Stadskookboek Amsterdam.

 foto: cover Stadskookboek Amsterdam.



Stadskookboek Amsterdam. De laatste jaren beleeft Amsterdam een waar reveil als culinaire stad. Nog nooit zijn er zoveel spannende en goede culinaire adressen te vinden geweest in good old Mokum. En Mara Grimm, culinair trendspotter bij Het Parool weet daar van alles vanaf. Tijd dus om samen met fotografe Liselore Chevalier de stad door te struinen op zoek naar de pareltjes, die onze hoofdstad rijk is. In haar inleiding schrijft Grimm, dat het kan lijken of ze op een grote culinaire roze wolk zit. Niets is minder waar verzekert ze, want het wemelt nog van de Nutellawinkels, kaasmusea en wafeltenten. Er valt dus nog heel wat te verbeteren. Een andere keerzijde van de culinaire wederopstanding van onze stad is, dat slimme horeca ondernemers een puik conceptje lanceren, het liefst in 3 stadsdelen tegelijk, hippe jongens en meisjes zonder enig culinair benul uitnodigen er te komen eten en de tent zit vol. En….. verdwijnt na enige tijd geruisloos van het stedelijke toneel. Gereons Keuken Thuis kan erover meepraten. In Stadskookboek Amsterdam wil Grimm het juist niet over dit soort zaken hebben, maar bezoekt zij gepassioneerde chefs, mooie eetwinkels en ontfutselde hen lekkere recepten. Want culinair excelleren is een proces van vallen en opstaan.

Amsterdam Foodstad start met een interview met Alain Caron, die nooit zelf een restaurant wilde hebben. Nu zijn er twee zaken in de Pijp met zijn signatuur. En voegt hij eraan toe: “Een visje met wat bloemetjes sous vide garen is geen koken, maar armoede verbergen.” De toon is gezet. Giel Kaagman (ik was er van de week nog) vertelt over zijn restaurant. Een top tien van klassieke Hollandse eetwaar volgt. Grimm gaat couscous bij Nadia Zerouali proeven in de Javastraat. Waar kun je tot laat eten? Aan health freaks wordt gedacht. Negen keer old time klassiekers op restaurant gebied, zoals Le Garage en Dynasty in de Reguliersdwars. De leukste adressen in het verhippende Nieuw West, zoals zelf appels en fruit plukken bij de Fruittuin of eten bij De School. Bouchon du centre, een echt fenomeen à la Lyonnaise, waar sla meisjes niet welkom zijn. Tenminste, als ze bang zijn voor bijvoorbeeld lamshersentjes. Gevolgd door een top 9 van Franse zaken. Natuurlijk ontbreekt chefkok Joris Bijdendijk niet met zijn nieuwe keuken voor de Lage Landen. En zo gaat het door, verrassende adressen, mooie interviews en smakelijk beeld. Stadskookboek Amsterdam is een must have voor de Mokumse burger en buitenlui. Grimm en Chevalier nemen je in tekst en beeld mee weg van de gebaande paden, van Van Dobben Eetsalon, één der laatste Mohikanen op broodjes gebied, via tafelzuur van naamgenoten de Leeuw in Zuid tot restaurant 212 aan de Amstel. Gaat het ontdekken zou ik zeggen en als toegift zijn er de recepten om thuis nog eens te maken.

Stadskookboek Amsterdam, Mara Grimm & Liselore Chevalier (ISBN 9789057678806) is een uitgave van MoMedia en is te koop voor € 24,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Dineren aan de gracht.

 foto: petit diner à deux

Dineren aan de gracht. De Amsterdamse grachtengordel werd gebouwd in de zeventiende eeuw, de Gouden Eeuw. Pakhuizen verrezen en woningen van de rijke kooplieden, handelaars en bankiers. In de bochten van de concentrische gordel werden ware stadspaleizen gebouwd, luxueus gedecoreerd en gemeubileerd. Zo streek ook de familie Van Loon neer aan de Keizersgracht. Tegenwoordig is in dit pand Museum Van Loon gevestigd, dat een indruk geeft van het wonen op stand aan deze gracht gedurende vier eeuwen. Pronkkamers, portretten, brokaat behang en kroonluchters. Alles ademt de sfeer van weleer uit. Ik ging het afgelopen dinsdag allemaal aanschouwen. Net als de tuin met een prieel en koetshuis. Wat is het heerlijk toeven achter dit majestueuze huis ver van de drukte van de stad.

 foto’s: dineren op de bel etage

Nu is er de speciale tentoonstelling Dineren aan de gracht te zien en te proeven. Dat laatste figuurlijk dan. De familie Van Loon ontving en ontvangt graag gasten in hun statige voorkamer op de bel etage. Alle registers gaan dan open. De tafel wordt minutieus gedekt, het zilver gepoetst en niets wordt aan het toeval over gelaten. In de video die downstairs te zien is, zegt voormalig hofdame jonkvrouw Van Loon-Labouchère, dat een afzegging heel wat roet in het eten kan gooien. Want als er gedineerd werd, was dat met veel stijl. Ook later, toen de familie op de derde etage in een appartement woonde, werd er in stijl gedineerd, voegt dochter van Loon eraan toe. Het was zelfs de gewoonte dat je je voor het diner omkleedde.

 foto: cover Dineren aan de gracht.

Ter gelegenheid van deze tentoonstelling, die tot 19 januari is te zien, verscheen het boek Dineren aan de gracht, aan tafel bij Van Loon, van de hand van kunsthistoricus Willem te Slaa en culinair schrijfster Janny van der Heijden. Zij doken in vier eeuwen tafelgeschiedenis van de familie Van Loon, zowel aan de gracht als op hun buitens. Naar verluid bestelde jonkheer Willem van Loon het grootste zilveren servies, dat ooit in Amsterdam werd gesmeed. Delen van dit servies zijn nog steeds te zien in Museum van Loon en sierden decennia lang de tafels  van de familie. In het boek wordt verteld over de diners van de familie, hoe zij die organiseerden en komt een stuk decorum en etiquette aan de orde. Want zeg nu zelf, een mooi georganiseerd formeel diner heeft toch wel iets. Tot zover de geschiedenis over het leven van deze familie aan de grachtengordel.

 foto’s: up & downstairs.

Gegeten werd er ook. Janny van der Heijden dook in de gewoonten en in de door de familie bewaarde recepten. Zij herschreef dertig recepten voor Dineren aan de gracht en vertelt in blokken tussen de geschiedenis van dertien generaties Van Loon over cacao, service à la Russe, de ijskelder.  Achterin het boek vind je de negentiende-eeuwse recepten, voor een Charlotte Wladimir, heel klassieke hazenpeper, kreeftcroquetten, schildpadsoep (uiteraard zonder schildpad) of poussins Marengo. Wat een mooie gerechten allemaal. Gereons Keuken Thuis weet nu al dat één van mijn tien kerstmenu’s op mijn blog dit jaar uit dit fraaie kook en leesboek gaat komen. (moet ik er alleen de wijnen er nog bij verzinnen) En… ik ga het zilver poetsen, het oude porselein te voorschijn toveren, de kristallen glazen en karaffen afwassen en de tafel dekken. Voor een diner, weliswaar niet aan de Keizersgracht, maar gewoon at home in Amsterdam West. Kaarsen aan, feestelijk net als bij de familie Van Loon.

 foto: de grachtentuin in herfstlicht.

Dineren aan de gracht, Willem te Slaa en Janny van der Heijden (ISBN 9789038805580) is een uitgave van Nijgh & van Ditmar en is bij bezoek aan het museum of in je favoriete boekhandel te koop voor € 29,99

De expositie Dineren aan de gracht is tot en met 19 januari te zien in Museum van Loon aan de Keizersgracht 672 in Amsterdam. Aanrader!

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Talk & table, Dolly Bellefleur.

  foto: Dolly Bellefleur gefotografeerd door Piek.

Wie kent Dolly Bellefleur nu niet? Deze struise, hooggehakte, langbenige beauty met vooral brains. De theaterdiva met een duidelijke boodschap en een stem als een klok. Theaterdier Ruud Douma creëerde alter ego Dolly 29 jaar geleden en sindsdien is deze grande vedette niet meer weg te denken uit de Amsterdamse gay scene en ver daarbuiten. Dolly is in tegenstelling tot andere travestie artiesten geen sterren  parodiërende en playbackende, maar een zelf teksten schrijvende en zingende, ster. Dit jaar won zij met haar boot de derde prijs tijdens de Canal Parade. Hoewel blij ermee, stemde het gedrag van sommige toeschouwers aan wal haar droevig. Want Dolly heeft ook een boodschap, die zij verpakt in haar shows, in haar liedjes of tijdens een protest tegen de -pseudo- tsaar Poetin. Brains alom dus. Een ideale gast voor mijn serie Talk & table. Ik wil alles van haar weten en beloon deze veelzijdige vedette dan met een speciaal recept en een bijpassende wijnsuggestie.

Wie is Dolly Bellefleur. Vertel eens iets over jezelf?

Net zoals Geppetto Pinokkio heeft geschapen, Professor Higgins zijn Eliza Doolittle heeft geboetseerd heb ik als Ruud Douma op een dag, om precies te zijn 28 oktober 1989, mijn alter ego Dolly gecreëerd. Kiest de ene kunstenaar voor verf en een andere voor marmer voor mij bleek een vrouwelijk alter ego het ideale expressiemiddel. Het was liefde op het eerste gezicht. Dolly blijkt een toverstafje te zijn waarmee ik de meest uiteenlopende mensen met elkaar kan verbinden. Inmiddels trek ik al 29 jaar als een soort Frau Antje van het Verkeerde Kantje door ons kikkerlandje. En probeer ik in alles wat ik doe, of het nou gaat om mijn (lied)teksten, theatershows, columns of de webcomic Made in Dolland, een lans te breken voor alle buitenbeentjes die afwijken van de norm. Of je nu homo, hetero, lesbisch, transgender bent of (b)i? We are family. Let’s celebrate diversity!

Je bent niet vreemd
Je bent uniek
Je bent te gek
Niet geestesziek
Je bent apart
Hoezo verward?
Omdat je nu eenmaal
De norm graag tart
Je bent niet knots
Ook niet geschift
Omdat jij als man
Graag je lippen stift
Wie in de zaal
Is er normaal?
En wie bepaalt dat allemaal?
 

Wat doe je op dit moment, bijna twee maanden na de Gay Pride? Wat houd je bezig?

Na de Pride had ik een dipje. Ik ben er inmiddels aan gewend. Het blijkt bij het creatieve proces te horen. Wanneer je maandenlang naar iets toe hebt gewerkt lijkt het onoverkomelijk om daarna in een donker gat te vallen. Toch bleef ik er dit keer veel langer in hangen dan anders. Dat had alles te maken met het katerige gevoel dat ik aan de Canal Parade heb overgehouden. Ondanks de warme liefde en positieve energie die ik voelde aan boord en tussen het publiek aan de kade kijk ik met zeer gemengde gevoelens terug op deze editie van de Botenparade. Ik werd door vele malloten met Super XLL watergeweren beschoten. Je zag ze nota bene hun supersoakers vullen met grachtenwater en dan op mij richten. Soms recht in het gezicht. Zo respectloos. Het gaf me een heel onveilig en unheimisch gevoel. Sommige gedeeltes op de Prinsengracht waren echt de hel op aarde. Daar lagen drie rijen dik boten met daarop zeer asociaal volk. Die hadden een eigen DJ en hun muziek stond zo keihard dat je het gevoel had dat je tegen een muur van geluid moest opboksen. Ze waren louter bezig met hun eigen feestje. Wij waren als het ware de tv die op de achtergrond aan stond. Ik kon af en toe mijn eigen muziek niet meer horen. Zo werden wij overstemd door hun kabaal. Nadat ik mijn frustraties had geuit op Facebook kreeg ik, naast de inmiddels gebruikelijke haatmail, veel bijval. Gelukkig is mijn kritiek door de Gemeente Amsterdam heel serieus genomen. Ik werd direct uitgenodigd voor een gesprek. Ik verwacht dat men gaat adviseren om bepaalde zaken te gaan ‘verbieden’, maar dat we ook moeten kijken naar instrumenten om gedrag te beïnvloeden. Dit laatste is behoorlijk ingewikkeld.
En nu weer in volle vaart vooruit. Volgend jaar zit ik in dertig jaar in het vak en dat ga ik natuurlijk uitgebreid vieren!

Vertel eens iets over je interesse in theater? Hoe is die ontstaan?  Wat deed je voor je tekst en liedjes ging schrijven en optreden?

Die interesse is eigenlijk al in mijn prille jeugd aangewakkerd door mijn extravagante Tante Annie. Ze kon werkelijk de meest uiteenlopende instrumenten bespelen. Van gitaar, piano, viool tot elektronisch orgel. Ze heeft haar hele leven bij haar ouders, mijn opa en oma, op een boerderij in Friesland gewoond. Ik vraag me wel eens af  ‘Stel je voor dat mijn vader deze boerderij wel, zoals eigenlijk de bedoeling was, had overgenomen van zijn vader? Zou ik dan jaren later als ‘boerendochter’ de moed hebben gehad om mijn eigen weg te gaan’. Maar dit terzijde. Iedere zondag als we op bezoek gingen in Oldeholtpade musiceerde ik naar hartelust met Tante Annie. Zij stimuleerde mij ook om te gaan zingen bij het kinderkoor De Zendertjes in Huizen. Ik mocht als jongenssopraan al snel de solopartijen voor mijn rekening nemen. Nadat ik de baard in mijn keel kreeg heb ik lange tijd mijn theateraspiraties in de ijskast gezet. Na de nodige omzwervingen, ik werkte o.a. bij een reisburo, studeerde aan de Hogere Hotelschool in Den Haag, liep stage in Parijs bij Gerard Pangaud, een restaurant met twee Michelin sterren, en studeerde kunstgeschiedenis aan de UvA, bezocht ik in 1989 het intieme Anthony Theater in Amsterdam. Ik was meteen verkocht. De eigenaar vroeg ik of ik een keer een revue wilde presenteren als vrouw. Et voila Dolly was geboren.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen Dolly zijn en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk.

Dat is een lastige vraag. Ik ben dol op taal dus als Dolly niet op mijn pad was gekomen dan was ik wellicht bij een reclameburo gaan werken als copywriter?

Bij jouw stukken, op social media en in je songs merk ik altijd dat jij niet over één nacht ijs gaat, geduldig probeer jij alles uit en weet je een passende tekst te maken. Mijn inspiratie droogt regelmatig op? Hoe doe je dat?

Boven mijn buro hangt een uitspraak van Charles Baudelaire: ‘Inspiratie is: elke dag werken’. Ik ben iemand die zonder deadlines eigenlijk niet vooruit te branden is. Negenentwintig jaar praktijk heeft inmiddels wel geleerd dat in dit vak discipline van levensbelang is. Met name in periodes dat ik wat minder opdrachten heb. Dan dwing ik mijzelf toch om iedere ochtend om 9 uur braaf achter mijn computer te zitten en te gaan schrijven. Groot voordeel van sociale media is dat het een platform is waar ik mijn invallen en gedachtekronkels kan ventileren. Gevaar is wel dat het soms te veel afleidt. Twee Friese wandtegels houden mij bij de les.  Op de een staat: ‘Doch dyn plicht en lit de lju rabje’. Doe je plicht en laat de mensen maar kletsen. Op de andere: ‘It is mei sizzen net te dwaan’. Praatjes vullen geen gaatjes. Of zoals Ru Paul zegt: You better work!

  foto’s Dolly’s after dinner creativity.

Wat is de minst aantrekkelijke kant van Dolly zijn en optreden voor jou? Ik zie regelmatig kwinkslagen van de schaduwzijde voorbij komen.

Ik ben benieuwd op wat voor kwinkslagen jij doelt? Het is mij namelijk met de paplepel ingegoten om ‘je vuile was niet buiten te hangen’. Het is in deze tijd van sociale media natuurlijk heel verleidelijk om ook de schaduwzijde met iedereen te delenIk verbaas me steeds meer hoe schaamteloos mensen met drek kunnen gooien op bijvoorbeeld Facebook. Het lijkt wel de Rijdende Rechter in de overtreffende trap. That’s not my cup of tea. Ik hou me behoorlijk in. Maar af en toe licht ik wel eens een tipje van de sluier op. Bijvoorbeeld als ik bepakt en bezakt een taxi instap en de chauffeur voor de zoveelste keer zegt: ‘Gaat u op vakantie’. Dan schrijf ik daar een stukje over. Of wanneer ik voor de zoveelste keer word opgebeld door een enthousiasteling die mij graag wil boeken voor een of ander evenement en ik voel, nadat ik met complimenten ben overladen, dat hij of zij op het punt staat om te zeggen ‘maar we hebben geen budget’.  Dan steek ik mijn verbazing niet onder stoelen of banken en schrijf een gedichtje als:

Ik ga zo naar de Febo en zeg: ‘Ik wil dolgraag een kroket’.
Als ik betalen moet: ‘Maar ik heb geen budget’.
Dan naar de bakker: ‘Ik ben zo dol op uw baguette.
Doe er maar maar tien… maar ik heb geen budget’.
Bij de bloemist zeg ik beslist: ‘Graag tienmaal zo’n boeket…
Maar ik heb geen budget
Als hij dan zegt: ‘Daaraan doe ik niet mee!’
Antwoord ik: ‘Maar het is zo goed voor je c.v!’

Tenslotte is het door mijn onregelmatige werk bijna onmogelijk om vriendschappen op te bouwen. Doordat ik veel in de weekenden moet optreden is het moeilijk om etentjes en afspraken te regelen met dat handjevol echte vrienden dat ik heb. Hoe vaak ik niet op het allerlaatste moment moet afzeggen omdat ik onverwachts moet optreden.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van being Dolly voor jou?

Ik kom als Dolly op de meest uiteenlopende plekken, waar ik zelf niet zo snel zou komen, en word ook met de meest diverse opdrachten uitgedaagd. Ik zal bijvoorbeeld nooit de dag vergeten dat ik een telefoontje kreeg van het Hubrecht Instituut of ik t.g.v. hun honderdjarig bestaan een lied wilde schrijven en dat wilde zingen in aanwezigheid van koning Willem-Alexander. Moest ik me ineens verdiepen in de wondere wereld van de stamcelbiologie en embryologie. Als dan het kwartje niet direct wil vallen ben ik niet te genieten en word ik vreselijk ongedurig maar als me dan ineens het gouden idee invalt… dat is zo’n onbetaalbaar gevoel. Benieuwd naar het lied:

Sinds een paar jaar mag ik ook mensen in de echt verbinden. Ook zo’n kadootje! Niet voor niets is mijn motto: Laat liefde regeren!

Was jij als kind verlegen of juist een extravert type?

Ik ben als kind ontzettend veel gepest. Ik trok me daarom het liefste terug op mijn slaapkamer. Daar voelde ik me veilig en kon ik urenlang mijn favoriete plaatjes draaien. Ik was in mijn jeugd meer dan ooit een buitenstaander. Het voordeel is dat ik toen noodgedwongen heb geleerd om goed te observeren. Een eigenschap die me later goed van pas is gekomen in het theatervak. To see or not to see? That’s the question!

Kun je wat vertellen over je geëngageerdheid? Je klimt vaak op de barricaden. Heb je dat altijd al gehad?

Ik kan niet tegen onrecht. Mijn ouders hebben me van jongs af aan geleerd dat je moet opkomen voor anderen. Ik moet wel toegeven dat dat in mijn jeugd niet altijd gelukt is. Toen hield ik me vaak op de vlakte. Ik wilde het liefst niet opvallen. De onvoorwaardelijke liefde die mijn ouders mij met de paplepel hebben ingegoten probeer ik nu als Dolly door te geven. Ik heb trouwens altijd het gevoel dat ik tekort schiet. Dat wat ik ook doe het een druppel op een gloeiende plaat blijft.

Noem me een oude zeur, maar ik heb goede herinneringen aan de jaren negentig, met de shows van Hellun Zelluf, de Roxy en mijn ontwakende gay bestaan. Ik mis vaak creativiteit. Soms vraag ik me af of niet alles veel vlakker is geworden en comformischer door social media? Heb jij dat gevoel ook?

Natuurlijk mis ik de Roxy maar ik ben ook aangenaam verrast door huidige initiatieven als bijvoorbeeld Superball. Dat is één explosie van creativiteit.

Je handelsmerk is blond haar, lange benen, korte jurkjes van Tycho Boeker, hoe is dat zo gekomen? En zal er ooit nog een stijlverandering komen?

Mag ik je meteen corrigeren? Jurkjes koop je bij de C & A. Alles wordt voor mij op maat gemaakt. Ik spreek daarom liever van robes. Vanaf het prille begin stond het voor mij vast dat ik wilde ‘afrekenen’ met het clichébeeld dat men vaak heeft als het gaat om travestietheater. Ik ga voor sophisticated en elegant. Niet voor niets zijn mijn stijliconen Audrey Hepburn en Jackie Kennedy. Zo lang mijn benen de weelde kunnen dragen 🙂 zal de roklengte kort blijven. Het is een verademing om al bijna 30 jaar samen te werken met een vakman als Tycho Boeker . De haute coiffure van John Gravemaker zorgt voor een fabulous finishing touch.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?

Mijn vriend en ik omschrijven onze smaak graag als ‘mondain primitief’. Ik kan net zo genieten van streetfood in een kleine warung op Bali, een vijf gangen diner in een restaurant waar een sterrenkok de scepter zwaait of Hollandse andijviestamppot thuis. Ik heb een voorkeur voor de Franse, Italiaanse en Oosterse keuken. Mijn favoriete troostvoedsel is gebakken uien en tomaat. Het doet me denken aan de zaterdagen in mijn jeugd. Dat was de enige dag in de week dat mijn moeder niet uitgebreid kookte. We aten dan brood en dus gebakken uien met tomaat. Alleen de geur al geeft me een warm nostalgisch gevoel.

En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet mogelijk is?

Misschien lijd ik aan stemmingswisselingen? Want ik zou een reeks van de meest uiteenlopende witte wijnen kunnen opsommen. Van een lichte Vinho Verde tot een weelderige Grüner Veltliner. Een uitspraak die me is bijgebleven van de Hogere Hotelschool: ‘Le vin doit pleurer’. De mooiste wijnen ontstaan op de armste gronden.
Ik heb dus een voorkeur voor droge witte wijnen maar een rode wijn waarvoor je mij bij wijze van spreken kan wakker maken is een Fleurie. Deze plaats bevindt zich in het noorden van de Beaujolais. Ik herinner me van een wijnreis dat de bodem hier voornamelijk bestaat uit roze graniet. Tel daarbij op dat deze karmijnrode wijn wordt gekenmerkt door bloemige en fruitaroma’s zoals irissen, viooltjes, rozen, rood fruit en perziken en je begrijpt dat iemand met de achternaam Bellefleur dol is op Fleurie! (geweldig je geeft hiermee een geweldige hint)

  foto: aan het werk in Alkmaar.

Wat lust je echt niet en waarom niet?

Ik ben niet dol op kaas. Ik schijn het als kind heel veel gegeten te hebben. Totdat ik tbc kreeg en heel veel medicijnen moest slikken. Een van de bijwerkingen was dat ik geen kaas kon verdragen. Vreemd genoeg lust ik kaas wel als het gesmolten is zoals op een pizza of een tosti. Maar kaas uit het vuistje of stokbrood met Brie. Daar maak je mij niet gelukkig mee. Dat heeft me er overigens niet van weerhouden om ooit als Frau Antje van het Verkeerde Kantje de Kaasmarkt in Alkmaar te openen. Iedere keer als de kaasmeester mij een stukje overhandigde om te proeven moffelde ik, zodra hij even niet keek, die kaas stiekem weg in mijn handschoenen. 

Waarheen ga je het liefst naar op reis?

De vader van mijn man is geboren in Malang op Java. Op zoek naar zijn roots heb ik veel vakanties doorgebracht in het Verre Oosten en dan met name op Java en op het ‘Eiland der Goden’ Bali. Daarnaast kan ik ook met dolle teugen genieten van la dolce far niente in Bella Italia of een Spaanse rondreis.

Ik heb zelf wel wat ideeën hoe de Pride aan te pakken. Ik zag onlangs je oproep om voortaan wat respectvoller om te gaan met de boten tijdens de Canal Parade? Dat leverde veel aandacht op. Hoe is de respons?

Zie hierboven in het interview

Wil je nog iets anders vertellen….delen?

Zullen we dat doen bij een diner met kaarslicht? Ik kan niet wachten dat je de sterren van de hemel voor mij kookt!

  foto: à table.

Het menu voor Dolly.

Wat een diversiteit in één persoon, Dolly komt uit de antwoorden over als een cornucopia vol ideeën, taalvirtuositeit en creativiteit. Dank je wel, Dolly voor de leuke antwoorden en de moeite, die je hebt genomen.. Vandaar dat ik voor haar een kleurrijk menu heb bedacht, vergezeld van wit uit de Mâconnais en rood -hoe kan het ook anders- de Beaujolais, specifieker een rode Fleurie. Als ik aan deze laatste wijn streek denk, zie ik ook de Franse schrijfster Colette zitten, die jarenlang vrolijke déjeuners organiseerde met gasten van allerlei pluimage. Als entree koos ik de prachtige roze soep van”vriendin, bonendiva en kleurenkook”ster” Joke Boon uit het mooie kookboek Koken met Kleur. Begeleid door een witte Mâcon van Talmard uit Uchizy. Daarna beenham in rode wijnsaus met een herfstssalade van haricots verts, noten en Oost Indische kers. Korst stokbrood erbij. En een rode Fleurie van domaine de la Rizolière. (daarvan houd je er eentje tegoed) Als finale een moelleux au chocolat, zo’n fluffy cakeje met een gesmolten hart van chocolade. Glaasje zoete madeira van Henriquez erbij. Een echte regenboog aan kleuren en smaken. Ik hoop dat het je smaakt. Bon appétit, ma chère Dolly.

  foto: roze comfortsoep met mimosa.

Roze soep uit Koken met Kleur.


Nodig:

1 kipkarkas, restje gebraden kip of kippenpoot

zout en peper

1 laurierblaadje

1/2 el versgeraspte gemberwortel

sap van 1/2 citroen

2 à 3 aardappels in blokjes

1 middelgrote ui gesnipperd

1/2 appel (Jonagold of Elstar) in blokjes

125 g preiwit

1 kleine rode biet in blokjes

75 g zachte roomkaas

4 hardgekookte eieren

1/2 bosje krulpeterselie fijngehakt

Bereiding:

Begin met de bouillon. Doe de kip in een passende pan en giet er 750 ml koud water op. Doe er 1 tl zout, het laurierblaadje, de gember, versgemalen peper en citroensap bij en breng aan de kook. Laat op een heel zacht pitje trekken met het deksel op de pan. Doe de aardappels, ui, appel, preiwit, biet, en een flinke snuif zout samen met 500 ml water in een andere ruime pan en breng aan de kook. Laat 45 minuten zachtjes koken tot alles volledig gaar is.

Schep het aardappelmengsel in de kom van een keukenmachine en pureer met de roomkaas, helemaal glad. Doe terug in de pan. Giet de bouillon als hij lang genoeg heeft getrokken door een zeef. Pluis het vlees van de botjes en doe deze bij de bouillon.

Voeg de bouillon en kippenvlees bij het gepureerde aardappel-bietenmengsel en warm al roerend goed door. proef even en maak zo nodig op smaak met zout en/of peper.

pel voor de eiermimosa de eieren, doe in een kom en prak met vork goed fijn. Meng er 1 el gehakte peterselie door. Schep de soep in borden of ruime kommen Verdeel de eiermimosa erover en strooi er nog wat gehakte peterselie over.

  foto: dwars door de tuin herfstsalade.

Beenham au vin.

Nodig:

4 dikke plakken beenham van goede kwaliteit.
2 dl bouillon (evt. blokje)
1 el bloem
2 el tomatenpuree
2 tenen knoflook
2 dl rode wijn
boter
olijfolie
fijngehakte peterselie
zout en peper

750 g sperzieboontjes

gehakte walnoten

peterselie

gehakte knoflook

olie en rode wijnazijn

Bereiding:

Smelt de boter in een pan, voeg de bloem toe en laat heel kort bakken. Blijf roeren. Voeg beetje bij beetje de bouillon toe en laat al roerend de roux indikken. Pers de tenen knoflook door de roux. Voeg de wijn en rest van bouillon toe. Roer de tomaten puree erdoor en laat nog even zachtjes pruttelen.
Kook de haricots beetgaar in ruim gezouten water, stop het kookproces door ze onder koud water na te spoelen. Maak van de bonen, noten, gehakte knoflook en peterselie een salade en garneer deze met wat herfstbloemen van je balkon. Verhit in een koekenpan de olie en wat boter. Haal de plakken ham door wat bloem en bak de ham kort. Serveer de gebakken ham op schaal met saus erover. Garneer met wat gehakte peterselie.

 foto: moelleux au chocolat.

Moelleux au chocolat


Nodig:

2 grote eieren

25 g suiker

snufje zout

100 g pure chocolade

100 g boter

30 g bloem

4 ramequins (ronde ovenschaaltjes)

boter om in te vetten

bloem om te bestuiven

poedersuiker ter decoratie

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 200 graden. Eieren met de suiker schuimig kloppen. Meng de bloem en het snufje zout er doorheen. Boter en chocolade samen au bain marie smelten. Eiermengsel toevoegen en alles glad roeren. Ramequins invetten en met bloem bestuiven. mengsel over bakjes verdelen. De ramequins 12 minuten in de oven bakken en beslist niet langer. De ramequins op bordjes omkeren en bestrooien met poedersuiker. Eventueel garneren met gedroogde abrikozen in stukjes of ongezoete room.

Neni’s Tel Aviv

 foto: Haya Molcho & NENI.

NENI’s Tel Aviv. In dit najaar streek er een nieuw restaurant neer in de voormalige Citroën garage aan het Stadionplein in Amsterdam. NENI, met een oosters mediterrane keuken, geïnspireerd op het  geboorteland van Haya Molcho, die de huidige restaurantketen ooit startte op de Naschmarkt in Wenen. Gereons Keuken Thuis kwam dit adres al eens tegen in het boek Recepten uit Wenen.  “Neni am Naschmarkt, waar een kokkin met Israëlisch-oosterse roots vernieuwende gerechten serveert, zoals hamshuka of geplette zoete aardappel met zure room.”, schreef ik. De naam NENI is gevormd uit de letters van haar vier zoons Nuriel, Elior, Nadiv en Ilan. Drie van hen vormen samen met Haya het team achter de restaurants, met veel succes, want inmiddels Is NENI op veel stekken te vinden. Tijd om eens een ode te schrijven aan haar roots, vond Haya Molcho en maakte het kookboek NENI’s Tel Aviv. Frappant overigens is, dat er geen vestiging van het restaurant in deze daverende stad aan de Middellandse Zee zit. Maar wat niet is kan nog komen.

In ieder geval is er nu de ode aan haar hometown. Haya neemt je mee op pad langs de leukste adressen, sprak met inspirerende mensen en componeerde heerlijke Israëlisch mediterrane recepten voor dit boek. Het eten, de mensen en hun verhalen staan centraal in het boek. Voor het boek gingen moeder en zoons op pad door de stad, spraken o.a.  met pop up kok Barak Yehezkeli, taxichauffeur en bekende blogger Kobi Rubin, de anti zakenvrouwen Sira Petel & Shiri Assa, een visser en een schrijver en zo gaat het verder. Allemaal inspirerende mensen, die in Tel Aviv leven en natuurlijk eten, want NENI’s Tel Aviv is immers een kookboek.

Met dat eten zit het ook wel snor. Groente in de vorm van sabich en sarma, groene shakshuka en lookbroodjes van Shaffa. (met het woord look vermoed ik een Belgische vertaler) Het boek gaat verder met Neni’s bouwstenen. Dingen, die je altijd in huis moet hebben. Zaken als tahina, zhug, harissa, ingemaakte citroenen, bouillons enzovoort. In dit deel vind je een gesprek met culinair kunstenaar Asaf Doktor. VIS is het volgende onderdeel, visböreks, hier gebruikt zij het Turkse woord, octopus op een stokje of Israëlische zeevruchtenpaella. De gerechten zijn allemaal een beetje een mix en Haya Molcho gebruikt niet voor alle ingrediënten het Israëlische woord. Misschien om te benadrukken dat Tel Aviv een melting pot is?

video: preview van NENI Amsterdam. (bron foodtube)

Vlees komt aan bod van shoarma tot kerrie, weer die mix van Oosters, mediterraan, Israëlisch en Levantijns, met lamsböreks, een eend met tamarindekerrie, shakshuka met merguez en geglaceerde runderribben. Hierna volgen de zoetigheden, ananascarpaccio, challa en een kunafah tatin met pruimen. Het boek besluit met het verhaal van drie sommeliers, Naama Szterenlicht, Aviram Katz en Jessy Bodec, die vertellen over de beste, maar vaak ook dure Israëlische wijnen en wine pairing.

Kortom, NENI’s Tel Aviv is een boek, dat je meeneemt in de internationale, niet per se Israëlische keuken van Haya Molcho en haar zoons. Een boek dat explodeert van kleuren, smaken en mooie verhalen. Een feel good boek. Je zou zo op pad naar deze stad willen gaan. Gelukkig streek NENI hier in de buurt neer. Benieuwd wat ik  daar op het Stadionplein ga proeven.

 foto: cover Neni’s Tel Aviv.

NENI’s Tel Aviv, het eten, de mensen en hun verhalen, Haya Molcho & zoons (ISBN 9789089897886) is een uitgave van Terra en is te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Roberto’s Restaurant 25 jaar!

Roberto’s Restaurant in het Hilton Amsterdam bestaat 25 jaar en dat moet worden gevierd. Met een heuse parade van klassiekers, die al vanaf het begin op de kaart staan. Vijfentwintig jaar lang is het restaurant, dat vernoemd is naar Hilton’s general manager Roberto Payer, trouw gebleven aan de filosofie: “Italiaans zijn in alle facetten” Een knappe prestatie. Vanaf oktober tot aan het einde van het jaar wordt deze filosofie kracht bij gezet met een maandelijks wisselend feestelijk menu, een parade van heerlijke Italiaanse klassiekers. Onder de noemer Roberto’s Teatro maakt de Italiaanse traditie van aan tafel bereide gerechten een come back. Op zondagmiddag ben je welkom met tutta la famiglia voor een heerlijke pranzo, met de naam Tutti a tavola.

 foto: Lombardische pasta.

Tot slot kun je op 16 november aanstaande aanschuiven voor een speciaal jubileumdiner en staat de maand december in het teken van speciale masterclasses onder leiding van Franz Condé, de executive chef van Roberto’s Restaurant. Na een uitstap naar Hilton Boekarest is deze chef terug op honk en achter de kachel. Condé en Payer, allebei Italianen in hart en nieren vormen het winnende team en de basis van het jubilerende restaurant. Beide heren begrijpen waar het om draait nella cucina ed a tavola! Pure Italiaanse smaken. Gerechten gemaakt met top kwaliteit ingrediënten uit de Bel Paese. De beste gevulde Lombardische pasta Casoncelli alla Bergamasca, de lekkerste vis. een mooi stuk vlees, prosciutto van Sicilië en de meest verse mozzarella geïmporteerd uit nationaal park van Cilento in Campania.

 foto’s: gli due maestri.

Dat is al het ware de partituur, waarmee Condé zijn gerechten orkestreert. Op de kaart van Roberto’s Restaurant staat een bekend gerecht, dat is toegeschreven aan Catharina di Medici. Anatra alla arancia, eendenborst met sinaasappel. Een grote klassieker, waar je weinig aan kunt toevoegen. Toch herken je de hand van de twee maestri, Roberto Payer en Franz Condé.

 foto: anatra alla arancia.

Moet ik nog meer zeggen of ga je het zelf ontdekken? Speciaal voor het 25 jarig bestaan is de website,  www.robertosrestaurant.nl vernieuwd en hier vind je alle leuke evenementen en speciale gerechten. Ter gelegenheid van het 25- jarig bestaan bracht Roberto’s restaurant een speciaal magazine uit met verhalen en recepten. Allemaal een reden om naar de Amsterdamse Apollolaan af te reizen en je te laten verwennen door de pure Italiaanse smaken.

 foto: chocolade dessert uit Piëmonte

Wil je weten wat er nog meer gebeurt bij Roberto’s Restaurant? Kijk dan even op de speciale december kalender.: Roberto’s kalender

SIMPEL, Yotam Ottolenghi.

 foto: simpele cover SIMPEL.

SIMPEL. In der Beschränkung zeigt Sich erst der Meister, vrij naar Goethe. Een vraag, die je jezelf kunt stellen als restaurateur en kookboekenschrijver. Ga ik voor uitgebreide en onbekende gerechten en recepten vol spannende ingrediënten, een beetje ingewikkelde bereidingswijzen of  wil ik bekend worden om mijn eenvoud? Fenomeen Yotam Ottolenghi, de uit Israël afkomstige en tegenwoordig in Londen wonende restauranteigenaar koos voor het eerste, zette daarmee een trend, die wereldwijd werd gevolgd. Midden Oosters eten werd een hype en Ottolenghi kreeg een grote schare fans. Vorig jaar kwam zijn boek SWEET uit, een nieuwe loot aan de Ottolenghi boom. Gereons Keuken Thuis is geen thuisbakker, maar de trouvailles in dit boek waren “mouth watering”, om het maar in het Engels te zeggen. Net zoals de chique gerechten in zijn mooie kookboek NOPI, waarover ik schreef, dat het in kort bestek moeilijk zou zijn om alle zintuiglijke prikkelingen te beschrijven. Zo kijk ik naar zijn kookboeken. Het is lees- soms droomvoer voor mij, geen handleiding. In die zin was ik nieuwsgierig wat SIMPEL met mij zou doen?

Er zijn vele soorten koks, de één ervaart het bereiden van de dagelijkse maaltijd als een soort taakstraf, de ander flanst wat in elkaar en voor weer een andere thuiskok is de gang naar het fornuis een bijna dagelijkse liturgie. Zoveel mensen zoveel smaken. Als hij door de stad loopt heeft Yotam Ottolenghi geen idee, wat hij gaat maken, totdat hij langs een groenteman  loopt en zomaar wat koopt. (dit principe werkt ook al jaren prima in Gereons Keuken Thuis) Samen met wat er in huis is vormt dat het avondmaal, stelt de schrijver De echtgenoot van Yotam beleeft dat heel anders. Voor hem is voorbereiding het toverwoord. Eén van de andere schrijvers van SIMPEL, Tara Wigley, vindt pas rust als alle bestanddelen kant en klaar als mise en place in de ijskast klaarstaan. Ze hoeft dan alleen maar te assembleren.

Vele voorkeuren dus, maar hoe houd je het SIMPEL? 

Door structuur: Snel, Ingrediënten niet meer dan 10, Maak van tevoren, Provisiekast, Eenvoudiger dan u denkt en Lui. Elke letter voorzien van een icoontje, dat bij de recepten in het boek staat. Tevens lag er de uitdaging voor Ottolenghi om de veelgehoorde klacht van zijn afficionados te tackelen, wat betreft het aantal soms moeilijk te krijgen ingrediënten. Want niet iedereen in Nederland, maar ook in Engeland, hoeft maar de deur uit te lopen en te kiezen, welke keuken en specifieke ingrediënten hij kan kiezen uit de vele winkels uit alle hoeken van de wereld. Ottolenghi voegt hier wel aan toe, dat een beetje internet shoppen geen kwaad kan. Het moet allemaal ook weer niet te SIMPEL worden.

 foto: zo houd je het SIMPEL.

En dan de gerechten in het boek?

Voor de zondags brunch:  portobello’s met brioche en gepocheerd ei, eigenlijk best chique voor SIMPEL, toast met avocadoboter en brood met rode biet, karwijzaad en geitenkaas. Rauwe groenten, koude komkommersoep met bloemkool en gember en een komkommersalade met veldsla (kan toch echt niet moeilijk zijn). Geroosterde druiven in al hun eenvoud met basilicum en burrata, wat een trouvaille. Een groot succes tijdens een dinertje met vrienden onlangs. Verder met gare groenten, zoals geplette courgettes, geroosterde aubergine met ansjovis. Ottolenghi blijft, ondanks dat het boek SIMPEL heet bij de Levantijnse keuken. Een lijvig hoofdstuk, met voor ieder wat wils. Ik maak een sprongetje, om het simpel te houden naar vlees, lamsburgers met pistachenoten en yoghurtsaus met sumak, vis in de vorm van Bridget Jones’zalm met pijnboompitsalsa of deze vind ik ene hele leuke: “kip Marbella” Een kind kan de was doen. Desserts ontbreken niet, net als maaltijd- en menusuggesties. SIMPEL besluit met een lijst van typische Ottolenghi ingrediënten, die mits goed gebruikt, juist zijn signatuur weergeven aan verder day to day gerechten. Wel een kleine kanttekening: waarom zie ik al die Londense restauranthouders een geroosterde bloemkool erin fietsen? Maar dat terzijde.

SIMPEL is een heerlijk dagelijks te gebruiken kookboek, voor al die koks, die met hun handen in het haar zitten, geen tijd hebben of geen inspiratie. Ik moet zeggen, daar slaagt Yotam Ottlolenghi ook deze keer weer in. De vertaalslag te maken.  In die zin gaat voor SIMPEL Goethe’s slogan “In der Beschränkung zeigt Sich erst der Meister” zeker op.

SIMPEL, Yotam Ottolenghi (ISBN 9789059568266) is een uitgave van Fontaine en is on- of offline te koop voor € 29,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

De zindering van de zee.

 foto: De zindering van de zee.

De zindering van de zee. Stel je voor een mooie nazomerdag in september, Blauw zwerk en een warm zonnetje. Een prima dag voor strand en zee. Lekker pootje baden, voor de zomer echt voorbij is. Maar op deze donderdag toog Gereons Keuken en Route van de hoofdstad naar de hofstad voor een preview van de nieuwe tentoonstelling De zindering van de Zee, die vanaf 14 september is te zien bij De Mesdag Collectie aan de statige Haagse Laan van Meerdervoort. Hendrik Willem Mesdag was in de 19e eeuw een bekende schilder van zeegezichten. Hij hield van de zee. Hij bouwde een huis, toen aan de rand van duinen en was dagelijks aan de kust te vinden. Nam dan in trek in een pension in Scheveningen en schilderde erop los. Zijn meest vermaarde kunstwerk is iets om de hoek van zijn huis te bewonderen, Panorama Mesdag uit 1880. Gezicht op Scheveningen vanaf het Seinpost duin. Met zicht op de bomschuiten, want een haven was er nog niet.

   foto’s: zeegezichten.

Tot zover Mesdag, waarvan de verzameling van eigen schilderijen, verzameld werk van andere kunstenaars en zijn andere verzamelingen nog steeds bij elkaar te zien zijn in deze mooie villa. Een bij uitstek geschikte locatie om deze tentoonstelling te houden met hedendaagse kunst tussen al het werk uit de 19e eeuw. Samenstellers Joanna de Vos en Edwin Becker willen met deze tentoonstelling een hommage neerzetten aan  Bas Jan Ader, Nederlandse kunstenaar, die in 1975 tijdens een oversteek met zijn kleine zeilboot, vermist raakte op de Atlantische Oceaan. Zijn boot werd terug gevonden, Ader zelf niet. Hij vormt sindsdien een inspiratiebron voor vele kunstenaars en verpersoonlijkt het adagium van de zee geeft en neemt. Aantrekkingskracht en gevaar. De uitgangspunten van deze tentoonstelling. Inspiratiebron voor vele kunstenaars onder het motto in search of miraculous.

 foto’s: de aantrekkingskracht van zee.

De Vos en Becker laten bestaande en nieuwe werken van verschillende internationale kunstenaars uit vele genres zien tussen in de negentiende-eeuwse setting van de villa van Mesdag, onder wie Bill Viola, Nan Golding, Enrique Marty, Yves Velter en Jan Fabre. Een spannende uitdaging voor de twee om hedendaage kunst  mengen met de collectie. En geslaagd, omdat het lijkt alsof het moderne werk er altijd heeft gehangen en tegelijkertijd de vaste collectie een boost krijgt.

      foto’s: wisselwerking twee tijdsgewrichten.

Na hun rondleiding kan ik niets anders zeggen, dat De zindering van de zee een must see is, omdat je kennis maakt met de zee in de kunst vanuit twee tijdsgewrichten. Ik ben daar wel gevoelig voor, de zee is in Gereons SeaSpot ook altijd een bron van inspiratie, zitten op de bank wanneer de dreigende herfstluchten en regenschermen van ver over de Noordzee aan komen waaien. Een universeel beeld en gevoel, net zoals de gehele Mesdag Collectie.

 foto:  mythisch zeefiguur.

Het recept

Bij de zindering van de zee hoort een eigentijdse versie van een recept voor het klassieke aumônières de la mer, buideltjes van koolblad gekookt in zeevocht. Het blad beschermt de ragout van vis en mosselen. Voor het nazomer gevoel  drinken we er een  Muscadet sur Lie bij, fris en met een zuurtje. Of een droge appelcider voor de liefhebber.

Nodig 4 personen:

1 kg mosselen

200 g zalm

200 g witvis

200 g grijze garnaaltjes

4 el crème fraîche

3 draadjes saffraan

1 bosje peterselie

1 tl Maïzena

peper en zout

4 grote koolbladeren

1 kop diepvrieserwtjes

water

bindtouw

Bereiding:

Was de mosselen goed. Verwarm in een grote pan een kop water met wat zout. Doe de mosselen in de pan en laat ze in ongeveer vijf minuten openen. Haal de mosselen uit de pan en laat ze iets afkoelen. Haal het mosselvlees uit de schelpen en zet apart. Zeef het kookvocht. Snijd de zalm en witvis in kleine stukjes.

Meng de crème fraîche met saffraan, peper, zout en gehakte peterselie. Los de Maïzena op in het mosselkookvocht en meng dit door de crème fraîche. Breng het mengsel aan de kook in een pan en voeg de stukken vis en erwtjes toe. Als het te dik wordt kan er wat kookvocht bij. Als laatste voeg je de mosselen en garnaaltjes toe. Was de groene kool bladeren en kook ze ongeveer 10 minuten. Leg op elk koolblad een flinke schep van de visragout en bind de bladeren dicht met wat keukendraad. Doe de buidel terug in de pan met het water van kool en kook nog ongeveer 10 minuten.

Serveer de buideltjes op een bord met boerenbrood en gezouten Normandische boter.

 foto: Sea you at zindering….

De Zindering van de zee, eerbetoon aan Bas Jan Ader, van 14 sepetmber 2018 t/m 6 januari 2019 in De Mesdag Collectie Den Haag, Laan van Meerdervoort 7F.

Japan Easy, Tim Anderson.

 foto: cover Japan Easy.



Japan Easy.  De Japanse keuken kende ik tot op heden allen van buiten de deur eten. Bij Hosokawa, Yamazoto of Teppanyaki Nippon. De laatstgenoemde is helaas een all you can eat paleis geworden. Restaurants, waar Japanse chefs hun snijd- en andere culinaire kunsten vertonen. In balans, verfijnd en smakelijk. Ik heb altijd het beeld gehad “don’t try this at home” Niet alleen vanwege de verfijnde technieken, maar ook vanwege de halve apotheek aan exotische ingrediënten, die je aan moet schaffen en die dan in de voorraadkast staan te verstoffen. En daarbij, hoe makkelijk is het om sushi hier om de hoek bij de Japanse take-away af te halen? Tot zover mijn perceptie van thuis Japans eten koken.

Tim Anderson, ik vertelde op Gereons Keuken Thuis al eens over zijn boek Nanban, denkt daar geheel anders over: “De samoerai waren schurken in jurken en vreemde kapsels en haiku zijn limericks die niet grappig zijn” Met dit citaat start hij zijn vrolijke boek Japan Easy. Als autodidactisch Nippon adept wil Anderson je wegwijs maken in de makkelijke Japanse keuken. Sushi? Verrassend makkelijk, Gyoza? Enorm makkelijk, tempura dito. Yakitori of misosoep? Ach dat zet je zo op tafel. Japan Easy is een inleiding in de wereld van de Japanse kookkunst.

Aan de slag, want Anderson, die al van jongs af aan gefascineerd is door Japans eten, neemt je mee aan  de hand. Hij start met zeven Japanse ingrediënten, waarmee je bijna alle gerechten in dit kookboek kunt maken. Sojasaus, mirin, rijstazijn. dashi poeder. sake, miso, rijst. Hierna volgt een lijstje van 10 ingrediënten, die ook van pas kunnen komen. Tim legt uit hoe je rijst kookt, zonder een te plakkerige zetmeelstructuur, want rijst is de aardappel of het brood van Japan. menuplanning komt aan de orde. Eet je één groot gerecht, een combinatie met kleine bijgerechten of maak je een menuutje van veel kleine gerechten. Anything goes laten we maar zeggen. Japans eten zit minder strak in het velletje dan je mocht denken. Doet mij direct denken aan de heerlijke zalmhuid chips, die ik bij Teppanyaki Nippon kreeg voorgeschoteld.

We gaan koken, bijgerechten als  superlekkere edamame, Japanse aardappelsalade of meirapen met zoete misosaus. Kleine gerechten zoals gyoza, romige krabkroketten of kip yakitori komen voorbij. Alles met gedegen uitleg en verbluffend weinig ingrediënten in de declaratie ernaast.

Sushi maken komt aan bod, een prima bezigheid met het weer van vandaag, dat me doet denken aan de prent met regen boven de brug van Edo, die schilder Van Gogh inspireerde tot een schilderij. Maar we hebben het over Japan Easy, niet over het weer. Grote gerechten volgen, een sumo hotpot of pak eens uit met een sukiyaki party. Rijst en noedels spelen een hoofdrol in het volgende hoofdstuk. Tot slot pakt Anderson nog uit met wat basissauzen, zoetigheden en besteedt hij aandacht aan dranken van sake, via groene thee tot Japanse whisky.

Japan Easy, sushi, tempura, ramen of sukiyaki. Het maakt je allemaal gelukkig en na het lezen kan Gereons keuken Thuis dat alleen maar beamen. Japan Easy is een vrolijk boek, dat je als thuiskok de fijne kneepjes van Japans eten leert. Ik stel mijn beeld direct bij. Try this at home!

Japan Easy, Tim Anderson (ISBN 9789000361236)  is een uitgave van Spectrum en is te koop online of in je kookboekhandel voor € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

LELY

 foto: de gezellige bar van LELY.

LELY, er gebeurt iets in Amsterdam Nieuw West. Zolang ik me kan herinneren was er een loze en kale vlakte voor het NS station Lelylaan in Amsterdam, een soort van woestijn, die leefde, met vluchtige passanten. Want niemand wilde dood aangetroffen worden in deze desolate setting. Die dan ook direct bijdroeg aan het beeld, dat “binnen de ring adepten” hebben van Nieuw West. “Woon jij daar?” was vaak de uitspraak, die mij samen met een blik van verbazing ten deel viel. Maar Amsterdam verandert en zo ook Nieuw West en het Cornelis Lelyplein. Veel werd geprobeerd op deze locatie, er werd een trein geplaatst, die anderhalf jaar wachtte op een ondernemer en van de ene op de andere weer vertrokken was. Een hipsterdorp stond gepland en Gereons Keuken Thuis sprak daarover de enthousiaste architect. Je raadt het al, dat dorp is er nooit gekomen. Maar sinds 2016 ging het snel, de immer uitdijende stad had behoefte aan wonen. Dus binnen een jaar stond de hoogbouw van Little Manhattan te pronken in al haar gele glorie. Een woongebouw voor young professionals en studenten. Maar… het plein ervoor bleef leeg, op een filiaal van Subway na. En dat is niet wat bijdraagt aan de sfeer. Met argusogen keek ik naar de lege horecaruimte.

 foto: de koks aan het werk.



Sinds vorige week is het ineens goed toeven op het plein. Met de opening van Bar restaurant LELY. Het geesteskind van vier kompanen, waaronder David André en Frits de Haes, echte pioniers, die met bravoure iets moois wilden neerzetten in deze nieuwe buurt. Geen concept-horeca, maar breder, pure gezelligheid en goed eten voor betaalbare prijzen. Want zo vertelden de heren mij: “Everyone is invited!” Van student tot zakenman, van de buurtbewoner tot accidental tourist. Voor een patat met rendang, een ontbijtbowl met yoghurt of een lekkere bavette met een van de mooie wijnen, die LELY schenkt. Of gewoon voor de gezelligheid, lekker ouwehoeren, flipperen met een schappelijk geprijsd biertje in de hand. De basis moet goed zijn, aldus het team. En daar gaat het alles aan doen. Tot en met 31 augustus eet je bij LELY voor half geld en horen de heren graag je suggesties. LELY is een aanwinst voor de buurt, dat is in ieder geval zeker.

 foto: frisse eigentijdse kleuren en groen.



Bar restaurant LELY vind je op Cornelis Lelyplein 4, 1062 HX Amsterdam 020-2441788



SOIL of Amsterdam

 foto: het duidelijke menu van SOIL.

SOIL of Amsterdam, aan de drukke en immer hipper wordende Bilderdijkstraat, op een steenworp van het Kwakersplein, startten de twee vrienden Remco Groeneveld en Gustavo Bottino onlangs SOIL of Amsterdam. Een restaurant en take-away, waar je van heerlijke, duurzame, seizoensgebonden, plantbased en lokaal geproduceerde gerechten kunt genieten. Met een goed glas wijn of biertje erbij.

De twee heren studeerden in Californië, waar al sinds 2004 veel van dit soort concepten op horecagebied uit de grond schoten, waarbij duurzaamheid en lokaal geteelde groenten de basis vormen voor de gerechten. Met als vaandeldrager het beroemde Chez Panisse in Berkeley.  Zoiets als SOIL was er tot nu toe niet in Amsterdam. Het bracht healthfood lover Groeneveld en levensgenieter Bottino op een idee.

Een ruimte werd gevonden, de tuin werd opgeknapt en in het midden van deze leuke plek is de open keuken, waar al hun sandwiches, ontbijtjes en bowls worden bereid door kok Guillem Francis. En dat deze kok creatief is met soulfood proefde Gereons Keuken Thuis op een zomerse dinsdagavond.

 foto’s: bowls & breakfast.

Het concept van de bowls is heel simpel. Je kiest een  warme geheel plantaardige bowl met klinkende namen als New Orleans of Peanut Curry bowl, waarin de namen verwijzen naar de homemade smaakmakers, een muur vol. De basis is rijst of lokaal geteelde quinoa. En natuurlijk veel groenten. Mocht je niet behept zijn met only vegan, biedt SOIL ook nog wat extra proteïnes in de vorm van Nederlands rundvlees, duurzame kip of eieren uit Barneveld. Bijzondere extra’s komen uit de potten met homemade pickles.

 foto: sandwich met gegrilde groente.

Daarnaast serveert SOIL leuke sandwiches zoals de Greeky of een sandwich met gegrilde groente. Salades zijn er ook te kust en te keur, net als lekkere ontbijtsuggesties. Keuze te over dus, al dan niet met een biertje of glas wijn (ik proefde een heerlijke Tourraine, fris en zomers) en een vrolijke selectie aan lekkere non alcoholische consumpties. En dat alles tegen schappelijke prijzen.

 foto’s: wijn en de pickle wall

Je vindt SOIL of Amsterdam aan de Bilderdijkstraat 141 hs in Amsterdam. Geopend van maandag tot vrijdag van 8 tot 22 uur. En op zondag van 8 tot 20 uur.  Drop by zou ik zeggen.

 foto: appetizers by SOIL