijf en glanzend is. Een Italiaanse meringue. Schep de meringue op de afgekoelde dulce de leche en garneer met wat kaneel en een takje munt. Buen provecho!

foto: Boa Vista in de sneeuw!

Vooruit kijken….. Naar de lente, met groene tips, voorjaarsgerechten en -producten. Je leest er alles over in de voorjaarseditie van Gereons Mag, die op 15 april a.s. online staat.


NB: Deze wintereditie van Gereons Mag werd mede mogelijk gemaakt door DSV Media, De Kroon op het Werk, Elke Melk, Mayoneur, Pitch PR, CK Media, Jam Jam PR, Crodino, Fluère, Duchess G&T, Van Gogh Museum, Terra Publishing, LELY, Martin Morales, Fontaine Uitgevers, Bas Robben, GoodCook uitgevers, The Shaving Institute, Zaanse sambals en Gereons E&W. Alle producten, boeken en andere zaken werden mij als samples gestuurd door de uitgeverijen, pr bureaus en producenten. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

BROOD, een geschiedenis van bakkers en hun brood.

foto: cover BROOD.

BROOD, een geschiedenis van bakkers en hun brood. Brood, bakkers en geschiedenis zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Net als brood met politiek verbonden is. Dat wisten de Romeinse senatoren al. Panem et circenses. Hoe win je de gunsten van het volk en hoe houd je ze in toom? Verderop zie je vaak revoltes ontstaan bij het niet verkrijgbaar zijn van brood, zoals in Parijs in de 18e eeuw of niet zo heel lang geleden in Tunesië, waar de verhoging van de prijs van brood leidde tot vele grote demonstraties. Tegenwoordig mikken we rustig heel wat brood weg. In onze tijd heeft brood niet meer de rol van grote koolhydratenverschaffer, terwijl dat eeuwenlang wel het geval is geweest. Tot ver in de 19e eeuw was brood het hoofdbestanddeel van het dagelijks dieet. Een geschiedenis van bakkers en brood moest er komen, vond schrijver Peter Scholliers, gewezen hoogleraar sociale geschiedenis aan de VUB in Brussel. De schrijver was op zoek naar het verband tussen voedsel, in dit geval brood, en de verschillen in de maatschappij door de geschiedenis heen.

Brood was in de geschiedenis geen sinecure, want overal werden er strenge en strikte prijsmechanismes gehanteerd. En dan te bedenken, dat het meeste brood in de Lage landen niet van tarwe werd gemaakt, maar van rogge en gerst. De rijken hadden het privilege van wittebrood. Wie weet, maar dat is een gok, besefte daardoor Marie Antoinette niet, dat Parijs honger leed door de afwezigheid van brood. De tijden veranderden en in de 20e eeuw werd wit brood voor iedereen beschikbaar. Zeker na WOII. Nederland werd toen getrakteerd op Zweeds brood. Letterlijk een geschenk uit de hemel. Maar de tijd stond niet stil, op de baren van de seventies werd de vraag naar vezelrijker, dus bruin brood weer sterker. Industrieel wit brood werd ineens gezien als goedkoop en niet gezond. Gereons Keuken Thuis kan zich nog de reclames herinneren van Tarvo, waarin bruin brood ineens werd aangeprezen als een gezond alternatief. Met succes, want bruin brood was de norm in de jaren tachtig en negentig.

Brood. Zelfs de overheid bemoeide zich ermee. In de 21e eeuw gaat het bergafwaarts met brood, omdat allerlei fit & health goeroes deze koolhydratenbom in de ban deed. Keto- en lowcarbdiëten werden de rigeur. En wat de denken van glutenvrij? Dus brood en pasta moesten vooral worden vermeden. Groentevarianten kwamen in opkomst. Inmiddels is het weer zo, dat her en der weer ambachtelijk bakkers hun kennis en kunde inzetten voor het dagelijks brood. Zonder allerlei broodverbeteraars en smaakelementen, die je vaak in supermarktbrood aantreft. Gereons Keuken Thuis vindt dat een heerlijke ontwikkeling, want ad fundum ben ik een broodklant. Bij elke maaltijd.       

BROOD, een geschiedenis van bakkers en hun brood is een must read voor iedereen, die wat verder wil kijken dan het voedingsmiddel zelf. Schrijver Scholliers zet fijn uiteen, hoe je de huidige wereld kunt begrijpen door de kern van de zaak centraal te plaatsen. BROOD vormt uitstekende kost voor de dagelijkse maaltijd maar is ook studievoer voor culischrijvers en foodbloggers, die de context willen weten van voedsel. en maatschappij.

