Altijd Feest, Janneke Vreugdenhil.

foto: cover Altijd Feest.

Altijd feest! Zo lang als Janneke Vreugdenhil zich kan heugen, werd vroeger alles gevierd in het ouderlijk huis. Verjaardagen, Kerstmis, Oud&Nieuw, Koninginnedag en alles ertussenin. Maar ook de dag dat haar ouders verliefd werden, zich verloofden of gehuwd waren. Zelfs als er een grote order werd geplaatst in het bedrijf van vader Vreugdenhil, bakte moeder een taart. Altijd feest dus. Een kneitervolle feestkalender. Soms schoot het door zoals de viering van de aanschaf van de eerste BH, maar over het algemeen mocht dat de pret niet drukken. Janneke Vreugdenhil is hier nog steeds mee behept, want een leven zonder feestjes is als een lange reis zonder pleisterplaatsen. Ook in haar eigen gezin zet zij deze traditie voort. Niet alleen je verjaardag vieren maar ook je halve verjaardag. Haar zoons vinden het, net als Janneke destijds, de normaalste zaak van de wereld.

Tijd voor een feestelijk kookboek dus, om alle momenten in het jaar te vieren. Ik start met het hoofdstuk vieren van december.  Recepten voor deze tijd van het jaar. De goedheiligman is al gearriveerd en dat vraagt om onorthodoxe Sinterklaassoep of een hartige banketletter met appel en salie. Natuurlijk drinkt Vreugdenhil bisschopswijn ter ere van de Sint. Als de Sint is vertrokken beginnen de ideeën en recepten te borrelen voor Kerstmis met een Peruaans “Noche Buena” diner, met als afsluiter de suspiro limeño. Vega op aarde is een andere trouvaille. Of een Italiaans BYO diner. Degenen, die kerststress ervaren raad ik dringend aan bij Janneke te rade te gaan. Die jaarlijkse stress verdwijnt als sneeuw voor de zon met de recepten in dit boek! Tot slot het vieren van het einde van het jaar of moet ik zeggen het begin van het nieuwe met een antikater-recept.

Maar Vreugdenhil stopt niet bij de maand december. Zij viert de winter, met een echte stoof-es in, waarbij er genoten wordt van heerlijke hartverwarmende stoofpotten, zoals de Chinezerige runderstoof. Blue Monday ligt op de loer, tijd voor een kloeke kaastosti. Gewoon vieren die saaiste dag van januari. Net zoals Valentijnsdag en St. Patricksday of Pannenkoekendag!

Janneke Vreugdenhil viert hierna de lente, van aspergefestival tot Suikerfeest en alles wat daartussenin ligt. Een klapper op Koningsdag is de canard à l’orange. Zij viert de zomer met een picknick. Zodra het weer zover is, gaat Gereons Keuken Thuis voor de watermeloen-wodka gazpacho of een pan bagnat. De herfst vier je met een mosselfeest, ein richtiges Oktoberfest, Leidse hutspot op 3 oktober en Halloween met zombie-ogen. En zo is het Altijd Feest in de keuken en aan tafel van Janneke Vreugdenhil. Tot slot vier je ook nog het leven van kraamkost tot rouwkost. Geboortekoekjes en begrafenissoep. Het hoort er allemaal bij.

Altijd Feest is een boek om met aandacht en smaakvol al die speciale feest- en andere levensmomenten te vieren. De schrijfster geeft hiervoor smakelijke recepten. Op deze manier is het altijd feest. En wat de kerststresskippen betreft, spurt naar je lokale kookboekenhandelaar en koop Altijd Feest. Kerst wordt dan een gegarandeerd succes. Have fun!

Altijd Feest, recepten om het leven te vieren. Janneke Vreugdenhil (ISBN 9789057598678) is een uitgave van Podium en is on- en offline te koop voor € 25,00

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De wereld van de HAPPY Pear.

 foto: cover De wereld van de HAPPY PEAR.

De wereld van de HAPPY PEAR.  Het is weer het seizoen van de feesten en partijen in Gereons Keuken Thuis. Lunch hier, culi-event met hapjes, een wijnproeverij daar, een kookworkshop hosten of boekpresentatie bezoeken. Allemaal hartstikke gezellig en lekker. Maar soms schiet mijn eigen eet-regime er een beetje bij in. Zwemmen sla ik dan eens over, wat minder sit ups in de ochtend en ik snoep meer. Gelukkig plofte het kookboek over de wereld van de Happy Pear op de mat. Twee Ierse tweelingbroers, die afzonderlijk besluiten vegetariër te worden.  De mannen startten in 2004 een groentewinkel in hun woonplaats Greystones aan zee en voelen zich sindsdien gelukkiger met hun plantaardig dieet, dat naar hun zeggen veel endorfines in hun lichamen laat vrijkomen. So far so good. Dat is hun ding. Lezers van Gereons Keuken Thuis weten inmiddels dat ik niet zo een fan ben van dit soort lifestyle en gezond eten boeken. Dat heeft vaak nog niet eens met de materie gezond voedsel te maken, maar met de toon, die wordt gebezigd. Van de kansel wordt dan geschreeuwd, dat het einde der tijden nabij zal zijn als er niet minimaal elke dag een flinke portie zaden, groenten en andere superfoods naar binnen worden gestouwd. Los nog van het hoge “kijk mij nou toch eens” gehalte.

Tijd dus om de theorie van deze twee heren eens langs de lat te leggen. Want Stephen en David Flynn zijn er van overtuigd, dat je door een plantaardige leefstijl niet alleen gezonder wordt, maar ook gelukkiger.  Hun kreet is #eatmoreveg  Ze bereikten met hun leefstijl een grote schare fans, waaronder Jamie Oliver. Wat houdt hun leefstijl in?

 foto: 4 minuten “gevangenisgym” per dag.

Het boek begint met een stevig, edoch gezond ontbijt. De bekende smoothies, chiazaad pap, granola en pannenkoeken van quinoa. Ik vind hun Griekse dakos en frittata met groente leuke recepten. Ze zijn niet 100% vegan, maar dat is ook niet het doel. Het vegan Ierse ontbijt vind ik wat bewerkelijk en vergezocht. Ga je dan gewoon eens te buiten aan bonen, worst, spek en eieren.  Soepen, dit hoofdstuk start met tips voor het maken van een krachtige groentebouillon, te gebruiken in een linzensoep of voor een fluwelige witte soep, van selderij, pastinaak en bloemkool. Een mooi voorgerecht als je vegan gasten hebt met de kerstdagen.

Naast een filosofie over plantaardig eten hebben de broers Flynn ook een duidelijke mening over leven in een community als het stadje Greystones. Zij genieten duidelijk van de dagelijkse contacten met bewoners en klanten in winkel en café. Van welke leeftijd en type dan ook. Iedereen doet op zijn of haar manier mee in tegenstelling tot community’s op social media. Hierna volgen portretten van klanten, bezoekers en virtuele volgers, zoals inderdaad Jamie Oliver.

Het boek gaat verder met salades, een intermezzo over gezondheid en calcium en eiwitten in planten. Maar het meest in het oog springende vind ik hun betoog over bewegen. Gereons Keuken Thuis kan het beamen, want van veel bewegen word je inderdaad minder stressvol en in mijn geval ook creatiever. Veel blogs bedenk in tijdens een zwem- of yogasessie. Daarnaast verbroedert sport, getuige het feit dat de broers Flynn en medewerkers van de Happy Pear elke dag een work out doen op de binnenplaats.

Hoofdgerechten volgen, burrito’s, een groentepaella, wat Indiase gerechten en ideeën voor een groente BBQ. De regenboog groenteterrine zal niet misstaan op de vegan kerstdis. En kookboek vol simpele balansdag recepten. Prima voor tussen de partijen door, zal ik maar zeggen.  Er volgen nog wat dips, een hoofdstuk vol zoete dingen en een hoofdstuk vol tips om te gaan leven volgens het Happy Pear principe. Geen preken, maar gewoon doen. Dat laatste vind ik misschien wel het allerleukste aan dit boek. Als je je lifestyle kunt delen, in dit geval de plantaardige van de Happy Pear, met de mensen om je heen word je vanzelf een gezonder en gelukkiger mens. Fijne dinsdag heren Flynn!

 foto: every day swim!

De wereld van de Happy Pear, Stephen & David Flynn (ISBN 9789463190848) is een uitgave van Scriptum en is on- en offline te koop voor € 24,95

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

BIJDENDIJK, een keuken voor de Lage Landen.

 foto: cover BIJDENDIJK.

 

Bijdendijk, een keuken voor de Lage Landen. Gereons Keuken Thuis gaat (opnieuw) leren koken. Volgens de vier pijlers van Joris BijdendijkHet mooie product, de techniek en bereiding, consistentie van je gerecht, perfectie van de recepten met oog voor de details. Joris wist in zijn jeugd in de Ardennen al wat hij wilde worden. Nee, geen brandweerman, geen rockster of piloot, maar topchef. Geïnspireerd door het moois uit de moestuin, boomgaard en de beek bij het huis van zijn ouders ontwikkelde hij een plan om eens de sterren van de hemel te koken. In een notendop: Joris ging aan de slag in de Amsterdamse horeca, werkte bij Ron Blaauw, ging in de leer bij de gebroeders Pourcel in Montepellier en kookte bij Bridges een ster bij elkaar. Never a dull moment. Nu zeventien jaar later kookt hij in restaurant Rijks® met Nederlandse producten. Je zou het de culinaire eregalerij van de nationale kunsttempel kunnen noemen. Ik mocht daar eens proeven van zijn kunsten en was verrukt.

 foto: de “plaatjes” van gerechten.

En nu is er dan het langverwachte kookboek van Joris Bijdendijk met een duidelijke missie. Hij werkte er drie jaar aan, want deze kok gaat nooit over een nacht ijs. De nationale keuken prolifereren. Onze keuken naar een hoog niveau tillen. Zodat we er toe doen. wat een ambitie. Dat koken begint voor Joris bij de bron. Goed producten zijn leidend voor een gerecht. Hij herkent feilloos een verse kriel van een wat ouder exemplaar. Door met je vinger te wrijven over de schil. Al is je recept nog zo prachtig, de kwaliteit van je ingrediënten is een must. Een kookboek kan niet zonder recepten, maar deze zijn geen dogma’s. Er is aan de bron zoiets als weglaten en toevoegen. Je eigen draai eraan geven. Zoals in het recept voor radijs en piccalilly of de versheid van Opperdoezer ronde met een oestercrème. In ons land groeit, bloeit, zwemt, graast en vliegt zoveel moois. Dat verdient om er ook iets moois mee te maken. Dat is de bron voor Bijdendijk.

 foto: potten @ RIJKS®

De koolraap in zoutkorst, zijn jeugdherinnering van Bastenaakse kip met dragon, een gebakken forel, zeebaars in zoutkorst. Mooie basisgerechten en voor iedere thuiskok goed te maken. Voorzien en dat vind ik altijd leuk een wijnsuggestie. Bovendien besteedt Joris per recept aandacht aan de opmaak. Want zijn gerechten zijn echte kunststukjes. Dat kan net als sommige recepten wat afschrikken. Maar oefening baart kunst. Ik zelf heb het laatste nog niet in de vingers maar ga het proberen, gestimuleerd door dit prachtige boek. Het is een leerschool. Bijdendijk vertelt er graag over, hoe hij als blonde jongen uit Zuid aan de deuren van de culinaire tempels in Parijs en klopte zonder resultaat, maar uiteindelijk door de gebroeders Pourcel in het diepe werd gegooid. Daar leerde hij doen, doen, faire, doen en nog eens doen. Net zolang tot het perfect is. Dat zie je ook aan Bijdendijk, een keuken voor de lage landen.

 foto: inspiratiebron Bras uit Laguiole.

De missie, het derde deel van het boek, wil laten zien, wat je kunt doen met al het moois uit ons land. En Bijdendijk is niet zonder ambitie. Hij wil de aanstichter worden van een Gouden Eeuw van de Nederlandse gastronomie. Sterallures? Nee, die zijn hem vreemd. Het is de band, die door het samenwerken in een keuken wordt gecreëerd. Samen met sterke, niet anonieme producten creatieve nieuwe vondsten op het menu zetten. “Ik hoop, dat iedereen zin krijgt om met een boodschappentas vol Hollandse lekkernijen achter het fornuis te kruipen” Dat gaat Gereons Keuken Thuis zeker doen. Ik weet zeker dat dit kookboek met een grote Wow factor nu al veel toevoegt aan mijn “al zo brede” kennis. (dank voor deze leuke woorden voorin Joris!) Bijdendijk, een keuken voor de Lage Landen krijgt van mij een plaatsje in de eregalerij van Gereons kookboekenhoek. En ik ga eruit leren koken!

 foto: dank voor de krabbel!


BIJDENDIJK, een keuken voor de Lage Landen, Joris Bijdendijk (ISBN 9789038804084) is een uitgave van Nijgh&VanDitmar en is liever “lokaal” te koop voor € 39,99


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Wat lunchen we vandaag?

  foto: cover Wat lunchen we vandaag?

Wat lunchen we vandaag? De titel van het nieuwe boek van “smulpaapje” schrijfster Susan Aretz. Een bijzondere vrouw met een bijzondere kijk op food voor zichzelf en haar kind. In een tijd, waarin voor velen de lat hoog ligt in het dagelijks leven, een praktisch kookboek om je kind(eren) voorzien van een leuke lunch of traktatie, naar school te laten vertrekken. Volgens Aretz is dat helemaal niet zo moeilijk, noch hoeven er halsbrekende toeren uitgehaald te worden. In Gereons Keuken Thuis zijn echter geen kinderen aanwezig, noch enig benul hoe ik stunning traktaties of gezonde lunchtrommels zou moeten maken. Overigens gaan mijn homemade picknicks er altijd wel in als koek, bij volwassenen dan. Kidproof koken doe ik nooit. Derhalve riep ik de hulptroepen in van mijn vriendin Sofoula en haar dochter. Zij zijn mijn testers en gastbloggers van vandaag. Onderstaand lees je wat het duo van het boek Wat lunchen we vandaag? vond. En nog belangrijker wat deze dames eruit maakten.

  foto: work in progress!

Sofoula vertelt:

“Zeg nou eerlijk. Wie lukt het om ‘s ochtends allerlei ingewikkelde, gezonde dingen klaar te maken voor de kinderen? Het vraagt iedere dag een klein mirakel om iedereen schoon, aangekleed, met de juiste spullen en tassen op tijd op de goede plek te krijgen, niet dan? Voor alle papa’s en mama’s die net als ik niet verder komen dan boterhammen in een trommel met rauwkost en een appeltje is er ‘Wat lunchen we vandaag?’ van Susan Aretz. Het is een mooi vormgegeven lunch- en traktatiebijbel voor ouders met weinig tijd en kieskeurige koters. De gevulde broodtrommels zien er fantastisch uit en kinderen helpen er graag aan mee. Op een stormachtige herfstdag voelt mijn dochter zich aangetrokken tot de hartige appel-kaasmuffins. Ze mag zelf papiertjes in de muffinvorm frotten en kaas en appel raspen kan ze ook. Roeren en dingen af- en uitlikken maken het extra feestelijk. Ik vind de honing, olijfolie en appelstroop erin een vondst. Een paar weken later is het herfstvakantie en komt nichtje Fleur logeren. We zetten ons aan de sneeuwpopmuffins met banaan, bedekt met kokosrasp. Superlekker en best gezond. De pizzatortilla’s maak ik bij elk denkbare gelegenheid. Op woensdagmiddagen, als er ’s avonds kinderen mee-eten, op kinderfeestjes, etc. Je zorgt gewoon dat je altijd een paar pakken tortilla’s in de kast hebt liggen en tomatensaus. Iedereen kan er op leggen waar ie zin in heeft. Makkelijker wordt het niet. De rest van het boek is even praktisch en origineel. De recepten voor drankjes, tienuurtjes en traktaties zijn erg goed bedacht. Tot slot zit er achter in het boek voor de hardnekkige chaoten nog een weekplanner in.”

Dank je wel Sofoula voor je leuke gastrecensie! Gereons Keuken Thuis moet toch echt eens komen proeven al jullie aan de slag zijn geweest. Tot snel!

Wat lunchen we vandaag? Susan Aretz. (ISBN 9789046822715) is een uitgave van NwADAM en is on- en offline te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

¡Sabor Sabor!

 foto: cover Sabor Sabor!

¡Sabor Sabor!  De nieuwe Spaanse keuken van Sandra Alvarez, kandidaat in Masterchef 2015, waarvan  “BAUT” Michiel van Eerde in zijn voorwoord zegt dat hem het meest is bijgebleven, dat deze dame aioli zonder zout maakte en daarvoor stond. Sandra Alvarez kookte met Spaanse ingrediënten en dito temperament.  Zij heeft een grote liefde voor typisch Spaanse keuken. Sandra is niet op het Iberisch schiereiland geboren, maar bracht er wel, vanwege haar Spaanse roots, heel wat zomers door. In Galicië en op Ibiza. Daarna snakte zij een heel jaar lang naar de volgende zomer. Met een soort heimwee naar de geuren en smaken van het land. De rook van Ducados, het zinderende asfalt, pijnbomen en hun hars en Puig Agua Brava colonia.  Wat een geuren. Voor Gereons Keuken Thuis heel herkenbare sensaties. Sandra voegde de daad bij het woord en schreef haar heimwee recepten op in ¡Sabor Sabor! en hoopt je zo te inspireren om ook modern Spaans te gaan koken uit de keukens van Santiago de Compostela tot Eivissa.

In ¡Sabor Sabor! met als ondertitel de nieuwe Spaanse keuken kookt Sandra tradicionales met een moderne twist. Minder vet, meer groente en vaak vegetarisch. De woorden healthy, happy chic en Ibiza hadden mijns inziens niet extra aan de ondertitel toegevoegd hoeven te worden, want de kookstijl van Sandra spreekt al boekdelen. Net als de mooie fotografie.

Dit gezegd hebbende, gaan we aan de slag in de cocina van de schrijfster. Het boek begint met onmisbare ingrediënten, zoals chorizo, inktvisinkt, EV olijfolie, pimentón de la Vera, donkerbruine PX sherry en het geel van de saffraan. Voeg hieraan verse waar, zoals vis, vlees en groente en je kunt aan de slag. We beginnen met, hoe kan het ook anders, tapas y pinchos. Een pincho met gevulde dadel, una bomba de la Barceloneta, met inktvisinkt gekleurd brood. allerlei soorten croquetasauberginechips en het hoofdstuk eindigt met een plank vol prachtige Iberische waar. Ik miste de ensalada rusa, maar die komt verderop in het boek aan bod in een moderne vegetarische versie. Sopasajoblanco, vissoep uit Baskenland, sopa de lentejas en een gazpacho cremoso ontbreken niet.

ClasicosDe tortilla de patatasaardappelomelet. Het emblematische Spaanse eiergerecht. Voor Sandra Alvarez eens de relatiemeter. Een geliefde kookte de aardappels voor en deed banaan in de tortilla.  Je begrijpt dat de liefde snel over was. Want wat de tortilla betreft is ze purist pur sang. De patatas bravaspimientos de Padrónmigas, coca de Ibiza, de paella Valenciana, waar saillant detail, eens een uil voor uit een boom werd geschoten. Via ossenstaart in wijn en chocolade tot zarzuela. Al deze soms wat zware gerechten geeft zij een draai. En worden voorzien, en dat vind ik heel bijzonder, van een Spaanse wijntip.

Het volgende hoofdstuk is healhty (zie mijn opmerking hierboven) met mooie salades, gegrilde watermeloen, zeevruchten salade en groene asperges. Laten we dit gewoon het balansdag eten, noemen na de clasicos ervoor. Veel groente en een recept voor vegetarische bloedworst. Origineel!

Hierna volgt happy chic, een deel vol gewaagde experimenten, zoals een zwart broodje met een inktvisburger, een bikini Iberico, zwarte rijst, coquilles a la gallega. Ik noem het Puerto Banús meets Jockey Club Salinas food. Spaans met een internationale vibe.

Holy aioli,  de quintessentiële saus voor Alvarez met allerlei smaken. Wat een geur en kleur. Gevolgd door aromatische aceitesmermelada de chorizo, gerookt zout en de Catalaanse romescoDulce, zoet hoort erbij. Wat te denken van een Tarta de Santiago? Arroz con leche uit Asturië? Churros met pittige chocolade saus en natuurlijk de flaó van Eivissa. (glaasje hierbas erachteraan?) Tot slot komen dranken als een witte sangria, gin&tonic aan bod en een hoofdstuk over Spaanse wijnen door Sandra’s privésommelier Daniel.

¡Sabor Sabor! is een vrolijk en modern boek. In de van oorsprong wat zware Iberische keuken wordt door Sandra  Alvarez verbluffend licht gekookt. Ik zou instant heimwee krijgen naar de asfalt- pijnboom-  en jodiumgeuren tussen Figuretes en Sa Canal. Zoveel sabores!

¡Sabor Sabor!, de nieuwe Spaanse keuken. Sandra Alvarez (ISBN 9789089897602) is een uitgave van Terra en is on- en offline te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

SuriMAM Cooking.

 foto: cover SuriMAM cooking.

SuriMAM cooking, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken. Dat is de zussen Moreen, Aretha & Martha wel toevertrouwd. Zij namen de passie voor en “het –soso lobie– met liefde” bereiden van eten over van hun moeder, die in de jaren zestig naar Nederland verhuisde. Eten was altijd een feest bij de zussen thuis. Oma’s en tantes sneden de ingrediënten en de kinderen scharrelden rond in de keuken. Op deze wijze kregen de drie dames hun familieverhalen en keukengeheimen met de paplepel in gegoten. (Of eten ze in Surinaamse gezinnen geen pap?)

De moeder van het drietal verhaalde hoe zij op het platteland opgroeide. Heel andere beleving dan de flat in Dordrecht en later in Amsterdam. Inmiddels kennen de zussen het land van herkomst op hun duimpje en denken vaak aan de geur van bloemen, planten en kruiden langs de dreven. Nippend aan gemberbier onder de zwoele tropische avondluchten. Hun groene moederland. De basis van hun met –soso lobie– bereiden van eten.

Ik moet bekennen, dat ik niet veel weet van de keuken van Suriname. Niet uit desinteresse, maar de focus van Gereons Keuken Thuis ligt toch vooral in het Europese bassin. Daarnaast, dat is een minder positieve herinnering,  hadden voormalige collega’s de gewoonte om tussen de middag Surinaamse broodjes en roti te halen bij Tjin’s. Als deze maaltijd in de kantoortuin was genuttigd rook de afdeling de hele  middag naar vet. Persoonlijk vond ik het altijd vrij zwaar eten. De tjauw min soep van een warung naast het huis met de kabouters aan de Ceintuurbaan was daarentegen wel heerlijk en evenwichtig. Tijd dus voor een hernieuwde kennismaking met de Surinaamse keuken.

Suriname is een smeltkroes van culturen, Indianen, Creolen, Hindoestanen, Javanen en Chinezen deden een spreekwoordelijke duit in het “culinaire” zakje van dit land. Een klein stukje Libanees, een beetje Joods of Hollandse kost erbij en je hebt een echte melting pot. Het boek start met de Surinaamse voorraadkast en uitleg over ingrediënten. Tegenwoordig zijn deze producten natuurlijk overal te koop.

Het eerste hoofdstuk, “Tang boengswiti srnanan” verhaalt over de koloniale periode en de herinneringen, die de moeder van Moreen, Aretha & Martha hieraan heeft. Daarbij horen de emblematische bruine bonen met rijst en kip, gele pesie (erwten) met karbonade en rijst of  het nostalgische gerecht roti en de tjauw min. Laten we vooral de pom niet vergeten. De jaren 70 waren de tijd voor de zussen van het avondje AVRO. ’s Middags gonsde het al in de keuken om de hapjes klaar te maken, voordat Toppop en Hans van der Togt (wie had daar geen crush op?) hun gewag maakten op de kijkbuis. Vis als kwie kwie masala met oker, telo (gebakken cassave) met bakkeljauw, kokos koekjes en limoenwater op de bank!

Een dagje op stap. Als er familie opgehaald moest worden van Schiphol ging dat natuurlijk niet zonder slag of stoot. Er ging proviand mee. Bojo (cassavetaart), schuimpjes en gemarineerde kippenvleugeltjes. Picknicken is nog steeds een favoriete passtime van de Surinaamse gemeenschap. Een glas markoesa siroop erbij en eten maar. Via feestmaaltijden belanden we in de jaren tachtig van de vorige eeuw. De meiden gingen graag op stap in de hoofdstad en het uitgaan voegde soul aan hun leven toe. Op hun feestjes is er naast Surinaams eten is altijd een DJ booth, want naast lekker eten moet er worden gedanst. SuriMAM geeft recepten voor vrolijke snacks, Surinaamse broodjes met kip-kerrie, kousenband, pom en bakkeljauw. Of voor broodjes met kippenlevers of zalmsalade. Als andere feestelijke hapjes ontbreken schaafijs, een rumpunch of gekleurde flensjes met kokos niet. Alles vrolijk gefotografeerd, de kleur spat van de bladzijden af.

Het laatste hoofdstuk gaat over “losie foeroe” de Surinaamse familie-barbecue. Ik zie dat regelmatig in het Gaasperpark. Lekker sporten, een duik in het water en dan eten –soso lobie– met een Parbo biertje in de hand. Ze weten er wel een feestje van te maken. Trouwens de zussen weten dat met hun boek SuriMAM, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken, ook. Ik zou direct willen aanschuiven. Want soul heeft dit boek!

SuriMAM, op zoek naar de soul van de Surinaamse keuken. Moreen, Aretha & Martha Waal. (ISBN 9789024577675) is een uitgave van Luitingh-Sijthoff en is o.a. te koop bij Scheltema (waar de dames regelmatig koken) of elders. Het boek kost € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De smaak van bloemen, Julia Voskuil.

 foto: cover de smaak van bloemen.

De smaak van  bloemen, tuinieren en recepten met eetbare bloemen. Net als je denkt dat het #alfresco en balkonteeltseizoen een beetje over begint te raken, ploft dit vrolijke boek van Julia Voskuil op de mat. Een kookboek, dat twee grote passies van mij combineert. Koken en rommelen met bloemen en planten op mijn stadse balkon. Lekker zaaien, oogsten en opeten. Alhoewel meestal bloemen van het balkon in een vaasje belanden in plaats van op het bord. Een enkele knaloranje Oost-Indische kersbloem daargelaten of een solitaire dahlia als decoratie. Dat is het zo ongeveer.

De smaak van bloemen is een hommage aan Elisabeth de Lestrieux. (1933-2009) Tuinboekenschrijfster en zover ik me kan herinneren televisie presentator. In 1977 verscheen haar eerste tuinboek. Vele andere boeken volgden. Deze dame heeft maar liefst 50 boektitels op haar naam staan en deze nieuwe titel is een knipoog naar haar boek uit 1991. Want meer dan 25 jaar later is de koken met en de consumptie van bloemen meer dan hot te noemen. En gezond, maar dat vind ik niet het meest belangrijke.

 foto: Oost- Indische kers

Voskuil start in de lente, het seizoen waarin eerst de ui- en lookachtigen ter tafel komen, of bernage (komkommerkruid), de pinksterbloem. Allemaal met beschrijving en culinaire gebruiksaanwijzing. De anjer bijvoorbeeld, nooit geweten, dat die eetbaar was. Julia Voskuil sprak ook met experts, zoals Claudia smultuin Reina, die recepten geeft voor een gele snijbiet stamppot, rozenwater en een smeuïge baktaart met pruimen. Gert Tabak, fotograaf gaat voor dagleliesoep. Rob koppertcress Baan zou van Nederland de gezondste delta willen maken.

De zomer van Voskuil is er één met duizendblad, de bloem van de stokroos, de begonia en knalroze bergamot, met het aroma van Earl Grey. Ook de geranium is eetbaar, volgende keer bij het plukken in de zomer daar eens aan denken. Yuri Verbeek, zelfstandig topchef bij de kokkerie noemt bloemen het takje peterselie van weleer. En zeg nu eerlijk een bonbon van witte chocolade, Sambuca en lavendelsuiker is toch niet te versmaden? Lavendelzout trouwens ook niet voor bij je vis en op de foccacia. Arthur villa augustus van Brug kookt ook graag met bloemen, saliebloemen voor op een pizza.

 foto: sunny dahlia.

Dan komt de herfst, met citrusgeuren. Ik moet ooit nog eens een sinaasappelboompje scoren, want azahar (Spaans voor sinaasappelbloesem) is een favoriete geur van mij. Dahlia, mijn balkon staat er nu half oktober nog vol mee. De bellenman of fuchsia, die ook bessen geeft. Herfstkleur en geur. RozenbottelpeppadewsKruudmoes een streekgerecht met Roomse kervel. Het boek eindigt met de winter, het madeliefje, de camelia, het winters viooltje. Ook in de winter kun je koken en decoreren met bloemen. Bijvoorbeeld in de kreeftenrisotto van Tom ‘t Soerel Oudshoorn.

Tot slot nog wat praktische tips en een eetbare bloemen A-Z. Een heerlijk en praktisch boek, de smaak van bloemen, dat ik bij de start van het nieuwe balkonseizoen zeker ter hand ga nemen.

De smaak van bloemen, tuinieren & recepten met eetbare bloemen, Julia Voskuil (ISBN 9789089897367) is een uitgave van Terra en is te koop voor € 24,99.

 foto: funky pastasalade met rode dahlia.

 A propos! Mocht je nu liever bloemen in een vaas hebben staan in plaats van dat ze op je bord liggen? Ga dan eens met je vaas naar Dennis mooi anders bloemen Lanzaat. Sinds ik dit boek heb gelezen voor mij een culi-adresje of moet ik zeggen snoepwinkel.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Nederlanders in Parijs 1789-1914.

 foto: Pont St. Michel van Camille Corot.

Nederlanders in Parijs 1789-1914, een reis door het métropolitaine Parijs van de negentiende eeuw. Gereons Keuken en Route maakte deze reis mee woensdag jl. Een overzichtstentoonstelling van de werken van 8 kunstenaars die vanuit het toen nog slaperige Nederland naar boomtown en broedplaats Parijs trokken. Het Van Gogh Museum in Amsterdam wil met 120 werken laten zien hoe deze stad de ogen en de harten beroerde van de meestal jonge kunstenaars. Hoe beleefden zij Parijs, wat ontdekten ze daar en op welke wijze beïnvloedden zij de Franse kunstscene? Een mooie tentoonstelling, in samenwerking  met Paris Musées/ Petit Palais en het RKD -Nederlands Instituut voor Kunstgeschiedenis-. Nederlanders in Parijs 1789-1914 toont meer dan 120 werken, waarvan een gedeelte bruiklenen uit musea en privécollecties uit de gehele wereld. Edwin Becker (Van Goghmuseum) en Mayken Jongman (RKD) zijn de conservators. Zij namen de aanwezigen mee op pad.

 foto: de conservatoren vertellen!

Parijs had met zijn broedplaatsen, de mogelijkheden van exposeren en opleidingen een meer dan magische aantrekkingskracht op jonge kunstenaars van over de hele wereld. Ook op Nederlandse kunstenaars. Parijs was een nieuwe wereld en na het midden van de 19e eeuw was je er met de trein in één dag. In deze wonderlijke stad. (vergelijkbaar met de indrukken die je ervaart als je voor het eerst Manhattan  binnen rijdt via één van de bruggen) Een stad, waar je anderen ontmoette, nieuwe ideeën, andere culturen. De boost van de grote stad. Het zette de Nederlandse kunstenaars zoals Jongkind, Breitner, Van Gogh, Van Dongen en Mondriaan aan tot het maken van geheel nieuwe werken. Ook speelden hierbij ontmoetingen met Monet, Degas, Cézanne en Picasso. Een periode van verregaande kruisbestuiving in de kunst.

 foto: bloemen door Van Spaendonck

Monet zegt bijvoorbeeld over Jongkind, dat hij de man is die hem uiteindelijk goed leerde kijken. Van Spaendonck, waarmee het verhaal begin had 35 jaar lang een atelier in de Jardin des Plantes en maakte het schilderen van stillevens op 17e eeuwse wijze mateloos populair in Frankrijk. Ary Scheffer werd een bekende salonschilder. Kaemmerer werd door zijn contacten met kunsthandelaar Goupil één van de best verkopende kunstenaars. Van Gogh raakte begeesterd door impressionisten als Monet, Pisarro en Signac. Zijn kleurgebruik veranderde, mede door de betere verf, die in Parijs volop verkrijgbaar was.

 foto: Doop tijdens Directoire, van Kaemmerer.

Van Dongen raakte gefascineerd door het nachtleven van Montmartre, dat een enorme aantrekkingskracht had op jonge kunstenaars en anderen. Jan Sluijters deed Van Dongen na. Breitner vertrok naar Parijs en nam het impressionisme mee. Bij terugkeer in Nederland ging hij terstond naakten en ballerina’s schilderen. Mondriaan is de laatste kunstenaar van deze belle époque, hij ontwikkelde in de Lichtstad een volledig abstracte beeldtaal.

Nederlanders in Parijs 1789-1914 neemt je mee op reis door een tijd, waarin alles heel hard veranderde. Parijs werd herbouwd door baron Haussmann, Montmartre, eens een slaperig dorp werd het toneel van feesten en oh la la. Deze tentoonstelling zuigt je  als het ware op.  Net als Parijs deed bij deze 8 schilders. Er ontstond een gepassioneerde relatie tussen de kunstenaars en deze stad. Te zien in hun eigen werk, maar ook in de werken van anderen. Vol verbeelding, het kon niet op. De sky was de limit en je ziet de kleuren feller en sprankelender worden, naarmate de eeuw vordert. Een eeuw vol nieuwe kunst en verhalen. Het feest eindigt in 1914 met la Grande Guerre.

 foto: schilderij nr. 11, Piet Mondriaan

Nederlanders in Parijs 1789- 1914 is van 13 oktober 2017 tot en met 7 januari te zien in het van Van Gogh Museum. Daarna is de tentoonstelling te zien in Parijs. Uitgeverij TOTH geeft in samenwerking met het RKD een speciale catalogus uit met portretten en illustraties van de kunstenaars, die lang of kort in deze stad verbleven. Nederlanders in Parijs 1789- 1914 is er in een Nederlands- en Engelstalige versie en kost € 29,90.

foto: Zicht uit Theo’s appartement,Vincent van Gogh

Wie Parijs zegt, zegt eten. In de negentiende eeuw, toen behalve kunstenaars, ook veel andere jongeren hun geluk kwamen beproeven in de stad, schoten brasserieën, bistro’s, estaminets en restaurants als paddenstoelen uit de grond. Plek om elkaar te ontmoeten, een glas wijn te drinken. (door de trein was de Beaujolais een stuk dichterbij komen liggen) en je maal te doen. Zoals een stevige kom uiensoep. Hartverwarmend na een dag schilderen op je krappe zolderkamer. We drinken er een vrolijke Beaujolais Villages bij.

 foto: Bal Tabarin van Jan Sluijters

Nodig:

1 kg uien

50 g boter

2 el olijfolie

2 takjes tijm

1 takje rozemarijn

1 el mosterd

1 liter runderbouillon (vers of van blokje)

1 glas rode wijn

1 laurierblaadje

stokbrood

geraspte oude kaas of Gruyère

gehakte peterselie

peper en zout

Bereiding:

Pel de uien en snijd ze in grove stukken. Verhit de boter en olie in een diepe pan. Voeg de uien toe en laat op laag vuur in een kwartier glazig worden. Zet het vuur hoger en bak de uien in circa 10 minuten bruin. Blus af met een glas rode wijn. Voeg de mosterd, tijm en rozemarijn toe. Als laatste de warme runderbouillon. Laat het geheel nog zeker een half uur pruttelen. Voeg naar smaak nog wat peper en zout toe. Snijd plakken van het stokbrood en leg deze bestrooid met de kaas kort onder de grill. Serveer de Franse uiensoep in diepe kommen met het stuk stokbrood erin. Strooi er wat fijngehakte peterselie overheen.

 foto: De blauwe japon Kees van Dongen

Dagelijkse kost 2, Jeroen Meus.

  foto: cover Dagelijkse Kost 2.

Dagelijkse Kost 2, koken met gezond verstand. Op de zondagvooravond gaat Gereons Keuken Thuis er altijd even voor zitten. De weekeditie op Eén van Dagelijkse kost, mijn apéro TV moment, met Jeroen Meus, die schalks aan den kook gaat met makkelijke, maar ook mooie klassieke gerechten. Glas in de hand en genieten van al dat eten. Jeroen Meus is geen onbekende in Vlaanderen en daarbuiten. Dagelijks maakt hij een kostje voor honderdduizenden kijkers. Echt eten, van bij ons, zoals hij pleegt te zeggen. Altijd met een kwinkslag en voor iedereen te maken. Met liefde.

Ik begrijp wel, dat deze kok en TV chef zoveel boeken verkoopt. Iedereen wil toch wel zo’n razende Roeland – ik bedoel Jeroen- in de keuken hebben staan? Nu is dat natuurlijk niet direct mogelijk, maar je kunt wel aan de slag gaan met de gerechten uit Dagelijkse kost 2.

Jeroens nieuwe boek start met een persoonlijke brief aan de lezer. Hij resumeert de dag, zijn wandeling in het bos, de heide in de herfst, kinderen op schoolreis met thuis gesmeerde en geplette boterhammen. Eenmaal thuis een slok water. Jeroen beeldt zich in dat het water uit een koele bron komt. Beeld het je in en smaak krijgt instant een extra dimensie! Italiaanse chef Antonio Carluccio krijgt driewerf gelijk van hem. Vers geoogste erwtjes, zoontje George at een in suiker gedoopte stengel rabarber. Allemaal mijmeringen doorspekt met herinneringen van zijn eigen jeugd. Daar gaat het om, herinneringen aan eten. Het kunnen nooit hypes zijn, aldus Jeroen. Eten moet worden gekoesterd, nooit geclaimd. Gerechten vertellen ons veel over wie we zijn. Dat is eten voor Jeroen Meus: zonder franje, maar koken met zijn gezonde verstand.  Een boek met 101 nieuwe recepten, waarmee je jouw dagelijkse portie geluk kookt!

Daar gaan we dan. Dagelijkse kost 2 heeft geen structuur, geen hoofdstukken. Het gaat over vlees, vis, veggie, pasta & pizza, salade, soep, uit het vuistje en dessert. Lekker door elkaar en de paginanummers staan erachter. Dus wat je wilt maken is snel te vinden. Ook in het register, dat op ingrediënten is gesorteerd. Tussendoor nog wat basisbereidingen. Duidelijk zat.

Koken is liefde tonen. Met een recept voor stromboli, een duidelijk recept met een tip onderaan om zelf eenvoudige tomatensaus te maken. Tomatensoep met krab. Nee, niet het schaaldier, maar varkenskrabbetjes. Een vidé, wij noemen dat pasteitje in Holland, met bospaddenstoelen en schorseneren. Een rijke vispan met prei. Klassieke kalfsfricassee. Rillettes met toast voor bij de apéro in Gereons Keuken Thuis, instant plezier. Mosselkroketjes, bierke erbij. Zoete babas au rhum met sinaasroom, een hedendaagse twist van de cakejes waar de hertog van Lotharingen zo dol op was! Vooruit, ik noem nog de Luikse balletjes en de hachis van konijn en witloof! Die laatste gaat Gereons Keuken  Thuis  zeker deze winter maken. Wat een gerechten allemaal. Een boek vol hedendaags en klassiek eten. Meus verstaat zijn vak, dat blijkt maar weer eens met Dagelijkse Kost 2. Een boek met 101 recepten, gelardeerd met foto’s van de kost en dagelijkse kiekjes van Vlaanderen. “Alleen in de keuken moet je soms iets opkloppen” De rest is gezond verstand! Mooi motto.

Dagelijkse Kost 2, koken met gezond verstand Jeroen Meus (ISBN 9789022334232) is een uitgave van Manteau en kost € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Talk & Table met Jan-Simon Minkema.

 foto: Talk & table gast Jan-Simon

In mijn jeugd en ook daarna keek ik vaak naar “De familie Knots”, een kinderserie, waarin acteur Jan-Simon Minkema de rollen vertolkte van meester Arend Vogel, Onkel “hands up” X en “ouwe zemelaar” opa Knots. Wat hebben mijn broer (onkel X), een neef (opa) en ik vaak de dialogen geïmiteerd, waarbij ik vaak tegen mijn zin tot neef Herbert werd gebombardeerd. De Knots gekte ging destijds zo ver, dat, als wij het (ook nu nog) over tante Til hebben, precies weten wie we in de kennissenkring bedoelen. De dame in kwestie is nooit meer van haar bijnaam afgekomen. Jaren later leerde ik Jan-Simon opnieuw kennen, weliswaar niet via TV, maar virtueel. We werden Facebook vrienden en ik ontdekte dat er achter de man een cornucopia van creativiteit, schrijverschap en storytelling schuilgaat. Wat veel talenten en een ijver. Daar wilde ik meer van weten, dus vroeg ik Jan-Simon mee te doen aan talk&table, de herfsteditie. Gereons Keuken Thuis laat nu Jan-Simon zelf aan het woord in deze  nieuwe aflevering van talk&table. Ik wil alles van hem weten en beloon deze getalenteerde en creatieve man met een speciaal recept en bijpassende wijntips.

  foto: covers van Jan-Simons boeken.

Wie is Jan Simon Minkema? Vertel eens iets over jezelf?

Ik ben een man van 67 jaar, die geniet van het feit dat hij AOW-er is. Na een leven lang freelancer (ZZP-er) te zijn geweest geeft het me rust dat ik nu een vast maandsalaris heb. Dat wil niet zeggen dat ik niets meer doe, integendeel.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig?

Ik schrijf korte verhalen die ik af en toe op mijn FB-pagina zet. Die verhalen zullen een keer in een nieuw te verschijnen boek terecht komen. Ik geef al jaren boeken uit in eigen beheer.

Ik zie op Facebook vaak kleurige creaties van jouw hand voorbij komen.Vertel eens iets over je creatieve interesses? Hoe zijn die ontstaan?

Ik noem het ‘woonkunst’ en dat kan van alles zijn. Een beschilderd kastje of een dienblad op een kandelaar die ik op mijn eigen manier oppimp. De meeste basisspullen vind ik in kringloopwinkels en het is elke keer weer een uitdaging om er iets kleurrijks van te maken. Ook maak in kleine kastjes met daarin een heilige-medaille of plaatje dat ik opsier met kralen en pailletten. Die kastjes noem ik ‘heiligdommekes’.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen het acteurschap en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk.

Beeldend kunstenaar. (wat ik nu stiekem een beetje ben!)

Met veel plezier lees ik altijd jouw beschouwingen van een gesprek, dat jij hebt gevoerd of hoorde op straat. In zo weinig woorden treffend karakters neerzetten. Hoe doe je dat?

Door op straat, in winkels, op terrassen en eigenlijk overal heel goed naar mensen te kijken en naar de manier van omgaan met elkaar. Ik hoor vaak flarden van een gesprek die mij inspireren. Soms kan zo’n gesprek dagen door mijn hoofd spoken. Uiteindelijk belanden die mensen dan in een verhaal.

Wat is minst aantrekkelijke kant van het schrijven van voor jou?

Het wakker liggen als je zou moeten slapen. Af en toe gaat de inspiratie met me aan de haal en dan lig ik te bedenken hoe een verhaal of een gedicht moet gaan ‘lopen’. Als dat te lang duurt kan ik maar beter mijn bed uit gaan. Vaak doe ik dat dan ook. Dus het nachtbraken is wel eens een nadeel.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven voor jou?

Ach, wat zal ik zeggen: Het geeft een goed gevoel om op papier te zien staan wat je zo bezig gehouden heeft, en als het verhaal of het gedicht gelukt is en ‘naar buiten mag’, dan is het heel fijn om er reacties op te krijgen. En die krijg ik vaak, en vaak erg enthousiast. Dat doet me goed.

Staan er nog andere projecten op stapel? Jij als bezige bij.

Ik ga de tweede helft van november ‘Open Huis’ houden. Dan verkoop ik o.a. mijn boeken en dichtbundels, maar ook de woonkunst die ik het afgelopen jaar heb gemaakt.

 foto’s: de vrolijke woonkunst.

Jij hebt een neus voor koopjes, hoe is dat ontstaan?

Ik heb het altijd leuk gevonden om naar rommelmarkten en kringloopwinkels te gaan. Lekker ‘struinen’. Vaak zie ik iets in een voorwerp waar een ander niets in ziet en dan is het meestal ook niet duur. Een lampenvoet kan dan een standaard worden voor een beeldje. De buitenkast van een bimbamklok wordt dan opeens een leuk prullenkastje. Op die manier dus.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?

Een maaltijd met goede vrienden. Lekker lang tafelen met verschillende gangen vind ik het allerleukste dat er is. En mooie wijn erbij en inspirerende gesprekken maken zo’n maaltijd.  Goddelijk.

En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet mogelijk is?

Ik ben geen kenner, en kan je dus ook geen namen noemen. Ik houd wel veel meer van rode dan van witte wijn. Hoewel een enkele keer witte wijn bij een zomerse salade natuurlijk heerlijk is.

Wat lust je echt niet en waarom niet?

Doperwten vind ik niet lekker. Die kreeg ik in mijn jeugd te gaar gekookt op mijn bord, bah.

Waarheen ga je het liefst naar op reis? En met wie?

Ik heb een hele goede vriend waar ik vaak mee op reis ben geweest, die noem ik ook mijn ‘reisvriend’. Tegenwoordig gaan we vaker dagjes uit, naar een museum of een bedevaartsplaats en zo’n dag besluiten we dan met een etentje. Dat zijn dagen met een gouden randje.

En als je niet creatief bezig kon zijn, wat zou je dan doen?

Ik kan me dat bijna niet voorstellen, want bezig zijn hoort heel erg bij mij. Maar ik lees ook graag, dus als ik niet creatief zou zijn dan zou ik nog meer boeken gaan lezen dan ik nu al doe.

  

Wil je nog iets anders vertellen….delen?

De laatste tijd denk ik vaker aan vroeger, aan mijn jonge jaren. Ik was wel geen hippie maar ik had toch ook een tik van de flowerpower, de mode, de muziek, en het gevoel dat de wereld mooi zou gaan worden. ‘The times they are a-changing’. Dat gevoel mis is soms als ik naar de huidige wereld kijk. Het kan ook zijn dat ik gewoon last krijg van het klimmen der jaren en dat ik zo langzamerhand een ouwe zemelaar begin te worden. (van dat ouwe zemelaar gelooft Gereons Keuken Thuis niets)

  foto’s: heiligdommekes.

Het recept voor Jan-Simon.

Op basis van zijn antwoorden zou Jan-Simon een op het lijf geschreven recept met wijntip als beloning krijgen. Hij noemt niet expliciet één gerecht of ingrediënt, waar hij dol op is. Wat wijnen betreft is hij meer van het rood, dan van het wit. Wat voor Jan-Simon belangrijk is is het delen van de maaltijd met vrienden. Ik zie het helemaal voor me, daar in zijn huis tussen alle kleurrijke woonkunst en “heiligdommekes” Voor deze creatieve duizendpoot dus niet een gerecht, maar 3 gangen herfstig menu met recepten uit mijn kook- en leesboek Gereons Keuken Thuis en een recept voor kalfsgehaktballetjes du chasseur. Met rode wijn uit de Beaujolais en Bourgogne en een afsluiter van Banyuls, zoet en gerijpt.

Salade Beaujolaise aux oeufs croustillants.


Nodig 4 personen:

1 krop frisée sla

1 krop eikenblad sla

250 g gerookte spekjes

3 sneden oud witbrood

4 eieren

olijfolie

2 tenen knoflook

1 el mosterd

rode wijnazijn

1 tl dragon

bloem

peper en zout

Bereiding:

Bak de spekjes uit en laat uitlekken op een stuk keuken papier. Pluk en was de salade. Snijd het witbrood in blokjes en bak er krokante croutons van met wat uitgeperste knoflook. Maak van de olie, azijn mosterd en dragon een dressing. Verhit een ruime hoeveelheid olie in een diepe pan.  Breek de eieren één voor één in het vet. Bestrooi de boven kant met wat bloem en draai het ei om. Bestrooi ook de andere kant met wat bloem en draai nog eens om tot er een mooi krokant ei ontstaat. Laat de eieren uitlekken op papier en bestrooi met zout en peper. Doe de sla op vier borden en schep de dressing erover. Daarna de spekjes en croutons. Erboven op komt het krokante ei.

Wijntip: Fleurie van domaine de la Rizolière.

Kalfsgehaktballetjes op jagerswijze.

Nodig 4 personen:

500 g kalfsgehakt

1 ei

paneermeel

bakje champignons

100 g spekblokjes

2 rode uien

2 tenen knoflook

glas rode wijn

tijm

1 tl paprika poeder

1 dl wildfond

50 g boter

olijfolie

peper

zout

gehakte peterselie

Bereiding:

Maak het gehakt aan met ei, paneermeel, peper en zout. meng goed en draai er kleine balletjes van. Verhit de helft van de boter en olie in een pan. Braad snel de balletjes aan tot ze bruin zijn aan beide kanten. Haal ze uit de pan en dek even af met aluminium folie. Snipper de uien en knoflook. Snijd de champignons fijn. Voeg aan het braadvet de spekjes toe en bak ze kort. Fruit kort wat paprikapoeder mee. Bak daarna de uien en knoflook.. Als laatste gaan de champignons en tijm erbij. Bak alles even door. Blus af met een glas wijn, Giet de wildfond erbij. Laat 10 minuten op laag sudderen. Leg de gehaktballetjes weer in de pan. Deksel erop en laat nog 10 minuten garen. Voeg op het einde wat kleine klontjes boter en de peterselie aan de saus toe. Serveer dit gerecht met wat aardappelpuree.

Wijntip: Rood uit de Les Essentiels collectie van de Caves de Mancey.

Monte Bianchini, kastanjebergjes met room.


Nodig (4-6 personen):

500 g ongepelde kastanjes

1 eetlepel venkelzaad

4 el warme melk

2 el suiker

3 el cognac of rum

4 dl slagroom

1/2 eetlepel poedersuiker

cantucini

Bereiding:

Kerf de kastanjes in met een mesje. Breng een pan water aan de kook met een snufje zout en het venkelzaad. kook de kastanjes in een uur gaar. Giet de kastanjes af en laat ze afkoelen. pel de kastanjes en verwijder ook de vliesjes. Pureer de kastanjes met een fijne draaizeef of in de keukenmachine. Voeg de warme melk, suiker en cognac of rum toe. Klop de slagroom met de poedersuiker lobbig.Vul de glazen onderin met 1 of  2 verkruimelde cantucini koekjes. Schep het kastanje mengsel erop en garneer met een flinke schep slagroom. Ook kun je op een bodem van de koekjes er één  berg van maken en er bovenop een flinke dot slagroom. Een echte Monte Bianco.

En nog een toegift: