Hét Blenderboek.

foto: cover van Hét Blenderboek.

Hét Blenderboek. Mixen is het nieuwe koken! Het nieuwe en inmiddels derde boek van gezondheiscoach Nora French, die je zelf ook een Duitse, Engelse en Nederlandse blend zou kunnen noemen en dan heb ik nog geen eens over French als achternaam. Na haar boeken Gezond Fastfood en Pioppi, hét kookboek, mag je wel zeggen en nu Hét originele Blenderboek, kun je wel zeggen dat French elke keer een andere hoek van gezonde voeding belicht. Op een makkelijke manier, haar handelsmerk, om zoveel mogelijk mensen er bij te betrekken. Ik ga de boeken in deze recensie niet vergelijken, omdat ze alle drie een ander aandachtsveld hebben.

Hét Blenderboek is de jongste loot aan de stam. Poets je verstofte mixer af en ga aan de slag. De gezondheidscoach steekt iedere lezer direct een hart onder de riem. Al  kun je niet koken, mixen is easy. Slechts niet vergeten het deksel op de kan te doen, anders zit je met een keuken vol spetters of meer.

De schrijfster geeft wat uitleg over het gebruik van de blender, variëren met meelsoorten, zelf eet ze al jaren glutenvrij en het gebruik van ongerafineerde suikers. Het doet haar goed. French zweert bij het starten van de dag met een smoothie, gezonde mix van fruit en groente. Gereon Keuken Thuis propt er regelmatig tijdens de lunch eentje in. Wat volgt zijn leuke recepten voor groente- en fruitsmoothies. Dat ga ik uitproberen. Hierna volgen de smoothie- en oatmealbowls. Een hele mond vol op de vroege ochtend. Nora varieert er vrolijk op los. Ik kan me voorstellen, als je van fruit en zoet houdt, dit lekkere ontbijten zijn, net als de pannenkoeken en wafels, die in de hoofdstukken erop volgen. De teffmeel pannenkoek met spek en kaas of kruidige pannenkoeken van kikkerwtenmeel ga ik een keer voor lunch proberen,

En dan komen we via zoete en hartige baksels bij mijn favoriete hoofdstuk van Hét Blenderboek: Soepen! Nora French heeft helemaal gelijk, als ze zegt, dat een blender een mooie structuur geeft aan je warme of koude soep. Dat is misschien de reden, waarom Gereons Keuken Thuis zo gek is op veloutés. Ik noem de zoet aardappel-zuurkoolsoep met spekjes, spicy gazpacho of de fluwelige champignonsoep. 

Een bijzonder deel van Hét Blenderboek gaat over dips en dressings. Vegan of niet, alle kant en klaar knutseldips en -dressings van de supermarkten zitten bomvol suikers en andere toevoegingen, die geheel niet nodig zijn. Je zou je bijna afvragen of kant en klaar vegan wel zo’n gezonde keuze is? Maar dat is een ander verhaal. French laat met deze hoofdstukken zien, hoe weinig moeite het kost zelf dips en dressings te maken. Tot slot nog wat drankjes en toetjes en daarmee zijn we door Hét Blenderboek heen.

Nora French schreef met Hét Blenderboek een mooie en originele aanvulling, met soms naar mijn smaak iets te veel zoete dingen, op het dagelijkse koken voor je gezin. En tijdens #fiforfun weken een mooie easy methode om je dagelijkse portie groenten en fruit binnen te krijgen. Allemaal dankzij je nieuwe buddy, de blender. Gereons Keuken Thuis geeft zijn blender vandaag een poetsbeurt en gaat aan de slag met soep.

Hét Blenderboek, mixen is het nieuwe koken! Nora French (ISBN 9789045217284) uitgave van Karakter en kost € 22,50.

A propos: degene met de leukste reactie onder deze post, ontvangt van mij Hét Blenderboek.

Favoriete kookboeken van foodbloggers.

Favoriete kookboeken van foodbloggers, een heuse voorjaarsparade. Jongens, jongens, het was geen sinecure, alle bekende en onbekende (maar niet onbeminde) titels van kookboeken, die mij werden toegezonden door vele foodbloggers en foodies. Hieronder vind je een bloemlezing. Delen mag hoor!

Anke Morreel, Donna Caramella zweert bij het kookboek Naked Chef van Jamie Oliver.

Aniek Keijsers gaat voor haar eigen boek IJs en Co.

Eerst Koken  Antoinette Vermeer kan niet zonder het Groot Indonesisch Kookboek van Bep Vuyk.

Hilde Slowfoody Roovers gaat voor makkelijk met The New Easy van Donna Hay.

René, het eten is klaar, Meesters is onder de indruk van Midnight Chicken van Ella Risbridger.

Greet, actress, Wijnmalen kan niet zonder Home Baked van Yvette van Boven.

Elianne Korevaar is een Plenty adept, natuurlijk Ottolenghi, die gaan we meer tegenkomen. De wereld op je bord.

Saskia Eetnieuws van Weert- Berghout kookt graag uit de Snelle bakplaat van Rukmini Iyer.

Heel bijzonder is The cook en the gardener van Amanda Hesser, ingezonden door Lisette Venselaar van La Panacée

Laura van Veenendaal zond het boek Dinner the changing game in, geschreven door Melissa Clark.

Culinaria Russia werd ingestuurd door Cora Meijer van Cultfood.

Twee keer Simpel van Ottolenghi, door Carla Baas en Anna Kaptein, twee Ottolenghi aficionadas. Daar kunnen we Colette Beyne aan toevoegen met Jeruzalem.

En verder met de favoriete kookboeken van foodbloggers……

Sophie van Wijnen, van het blog Eten maken vindt dit groenteboek van Jane Grigson da bomb. Grigson’s Vegetable Book.

Sandra de Haan, Bugetchef, kiest voor Pasta e verdure van Jack Bishop.

Sia Vogel van Siaweblog gebruikt dit oude Griekse kookboek nog steeds, al jaren….Het Griekse Kookboek van A tot Z.

Wendy Deedylicious Pronk is heel gelukkig met Smaakvrienden van Angélique Schmeick.

Lizet Kruyff kookt graag uit Ik 💓 groente van Janneke Vreugdenhil.

Ilona de Wit kan niet zonder bitterballen, vandaar haar eigenste Bitterballenboek. Maar ook niet zonder Worstenbrood en wijn.

Monique Moreau zond een voor Gereons Keuken Thuis onbekende chef in met het boek My way van Berlijnse Tim Raue. So this is food!

Shyama Hopman van Shyama culinair kookboekenrecensies vindt het boek Polvo & Pato van Jeroen Jansen een plaatje.

Sandra “bakt” van Ree is op de Surinaamse tour gegaan met Un Buku van Mirjam Rijst.

Peter, tsukémomo, van Berckel kiest voor Gezond en lekker eten van Vreni de Jong. Binnenkort is hij te gast in #talkandtable.

Voor Petra, pastagirl, Poudèl is De Zilveren Lepel het Italiaanse kookboek.