BROOD, een geschiedenis van bakkers en hun brood. Peter Scholliers. (ISBN 9789460019289) is een mooie uitgave van Vrijdag en is te koop voor € 24,95.

Peter Scholliers (1953) was hoogleraar Geschiedenis. Hij onderzocht de geschiedenis van sociale ongelijkheid, levensstandaard, voeding, lonen en prijzen, en de materiële cultuur van 1800 tot vandaag. Eerder publiceerde hij Arm en rijk aan tafel en Geschiedenis van de ongelijkheid.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Het excellente Kookboek van doctor Carolus Battus.


Het excellente Kookboek van doctor Carolus Battus.
 Uit 1593 en daarmee het oudste Nederlandstalige kookboek. Van een arts? Ja, Carolus Battus was dokter uit Dordrecht. Toch ook weer niet vreemd in het licht van de vele artsen, die nu vijf eeuwen later ook een kookboek schrijven. Volgens mij is dat van alle tijden. Eigenlijk gek, dat er tot 2020 geen bewerking was van dit historische boek. Maar daar hebben Christianne Muusers en Marleen Willebrands in samenwerking met Alexandra van Dongen verandering in gebracht. Zij meenden, dat de tijd rijp was om zo’n belangrijk document het 21-eeuwse licht te laten zien. Want tegenwoordig is er veel belangstelling voor foodhistorie. Gereons Keuken Thuis kan daar over meepraten, want mijn plan voor 2020 was de bijzondere collecties van de UVA vaker te gaan frequenteren, om zo tot nieuwe inspiratie te komen.  Helaas gooide Covid-19 roet in het spreekwoordelijke eten. In het najaar dan maar. Het werk van  deze dames is namelijk machtig interessant. Te ontdekken, waar de verbanden liggen met onze huidige cuisine. Al dan niet voor je gezondheid.

Carolus Battus werd geboren in Gent, studeerde medicijnen in Rostock en werd arts in Antwerpen, destijds een metropool van 100.000 inwoners en grootste handelsstad van Noordwest Europa. Maar het tij keerde en Battus belandde in de Hollandse koopmansstad Dordrecht, waar hij stadsgeneesheer werd. Uiteindelijk belandde Battus in Amsterdam. Naast het praktiseren van de artsenij, schreef Carolus Battus boeken over medicijnen. Maar waarom dan ook een kookboek? In de heersende leer, die ook Battus aanhing, had genezen van ziekten en kwalen veel te maken met de aloude humorenleer, die ervan uitging dat zieketen ontstonden door een te veel of te weinig van bepaalde (voedings)stoffen  in het lichaam van bepaalde types mens. De aartsvader aller artsen Hippocrates deelde de mensheid al in al naar gelang de vloeistof, die hun wezen beheerste. We kennen allemaal de praktijk van aderlaten. Kennelijk had zo’n persoon te veel bloed. En moest met voedingsstoffen daarna aansterken. Zie daar het verband tussen artsenij en kookboeken. De temperamentenleer beïnvloedde ook Battus in zijn receptuur. Muusers en Willebrands illustreren hun verhaal met prachtige foto’s uit musea en archieven. 

Voor wie schreef de arts Battus het excellente kookboek? Voor de thuiskok? Welnee, het was een boek voor koks en keukenmeiden, opdat zij waakten over de gezondheid van hun werkgevers. Deze recepten zullen weinig zijn gebruikt in het Dordrechtse gasthuis. De schrijfsters vertellen over de menu’s, de kooktechnieken, het banket en de volgorde van recepten in dit oude boek. Over ingrediënten en de invloed van de kerk. De tafel, het servies en de gesprekken en geneugten aan tafel komen aan bod. Alexandra van Dongen dook hiervoor de collectie van Museum Boijmans van Beuningen in.

En dan de recepten. De schrijfsters doken de keuken in en maakten moderne versies van de gerechten van Battus. Grote schotels met klinkende namen als Bruwet Fulleet van kalfsvlees of hustpot van hert. Het laatste is iets anders dan de wortel- en uienstamppot van tegenwoordig. Ik vond Deuse Geertjes wel een aantrekkelijk bijgerecht. Die zal ik toch een moeten maken. De pommeranssaus komt aan bod en Spaanse marsepein. (Sinterklaas komt toch ook uit Spanje?) Een aanstekelijk werk en wat een moeite hebben deze drie dames genomen om het excellente Kookboek van doctor Carolus Battus naar onze tijd te vertalen. Hulde. Het zal in Gereons Keuken Thuis nog regelmatig worden gelezen en geraadpleegd.

