Gereons keuken thuis alfresco 2019.

foto: gereons keuken thuis alfresco, zoals het begon.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. De lustrum-editie. Voor de vijfde keer gaan we buiten koken, buiten grillen, picknicken en op het strand borrelen. Ik noem het nu al 5 jaar mijn #alfresco zomer. Ik nodig dan foodbloggers, maar ook niet bloggers uit om hun leuke buitenkook- en eetrecepten in een reactie hieronder te delen. In september organiseer ik dan een tombola, waarbij twee leuke zomerse boeken zijn te winnen. Dat is op 15 september. Maar eerst gaan we de zomer in. Gelukkig voorspellen de weermannen stijgende temperaturen. Eindelijk, want mei was niet veel soeps. De grill en het kookplaatje op mijn Amsterdamse balkon kunnen weer aan. De strandborrel- en picknickmand staat klaar. Er lekker op uit. Genieten van de lange dagen.

Gereons Keuken Thuis alfresco 2019. Wie weet heb jij (ook) wel een hele buitenkeuken waar de hele zomer wordt gekookt en gegeten? Of picknick je vaak in het park? Of je gaat graag spelevaren op de gracht? Er komen speciale zomergasten langs zoals Janneke Vreugdenhil en Anas Atassi. Er is plek voor Zomerkost van de hand van Jeroen Meus en we verkennen de leukste gerechten uit Catalonië en Portugal. EIVI embracement wines van Ibiza. Anyway, vanaf 1 juni gaat Gereons Keuken Thuis in de alfresco stand. Laat je leuke vondsten weten! Ik heb er zin in. Alvast een fijne zomer!

foto: easy salad

Doe eens gek! Stuur als reactie op deze blog je favoriete recept of leuke al fresco verhaal op. Ik publiceer deze op mijn blog en voor de twee fijnste inzendingen  heb ik op 15 september weer een kookboek klaarliggen. Als prijs. Inzenden kan tot en met zaterdag 14 september.

De #alfresco zomer start dit jaar op 1 juni.

foto: Portugese pastasalade met pit voor dag van de pastasalade.

De #alfresco zomer zit er weer aan te komen op Gereons Keuken Thuis. Buiten koken en eten, een hele zomer lang. Ik kan gewoon niet wachten. Maar dit jaar sluipt er een korte vertraging in. Mijn #alfresco zomer begint dit jaar op 1 juni in plaats van 1 mei. En op 15 september verloot ik weer twee leuke kookboeken. Tombola! De reden daarvoor is, dat er in Gereons Keuken Thuis nog wat onderhanden werk is in de vorm van Italiaanse weken, die zich in de meimaand gaan afspelen, met veel onderwerpen. Pas daarna kom ik eraan toe het grote buitengebeuren weer vorm te geven, met hoemmoes, groente van de grill, een beach picknick met diverse salades en natuurlijk op 1 juli de dag van de #pastasalade. Nu ik dit schrijf, heb ik er al zin in. Contacten zijn gelegd met een importeur van Kretenzische olijfolie, witte wijn uit de Toscaanse Maremma is onderweg, net als funky biertjes voor bij de BBQ. Vergeet mijn BBQ kaas niet en de zomer kan beginnen. Maar tot het zover is vandaag een #lenteherhaalrecept. Met feta gevulde biftekia met gegrilde venkel. We drinken er een glas witte wijn of in mijn geval koude retsina erbij.

foto: gevulde biftekia met gegrilde venkel.

Biftekia gevuld met feta.

Nodig 8 stuks:

500 g tartaar
2 tl oregano
peper zout
2 tenen knoflook
olie
8 blokjes feta
1 rode ui in ringen

peterselie

grote venkelknol in stukken

Bereiding:

Maak acht platte balletjes van de tartaar. Druk met je duim een kuiltje erin en leg hierin de feta. Vouw dicht en druk goed aan. Strooi er wat peper, zout en oregano over. Maak met wat uitgeperste knoflook en olie een mengsel. Smeer de biftekia hierin mee in. Grill ze om en om en serveer met rode uienringen en gehakte peterselie. Serveer met de gegrilde venkel.

foto: uit de oude doos, toen ik net een jaar blogde.

SUMAK, Anas Atassi.

foto: cover van SUMAK.

SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, geschreven door Anas Atassi. Mijn eerste reactie was: “O jee, het zoveelste Midden Oosterse kookboek, wat is dat toch met die keukens?” Om hierna direct een Cruijffiaanse manier van iets vertellen te gebruiken: Je mist pas iets, als je iets mist. Zo ook Anas Atassi, Toen hij voor zijn studie in Massachusetts zijn vaderland Syrië verliet, mistte hij het eten, dat zijn moeder kookte dusdanig, dat hij elke dag een Syrische maaltijd voor zich zelf bereidde. Dat doet hij nog steeds, tegenwoordig in Amsterdam voor zijn partner Jacob. Het brengt hem terug naar Homs, de stad die wij verdrietig genoeg alleen kennen uit andere verhalen van oorlog en verwoesting. Atassi heeft andere herinneringen aan deze stad, die tussen de twee grote steden van Syrië Aleppo en Damascus ligt. Homs is voor hem de zomervakantie, ontbijten bij zijn grootmoeder, zijn eerste baantjes, de barbecues, de ladies night van zijn moeder en vooral de wijze waarop Syriërs het leven vieren. En dat laatste doen de uitgewaaierde Syrische families nog steeds all over the world. Syrisch eten is voor Anas een metafoor voor het verloren dolce vita.


SUMAK is geen kookboek van een chef, maar een bundeling van familierecepten, die Anas Atassi geregeld maakt en met de lezer wil delen. In het begin checkte hij regelmatig de werkwijze bij zijn moeder. Inmiddels wijkt hij wel eens, tot ongenoegen van zijn moeder (ze lijkt wel een Italiaanse), af van de receptuur, door er een eigen twist aan te geven. Wat hij nooit vergeet is dat snufje nafas en het gebruik van Syrische sumak, dat zure kruidje, dat alle gerechten ophemelt. 


De Syrische keuken is een typisch mediterraan/arabische keuken, waarin we invloeden zien van de Arabische, Oosterse (door de zijderoute), Levantijnse, Ottomaanse en Franse keukens. Een rijke keuken van veel verse producten. Nuances per gerecht al naar gelang de streek waar het gerecht wordt gekookt en gegeten. Of bij welke huisvrouw het uit de keuken komt. Sumak start met het kruidenlaatje van Atassi, met daarin Natuurlijk dit besje, Aleppo-peper, tahin, granaatappelmelasse en za’atar. Allemaal smaken, die de laatste jaren veel opgang maakten in Europa.


Sumak begint met een ontbijt van musabaha, kikkererwten in yoghurt-tahinsaus, één van de mannenklusje in de keuken, auberginejam, peterselie-eipannenkoeken en uitgelekte yoghurt, labneh, ontbreekt niet. Een stevig begin van de dag. Mezze, een traditioneel onderdeel van de mediterraan/arabische keukens, ontbreken niet. Zeker niet op de befaamde feestjes van zijn moeder. Hummus trouwens ook niet, Anas geeft twee recepten. Ik wil vooral de mortadella vermelden uit Aleppo. Een gerecht, dat opvalt tussen de vele klassiekers. In Syrië worden alle koude vleeswaren mortadella genoemd. Streetfood komt aan bod. Atassi verdiende hier zijn eerste geld mee. Kocht samen met vriendjes dingen in om te verkopen. Falafel en shawarma ontbreken niet. Net zoals de geroosterde bloemkool.  Zullen we afspreken dat vanaf nu dit laatste gerecht niet meer standaard wordt opgenomen in kookboeken? Gereons Keuken Thuis zag de geroosterde bloemkool in een grote variëteit aan kookboeken uit verschillende landen langskomen het laatste jaar. Laten we maar snel verder gaan met granen, groenten en meer, voor een warme wintertafel, waarmee, Anas een warm bad creëert voor man, familie en vrienden tijdens de Hollandse winter. Vleesgerechten volgen, makloube een aubergine-vleespilav of lamskufta in tahinsaus. Stevige smaken uit Syrië. De kibbeh ontbreken natuurlijk niet. Atissa combineert kip en vis in een hoofdstuk. Nu heeft Gereons Keuken Thuis hem uitgenodigd als zomergast in #talkandtable. Wie weet kan hij dan deze combi ophelderen? SUMAK besluit met zoete gerechten en dranken.


Met SUMAK heeft Anas Atassi een mooi document geschreven, gelardeerd met foto’s, niet van voor de oorlog, maar van het hedendaagse Syrië, waar het nog steeds goed toeven is. Met gerechten, die hem het leven doen vieren, als is hij ver van Homs. Met SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, laat Anas zien hoe hij zijn familietradities nog steeds koestert tijdens zijn vijfjarige verblijf in Mokum (vrijplaats). Om Nederland te danken voor de opvang van Syriërs gaat de opbrengst van dit kookboek naar een evenement met Syrisch eten voor daklozen of kinderen.


SUMAK, mijn recepten en verhalen uit Syrië, Anas Atassi (ISBN 9789038805993) is een uitgave van Nijgh Cuisine en is te koop voor € 34,99


Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer 

Gegrild & geroosterd.

foto: cover Gegrild & geroosterd.

Gegrild & geroosterd. De dagen lengen alweer en we worden in deze februarimaand verblijd met een lentezonnetje. En hoge temperaturen. Dat snakt naar meer en in Gereons Keuken Thuis wordt al voorzichtig uitgekeken naar het aankomende #alfresco seizoen. Vanaf eind april tot en met oktober staan de elektrische grill en mijn kookplaatje op mijn Amsterdamse balkon en verhuizen mijn kookactiviteiten naar buiten. Ik ben niet de enige, Marjolijn Rosendaal, schrijfster van het kookboek Gegrild & geroosterd had één wens, toen ze naar een huis met een tuintje verhuisde. Een grote barbecue en buitengrillen maar. “Ik gril, dus ik besta” analoog aan Descartes. Ze voegde de daad bij het woord en alras werden ook de grillpan en het gourmetstel afgestoft. Het hele jaar door grillen en roosteren, zelfs in die warme zomer van 2018. Er moest een boek komen, zoveel was zeker. Ze betrok styliste Anja van de Wetering en fotografe Bella Thewes bij haar project en Gegrild & geroosterd werd geboren. Het triumviraat (zeg je dat wel over dames?) ging aan de slag.

Gegrild & geroosterd is geen doorsnee BBQ boek. Het is breder dan de kookboeken, die zich richten op mannen met stoere bonken vlees en roetvegen op hun snoet. Dit kookboek gaat over jaarrond grillen en roosteren, een mooie manier om via een Maillard reactie een extra touch aan vlees en andere ingrediënten te geven. Marjolijn kan inmiddels niet anders meer. Gegrild & geroosterd start met de praktische zaken, de soorten BBQ’s, kolen, zelfgemaakte aanmaakblokjes en natuurlijk het gourmetstel. Het laatste is namelijk ook een heerlijk grillapparaat. Waarvan acte.

Belangrijk alvorens te gaan grillen zijn smaakmakers, marinades, oliën, boters en sauzen. Bij- en voorgerechten komen aan bod, zoals bloody May oesters, en gegrilde roze sangria of Parmezaanchips. Leuke zomerse starters om op je balkon te maken. het handige is dat door middel van een icoontje de maaksters aangeven welk apparaat het meest geschikt is.

Ik maak een stap naar groente, zeker in dit tijdsgewricht van bewuster vlees tot je nemen, geen vreemd ingrediënt meer op de grill. Roosteren maar, die rodekooolsteaks, artisjokken of bloemkool. Ja hoor, daar is die laatste weer. De bloemkool, geroosterd, die je het laatste jaar in elk kookboek tegenkomt. In ieder geval smaakt het naar meer. Vegetarische gerechten komen aan bod, van tofoesaté tot vegaburgers de luxe. De schrijfster heeft een duidelijke opbouw gekozen via plantbased naar vegetarisch. Zodat deze categorie eters/gasten net zo hard aan het grillen en roosteren kan slaan als de rest als de rest van BBQ minnend Nederland. Hierna volgen vis en natuurlijk vlees, want dat blijft toch in de hoofden van de lezer core business, wanneer je serieus gaat grillen en roosteren.

Waar een ervoor is, vind je natuurlijk ook een erna in het kookboek Gegrild & geroosterd.. Toetjes van de grill, gegrilde cake, maar voor Gereons Keuken Thuis spande de Frankenthaler druiven met roquefort en PX-sherry de kroon. Dat wordt een hit dit jaar tijdens mijn zomerse etentjes alfresco. Ik kan niet anders zeggen, dat de dames kosten noch moeite hebben gespaard om de lezer aan het grillen en roosteren te krijgen met zeer originele en gevarieerde receptuur. Laat nu de dagen maar snel warmer worden. Spring is in the air. Gereons Keuken Thuis popelt om naar buiten te gaan en achter de grill plaats te nemen.

Gegrild & geroosterd, Marjolijn Rosendaal m.m.v. Anja van de Wetering en Bella Thewes (ISBN 9789089897909) is een uitgave van Terra en is on- en offline te koop voor € 26,99

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer

Talk & table David and Stephen Flynn.

 picture: David and Stephen Flynn.

Earlier this year I met the two guys Stephen and David Flynn for lunch at the INK hotel in Amsterdam. They were in the Netherlands to cook from their wonderful cookbook World of  Happy Pear. Later that week I talked about these twins on local radio. About vegan and vegetarian cooking and being a happy pear.  Because that’s their starting point. Healthy food and an early morning’s dive into the sea provide happiness. The Flynn brothers are invited to be my next summerguests in my series Talk & table. Based on the answers they give, I will conceive a recipe, that will please them and my readers. I suppose that it will have a vegetarian and Dutch twist. Needless to say I will add a personalized wine pairing suggestion.

Who are David and Stephen Flynn and what would you like to share with us? 

We are identical twins from Ireland. We started our business 14 years ago to create a happier and healthier world and build community. Our business – The Happy Pear – started out with Dave, Steve and a little red van. Today there are around 170 people with us and we have three wholefood cafés; two food stores; a sprout farm producing wheatgrass and healthy living, organic sprouts and microgreens; a Happy Pear branded food manufacturing and distribution business producing award-winning products (we have almost 30 products in around 1,000 Irish retailers and six products in the UK in Waitrose supermarkets); a coffee roastery producing hand roasted Happy Pear coffee; and a fermentation kitchen producing a variety of delicious fermented foods. We also have three bestselling cookbooks and a combined online and social media reach of around a million.  We love what we do every day and we are passionate about it. The business was conceived to create a happier and healthier world and it’s very much why it exists nowadays. 

You have built quite a business with Happy Pear, it is all so joyful. What is up til now your most impressive project?

 Like anything, there are ups and downs, sunny days and rainy days, which are just part of life. As a whole, it’s phenomenal and wonderful and we adore it, and we couldn’t do anything else. We’re very fortunate and content because it’s our passion and what we love. However, it is important to have more challenging days too because they make you appreciate the good days even more. Our most impressive project is the business itself and the community we’ve built. We love the team we work with. We have an amazing team of people from many different countries of the world and we’re very proud of that and grateful for the community aspect of our business. Our community is far-reaching and includes our online community, the community around our cafes in Greystones and Clondalkin, as well as the broader community of like-minded people who are interested in eating better, moving more, and being better versions of themselves. 

Nowadays you are a culinary phenomenon  How did you learn to cook? And where started your ambition to cook vegetarian?

We grew up eating a standard meat and two veg diet. It was only when we went abroad that we changed our diets becoming vegetarian and then vegan/plant-based. Now we eat a whole food and plant-based diet and we have done so for about 16 years now. We started our business with a fruit and veg shop and we were obsessed with fruit and veg and how to cook with them. When we first opened our business there were no vegetarian or vegan cooking courses – they were considered quite niche here in Ireland. The only accessible cooking courses at the time were traditional French cooking courses, based around meat and dairy products, and this wasn’t what we were interested in doing. So, when we decided to open our own café we hired a chef called Doreen Palmer and she had about 30 years of experience as a vegetarian chef and she used to teach cooking. We trained under Doreen and one of the best ways of learning how to cook is to open your own restaurant because if your food isn’t very good you have no customers! We quickly learned how to cook, to cook well, and to cook for lots of people.  

Steve: “I was in Whistler in Canada and I changed my own diet to become vegetarian and through that experience, I discovered that I was fascinated with cooking. It’s a cool, party ski resort and all I wanted to do at the time was cook vegetarian food!” Dave: “I was in South Africa and I had a similar experience and changed to a vegetarian diet around the exact same time. It’s a twin thing!”

     pictures: Lunch with Happy Pear at INK Hotel, Amsterdam

You both  invest a lot of energy in defining new dishes and translating your experiences all over the place? The Happy Pear is more than just Veggies, it seems to me that it is a total lifestyle. In another life, would you do it again? Or would it be something else?

We are both extremely creative and we shoot two new recipe videos for YouTube per week. This means we are constantly in that space of creating new content and recipes and experimenting and adapting. We tend to really thrive in that space! 

The Happy Pear is more like a movement, with family and community at its core. It’s all about encouraging people to eat healthier and live better lifestyles and to have a laugh because ultimately, we’re all going to die. It’s not about being veggie or vegan but about having fun, enjoying life, and trying to be a little bit better.  We’d do it all again. Even with the mistakes along the way, which have led us to this point!

Your dishes and recipes speak to the imagination, certainly with me. They are gorgeous.I tasted your lasagne! How do you do that?

Certainly, a lot of experience helps! Having cooked so many dishes, in so many ways, for so many things [events] means you have a lot of experience to pull from, and often as a chef one of the most important tools is your tongue and taste buds and your ability to simplify more complex dishes. We spend a lot of time doing this because typically our audience on YouTube is younger and they want a tasty meal now. In our new book we’ve really focused on trying to make healthy food quick, easy and accessible – like a home-cooked dinner in 10 minutes.

In February you told me you liked Dutch produce to work with, can you tell about that?

We think Holland is phenomenal – it grows the most amount of veg for Europe and is a world-leader and leading light in horticulture. We eat a lot of veg and think you do an amazing job!

The last two decades there has been a shift from meat to other more vegetarian cuisines. I see this in your books. Can you tell something about trends. In Ireland?

When our first cookbook called The Happy Pear came out [the one with the yellow cover] it was a vegetarian cookbook and our publishers told us that a typical chef with a TV show might sell around 2,000 copies. We didn’t have a TV show and our book celebrated vegetarian cooking but nonetheless, Penguin [our publishers] decided to print 6,000 copies – they told us because we had a café and shop that we’d sell them over the years. The book came out in October of 2014 and within six weeks we’d sold the 6,000 copies and that Christmas it was the bestselling cookbook that year and to date, it’s sold over 100,000 copies!  Our second cookbook – The World of the Happy Pear – won ‘Irish cookbook of the year’ in 2016 and it’s sold around 60,000 copies so far. Additionally, within 3 days our latest cookbook, Recipes for Happiness, became a No. 1 bestseller in Ireland and it debuted in the Top 10 bestseller list in the UK! All of this just speaks to the appetite of Irish people for something different, something more plant-based and veg-centric. It’s amazing to see and there has been a huge shift. Back when we started our business vegetarianism was quite exclusive and now every day we meet people who are vegetarian or vegan or eager to try them out.

   picture: Boys at the barn.

 

What is beautiful about The Happy Pear is that it’s also about forming a community. Did you both foresee that when you started?

One of the main aims of building the business was to create community and to bring people together to share a similar philosophy in life and just to have a laugh! Naturally, as humans, we are all social creatures and we have this yearning to come together so we’ve done lots of things of the years to enable this like our baking competitions. For example, every year in apple season we hold an apple baking competition, or it could be a chocolate love festival, and we ask people to make a dish using apples (we often provide them for free). Then we judge the best baking and we have a party to celebrate the occasion. 

Also, in our cafes, we have a long-standing tradition of giving away free organic porridge every single morning (for almost 10 years). These are both great community events where people, neighbours and new friends are brought together through food. Additionally, we go to the local schools and talk to children to help inspire them to eat more veg and be curious about where our food comes from. We also swim in the sea at sunrise every day and increasingly people join us each day from all over the world. We do big public Swimrise events throughout the year and there could be between 200 – 500 people at these so they really help to build community.

We also offer free yoga classes at our cafe in Dublin, in Clondlakin, and regularly well over 100 people attend on a Saturday or Sunday morning!  

More and  more vegan start ups appaer. What do you think of the general quality. Has it become better the world wide culinary landscape?
It’s fabulous and we’re delighted to see a lot more plant-based eating and a lot more interest in it and a lot more vegan start-ups. It’s great to see and demonstrates that people’s tastes are changing. Some of the things affecting this are documentaries on Netflix like Cowspiracy and What The Health – movies like these are helping to open people up and drive awareness about the impact of how they eat and how it affects the political landscape and global warming. People are not starting to realise that animal agriculture has a significant impact on the environment and plant agriculture has significantly less. So, there’s a lot more interest in this and a lot more people eating more vegetables. And it’s also a consideration for our own health, which is amazing to see.  In terms of the culinary landscape, it’s great and very experimental and we’re really enjoying seeing a lot more fusion cooking, it’s more ethical, and more boundaries are being broken so it’s super-exciting! 
 
  picture: taking a swim in the morning.

 

 

What do you miss in nowadays cuisine?

Really, it’s the simplest things.  Steve: “For example, my wife is Polish and a couple of weeks ago we were in Poland and I walked into the greenhouse on her family’s land and picked a big, ripe heirloom tomato and literally sat down and had tomato with a little olive oil and salt for lunch and it was incredible. Often we forget really good food can just be really simple produce and it doesn’t need to be super-complex.”

Speaking of food,  which one is your favorite dish? And needless to ask which wine?

Steve: “My new favourite dish – and we filmed this for our YouTube channel last night – is Crispy Teriyaki Tofu Pancakes with a Plum Sauce. It’s fabulous, so enjoyable and so delicious!”  
Neither of us drink alcohol! We both gave up alcohol around 16 years ago, around the time we switched to eating a whole food and plant-based diet. We came from a background of playing semi-professional rugby and going to all boys schools, where there is a perceived culture of lots of drinking [alcohol] so for us to give it up was quite a change but we’ve found it to be hugely beneficial for our own health and happiness.

 

And what do you’d never eat?

We never eat meat. It’s just not for us and each to their own. Our message isn’t about making anyone a vegan or vegetarian, it’s about trying to get people to eat more vegetables and enjoy their lives!

If you would give a cooking class, what would you want to teach us?

Steve: “I’d like it to be more about cooking techniques rather than recipes because nowadays people have access to so many recipes that I’d try to go back to teaching an appreciation for simple things. For example, with vegetables the key thing to getting more flavour is just trying to brown your veg and to avoid using too much oil. So I think I’d start by teaching people the philosophy about whole foods and vegetables and their importance for our health and then I’d show them the cooking techniques.”

Last but not least, what is your favorite movie?

Steve: “I loved The Shape of Water that was out recently, directed by Guillermo del Toro. It’s one of the best movies I’ve ever seen.”

The recipe.

The most charming aspect of David’s and Stephen’s quest for plant based food, is that they don’ t want to be gurus, but want to show us what plant based food and buidling a communitysense did for them. They are happy with it. And as they say in their new book, that’s due in August: “Everyone is invited!” Since it is high summer and Gereons Keuken Thuis still cooks a lot outside on his Amsterdam balcony,  my recipe for them is easy and colorful. David and Stephen love Dutch veggies. A plantbased mixed grill of cauliflower, kohlrabi turnip, leek, red sweet bellpeppers and courgette in differntastes it will be, with my homemade pinkish hummus. As the guys don’t drink wine, I will serve them my tasty water infused with rosemary, basil and cucumber. Lavender will give an extra mediterranean hint. As for my wine suggestion I would say a summer white blend of chardonnay and viognier from Chile.


Ingredients:

1 small cauliflower,  maybe you can get a colered one

1 kohlrabi turnip

2 sweet red bellpeppers

1 yellow and green courgette

4 small leeks

8 organic carrots

sea salt flakes

peper

2 tbs  of Moroccan ras al hanout

olive oil

1 lemon in parts

chopped parsley

1 jar of chickpeas

1 lemon

1 cooked beetroot

4 cloves of garlic

2 ts of ground cumin

1 ts cayenne pepper

salt

olive oil

Preparation:

Wash and peel all the vegetables and cut them in medium sized parts. Remove the seeds from the sweet red bellpeppers and courgettes. Cut the leeks in halves. Make an infused oil from the salt flakes, peper and ras al hanout spice.  Sprinkle the infused oil all over the vegetables. Put them on the BBQ or grill, make sure that you start with the caulifower, kohlrabi turnip,  carrots, followed the softer varietals. When the vegetables are done put them aside under some aluminium foil. Let them sweat a bit.

Put the drained chickpeas in a bowl together wit the beetroot, cut in pieces.  Add the juice of one lemon, 4 cloves of garlic, salt, cumin, cayenne pepper and oil and blend the whole thouroughly into a nice thick hummus. You could use some aquafaba to add some fluffiness to the mixture.

Serve the grilled vegetables on a plate, with some extra salt flakes, lemon part and sprinkle some chopped parsley over it. Serve and share with extra pita bread and the pink hummus.

Enjoy!

 picture: cover of their soon to be released  book in the Netherlands.

Talk & table met Tieme Hermans.

  foto: cover Noosh e Jaan

Vol bewondering las ik onlangs het relaas van Tieme Hermans, die in zijn eentje een culinaire reis van tweeënhalfjaar maakte op de fiets. Van Zwolle naar Bali. Je moet het maar durven. Via Duitsland, Midden- en OostEuropa, Rusland, Iran, de steppen van Centraal Azië en dan zuidwaarts via China naar Bali. Opmerkelijke tocht, lijkt me soms best eenzaam. Maar Tieme kreeg er iets voor terug, gesprekken met mensen, ontdekkingen en eten on the road. In Noosh e Jaan, Perzisch voor smakelijk eten, tekende hij zijn avonturen op en lardeerde deze met 32 lokale gerechten. Ik las het in één ruk uit. En nu is Tieme  zomergast voor mijn serie Talk & table. Ik wil alles van hem weten en beloon deze reislustige reporter dan met een speciaal, wie weet,  werelds recept met een bijpassende wijn.

Wie is Tieme Hermans. Vertel eens iets over jezelf?

Ik zou kunnen zeggen dat ik een enorme avonturier ben, maar eigenlijk voel ik me ook nog gewoon een normale Hollandse jongen. Toevallig heb ik een passie voor ontdekken, talen, verhalen, cultuur en eten die me de wereld rond drijft. Ik ben enorm sociaal en maak overal makkelijk vrienden, maar ben soms ook het slachtoffer van mijn eigen sociaal-zijn en kan daardoor ook enorm genieten van stilte en alleen zijn. Ik hou van knoflook, lange gesprekken met oude vrienden, verstoppertje spelen, de hele dag in de keuken staan en wakker worden in mijn kleine tentje.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig?

Na mijn fietsreis naar Bali stopte het avontuur niet. Ik heb 2,5 jaar in Vietnam gewoond en ben van daaruit weer gaan fietsen, dit keer met mijn vriendin Elske, die ik daar leerde kennen. Op dit moment fietsen we door de bergen van Sri Lanka tussen de theeplantages. Hier doe ik geweldige inspiratie op voor een vervolg op Noosh-e-Jaan, aangezien de gastvrijheid hier de mensen met de paplepel ingegoten wordt. Met grote regelmaat worden we uitgenodigd bij mensen thuis voor lekkere ceylonthee, vaak gevolgd door een tafel vol Sri Lankaanse specialiteiten.

Vertel eens iets over je interesse in reizen? Hoe is die ontstaan?

Misschien heeft het iets te maken met mijn vader, een echte verhalenverteller. Zelfs tijdens wandelingen in het bos vlakbij mijn oude woonplaats Zwolle, vertelde hij over die ene magische boom of heuvel verderop en kreeg ik als kind zin om de wereld te verkennen. Later kreeg ik een wereldbol cadeau en had ik een grote placemat op mijn bureautje met plaatjes van allerlei verschillende stammen in hun traditionele kledij. Ik bleef nieuwsgierig en bleef vragen stellen. Ook las ik altijd al veel en als tiener maakten onder andere de avonturen van Marco Polo enorm veel indruk op me. Dat wilde ik ook!

Wat zou je doen als je één keuze had tussen schrijver zijn en een ander beroep? Wat was je dan geworden?

Waarschijnlijk zou ik dan met kinderen willen werken, iets wat ik eerder ook gedaan heb. Ik vind het fantastisch om stadskinderen mee te nemen het bos in om te leren boomklimmen, kamperen en een vuurtje maken. Tijdens mijn reis maakte ik ook altijd makkelijk contact met lokale kinderen en wat ik altijd bijzonder vind is hoe weinig taal je nodig hebt om een hechte band met ze te krijgen.

Volgens mij is een reis alleen ook soms wel een eenzame bezigheid. Zeker als  je een monotone rit maakt. Hoe ga je dan verder?

Mijn tweeënhalf jaar durende fietsreis was inderdaad grotendeels een solo-expeditie. Maar los van een aantal lange woestijnritten en de grote leegte van Mongolië voelde ik me toch maar weinig alleen. Door zo langzaam te reizen sta je voortdurend in contact met de mensen die je passeert. Omdat ik meestal kleine weggetjes kies, kom ik meestal door gebieden waar mensen echt nooit toeristen zien, of waar ze zelfs nog nooit een Europeaan hebben gezien. Daarom had ik eigenlijk veel kleine praatjes, mensen zwaaien veel en soms wordt je spontaan uitgenodigd. Dit ging in sommige landen zelfs zo ver dat ik er soms naar snakte om even een nachtje lekker te kamperen en alleen te zijn. De keren dat ik dan echt alleen was voor wat langere tijd kon ik er ook echt van genieten. Vreemd genoeg is China de enige plek waar ik me af en toe alleen heb gevoeld. Ik fietste door het dichtbevolkte oosten van het land langs allemaal miljoenensteden waar ik nog nooit van gehoord had. Chinezen zijn alleen wat ingetogener dan in veel andere landen en buiten Shanghai en Beijing kwam ik niet veel mensen tegen die ook maar een woord Engels spreken. Vaak keken mensen me wat verschrikt aan en reageerden wat verlegen als ik ze benaderde. Daarom was ik voortdurend onder de mensen, maar toch wat alleen.

Video: voor RTV Oost doet Tieme verslag van zijn reis.

Je hebt ook gereisd door minder veilige oorden, hoe heb je dat ervaren?

Ik heb in Turkije de artillerie horen knallen in Koerdisch gebied, fietste vlak langs Tsjetsjenië, reed langs mijnenvelden in Cambodja en door het omstreden grensgebied van Nagorno-Karabach (tussen Armenië en Azerbeidzjan) waar nog wekelijks geschoten wordt. Voor de meeste van deze gebieden geldt een code rood als reisadvies. Ook landen als Iran, Oezbekistan en Transnistrië klonken me voor ik aan mijn reis begon best spannend in de oren. Natuurlijk fiets ik niet zomaar een echt oorlogsgebied in en zorgde ik altijd wel wat ik op de hoogte was van wat er lokaal speelde. Toch viel het me op dat juist in deze gebieden de mensen extra verheugd reageerden op mijn komst. Net als in het verhaal in Noosh-e-Jaan over Nagorno Karabach. Hier at ik tussen de ruïnes met een stel automonteurs en we hadden een geweldige avond. Eigenlijk heb ik me nooit echt onveilig gevoeld.

Wat was minst aantrekkelijke kant van deze reis voor jou?

Ik kan het me werkelijk niet bedenken. Natuurlijk was het soms ontzettend zwaar. Een sneeuwstorm om 4500 meter hoogte is geen gein en ik heb wel eens ergens in een halve greppel moeten kamperen in de regen omdat er nergens anders plek was. Mijn tent lekte en alles was nat en koud. Bepaald geen droomvakantie als je het zo bekijkt. Maar eigenlijk zijn juist dat de momenten die je enorm intens beleeft. Als je daar doorheen komt, kan je er de volgende dag om lachen, klop je jezelf op de schouder en ben je weer een ervaring rijker.

En wat was de meest aantrekkelijke kant van je reis voor jou?

De wereld heel langzaam zien veranderen vanarf mijn fietsje. Je ziet het ene landschap overgaan in het volgende, je ziet de mensen langzaam meeveranderen; de huizen die ze bouwen, wat ze eten, hoe ze eruit zien en waar ze in geloven. Als je zo langzaam reist heb je eigenlijk nooit een cultuurschok, maar wordt de wereld een stukje logischer.

Wat ik zo leuk vind is dat jij vaak met open armen werd ontvangen. Kun je daarover vertellen?

Het leek soms zo dat hoe verder ik oostwaarts fietste, hoe gastvrijer ik ontvangen werd. In veel culturen is het een soort gouden regel dat je reizigers onderdak moet bieden. Hier vindt je sporen van in de islamitische cultuur, de nomadische culturen van Centraal-Azie en Mongolie, bij bergvolkeren en in boeddhistische landen. Mensen zijn hier ook meer van elkaar afhankelijk, waardoor je een vreemdeling nooit buiten zal laten staan. Op de Mongoolse steppe weet je bijvoorbeeld dat er misschien maar een klein tentenkamp staat per 50 kilometer. Daarom is er een soort regel dat de deur van hun tent altijd open staat, een reiziger hoeft niet eens te kloppen. Het is volledig vanzelfsprekend dat ze je eten, drinken en onderdak geven omdat ze precies weten hoe het is om reiziger te zijn in vreemd gebied.

Ik heb deze ontmoetingen echt ervaren als de hoogtepunten van mijn reis. Hoe geweldig is het om de kans te hebben het echte familieleven te ervaren in al die verre landen?!

Noosh e Jaan is klaar. Staan er nog momenteel andere projecten op stapel?

Ik heb nog stapels aan verhalen op de plank liggen en voel, zeker na het verschijnen van dit boek, een grote drang om deze te delen. Noosh-e-Jaan heb ik geschreven in de rust en stilte van een Cambodjaanse boomhut. Ik ben van plan me de komende maand op nog zo’n plek op te sluiten, misschien wel in een klein klooster in de Sri Lankaanse bergen. In zo’n omgeving weet ik zeker dat ik een mooi format ga bedenken om de rest van mijn verhalen in te gieten.

Wat vind jij een goddelijke maaltijd?

De Iraanse khoresh-e fesenjaan is zeker een van mijn favorieten, maar omdat ik zo lang in Vietnam heb gewoond roept de mi quang ook een soort thuisgevoel bij me op. Als ik in Azië ben is het enige wat ik wel eens mis de lekkere kaas en room uit Europa en die lekkere volheid van gerechten.

En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet mogelijk is?

Ookal drink ik zelf maar amper, toch deed ik op reis ook verslag van bijzondere wijngebieden. Zo genoot ik erg van Roemeense Frankenwijn, mierzoete Tokai, echte sovjettchampagne in Rusland, originele (en illegaal geproduceerde) Shiraz in Iran, fantastische Georgische rode wijnen en ook wat minder succesvolle expirimenten uit Oezbekistan, China en Vietnam. Toch is een van de beste wijnen een reserva uit de kelders van Purcari Estate in Moldavië geweest. Deze is tijdens een wijnconcours al eens verkeerd aangezien voor een Franse Bordeaux en doet er qua volheid zeker niet voor onder.

Wat lust je echt niet en waarom niet?

Mongoolse geitenkop was bepaald geen favoriet. Misschien komt het omdat we in Nederland niet gewend zijn om organen en andere onderdelen van het dier te eten, althans, niet zoals in veel andere landen. Er is me in Kirgizië ook wel eens een hele schapendarm gevoerd die ik wel geproefd heb, maar daarna toch maar even onder de andere botjes heb verstopt.

Waarheen ga je het liefst naar op reis?

India is nog altijd een grote droom van me, maar als ik een land zou moeten kiezen om nog eens naar terug te gaan dan zou het misschien Georgië of Iran zijn. Deze landen hebben allebei een bijzondere keuken die voor mij een perfecte combinatie is tussen mediterraan en oosters. Ook qua cultuur en natuur zijn dit hele rijke landen.

Wat was je meest indrukwekkende eetervaring tijdens je reis?

Wat een lastige vraag Gereon! Misschien kies ik dan wel voor de Birmese khao swe die ik at in een enorm afgelegen boeddhistische tempel tussen de rijstvelden. Ik kwam hier per toeval terecht en voelde me echt een soort ontdekkingsreiziger die een nieuwe stam ontdekte in de jungle. Er stond iemand met een grote waaier naast me, tegenover me zat een boeddhistische monnik in zijn lange gewaad en er kwamen meisjes binnen met grote schalen eten.

Het recept.

Dank voor je leuke antwoorden, Tieme.Voor iemand, die zoveel heeft gereisd en gegeten is het niet makkelijk om 1,2, 3 een gerecht te verzinnen, te meer omdat ik de keukens en landen waar Tieme doorheen fietste niet ken, noch geproefd heb. Gereons Keuken Thuis moet toch eens aan de slag met de gerechten uit Noosh e Jaan. Gekozen heb ik voor mijn homemade ribbetjes, lekker sticky tussen je vingers. Als wijn zoek je dan iets zuidelijks erbij, wat in het geval van Tieme een rode shiraz uit Australië, waarvan de druif zijn naam dankt aan de sprookjes- en tapijtenstad in Iran. Of wat dichter bij huis een primitivo uit Puglia. Moge het  je ziel voeden!

   foto’s: ribbetjes voor en na het lakken !

Nodig:

1,2 kg ribbetjes of krabbetjes

2 el kikkoman sojasaus

2 el rijstazijn

2 el ketchup

1 el honing

een stukje gemberwortel fijngehakt

2 tenen knoflook geperst

2 tl sambal

3 el olie

peper en grof zout

Bereiding:

Doe de ribbetjes in de oven op 180 graden en laat ze in 45 minuten gaar worden. Giet het overtollige vet en vocht af en laat afkoelen. Maak een marinade van alle ingrediënten hierboven en smeer de ribbetjes ermee in. Zet de oven op 180 graden en bak het vlees in een half uur of langer af. Als je de oven lager zet kun je ze langer doorgaren. Serveer de ribbetjes met wat gele Iraanse rijst en een frisse komkommer/meloensalade.

Noosh e Jaan, een culinaire wereldreis per fiets, Tieme Hermans (ISBN 9789089897688) is een uitgave van TERRA en is te koop voor € 20,00

De alfresco zomer staat voor de deur.

 foto: makrelen

Het is vandaag 5 mei Bevrijdingsdag. Het zonnetje staat hoog aan de hemel en het belooft de komende week zomers te gaan worden. Met hogere temperaturen. Dan gaat het kriebelen in Gereons Keuken Thuis of beter gezegd Buiten. Want het #alfresco staat voor de deur. Vanaf 15 mei, zoals je in mijn post van afgelopen maandag kon lezen vier maanden lang zoveel mogelijk buiten koken en eten. Glas rosé erbij en de avond op mijn Amsterdamse balkon kan niet meer stuk. En onder de inzenders van een leuke recept of leuke blogpost met als thema #alfresco verloot ik twee leuke zomerse kookboeken. Vorig jaar was Lizet Kruyff de winnaar met haar picknickrecept voor in de uiterwaarden. In 2016 was er géén winnaar van een kookboek, omdat de zomer kennelijk foodies en foodbloggers niet echt inspireerde om iets in te zenden. De alfresco zomer staat voor de deur. Ik mag hopen dat de warme start van deze maand jullie wel de nodige inspiratie geeft. Inzenden dus!

 foto: het zonnetje boven IJmuiden.

Als kick off van de #alfresco zomer vandaag een leuk recept voor makreel op de buitengrill of BBQ.  Serveer er mijn Griekse bonensalade bij. De wijn die we erbij drinken is de Muscadet prestige van Domaine Guindon. Deze witte knisperende wijn uit West Frankrijk vormt een mooi tegenwicht voor de makreel.

Nodig:

4 schoongemaakte makrelen
2 el Dijon mosterd
2 el Provençaalse kruiden
paneermeel
olijfolie
peper en zout
gehakte peterselie

Bereiding:

Was de makrelen en dep ze droog. Wrijf de makrelen van binnen in met peper en zout. Smeer de vissen in met mosterd en bestrooi met Provençaalse kruiden. Voeg wat paneermeel toe. Besprenkel de vis met wat olijfolie en leg op hete grill plaat of barbecue. Eventueel kun je ze in zo’n speciaal visrooster doen. Rooster de makrelen in 5 minuten per kant. Draai regelmatig om.Serveer de makrelen met een drup olijf olie en wat peterselie.

 foto: Griekse bonensalade.

De recepten voor deze gerechten staan ook in mijn leuke kook- en leesboek Gereons Keuken Thuis, dat nog steeds als E book te verkrijgen is.

 foto: BBQ kaas ook lekker voor buiten!

De komende twee weken piept Gereons Keuken Thuis er even tussen uit! Daarna is het weer volop #alfresco.

Doe eens gek! Stuur als reactie op deze blog je favoriete recept of leuke al fresco verhaal op. Ik publiceer deze op mijn blog en voor de twee fijnste inzendingen  heb ik op 15 september weer een kookboek klaarliggen. Als prijs. Inzenden kan tot en met zaterdag 14 september.

Talk & Table, Edwin Winkels.

  foto: Edwin Winkels.

Ik leerde freelance journalist en schrijver Edwin Winkels kennen tijdens een promotieavond van de Generalitát Catalunya. Ik kende hem al eerder van de avondetappe, zij het alleen via het TV scherm. Winkels vertelde con brio over Groot Barcelona, een regio waar hij zelf ook al meer dan 30 jaar woont en werkt voor zowel Nederlandse TV en kranten als El Periódico, een heerlijke Catalaanse krant. Winkels is een veelzijdige man. Van zijn hand verschenen romans, boeken over de grote voetballer Johan Cruijff en een reisgids voor Catalonië. Binnenkort verschijnt zijn nieuwe roman. Edwin Winkels schroomt er ook niet voor om in het Spaans te schrijven, een flink robbertje te fietsen en op pad te gaan door de wijngaarden van de Penedès. Een uitgelezen gast dus voor mijn serie Talk & Table. Edwin is in goed gezelschap.Ik wil alles van hem weten en beloon deze veelzijdige man dan met een speciaal recept en met een bijpassende wijntip.

Wie is Edwin Winkels. Vertel eens iets over jezelf? Ha, da’s altijd moeilijk, hè, over jezelf vertellen… Al op de middelbare school wist ik dat ik journalist wilde worden en na een studie aan de School voor de Journalistiek in Utrecht ben ik dat ook mijn hele leven geweest. In 1988, toen ik 26 was, ben ik vanwege de liefde naar Barcelona geëmigreerd, dus ik woon hier inmiddels 30 jaar. Hier zijn ook mijn twee kinderen geboren en opgegroeid. De laatste jaren, vooral sinds ik na 21 jaar ontslag nam bij El Periódico, leg ik me meer toe op het schrijven van boeken. Dat doe ik vanuit mijn woonplaats, Sitges.

Wat doe je op dit moment? Wat houd je bezig? Ik ben bezig met de afronding van mijn vierde roman, ‘En ze deed het’, die in mei moet verschijnen. Daarnaast blijf ik bezig met mijn journalistieke werk, vooral voor het AD, waarvoor ik correspondent in Spanje ben. Het laatste jaar is het druk, wat dat betreft, met de aanslagen in Barcelona en het zich voorslepende conflict over de onafhankelijkheid van Catalonië.

Vertel eens iets over je Catalaanse leven? Hoe ervaar jij de verschillen in ritme? Dit ís mijn ritme, ik vind het heerlijk, zeker nu ik voor mezelf werk en min of meer baas over mijn eigen tijd ben. ’s Morgens schrijf ik meestal en/of fiets ik twee tot drie uur op mijn racefiets in de prachtige heuvelachtige omgeving en door de wijngaarden van de Penedès. Rond twee uur hebben we de (warme) lunch, de belangrijkste maaltijd van de dag, die ik zelfs meestal bereid en de dag ook mooi breekt. En daarna is er nog alle tijd te over, tot een uur of negen ’s avonds, het lichte diner. De dagen lijken langer hier dan in Nederland, en de middag en begin van de avond kun je nog heel veel dingen doen; ook weer schrijven, vaak, maar ook van het leven genieten, met een biertje of wijntje op een terrasje in het dorp.

Je deed vorig jaar verslag van de aanslag op de Ramblas en nu is ook Barcelona weer toneel van groot nieuws door het streven naar afscheiding van Spanje. Hoe sta jij daar in? Opvallend is dat de politieke crisis eigenlijk meer impact heeft gehad dan de 14 doden en 100 gewonden op de Rambla. Aanslagen heb ik al vaker moeten verslaan, maar deze kwam natuurlijk heel dichtbij. Dan probeer je als journalist en correspondent gewoon de mensen zo goed mogelijk te informeren. Net als alle berichtgeving over dat onafhankelijkheidsstreven van de Catalanen. Ik begrijp ze, ik spreek vloeiend Catalaans en hou van het land, maar ik ben geen voorstander van het creëren van nieuwe grenzen en landen – binnen Catalonië zelf heeft de hele strijd al voor een enorme tweespalt gezorgd. De politiek moet proberen binnen Spanje (wat eigenlijk geen land is, maar veel verschillende volken op hetzelfde schiereiland) een vergaande autonomie voor Catalonië te scheppen, die voor een groot deel al bestaat, trouwens.

Wat zou je doen als je één keuze had tussen schrijven en een ander beroep? Wat was je dan geworden? Geen compromis mogelijk. Mijn andere grote passie is koken; dat is vooral hier in Spanje ontstaan, omdat de keuken voor mij een openbaring was toen ik hier kwam en, vooral dankzij de vele hoeveelheid en variëteit in vis, toen veel veelzijdiger was dan in Nederland. Dus heb ik wel eens de droom gehad een restaurantje te hebben, maar aan de andere kant vind ik koken juist zo leuk omdat het een hobby is; als beroep lijkt het me toch uiterst zwaar, en misschien zou ik dan het plezier erin verloren zou hebben.

Je kunt jou met recht een homo universalis noemen, van sport tot romans schrijven. Van reizen tot calçots een echte storyteller. Hoe doe je dat? Het is het enige wat ik kan, zeg ik altijd. Schrijven, verhalen vertellen, vooral van en over anderen. En ik ben altijd heel nieuwsgierig geweest. Wat dat betreft is de journalistiek het beste voor me geweest. Maar met de leeftijd (ik ben nu 55) wilde ik ook wel die ‘andere’ kant van het schrijven ontdekken, minder de dagelijkse gekte, mee op de lange termijn, romans en non-fictieboeken. Je kunt schrijven wel leren, maar als ik soms oude verhalen van mezelf teruglees toen ik twintig was weet ik zeker dat ik er ook gewoon talent voor had.

Wat is minst aantrekkelijke kant van het schrijven van een boek voor jou?Het zijn heel, heel veel uren. Momenten van twijfels ook, onzekerheid of je goed bezig bent. Een jaar of langer aan een roman werken, daar moet je geduld voor hebben, en jezelf kunnen pijnigen. En qua verdiensten krijg je die geïnvesteerde tijd nooit meer terug; althans ik niet, omdat mijn romans tot nu toe geen bestsellers zijn geweest.

En wat is de meest aantrekkelijke kant van het schrijven van een boek voor jou? Het plezier van een verhaal grotendeels of volledig verzinnen, zoals een roman, of het interessante verhaal van en over een bepaalde persoon, zoals Johan Cruijff, of gebeurtenis opschrijven. Omdat ik ook veel research doe, leer ik zelf ook heel veel van mijn eigen boeken. En ja, dan het gedrukte boek eindelijk in je handen hebben of in de winkels zien liggen, dat blijft een prachtig moment.

Staan er nog andere projecten op stapel? Ik denk niet zo op de lange termijn. Als de nieuwe roman uit is, ga ik pas echt denken aan wat ik daarna zal of wil doen. Misschien eens iets met food?

Wat vind jij een goddelijke maaltijd? Zóveel… Maar ik zei het al: vooral vis. Eentje van de Catalaanse kust dan maar, een suquet of een romesco de peix… Een heerlijke schotel met bijvoorbeeld zeeduivel, kokkels en garnalen, een zelfgetrokken visbouillon, een scheut witte wijn en een ‘picada’ van knoflook, amandelen en peterselie… Zelf doe ik er dan ook graag een paar pepertjes in.

En natuurlijk welke wijnen, ik weet dat één keuze niet mogelijk is? Bij een visgerecht blijft een albariño uit Galicië mijn favoriet, maar uit dezelfde regio komt ook de bijzondere en in Nederland minder bekende godello-druif, uit de kleine wijnstreek Valdeorras. En voor rood blijf ik ook in die noordwesthoek van Spanje, in de allermooiste wijnstreek die er bestaat: de Ribeira Sacra. Daar liggen de ranken op enorm steile hellingen aan de Miño-rivier, er kan alleen met de hand worden geplukt, en de mencía-druif krijgt er nóg meer allure door. Die wijnen zijn trouwens moeilijk te krijgen, ze gaan bijna allemaal direct naar restaurants over de hele wereld.

Wat lust je echt niet en waarom niet?  Iets heel geks, want ik woon in Spanje: olijven… Het lukt me maar niet ze te eten, terwijl ik alle soorten extra verge olijfolieën goddelijk vind. Ik weet niet waarom, de smaak van de olijf zelf, als ik er in een salade toevallig een binnenkrijg, doet me altijd huiveren.

Waarheen ga je het liefst naar op reis? Ik zie regelmatig schrijftripjes naar Menorca, maar wat als je niet in heerlijk Sitges woonde? Ik hoef eigenlijk Spanje niet uit, zo’n groot en veelzijdig land is dat. Ik moet nodig weer eens naar Cabo de Gata, de zuidoostpunt, vrijwel verlaten, zonder massatoerisme, tussen de woestijnen en piepkleine dorpjes… Of het andere uiterste, de bergen van de Picos de Europa in het noorden. En buiten Spanje was twee jaar terug Thailand een ontdekking voor me; prachtige natuur, aardige mensen en natuurlijk waanzinnig goed eten. De straattentjes in het Chinatown van Bangkok, een fascinerend gebeuren.

Tot slot je nieuwe roman, ik las dat die roman het relaas is van 16 jaar lange en een heftige relatie tussen man en vrouw, die door een plotselinge gebeurtenis op zijn kop wordt gezet. Een heel andere Edwin, kun je een tipje van de sluier oplichten? Het idee komt uit vele bezoeken aan een oncologische afdeling, alweer lang geleden, toen ik zag hoeveel mannen hun vrouw verlaten wanneer die ernstig ziek wordt. Dus ik dacht: wat brengt een man daartoe, waar is de liefde geëindigd dat je zo’n stap kunt zetten, vertrekken terwijl je vrouw voor haar leven vecht. En ik ga daarna een stap verder: wat kan het antwoord van die vrouw zijn als ze herstelt… Wraak? Of juist nog meer liefde? En er wordt natuurlijk weer gereisd, in de roman, vanuit Amsterdam, waar het verhaal begint in de tent van de Levende Jukebox op De Parade, naar Nepal en Kreta, onder anderen…

  foto: cover En ze deed het.

Het recept voor Edwin.

Gereons Keuken Thuis heeft genoten van de antwoorden van Edwin en zoals altijd in mijn serie Talk & Table, bedacht ik voor hem een recept. Het buitenleven begint te lonken. Dat zal in Catalonië zeker nu al het geval zijn. Ik kies dus, bij gebrek aan calçots in Nederland, voor een gerechtje van geblakerde preitjes met gegrilde eendenborst en bonbons van eendenlever in een omhulsel van peterselie, knoflook en amandel. De ingrediënten van picada. Het is weliswaar nog ochtend, maar ik proef het nu al. Anec rostit amb porro ennegrit. Omdat Edwin van Spaanse wijnen houdt kies ik voor rood uit de streek van Valencia, bio en gemaakt door een gepassioneerde Nederlandse wijnmaker. Een Neleman reserva monastrell-tempranillo 2013. Een jaar op hout gerijpt en twee jaar op fles. Geeft juist dat extra zetje aan deze wijn. Pepermunt, kers, laurier en eucalyptus voor bij de anec.

  foto: prei & groenten blakeren.

Nodig (deze keer voor twee personen)

4 dunne preien

1 grote eendenborst

1 klein blikje eendenlever (Comtesse du Barry)

peterselie

amandelschaafsel

3 tenen knoflook

1 eetlepel zure room

Maldon gerookt zout

peper

grof zeezout

citroensap

EV olijfolie.

Bereiding:

Snijd de preien in de lengte in en was ze onder de kraan. Leg ze op de hete barbecue of als dat niet kan in de vlammen van je gasfornuis, totdat de buitenkant goed geblakerd is. Pak de geblakerde prei in aluminiumfolie en leg apart. Hak de knoflook, amandel en peterselie goed fijn en roer door elkaar. Meng het blikje eendenlever met een snufje peper en zure room door elkaar en draai er balletjes van. Rol deze door het mengsel van amandel, knoflook en peterselie. Zet even in de vriezer om op te stijven. Maak inkepingen in de huid van de eendenborst en bestrooi deze met zeezout. Grill de eendenborst op de huid op de barbecue of grillpan. Draai om en rooster de borst kort aan de andere kant. Laat even rusten voor je hem aansnijdt.

Haal de preien uit de folie en pel ze. Snijd de preien in stukken van 2 à 3 cm. Leg op twee borden en sprenkel wat olijfolie en citroensap. Een draai zwarte peper en wat gerookt zeezout van Maldon maken het af. Snijd de gegrilde eendenborst in dunne plakken en leg deze op het bord. Garneer het gerecht met de eerder gemaakte eendenleverbonbons.

Menja saborós!

En ze deed het, Edwin Winkels (ISBN 9789492037756) is een uitgave van Brandt en verschijnt in mei 2018. Het kost € 18,50. 

Gereons keuken al fresco 2018.

  foto: een zomer lang buiten koken en eten.

De weergoden nemen vandaag op deze voormalige Koninginnedag al fresco iets te letterlijk op. Maar dat gaat zeker veranderen. Gereons Keuken al fresco 2018 staat weer voor de deur. De maand mei verblijdt ons misschien nog niet meteen met zonnige dagen, maar buiten koken zullen we. Gereons Keuken Thuis staat geheel in de startblokken om het buitengebeuren op te starten. De grill en het kookplaatje kijken al wekenlang werkeloos toe. Maar deze week ga ik los op mijn Amsterdamse balkon. Het al fresco seizoen begint en dat betekent buiten grillen, koken en roken.  Zomerse kookboeken lezen en bespreken. Buiten borrelen, een fluks glas IPA. een glaasje arak of een bleekneus rosé in je glas. Wat tapas of mezedes erbij en ik ben een tevreden man op mijn Amsterdamse balkon. Dan kan de grill aan. Vlees of aubergines à la Jigal erop, witlofsalade erbij. Spicy kipdijen met spannende mixen uit de Kinkerstraat. Of sateetjes met verse ananas. Keus te over. Gaan we voor Griekse keftedakia of voor gegrilde vis op de wijze van Mikkel Karstad?  Al fresco vibes!  Het tintelt en prikkelt.  Buiten eten, ik hoop dat het nog lang en veel kan deze zomer. En om het geheel nu helemaal feestelijk te maken ben ik benieuwd naar jullie “buitenkook en -eet” avonturen en recepten. Doe eens gek! Stuur als reactie op deze blog je favoriete recept of leuke al fresco verhaal op. Ik publiceer deze op mijn blog en voor de twee fijnste inzendingen  heb ik op 15 september weer een kookboek klaarliggen. Als prijs. Welke boeken dat zijn verklap ik nu nog niet, maar ze zijn in ieder geval zomers en vers. Gereons Keuken al fresco 2018 gaat van start op 15 mei a.s.. Enjoy!

Mannelijke gastbloggers, Michael recenseert Smokey Goodness 2.

Het is weer tijd voor een mannelijke gastblogger. Vandaag vertelt Michael Neffgen over zijn passie voor BBQ en recenseert Smokey Goodness 2 van Jord Althuizen. Maar laten we starten met Michael zelf en zijn blogactiviteiten.

  foto: Grillfun’s Michael met Jord Althuizen.

Wie is Michael Neffgen?

Voordat ik begin met de review van Smokey Goodness zal ik eerst meer vertellen over wie Grillfun, BBQ recepten voor iedereen, eigenlijk is en waar ik voor sta. Mijn naam is Michael Neffgen, vader van Daemian, Justin en Elodie, getrouwd met Sonali en werkzaam als consultant machineveiligheid. Naast mijn fulltime baan en mijn gezin ben ik sinds anderhalf jaar ook nog eens BBQ-blogger. Ik blog over het bereiden van gerechten, maar ook over het testen van producten. Ik schrijf recensies over bijvoorbeeld kookboeken, restaurants of producten die ik graag gebruik. “Grillfun staat voor plezier in buiten koken met mooie producten”

Het barbecueën gebeurt natuurlijk allemaal buiten in mijn tuin en ik maak gebruik van diverse soorten barbecues, zoals een Weber master touch, offset-smoker, hout gestookte oven (pizzaoven) en boven open vuur in een Dutch Oven.  Online kun je me overal vinden onder de naam Grillfun: op mijn website www.grillfun.nl, op Instagram, Facebook en zelfs op YouTube en Pinterest. Op al deze sociale media betrek ik mijn volgers bij het buiten koken van heerlijke gerechten. Mijn doel is om gerechten te maken die voor iedereen toegankelijk zijn. Alles wordt zelf gemaakt: vleesgerechten, recepten met gevogelte tot aan bijgerechten, sauzen en dry rubs. Je kunt het allemaal vinden op mijn website.

    foto’s: campfire duck uit een Dutch oven.

De review.

Het barbecueboek Smokey Goodness 2, het next level. BBQ boek zegt eigenlijk al direct dat enige voorkennis vereist is van het barbecueën. Het boek is lekker robuust met harde kaft en dat is iets waar ik persoonlijk van houd, omdat het dan ook mooi staat in de boekenkast. De vormgeving is in het tweede deel net zo rauw en stoer als in het eerste deel met mooie foto’s van alle barbecuegerechten en -avonturen, die zijn beleefd tijdens de reizen naar Latijns-Amerika. Je leest direct in het eerste hoofdstuk “Firestarter” waar het boek ons gaat brengen en misschien is wel het belangrijkste dat het boek verder gaat dan alleen het barbecueën zoals we gewend zijn. We gaan de oerkeuken beleven en lekker aan de slag met vuur. Dat klinkt voor mij direct als muziek in de oren, gezien ik dat het allerliefst doe, lekker klooien met vuur.

De volgende hoofdstukken brengen ons bij Latin Lingo, dat gaat over de terminologie die gebruikt wordt in het boek en hoort bij deze manier van barbecueën. Daarnaast de “Want to Haves” en de “Need to Knows” waarin heel kort wordt beschreven wat je nodig hebt en welke technieken of bereidingsmanieren er zijn. Met kort bedoel ik ook echt kort gezien dit al in Smokey Goodness 1 werd behandeld. Persoonlijk vind ik het niet noodzakelijk om de technieken uitgebreid te behandelen, maar als je het boek krijgt als barbecue beginner kan ik me voorstellen dat je soms even Google moet raadplegen. Of koop gewoon het eerste boek. Hierna gaan we gelijk verder met de recepten en wat ik super vindt is dat je ook advies krijgt over de bieren en wijnen die je kunt drinken bij de gerechten. Ik als wijnliefhebber vind dat helemaal top. Bij mijn gerechten op mijn website voeg ik ook altijd een wijnadvies toe, omdat je net dat extraatje geeft aan je lezers. (dat vind ik van Gereons keuken thuis ook heel belangrijk)

 foto: golden ribs.

In het boek vind je ook een mooi reisverslag over de landen en locaties waar Jord Althuizen precies is geweest voor inspiratie. Het leuke is als je nu bijvoorbeeld op vakantie gaat naar Santiago in Chili dat er een aantal leuke restaurants instaan waar je zelf kunt proeven wat Jord heeft ervaren. Daarna gaan we dan echt starten met als eerste wat streetfood recepten zoals de wel bekende “Anticuchos de Corazon” een spiesje met runderharten en groene Peruaanse saus. Orgaanvlees is in Nederland toch wel erg ondergewaardeerd en misschien dat dit soort gerechten helpt om het meer onder de mensen te krijgen. Verder staan er als streetfood een aantal burgers of broodjes die super smaakvol eruit zien en waar ik er zeker een aantal van ga maken zoals de “Smoked Beef Cheek Focaccia”. Na het streetfood gaat het echte werk beginnen en vertrekken we naar Argentinië met weer mooie recepten voor orgaanvlees zoals de kleine darm, zwezerik en nier maar natuurlijk ook rund, varken, gevogelte en vis. De bereiding is echt super gezien je te maken krijgt met diverse stijlen uit de oerkeuken maar natuurlijk ook gewoon voor op de barbecue. Een gerecht wat echt leuk is om eens te maken is de lamsschouder in een ondergrondse oven. Zelf heb ik dit al eens gedaan toen ik op cursus was in Engeland bij Hunter Gather Cook met een hertenpoot. Als afsluiting staan er een aantal desserts in het boek, die je kunt bereiden op de barbecue boven vuur. De “Campfire Cannoli” is erg leuk om te maken in de zomer met de kinderen lekker naast een warm kampvuur.

  foto: zeebaars met citrus, je vreet je vingers erbij op.

Om een goede mening te geven over een kookboek vond ik dat een aantal recepten getest moeten worden. Ik ben aan de slag gegaan met Grilled Steak Arepa’s (blz 69); Smokey’s Golden Ribs (blz 127); Campfire Duck (blz 149) en Grilled Citrus Sea Bass (blz 173).

Voor de afwisseling heb ik me eens precies gehouden aan het recept en moet zeggen dat alle gerechten goed te maken zijn en erg lekker waren. Het top gerecht uit de gerechten die ik gemaakt heb is toch wel de Campfire Duck, lekker met een rustiek brood. Heerlijk spelen met vuur en een Dutch Oven en alles rustig vier uur laten stoven. Het was echt genieten en zeker het proberen waard ook voor een grotere groep mensen. Mijn zoon was helemaal weg van de Grilled Citrus Sea Bass. Deze was verrukkelijk en gewoon te lekker om met mes en vork te eten. Gewoon lekker met je handen eten want dan is het pas genieten en maakt de beleving veel groter.

Wat vind ik nu persoonlijk van Smokey Goodness 2?

Ik kan hier heel kort in zijn het is een top boek dat zeker een perfecte aanvulling is op de collectie van kookboeken die ik al heb. Er staan mooie gerechten in met mooie verhalen die je zeker zullen inspireren. Niet alle ingrediënten zijn even makkelijk te verkrijgen. Dus ga eerst na of je bepaalde ingrediënten moet bestellen. Verder is er wat voorkennis vereist bij het bereiden van gerechten maar dat is helemaal niet erg. Ik kan nu al niet wachten op deel 3, dat in april uitkomt.

  foto: cover Smokey Goodness 2.

Smokey Goodness 2, Jord Althuizen (ISBN 9789021564746) is een uitgave van Kosmos en is te koop voor € 24,99.

Noot: dit boek werd mij als recensie-exemplaar gestuurd door de uitgeverij. De bespreking hier is mijn eigen mening. Lees ook de disclaimer