Boor Siegel van domaine Malpas kan natuurlijk niet zonder de Larousse encyclopédie gastronomique.

Tot slot plukte Gereons Keuken Thuis voor deze favoriete kookboeken van foodbloggers editie het boek van de gebroeders Troisgros uit zijn kookboekenhoek. Niet per se mijn favoriet, maar een heel leuk standaard Frans werk. Prima voor de aanstormende Franse weken op mijn blog in maart.

Dank voor het inzenden!

BISH, BASH, BOSH.

foto: cover BISH BASH BOSH

BISH, BASH, BOSH, Henry Firth & Ian Theasby besloten op een dag samen te stoppen  met het eten van dierlijk voedsel. Ze begonnen het vegan Youtube kanaal BOSH en dat legde deze boys geen windeieren. Het werd een instant succes en de lads werden in Groot Brittannië al snel de vegan Jamie Olivers genoemd. Ach, dat vindt Gereons Keuken Thuis helemaal geen vergelijking, omdat zij niet voortborduren op bestaande dingen, maar echt verkenden hoe zij hun plantaardige dieet gingen vormgeven. En hoe. Ze tekenden een boekencontract voor vier titels, te beginnen met BOSH, dat Gereons Keuken Thuis vorig jaar recenseerde. Wat Gereons Keuken Thuis fijn vindt aan de boeken van deze schrijvers is dat het badinerende en diskwalificerende farizeeërtoontje, dat je vaak leest bij vegans, achterwege blijft. Plantaardig eten is namelijk fun en geen religie. Het is een andere wijze van koken. Zelf dingen uitdokteren, vervangers vinden. En niet grijpen naar prefab vegan stuff uit de supermarkt, dat hetzelfde knutseleten is als al het andere processed food. Zo, die is eruit op deze vrijdagmorgen.

Een ander punt van aandacht bij het lezen van BISH BASH BOSH was de vraag of het geen doublure was van deel één. Deze vraag kan ik direct ontkennend beantwoorden. De heren gaan verder op de ingeslagen weg, even verrassend als in hun eerste kookboek BOSH.

Jouw favorieten, geheel plantaardig is de ondertitel van dit boek met 140 smakelijke vegan recepten, variërend van een doordeweekse maaltijd, via comfort food of om indruk te maken op je (aanstaande) schoonouders. Het is tenslotte Valentijnsdag vandaag, niet waar? Firth en Theasby willen vooral laten zien hoe je van je favoriete maaltijden op plantaardige wijze kunt genieten. Richt je keuken praktisch in, plan je maaltijden en ga Bish, Bash, BOSH aan de slag. met snel klaar,eten, zoals een turbotortilla (heel fijn voor Gereons Keuken Thuis, die geen eieren lust), faux gras of tosti’s met eigengemaakte kaas. Je ziet wel meer DIY recepten in dit boek, voor worstjes, easy chorizo, stevige jus of een relaxte Ibiza burger. Allemaal heel laid back. Grote porties, ook heel handig voor als je veel bezoek krijgt of als voorraad. De oer-Britse shepherd’s pie is daarbij Ian’s favoriet. Henry is meer van de curry. Laat ik niet vergeten de Lousiana gumbo te noemen. En de strandpastei uit het hoofdstuk Feestdiners komt zeker eens in SeaSpot op tafel. Net als de cocktails, want diervrij wil niet zeggen alcoholloos. Via groenten en desserts belandt BISH BASH BOSH bij ontbijtsuggesties. Henry’s favorieten zijn hier de mini coissants  en Ian gaat voor…. bagels. En zo ben je in één adem weer helemaal bij wat er mogelijk is op vegan gebied.

video: favourite recipes form BISH, BASH, BOSH.

Gereons Keuken Thuis is wederom enthousiast over dit kookboek van deze vegan heren, die laten zien, hoe je een plantaardig dieet makkelijk en zonder gezeur kunt implementeren. Ik begrijp dat contract voor 4 boeken wel, want deze twee hebben een duidelijke missie en zijn nog lang niet uitgekookt. BISH, BASH, BOSH.

Bish, Bash, BOSH, jouw favorieten geheel plantaardig, Henry Firth & Ian Theasby (ISBN 9789059569973) is een uitgave van Fontaine en kost € 27,00.

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Smart diet met appels van Marlene®.

foto: Marlene® appels uit Süd Tirol.

Smart diet met appels van Marlene®.  Dat appels gezond zijn behoeft geen extra nadruk, niet voor niets bestaat de cliché uitdrukking an apple a day….. Iedere dag staat er hier wel een appeltje op het menu tijdens de lunch. Begin januari was Gereons Keuken Thuis in Amsterdam Zuid aanwezig bij een bijzondere lunch van en met Marlene® appels uit Süd Tirol. De heerlijke appels, die groeien aan de voet van de Alpen en rijpen in de mediterrane zon alvorens bij jouw thuis op de fruitschaal te belanden. Kwaliteit en een brede keuze. Behalve het verhaal van de appel, zie mijn eerdere blogposts over Marlene®, vertelde Leontine van Moorsel, wielrenster en Olympisch kampioen over hoe appels haar leven hebben gered. Geen mooi sprookje haar relaas, maar het zette haar uiteindelijk ertoe aan het prachtige Leontienhuis op te richten voor jongeren met eetstoornissen en hun naasten. Geen sinecure, want als ervaringsdeskundige vertelde Leontien hoe zij onder het mom van prestatiedrang een dusdanige verstoorde relatie kreeg met voeding, dat zij er bijna aan ten onder was gegaan. Beloning voor zes uur rijden waren zes partjes appel. Ze wist op tijd het tij te keren, mede met de hulp van haar man en werd, Gereons Keuken kan zich de beelden nog herinneren, Olympisch kampioen in Athene in 2004. Wat een verhaal van deze charmante en sportieve tafeldame tijdens deze lunch.  We spraken er nog veel over na.

foto: eendenborst met appels en witloof.

Op deze dag in de Amstelzaal  aan de Hobbemakade was het genieten van al het fijns, dat je kunt maken met de veelzijdige appels van Marlene®. Zij passen ook in een uitgebalanceerd dieet, laten we het smart diet noemen. Voor de #fitforfunweken geen slechte keuze. We werden getrakteerd op een mooie rode bietensoep met frisse appeltonen, eendenborst op gebakken appel en een iets te zoete apple crumble als dessert. De kok had kosten noch moeite gespaard de gasten te alten proeven van de diverse soorten appel, die je overal in Nederland bij je gespecialiseerde groente- en fruithandelaar kunt kopen. Gereons Keuken Thuis kwam Marlene®, dochter van de Alpen, zelfs in Maspalomas tegen. Niet vreemd, want inmiddels exporteert het consortium naar 58 landen. Bepakt met een batch aan Marlene® appels vertrok Gereons Keuken Thuis weer westwaarts. Dank aan Ghislaine Melman en Colette Klautz voor de ontvangst.

foto: Ghislaine, Leontien, appels et moi. #fotomomentje.

RECEPT met appels van Marlene®.  Maaltijdsoep van  bieten en appels met yoghurt en kurkuma.  Het zijn de #fitforfun weken op Gereons Keuken Thuis, dus een lekker frisse bietensoep mag natuurlijk niet ontbreken.

foto: mooie soep van rode biet en Marlene® appel.

Nodig:

3 geschilde en in blokjes gesneden Marlene Golden Delicious-appels

3 in blokjes gesneden rode bieten

½ fijngesnipperde ui

1 stuk gember ter grootte van ongeveer 2,5 cm

1 liter groentebouillon

Zout, peper

Voor de yoghurt:

150 g natuurlijke yoghurt

1 theelepel kurkuma-poeder

1 eetlepel olijfolie

50 ml groentebouillon

Zout naar smaak

Een klein beetje citroensap

Bereiding;

Bak de appels, rode bieten, uien en gember in een beetje olijfolie tot de uien glazig zijn geworden. De groenten mogen niet donker worden. Voeg de groentebouillon toe en laat het sudderen. Meng alles in de mixer en voeg indien nodig een beetje water toe tot u de gewenste dikte heeft verkregen. Breng op smaak met zout en peper. Voor de yoghurt moet u het kurkuma-poeder oplossen in de olijfolie en op een laag vuur verwarmen tot zich schuim begint te vormen. Meng het dan onmiddellijk met de groentebouillon. Laat het mengsel een beetje inkoken. Laat het afkoelen en voeg het dan toe aan de yoghurt. Breng op smaak met wat zout en een paar druppels citroensap. Giet de hete maaltijdsoep in de kommen en voeg er 1 eetlepel kurkuma-yoghurt aan toe.

Pinch of NOM.

foto: cover Pinch of NOM.

Pinch of NOM. Laat ik het een kneepje lekkers noemen op deze dinsdagmorgen. Gereons Keuken Thuis is met de jaarlijkse #fitforfun weken bezig. Noem het een soort reset voordat de lente begint. Geen alcohol, letten op snoepen (dat doe ik al niet zo veel), wat extra sport en vooral nieuwe recepten, al dan niet gezond, vegan of anders ontdekken. In dat kader stelde ik de recensie van Pinch of NOM even uit. Een kookboek met honderd slankmakende gerechten om zelf te bereiden van Kate Allinson en Kay Featherstone.

Nu heb ik zelf een vrij strikt regime wat eten betreft, daarover heb ik al meerdere malen geschreven op mijn blog. Ik kan me voorstellen, dat voor mensen met minder kennis en een druk leven, het moeilijker is om op elk pondje, dat door het mondje gaat, te letten. Ik herken, dat als ik veel op pad ben voor wijn- of kookworkshops, ongemerkt gaat er dan heel wat prefab en slecht eten doorheen, omdat je na een avond tussen de kookgeuren staan wel trek hebt. Sta je met gasten heerlijke gerechten te maken en schuif je zelf op de terugweg naar huis twee vette saucijzenbroodjes naar binnen.

Dat was nu precies wat Kate en Kay zelf ervoeren, toen zij werkten in restaurantkeukens. Ongezond eten en de kilo’s vlogen eraan. Ze gingen op een afslankcursus en als gevolg van een gerecht, dat zij tijdens de cursus presenteerden, ontstond het idee om de Facebook community Pinch of NOM te beginnen. Instant succes, want vele volgers waren direct enthousiast. Niet alleen vanwege de recepten, maar ik denk ook vanwege de steun, die de leden ondervinden. Sommige mensen hebben nu eenmaal wat meer een zetje in de rug nodig. Dat is nu precies, wat dit kookboek uitstraalt. Non nonsense, gewone gerechten, die iedereen wil eten. Want eerlijk is eerlijk voor veel mensen is de intentie er wel, maar zij hebben handvatten nodig. En de transitie van iets naar binnen schuiven naar zelf een slankmakend gerecht bereiden wordt door de dames van Pinch of NOM wel gemakkelijk gemaakt. Met een knipoog, afslanken moet geen afzien zijn, vinden deze dames.

Het boek start met uitleg over lichte recepten, dat is de basis. Daarnaast beloven de schrijvers een wekelijkse verwennerij. Kennelijk nodig voor velen, omdat uiteindelijk lichter eten als straf wordt gezien. Als je met belonen je doel bereikt why not? En tot slot eten voor speciale gelegendheden. Via essentiële ingrediënten en benodigdheden gaan we aan de slag met recepten, die altijd geslaagd zijn, bijvoorbeeld voor je ontbijt. NOM, NOM, NOM, waarvan ik het havermout ontbijt met wortel een leuke variant vind op  mijn dagelijkse kom pap. Fakeaways met onder andere tandoori kipspiesjes met maar slechts 236 kilocalorieën per portie of zachte vistaco’s. Ik zit nog weleens met mijn handen in het haar voor de lunch, maar dit zijn leuke lichte alternatieven. Een klassiek Pinch of NOM gerecht is Kip in cola light met bijvoorbeeld regenboog couscous. Allemaal mooie instapmodellen voor de beginnende thuiskoker, die ook op de calorieën wil letten. De recepten, en dat vind ik in het huidig tijdsgewricht wat karig, bevatten vaak kip en vlees. Dat zou niet mijn keuze zijn, maar wellicht kunnen de schrijfsters hiervan een nieuwe uitdaging maken. Meer groente en bonen. Desalniettemin is Pinch of NOM een prima kick off boek voor diegenen, die eens wat balansdagen aan willen brengen. Daar is het uitermate voor geschikt. And the rest comes…. naturally. Pinch of NOM, fit for fun.

Pinch of NOM, 100 slankmakende gerechten om zelf te bereiden. Kate Allinson & Kay Featherstone (ISBN 9789463191869) is een uitgave van Scriptum en kost € 22,99

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

N.B.: Denk je na het lezen van deze recensie: “Dat wil ik weleens proberen!” Stuur onder deze blog een reactie en wellicht ben jij degene, die met Pinch of NOM aan de slag kan gaan. Ik stuur de origineelste reactie het boek op. Reageren kan tot en met 29 februari. Succes!

Talk & table, Mariëlla Erkens.

Talk & table, Mariëlla Erkens. In november 2019 verscheen het mooie boek THEE, de nuchtere neef van wijn. Gemaakt door theesommelier Mariëlla Erkens. Een vrolijke en spontane vrouw, die al haar kunnen op dit gebied nu heeft gebundeld in een prachtig boek. Ze crowdfundde het boek helemaal zelf..Gereons Keuken Thuis vindt dat een uitgever een mooie kans heeft laten liggen. Behalve theesommelier is Mariëlla ook actief als kunstenaar. Ik zie vaak haar foto’s van de kunst, die op straat ligt voorbijkomen op social media. Ik laat haar zelf aan het woord in en nieuwe aflevering van talk & table. Als #wintergast. Ik wil alles van haar weten en beloon deze lieve vrouw dan met een speciaal recept voor haar met een bijpassende dranktip. In haar geval thee.

foto: de vrolijke en extraverte Mariëlla

Wie is Mariëlla Erkens. Vertel eens iets over jezelf? Ik ben nieuwsgierig, leergierig, avontuurlijk, recht voor zijn raap, verre van diplomatiek, ongeduldig, impulsief, spontaan, extravert en nog veel meer. Dat is trouwens allemaal goed terug te zien in mijn levensloop. Ik heb een carrière als een flipperkast. Opgegroeid in Haarlem, dat toen nog dodelijk saai was, waardoor ik vanaf mijn 17e zoveel mogelijk bij mijn Amsterdamse vriendje zat. Vanaf mijn 19e woonde ik op mezelf in Amsterdam, mijn favoriete stad ooit. (En ik heb heel wat steden gezien.) Na het Atheneum richting de Rietveld, kunstacademie te Amsterdam, waar ik het na drie jaar voor gezien hield omdat ik het niet eens was met de geestdodende manier van lesgeven van de leraren. Na weer een jaar hard werken, drie baantjes tegelijk, ging ik voor een jaar naar Australië. Alleen. Gouden tijd gehad, was er graag gebleven. Maar dat mocht niet, ik kreeg geen verblijfsvergunning, want ik sprak geen Chinees. (!! In 1983 was China dus al expansie-gericht. Tja, ze hebben natuurlijk ook vrijwel geen ruimte zelf…) Terug in Amsterdam hing ik een jaartje de kunstenaar uit, alle dagen schilderen op 1 hoog achter, maar dat maakte me zwaar depressief. Ik miste mensen. Daarom maar de reclame in gerold, eerst als receptioniste, toen als secretaresse, vervolgens als junior art director bij Ogilvy & Mather. Ik stortte me dusdanig in het vak dat ik alleen nog maar leefde voor mijn werk. Daar wordt een mens niet leuker van, kan ik je vertellen. Dus na drie jaar het roer maar weer eens omgegooid: ik werd parttime stewardess bij KLM en part time illustrator-schilder. Dat beviel een stuk beter: ik heb het 10 jaar volgehouden.

Maar ja, ik was inmiddels 38 en zag me dit toch niet tot mijn 65e doen. Tijd voor reflectie. Ik gaf het grootste deel van mijn spullen weg, verkocht mijn appartement, investeerde de overwaarde in aandelen en obligatiefondsen (waar ik de ballen verstand van had overigens), kocht een rugzak en vertrok voor onbepaalde tijd naar Midden Amerika. Die vrijheid was fantastisch en mijn fondsen deden het bijzonder goed, want het was hoog conjunctuur. (1998 – 2000). Ik trok van land naar land, van werelddeel naar werelddeel en had de tijd van mijn leven. In 2000 zette ik, (dankzij een bankier die ik toevallig tegenkwam en mij waarschuwde dat er een krach op komst was), net op tijd al mijn aandelen en obligaties om naar een spaarrekening, waardoor ik geen geld meer maakte, maar gelukkig ook niet verloor. Na 5 jaar Swiebertje spelen kwam de bodem van mijn schatkist in zicht. Wat te doen? Doorgaan tot het laatste duppie of het laatste beetje investeren in vastgoed? Het werd het laatste: ik kocht een krot op een beeldschone plek op het strand van Itacaré, een vissersdorp ontdekt door surfers in het Noord Oosten van Brazilië. Ik was toen erg van het surfen, dus daar wilde ik wel een gokje wagen. Met mijn laatste geld liet ik het krot vervangen door een mooie houten cabana, trouwde mijn Braziliaanse lover (anders kreeg ik geen verblijfsvergunning) begon er een restaurant (vis en vegetarisch) en heb helaas nooit meer gesurfd. Ik had het vak van restaurateur behoorlijk onderschat, bleek. Het strand zag ik alleen nog vanuit mijn keukenraam en live op zondagmiddag, want dan was het restaurant dicht en deed ik ’s ochtends de administratie. De echtgenoot ging gelukkig op de grote vaart werken, want die liep in het restaurant alleen maar in de weg en zoop al mijn voorraad op. Later bleek hij ook nog eens een gay-in-de-kast. Dat schiet dus niet op, zo’n man als echtgenoot. Hij kon wel erg goed dansen, dat was dan wel weer fijn.

Het was een geweldige ervaring, maar na 5 jaar jungle (ook in figuurlijke zin: de maffia zat me constant op de huid en ik gaf geen strobreed toe. Ben zelfs een rechtszaak tegen ze begonnen) had ik het er wel gezien. Geen spatje sociaal leven meer en ondanks heel goede recensies, ook in internationale reisgidsen en in nationale tijdschriften en kranten, was het toch stevig sappelen daar, aan de rand van het oerwoud. Het restaurant verkopen bleek moeilijk, dus vroeg ik begin 2008 een scheiding aan, verhuurde de tent, pakte mijn koffertje (de rugzak was allang gestolen) en ging terug naar Amsterdam. Gelukkig had ik daar vrij snel een baan te pakken (receptioniste bij Christie’s) en kon ik het huis huren van een vriendin die bij haar vriend was ingetrokken. Na een jaar aanpoten had ik de boel weer op de rails, het restaurant inmiddels voor goed geld verkocht aan een Duitse en had ik mijn eigen flatje gekocht in Amsterdam West. Ik nam ontslag bij Christie’s en begon voor mezelf als freelance kokkie,volgde chocoladecursussen en andere culinaire workshops, gaf al snel bonbonworkshops en kookworkshops en kwam in 2010 tijdens een workshop bij De Kweker Groothandel in aanraking met de veelzijdige wereld van thee, en hoe goed dat gaat bij het eten. De rest lees je in de inleiding in mijn boek. In 2012 kwam ik Willem tegen, mijn huidige echtgenoot.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig, naast je nieuwe kookboek? Professioneel koken is inmiddels zo goed als verleden tijd, dat doe ik alleen nog voor onszelf, familie, en vrienden. En heel soms als een bepaalde opdracht daar om vraagt, bijvoorbeeld een tea & foodpairing workshop. Ik geef advies op het gebied van thee aan thee-gerelateerde bedrijven, geef cursussen en trainingen over thee en tea & foodpairing en word soms ingehuurd door particuliere groepen  of bedrijven voor theeproeverijen, al dan niet samen met hapjes, chocola of kaas. En ik wil me weer gaan bezighouden met kunst.

foto: visburger met groen matcha uit het boek THEE.

Vertel eens iets over je interesse in thee? Hoe is die ontstaan?  Hoe ben je in de thee terecht gekomen? Ik dronk altijd al thee. In de jaren 70 kwamen smaakjestheeën in de mode: mangothee enzo. Ik was een puber en had een hele collectie van die thee, in kleine Chinese blikjes. Dat was helemaal de bom, toen. Ik had natuurlijk geen idee van goed theezetten, maar bij smaakjesthee geeft dat niet. Tot een jaar of zes geleden dronk ik nooit koffie, dat vond ik ronduit smerig. Pas toen ik koffie te drinken kreeg die goed gezet was, van goede kwaliteit, handmatig gezette filterkoffie, was ik om. Nu drink ik dagelijks koffie. Hoe ik in de thee terecht ben gekomen staat uitgebreid vermeld in het voorwoord van mijn boek.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen theesommelier en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk. Theesommelier.

Thee is voor mij een onontgonnen gebied. Ik ga dit voorjaar proberen mijn kennis wat te vergroten. Hoe doe je dat? Begin met het juiste water. Welke thee je drinkt maakt niet uit, als je die maar goed zet. En goed zetten begint met het juiste water, want thee is water. Dus: vers water, wat niet al eens heeft gekookt, dat zo zacht mogelijk is, bij voorkeur omgekeerd osmosewater, maar Spa Blauw of Mont Calm mag ook (geen andere merken, want die zijn hard, alleen Spa Blauw en Mont Calm zijn zacht genoeg voor thee). Ga vervolgens experimenteren: met zakjes, losse thee (nooit in een thee-ei, altijd los in de pot of anders in een heel groot filter, maar liever los) met soorten thee, trektijden, temperaturen. Jij bent degene die de thee gaat drinken, dus zet het zoals jij het lekker vindt. Als dat betekent dat je het maar 30 seconden laat trekken, of juist 5 minuten: prima, als dat jouw smaak is. De rest lees je in mijn boek.

foto: cover van THEE, de nuchtere neef van wijn.

Wat was de minst aantrekkelijke kant van het schrijven van dit boek voor jou? Het eindeloos corrigeren, schrappen, toevoegen, opnieuw lezen, en weer en weer. De eindfase dus.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven van een boek voor jou? Het schrijven zelf, dat vind ik heerlijk, en het maakproces: recepten bedenken, overleggen over de vormgeving, infographics bedenken, de fotografiesessies, en natuurlijk het delen van mijn kennis.

Staan er nog andere projecten op stapel dit jaar? Ja, ik ben nu bezig met de Engelse vertaling en ik wil me weer gaan bezighouden met mijn KunstLigtOpStraat-project. Dat is er helaas finaal bij ingeschoten de laatste twee jaar.

Kun je wat meer vertellen over de kunst, die jij maakt? Het gaat me om onopvallende beelden, die spontaan in mijn blikveld komen, een soort muurbloempjes, die eigenlijk beeldschoon zijn, als je er maar even bij stilstaat. Ik ga er niet bewust naar op zoek. Terwijl ik wandel, of fiets, kijk ik rond, maar niet zoekend, wel bewust. Ik zie dan heel veel mooie dingen, bloemen, bomen, afval, schroot, straatmeubilair, details en soms levert dat een erg mooie foto op. Vaak ook meteen al de titel. Die foto’s ga ik thuis bewerken: uitsnijden, kleuren afvlakken of juist intensiveren, meer/minder contrast geven, meer/minder licht etc. Heerlijk om te doen, ik ga er helemaal in op, net als vroeger met schilderen.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?
Alles wat met liefde, vakmanschap en aandacht is gemaakt, mooi van kleur en compositie, verfijnd. Daar hoeven geen dure ingrediënten voor aan te pas te komen. Een goed gemaakt gerecht van biet en aardpeer als hoofdbestanddeel kan volkomen goddelijk zijn.

En natuurlijk wat je graag drinkt, behalve thee, ik weet dat één keuze niet mogelijk is? Ik vind wijn heerlijk, maar ik kan er helaas niet meer tegen. Hetzelfde geldt voor speciaalbier. Dus nu hou ik het bij eraan ruiken en af en toe een klein slokje.

Wat lust je echt niet en waarom niet? Gekookte witlof. Jeugdtrauma. Maar gekaramelliseerd kan nu wel weer.

Waarheen ga je het liefst naar op reis? Taiwan en Japan

Ik heb erg veel bewondering voor de wijze waarop jij je boek hebt gecrowdfund, heb jij tips voor mensen, die jouw voorbeeld willen volgen? Standvastig blijven en je niet laten ompraten tot compromissen. Er al je tijd, geld en energie insteken en vooral: je donateurs overal in betrekken. Neem ze mee in de ontwikkeling van het boek of het project.

En…. kunnen we van jou ooit nog een theeroman in de trant van Chocolat of Rode rozen & tortilla’s verwachten? Zeg nooit nooit.

Wil je nog iets anders vertellen….delen? Aan iedereen die zijn neus ophaalt voor thee: zet het nu eens niet weg als suffig mutsendrankje, maar geef het een kans. Stap over je vooroordelen heen. Zet het voor de verandering echt goed, niet met kraanwater (want nee, in Nederland hebben we geen goed water, voor bier en koffie moet het ook worden gefilterd, dus waarom zou dat voor niet hoeven?), maar met zacht water, bij voorkeur omgekeerd osmose water, maar anders met Spa blauw of Mont Roucous. Zet tegelijkertijd thee zoals je het gewend bent, met kraanwater. Ruik aan beide theeën, kijk ernaar, proef het met aandacht. Proef het verschil. Bevalt je de goed gezette thee? Proef ook eens andere theesoorten. Als je niet van zwarte thee houdt: probeer eens wit, of een licht geoxideerde oolong, of een zachte groene.

Dan dit nog: smaakjesthee is uitgevonden om de slechte smaak van de thee te maskeren. En dan met name de slechte smaak die wordt veroorzaakt door het water. Al is de thee die voor smaakjesthee gebruikt wordt als basis, uiteraard van lage kwaliteit. Daar ga je geen hoge kwaliteit thee mee verknoeien. Je drinkt per slot van rekening ook geen VSQP met cola. Of Barolo in de sangria.

video: Mariëlla legt alles uit bij RTLZ.

Het recept:

Het is geweldig te lezen, dat na de rollercoaster van baantjes, beroepen, reizen, experimenteren, Mariëlla zich als een vlinder ontpopte in de wereld van de thee. Aan Gereons Keuken Thuis de taak om daar een spannend gerecht bij te verzinnen. Japans en Aziatisch zijn haar voorkeur, maar al verder denkende kwam ik uit bij Jambalaya. Een easy does it recept uit het boek van een andere #talkandtable gast Bill Smith. Stevige cajun smaken en pit. Wijn drinkt Mariëlla met mate, dus moest ik opsnorren welke thee bij deze creoolse dish kan worden geschonken. Dank Mariëlla voor je mooie verhaal. Wat een avonturen!

Jambalaya is rijstgerecht uit de Mississippi delta.Van oorsprong ging er van alles in dit rijst gerecht. Alles wat men in de bayou kon vangen. Van konijn via alligator tot kikker. Mijn eenvoudige spicy versie gaat uit van rijst, garnalen en wat zeevruchten. Maar variëren kun je eindeloos. Als wijntip zou je aan een ferme viognier uit de Languedoc of een stevige chenin uit Zuid Afrika, zoals l’Avenir kunnen denken, maar voor Mariëlla denk ik aan een witte moonlight thee uit China of een Oolong ding dong uit Taiwan.

Nodig voor 4 personen:

1 rode ui

1 wortel

1 prei in ringen

3 stengels bleekselderij

8 grote rauwe garnalen

bakje rivierkreeftjes

zakje kokkels of scheermessen

1 tl cayennepeper

1 groene paprika

1 Spaans pepertje

3 tenen knoflook

blik gepelde tomaten

tijm

peper en zout

1 liter groente- of visbouillon

300 g  langkorrel rijst

arachideolie

koriander

tabasco

Bereiding:

Verhit de olie in een grote pan en voeg de ui, knoflook, wortel in blokjes , preiringen, bleekselderij, paprika en Spaanse peper toe en bak kort aan. Blus alles af met de helft van de bouillon, voeg het blik gepelde tomaten toe en laat een kwartier op laag vuur sudderen. Voeg de tijm en cayennepeper toe. Voeg de rijst toe en wat bouillon en breng op nieuw aan de kook. (het gerecht dient onder te staan) Laat ongeveer 15 minuten sudderen. Roer tussentijds en als de rijst te droog is kan wat water of bouillon worden toegevoegd. Bak in een andere pan snel de garnalen, kokkels of scheermessen en rivierkreeftjes aan en voeg deze toe aan het gerecht. Laat de zeevruchten nog 3 minuten mee garen. Maak op smaak met peper, zout en what else tabasco? Serveer de jambalaya op een grote schaal met wat gehakte koriander.

THEE, de nuchtere neef van wijn, Mariëlla Erkens (ISBN 9789090322308) is voor € 35,00 te bestellen op www.theesommelier.me

Volgende keer in mijn serie Talk & table: Tsukémono Peter van Berckel.

Energy & Vegan.

Energy & Vegan van Alexander Gershberg. Enkele jaren geleden schreef Gershberg al Vegan for Friends, waarin hij zijn favoriete recepten deelde uit de Joodse, Russische en Nederlandse keuken. Alles plantbased wel te verstaan, want deze balletdanser veranderde zijn eetpatroon drastisch toen hij een pregnante huidziekte kreeg. En het hielp. In Energy & Vegan gaat Alexander een stapje verder en combineert hij de benefits van plantbased eten met inzichten over je humeur en geestelijk toestand. Nu is dat op zich niets nieuws, maar Gereons Keuken Thuis was erg benieuwd wat aan te treffen en ging met dit boek aan de slag.

Met Energy & Vegan wil Gershberg laten zien hoe plantaardig eten kan zorgen voor meer energie en welzijn, want voeding is meer dan alleen maar je volstoppen met brandstof. Voeding kan ook bijdragen aan je levensenergie. Dat wist Hippocrates al en ook de humeurenleer ging hiervan uit. Het boek van Gershberg leunt vooral op de richtlijnen uit de traditionele Chinese geneeskunst. Dus dat betekent Yin en Yang, warm en koud, gespannen en ontspannen, actief en passief…..und so weiter. Ik wil hier geen lange verhandeling gaan houden over mannen, die meer yang zouden zijn en vrouwen meer yin en andere complexe theoretische verhandelingen. Alexander Gershberg houdt het praktisch en betrekt het op zijn eigen recepten. Hij deelt de hoofdstukken in naar het effect van plantaardig eten. Hij geeft schematisch aan bij welke gemoedstoestand je wat zou kunnen eten. Als je geprikkeld bent kun je proberen yin gerechten klaar te maken, die licht oppeppend en ontspannend zijn. Bij vermoeidheid kun je wel een dosis yang gebruiken, krachtvoer. En bij hyperactiviteit vraagt je lichaam om ontspannende ronde kalme zoete energie.

Laten we eens kijken wat voor een gerechten bovenstaande theorie zoal oplevert. Energy & Vegan start met licht, prima lente eten, waarmee je direct de vetreserves van de wintermaanden verbrandt, zoals een vegan salade van haricots verts met zeewier en amandelroom of een frisse lentebouillon met Chinese kool. Gereons Keuken Thuis is zeer benieuwd naar het reinigende drankje met daikon, wortel en lotuswortel. Een mooi experiment tijdens mijn #fitforfun weken. Hert verwijdert overtollig slijm en vet uit je lichaam. Dat ga ik proberen! Verslag volgt. Licht bereik je ook met lacto gefermenteerde gerechten. Dat deed ik al met tsukemono maken, maar dit is een leuke uitbreiding. Het tweede energietype hoort bij de zomer. Pit in de vorm van vuurenergie. Oppeppend eten zoals een polentapizza met courgette, asperge en cashewkaas of een Mexicaanse cactussalade.

Ontspannend, een kleurtype en gevoel in Energy & Vegan, dat hoort bij de Indian Summer. De energie van de nazomer, dat vraagt om soep van oranje groenten, Israëlische geroosterde bloemkool, nog steeds een runner up in veel kookboeken, en zoete aardappel-latkes. Gershberg put ook uit zijn Joodse achtergrond. 

Krachtig eten komt aan bod. Naarmate de winter nadert en klussen moeten worden afgerond vraagt ons lijf om kracht met stevige umami-smaken uit de Japanse keuken. Rijst, gomasio, zeewier met een mannelijke connotatie of een gigantische gado gado. Energy & Vegan sluit af met diep eten. Energie met een lange levensduur, stoofpotten, seitan en adukibonenrijst. Als showstopper geeft Gershberg nog leuke menusuggesties. Daaraan zie je dat hij zich inmiddels heeft ontwikkeld tot een echte receptenschrijver en bedenker van kookworkshops. Met Energy & Vegan laat zien hoe je brandstof en levensenergie kunt combineren. Is je dat allemaal iets te zweverig, dan ga je gewoon voor de lekker gebalanceerde recepten. Met dit boek heeft Gershberg een fijne en creatieve opvolger van Vegan for Friends geschreven.

Energy & Vegan, Alexander Gershberg (ISBN 9789045217963) is een uitgave van Karakter en te koop voor € 29,99

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Sous-vide van Bas Robben door gastblogger René Meesters.

Sous-vide van Bas Robben. Na VET en ZUUR, zijn debuut,  verscheen er van de hand van de jeune premier van Nederlands kookboekenland een boek over sous-vide techniek. Het in een warm waterbad garen van ingrediënten, hetgeen de smaak intenser maakt en waardoor textuur mooi blijft behouden. 85 recepten om te oefenen en daarna van te smullen. Geschreven in de stijl, die we inmiddels van Bas kennen. Speciaal voor Gereons Keuken Thuis ging culi-collega René Meesters aan de slag met het kookboek. In deze gastblog vind je zijn recensie.

foto: dille zalm net citroensaus uit Sous-Vide.

René Meesters over Sous-Vide: 

Ik schat dat het zo’n beetje in de zomer van 2016 is geweest dat ik op een terras zat in Walldorf, een plaatsje in Baden Württemberg, niet zo heel ver van Heidelberg. Stiekem ben ik er een beetje verliefd op geworden. Eigenlijk gebruikten we de plaatselijke camping, met de toepasselijke naam Astoria, in eerste instantie alleen als doorreiscamping naar Oostenrijk of Italië. De omgeving bleek dermate leuk dat we er inmiddels een keer een hele week geweest zijn én dat we er op doorreis regelmatig een paar dagen zijn blijven hangen op heen- of terugreis. Een onderschat gebied!

Goed, daar gaat het nu niet om. Waar het wél om gaat is het terras van hotel-restaurant Erbprinz in de Hauptstrasse. Of eigenlijk de hanenborst die ik daar at. Kipfilet, in mijn beleving. Heerlijk geserveerd met Bospaddenstoelensaus en rijst. Vooraf natuurlijk de enige echte Duitse salade met kruidenazijn. Een goed restaurant? Ik weet het niet. Niets bijzonders. Wél bijzonder was de hanenborst, want wat was die mals en sappig. Zo kende ik kipfilet helemaal niet. Natuurlijk zijn er allerlei manieren om te zorgen dat ze niet al te droog worden. Maar dit? Nee.

Pas later kwam ik er achter dat deze hanenborst wel sous-vide gegaard moest zijn. Sous-vide! Ik kende het alleen maar uit het programma Masterchef waarbij de techniek soms werd gebruikt. Voor mij leek het iets chemisch omdat ik in eerste instantie ‘sulfide’ verstond. Als chemisch technoloog lag dat dichter bij mijn belevingswereld op dat moment.

Sous-vide heeft natuurlijk niets met chemie te maken. Bij sous-vide worden levensmiddelen, vlees, groenten, eigenlijk kan het van alles zijn, onder vacuüm gegaard. De producten worden met een (eenvoudige) vacuümmachine in plastic gevacumeerd. In de horeca gaat het daarna vaak in een stoomoven. Voor thuisgebruik zijn er handige verwarmingselementen die kunnen worden gedompeld in een waterbak. De temperatuur is zo tot op een tiende graad nauwkeurig in te stellen. Dat is belangrijk.

foto: baharat lamsrack met peterseliesalade en citroentahini.

Eerder recenseerde ik het boek ‘Sous vide’ van Thomas Keller. Een grootheid op dat gebied. Maar zijn boek is geschreven voor de horeca en absoluut niet praktisch voor thuisgebruik. Daarom was ik enorm blij met het boek van Bas Robben. Dat was ik trouwens ook al met zijn boeken ‘Zuur’ en ‘Vet’. Sous-vide helpt je op weg in de wereld van het garen onder vacuüm. Op weg naar dat hanenborstje op het terras in Duitsland. Want, beaamt ook Bas Robben, als er één stuk vlees is wat zich leent voor sous-vide dan is het wel kipfilet. Maar dat is niet het enige. Sous-vide is onderverdeeld in 11 hoofdstukken, waarvan meer dan de helft gaat over vlees. Alle soorten vlees: rund, kip, varken, wild en lam. Belangrijk dat ze allemaal een eigen hoofdstuk hebben. Ieder vlees heeft zijn eigen ideale temperatuur en bereidingstijd. Al is voor de bereidingstijd vooral de minimale tijd belangrijk. Een bijkomend voordeel is namelijk dat het meestal niet uitmaakt of vlees één, twee of drie uur in het waterbad verblijft. Absoluut een voordeel wanneer je niet precies weet op welk moment je aan het gerecht toe bent.

Bij mijn eigen sous-vide staaf kreeg ik een overzicht met standaardtemperaturen en verblijftijden. Inmiddels ben ik volledig gaan vertrouwen op de temperaturen van Bas Robben. Bavette (1 uur op 54 graden, heerlijk!), varkenswang, maar ook op de huid gebakken zalm. Sous-vide gegaard mislukt het niet en Bas Robben maakt er de lekkerste gerechten van. Maar ook bijgerechten als aardappelpuree met knoflookboter (ook sous-vide bereid) en hazelnoot-tijm topping, of allerlei soorten groenten. De mogelijkheden zijn onbeperkt en ik begrijp heel goed dat je er, net als de schrijver, verslaafd aan kan raken. Een van die mogelijkheden waar ik nog niet aan gedacht had is infusie. Daarbij worden smaken toegevoegd aan een vloeistof. Dat gaat beter bij warme vloeistoffen. Bij Bas Robben zijn dat vaak alcoholische drankjes, zoals speculaas-rum, aardbeien-wodka of Campari met tijm en grapefruit. Maar ook je eigen yoghurt maken behoort tot de mogelijkheden.

Je zult het inmiddels welk begrijpen. Sous-vide van Bas Robben is voorlopig mijn bijbel in de wereld van bereiden onder vacuüm. Ik ben er van overtuigd dat ik hiermee veel vrienden ga overhalen ook een sous vide staaf en vacuümmachine  aan te schaffen. Behalve dan die vrienden bij wie ik de temperatuur van de biefstuk 10 graden te hoog had ingesteld. Dan wordt het een droge bedoening. Maar dat lag zeker niet aan Bas Robben!

foto: cover Sous-Vide van Bas Robben.

Sous-Vide, Bas Robben (ISBN 9789461432230) is een uitgave van GoodCook en kost € 30,95

foto: culi-collega en gastblogger René Meesters.

Over de gastblogger: René Meesters is afgestudeerd chemisch technoloog maar blogt al sinds 2010 op zijn website het eten is klaar Zijn passie voor koken ontstond echter al op de middelbare school. Dat hij geen kok is geworden komt apart genoeg door de chefkok bij wie René een weekendbaantje had in de keuken. Hij overtuigde hem er van dat het koksbestaan een hondenbaan is. Had hij gelijk? René zal het nooit weten. Hij bleef koken en ontdekte dat hij ook schrijven leuk vind. Dan is de combinatie snel gemaakt. Op zijn blog zien we vaak een relatie met vakanties in Europa met een voorkeur voor Frankrijk, maar ook Duitsland, Oostenrijk en zeker ook België (René woont tegen de grens aan) komen regelmatig in zijn blogs voor.

Dank aan René voor deze mooie gastblog en recensie van Sous-vide!

Tulpendag op de Dam 2020.

foto: tulpen op de Dam.

Tulpendag op de Dam 2020. “Als de lente komt, dan stuur ik jou tulpen uit Amsterdam ….” luidt de titel van een populair liedje. In Mokum zelf doen ze dat anders, want elk jaar op de derde zaterdag van januari worden er 200.000 tulpen speciaal geplant op het centrale plein van de stad, de Dam. De start van het snijtulpenseizoen. Nederlandse tulpenbollenkwekers zijn trots op hun waar en willen zo hun visitekaartje aan de wereld afgeven. Een leuke geste in de toch wat saaie januarimaand. Een stukje lente, vormgegeven in een artistieke tuin voor het paleis. En plukken mag! Dan zie je locals en toeristen blij met bossen tulpen in de tram en op de fiets. Als dat nu geen leuke promotie is voor ons land en de bollensector.

foto: cover Eet smakelijke tulp.

Aan tulpen en vooral bollen kleven ook andere herinneringen. Oorlogsvoedsel in de barre hongerwinter. Een nare herinnering. Maar… Gereons Keuken Thuis ontving van uitgeverij Poiesz in het najaar een boekje Eet smakelijke tulp over het eten van tulpenbollen en -bloemen. Geschreven door Johanna Huiberts-van den Berg en Reineke Tol. Biologische tulpenbollen wel te verstaan, want andere soorten zijn niet eetbaar. In het naar mijn mening visueel niet zo mooi uitgevoerde kookboek -fotografie van de gerechten is niet echt smakelijk. Dat is jammer.- staan originele recepten en verhalen over de geschiedenis van deze bloem, die oorspronkelijk uit Klein Azië komt. Apicius kende al de geneugten van de tulpenbol. Of dit waar is betwijfelen de schrijfsters. In de 17e eeuw ontstaat een regelrechte bubbel van tulpen en bollen. Er worden vermogens aan uitgegeven en verloren zeker na het rampjaar 1672, toen de economie van de Republiek ging haperen. Tegenwoordig is de bio tulpenbol te beschouwen als delicatesse.

Na een korte geschiedenis volgen recepten voor broodjes tulp, voorafjes en tulpenhapjes. Sauzen met in de hoofdrol tulp. De eerder genoemde tulpensalade van Apicius uit de negende eeuw, hoofdgerechten met tulp, zoete baksels en culinaire traktaties. Heel origineel, om deze bloem en bol eens vanuit een andere optiek te bekijken. Maar nogmaals eet alleen biologische bollen. Ze zijn te krijgen via de site Eet smakelijke tulp Een mooie voorbode van de aankomende lente en lokaal geproduceerd.

foto: tulpen plukken op de Dam.

Terug naar Tulpendag op de Dam 2020. Om 13.00 uur gaat de tuin open en kun je aansluiten om je eigen bosje Neerlands trots te plukken. Meer informatie vind je op de site het is weer tijd voor tulpen Veel plezier, want als de lente komt…. dan stuur ik jou…. tulpen uit Amsterdam.

foto: tulpen in geuren en alle kleuren.

Eet smakelijke tulp, Johanna Huiberts-van den Berg en Reineke Tol (ISBN 9789491549977) is een uitgave van Poiesz uitgevers en kost € 18,50

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De Joodse Keuken, Claudia Roden.

foto: cover De Joodse Keuken van Claudia Roden.

De Joodse Keuken van grande dame Claudia Roden. Ik sprak deze wereldberoemde culinair schrijfster kort tijdens de Hilton haringparty in juni en ging naar haar lezing over de Joodse keuken in Allard Pierson tijdens het Foodiefestival, alwaar zij vertelde over de Sefardische en Asjkenazische keukens, die op wonderbaarlijke manier mengden in het Mokum van de afgelopen eeuwen. Roden had tot deze ontdekking altijd gedacht dat de Joodse keuken van Amsterdam en Nederland wel in de pas zou lopen met haar eerdere observaties van de Joodse keuken in het Middellandse Zeegebied en Oost Europa. Niets is minder waar. Door de diaspora is de Joods Keuken met recht een wereldkeuken te noemen. Op elke halte, waar Joodse migranten neerstreken, ontstond een mix met de lokale keuken. Zij het, dat wel de Joodse spijswetten werden gerespecteerd. Zo zie je veel gerechten telkens in een andere vorm terug. Ik begrijp dat wel, want veel Joden assimileerden zich en het was niet altijd makkelijk je eigen riten en gebruiken te blijven volgen, door sociale druk, vervolging of puur vanwege de handel. Dat was ook zo in de zeventiende eeuw. Gereons Keuken Thuis vindt deze materie zo interessant, omdat ik uit een Amsterdamse familie de Leeuw (Asjkenazische naam) stam, die in de tweede helft van de negentiende eeuw belandde in de Betuwe. En op religieus vlak van kleur verschoot. Dat was in de 16e en 17e eeuw niet anders, want veel Portugese Joden arriveerden in de Lage Landen als marranos, christelijk geworden Joden, omdat anders het leven te moeilijk werd op het Iberisch schiereiland. En bereikten hiermee een behoorlijke welstand in hun rol als intermediair. Denk aan het mooie boek The Spanish Doctor van Canadese historicus Matt Cohen, over de lotgevallen van een geconverteerde arts uit Toledo.

In de negentiende eeuw kwamen daar in Amsterdam nog de Asjkenaziem bij uit Litouwen, Polen en Duitsland. Zij waren veelal kooplieden, straatventers en zuurverkopers. Denk aan het zuurmerk De Leeuw, dat nog steeds aan de Vrijheidslaan zit. Maar ook de broodjes van Sal Meijer. Zo belandde de familie van Claudia Roden vanuit Spanje via Aleppo in Caïro, waar het goed toeven was tot aan de Suez crisis in 1956. Die crisis deed de familie vertrekken naar Engeland. Joodse migranten assimileerden makkelijk, een gewoonte, die je overal op de wereld aantreft. Maar dat is de religieuze kant van het verhaal. De Joodse Keuken is er wel eentje, die bindt. Denk aan het oliegebruik bij het braden van vlees i.p.v. boter, dat je wel in koekjes gebruikt. De sedertafel tijdens Pesach. Voeg daarbij de vele gerechten, die Joodse migranten meebrachten. Claudia Roden wist er een dikke 600 bladzijden over vol te schrijven en nog steeds ontdekt zij dagelijks nieuwe dingen. Een historisch document dat verhaalt over de geschiedenis van een volk in gerechten met 800 opgetekende recepten. De Joodse Keuken. Ga er maar aan staan. Gereons Keuken Thuis had de ambitie om het boek uit te lezen tijdens de laatste weken van het jaar. Ik kan je verzekeren, dat het niet gelukt is, want elke bladzijde opent een nieuwe laag. Moet ik er nog meer over vertellen? Nee in het komende jaar verwerk ik zelf telkens een stukje in mijn zoektocht naar mijn roots in Amsterdam, want duidelijk moge zijn, dat via de culinaire weg heel wat sporen te vinden zijn en deuren openzwaaien. 

De Joodse Keuken, 800  authentieke recepten uit de diaspora, uitgebreid met een hoofdstuk over de Lage Landen is nu opnieuw uitgegeven door Fontaine uitgevers. Net als de complete werken Arabesque, De smaken van Italië en De smaken van Spanje. Spekkie voor Gereons bekkie, echter varkensvlees eten Joodse mensen niet.

De Joodse Keuken, Claudia Roden (ISBN 9789059569256) is een uitgave van Fontaine en is te koop voor 34,99

Noot: dit kookboek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer