Easy does it. Penne met vis uit blik.

foto: penne met vis uit blik

Easy does it, zeker afgelopen week, omdat ik met 15 onderwerpen tegelijkertijd bezig was, zoals snipverkouden zijn, kookboeken doorpluizen, een lunch organiseren voor Smaakvol Noord Holland en voorbereidingen voor het aankomende Paasgedruis. Het laatste is niet waar, omdat ik er niets aan ga doen. Geen brunches, gourmetexplosies of paassoupers. Pasen is voor mij geen belangrijk eetmoment, hoe graag de grote supermarktketens dat zouden willen. Pasen betekent voor mij de start van een nieuw seizoen, met nieuwe plannen en het winterstof afschudden. In wezen is het feest een blik in wat komen gaat, in welke traditie dan ook. Pesach herdenkt de exodus, de herrijzenis van Christus is een nieuw begin voor andere geloven, in Iran vieren ze hun Perzisch nieuwjaar met gele rijst en je ziet overal paashazen en jong grut zoals lammetjes en kuikens. Ik wijd nu uit, want ik wilde het eigenlijk hebben over gemak, easy does it. Meer en meer maak ik gemakkelijke pastagerechten en salades met dingen, die ik in huis heb. Goede soorten vis uit blik, spendeer gewoon twee kwartjes meer voor een blik tonijn en je proeft het smaakverschil. Hetzelfde geldt voor tomaat uit blik. Een kipdijfiletje met ras al hanout voor op je salade is zo gebakken, net als wat garnaaltjes met knoflook. Eigenlijk worden dit soort lunches geboren uit het feit, dat ik veel producten van de supers nergens naar vind smaken. Ik noem het vaak: “weer die ondefinieerbare bouillonpoedersmaak” Dat gaat tegenstaan. Net als het brood van een niet nader te noemen supermarkt. Waarom ga je dan niet naar de bakker? Zou ik graag willen, maar soms kost dat teveel tijd en ren je even naar de dichtstbijzijnde supermarkt. Maar ik wijd weer uit, lijk wel de dorpspastoor vandaag. Maar ja, het is tenslotte Goede Vrijdag en de 13 staties loop je ook niet in 5 minuten door.

foto: a tavola met Gideon Teubl.

Aan de slag dan maar! Easy does it met vandaag als opmaat naar de #alfresco zomer en de Italiaanse maand op Gereons Keuken Thuis een makkelijk pastagerecht met vis uit blik en datterini tomaatjes. Erbij een witte Torbolino van Fattoria la Vialla uit Toscane. Ik had woensdag in  SeaSpot bezoek van Franka Barendrecht en Gideon Teubl van Smaakvol Noord Holland. Zij kwamen mij in Zandvoort aan de tand voelen over mijn keukenperikelen  #kijkjeindekeuken en al pratend verorberden we dit #easydoesit gerechtje van penne, wat groenten, tomaatjes en vis uit blik met gremolata. Laat het zomerseizoen maar komen.

Nodig:

300 penne
1 rode paprika
2 stengels bleekselderij
1 gesnipperd uitje
1 tl chilivlokken
scheut witte wijn
1 blik datterini tomaatjes van Mutti.
een handje gehakte peterselie
4 teentjes knoflook fijngehakt
rasp van een gewassen citroen
1 blikje tonijn in olie van Bart’s Fishtales
1 blikje Portugese sardines op olie.
2 tl oregano
zout & peper
olie

Bereiding:

Snipper het uitje fijn en fruit deze in wat olie aan. Snijd de paprika en bleekselderij in stukjes en bak deze samen met zout en wat chilivlokken mee. Voeg de oregano toe. Blus af met wat witte wijn
Voeg de datterini tomaten toe en laat het geheel sudderen. Kook intussen de pasta al dente. Maak de blikjes vis open en bewaar wat olie uit het blik. Proef de tomatensaus en maak op smaak met wat peper en zout.
Giet de pasta af en meng deze door de saus. Voeg de visstukken, wat olie uit blik en de gremolata van gehakte knoflook, peterselie en citroenrasp toe. Serveer direct.

video: mijn easy does it tomatensaus

NB: foto credits Franka Barendrecht.

Een Jaar in de Tuin.

foto: cover Een jaar in de Tuin, tuinieren van maand tot maand.

Tuinieren van maand tot maand. Een Jaar in de Tuin. Het Paasweekend staat voor de deur en toevalligerwijs voorspellen de weermeneren mooi weer. Overigens doen ze dat elk jaar zo vlak voor de Paasdagen, maar dat terzijde. Gereons handen gaan dan jeuken. De buitenboel moet aan kant, de BBQ naar buiten en er dient geplant en gezaaid te worden. Voor mij een jaarrond project en één van mijn grootste hobby’s: groei en bloei op mijn stadsbalkon. Planten, bloeiend, groenten en kruiden. Spitten en scheppen maar, om dan weer de hele zomer #alfresco te genieten. Van uitgeverij GoodCook, die naast koken ook met groei en bloei behept zijn, ontving ik het groenboek Een Jaar in de Tuin, dat Ian Spence, begeesterd tuinier, schreef samen met de Britse Royal Horticultural Society. Een vademecum voor elke tuinliefhebber. Ideaal voor Gereons Keuken Thuis, want ik moet een geheimpje verklappen: tuinieren gaat bij mij net als koken, een snuifje van dit en een snufje daar. Net als in de keuken ben ik ook buiten à l’improviste in de weer. Ik koop en zaai wat planten en ga aan de slag. Soms valt het resultaat tegen, het slaat niet aan, de muizen eten mijn zaailingen op, bloeiende planten staan te donker of bladverbranding. Spence geeft je hierop alle antwoorden en legt stapsgewijs per maand uit wat je kunt doen. Categorieën als het hele jaar door bloeiend op je balkon, het hele jaar in blad, bollen voor elk seizoen, geuren en hoe trek je dieren aan? (overigens houd ik de muizen het liefst op afstand)

Ian Spence legt van januari tot en met december uit wat je kunt doen, want tuinieren, zo blijkt wel uit dit boek is net als regeren vooruitzien. Ik blik alvast vooruit, want de maand mei is de mooiste maand van allemaal, na half mei verdwijnt de kans op nachtvorst, het zonnetje staat hoog aan de hemel en alle exoten kunnen naar buiten. Je kunt courgettes planten, pronkbonen en kruiden. Ik heb er nu al zin in. En zo gaat het groene boek door. Een groot probleem voor velen is de zomer. Je gaat op vakantie of de droogte slaat toe. De schrijver geeft je goede tips om te zorgen voor een zomerbestendige tuin. Want het is naar als je van een weekje strand terugkomt en je treft een totaal verlept balkon aan. Nogmaals planten, plannen en vooruitzien. Een Jaar in de Tuin neemt je aan de hand. In oktober wordt bijvoorbeeld uitgelegd hoe je dahliaknollen te laten overwinteren. Kijk daar heb ik iets aan, voorheen groef ik ze uit en gooide ze weg. Helemaal niet nodig.

video: mijn #greenhappiness paradijsje zomers.

Het laatste deel van het boek is A-Z plantenlijst met bijzondere planten en hun (eigen)aardigheden, hoe deze te combineren en te verzorgen. Gereons Keuken, ik bedoel Balkon, Thuis weet nu al dat hij veel plezier gaat hebben van dit boek. Een Jaar in de Tuin is een onmisbaar boek voor als mijn handen jeuken en mijn groene vingers tintelen om aan de slag te gaan. Ik houd jullie deze zomer op de hoogte van mijn vorderingen.

Een Jaar in de Tuin, RHS & Ian Spence (ISBN 9789461432070) is een uitgave van GoodCook en is te koop voor € 30,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Basisboek Indonesisch, Francis Kuijk.

foto: het eerste exemplaar was voor de Maleisische chef Norman Musa.

Indonesisch koken volgens Francis Kuijk. Op 26 maart was ik in Oost (of is het nog Centrum?) bij Happy Happy Joy Joy, om daar de presentatie bij te wonen van het Basisboek Indonesisch van Francis Kuijk, derde generatie Indisch Nederlander, opgegroeid in Australië en finaliste bij het populaire programma Heel Holland Bakt. Koken en bakken zijn de grote passies van Francis en zij is dan ook regelmatig bij Omroep Brabant te bewonderen, waar zij haar kookkunsten deelt. Tot zover over de schrijfster, want ik ga haar aan het einde van de zomer nog in een speciale aflevering van talk & table op Gereons Keuken Thuis aan de tand voelen.

Ik moet zeggen, dat ik niet echt behept ben met de keuken van de Gordel van Smaragd. In de seventies maakte mijn moeder heerlijke boemboe Bali ikan, frikadel pan en babi ketjap. Zij leerde deze gerechten maken, overigens net als zarzuela, van overbuurvrouw Daisy, waartegen ik mevrouw Bijleveld moest zeggen. Toen ik ging studeren nam ik het kookboek de Indische keuken thuis mee op kot, leende het aan een kompaan uit en nooit terug gezien. Maar niet getreurd, ik heb nu het Basisboek Indonesisch op mijn keukentafel liggen. Stap voor stap worden de 130 recepten door Kuijk uitgelegd. De bruine cover van het boek doet wat retro, maar daardoor ook heel huiselijk en vertrouwd aan. Ik denk dat dat ook de bedoeling is van Francis, je mee op pad nemen door haar Indische of moet ik zeggen Indonesische wereld. Want “makan” hoort bij deze foodie in hart en nieren, overgedragen recepten van grootmoeder op moeder en van moeder op dochter. Zij is er waar ter wereld mee opgegroeid en bereidt ze nog steeds.

foto: lekkere snacks mogen natuurlijk niet ontbreken op dit feestje.