Kijk ook eens op de speciale excellente kookboek site van Battus. Binnenkort plaats ik het recept voor Deuse Geertjes. Een mooi voornemen voor mijn nieuwe serie uit bijzondere kookboeken.

Het excellente kookboek van doctor Carolus Battus (1593), Christianne Muusers, Marleen Willebrands & Alexandra van Dongen ( ISBN 97890561564970) is een uitgave van Sterck & De Vreese en is te koop voor € 29,95. Let op vanaf 10 februari a.s. ook weer live af te halen bij je lokale boekhandelaar.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

In balans met deze leuke kookboeken.

In balans met deze leuke kookboeken. Ik heb wel behoefte aan balans, zowel mentaal als fysiek. Niet, omdat er buitensporig veel gegeten en gedronken is tijdens het kerstgedruis van 2020, maar door alle dingen die tijdens de pandemie dagelijks bij je binnenkomen. Zowel over het virus als de recente uitbraak van rellen. Het enige dat je ertegen kunt ondernemen is een mens sana in corpore sano* zien te behouden. Geen makkie, want de zwembaden zijn al weer zes weken gesloten en na 10 maanden mini gym in de hal geloof ik het ook wel. Mentaal zou je onder een spreekwoordelijke steen kunnen gaan liggen tot betere tijden. Maar de huidige stand van onze door informatie gedreven maatschappij zorgt er telkens toch voor, dat je in het hele Covid-19 gebeuren wordt gezogen. In werelden en ideeën van anderen, waarvan je voorheen het bestaan niet bevroedde. Tijd voor balans!

In balans met deze leuke kookboeken lijkt mij een remedie tegen deze Covid blues. Ik maakte een kleine selectie uit Gereons Kookboekenhoek:

foto: Oprah weet van wanten, lees haar relaas.

Oprah’s favoriete recepten. “Ik houd van woorden. Het maken van een boek is daarom iets speciaals voor mij”  Met deze woorden start Oprah Winfrey haar nieuwe kookboek, waarin zij openhartig vertelt over haar relatie met woorden, maar vooral met eten. Want dat is niet altijd de meest vrolijke relatie geweest. Oprah Winfrey probeerde elk dieet en jojode erop los. Ze hongerde zichzelf uit, kreeg tijdens haar TV debuut een vraag van wijlen Joan Rivers, waarom ze zoveel aankwam. Moeilijk, moeilijk, moeilijk dus. Lees meer

foto: Koken met Kleur van Joke Boon.

Koken met Kleur van Joke Boon. We gaan koken met kleur, tenminste als het aan mijn vriendin en bonendiva Joke ligt. Een regenboog, een heus palet, Pantone is er niets bij, aan kleuren en smaken. Dat stond Joke Boon voor ogen toen ze aan haar nieuwe boek begon. Koken met Kleur, 100 recepten aan de hand van een kleurenschema. Want kleurrijke voedselproducten kunnen een grote rol spelen voor je gezondheid. In landen waar mensen heel oud worden vind je in het dieet opmerkelijk veel kleurrijk voedsel. Joke bedoelt  dan niet de kunstmatig roze gekleurde frambozenvla of extra geel gemaakte bananensnoepjes. Nee, koken met kleur gaat over het inzetten van de eigenschappen van de specifieke kleur van ingrediënten, die ieder zo hun eigen hoeveelheid ziektewerende eigenschappen hebben. Lees meer

foto: early morning dive in de Ierse Zee.

De wereld van de HAPPY PEAR.  Het is weer het seizoen van de feesten en partijen in Gereons Keuken Thuis. Lunch hier, culi-event met hapjes, een wijnproeverij daar, een kookworkshop hosten of boekpresentatie bezoeken. Allemaal hartstikke gezellig en lekker. Maar soms schietmijn eigen eet-regime er een beetje bij in. Zwemmen sla ik dan eens over, wat minder sit ups in de ochtend en ik snoep meer. Gelukkig plofte het kookboek over de wereld van de Happy Pear op de mat. Twee Ierse tweelingbroers, die afzonderlijk besluiten vegetariër te worden.  De mannen startten in 2004 een groentewinkel in hun woonplaats Greystones aan zee en voelen zich sindsdien gelukkiger met hun plantaardig dieet, dat naar hun zeggen veel endorfines in hun lichamen laat vrijkomen.  Lees meer

foto: cover Energy & Vegan.

Energy & Vegan van Alexander Gershberg. Enkele jaren geleden schreef Gershberg al  vegan for Friends, waarin hij zijn favoriete recepten deelde uit de Joodse, Russische en Nederlandse keuken. Alles plant based wel te verstaan, want deze balletdanser veranderde zijn eetpatroon drastisch toen hij een pregnante huidziekte kreeg. En het hielp. In Energy & Vegan gaat Alexander een stapje verder en combineert hij de benefits van plant based eten met inzichten over je humeur en geestelijk toestand. Nu is dat op zich niets nieuws, maar Gereons Keuken Thuis was erg benieuwd wat aan te treffen en ging met dit boek aan de slag. Lees meer

foto: haring happen met Nora French.

Eten als in het Zuid Italiaanse Pioppi, dat deed Gereons Keuken Thuis onlangs in de pop up van Roberto’s restaurant tijdens  het Little Italy Event in de Westergasfabriek, alwaar chef Franz Condé tevens het eerste exemplaar aan Nora French overhandigde. Het deed mij terugdenken aan mijn kindertijd. Samen met mijn oma ging ik elk jaar zo rond de Nijmeegse Vierdaagse logeren bij haar oudere zus, tante Door, die in een klein huis met boomgaard en geit in Mook woonde. Van het huidige grab & go had tante Door natuurlijk nog nooit gehoord, noch van kant en klare producten vol suikers, die sinds de jaren negentig van de vorige eeuw hun opwachting hebben gemaakt. Nee, beide zussen aten, wat er in het seizoen was en vers. Niets meer en niets minder, zonder stress, elke dag te voet naar de ochtendmis en eten & drinken met mate. Veel groenten en weinig vlees, vooral tijdens de vasten. Zowel mijn oma als tante Door hebben een respectabele leeftijd bereikt. Lees meer

foto: een heerlijke sportbijbel..

#100DOD, wat is dat nu weer voor een hashtag? Het is de titel van het nieuwe boek van Bert van Guyze en Delphine Steelandt. Honderd dagen van toewijding. een complete gids naar de fitste versie van jezelf. Maar wat moet Gereons Keuken Thuis daar nu mee, hoor ik jullie al denken? Om naast alle lekkere hapjes in redelijke shape te blijven en (nee ik sport het niet om een super gespierd iemand te worden) mijn conditie op peil te houden heb ik een bepaald eet- en sportregime. Het grappige is dat je net zoals je uitgekookt of -geblogd kunt zijn, ook in je dagelijkse sportroutine een dip kunt ervaren. Die yoga oefeningen worden saai, de sit ups vertonen nog weinig variatie en dat zwemmen gaat niet meer zo hard, als je zou willen. Dan komt een boek als geroepen tijdens mijn #fitforfun weken. Lees meer

foto: cover Blue Zones.

Blue zones kookboek. Deze week werd er in de persconferentie over Covid-19 maatregelen en in de pers nog op gehamerd. Leef en eet gezond en let een beetje op elkaar! Maar voor veel mensen is dat toch abacadabra. Je zou iedereen bijna aanraden: ga wonen in een Blue Zone. Dat komt je weerstand ten goede. Zonder nu de healthy dominee uit te willen hangen is er al jaren een onderwerp, wat mij bezig houdt. Namelijk het fenomeen Blue Zones. Oorden, waar mensen respectabele en gezonde hoge leeftijden bereiken. Door hun voeding, door het uitblijven van stress, beweging en de absentie van dementie. Er zijn maar vijf plekken op deze aardbol met elk hun eigen way of life. Sardinië (Italië), Ikaria Griekenland), Okinawa (Japan), Nicoya (Costa Rica) en Loma Linda (Californië) Schrijver van het Blue zones kookboek, Dan Buettner bestudeert al jaren deze gemeenschappen en vond het tijd de recepten voor een mooi en lang leven per regio te delen. Lees meer

foto: Pascale schreef tijdens lockdown Echt Eten.

Echt eten, de nieuwe Pascale Naessens.  In Gereons Keuken Thuis lacht de cover van het nieuwe boek van Pascale Naessens mij toe. Een kookboek, waarvan zij hoopt, dat het je sterker, gezonder en gelukkiger maakt. Door haar geschreven tijdens de lock down, die bij onze zuiderburen geen sinecure was. Want Covid-19 vormt wel een uitdaging. We zijn meer thuis, zitten dichter bij elkaar en gaan er minder op uit. En…. snaaien meer. Dan kunnen de coronakilo’s er zomaar aanvliegen. Ten tweede, zo betoogt Naessens, is het juist in tijden van ziekte belangrijk aan je weerstand te werken en fit te zijn. Overigens geldt dat niet alleen in tijde van ziekte. Een uitdaging dus, na 10 jaar ervaring met kookboeken schrijven, om een boek te schrijven in een bijzonder periode. Lees meer

Tot slot in deze In balans met deze leuke kookboeken parade:

foto: kok van renners Orre, Vélochef.

Koken met Vélochef. De Tour de France ging weer van start, drie weken lang reden wielrenners door de heuvels, door de dalen, over de bergen en de vlaktes van la Douce France tot de finish op de Champs Elysées. Mooie plaatjes en sportieve prestaties. Voor, tijdens en na al dat gefiets krijg je honger. Hier begint het verhaal van Henrik Orre, zijn ode aan de wielersport en eten. Want dat loopt als een rode draad door het leven van deze Noorse kok. Fietsen is een gezonde bezigheid (zwemmen en lopen trouwens ook), een mooie vorm van bewegen, maar vergt ook de nodige energie. Met name profwielrenners zijn voor hun prestaties afhankelijk van goed gedoseerd en energierijk voedsel. Daarom kookt kok Orre graag voor de jongens en meiden van het team SKY. Pré vélo, bij de start, voor de trek tijdens de etappe en Après vélo, om weer op krachten te komen. Lees meer

En….. als je graag buiten actief bent, raad ik prancercise oefeningen aan van Joanne Rohrback. (video)

Tot slot een disclaimer van Gereons Keuken Thuis: Als deze boeken zijn niet goeroe technisch bedoeld, maar gewoon ter inspiratie. Vind je eigen weg!

* een gezonde geest in een gezond lichaam

Balans. NOLO.

foto: een doos vol NOLO alternatieven at SeaSpot.

Balans, NOLO. wat voor een cryptisch verhaal gaat Gereons Keuken Thuis vandaag vertellen? Niets geheimzinnigs aan, want de grote drankjestrend voor 2021 is no of low alcohol. Meer en meer is er vraag naar lekkere en gezellige alternatieven voor wijn, bier en cocktails. Ik ben daar zelf ook al een jaar of vijf mee bezig. Voorheen deed ik jaarlijks een alcoholloze maand van eind januari tot eind februari. Sinds de eerste lockdown van 2020 volg ik een ritme van door de week het glas laten staan. Ongezellig, welnee, met de kanttekening, dat ik veel dingen niet lust. Alcoholvrij bier is niet aan mij besteed, net als alcoholvrije wijn, die ik verdun met bruisend mineraalwater. Ik ben geen theeleut en frisdrank is al helemaal niet mijn dingen, op een enkele cola zero na. Koffie, spa en wijn, dat was zo ongeveer mijn programma. Op zoek dus naar nieuwe alternatieven. Van tijd tot tijd gaat een bitter er als apéro er best in. Ik kende deze alcoholvrije bitters al uit Spanje en Italië. Vorig jaar testte ik een 0% gin, niet slecht in een mix, maar puur niet te drinken. Ik ben niet zo’n liefhebber van de zoete tonic erbij. Maar de markt is in beweging. Tijdens dry January verraste Jam Jam PR mij op een fijne doos vol alternatieven. Een echte NOLO doos vol drankjes voor de borrelklok. Zonder in te leveren op je smaakbeleving. Ik was benieuwd.

Balans, NOLO. Crodino, biondo en rosso waren al bekenden van mij, prima als aperitief. Nieuw in Gereons Keuken Thuis, ik moet de verschillende smaken nog proberen, zijn de producten van Fluère, basis voor je mocktails. Je maakt met de raspberry variant en tonic een heerlijke cock-, ik bedoel, mocktail. Garneren met bessen, framboos en wat gedroogde sinaasappelschil. En je thuisfeestje in lockdown is een blast. Duchess is een  k&k gin tonic uit Zuid Afrika met Nederlandse roots. Serveer de mix in een glas met ijs en hand specerijen, zoals steranijs, kardemom en jeneverbes. Baie lekker. En je bent in balans. In de volgende editie van  Gereons Mag op 15 februari kom ik er op terug. NOLO.

De volgende balans gaat over fitness & food.

Noot: deze producten werden mij als samples gestuurd door de Jam Jam PR. De bespreking hier is mijn eigen mening. Ik word hier niet voor betaald. Lees ook de disclaimer