Om te beginnen legt Francis Kuijk de verschillende nuances binnen de keukens van de Gordel van Smaragd uit. Kruiden, specerijen komen aan bod. Apenhaar, pangsit en sambals. Specifiek keukengerei. Hoe, wat en weetjes en dan kan de lezer aan de slag met sajoers en soepen, een belangrijk onderdeel van de Indische maaltijd, de babi kecap, gebakken garnalen, de ikan goreng bumbu Bali. Bijgerechten rijst en noedels komen langs, met nasi goreng, lontong, vogelnest pannenkoeken en sauzen voor bij de satés. Atjars ontbreken niet net zoals homemade sambal. Groenten en eieren vormen een hoofdstuk apart. Denk aan pittige aubergine, zoete champignons of roejaksaus. Ik gebruik hier overigens graag de Nederlandse transcriptie van de Indonesische termen, al was het maar om mijn woordvoorspeller niet in de war te laten raken.

foto: Happy happy Joy joy Oost



Na de groenten en eieren tref je een hoofdstuk zoet aan, baksels natuurlijk, zoals spekkoek en gestoomde groene kokoscakejes, die ik tijdens de presentatie proefde. Tot slot geeft Francis lekkere recepten voor hartige snacks uit het vuistje in Basisboek Indonesisch. Want zeg nu zelf risolles, loempiaatjes en bapao’s mogen niet ontbreken op een Indisch feestje. Want dat is wat het Basisboek Indonesisch is: een feest van herkenning, maar nu strak uitgelegd en makkelijk te maken voor leken, zoals ik. Aan de slag dus om de Indische keuken thuis te herontdekken.

foto: cover Basisboek Indonesisch.



Basisboek Indonesisch, 130 recepten stap voor stap, Francis Kuijk (ISBN 9789461432087) is een uitgave van  GoodCook en is te koop voor € 30,95


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Foodblogger Cora over haar Frankrijk.

Foodblogger Cora over haar Frankrijk. Vorige week plaatste ik mijn jaarlijkse lenteparade met foodbloggers over hun associaties bij l’Hexagone. Helaas ontbrak gastblogger Cora van Cultfood. Een blog over moeiteloos koken voor elke dag. Vandaag haar Franse verhaal en een recept voor kumquatmarmelade.

foto: oud & modern Marseille.

Frankrijk gezien door de ogen van Cultfood.

Onze eerste belevenissen starten met een huwelijksreis naar Parijs. Daarna kwamen we zo vaak terug – met en zonder het hele gezin – dat we alle kuststreken en berggebieden hebben gezien. Dat zijn gewoon onze favorieten evenals de eilanden, van Belle Ile, de Golf van Morbihan tot Ile de Ré en Ile d’Oleron. Het mooiste eiland bezoeken we dit jaar, ik kan haast niet wachten om op weg te zijn naar Corsica. Aan de kusten lopen we natuurlijk de Sentiers des Douaniers, bezoeken havens, oude zeilboot-evenementen en vissershaventjes. Maar ook mondaine steden en musea. We nemen zeker ook altijd het achterland mee van de regio waar we zijn en organiseren een leuke aanrijd- en vertrekroute.

foto: Lyon fontein tegenover hôtel de Ville.

Meestal trekken we in zo’n regio ook nog een aardig eindje door meerdere logeeradressen te bespreken. En dat maakt Frankrijk zo leuk: de afwisseling van logies in kasteeltjes, olijvenboomgaarden, een havenplekje. Zo associeert onze oudste Normandië met boenwas door te logeren in meerdere oude boerderijtjes. De Pyreneeën verschillen als berggebied hemelsbreed van de Alpen, Elzas en Jura. En dan zijn er nog de vakwerkhuisjes, niet alleen in Normandië en Bretagne, maar bijvoorbeeld ook in Colmar. En de hooggelegen, vaak verstilde middeleeuwse bergdorpen. Frankrijk verveelt nooit door die diversiteit. Want we hebben het nog niet niet eens gehad over de dieren – ezeltjes en wilde Potok paardjes – of over de de diverse rotsen van krijt, graniet etc. en het banjeren over lange, diepe stranden of door leuke kunstenaarsdorpen.

foto: Bel Ile in Bretagne, côté ouest.

Als foodblogger zijn de streken van Frankrijk voor mij verbonden met de Franse specialiteit ‘marmelade’ of ‘compote’. Voor mijzelf natuurlijk bij al die prachtige kazen, voor mijn man in zijn croissant en voor de kinderen in hun crêpe. Als ik al een taart maak, dan start die activiteit toch met het maken van een heel mooie compote. En dat brengt mij bij een laatste, nog vergeten aspect van het Franse platteland: de abdijen. Die zulke heerlijke on-Nederlandse jam fabriceren.

Ik beveel nu mijn kumquat-bloedsinaasappel marmelade aan in deze Franse weken op Gereons Keuken Thuis. In de Provence staat namelijk de eerste of oudste Franse kumquateraie, het domaine de la Jouasse.

foto: village perché in de Provence

In mijn blog vertel ik al dat deze vruchten nu worden geïmporteerd vanuit het Middellandse Zee gebied. Franse smaken zijn zo bijzonder. Daarom zijn ook mijn favoriete Franse drankjes erin verwerkt: wat Grand Marnier en Calvados. Die laatste hield ik over aan mijn verblijf in een klein, wat uitgestorven kasteel. In mijn voorraadkast prijkt nog slechts één potje bijzondere Franse jam, de kiwis a trois épices. De kennismaking met de Franse confitures is waarschijnlijk de reden dat ik zo graag met fruit aan de slag ga. En dat mijn nieuwe Franse vakantie maar snel moet beginnen.

foto: Cora’s kumquatmarmelade.

Kijk voor het heerlijke kumquat recept van Cora op: Cultfood’s kumquat marmelade.Merci Cora voor je deelname! 

Ben jij een foodblogger met net zo’n heerlijk Frankrijkverhaal of -recept? Laat het dan hieronder in een reactie achter of schrijf eens een gastblog voor Gereons Keuken Thuis.

Kopenhagen Food, Trine Hahnemann

foto: cover Kopenhagen Food

Kopenhagen food. Wonderful, wonderful Købnhavn is de hoofdstad van Denemarken en een hele bijzondere stad. In de laatste twee decennia heeft de stad zich ontwikkeld tot een echt foodlover’s paradise. Of dit alles te maken heeft met NOMA of juist niet, doet er niet toe. Kopenhagen bruist van de gezellige en lekkere adressen. En degene, die dat kan weten is Trine Hahnemann, van wie ik zo’n anderhalf jaar geleden Scandinavisch Comfort Food besprak op Gereons Keuken Thuis. En wie is er nu beter geschikt dan oer Deense Hahnemann om ons op sleeptouw te nemen door de wijken van foody Kopenhagen? Een boek vol recepten, tradities en verhalen.

Het boek is geen reisgids, het is het verhaal van Trine, over haar eigen stad. Trine is geen jonge, net gelande hipster, die net als in Amsterdam hijgend en puffend achter nieuwe adresjes aanholt. Welnee, de schrijfster is 100% echte Kopenhaagse en kent de stad van voor en na de ontwikkeling tot de kosmopolitische stad, die Kopenhagen nu is. Met hippe buurten, cocktailbars, koffietenten en fietsen. Hipster galore dus. Wat Hahnemann hiermee doet is bijzonder, ze probeert het verband tussen het traditionele en moderne Kopenhagen te leggen. Het resultaat is dit boek.

We gaan slenteren door de wijken, met ieder een eigen signatuur. Kopenhagen food start in het van plaatjes bekende Nyhavn en de buurt Gammelholm, de nieuwe haven, toeristisch maar ook traditioneel. De schrijfster groeide op tussen de kanalen en havens en koestert goede herinneringen aan de stiekem gekochte marsepeincakejes. Recepten voor krebinetter, Deense burgers en laatstgenoemde cakejes volgen. We struinen verder via het Koninklijk theater en de morsige kant van Nyhavn, doorspekt met Hakkebøf en kreeftsalade. Traditioneel versus 21e eeuw. Gerechten van voor en na NOMA.

Nu is deze recensie geenszins bedoeld, om met jullie heel Kopenhagen door te nemen, dus  sla ik wat geselecteerde wijken over. Ontdek het zelf maar. Via Frederiksstaden, met als middelpunt de residentie van koningin Margrethe, culi-pelgrimage wijk Christianshavn, belanden we in het charmante centrum van Kopenhagen, met smalle straatjes en gekleurde huizen. Zo stelt Gereons Køkken Thuis zich een Scandinavische stad voor. Een levendige wijk. Voor ontbijt met amandelbroodjes (tebirkes) met maanzaad, het meest favoriete beleg van de Deen, leverpostej en Deense hotdogs. Wat ik leuk vind is dat Hahnemann bij elke wijk een verbinding maakt van hedendaags met wat ouderwetser eten. Mad in het Deens. We bezoeken de torens, Trine vertelt over Deense kerst, we bezoeken de wijken Vesterbro, Nørrebro en Østerbro met o.a. Scandinavische pizza en flødeboller, die wij zoenen noemen.

Kopenhagen Food is een heerlijk en sfeervol boek, met lekker maakbaar eten. Het laat je de mooie facetten van Kopenhagen zien en inspireert je direct een trip te maken naar de stad van de kleine zeemeermin en Tivoli. Ik snap, al lezende in mijn luie stoel, de bekende sprookjesschrijver Andersen steeds beter. En via dit boek de nordisk mad. Wat veel geneugten. Velbekomme, dat doet dit boek zeker!

Kopenhagen Food, Trine Hahnemann. (ISBN 9789000066620) is een uitgave van Spectrum Lifestyle en kost € 29,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Frans, tu comprends?

foto: la couverture du livre Frans, tu comprends?

Frans, tu comprends? Praatjes maken in het Frans, ik deed het voorheen veel als ik op de ochtendkoffie en/of zoete apéro was bij overbuurvrouw Madeleine, tijdens bezoeken aan wijnbouwers en in de winkels van Tournus. Of tijdens telefoongesprekken vanuit Nederland. Sinds het stoppen met wijnimport, frequenteer ik de zeshoek de laatste jaren iets minder vaak en je raakt er dan uit. Uit de alledaagse wijze van conversatie. Geen lunches in Lille meer met Loire producent Guindon, geen matinale proefsessies meer bij domaine Petitot. En niet gezellig wat bavarder met vriendin Marieke en haar man uit de Beaujolais. Ik moet zeggen, dat daardoor je Franse taalbehendigheid wat inzakt. Het vervaagt. En bij elk nieuw bezoek aan Frankrijk moet je er dan opnieuw aan wennen. Voeg daaraan toe, dat tijdens mijn laatste bezoek aan de Côte d’Azur ik op mijn Franse vragen steevast in het Engels werd geantwoord. De alarmbellen gingen aan. Was mijn Frans zo belabberd of begreep mijn Franse gesprekspartner mij niet? Of wilde hij mij door in het Engels te antwoorden niet in verlegenheid brengen?

Maar zoals altijd in dit soort gevallen, is de redding nabij. Marion Everink schreef al eerder boeken over de Franse taal, zoals Meer sjans met Frans en nu is er het boek Frans, tu comprends? Een complete gids voor alledaags Frans. Marion neemt je mee aan de hand van praatjes, die het Nederlandse stel Tom en Carolien maken met buren, vrienden, collega’s en sportmakkers in hun dorp in de Dordogne. Leuke korte gesprekken met Sylviane, la célibataire en parner in het bedrijfje van Carolien.  Praatjes met Alain, vriend en Jean Daniël, sportmakker van oer Hollandse Tom, die zelf bricoleur is. En zo volgen nog een aantal andere personen, waarmee deze twee Nederlanders interacteren in de Franse taal.. Een heel hoofdstuk gaat over hun praatjes, zoals bij ontmoetingen, huis- tuin en burenverhalen, er is van alles te koop en wel en wee onderweg. Allemaal alledaagse dingen, waar je mee te maken krijgt als beginnend of verder gevorderd Franssprekende. Alle gesprekjes worden tweetalig weergegeven in het boek. In feite ook geschikt voor Franse expats hier in Mokum, die in de Nederlandse taal willen kouten. Everink heeft een mooi verwijzingssysteem opgenomen, waarmee je moeilijke woorden en heikele kwesties kunt opzoeken. Ze gaat in op vreemde gewoontes, het al dan niet tutoyeren, la bise of het hand schudden, etenstijd, de apéro dinatoire en het eventjes langswippen. Natuurlijk allemaal algemeenheden, maar toch van die dingetjes, die net even anders zijn dan bij ons.

Een apart hoofdstuk is gewijd aan survival Frans, de er niet om heen kunnen uitdrukkingen, wat maakt het uit Frans en bijvoorbeeld Frans om erbij te horen. En je leert schelden in het Frans. Daarna volgt de verdieping door regels en grammatica en een handige regelwijzer, die ik de komende tijd weer ga savoureren, om maar in culinaire termen te blijven. Frans tu comprends? is een heerlijk boek alleen al vanwege de avonturen van Tom en Carolien, maar voor mij vooral een heerlijke oppoetsgids, die ik nog vaak zal raadplegen. Een mooiere départ lancé van de aankomende Franse weken op Gereons Keuken Thuis kan ik me niet wensen.

Frans, tu comprends? Complete gids voor alledaags Frans. Marion Everink (ISBN 9789463190732) is een uitgave van Scriptum en kost € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer 

Le bon BIB.

foto: tempranillo premier van Sensawine bij Le Bon BIB.

Ik ga het vandaag eens over Le Bon BIB hebben op Gereons Keuken Thuis. BIB is een fenomeen, dat ik uit de Franse grandes surfaces ken en tevens via mijn wijnimportavonturen langs de dreven van de Bourgogne en Beaujolais. BIB is een afkorting voor bag in box, een wijze van bottelen van wijn in grootverpakkingen. In Nederland is de consument er wat huiverig voor. In andere Europese landen niet, want daar worden wijnen al jaren aangeboden in deze vorm van verpakking. Ideaal voor de regelmatige wijndrinker, milieuvriendelijker en goed voor je rug. Nooit meer al die lege flessen slepen naar de glasbak. Want een kleine BIB bevat het equivalent van 4 flessen wijn. Tenslotte is een geopende BIB langer houdbaar dan een geopende fles. Je kunt je voorstellen, dat Gereons Keuken en Route regelmatig wat BIBs insloeg onderweg. Ideaal voor feestjes en voor wijnproeverijtjes. Met natuurlijk wat hapjes.

Onlangs maakte ik kennis met Gregor en Jean, de mannen achter Le Bon BIB. Zij hebben zich als doel gesteld, de Nederlandse BIB markt te veroveren met hun webshop vol kwaliteitswijnen in deze verpakkingsvorm. Bij hun ontdekkingstocht bleek, dat sommige BIB kwaliteitswijnen al te koop waren. Andere wijnen worden speciaal gebotteld voor de heren. Of geBIBt, zoals zij zelf zeggen. Tegen schappelijke prijzen. De collectie van Le Bon BIB bestaat uit  Franse wijnen uit de Languedoc, Gascogne en Côtes du Rhône in rood en wit en in 3 en 5 liter BIB’s en dat tegen schappelijke prijzen. Ik zag ook een biologische rosé uit de Minervois, fijn voor de zomer al fresco. Er is wijn uit Zuid Afrika en uit Spanje. Uit dat laatste land proefde Gereons Keuken Thuis de rode Sensawine tempranillo premier van Bodegas Celaya uit la Mancha. Vier maanden gerijpt op eiken met een stevige rode tint. Tinto is niet voor niets Spaans voor rood. Met in de mond kersen en ander steenfruit. De eerste houtgerijpte wijn in hun collectie, die is geBIBt. Ga eens kijken op Le Bon BIB en laat je verrassen door het assortiment. Easy does it!  Daar moet wat bij worden gegeten. Een stevige Spaanse soep van de hoogvlakte, waar het in de winter knerpend koud is en waar de druiven in de zomer bijkans worden gestoofd. Ik maak voor deze BIB ridders een Castillaanse soep met kikkererwten voor bij de Spaanse oerdruif tempranillo. Salud y buen provecho!

Nodig:

2 schouderkarbonades

2 rode uien

3 tenen knoflook

1 prei in ringen

2 wortels

1 rode paprika

3 stelen bleekselderij

100 g blokjes chorizo

2  potten kikkererwten uitgelekt

glas rode wijn.

zout & peper

paprikapoeder

1 blik gepelde tomaten

2 bouillonblokjes, groente of kip.

1,7 liter kokend water

2 tl pimentón de la Vera

gehakte peterselie

olijfolie

Bereiding:

Snijd de groente fijn, snipper de uien en hak de knoflooktenen fijn. Bestrooi de  schouderkarbonades met wat peper, zout en paprikapoeder en verhit wat olijfolie in een diepe pan. Bak het vlees om en om aan. Haal de karbonades eruit en zet apart. Bak de chorizo uit en voeg de uien, groente en knoflook toe. Bak kort aan, voeg de tomaten uit blik en pimentón toe en blus af met wat rode wijn. Snijd de karbonades in stukjes en voeg toe. Voeg hierna gekookt water en de bouillonblokjes toe. Laat het geheel een half uur koken op laag vuur en voeg als laatste de uitgelekte kikkererwten toe. Laat deze nog 10 minuten mee garen. proef en voeg eventueel nog wat smaakmakers toe. Serveer direct in kommen, gegarneerd met wat gehakte peterselie en met stevig boerenbrood.

Tsukémono, Peter van Berckel.

foto: cover Tsukémono, snelle groentefermentaties uit Japan.

Tsukémono, snelle groentefermentaties uit Japan. Gereons Keuken Thuis staat op het punt een nieuwe liefhebberij te starten. Ik hakte al van alles in de pot, van tomatensaus tot appelstroop, maar sinds ik het mooie boek Tsukémono en de  Hi Pet picklepers ontving van fermentatieleraar Peter van Berckel ben ik helegaar in de ban van deze stijl van pickles maken. Het fermenteren van groente zoals het in Japan al eeuwenlang gebeurt. Snel en je kunt het elke dag doen, want met dit apparaat zijn je gefermenteerde groentjes in een handomdraai klaar.

Het fermenteren zit in de genen van Van Berckel, vertelt de schrijver in de inleiding van zijn boek. Hij stamt uit een geslacht van jeneverdestillateurs en bierbrouwers. Zelf is deze vrolijke kok al dertig jaar bezig met natuurvoeding. Hij gebruikte kefir, desem, kombucha en tempeh al voordat ze hipster werden. Niet alleen voor de consumptie, hij reisde zelfs naar Frankrijk af om alles te leren over wilde fermentatie. Daarna ging het snel. Peter ging zich specialiseren en werd fermentatieleraar, voor hem nog steeds een leuke ontdekkingstocht. Het creëren van nieuwe smaken, het ontdekken van telkens nieuwe gezondheidsaspecten. Het is een hele wereld. De wereld van Peter van Berckel.

foto: fermentatie maestro Peter van Berckel

Het eerste gedeelte van Tsukémono gaat over de geschiedenis, de smaak, de methode en gezondheidsaspecten van Tsukémono, de Japanse naam voor gefermenteerde groente. Al in de 4e eeuw ontdekten de Japanners deze methode en door de eeuwen heen zijn vele smaken en soorten ontstaan. Peter besteedt ook aandacht aan de tradities van de Japanse maaltijd, het vleselijke, maar ook de spirituele kant, het dankbaar zijn voor al het goede en de moeite die is getroost om in harmonie te leven met al het moois uit de natuur. Hij legt daarna de verschillen de wijzen van pickelen, picklen en pekelen uit en het verschil tussen traditioneel fermenteren en het werken met de pickle pers. (mijn nieuwe huisdier) Hygiëne komt nog aan bod en dan is het tijd om zelf aan de slag te gaan. Het daadwerkelijk zouten, kneden en persen van groenten. Smaakmakers toevoegen. Een kind kan de was doen. Het streven naar smaakbalans. Tsukémono is zo’n mooie traditie van de harmonie tussen zout, zuur, zoet, bitter en tot slot umami.

foto: stylish tsukéziki.

Ik maak een sprong naar het tweede gedeelte van het boek, de recepten. Als je de aanwijzingen goed opvolgt kunnen je pickles gewoon niet mislukken, minimaal 30 minuten in de pers en klaar is je gezonde groentehapje. Van Berckel start met Oosterse recepten zoals zoetzure rettich en appel pickle, kimchi ontbreekt niet of sushi van gepicklede kool. Overal worden de recepten uitgelegd in duidelijke woorden en foto’s. Spelen met smaken en de pickle pers doet de rest. Ter voorbereiding was ik onlangs bij een Chinese supermarkt in de stad om te kijken welke smaakmakers en ingrediënten ik zou aanschaffen. Peter legt deze allemaal duidelijk uit. Want de mogelijkheden zijn eindeloos.  Tsukémono is ook in Westerse keukens goed toe te passen. Wat te denken van een echte Hollandse snert pickle of tsukéziki, Peters variant van het in Gereons Keuken veel gegeten Griekse yoghurtgerecht. Zelfs caponata van Sicilië behoort tot de mogelijkheden.  Wat een keuze allemaal en dan te bedenken dat het allemaal gewoon op basis van groente en wat zout ontstaat. Ik ben overtuigd en heb er een nieuwe smakelijke hobby bij. Tsukémono, snelle groentefermentaties uit Japan. Dat zou je vaker moeten doen!

Tsukémono, snelle groentefermentaties uit Japan, Peter van Berckel (ISBN 9789081821575) is een uitgave van Rineke Dijkinga Books en is te koop voor € 28,95

TIP: kijk ook eens op de vrolijke website van Peter van Berckel, waar je alles vindt over het boek, fermenteren, workshops en benodigdheden.  

video: Peter van Berckel aan de pickle samen met Koken met Kennis Eke Mariën

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer 

Voorjaar 2019 in Gereons keuken Thuis

foto: Voorjaar in Gereons Keuken Thuis.

Voorjaar 2019, het zit er weer aan te komen, al zou je dat, als je naar buiten kijkt met dit herfstige weer niet zeggen. Maar in Gereons Keuken Thuis blijven we optimistisch. Want er zit een leuk voorjaar aan te komen, met meer recepten en wijnverhalen van mijn hand. Dan denk ik aan de lekkere recepten, die professeur Circonflexe uit zijn carnet culinair met mij deelt. Al jaren schrijft deze gewezen leraar van een lycée in Boulogne sur Mer zijn trouvailles in een bruin schriftje. Circonflexe reist graag door de zeshoek, bezoekt markten en wijngaarden, proeft en noteert. Hij gunde mij een blik in zijn carnet en dat levert voor het voorjaar verdraaid leuke recepten op. Zoals de kalfsvleesstoof van vandaag.

foto: wijn uit Friuli.

Wijnverhalen voor het voorjaar, ook een wens die uit de poll kwam, die ik gisteren plaatste op Twitter. Er wordt aan gewerkt met wijnen uit Friuli Venezia Giulia, die een vriend van mij voor mij meebracht. Ook ga ik op ontdekkingsreis door de wereld van de BIB en heb ik inmiddels contacten gelegd met een nu niet nader te noemen wijnhandel. Eens kijken wat daar uit gaat komen.

foto: cover van het mooie boek Tsukénomo

Ik heb ook een nieuw huisdier, weliswaar niet letterlijk, maar hij heet Hi Pet, is van Japanse origine en is in staat de lekkerste Tsukémono te maken, snelle groenten pickles. In zijn boek Tsukémono legt picklemaster Peter van Berckel alles uit. Gereons Keuken Thuis heeft er een nieuwe hobby bij.

Italia gaat ook niet ontbreken. In februari volgde ik een lezing van Onno Kleyn, die vertelde over de vero gusto van Italië. Wat is nep, wat is onecht en wat is echt? Veel dingen, die wij als Italiaans beschouwen zijn dat niet en andersom. In mei verschijnt er van de culineuze en vinaire schrijver zelfs een vuistdik boek over de keuken van de Bel Paese. Dat noopt tot een Italiaanse week op mijn blog.

Verder staat voor begin mei de jaarlijkse #alfresco zomer voor de deur, de grill gaat naar buiten en inzenden van je recepten kan een zomer lang. In september houd ik een verloting van een leuk kookboek.

foto: de heerlijke pepergelei van LovelySpice.

Tijdens de BBQ komt de pepergelei van Lovely Spice zeker van pas in saus en marinades. Oprichtster Naomi stond onlangs voor de deur met haar heerlijke creaties. Ik maak ook wat uitstapjes naar een andere hobby van mij, tuinieren op mijn Amsterdamse balkon en ik ga mijn Frans eens wat oppoetsen. Ik ontving onlangs het leuke boek Frans tu comprends? van Marion Everink over alledaagse gesprekken in deze taal.

foto: conservation quotidienne

Maar vandaag begint het Franse voorjaar met een receptje uit het carnet van eerder genoemde professeur Circonflexe. Gestoofd kalfsvlees, we drinken er een rode Côtes du Rhône villages bij.

video: au marché

Stoof à la façon Crirconflexe

Nodig:

2 grote uien

1 rode paprika

1 kg kalfsstoofvlees

1 grote wortel

1 blik gepelde tomaten

peper & zout

Provençaalse kruiden

rode wijn

knoflook

boter

olie

bloem

Bereiding:

Snijd alle groenten fijn, snipper de uien en hak de knoflook fijn. Snijd het kalfsvlees in blokjes en haal zoor een mengsel van peper zout en bloem. Verhit de boter met olie en bak het vlees kort aan. Voeg de groenten, uien en knoflook toe en zet deze even aan. Bak kort de tomaten uit blik mee en voeg de wijn toe. Laat het vlees op zacht vuur zeker anderhalf uur stoven.Serveer met brood of pasta.

SUMAK, Anas Atassi.

foto: cover van SUMAK.

SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, geschreven door Anas Atassi. Mijn eerste reactie was: “O jee, het zoveelste Midden Oosterse kookboek, wat is dat toch met die keukens?” Om hierna direct een Cruijffiaanse manier van iets vertellen te gebruiken: Je mist pas iets, als je iets mist. Zo ook Anas Atassi, Toen hij voor zijn studie in Massachusetts zijn vaderland Syrië verliet, mistte hij het eten, dat zijn moeder kookte dusdanig, dat hij elke dag een Syrische maaltijd voor zich zelf bereidde. Dat doet hij nog steeds, tegenwoordig in Amsterdam voor zijn partner Jacob. Het brengt hem terug naar Homs, de stad die wij verdrietig genoeg alleen kennen uit andere verhalen van oorlog en verwoesting. Atassi heeft andere herinneringen aan deze stad, die tussen de twee grote steden van Syrië Aleppo en Damascus ligt. Homs is voor hem de zomervakantie, ontbijten bij zijn grootmoeder, zijn eerste baantjes, de barbecues, de ladies night van zijn moeder en vooral de wijze waarop Syriërs het leven vieren. En dat laatste doen de uitgewaaierde Syrische families nog steeds all over the world. Syrisch eten is voor Anas een metafoor voor het verloren dolce vita.


SUMAK is geen kookboek van een chef, maar een bundeling van familierecepten, die Anas Atassi geregeld maakt en met de lezer wil delen. In het begin checkte hij regelmatig de werkwijze bij zijn moeder. Inmiddels wijkt hij wel eens, tot ongenoegen van zijn moeder (ze lijkt wel een Italiaanse), af van de receptuur, door er een eigen twist aan te geven. Wat hij nooit vergeet is dat snufje nafas en het gebruik van Syrische sumak, dat zure kruidje, dat alle gerechten ophemelt. 


De Syrische keuken is een typisch mediterraan/arabische keuken, waarin we invloeden zien van de Arabische, Oosterse (door de zijderoute), Levantijnse, Ottomaanse en Franse keukens. Een rijke keuken van veel verse producten. Nuances per gerecht al naar gelang de streek waar het gerecht wordt gekookt en gegeten. Of bij welke huisvrouw het uit de keuken komt. Sumak start met het kruidenlaatje van Atassi, met daarin Natuurlijk dit besje, Aleppo-peper, tahin, granaatappelmelasse en za’atar. Allemaal smaken, die de laatste jaren veel opgang maakten in Europa.


Sumak begint met een ontbijt van musabaha, kikkererwten in yoghurt-tahinsaus, één van de mannenklusje in de keuken, auberginejam, peterselie-eipannenkoeken en uitgelekte yoghurt, labneh, ontbreekt niet. Een stevig begin van de dag. Mezze, een traditioneel onderdeel van de mediterraan/arabische keukens, ontbreken niet. Zeker niet op de befaamde feestjes van zijn moeder. Hummus trouwens ook niet, Anas geeft twee recepten. Ik wil vooral de mortadella vermelden uit Aleppo. Een gerecht, dat opvalt tussen de vele klassiekers. In Syrië worden alle koude vleeswaren mortadella genoemd. Streetfood komt aan bod. Atassi verdiende hier zijn eerste geld mee. Kocht samen met vriendjes dingen in om te verkopen. Falafel en shawarma ontbreken niet. Net zoals de geroosterde bloemkool.  Zullen we afspreken dat vanaf nu dit laatste gerecht niet meer standaard wordt opgenomen in kookboeken? Gereons Keuken Thuis zag de geroosterde bloemkool in een grote variëteit aan kookboeken uit verschillende landen langskomen het laatste jaar. Laten we maar snel verder gaan met granen, groenten en meer, voor een warme wintertafel, waarmee, Anas een warm bad creëert voor man, familie en vrienden tijdens de Hollandse winter. Vleesgerechten volgen, makloube een aubergine-vleespilav of lamskufta in tahinsaus. Stevige smaken uit Syrië. De kibbeh ontbreken natuurlijk niet. Atissa combineert kip en vis in een hoofdstuk. Nu heeft Gereons Keuken Thuis hem uitgenodigd als zomergast in #talkandtable. Wie weet kan hij dan deze combi ophelderen? SUMAK besluit met zoete gerechten en dranken.


Met SUMAK heeft Anas Atassi een mooi document geschreven, gelardeerd met foto’s, niet van voor de oorlog, maar van het hedendaagse Syrië, waar het nog steeds goed toeven is. Met gerechten, die hem het leven doen vieren, als is hij ver van Homs. Met SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, laat Anas zien hoe hij zijn familietradities nog steeds koestert tijdens zijn vijfjarige verblijf in Mokum (vrijplaats). Om Nederland te danken voor de opvang van Syriërs gaat de opbrengst van dit kookboek naar een evenement met Syrisch eten voor daklozen of kinderen.


SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, Anas Atassi (ISBN 9789038805993) is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 34,99


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer